Kranenburgia

English

home - lexicon - links - forum - anglahall - contact

Anglicana
 

Anglicana O-S

Alles over de Angelen. Mensen, taal, cultuur, roots, etc. // Everything about the Anglish. People, language, culture, roots, etc.
 
Tot circa 450 nC wonen de verre voorouders van de Kranenburgs~ uit Bleiswijk in Holland in Angle, een regio in continentaal Noord-West Europa. Zij komen van daar via Engeland en Vlaanderen. // Till about 450 AD the faraway ancestors of the Kranenburgs~ from Bleiswijk in Holland live in Angle, a region in continental North Western Europe. They came from there via England and Flanders.



O::

OATA: Oudste Anglische Teksten mbt Angelland
200nC: Op een runensteen van circa 200nC in Thorsberg (Angeln) staat geschreven in Oud Anglisch: owlthuthewaR / ni waje mariR = een weldoende Tiwaz, niet weinig vermaard. > Thorsberg
350nC: Ankland op runesteen in Angeln (c 350nC) > Ankland
425nC: Widsith (Anglisch dichtwerk) van Widsith van Myrgingum > Widsith
500nC: Bron FBZ/p24 schrijft dat in 1918 een zgn weefkam is gevonden in een wierde bij Westeremden (N. Groningen). (> Weven) De kam is van taxushout en dateert uit de periode 450-550nC. Op de kam staat in runen de volgende tekst:
op haemu jibada aemlup -- iwi ok up duna le wimoed aeh thusa
vrij vertaald (KBG):
op de heem is voorspoed nodig -- ook de ieven op de duinlij hebben weemoed naar thuis
1000: Ingwisteen in Engeland (c 1000nC) > Hardinga
Een Oud Engels runengedicht vertelt over Ing:

Ing waes aerest mid Eastdenum
gesewen secgum, od he siddan east
ofer waeg gewat. Waen aefter ran.
Thus Heardingas thone haele nemdon.   

Ing was eerste onder de Oost-Denen
gezien en gezegd, tot hij oostwaarts ging
over weg en water. Wagen reed achter.
Aldus noemden Hardinga's hun held.
** Tiwaz, Hardinga, HBA, PgLing/Historische Anglische Teksten

OBA: Oerbewoners Angle (c 750vC++)
Als de Anglische koning Ingwi rond 650vC met zijn gevolg in Angle settelt, blijken daar al mensen te wonen. Wie zijn ze?
800-600vC: Inglo-Goten is een verzamelnaam voor Inglings en andere Goten die oorspronkelijk wonen in ZW Zweden en op het eiland Seeland in NO Denemarken. Deze Oer Angelen zijn in feite Inglo-Goten, i.c. een grote groep bestaande uit Inglings en West Goten. > Inglings
750vC++: Ontstaan Angelland. Inglo-Goten uit Zuid Zweden settelen in regio Haithabu. Mogelijk om dichter bij Eurasiaroute te wonen vanwege handel.
750vC++: De Anglische Hagal lijkt nagenoeg identiek aan het Chinese teken op de Dragon Bone uit c 2000vC in Noord China. Ook lijken de filosofische en morele interpretaties van beide tekens sterk op elkaar. Mogelijk wijst dit op oude contacten van Angelen met China. Deze contacten zullen dan kunnen dateren van c 750vC. In die tijd wonen kenlijk al vele Angelen in Angeln. Deze Angelen hebben al vroeg vele handelscontacten met verre gebieden. > AOR, Hagal, China
--- De Anglische Hagal komt alleen voor in de Anglische en Deense Futhark. (> Hagal) Dit sterkt de these dat Angeln (Angelland) en Denemarken ooit een eenheid vormden, zoals de Ingwisteen suggereert. > Ingwisteen
650vC: Koning Ingwi van Denemarken bezoekt met zijn gevolg Angle in het zuiden van zijn rijk. Ingwi reist van Leire op Seeland in Oost Denemarken naar het gebied dat later de naam Angeln krijgt. Daar wonen kenlijk al mensen, ofwel onderdanen van hem. Tijdens zijn bezoek pleegt zijn broer een staatsgreep. Om een burgeroorlog te vermijden, besluit Ingwi met zijn gevolg in Angle te blijven. Ingwi is een telg van de Inglo-Goten, het koningsgeslacht van Zweden. De groep Inglo-Goten zijn zodoende de Oer Angelen die Angeln hebben bevolkt. Later komen achtergebleven Ingwi getrouwen en andere Inglo-Goten zich ook duurzaam vestigen in Angeln. De cultuur van al deze Inglo-Goten vormt zodoende de basis van de Anglische cultuur in meest brede zin: taal, normen en waarden, technologie, etc. > OATA (Ingwisteen), Inglo-Goten
650vC Angle: c 725.049 inwoners; oppervlak = c 6.191 Km2
NB Groningen (2299 Km2) + Drente (2685) + Twente (1395) = 6379 Km2
> Demografie
 

650vC: kaart rechts:
Zuid Denemarken en Angeln 7e eeuw vC
geel      = woongebied Angelen
blauw    = woongebied Jutten
groen    = woongebied Sabalingi
felblauw = woongebied Chauken
De Angelen wonen in Angeln, Als en Zuid Funen. Als en Funen zijn Deense eilanden.

 
650vC++:
--- Tot circa 1900 AD woont rond 95% van de mensen in een boerderij op het land. De hoeven zijn meestal klein. Een gezin bestaat gemiddeld uit een echtpaar met 5 kinderen. Op een hoeve woont een gezin met circa drie inwonenden (ouder + 2 hulpkrachten). Per saldo wonen op een hoeve dus circa 10 mensen.
--- Angle telt circa 725.049 inwoners.
>>> Per saldo staan in Angle rond 650vC circa 725.049/10 = 73.000 hoeven.
650vC: In 650vC bestaan de Oer Angelen dus uit circa 725.049 Angelen die al in Angle wonen als koning Ingwi met zijn gevolg daar arriveert + koning Ingwi met zijn gevolg. Dit gevolg zal zeker niet groot zijn. Hooguit enige belangrijke bestuurders + verzorgers + aanhang. Ruw geschat niet meer dan 100 man. Na de staatsgreep van Ingwi's broer in Denemarken zullen z'n vrouw + kinderen + enkele Ingwi-getrouwen met aanhang zich hebben aangesloten bij Ingwi in Angle; totaal hooguit 150 Angelen.
>>> Per saldo zullen rond 650vC rond 725.300 Angelen wonen in Angle.
** Demografie, Angelen, Angeln, Angelland, SEBA

Obaland: > OBA

Obesitas:
2015: Mensen moeten minimaal 25 minuten per dag lopen om hun lichamelijke en geestelijke gezondheid te bevorderen. Dat is o.a. goed tegen obesitas. #BBC2tv/WorldNews 15.1.2015
** Lichaamsgewicht

Objectivisme: (415nC++; OBJ:)
Rond 415nC worden de weekdagen ingevoerd. De Anglische ordening van de weekdagen weerspiegelt kennelijk de Anglische hiŽrarchie van de kosmische elementen. (> Weekdagen) Opmerklijk is dat daarin Tiwaz (god van de Gerechtigheid) is geplaatst boven Wodan. (> Tiwaz) Dit lijkt te betekenen dat de Angelen vinden dat ook hun god Wodan is onderworpen aan het recht. Deze opvatting vinden we terug in de Magna Charta (1215 AD) in Engeland, die immers vindt dat het recht voor iedereen geldt. Ook voor de koning, adel en kerkelijke prelaten in Engeland. E.e.a. getuigt van grote zelfstandigheid, objectiviteit en moed. > Democratie
¶ De Anglische ordening van de weekdagen getuigt van een zekere objectiviteit. Wodan heeft niet per definitie alle macht. Ook hij wordt onderworpen aan het Recht. Vooralsnog is niet bekend hoe lang deze Anglische objectiviteit al bestaat en in hoeverre zich deze uitstrekt. Aangenomen mag worden dat ze niet plotseling uit de lucht is gevallen. Ze moet al eerder zijn ontstaan en langzaam maar zeker verder hebben ontwikkeld. Zo ver, dat ze de almacht en onschendbaarheid van Wodan en later de Engelse machthebbers durft te ontkennen. Daar moet een lange culturele ontwikkeling aan vooraf zijn gegaan.
** Waarheid, WRT

Ockenburg: (OCB:)
150nC: Romeinen bouwen legerkamp in de duinen bij Ockenburg (Den Haag) om er een kustverdediging te bouwen. Ze slapen in simpele hutjes van hout. Er zijn daar ook vele andere vondsten gedaan. #DeTelegraaf 27.8.2015
300nC++: Na het vertrek van de Romeinse troepen uit Zuid Holland in 276nC raakt het gebied ontvolkt. Rond 300nC komen immigranten uit het Noorden. Angelen en Saxen. Voornamelijk boeren. Tot op heden zijn weinig archeologische vondsten gedaan uit die tijd. Een armtierig dorpje bij Katwijk en grafheuvels bij Katwijk, Rijnsburg en Monster.
--- De Saxen vormen een ware plaag langs de kusten en riviermonden. De Romeinen bouwen daarom versterkingen, na 400 Litus Saxonicum genoemd, met posten in Brittenburg, Voorne, Goeree en mogelijk Ockenburg.
Kustverdediging: Mogelijk gaat het om een kustversterking i.c. een fort. De vraag is echter: tegen wie of wat? Het lijkt voor de hand om te denken aan zeerovers of invaders. Maar wie zijn dat dan? De Noormannen (Vikings) kunnen het niet zijn. Die opereren pas sinds circa 450nC. (> Noormannen) Maar wie dan wel? Vrij zeker gaat het om vijanden vanuit de zee, die een continu gevaar zijn.
¶ Gezien onderstaande timetable gaat het mogelijk om Saxen, die sinds 150nC vanuit hun homeland Saxen in Oost-Duitsland opereren.
Timetable:
-150---- Saxen dringen Angelland binnen tot aan de Elbe bij Bremen > NOVL
-150---- Angelen verslaan de Saxen bij Bremen > NOVL
-150---- Romeinen bouwen kustverdediging bij Ockenburg > Ockenburg
-150---- 1e Angel-Saxisch Verbond (Lunenburg) > Angel-Saxen
-150++-- schans Heveskes bij Delfzijl; mogelijk bedoeld tegen Saxen > Heveskes
-150-350 migratie kleine groepen Angelen naar Zuid Nederland (#SDV/p283); mogelijk op de vlucht voor Saxen
** Zeeroverij, Romeinen, Nijmegen

ODA: Oppergod der Angelen (700vC++)
700vC Odin: Volgens overlevering stammen de Angelen af van Ingwi (700-640vC), koning van Denemarken en nazaat van Odin, de oppergod van de Noord Germanen. Ingwi vestigt zich rond 665vC vanuit Leire op het eiland Seeland in Denemarken met zijn gezin en volgelingen in Angeln. (> Afstamming, Angeln) Uit deze tekst mag worden geconcludeerd dat Odin de oppergod van de Angelen is. Volgens andere bronnen is Ingwi een telg uit het Zweedse koningshuis der Inglingen, die afstammen van Odin. > Inglings
700vC++ Odin: Volgens bron IGS bepaalt Odin dat doden verbrand moeten worden samen met hun roerend goed. Want ieder komt met zoveel in Walhalla als hem op de brandstapel is meegegeven. (#NEM/p18) Kenlijk is dus Odin de hoofdgod van de Inglings, het koningsgeslacht van de Zweden. Aangezien de Angelen voortkomen uit de Inglings, zou Odin dus ook de oppergod van de Angelen kunnen zijn. > Odin
500vC++ Wodan: Bron RRA beweert dat de Anglische koningen van Angeln zichzelf zien als nazaten van Wodan. Deze Wodan is de oppergod van de West Germanen. Hij wordt meestal gelijkgesteld aan Odin, van wie de Angelen volgens oude overleveringen afstammen. Aangezien Angeln zich sinds circa 500vC steeds verder naar het zuiden uitstrekt, kan het zijn dat de Angelen zich steeds meer als een West Germaans volk zijn gaan zien. Vooral ook door de vermenging met de Saxen, voor wie Wodan inderdaad de oppergod was.
275vC Odin > Wodan: Vooralsnog is Ingwi (c 700-640vC) de eerste koning van Angellend. (> Koningen) De oudst bekende concrete afbeelding van Wodan lijkt vooralsnog te dateren van circa 150nC op een munt. (> hieronder) De overgang van Odin naar Wodan als oppergod van de Angelen, kan dus zijn voltrokken halverwege 700vC-150nC. Dus ergens rond 275vC. De reden van deze overgang is vooralsnog niet bekend.
50vC Mercurius: Romeinse god van de handel. De Angelen noemen hem Wincfot Julius Caesar is niet onder de indruk van het Germaanse geloof. Hij schijft circa 50vC dat ze nauwelijks goden kunnen noemen en schijnbaar alleen Zon, Vuur en Maan kennen. Ook schrijft hij dat ze in bizonder Mercurius vereren, die ze beschouwen als gids op hun reizen en behalen van winst. (Commentarii de Bello Gallico: 6.21, 6.17) Mogelijk bedoelt hij de Anglische god Balder. > Mercurius, Balder
50nC: De Goten kennen vele goden, die ze vereren op heilige plaatsen als grotten en bossen. Ook kennen ze tempels, priester en rituelen, maar hun rol, functies en samenhang zijn vaag en inconsistent. In Uppsala (Zweden) staat een tempel met daarin drie beelden: Thor in het midden, geflankeerd door Wodan en Freya. Deze tempel dateert echter van na de jaartelling. Volgens Tacitus (55-120nC) zien de Goten hun goden echter niet als idolen in menselijke gedaante en vinden ze tempels ongeschikt als woonstee voor hen. Wel offeren ze dieren en soms mensen (krijgsgevangenen) aan Tiwaz of Wodan en proberen ze de wil van goden te kennen door het werpen en interpreteren van dobbelstenen met runentekens. (> Dobbelen) Julius Cesar is echter niet onder de indruk van het Germaanse geloof. Hij schijft circa 50nC dat ze nauwelijks goden kunnen noemen en schijbaar alleen Zon, Vuur en Maan kennen. Ook schrijft hij dat ze in bizonder Mercurius vereren, die ze beschouwen als gids op hun reizen en behalen van winst. (Commentarii de Bello Gallico: 6.21, 6.17) Mogelijk bedoelt hij de god Balder, die vaak wordt vergeleken met Mercurius. > Balder

150nC: Sinds circa 150nC lijkt Wodan de oppergod van de Angelen en andere Germanen. (Wodan) De naam Wodan is afgeleid van de Germaanse naam Wothanaz. Daarin zit de Germaanse wortel wuth = woede. Vereering van woede is anno 2010 nog steeds aanwezig tot diep in Rusland. Vooralsnog is niet zeker of Wodan door alle West Germaanse stammen gelijkelijk wordt gezien. Rechts: Anglische munt uit circa 150nC met beeltenis van Wodan.
150nC++ Wodan: Volgens bron RRA beveelt Wodan crematie, opdat de ziel van de gecremeerde terug gaat naar hem. Dat geldt in bizonder bij de Anglische royals die immers van hem afstammen. Hieruit lijkt dat Wodan de hoofdgod van de Angelen is. > Wodan, Crematie
415nC Tiwaz: De Anglische ordening van de weekdagen weerspiegelt kenlijk de Anglische hiŽrarchie van de kosmische elementen. (> Weekdagen, Paralogie) Opmerklijk is dat daarin Tiwaz (god van de Gerechtigheid) is geplaatst boven Wodan. > Weekdagen
E.e.a. betekent dat de Angelen Tiwaz zien als hun oppergod.
625nC Wodan: De grima (masker) van Wodan is een kenmerkend attribuut van deze West Germaanse oppergod. Deze grima vinden we terug bij Anglische vorsten als Redwald van East Anglia (gst 625) en Edwin van Northumbria (gst 633). Ook op de fibula van Wynaldum uit de 7e eeuw nC, een mantelspeld afkomstig van een Anglische leider in Noord Friesland. Op grond van deze archeologische vondsten lijkt Wodan de Anglische Oppergod en de bewering van bron RRA te bevestigen. (> Archeologie) Echter: Wodan kan in dit kader eerder gezien worden als god van de Oorlog. En dan is zijn vierde plek in de kosmische hiŽrarchie te rechtvaardigen. Temeer daar het Walhalla een hemel is waar alleen krijgers mogen komen. > Walhalla
Odin en Wodan zijn feitelijk identieke goden. Odin wordt echter beschouwd als de oppergod van de Noord Germanen en Wodan als oppergod van de West Germanen. De enige verklaring voor de tegenstrijdigheid kan zijn, dat de Angelen in latere eeuwen sinds hun ontstaan zich inderdaad steeds meer zijn gaan identificeren met de West Germanen. Daarmee hebben ze immers ook steeds meer contacten. In bizonder met de Saxen. > Angologie, Angel-Saxen
Aangezien 1:
- volgens de SkjŲldungasaga koning Ingwi afstamt van Odin
- en de SkjŲldungasaga een Noors/Deense saga is, vastgelegd rond 1190nC
- en Ingwi een Deense koning was
- en Ingwi voortkomt uit de Inglo-Goten in Zweden
- en Noorwegen, Denemarken en Zweden bij leven van Ingwi nog een verenigd koninkrijk zijn
- en bron RRA dateert van anno 2009
- en de saga dus ouder is dan bron RRA
- en de auteurs van de saga per saldo dichter staan bij de historische feiten dan bron RRA
- en de saga dus dichter staat bij de historische feiten
- en Ingwi de oervader is van de Angelen
>>> lijkt bron SkjŲldungasaga de historische realiteit beter te bevatten dan bron RRA
>>> en lijkt Odin de ware oervader te zijn van Ingwi en derhalve van de Angelen.
>>> en lijkt derhalve Odin inderdaad de ware oppergod van de Angelen te zijn.

Aangezien 2:
- volgens de SkjŲldungasaga koning Ingwi afstamt van Odin
- en de Wodanmunt van 150nC suggereert dat Wodan de oppergod is
- en de SkjŲldungasaga een Noors/Deense saga is, vastgelegd rond 1190nC
- en deze saga dateert van 1040 jaar na de Wodanmunt
- en vooralsnog geen andere feiten daaromtrent bekend zijn
- en bron RRA stelt dat de koningen van Angelland zichzelf zien als nazaten van Wodan
- en gezien het voorgaande feitelijk Odin de ware oppergod van de Angelen is,
>>> lijkt per saldo dat vele Angelen ten onrechte Wodan zien als hun oppergod.
Aangezien 3:
- er weinig verschillen lijken tussen Wodan en Odin
- en de Angelen voortkomen uit de Inglo-Goten in Zweden (> SLA)
- en Odin de oppergod is van de Inglo-Goten (Germanen) in Zweden > Odin
- en Wodan de oppergod lijkt van de Angelen
>>> lijkt dat per saldo Wodan een modulatie is van Odin
>>> en dat Wodan dus vele kenmerken gemeen heeft met Odin.

** Wodan, Odin, Ingwi, Angelen, SkjŲldungasaga, Hagall, HenotheÔsme
 

 

Odin:: (c 1400vC++)
Oppergod van de Noord Germanen, identiek aan Wodan van de West Germanen. Volgens de SkjŲldungasaga komt hij uit AziŽ en verovert Noord Europa. Hij geeft Zweden aan zoon Ingwi en Denemarken aan zoon SkjŲldr. Uit SkjŲldr is het Deens koningshuis SkjŲld voortgekomen, waarvan nazaten zich
ook hebben gevestigd in Zuid Zweden. Bij nadere studie blijkt Ingwi echter koning van Denemarken. Tijdens een reis van Ingwi naar Zuid Denemarken doet SkjŲld een greep naar de macht en roept zichzelf uit tot koning van Denemarken. Ingwi besluit daarop in Zuid Denemarken te blijven. Zijn vrouw en kinderen komen hem nareizen. Het gebied waar Ingwi nu woont wordt later Angeln genoemd, het land der Angelen, de nazaten van Ingwi. > Ingwi, Angeln, Saga's
¶ Bron RGT/2004 noemt oppergod Odin god van de wijsheid, communicatie en magie.
¶ De SkjŲldungasaga lijkt een historische kern van waarheid te bezitten. In de 15e eeuw vestigt zich namelijk een Zweedse familie in Lemgo (Duitsland) die hun naam verduitsen en zich Schild gaan noemen. Schild betekent hetzeflde als SkjŲld, het Zweedse woord voor schild. Volgens overlevering zouden zij in Zuid Zweden de naam SkjŲld hebben gevoerd en een aanzienlijk geslacht zijn geweest. Zij vluchten om religieuse redenen van het toen nog Katholieke Zweden naar Noord Duitsland, waar het Protestantisme sterk opkomt. Opmerkelijk is dat het geslacht Schild een oud familiewapen voert waarop het Alziend Oog in een driehoek is afgebeeld. Dit alziend oog komt overeen met een belangrijk kenmerk van Odin, zoals verderop is beschreven.
¶ Odin is mogelijk ooit een volksheld geweest, die gelegendariseerd en gemytologiseerd is. Als Ingwi en SkjŲld zoons van Odin worden genoemd, betekent dat in mythetaal waarschijnlijk dat ze (verre) nazaten van hem zijn. Ingwi en SkjŲld moeten naar schatting ergens in 700-600 vC hebben geleefd. (> Ingwi) Odin kan heel lang daarvoor hebben geleefd. Een preciese schatting wanneer is vooralsnog niet mogelijk. In Zweden is echter een steen uit de Bronstijd (2000-800vC) ontdekt waarop twee boten, mannen en een grote ring zijn uitgebeiteld. De ring is een symbool van Odin. Dit symbool komt mogelijk uit Egypte (3000-332 vC). Zoals de letter O in het Latijnse schrift afstamt van de Egyptische hiŽroglyf O. Deze Egyptische O staat voor het Alziend Oog, dat waakzaamheid en macht betekent. Maar ook is de O identiek aan de zonnering van Ra, de oppergod van Egypte. Al deze kwaliteiten vinden we terug bij Odin. > Zonnering
¶ De naam Odin wordt geassocieerd met woede, razernij en extase. Odins attributen zijn o.a. de speer Gungir, de wolven Geri en Freki, het achtvoetige paard Sleipnir en de raven Hugin en Munin, die op zijn schouders zitten en hem influisteren wat ze hebben gehoord en gezien. Odin woont in Asgard, waar hij vanuit Hlidskjalf alles op de wereld kan zien. Zijn gemalin is Frigg.
¶ Odin is de god van oorlog en dood. De helft van zijn slachtoffers van het slagveld horen hem toe. Hij neemt ze mee naar het Walhalla om hem te helpen in de strijd tegen de demonen bij de ondergang van de wereld.
¶ Odin is ook de god van de wijsheid en de poŽzie. Wijsheid heeft hij gekregen van de reus Mimir (de hoeder van de Wijsheid) in ruil voor een oog. De PoŽzie krijgt hij door te drinken van de dichtdrank Mede uit de vaten van de reus Suttung. Kennis van de magie en runen krijgt hij door negen dagen en nachten aan een boom te hangen, doorboord door zijn eigen speer. Vandaar zijn naam Hangagud. Odin heeft vele bijnamen. De bekendste is Snorri.
Udin [Oedin]: mansnaam in regio Soerabaja/Java. (#KROtv/Vermist 7.11.2016) Deze naam lijkt verdacht veel op Odin. In de regio wordt gesproken Maleis, Javaans en Indonesisch. Deze talen zijn onderling sterk gerelateerd. Aangezien Maleis wordt gerekend tot de Arische talen (> Maleis), kan dit betekenen dat Udin/Odin van oorsprong een Arische godheid is.
** Ingwi, Ingwaz, Tijdperken, Saga's, Wetsteen, Angon, Oda, Zonnering, Zonnecultus
# WP, MVW (p 163), NGTV (mei 2007), EWB, RGT, GKS, DAB

Odinnisme: > Angalisme
Odinring: > Zonnering

Oegstgeest: (OGS:)
Dorp in Zuid-Holland. De regio wordt rond 405nC bevolkt door Angelen uit Utrecht. > ASA, Poelgeest, Zuid-Holland
650nC: Anno 2014 is in Oegstgeest gevonden een zilveren schaal uit de 7e eeuw. Ze is 21 cm in diameter, 11 cm hoog, ingelegd met goud en rode granaten (halfedelstenen) en uitbundig versierd met figuren: planten, dieren en symbolen. De onderdelen dateren uit diverse periodes en regio's. De schaal dateert mogelijk uit de Romeinse Tijd. De ophanging wijst op Engeland of Scandinavia. De afbeeldingen wijzen op het Nabije Oosten. De granaten komen mogelijk uit India, dat ruim 8000 Km ver ligt. Mogelijk is de schaal gebruikt als drinkschaal of waskom. Ze is uniek voor West Europa en getuigt van de internationale relaties van de regio in die tijd. (#DeTelegraaf 2.7.2014) > India, Angeli
 

--- Zonnerad: Op de schaal van Oegstgeest is o.a. het symbool van de zonnerad afgebeeld. Dit is een oeroud symbool van de goddelijke macht en grechtigheid. Rechts: een zonnerad op de buitenmuur van de Waag (16e eeuw) in Deventer. In de Waag werd gewogen en recht gesproken. > Zeven
Foto © BCK/TL.
 
2500vC++ Barnsteenroute: Oostzee-Dvina-ZwarteZee-Kreta-Egypte > Barnsteen
350nC++: In Constantinopel wonen Angelen. (> Constantinopel) Hoe de Angelen daar terecht zijn gekomen is vooralsnog niet bekend. Voor de hand ligt dat ze via de zgn Barnsteenroute in Constantinopel belanden. > Constantinopel
Per saldo lijkt het mogelijk dat de Angelen Zuid Holland handelscontacten hebben met constantinopel en dat de schaal via deze contacten uiteindelijk in Oegstgeest is beland.

Oeffelt:
Dorp aan de Maas bij Boxmeer in Noord-Brabant. Anno 2010 2.500 inwoners. In 1075nC vermeld als Uflo (document).
¶ Volgens overlevering is de regio is rond 405nC bevolkt door Angelen uit het leger van prins Offa van Angeln (gb 380nC). Evenals andere dorpen in de nabijheid. De naam Oeffelt lijkt derhalve afgeleid van Offa, Uffe (Offa) + feld (veld). Dus: Offaveld = het veld van Offa. Mogelijk heeft prins Offa daar enige tijd vertoefd met zijn leger. Deze optie lijkt nogal reŽel. Van Cuijk loopt namelijk een oude Romeinse heerbaan dwars door Oeffelt naar Blerick. Het lijkt aannemelijk dat Offa deze weg heeft gebruikt voor zijn campagne naar de Waal.
¶ De naam Uflo uit 1075 lijkt afgeleid van Anglisch Uffo (Offa) + loha, low (laagte). Dat kan dan betekenen dat Offa van Angeln met zijn leger heeft gebivakkeerd aan de oever van de Maas, dicht bij het water, waaraan het leger en de paarden veel behoefte hadden. Temeer daar het toen zomer moet zijn geweest.
¶ De overlevering dat Oeffelt is bevolkt door Angelen wordt sterk bevestigd door de uitgebreide oude heggencultuur aldaar tot aan Boxmeer toe. Deze heggencultuur hoort exclusief in Anglische landschappen. De heggen langs de Maas van Oeffelt tot Boxmeer zijn qua structuur identiek aan de heggencultuur in ZuidWest Engeland, een regio dat voornamelijk is bevolkt door Angelen van het Continent. > Heggen
** Urling, Heerbanen, Boxmeer, Offa van Angeln, Padbroek, Uffelte, Heggen, Limburg, Angel/Maas, ASA
# FRI, WKP 6.9.10, DAB, KBG

Oene: dorp in NO Veluwe > Unegunggas

Oer Angelen: (ORA:)
Dit zijn de oudste leden van de volkstam der Angelen. Waar deze Angelen vandaan komen, is vooralsnog niet met zekerheid bekend. Naar alle waarschijnlijkheid komen ze voort uit de Germaanse stam der West Goten in Zweden en Denemarken. (> Engeland/vlag) Een theorie is dat ze nazaten zijn van ene Ingwi, die zich rond 665vC vestigt in Angeln, mogelijk op de locatie met de naam Haithabu. Ingwi was koning van Denemarken, maar werd van zijn troon beroofd door zijn broer toen hij op een boottocht was naar het zuiden van zijn rijk, het gebied waar het huidige (anno 2009) Angeln ligt. > Ingwi
¶ Volgens de mythologie is de naam Angeln afgeleid van Ingwi. Via Ingwilund > Ingland > Angland > Angeln. Volgens een andere theorie is de naam Angeln echter afgeleid van de hoekvorm van het gebied. (> Angeln/kaart) Angel betekent namelijk o.a. hoek. Angelen zijn dus bewoners van "Hoekland" en zouden navenant Hoeken heten. Die naam duikt vele eeuwen later op in Nederland bij de Hoekse en Kabeljauwse Twisten (1350-1490). De Hoeken zijn in die Twisten de gezagsgetrouwen, die de kant van landsvrouwe Margaretha kiezen. Naar zeggen doelt de naam Hoeken op de (vis)haken waarmee de Hoeken de Kabeljauwen willen vangen. (> Hoeken) Als zodanig is de naam Hoekland voor Angeln niet zo vreemd. Het zou namelijk kunnen betekenen dat daar in de verre oudheid voornamelijk vissers wonen itt elders in die regio.
¶ Een andere verklaring voor de naam Angel (Angelen) lijkt meer plausibel. Anglisch: angol (angul, ingol, ongol, ongle, ungol, bilhoc, piccaex, picchoc, hacke, haecce, hoecce) = hak, pikhaak = soort gereedschap, werktuig, wapen. Kenmerkend voor de angol is de hoekvorm: een steel met daaraan haaks een gebogen gepunte spits toelopende haak. Daarnaast bestaat het Anglische woord hoc, hoecce = hoek, haak, herdersstaf. Dit leidt tot de volgende optie. Aangzien:
- de oudste Angelen zich vestigen in Haithabu
- en Anglisch Haithabu = Heideburg = de burcht op de heide
- en schapenteelt een oeroude Anglisce activiteit is
- en schapen normaliter worden gehouden op heidegrond
- en Anglisch angol = Anglisch hoc, hocce = hoek, haak, herderstaf
- en Angelen van oudsher achtief zijn als schapenhouders
>> lijkt de naam Angel (Angelen) afgeleid van het Anglisch angol = herderstaf
>> en lijkt schapenteelt de oudste economische bezigheid van de Angelen.

 

400nC Rechts: De Anglische god Balder met angolstok. Aquarel gemaakt door Hester Jans-Molenberg na zorgvuldig historisch onderzoek van alle relevante feiten mbt de god Balder in Anglisch perspectief rond 400nC. (© BCK) Balder is hier uitgebeeld in de outfit van een voorname jongeman rond 400nC: mantel met fibula (mantelspeld), broek en laarzen. In zijn rechter hand houdt Balder de zgn angolstok, die vele eeuwen zo kenmerkend is voor Anglische heren, boeren, herders en reizigers. In Engeland wordt deze angolstok nog veel gebruikt, i.b. door veeboeren.
 

¶ Ondanks boven genoemde verklaringen van de naam Angeln en Angelen weten we nog bar weinig over de Oer Angelen. Ze zullen vrij zeker van elders komen. Maar waar vandaan? De Griekse astronoom, wiskundige en cartograaf Claudius Ptolemaeus (87-150 nC) in AlexandriŽ maakt een atlas, die in 1478 in Rome wordt gedrukt met de titel 'Geographia' door Arnold Buckinck. Deze atlas bevat een kaart van NW Duitsland waarop de woongebieden zijn aangegeven van Germaanse volkstammen. De Saxones plaatst hij tussen de mond van de Elbe tot aan de Oostzee. De Phrisii (Friezen) plaatst hij tussen de Weser en de Eems, het huidige Oost-Friesland. De Angili (Angelen) plaatst hij zuidelijk daarvan nabij de LŁnenburger Heide. Ook andere bronnen plaatsen de Angelen bij of nabij dit gebied. Desondanks moeten we de historische visies van de Angelen daarover zelf serieus nemen. Zij beweren steeds dat hun roots in Zuid Zweden liggen. Er zijn diverse historische feiten die deze visies rechtvaardigen. Zodanig, dat men deze beweringen van de Angelen zelf als historisch juist mag beschouwen. > Ingwi, Angologie
De Eawa is een verzameling van ongeschreven maar duurzame waarden en normen van de Angelen. Anglisch Eawa betekent Eeuwige Waarheid, zijnde de visies, normen en waarden die in de loop der eeuwen zijn opgenomen in het Anglisch erfgoed en als zodanig opgenomen in het collectief Anglisch bewustzijn. De regels van de Eawa worden door de Angelen gebruikt bij besluiten in bestuur, rechtspraak en onderlinge omgang. De term eeuwig betekent in de praktijk duurzaam. > Eawa

¶ Mogelijk is de term Eawa afgeleid van Anglisch eow (ief, taxus) en betekent Eawa derhalve zoveel als duurzaam, taai, sterk, veerkrachtig en altijd groen (fris, actueel, bruikbaar). Dit sterkt de these dat de Oer Angelen in een heidegebied woonden. Dit lijkt historisch juist. Deze Oer Angelen woonden namelijk in Haithabu (Angeln) wat Heideburg betekent. Ofwel: de burcht op de heide.
> Eawa, Taxus, Haithabu
Rechts: taxusbomen bij een Anglisch huis op de hei. (foto @)
 
¶ Gezien de ligging van Haithabu aan de monding van rivier de Slei in Angeln lijkt het per saldo vij zeker dat de Oer Angelen beroepsmatig voornamelijk bezig zijn als schapenhouders, veehouders, vissers, beverjagers, handelaars en militairen. Gezien hun activiteiten in latere eeuwen lijkt deze these vrijwel zeker. > Karakter, Beverjacht
** Angologie, GLA, Inglo-Goten, PgBrit/Engeland(vlag)
# DVB, KBG

Oer Angeln:
Een zeer interessante vraag is, wanneer Angeln in feite ontstaat. Om die vraag te beantwoorden, moeten we de oudste gegevens van de Angelen goed analyseren en in historisch perspectief plaatsen. Wanneer verschijnen de Oer Angelen in Angeln, het gebied in Noord Duitsland, dat vůůr 1919 tot Denemarken behoort? (> Angeln) De centrale vraag is dan of Angeln is genoemd naar de Oer Angelen, of omgekeerd. Opties:

A. Volgens de overlevering is Ingwi de stamvader der Angelen. Hij vestigt zich rond 665 vC in het gebied, dat naar hem wordt vernoemd. Zo ontstaat Ingwiland, een naam die in de loop der tijd muteert tot Ingland > England > Angland > Angeln. (> Angeln) De mensen die in Angeln wonen, worden dan genoemd Angelen, zijnde inwoners van Angeln.
B. De naam Angeln is afgeleid van Angel = Hoek, zijnde een uithoek van Noord Europa, i.c. Zweden, Noorwegen en Denemarken, ofwel het Noordse Rijk. De mensen die daar wonen krijgen navenant de naam Angelen = de mensen die wonen in Angel = de uithoek van Noord Europa. Later wordt het gebied dan Angeln genoemd, zijnde het land waar de Angelen wonen. > Angel, Angle

Gezien de overleveringen beschouwen de Angelen zich van oudsher inderdaad als nazaten van Ingwi, de verdreven koning van Denemarken, en derhalve als voortkomend uit de Denen. Aangezien overleveringen meestal een grote kern van waarheid bezitten, mogen we vooralsnog aannemen dat deze voor de Angelen zo belangrijke overlevering als juist en waar moet worden beschouwd. In ieder geval dat de Angelen voortkomen uit de Denen. Maar wie of wat was Ingwi dan? Heeft hij werkelijk geleefd, of is hij een mythologisch figuur, gecreŽerd rond een figuur die werkelijk ooit heeft geleefd? De feiten daaromtrent lijken vooralsnog niet helemaal bekend.
** Overleveringen, Ingwi, Angel, Angelland

Oer Anglisch: (700vC-500nC) (OAN:)
650vC++: Het Oer Anglisch is de taal van de Angelen die zich ontwikkelt vanaf de vestiging van de legendarische Ingwi (de oervader der Angelen) en zijn metgezellen in Angeln rond het jaar 650vC. Zij komen uit Denemarken (mogelijk Seeland) en zullen dus het Deens spreken uit die tijd. Het Oer Deens is ontstaan rond 1000vC vanuit het Oer Zweeds, de taal van de Zweden die in die tijd naar Denemarken migreren. Het Oer Anglisch is daarom een taal die ontstaat uit het Oer Deens door differentiatie en door absorbtie van taalelementen van de oerbewoners van Angeln en van naburige volken. Het zo groeiende Oer Anglisch wordt gesproken tot circa 500nC, als een groot deel van de Angelen migreert naar Engeland. De achterblijvende Angelen ontwikkelen daarna hun taal verder tot het Oud Anglisch door verdere differentiatie en door absorbtie van nieuwe taalelementen van andere volken die zich in Angeln vestigen. Dat zijn voornamelijk Denen, Zweden (Vikings) en Saxen uit Holstein.
200nC: Van heel oude datum zijn teksten in de Oude Futhark, gevonden bij Thorsberg in Angeln. Ze dateren van circa 200nC. De tekst op de runesteen is nog niet vertaald. Die op een zwaard wel. Die tekst is na enige studie duidelijk te herkennen als heel close bij het Nederlands.

Per saldo lijkt het er dus inderdaad op dat Oer Anglisch en Oer Nederlands nauw verwante talen zijn.
340nC++: Het Oer Anglisch is in feite de taal van de Inglings en andere West Goten, die afkomstig zijn uit ZW Zweden en NO Denemarken. De taal van deze zgn Inglo-Goten is het Gotisch. Deze taal is voor het eerst vastgelegd door bisschop Wulfila rond 340nC. Hij vertaalt de bijbel in het Gotisch en creŽert daarvoor een eigen Gotisch Alfabet waarvoor hij het Griekse Alfabet als voorbeeld neemt. > Wulfila, Alfabet
500nC++: Het Oer Anglisch zal oorspronkelijk sterk lijken op de Oer Germaanse talen in NW Europa in dezelfde eeuwen. Bron Wikipedia (11.5.09) bevestigt deze similariteit en schrijft hierover:
Northumbria has a series of closely related but distinctive dialects, descended from the early Germanic languages of the Angles, of which 80% of its vocabulary is derived ... The major Northumbrian dialects are Geordie ... To an outsider's ear the siminlarities far outweigh the differences between the dialects. ... Due to the roots of Northumbrian dialects, its is often said that visitors from Scandinavian countries and the Netherlands often find it much easier to understand the English of Northumbria than the rest of the country.
Genoemde Geordie dialecten staan dus erg dicht bij het Anglisch dat oorspronkelijk in Noord Northumbria is gesproken. Dat is dus het Anglisch van de Angelen, die zich vanuit Angeln in 450-600 nC in NO Engeland vestigen. Dus in de nadagen van het Oer Anglisch. Het gebied Noord Northumbria komt overeen met Bernicia. Dat is exact het gebied waar de kolonisatie van Brittannia door de Angelen is begonnen. (> Angelen/Vortigern) In de daarop volgende eeuwen zal het Oer Anglisch zich meer langs eigen wegen verder ontwikkelen, totdat het zich in Angeln onder invloed van het Saxisch in de zuidelijke gebieden van Angeln ontwikkelt tot het Oud Anglisch.
** Thorsberg, KTE
# DVB, COD, WMN, KBG

 
Oer Engels: > KTE
Oer Geordie: > PgBrit
Oer Geordies: > PgBrit

Oer Nederlands: (500vC-500nC)
De taal gesproken in de Nederlanden in de periode 500vC-500nC. Aangezien daarover vooralsnog geen bronnen zijn gevonden, moet daarover langs aanvaardbare speculatie een beeld worden gemaakt. Dat beeld moet worden opgezet op grond van o.a. de geografie en de bewoners van de Nederlanden in de periode 500vC-500nC. Verder zal als hulpmiddel en leidraad worden gebruikt de gangbare taal (talen) in de Nederlanden in de eeuwen dierect daarna. Dus circa 500-1000nC. Aldus doende ontstaat het volgende beeld:
De Nederlanden zijn geografisch een gebied waarvan de kustlijn nogal wisselend is door stormvloeden en gebrek aan dijken. De Nederlanden worden voornamelijk bewoond door:
-- Kelten sinds circa 600vC in het zuiden
-- Angelen sinds circa 450vC in het noordoosten en midden
-- Friezen sinds circa 750nC in het noorden langs de kust
-- Saxen sinds circa 750nC in het noordoosten en midden
-- Franken sinds circa 287nC in het midden en zuiden

Uit dit overzicht blijkt dat de taal in noord Nederland van circa 450vC-100nC vrij zeker voornamelijk Anglisch moet zijn geweest. Daarna in de periode 100-500nC komen het Oer Fries en het Oer Saxisch steeds sterker hun invloed doen gelden. Vanaf 300 nC doet ook het Oer Frankisch dat. Tegelijkertijd mindert het Oer Anglisch sinds circa 400 nC door de massamigratie naar Brittannia. De taal in de Nederlanden zal navenant zijn gevormd: een Oer Anglische basis met sterke invloeden van het Oer Fries, Oer Saxisch en Oer Frankisch. Aangezien het Oer Fries en Oer Saxisch sterk verwant zijn aan Oer Anglisch, zullen de veranderingen niet zo dramatisch zijn geweest.
¶ De aanwezigheid van Kelten en Franken in de zuidelijke Nederlanden heeft uiteraard grote invloed op het Oer Nederlands in z'n geheel. Door de contacten tussen de Angelen, Saxen, Friezen, Franken en Kelten ontstaat in de loop der eeuwen een zekere gemeenschappelijke omgangstaal voor de hele Nederlanden. Volgens de Belgische taalkundige Maurits Gysseling (1919-1997) moet in de Lage Landen uiteindelijk noch puur Germaans noch puur Keltisch zijn gesproken, maar een taal daar ergens tussenin. Die taal noemt hij het Belgisch. Vanaf dat moment spreken we echter van Oud Nederlands.
** Keltisch, Oer Anglisch, LexA-Z (Oud Nederlands)
# WKP 28.5.09, DAB, KBG

Oerbewoners Angle: > OBA
Oergeloof: > Nasa
Oeververbindingen: > Bruggen, Veerdiensten, Voorden

 
Offa van Angeln (c 380-456) (OVA:)
Alias Uffo, Uffe. Bijgenaamd Meoca = de Zachtmoedige. Zoon van koning Wermund van Angeln (gst 416). Koning van Angeln. Ghm NN.

          

400nC: Boven: Offa (links) voor zijn vader koning Wermund van Angeln op de troon en met de angolstaf in de hand; rechts neemt ene Rigan zwaaiend afscheid. Tafereel uit circa 400nC. (prent c 1200AD #NHS/p44-45)
400nC: Saxen uit NO Duitsland migreren naar NW Duitsland op de vlucht voor de Slaven.
405nC: Volgens het Oud Anglische dichtwerk Widsith (7e eeuw) voorkomt Offa rond 405nC dat zijn oude vader Wermund in de macht komt van de Saxen door nabij Bremen de Saxen te verslaan, die de Elbe hadden overgestoken en Midden Angelland waren binnengedrongen. In deze slag doodt Offa een zoon van de Saxische koning tijdens een persoonlijk gevecht.
405nC: Na de slag tegen de Saxen trekt Offa met zijn leger verder zuidwaards waar hij de Swaefen verslaat. He [Offa] is said to have established Fifldor (probably the Eider River ...) as the boundary between his [Wermund's] domains and those of the neighbouring Myrgings. Aldus britannica.com van 9.1.2010.
416nC: Na de dood van zijn vader Wermund in 416nC wordt Offa koning van Angelland. Hij erft the large kingdom of Angel. #britannica.com/9.1.2010.
425nC: Een tekst in het Anglisch dichtwerk Widsith van rond 425nC roemt Offa en zijn strijd tegen de Swaefen bij Fifeldore:

35. Offa weold Ongle, Alewih Denum:
35. Offa regeerde Angle, Alewih de Denen;
36. se waes thara manna modgast ealra,
36. hij was daar onder mannen de allermoedigste,
37. no hwaethre he ofer Offan eorlscype fremede,
37. niemand overtrof Offa's vermetel leiderschap,
38. ac Offa geslog aerest monna,
38. en Offa veroverde in de eerste maanden,
39. cnithwesende, cynerica maest.
39. knecht/ruiter wezende, meest van het koninkrijk.
40. Naenig efeneald him eorlscipe maran
40. Niemand evenaarde hem meer leiderschap
41. on orette. Ane sweorde
41. op aarde. Ene zwaard
42. merce gemaerde with Myrgingum
42. merkte vermaard de grens met Myrgingum
43. bi Fifeldore; heoldon forth sidhdhan
43. bij Fiveldore; hielden voorts gescheiden
44. Engle ond Swaefe, swa hit Offa geslog.
44. Angelen en Swaefen, zo heeft Offa geslagen.

--- Genoemd dichtwerk is gecomponeerd door Widsith van Myrgingum rond 425nC. Hij is afkomstig uit Myrgingum, een regio mogelijk gelegen rond Merum tussen Wirdum en Loppersum in Fivelingo in NO Groningen. Widsith is een vrij man, dwz geen horige of slaaf. Hij draagt een torque (halsklem), wat betekent dat hij tot de elite hoort en/of soldaat is. Gezien zijn avontuurlijke omzwervingen is hij mogelijk in dienst van prins Offa van Angeln en diens Koninklijk Anglisch Leger. (> KAR) Offa voert in 405nC een campagne door het Anglisch Rijk om o.a. de Saxen te verdrijven. (> Offa van Angeln) Dat verklaart zijn gedetailleerde kennis en zijn compassie voor prins Offa. > Widsith, Angeln, Angle, Angelland, HRAA

 

¶ Met genoemd Fifeldore is vrij zeker bedoeld de regio Fivledore in Noord Groningen. Deze regio omvat het hele bozemgebied van rivier de Fivel, die vanuit Noord Drente door Groningen stroomt naar de regio Dijkemer tussen 't Zand en Garsthuizen, waar in die tijd de Fivel nog in de Waddenzee uitmondt. Anno 2013 loopt vanuit Westeremden nog de Fiveldijk langs de doodlopende Fivel die verderop de Dijkemerweg kruist.
Rechts: kaart van Angle. (© BCK)
> Fiveldore, Angeln, Angle, Angelland, HRAA
 

 

¶ Bron FBZ/p31 toont een kaart van Fivilga rond 1050nC gereconstrueerd door Otto S. Knottnerus. Op die kaart is duidelijk te zien dat de Fivel uitmondt in een groot en breed estuarium in NO Groningen. Ze vormt ahw een open deur (toegang) tot Fivelga, het gebied waar de Fivel doorheen stroomt. In deze context lijkt Fiveldore veeleer afgeleid van Fifel (Fivel) + dore (deur, toegang, poort, baai). Dus: de baai van de Fivel. Rechts: de kaart van NO Groningen rond 405nC gebasserd op alle beschikbare relevante gegevens. Alleen de geonamen zijn geactualiseerd, muv Angelslengi (Enzelens bij Garrelsweer). (© BCK) Deze naam betkent: de slenken waar Angelen wonen. Slenken = gebied met veel geulen en moddergaten. > Angelslengi, Fiveldore
 

Koninklijk Anglisch Regiment: (KAR:) Centraal Anglisch veldleger van het Koninkrijk Angle. Een expeditieleger waarmee Offa als prins in 405nc een veldtocht houdt om de Saxen en Swaefen uit Angelland te verdrijven. > Leger


    

boven: re-enactment van een gevecht tussen Anglische strijders (links) en Saxen (rechts) rond 400nC (foto ©)  

Campagne 405nC:


               

boven: de belangrijkste vaarwegen in Nederland rond 400nC  

¶¶ Marsroute:
--- algemeen: De route zal zoveel mogelijk gaan naar vijandige locaties via veilige locaties en routes, vaste steunpunten (burchten) en langs goede wegen, bruggen en voorden (doorwaadbare plekken in rivieren).
--- burchten: Burchten zijn militaire bolwerken die zijn gebouwd om de omliggende regio te bewaken. > Burchten
--- borgheren: Elke burcht heeft een borgheer, die verantwoordelijk is voor de burcht, de bevoorrading en de veiligheid van zijn borgambt. > Burchten
--- wegen: Waar liggen de goede wegen en wanneer zijn ze het best begaanbaar? Voor eeen deel zal Offa trekken langs de oeroude Ossenweg (Haithabu > Hamburg > Stade/Bremen). Daarna zal hij een zijweg pakken richting Groningen. > Ossenweg, Heerbanen, Wegen
--- rivieren: Rivieren vormen een groot probleem: waar liggen bruggen of voorden en wanneer kunnen de voorden makkelijk gebruikt worden? > Waterlopen, Bruggen, Voorden
--- informatie: Voor goede informatie is Offa van Angeln afhankelijk van de borgheren op zijn route. > MIA
--- versterking: Ook voor profiand en versterking is Offa afhankelijk van de borgheren op zijn route. > MIA
--- grote lijn: Haithabu - Bremen - Emden - Myrgingum/Fivelingo - Coevorden - Uffelte - Ommen - Hellendoorn - Holten - Markelo - Engelskamp/Geesteren - Zelhem - Ulft - Spijk/Rijn - Nijmegen - Oeffelt - Boxmeer - Nijmegen - Spijk/Rijn - Ulft - Bremen - Haithabu
--- etappes: (reconstructie)
--1: Haithabu Prins Offa vertrekt met zijn leger vanuit Haithabu naar Bremen. Vrij zeker langs de Ossenweg richting Hamburg en vandaar over de Elbe via een zijweg naar Bremen. > Ossenweg
--2: x Eider (48Km)
--3: x Elbe (96Km)
--4: Bremen (96Km)) Offa verslaat de Saxen bij Bremen. Daarna trekt hij met zijn leger via Emden over de Eems naar Fivelingo in Noord Groningen.
--5: x Ems (120Km)
--6: Fiveldore (57Km) In Fivelingo verslaat Offa de Swaefen bij Fiveldore. Mogelijk ligt het slagveld bij Merum. > Fiveldore, Merum
--7: x Deil/Fivel (19Km)
--8: Noordlaren (36Km) Offa en zijn leger trekken verder zuidwaarts richting de rijn. Vrij zeker trekken zij dan langs de Hoge Hereweg van NoordLaren naar Coevorden. Deze weg wordt van oudsher gebruikt door legers en handelaars. > Blankeweer
--9: Hunzeland (22Km) > Oving
-10: Offehaar (75Km) Bij Coevorden verblijft Offa met zijn leger mogelijk op een zandhoogte ten noorden van de stad. Die zandhoogte krijgt later de naam De Hoge Offehaar met aan de oostkant De Offehaar (kaart HTN/19 1773). > Offehaar
-11: Coevorden (3Km) Mogelijk bouwt Offa in Coevorden een motte tegen de Saxen, die de regio bedreigen. Daaruit is later kasteel Coevorden ontstaan. Hij zal daar zeker 1 volle maand voor nodig hebben. > Coevorden
-12: Uffelte (68Km) Na Coevorden trekt Offa met zijn leger mogelijk naar Uffelte, waar hij enige tijd lijkt te verblijven. De naam Uffelte lijkt immers afgeleid van Anglisch Uffe, Offa (mansnaam) + feld (veld). Dus: Offaveld = het veld van Offa. Waarom Offa aldaar vertoeft is niet bekend en vooralsnog ook niet duidelijk. > Uffelte
-13: Meppel (19Km) Via Havelte > Havelter Ma > x de A bij Vledderinge > Jufferenpad > x Wold Aa bij Meppel > Jufferenpad > Meppel
-14: Groot Oever (20Km) Via Meppel > x Stenen Brugge in Meppel > Zandweg naar De Wijk > Havixhorst > De Wijk > Eemten > Groot Oever
-15: x Reest bij Groot Oever (3Km) > Ommerschans (18) > Ommen (15Km)
-16: x Vecht bij Ommen (33Km)
-17: x Regge bij Nieuwebrug/Ommen (4Km)
-18: Hellendoorn (32Km)
-19: Nijverdal (9Km)
-20: Holten (9Km)
-21: Markelo (12Km)
-22: x Schipbeek bij Westerflier (12Km)
-23: x Bolkse Beek bij Geesteren (12Km)
-24: Engelskamp bij Geesteren (4Km) > Engelskamp
-25: x Slinge bij Ruurlo (17Km)
-26: Veldhoek bij Zelhem (11Km)
-26: Priestering bij Zelhem > Priestering
-27: x Yze bij Yzevoorde (15Km) > Yzevoorde
-28: x Beneden Slinge bij Slangenburg/Doetinchem (6Km)
-29: x Bielheimer Beek bij Slangenburg/Doetinchem (4Km)
-30: x Alstrang bij Voorst/Engbergen/Ulft (13Km) > Engbergen
-31: Ulft (3Km) > Ulft, Ueffing
-32: x Oude Yssel bij Landfort/Ulft (3Km) > Landfort
-33: Spijk/Rijn (28Km) De naam Spijk heet in die tijd Herispich AVA heri (leger) + spic (brug). Vanuit Uffelte trekt Offa met zijn leger over de legerbrug bij Spijk aan de Rijn naar Nijmegen. > Spijk/Rijn
-34: x Rijn (3Km)
-35: Nijmegen (40Km)
-36: x Maas bij Mook (5Km)
-37: Oeffelt (17Km) Van Nijmegen trekt Offa met zijn leger verder langs de Romeinse legerweg (heirbaan) langs Cuyck naar Oeffelt, waar hij enige tijd verblijft. > Oeffelt
-38: Boxmeer (11Km) Vanuit Oeffelt trekt Offa met zijn leger verder naar Boxmeer. > Boxmeer
-39: x Maas bij Boxmeer (2Km)
-40: Nijmegen (40Km)
-41: x Rijn bij Spijk (40Km)
-42: Spijk/Rijn (3Km)
-43: Landfort bij Ulft (28Km)
-44: x Oude Yssel bij Landfort (1Km)
-45: Ulft (3Km)
-46: Versen (177Km)
-47: x Ems (3Km)
-48: Bremen (149Km)
-49: x Elbe (96Km)
-50: x Eider (96Km)
-51: Haithabu (48Km) Aan het eind van de campagne trekt Offa met zijn leger terug naar Haithabu. Het lijkt aannemelijk dat hij dan de Ossenweg neemt, die via Hamburg naar Haithabu voert.
Totaal: 1575 Km
¶¶ Terrein: ruig, slechte wegen, moerassig, veel meren, veel rivieren, veel beken, weinig bruggen, weinig voorden (doorwaadbare plekken in rivier), geen boten, veel insecten, matige medica, dun bevolkt, weinig fouragekansen, matige navigatiemiddelen
¶¶ Steunpunten: burchten > Burchten, Hundreds
¶¶ Dagmars gemiddeld:
5 uur rijden te paard = circa 50 Km
1 uur lopen ivm slechte weg
2 uur rust tijdens rit
4 uur werken
4 uur relaxen
8 uur slapen
¶¶ Weekmars gemiddeld:
5 dagen rijden + 2 dagen rust > 5x50Km = 250Km per week
¶¶ Verblijf:
Coevorden (30 dgn) + Oeffelt (15 dgn) + Ulft (15 dgn) + = 60 dgn = 2 maand
¶¶ Pechmarge: = circa 20%
¶¶ Duur: Totale duur campagne:
- onderweg: 1575/250 = 6.3 weken = 1.5 maand
- verblijf: 2 maand
- pechmarge: 0.2
Totale duur campagne = 1.2x(1.5 + 2 maand) = c 4 maanden
¶¶ Periode: De campagne zal vrij zeker zijn gevoerd in de maanden mei-augustus, als het lang licht is en het weer normaliter mooi, droog en warm en het per saldo goed werkbaar is.
¶¶ Leger: In 405nC is Offa rond 25 jaar. Hij is dan genoeg vakman om een redelijk geordend leger aan te voeren.
--- Doel: Angelland is deels geÔnfiltreerd door o.a. Saxen en Swaefen. De Saxen zijn de Elbe over gestoken en hebben zich gesetteld rond Bremen. De Swaefen in Fivelingo (Groningen) trekken zich niets meer aan van het centrale Anglische gezag in Haithabu. Offa wil de Saxen weer terug drijven over de Elbe en de Swaefen verdrijven uit Myrgingum. Ook wil hij de zuidgrens van Angelland aan de Rijn weer versterken.
--- Grootte: Het leger is onderverdeeld in hundreds. Een hundred = een legergroep van 100 man uit zelfde regio. Gezien de acties van Offa zal zijn leger toch tamelijk groot zijn. Het lijkt aannemelijk dat hij start met circa 200 man (2 hundreds) uit Angeln. In elke Anglische regio zal dan de hundred van de vorige regio terugkeren naar de eigen regio en worden vervangen door een hundred van de nieuwe regio. De kerngroep vormt echter steeds de hundred van Offa uit de regio Haithabu. Zo beschikt Offa steeds over een kerngroep van deskundige vertrouwelingen en een frisse hundred met regionale kennis en vaardigheden.
--- Manschappen: bowman (boogschieter), creagar (krijger, strijder), freca (krijger, soldaat), hereman (soldaat), glaefe (lancier)
--- Uitrusting: haefresacc (haverzak; # matras)
--- Organisatie: betaelge (bataljon, leger, gevecht), commandar (commandeur = hoofd van een hundred), herereaf (officier), herescare (legergroep), hertuge (hertog, legerleider), hundred (legergroep van 100 man uit zelfde regio), thain, thegen, thegn (soldaat), wera (soldaten)
--- Rangorde: 1: hertuge (hertog, generaal), 2: commandar (commandeur = hoofd van een hundred), 3: herereaf (officier), 4: hereman (soldaat)
--- Vervoer: te paard en als nodig per veerboot bij oversteken van rivieren
--- Wapens: angol (pikhaak, pikbijl), angon (speer, lans > Angon), arce (boog), arwe (pijl), barta (brede bijl), batte (knuppel), becca (steekwapen), bile (bijl), bilhoc (bijlhaak), bleade (mes, speerpunt), boccel (bokel; # slagwapen), boga (boog), bront (zwaard), cnuppal (knuppel, knots, stam, stok), codd (knots, knuppel), colff (kolf, knuppel, knots), crucboga (kruisboog), dagga (kort zwaard), dolle (dolk), dork (dolk), dulc (dolk), earc (boog), earh (pijl), feon (gekartelde pijlpunt), flitaex (strijdbijl), frama (korte speer >PgDix), gafeluc (speer), gar (speer, puntmes), gear (=A gar), gensa (soort mes), glaefe (speerpunt, lancier), gysarm (tweesnijdende strijdbijl), handaex (handbijl), hasta (speer, lans > Hasten), helmbart (hellebaard), helm (helm), helmet (=A helm), heolstor (holster), heru (zwaard), hundred (legergroep van 100 man uit zelfde regio), hyrst (tooi, wapenrusting), lance (lans), maesse (mes), piccaex (pikbijl), picchoc (pikhaak), pice (piek, lans, steekwapen), poke (pook, dolk), pongart (pongert, pikhaak), rand (rand, schild), scaeth (schede voor mes, dolk of zwaard), sceaft (speer), scede (schede, wapenhoes), sceld (schild), scield (schild), slecg (slagmes), spere (speer), sprincal (sprinkel = slagwapen), strael (pijl), sweord (zwaard), sweordcnobb (zwaardknop = knop om zwaard aan gordel te bevestigen), ungol (=A angol)
¶ De teskt van Widsith beschrijft de campagne heel kernachtig:

35. Offa weold Ongle, Alewih Denum:
35. Offa regeerde Angle, Alewih de Denen;
36. se waes thara manna modgast ealra,
36. hij was daar onder mannen de allermoedigste,
37. no hwaethre he ofer Offan eorlscype fremede,
37. niemand overtrof Offa's vermetel leiderschap,
38. ac Offa geslog aerest monna,
38. en Offa veroverde in de eerste maanden,
39. cnithwesende, cynerica maest.
39. knecht/ruiter wezende, meest van het koninkrijk.
40. Naenig efeneald him eorlscipe maran
40. Niemand evenaarde hem meer leiderschap
41. on orette. Ane sweorde
41. op aarde. Ene zwaard
42. merce gemaerde with Myrgingum
42. merkte vermaard de grens met Myrgingum
43. bi Fifeldore; heoldon forth sidhdhan
43. bij Fiveldore; hielden voorts gescheiden
44. Engle ond Swaefe, swa hit Offa geslog.
44. Angelen en Swaefen, zo heeft Offa geslagen.
410nC: Offa verslaat Deense raiders in Noord Angeln en drijft hen terug naar Denum (Denemarken).
416nC: Na de dood van zijn vader Wermund in 416nC wordt Offa koning van Angelland. Hij erft the large kingdom of Angel. Aldus britannica.com van 9.1.2010.

425nC: Rechts een relief in steen, voorstellend koning Offa rond 425nC. Zijn outfit is kenmerkend voor Anglische krijgers in de periode 500vC-1000nC. I.b. de grima (masker), de speer (lans), de dagga (kort zwaard), de korte strijdbroek en het schild met zonnerad. > Zonnerad, Hagelkruis
 
449nC: Bron ASC (Anglo-Saxon Chronicle 832-1154nC) schrijft voor het jaar 449nC:
449. Hier Martianus and Valentinus onfengon rice, and ricsodon seofon winter. And on hiera dagum Hengest and Horsa, fram Wyrtgeorne gelathode, Bretta kuninge, gesothon Bretene on thaem stede genemned Ypwinesfleot, aerest Brettum to fultume, ac hie est on hie [Pictas] fuhton.
Se kuning het hie feohtan ongean Peohtas; and hie swa duden, and sige haefdon swa hwaer swa hie comon. Hie [Vortigern] tha [Hengest en Horsa] sendon to Angle [Angelland], and heton him [Vortigern] sendan maram fultum; and heton him [Offa van Angeln] secgan Bretweala nahtnesse and thaes landes kuste.
Hie [Offa] tha sendon him [Vortigern] maran fultum. Tha comon the menn of thrim maegthum Germanie: of Eald-Seaxum, of Englum, of Iotum.

vertaald:
449. Hier ontvangen Martianus en Valentinus hun rijk en regeren zeven winters. En op deze dag Hengest en Horsa door Vortigern gelast, de Britse koning, gezeten Brit, op hun stede genaamd Ypwinsvliet, eerst Brittannia te helpen, en hij eist tegen hen [Picten] te vechten.
Deze koning heeft gevochten tegen Picten; en hij doodt ze, en zegeviert waar hij ook komt. Hij [Vortigern] zendt dan [Hengest en Horsa] naar Angle [Angelland], en laat hem [Vortigern] meer troepen zenden; en laat hem [Offa van Angeln] vertellen van de noodtoestand van Brittannia en haar landskusten.
Hij [Offa] zendt hem [Vortigern] dan meer troepen. Dan komen de mannen van drie Germaanse machten: van Oud Saxen, van Angelland, van Jutland.
Uit deze zinnen blijkt dat Vortigern vanuit Brittannia Hengest en Horsa naar koning Offa van Angeln stuurt om te vragen meer troepen te zenden. Hengest en Horsa worden dus gebruikt als koerier. Kennelijk is dat in die tijd al gebruikelijk in NW Europa. Hengest en Horsa zijn dus boodschappers tussen Vortigern en Angle (Angelland) ofwel de Anglische koning Offa (c 380-456). Hengest en Horsa worden derhalve zeker als zeer betrouwbaar beschouwd door Vortigern en Offa.
449nC: Rond 449nC stuurt Offa van Angeln soldaten naar Brittannia op verzoek van Vortigern, een warlord in de regio onder de Hadrian Wall, die bedreigd wordt door Picten en Scoten in het hoge noorden van Brittannia, het latere Schotland. > Vortigern
Zoon: Angeltheow (gb 400).
Offa van Mercia (736*-796) is een verre nazaat van Offa van Angeln. Hij is een groot bewonderaar van zijn voorvader Offa van Angeln (gb 380nC). > Offa van Mercia
** ARBA, Leger, Offaland, Oeffelt, Uffelte, Angeln, Angle, Widsith, Fivelingo, Saxen, Myrgings, Myrgingum, Ingeldesord, Zonnerad, Heerbanen, Hundreds, Widsith
# WKP, EWB, britannica.com 9.1.10, DAB, KBG

 
 

Offa van Mercia (736*-796) (OVM:)
Zoon van Thingfrith, zoon van Eanulf van Mercia. Mogelijk geboren in Bredon, 18 Km ZO van Worcester. Koning van Mercia in 757-796. Gekozen tot koning na de dood van koning Ethelbald in 755. Zijn belangrijkste residentie is Tamworth in Staffordshire.
Offa is een groot bewonderaar van zijn voorvader Offa van Angeln (gb 380nC).
Links: munt uit circa 760 met de beeltenis van Offa van Mercia.
 
¶ Uit het feit dat Offa van Mercia grote bewondering heeft voor zijn voorvader Offa van Angeln (gb 380nC) blijkt dat de Angelen in Brittannia rond 750nC hun eigen historie in Angelland op het Continent niet hebben vergeten na hun massamigratie naar Brittannia in 450-550nC. Dus ruim 300 jaar na dato. Het is in dezelfde tijd dat de Angelen in Yorkshire de bevolking van NO Nederland (West Angelland) neven noemt. Neven zijn mannen met dezelfde voorvaders. > Neven
¶ Offa verovert het gebied van de Humber (Yorkshire) tot aan Het Kanaal. Hij is daardoor de belangrijkste grondlegger van de unificatie van Engeland vůůr koning Alfred de Grote van Wessex. Offa is de eerste Bretwalda. Dwz: eerste koning van alle Engelsen in Groot-BrittanniŽ.
Offa heeft moeizame betrekkingen met het Frankische Rijk onder Karel de Grote. Vooralsnog is niet duidelijk waarom. Wat heeft Offa in Engeland te maken met Karel en diens Franken op het Continent? Heeft dit iets te maken met de invasie van Franken in Angelland?
-- 768nC++: Karel de Grote zetelt in Nijmegen.
-- 782nC: Karel de Grote verslaat de Saxen en breidt zijn rijk uit tot aan de Elbe.
-- 782nC: Karel de Grote laat 4500 Saxen onthoofden in Verden/Bremen.
>> Mochten dit de redenen zijn van Offa's problemen met Karel en z'n Franken, dan lijkt het dat Offa nog banden heeft met Angelland en dus problemen met de invasie van de Franken in de regio waarvoor Offa nog verantwoordelijkheden lijkt te hebben of te voelen. In dat geval lijkt het alleen te kunnen betekenen dat in die tijd Angelland nog overwegend Anglisch gebied is. Verder lijkt dan dat Angelland zich inderdaad uitstrekt tot aan de Rijn. Waarom zou hij zich als Anglische koning druk maken als er voornamelijk Saxen of andere volken wonen?
¶ Offa heeft een goede relatie met paus Adrianus I, die hij in 792 in Rome bezoekt.
¶ Offa bouwt Offa's Dyke als bescherming tegen aanvallen vanuit Wales. De dijk is ruim 238 Km (149 miles) lang en rijkt from sea to sea. Resten van deze wal zijn nog aanwezig.
** PgBrit/Offa van Mercia

 
Offaland:
Fictieve naam voor het Anglische Rijk ten tijde van koning Offa (gb 380nC).
Het is duidelijk dat de jonge Offa een groot leider is, die op jeugdige leeftijd het rijk van z'n vader behoorlijk uitbreidt. Bron Widsith schrijft daarover rond 650nC:

Ane sweorde
merce gemaerde
with Myrgingum
bi Fifeldore;
heoldan forth sittan             
Engle ond Swaefe,
swa hit Offa geslog.

Ene zwaard
merkte de marke (grens)
met Myrgingum
bij Fiveldor;
hielden voorts gescheiden
Angle en Swaefe
zo had Offa geslagen.

> Angle, Angeln, Angelland, HRAA

Bovenstaande tekst is nogal moeilijk te projecteren op de topografie van die tijd, die op zich al grote leemtes kent. Strakke analyse kan ons misschien helpen. I.e.:

¶ Mega Angle is het Anglisch Rijk dat zich 300vC-600nC uitstrekt van Denemarken tot aan de Rijn. (> Mega Angle) Dit gebied wordt tussen 300-400nC geinfiltreerd door Saxen vanhuit Pommeren in Noord Duitsland.
¶ Offaland grenst blijkens de tekst van Widsith aan Myrgingum en Swaefe, het land der Swafen (Sueven) in Noord Duitsland tot aan de Rijn bij Keulen.
¶ Volgens Widsith merkt Offa met zijn zwaard de grens tussen Myrgingum en Fiveldor.
¶ Met Fiveldor is vrijwel zeker bedoeld Fivelingo, ofwel Fivelland, waar rivier de Fivel doorheen stroomt. (> Fiveldor) Een andere regio in Mega Angle met de (mogelijke) naam Fiveldor is vooralsnog niet te vinden.
¶ Myrgingum hoort gezien de tekst van Widsith kennelijk niet tot het Anglisch Rijk. Kennelijk zijn ze rond 400nC het gebied van Fiveldor (Fivelingo) binnen gedrongen.
¶ Fivelingo is sinds circa 300vC al Anglisch gebied.
¶ Gezien de historische gegevens en de tekst van Widsith moet Offaland vůůr de campagne van Offa in 405nC liggen ten westen van het land van de Saxen en Swafen.
¶ Aangezien Offa kennelijk de Myrgings in 405nC uit Fiveldor heeft verdreven,
- en de grens heeft afgebakend tussen Fiveldor en Myrgingum,
>> moet Fiveldor wel in handen van Offa zijn.
¶ Aangezien met Fiveldor kennelijk Fivelingo is bedoeld,
- en Fivelingo in handen is van Offa,
- en Offa met zijn leger van Angeln naar Fivelingo moet zijn getrokken om er de Myrgings te verdrijven,
>> moet het gebied tussen Angeln en Fivelingo ook in handen zijn van Offa, anders kon hij Fivelingo nooit veilig bereiken.
¶ Aangezien de kortste verbinding over land tussen Angeln en Fivelingo langs de kunst van de Noordzee loopt,
- en Offa vrij zeker die route zal hebben gevolgd,
- en aan de oostkant van Offa's Rijk de Saxen en Swafen wonen,
- en Fivelingo in handen is van Offa,
>> moet het gebied tussen Angeln en Fivelingo ook in handen zijn van Offa.
¶ Met Myrgingum is bedoeld het land van de Myrgings. Dit land moet gezien de feiten liggen in Fivelingo. > Myrgingum
¶ De naam Myrgingum is mogelijk de voorloper van Merum, een gebied bij Loppersum in Fivelingo. > Myrgingum
> Angle, Angeln, Angelland, HRAA

- Zuidgrens
¶ Streekhistoricus A. Goossens stelt dat Afferden aan de Maas in Limburg is afgeleid van Offa analoog aan Offerton bij Manchester in Engeland. In 1957 schrijft hij:

Tegen het einde van de 3e eeuw werden de Saksen, door de gebeurtenissen die bijdroegen tot vorming van de Deense staat, gedwongen hun eerste woonplaatsen op het Kimbrische land te verlaten en over de Elbe naar het zuiden te trekken. De stammen die in het binnenland gewoond hebben en niets met scheepvaart te maken hadden, sloegen deze weg in. De Saksen hebben toen Overijssel bevolkt en de Angelen over de IJssel teruggedrongen naar de Maas.
...
Bekend is, dat een zekere vorst Offa in die tijd de leiding had over de Angelsaksen [Angelen]. In Engeland komt de plaatsnaam Offerton voor, ontstaan uit de naam van genoemde vorst - en synoniem met Afferden.
 
Het tegenover Afferden liggende gebied van het voormalige graafschap Cuyk moet ook een Angelsaksische [Anglische] bezetting geweest zijn. Buiten andere verklaringen kan men op het hierboven vermelde hasserum (?) gebaseerd aannemen, dat Afferden op dezelfde manier is ontstaan uit de Angelsaksisiche [Anglische] naam Offa.

Ook ligt er bij Druten in de Betuwe een buurt met de naam Afferden. Aangezien de Swaefen genoemd in Widsith in die tijd tot diep in Midden Duitsland wonen, is de bewering van Goossens mogelijk juist. Dat zou betekenen dat de zuidgrens van Offaland zeker tot in Noord Limburg ligt.
¶ Aan de NW kant van Den Bosch ligt aan de Maas het dorp Engelen. Daaronder ligt het Engelse Meer. Den Bosch ligt circa 7 Km NW van Afferden/Maas. Engelen en Engelse Meer zijn vrijwel zeker oude Anglische nederzettingen. Per saldo lijkt genoemde bewering van streekhistoricus A. Goossens dus zeer plausibel. Offaland lijkt daardoor een behoorlijk stuk groter dan het oorspronkelijke Mega Anglr.
¶ Na het vertrek van de Romeinen uit Zuid Holland in 276nC raakt het gebied ontvolkt. Rond 300nC komen immigranten uit het Noorden. Saxen en Angelen. Voornamelijk boeren. Op een terrein in Voorburg is een crematiepot met crematieresten opgegraven, die wordt gedateerd op 275-450nC. De pot vertoont grote gelijkenissen met Angel-Saxisch aardewerk uit Noord Duitsland en Oost Engeland. Aangezien Noord Duitsland vůůr 400 nC en Oost Engeland na 400 nC overwegend zijn bevolkt door Angelen, gaat 't mogelijk om Anglisch aardewerk zoals o.a. gevonden in Norfolk in 1933-38. (> Zuid Holland)
¶ Rond 468nC zeilt een Anglische prinses (gb 445) met 400 schepen vanuit Haithabu naar de Rijnmonding om wraak te nemen op haar verloofde Radiger, die met een Frankische prinses wil trouwen. (> Radiger) Deze Radiger zal dus in de buurt van de Rijnmonding wonen. Aangezien het binnenvaren van vreemd gebied met 400 schepen om wraak te nemen, welhaast zeker tot oorlog kan leiden, lijkt het niet onwaarschijnlijk dat de wraakactie van de Anglische prinses in Anglisch gebied plaats vindt. Dat betekent dat Offaland zich in die tijd tot aan de Rijnmond uitstrekt.
¶ Widsith schrijft over Offa:

ac Offa geslog
aerest monna,
cnithwesende,
cynerica maest.   

en Offa veroverde
eerste maanden,
knecht (ruiter) wezende,
meeste van het koninkrijk.

Deze tekst uit Widsith bevestigt dat Offaland groter is dan het voorafgaande Mega Angle, zoals eerder is geconstateerd. Maw: Offa heeft rond 405 Mega Angeln aanzienlijk uitgebreid.

Op grond van alle genoemde feiten en thesen komt Offaland vrij zeker overeen met het gebied in Maerland vanaf de Maas tot Denemarken, dus het gebied op nevenstaande kaart vanaf de rode grenslijn t.m. Angeln, exclusief het gebied Myrgingum in Fivelingo in NO Groningen, en op de kaart is aangegeven met de groene letter M. Prins Offa maakt dus in feite met zijn veldtocht de verbinding weer vrij tussen tussen kernland Angeln en de Anglische gebieden in het zuiden tot aan de Rijn en Maas en brengt deze gebieden weer terug in de machtsfeer van Angeln. Bovendien breidt Offa met zijn veldtocht het Anglische Rijk verder uit tot de Waal en in het oosten tot aan rivier de Saale in Noord Thuringen.
 
- Timetable
-125----- Angelen wonen tussen Elbe en Rijn (Ptolemaeus; > Mega Angle
-150----- 1e Angel-Saxisch Verbond (Lunenburg; > Angel-Saxen)
-150----- Saxen wonen aan de Elbe (Ptolemaeus; FFS)
-370--451 Hunnen teisteren Europa > 1e Volksverhuizingen, Hunnen
-380--440 Offa van Angeln k+// Haithabu/Angeln
-400----- Deel Angelen uit Humsterland naar Engeland
-400--477 Angeltheow van Angeln k+// Haithabu/Angeln
-405--405 Offa van Angeln verslaat de Saxen bij Bremen > Offa van Angeln
-405--405 Offa verovert Offaland
-405--465 Engist van Angeln b+// Angeln-Humsterland-Kent*-Leiden
-420--489 Eomar van Angeln k+// Haithabu/Angeln (laatste koning van Angeln)
-430--650 Massamigratie van Angelen, Saxen en Juten van NW Europa naar Brittannia
-449--449 Vortigern vraagt Angeln extra steun tegen Picten (> Vortigern)
-449--449 Angelen, Saxen en Jutten migreren naar Brittannia (> Lx: ASC)
-449--449 Engist van Angeln bouwt burcht van Leiden
-449-hedn Burcht van Leiden
-450++--- Inwoners Fivelingo werpen wierden op tegen het hoge water > M35
-468----- Anglische vloot naar de Rijnmond (> Radiger)
-489--489 Koning Eomar dood.
-489--489 Icel met groep Angelen naar Cotswolds*/Engeland-Stone*/Mercia
-489--489 Einde Koninkrijk Angle
-489-hedn Nieuw Angeln (> Angeln)
-500--700 Angeln geleidelijk veroverd door de Denen
-500-1500 Oud Anglisch
-550-1000 Kerstening van NW Europa
-600-hedn Angeln strekt zich uit tot de Eider
-615--675 Aldgisl van Rijnland
-650----- 2e Verbond tussen Angelen en Saxen in de Cotswolds/Engeland
-659--719 Radboud van Rijnland
-700-1920 Angeln onderdeel van hertogdom Sleswig c.q. Denemarken > Sleswig
-713--773 Lebinus -- Yorkshire-Deventer > Lebinus
-737-xxxx  Deense koning Godfried bouwt Danewirke langs Eider bij Haithabu
-742--809 Ludger -- Utrecht-Deventer-GroningerOmmelanden-Munster-Werden
-742--814 Karel de Grote, koning der Franken
-750-hedn Friezen in NW Duitsland (Noordzeekust Sleswig)
-780----- Saxen veroveren de Groninger Ommelanden en Dokkum (> Ludger)
-785----- Saxen onderwerpen zich aan de Frankische koning Karel de Grote
-785----- Karel de Grote breidt zijn rijk uit tot aan de Elbe > Franken
-790-1066 Haithabu vestiging van Zweedse Vikings
-793-1066 Vikings teisteren NW Europa en Brittannia > Lx: Vikings
-795--855 Lotharius I, koning van Lotharingen
-795--855 Dirk van Fivelga -- Fivelingo, etc
-800-xxxx  Nieuwe Futhark
-800----- Denen terroriseren Zuidelijke Nederlanden > Denemarken
-800----- Saxen settelen in Saxum/N.Groningen > Saxum
-850-1050 Vikings terroriseren NW Europa
-803----- Lex Anglorum et Werinorum in Thuringen > Thuringen, Engilin
-843--880 Lotharingen (ZA)
-880----- Neder-Lotharingen: BelgiŽ, Luxemburg, Nederland en Ost-Friesland
-880----- West Offaland onderdeel Neder-Lotharingen
-880----- Oost Offaland onderdeel Oost Francia (= Duitsland)
-889----- Derde Angel-Saxsich Verbond (Winchester) > Angel-Saxen
-911-1300 Heel Offaland onderdeel Saxisch Rijk
-950-hedn Runensteen Haithabu > Haithabu
-965--965 Ibrahim in Haithabu > Haithabu
1050-1050 Haithabu verwoest door koning Harold van Noorwegen > Haithabu
1066-1066 Haithabu verwoest door Slavische leger uit Polen (> Haithabu)
1066-1066 Vikings definiteif verslagen
1067-xxxx  Haithabu weer opgebouwd
1100-hedn Dijkenbouw
1300-1516 Heel Offaland onderdeel Bourgondisch Rijk
1516-1648 Heel Offaland onderdeel Duitse Rijk > Versaxing heel Offaland > ASV
1586-1648 Tachtigjarige Oorlog
1600-1900 Rivaliteit Nederland-Engeland > Verfriezing West Offaland > ASV
1648----- Vrede van Munster. Nederland onafhankeleijke staat
1648----- West Offaland onderdeel Nederland
1648----- Oost Offaland onderdeel Duitsland
 
** Offa van Angeln (gb 380nC), Fiveldore, Fivel, Fivelingo, Myrgingum, Ingeldesord, Angologie, West Angle, Oeffelt, Uffelte
# KBG, DAB

 
Offehaar:
Zandhoogte aan de NO kant van Coevorden. (kaart HTN/p19 1773). Mogelijk vernoemd naar prins Offa van Angeln, die daar rond 405nC zou hebben gelegerd tijdens zijn militaire campagne door ZW Angelland.
¶ De regio wordt rond 300vC bevolkt door Angelen uit Noord Drente. De naam lijkt derhalve afgeleid van Uffe (= Offa, Uffo) + haera (haar = begroeide hoogte, zandrug, zandhoogte).
¶ Offehaar lijkt gelegen te zijn op of rond de locatie die anno 2011 de Oshaar heet, gelegen naast het recreatiepark Lange Maten. Oostelijk van Oshaar ligt de Katshaar, waar een oude schans ligt. Kaart HTN/p19 (1773) noemt deze locatie De Kate Haar.
¶ Zowel Oshaar als Katshaar vertonen duidelijke kenmerken van Anglische geonamen: enkelvoud + enkelvoud. Saxisch en Nederlands zouden daarvan maken: Ossenhaar en Katenhaar. > PgLing/E-gebruik
** Offa van Angeln

Offerdiensten: (OFD:)
De zonnecultus is voor de Angale Angelen de meest belangrijke cultus, zoals in de meeste delen in de wereld van die tijd.

    
 
Boven: Een Angale Anglische priester brengt bij zonnegloren een offer aan de rijzende zon, symbool van de Anglische oppergod Oda. (c 400nC) Aquarel gemaakt door Hester Jans-Molenberg na zorgvuldig historisch onderzoek van alle relevante feiten. (© STI)
--- Ceremonie: Wat de ceremonie hierboven precies inhoudt, is vooralsnog niet met zekerheid bekend. Het offerdier (wild zwijn) wordt verbrand. De rook stijgt op naar de Anglische zonnegod c.q. oppergod. (> Oda) Dan volgen enige rituele handelingen en prevelementen. Daarna roept de priester oppergod Oda op het offer te aanvaarden en de aanwezigen te zegenen. Tot slot spreekt hij de aanwezigen toe en sluit het ritueel af.
** Offeren, Offergaven, Offerplaatsen, Offerfeesten, Zonnecultus

Offerdieren: (ODR:)
btr i.b. ossen, paarden, zwijnen, geiten en schapen > Offergaven, Offers, Offeren, Offerdiensten, Ossen, Paarden, Zonnecultus

Offerdoelen:
NB: God of goden eren, gunstig stemmen en iets vragen. Bijvoorbeeld: raad, advies, genezing, liefde, etc. Middel: offergaven, plengoffers, rituelen.
** Offeren, Offers

Offeren: (OFF:)
()A ael (altaar, tempel, offerplaars), aelman (priester belast met zorg voor een altaar en regie bij offerdiensten), banfyr (offervuur gestookt met botten), blom (bloem), blomas (bloemen), blodta (bloedoffer), fera (=A gefera), gefera (gever, offeraar), gield (offer), offre (offer), offredeor (offerdier), offremaesse (offermes), offreman (offerman = Angale priester belast met beheer van offerplaats), offrestan (offersteen), offrian (offeren), preost (priester)
8000-4000vC Neolithicum: Mensen gaan dieren fokken en planten kweken voor eigen onderhoud, maken stenen gereedschap en gebruiken vuurstenen om vuur te maken. Ontstaan van landbouw, veeteelt, begrip eigendom, eigendomsrechten en eigendomsconflicten c.q. strijd en oorlog, politieke besluitvorming en religie: heuvels met ringgrachten, altaars, offeren van ossen en begrip van ziel en hemel.
> PgGen/Neolithicum
¶ Offeren is voor natuurvolken een vertoning van verering van en verzoening met hun god of goden in algemeen. Bovendien is offeren een poging om goden gunstig te stemmen, om gunsten af te smeken of om hen te danken voor hun goede gaven of diensten.
Anubis: Goden worden in de oudheid vereerd omdat men hen bewondert of omdat men hen vreest. Anubis is de Egyptische god van de doden en de begraafplaatsen. Van oorsprong is hij een jakhals die op begraafplaatsen loopt op zoek naar menslijke resten, die hij opeet. De mensen waren heel bang voor hem. Om hem te bezweren en gunstig te stemmen maken ze van hem een god die ze vereren door o.a. offers aan hem te brengen. O.a. bloemen. (AVROtv Kunstuur Mv Zilverberg 12.3.2014) > Bloemen
Angalisme: Offeren kon bij de Angelen overal geschieden. Plechtige offerdiensten gebeuren echter normaliter bij een ael (tempel, offerplaats) of bij een oude eik, ook wel Wodaneik genoemd. Ze offeren aan hun goden ossen, rammen, bokken, varkens, etc. > Offers
Ael: Het offeren gebeurt normaliter op een vaste offerplaats, die de Angelen een ael (altaar) noemen. Deze ael staat normaliter op de top van een heuvel of hoogte. > Offerplaatsen, Ael
Offerman: (Angl: offreman) = Angale priester belast met beheer van offerplaats.
15nC: Tacitus (# Annales 100nC) over de Varusslag 9nC waarbij de Romeinen zijn verslagen: Het eerste legerkamp van Varus verraadt door de grote omtrek en afmetingen van het hoofdkwartier het werk van drie legioenen. Verderop herkende men de halfverwoeste wal en de ondiepe gracht dat de restanten van het uiteengeslagen leger hier stelling hadden genomen. Midden op de vlakte lagen de gebleekte beenderen van mannen, op de plekken waarheen ze waren gevlucht of weerstand hadden geboden, los verspreid of in hopen. Dichtbij lagen kapotte wapens en kadavers van paarden en ook menselijke schedels die prominent aan boomstammen genageld waren. In de nabij gelegen heilige bossen stonden de altaren van de barbaren, waarop ze de tribunen en de hooggeplaatste centurio's hadden geslacht. #CAV/p86
98nC: Volgens Tacitus zien de Germanen hun goden niet als idolen in menselijke gedaante en vinden ze tempels ongeschikt als woonstee voor hen. Wel offeren ze dieren en soms mensen (krijgsgevangenen) aan Tiwaz of Wodan.
100nC: Tacitus noemt Wodan de belangrijkste god van de Germanen. Op gezette tijden krijgt hij mensenoffers. Donar en Mars krijgen dieren geofferd. > Tacitus, Mensenoffers
¶ Archeologische vondsten bevestigen veel van wat Tacitus schrijft. Vooral de vondsten in Kalkriese die te maken hebben met de Slag in het Teutoburger Woud. Het zijn stoffelijke resten van mensen en muildieren die zijn gevonden in zgn bottenputten, massagraven. > Mensenoffers
965nC: In 965nC brengt Ibrahim Al Tartushi een bezoek aan Haithabu. Hij schrijft dat de stad bekend is van Ysland tot Bagdad. Ibrahim is een Joodse Arabier uit Cordoba in Spanje. Bron WKP (25.11.07) citeert hem:

Haithabu is een zeer grote stad aan het uiterste eind van de wereld oceaan... Wie een offerdier slacht, zet palen op bij de deur van zijn tuin en spiest het dier daarop, of het nu is een rund, een ram, een bok of een varken, opdat zijn buren weten dat hij een offer brengt ter ere van zijn god.
2014: Navajo Indianen in Amerika offeren elke morgen bij zonsopgang bloemen aan de goden voor een goede en gezegende dag. En als ze op reis gaan, laten ze een sjamaan voor hen offeren voor een goede afloop van de tocht. #MAXtvjul2014 (Erica Terpstra)
** Offers, Ael, Ossen, Haithabu

Offerfeesten: (OFF:)
De Angelen houden offerfeesten bij offerstenen aan de voet van heilige eiken gewijd aan Donar. Deze offerstenen komen overal voor in NO Nederland (West Angle). #HED/p8;KBG
¶ De Anglische god Balder werd mogelijk ook vereerd bij eiken. Dat gebeurde vrij zeker o.a. in Baldock, een gehucht bij Letchworth ten noorden van Londen in Engeland. De naam lijkt namelijk afgeleid van Anglisch Baldr (Balder) + ock (eik). > Baldock, Eik, Baldersteen


          

 
Boven: Aquarel van een Baldersteen rond 400nC gemaakt door Hester Jans-Molenberg na zorgvuldig historisch onderzoek van alle relevante feiten. (@ aquarel © BCK)
** Offerdiensten, Donar, Harfsunne

Offergaven: > Offers

Offerplaatsen: (OPL:)
btr oude Anglische locaties waar geofferd werd volgens oude offerrituelen
()A ael (altaar, offerplaats), offre (offer), offreman (offerman = Angale priester belast met beheer van offerplaats), offresten (offersteen), offrian (offeren), pasbeorg (paasberg), pasop (paasberg, paasheuvel), sunnbeorg (zonneberg = offerplaats aan de zonnegod)
Eiken: De Angelen houden offerfeesten bij offerstenen aan de voet van heilige eiken gewijd aan Donar. Deze offerstenen komen overal voor in NO Nederland (West Angle). #HED/p8;KBG
Balder: De Anglische god Balder werd mogelijk vereerd bij eiken. Dat gebeurde vrij zeker o.a. in Baldock, een gehucht bij Letchworth ten noorden van Londen in Engeland. De naam lijkt namelijk afgeleid van Anglisch Baldr (Balder) + ock (eik). > Baldock, Eik, Baldersteen
¶ In oude tijden zijn de gezinshoofden de primaire bronnen van de sociale besluitvorming. Zij komen op gezette tijden samen om belangrijke zaken te bespreken en oplossingen te bedenken. De vergaderingen vinden mogelijk plaats bij offerplaatsen. De Drentse dingspillen zijn namelijk gebouwd bij de offerplaatsen in Zuiderveld/Sleen, Diever, Beilen, Rolde, Vries (voor Noordenveld) en Anloo (voor Oostermeer). Dingspil lijkt namelijk afgeleid van digspaal (AL thingspal) wat een rechtsgebied aangeeft. #DRG/p14-15
250vC++ Ith Hils: Groot heuvelgebied tussen Hamelen en Einbeck, circa 40 Km ZW van Hannover, in Neder-Saxen. De regio is rond 200vC bevolkt door Angelen uit Holstein. (> Angelen) De Saxen settelen in Ith Hils pas rond 775nC en zijn kort nadien bekeerd tot het Christendom. In de Hils ligt de Koppenberg waar een oude ding- en offerplaats ligt. Historici menen dat de locale bevolking daar zonneraden lieten branden tijdens rituelen. Enkele bewoners uit Koppenberg zouden daar ter dood veroordeeld zijn. Dat zou de oorsprong zijn van de overlevering van de Rattenvanger van Hamelen. > Ith Hils, Zonnecultus
200vC++ Tankenberg: Zandhoogte annex natuurgebied bij Oldenzaal. In het verre verleden een offerplaats van de Angelen uit de omgeving. > Tankenberg, Oldenzaal
150vC++ Terborg: De regio wordt rond 150vC bevolkt door Angelen uit Slingeland. (> Terborg) Op de Paasberg bij Huys Wisch zou volgens overlevering in de naturale Anglische tijd (650vC-800nC) een offerplaats hebben gestaan. Vooralsnog is daarvan echter niets terug gevonden. > Terborg
9nC++ Teutoburger Woud: Tacitus (# Annales 100nC) over de Varusslag 9nC waarbij de Romeinen zijn verslagen: Het eerste legerkamp van Varus verraadt door de grote omtrek en afmetingen van het hoofdkwartier het werk van drie legioenen. Verderop herkende men de halfverwoeste wal en de ondiepe gracht dat de restanten van het uiteengeslagen leger hier stelling hadden genomen. Midden op de vlakte lagen de gebleekte beenderen van mannen, op de plekken waarheen ze waren gevlucht of weerstand hadden geboden, los verspreid of in hopen. Dichtbij lagen kapotte wapens en kadavers van paarden en ook menselijke schedels die prominent aan boomstammen genageld waren. In de nabij gelegen heilige bossen stonden de altaren van de barbaren, waarop ze de tribunen en de hooggeplaatste centurio's hadden geslacht. (#CAV/p86) > Varus
300-600nC: Uit opgravingen in heel Nederland blijkt dat de Donkere Middeleeuwen tamelijk rijk en welvarend zijn. In graven en op offerplaatsen zijn gevonden:
- gouden halsringen, gespen en mantelspelden ingelegd met edelstenen
- rijk versierd glaswerk in alle kleuren groen van blauwgroen tot gelig
- huisraad, speelgoed, munten en wapens
#DeTelegraaf/2.5.2014 > Donkere Middeleeuwen
550nC++: Angelen uit Noordoost Engeland settelen in Noordwest Engeland. O.a. in:
-- Preston: Regio bij Blackburn in Lancashire, historisch Anglisch gebied. De naam lijkt afgeleid van Anglisch preost (priester) + tone (omheind gebied). > Baldersteen
-- Prestwich: Wijk bij Manchester in Lancashire, historisch Anglisch gebied. De naam lijkt afgeleid van Anglisch preost (priester) + wic (wijk, schuilplaats).
-- Prestwold: Gehucht in Charnwood in de Midlands/GB, historisch Anglisch gebied. De naam lijkt afgeleid van Anglisch preost (priester) + wold (woud, bos). Dus letterlijk Priesterwoud. Charnwood is mogelijk afgeleid van Anglisch caern (knekel) + wudu (woud). Dus Knekelwoud. Gezien de text van Tacitus over het Teutoburger Woud lijkt Prestwold mogelijk eveneens een heilig woud met altaren waar Anglische priesters o.a. offerrituelen uitvoerden. Mogelijk stond er ook een klooster waar deze naturale Anglische priesters woonden en werkten. Mogelijk werden daar ook mensen berecht en terechtgesteld, waarna hun lijken elders in het bos werden neergelgd.
620nC++ East Anglia: Bron WAB/p82 schrijft:

Raedwald, King of East Anglia [565*-625], set up a Christian altar next to the pagan altars in the old national temple and worshipped at both.
Aling: Familienaam afkomstig uit Assen. De regio Assen wordt rond 300vC bevolkt door Angelen uit Zuid Groningen. De naam Aling lijkt derhalve afgeleid van Anglisch ael (altaar) + ing (volk). Aling betekent dan: het volk van of bij de offerplaats. Dat zo zijnde, moet er dus ergens in de regio Assen ooit een altaar van de naturale Angelen zijn geweest. Vooralsnog is daarover helaas niets bekend. > Aling
Verdere locaties:
- Algemeen > Ael
- Achterhoek > Aalten
- Drente > Aalden, Aling (Assen), Anloo, Dalerpeel
- Twente > Balderhaar/Kloosterhaar, Boeldershoek/Hengelo, Bolderberg/Holten, Tankenberg/Oldenzaal, Hoge Hexel (> Heksen)
- Gelderland > Kernhem/Ede (bloedsteen), Paasberg (Lochem, Rheden/Velp), Pasop (HemelseBerg/Nunspeet), Terborg
** Paasberg, Pasop, Altaars, Tempels, Cultusplekken, Offerrituelen, Offers, Offerfeesten, Hemelse Berg, Zonnebergen

Offerplekken: > Offerplaatsen
Offerrituelen: > Offers, Offeren, Harfsunne, Veenlijken

Offers:
()A ael (tempel, offerplaats), banfyr (offervuur gestookt met botten), blom (bloem), blomas (bloemen), blodta (bloedoffer), gield (offer), lac (offer), offre (offer), offredeor (offerdier), offremaesse (offermes), offrestan (offersteen), offrian (offeren), preost (priester)
Offeren: Doel: god of goden eren, gunstig stemmen en iets vragen. Bijvoorbeeld: raad, advies, genezing, liefde, etc. Middel: offergaven, plengoffers, rituelen. > Offeren
Offergaven: Bloemen, voedsel, bier, ossen, paarden, honden, geiten, schapen, varkens, hazen, mensen, bloed (plengoffers), etc. > Bloemen, Ossen, Paarden
Blodta: Bloed werd gebruikt om mensen te zegenen. Daarna werd het vlees gegeten.
Bloedoffers: In Kernhem bij Ede ligt een bloedsteen i.c. een offersteen gelegen aan de Doolhoflaan. Zo genoemd naar de bloedoffers die daar werden gebracht door de naturale Angelen. > Kernhem
Plengoffers: Bloed van offerdieren plengen op aanwezige mensen en/of objecten (huis, akker, etc). #SYM: Bloed wordt in de Oudheid gezien als de zetel van de ziel en de levenskracht. Soms werd bier gebruikt.
Paarden worden al vroeg vereerd door de Angelen. O.a. op de Tankenberg bij Oldenzaal. Daar werden Wodan, Donar en Hertha vereerd. De offervuren laaiden hoog op en diep in het nabije Bentheimer Woud vinden de offerrituelen plaats. Bij de verering werden paarden geslacht, geofferd en gegeten. #GVT/p17 > Hertha, Tankenberg
Koekjes: In Sulmaent (Selle, Sel, Sil, Sille, Sul, Sulle = ploegmaand = februari) ploegen de boeren hun land en offeren ze koekjes aan de goden om hen gunstig te stemmen en een goede oogst af te smeken. > Ploegen
Mensenoffers: Angale priesters zijn mogelijk verantwoordelijk voor mensenoffers. Zij immers zijn alleen bevoegd tot het leiden van offerdiensten. > Mensenoffers
600vC++: Eeuwenlang laten Angelen na het maaien een schoof op de akker achter voor het paard van Wodan. #HED/p8;KBG
300-600nC: Uit opgravingen in heel Nederland blijkt dat de Donkere Middeleeuwen tamelijk rijk en welvarend zijn. In graven en op offerplaatsen zijn gevonden:
- rijk versierd glaswerk in alle kleuren groen van blauwgroen tot gelig
- huisraad, speelgoed, munten en wapens
(#DeTelegraaf 2.5.2014) > Donkere Middeleeuwen
100nC: Tacitus noemt Wodan de belangrijkste god van de Germanen. Op gezette tijden krijgt hij mensenoffers. Donar en Mars krijgen dieren geofferd.
411nC Rituele Begraving: Rond deze tijd begraaft een Anglische krijgsheer gouden munten en zilverwerk in een kuil in Echt aan de Maas. Hij was in dienst van de Romeinen als grensbewaker. Het Romeinse Rijk is inmiddels echter ingestort. Andere Angelen zien hem daarom als verrader. Hij is nu doodsbang voor hen. Met dit offer wil de ex-grensbewaker de goden gunstig stemmen in deze turbulente tijd en hen smeken hem te behoeden voor gevaren. > Echt
550nC++ Ossen: Yeavering is een stad in Bernicia, Northumbria in Noord Engeland, langs de Noordzee kust tussen Yorkshire en Schotland. De regio wordt al vroeg bewoond door Angelen, die mogelijk afkomstig zijn uit Jever in Eemsland (NW Duitsland), dat in die tijd Anglisch gebied is. Bron RRA schrijft over Yeavering:

Noteworthy here is a massive, high post outside the [pagan] temple to the north-west, certainly with ritual significance, i.e. a mana-pool, equivalent to the Pacific totem poles (p. 43-4); and furthermore the pit by the door filled with the skulls of oxen. "To the west there was a building probably used as a kitchen for cooking the ceremonial feasts. Associated with this structure was an area apparently reserved for butchering the sacrificial beasts. It contained many remains of the long bones of oxen, but, significantly, not skulls - they ended up in the temple" (p. 45)
...
"In Scandinavian paganism animals, particular oxen, were offered to Freyer on his annual journey ... The ritual sacrifice of oxen is a feature of Anglo-Saxon paganism evedenced repeatedly by archaelogy and confirmed by historical document." (p. 45)
700nC: Bij opgravingen in Ezinge in NW Groningen zijn bij een Anglische hoeve uit circa 433vC resten gevonden van een paard, een rund en een hond. Dit lijkt te wijzen op een zgn bouwoffer, gebracht om de goden een goede toekomst af te smeken voor de hoeve en haar bewoners. > Ezinge
795nC: Credo Anglorum: In de Vaticaanse Codex pal. 577 staat Het Saxische Credo, gedateerd op ergens rond het jaar 795nC. Dit Credo is geschreven in het Latijn en kort daarna vertaald in het Saxisch. Hieronder de Anglische versie:

Fursaeg yu deofol?
Ic fursaeg deofol!
And allu deofolgield?
And Ic fursaeg allu deofolgield!
And allu deofol werces?
And Ic fursaeg allu deofol werces!
And wordes Thunaer and Woden?
And allu weohs the thaem genotas sint?  
Gelief yu in God almehthigan Faeder?
Ic gelief in God almehtigan Faeder!
Gelief yu in Christ, Godes suno?
Ic gelief in Christ, Godes suno!
Gelief yu in halogan gast?
Ic gelief in halogan gast!
Verzaak je de duivel?
Ik verzaak de duivel!
En alle duivelsoffers?
En ik verzaak alle duivelsoffers!
En alle werken van de duivel?
En ik verzaak alle werken van de duivel!
En woorden van Donar en Wodan?
En alle afgoden die hun gezellen zijn?
Geloof je in god, de almachtige Vader?
Ik geloof in god, de almachtige Vader!
Geloof je in Christus, Gods zoon?
Ik geloof in Christus, Gods zoon!
Geloof je in de Heilige Geest?
Ik geloof in de Heilige Geest!
 
Uit deze tekst blijkt dat de christelijke priesters uit die tijd de goden van de Naturale Angelen afschilderen als duivels aan wie de Angelen zgn duivelsoffers geven. > Naturalisme, Angalisme
800nC++: Ondanks de kerstening van Angelland blijven de oude Angale waarden voortleven. Vele Angelen brengen nog vaak offers aan hun goden en laten na het oogsten liever twee schoven op de akker staan voor het paard van Wodan, dan dat ze ťťn schoof geven aan de pastoor. (#HED/p9, KBG) > Angalisme
965nC: In dat jaar brengt ene Ibrahim Al Tartushi een bezoek aan Haithabu. Hij is afkomstig uit Cordoba in Spanje en schrijft over zijn bezoek o.a.:
Haithabu is een zeer grote stad aan het uiterste eind van de wereld oceaan... De bewoners aanbidden Sirius [de Hondster], behalve de Christelijke minderheid die een kerk heeft... Wie een offerdier slacht, zet palen op bij de deur van zijn tuin en spiest het dier daarop, of het nu is een rund, een ram, een bok of een varken, opdat zijn buren weten dat hij een offer brengt ter ere van zijn god. ...
1250++: Kalimantan (Borneo) De sjamaan is er priester en medicijnman. Al sinds circa 1250 AD vieren de mensen ieder jaar het Drakenfeest. De sjamaan slacht dan een kip voor de harmonie in het dorp en met de goden. #MAXtv Kalimantan/ErikaTerpstra 12.12.2014
2014: Buddhisten in bovenbied Mekongrivier geloven in Nagas, een watergod, die wijs en kwetsbaar is. Ze offeren hem daarom regelmatig melk van yaks (soort langharige buffel) om hem tevreden te stellen. Aan de andere goden offeren ze boter van yakmelk.
#BBC2tv 5.12.2014/Mekong
2014: Navajo Indianen in Amerika offeren elke morgen bij zonsopgang bloemen aan de goden voor een goede en gezegende dag. En als ze op reis gaan, laten ze een sjamaan voor hen offeren voor een goede afloop van de tocht. #MAXtvjul2014 (Erica Terpstra)
** Haithabu, Sirius, Ideologie, Mythologie, Ossen, Goden, Paarden, Tankenberg, Ezinge, Tiwaz, Mensenoffers, Bloemen

Offerstenen: (OFS:)
Angelen houden offerfeesten bij offerstenen aan de voet van heilige eiken. O.a. gewijd aan Donar. Deze offerstenen komen overal voor in NO Nederland (West Angle). Vooral bij oude kerken. Zoals in:
- Baldersteen/Hardenberg > Baldersteen
- Bloedsteen/Kernhem/Ede > Kernhem
- Dorrestein/Amersfoort > Dor/Dorrestein
- Heemse/Hardenberg/NH Kerk > Dor/Dorman
- Uffelte/NH Kerk > Uffelte
Kernhem: De bloedsteen, zijnde een offersteen aan de Doolhoflaan in Kernhem bij Ede. Zo genoemd naar bloedoffers die daar zijn gebracht door naturale Angelen. > Kernhem
Balderhaar: De Baldersteen bij Balderhaar bestaat zoals gemeld uit drie grote stenen liggend tegen een bosje aan. Deze stenen kunnen oorspronkelijk 1-2 gestapeld zijn als een soort offertafel. I.e.: de twee grote stenen met de smalle kant tegen elkaar op de grond en daarboven de kleine derde steen. In de Anglische cultuur neemt de 1-2 plaatsing van symbolen namelijk een belangrijke plaats in. (> Trilogie, H12K) Achter de stenen kunnen oorspronkelijk eiken hebben gestaan. De Angelen beschouwen immers eiken als heilige bomen. (> Eiken) Het pad naar de stenen zal daar mogelijk al van meet af zijn geweest. Balder is namelijk zeer geliefd bij de Angelen. Ze zullen de plek daarom ook vaak hebben bezocht en hem daar hebben vereerd. > Baldersteen
Dalerpeel: Aan de Dorpstraat van Dalerpeel liggen drie grote keien 1-2 geplaatst. (FRIapr2014) Vooralsnog is niet bekend wat daarmee wordt uitgebeeld en sinds wanneer die stenen daar liggen. Gezien de constructie doet het monument het meest denken aan Anglische offerstenen. > Dalerpeel, Trilogie

      

                             boven: de stenen van Dalerpeel (foto @ BCK)
# HED/p8, KBG, FRI

 
Offertafels:
3000vC++: Dagblad De Telegraaf 4.5.2012 schrijft over een tentoonstelling in het RMO te Leiden (mei-sep 2011): "Op vrijwel elk voorwerp uit het oude Egypte staan bloemen, planten of fruit afgebeeld. Op spiegels, zuilen, vaasjes, en zelfs op wapens als dolken en messen, maar vooral op offertafels, wanden van grafen en mummiekisten staan bloemenkransen en soms complete tuinen. ... Hoe de Egyptische tuinen de Grieken en Romeinen en veel later de kunstenaars uit de art-noueveauperiode inspireerden, zien we in de laatste vitrine."
** Baldersteen

Okkenbroek:
Gehucht in Salland. Mogelijk ooit een Anglische nedezetting. Twin: Ockbrook bij Derby in MW Engeland, gelegen in voormalig Mercia, grootste en machtigste Anglisch Rijk in Engeland tot circa 900 nC, toen de macht overging naar Wessex. Mercia wordt circa 450 nC bevolkt door Angelen, mogelijk uit NO Yorkshire. Ockbrook kan dan zijn ontstaan door vestiging van Angelen uit Okkenbroek.
¶ De regio Okkenbroek wordt rond 200vC bevolkt door Angelen uit Twente. De naam Okkenbroek lijkt derhalve afgeleid van Anglisch ock (eik) + broc (broek, drasland). Dus: het broekland bij de eiken. Op kaart 33 van bron RZA (1773) is de regio inderdaad aangegeven als een groot veengebied. Anno 2010 staan daar ook nog vele oude eiken.
** TEHA, Eik

Old Ambt: > Oldambt
Old Saxons: (OLX:) > Oude Saxen

Old Saxum: (OLX:)
Anglisch Seaxum = Saxum = Saxenland
449nC: Bron ASC/449: de Anglo-Saxon Chronicle voor het jaar 449nC

Tha comon the menn of thrim maegthum Germanie: of Eald-Seaxum, of Englum, of Iotum. ...
Of Eald-seaxum comon East-seaxe and Suth-seaxe and West-seaxe.

ofwel:
Dan komen de mannen van drie Germaanse machten: van Oud Saxum, van Angle, van Jutland. ...
Van Oud Saxum komen Oost-Saxen (Essex) en Zuid-Saxen (Sussex) en West-Saxen (Wessex).
Met deze tekst rijst de vraag: Wat bedoelt bron ASC/449 met Eald-Seaxum. Eald-Seaxum = Oud Saxum = Oud Saxenland. Kenlijk bestaat er ook een New-Seaxum = Nieuw Saxum = Nieuw Saxenland. Wat wordt daarmee bedoeld?
835nC: Bron ASC/449 is geschreven rond 835nC. O.a. op grond van de gegevens van bron Historia van Beda (672-735) uit 731nC.
450-550nC: Maasamigratie van Angelen en Saxen naar Brittannia. > P36
¶ Na de massamigratie van Angelen naar Brittannia in 450-550nC raakt Angelland (Angle) verzwakt. Rond 775nC wordt het land daarom gedeeltelijk veroverd door Saxen en Franken. De Saxen settelen in Oost Angelland tot aan rivier de Ems (Eems). Tot 775nC ligt dus het woongebied van de Saxen in NO Duitsland van de Poolse grens tot aan de Elbe. Dat gebied heet dus Eald-Seaxum ofwel Oud Saxum.
775nC: Na de massamigratie van Angelen naar Brittannia in 450-550nC raakt Angelland (Angle) verzwakt. Rond 775nC wordt het land daarom gedeeltelijk veroverd door Saxen en Franken. De Saxen settelen in Oost Angelland tot aan rivier de Ems (Eems). Tot 775nC ligt dus het woongebied van de Saxen in NO Duitsland van de Poolse grens tot aan de Elbe. Dat gebied heet dus Eald-Seaxum ofwel Oud Saxum.
731nC: Beda (672-735) is een Engelse monnik van de Benedictijnse Abdij in Jarrow (N. Yorkshire). Theoloog, historicus, mathematicus en natuurwetenschapper. Schrijft meer dan 40 boeken. Zijn beroemdste werk is Historia ecclestiasica gentis Anglorum, een geschiedenis van de Angel-Saxen, geschreven rond 731nC. Hierin beschrijft hij o.a. het zendingswerk van de Angel-Saxen in de Lage Landen. Delen van zijn werken zijn opgenomen in de Anglo-Saxon Chronicle. > Beda
731nC: Bron HGN schrijft tav de Anglo-Friese relaties het volgende in hoofdtuk VIII: Inleiding van Oudwestgermaans:
... Beda (8ste eeuw) noemt op het vasteland als verwanten van zijn volk [de Angelen] wel de Oud-Saksen, maar niet de Friezen.
450-550nC: Massamigratie van Angelen en Saxen naar Brittannia. > P36
400nC: Saxen wonen o.a. in de Karpaten, in dezelfde gebieden als Hunnen. > Karpaten, Hunnen
449nC:
Per saldo lijken de verhoudingen tussen de Angelen en Saxen op het Continent en in Brittannia tussen circa 400nC en 889nC zo slecht dat:
- de Angelen sinds circa 400nC de Saxen vaak Hunnen noemen
> Karpaten, Hunnen
- en Beda rond 704nC de bittere opmerking maakt dat de Angelen en de Oude Saxen broedervolken zijn, maar de Angelen en "Nieuwe" Saxen kenlijk niet
- en Beda met de Nieuwe Saxen indirect feitelijk bedoelt de Saxen die rond 400nC vergaand zijn geÔntegreerd met Hunnen.
> Karpaten, Hunnen
** Saxum, G449, Angle, Saxenland, Saxen, Nieuwe Saxen, Hunnen

Oldambt:
Betekenis: Het Olde Ambt. Regio in Oost Groningen, omvattend: Termunten, Scheemda, Finsterwolde, Midwolda, Nieuwolda, Meeden, Oosterbroek, Beerta, Nieuwe-Schans en Bellingwolde (deel). Oldambt is oorspronkelijk deel van Fivelingo.
500vC++: Oldambt bevolkt door Angelen uit regio Emden in NW Duitsland. > ASA
750nC: Friezen uit Noord Duitsland settelen in kuststreken van Noord Groningen. > Friezen
800-1400nC: Ontginning van Oldambt. De regio wordt een zgn terra, een bestuurd gebied.
1200-1600: In deze periode wordt Oldambt steeds heftiger geteisterd door overstromingen van de Dollard. Hierdoor ontstaat veel economische schade, die steeds meer onrust brengt. Het gebied komt daardoor steeds meer in de greep van stad Groningen.
1327: Oldambt krijgt een eigen landrecht, genaamd Codex Oldamptis, geschreven in de streektaal. De munteenheid is de Anglische Mark.
1427: De codex wordt herschreven in het Nederlands, omdat de bevolking de oude streektaal niet meer begrijpt.
** CFO, Anglische Mark, Fivelingo, Reiderland
# WP, NGE, CFO, KBG

Olde: buurt bij Harfsen in de Graafschap, Gelderland > Harfsen

Olde Roop:
Anglisch: Ould Rope (oude roep). Oost Nederlandse benaming voor het geluid van de houten hoorns, zoals de ossenhoorn, de boerhoorn en de midwinterhoorn. Het is een mooi monotoon diep geluid dat in de verre omtrek is te horen. De midwinterhoorn wordt gebruikt bij het midwinterhoornbloazen tussen Advent (anbloazen) en Drie Koningen (afbloazen). Het bloazen begint tegen de schemering en duurt dan vaak tot diep in de avond. Vaak boven een put zodat het geluid verder draagt. De traditie stamt uit de Germaanse tijd bij het Joelfeest rond de zonnewende van 21 december. Daarbij wordt de ossenhoorn gebruikt voor het hoornbloazen om boze geesten te verdrijven. Later wordt daarvoor de midwinterhoorn gebruikt. De hoorns worden ook gebruikt in de grensstreken om smokkelaars te waarschuwen voor de Marechaussee.
650vC++: Haithabu heeft handelscontacten met Kreta. (> Kreta) Kreta heeft handelscontacten met Egypte en het Nabije Oosten. Mogelijk hebben de Angelen de ossenhoorns via Kreta uit Egypte geÔmporteerd. Het hoornblazen in Angelland kan dus al dateren van circa 650vC. > Hoornblazen
950nC: Midwinterhoornblazen is heel oud. Het wordt al genoemd in de Utrechtse Psalter uit 950nc. Daarin staan enige afbeeldingen. De midwinterhoorn werd vooral gebruikt door boeren. De tonen dragen kilometers ver. De hoorn is daarom een handig communicatiemiddel. Aan de tonen kon men horen of er gevaar dreigde of hulp nodig was. In 1870 klagen douaniers in Winterswijk dat ook smokkelaars de midwinterhoorn gebruiken. Midwinterhoornblazen komt vooral voor in Twente, Drente, Achterhoek en Veluwe. Verder in de Duitse grensstreek, Polen en ScandinaviŽ. Gebruik en achtergronden variŽren. In de Baltische staten wordt de hoorn vooral gebruikt in de midzomer. # De Telegraaf 11.12.2013
¶ De midwinterhoorn lijkt veel op de Alpenhoorn in Zwitserland en de lange Himalayhoorn van Boedhistische monnikken.
¶ De boerhoorn is een koehoorn die werd gebruikt in Drente om buurtbewoners op te roepen tot het verrichten van buurtdiensten.
** Geesten, Joelfeest, Wolven, Twaalf Nachten
# WKP 8.12.09, FRI, DAB

Olde Wief:
Oogstfeest in NO Nederland (West Angle) op Jacobsdag (St Japik; 25 juli). Vooral in de Achterhoek. De laatste garf heet Olde Wief. Ze wordt versierd met bloemen en groene takken. Daarna wordt ze in optocht gebracht naar de boerderij en aangeboden aan de boerin. #WP

Oldeberkoop:
Alias Brokope. Dorp in Oost Stellingwerf. #Quedam/p95
** Stellingwarf

Oldebroek:
Dorp op de NO Veluwe. Rond 200vC wordt de regio bevolkt door Angelen uit West Salland. (> ASA) De naam lijkt derhalve afgeleid van Anglisch ould (oud) + broc (broek, broekland).
** Engeland Oldebroek/Wezep, Hattemerbroek

Oldenburg:
Regio aan de monding van de Elbe in NW Duitsland. De regio wordt rond 575vC bevolkt door Angelen uit Holstein. > ASA
¶ In 1100nC krijgt het Huis Schauenburg de regio Sleswig als leen. In 1460 sterft dit huis uit en komt het leen aan Christian I van Denemarken uit het Huis Oldenburg.
¶ Wilbrand van Oldenburg > Coevorden, Slag bij Ane (1327)

Oldenrode:
Dorp in Kalefeld, regio Northeim in Hannover, Neder Saxen. De oudst bekende melding is van 1055 in een oorkonde, waarin Aldigerod wordt genoemd. De regio wordt rond 250vC bevolkt door Angelen uit Lunenburg. De naam Aldigerod lijkt derhalve afgeleid van Anglisch ald (oud) + roda (rode, ontgonnen land). Dus: de oude rode = het oude ontgonnen land.
¶ Oldenrode ligt nabij Einbeck aan de voet van de Ith Hils, circa 60 Km ten zuiden van de stad Hannover. In de Ith Hils hebben zich rond 250vC Angelen gevestigd. Op de kaart Magna Germania plaatst Ptolemaeus (87-150nC) de Angili (Angelen) vrij groot geschreven in dat gebied. Groter dan andere volkstammen in de omgeving. Kennelijk wil Ptolemaeus daarmee aangeven dat de Angelen een groot volk zijn en wel groter dan andere stammen daaromtrent. (> Ptolemaeus)
¶ Bij Oldenrode ligt een bergrug met de naam Harzhorn. Daar hebben archeologen in 2008 een grote vondst gedaan van een Romeins slagveld met talrijke wapens, spijkers van schoenzolen, hoefbeslag van paarden, etc. De slag vond paalts rond 235nC tegen Germanen. Maximinus Thrax was de legerleider van de Romeinen. Hij werd later keizer van het Romeinse Rijk. Over het verloop van de slag bij Harzhorn is vooralsnog niets bekend.
¶ Onder de archeologische vondsten is ook een Germaanse speerpunt. Ze bestaat uit vier puntbladen met hoge, gegleufde kammen. De houder is een platte bus, versierd met messingringen. De speerpunt is een prachtig stuk smeedwerk getuigend van groot vakmanschap. Ze toont een hoge mate van technische kwaliteiten, aanmerkelijk meer dan de Romeinse speerpunten. Het zou wel de speer van een legeraanvoerder kunnen zijn.
¶ Saxen waren geduchte zwaardvechters. Zij voerden de saexe, een kort geducht zwaard. (> Saxen) Angelen kenmerkten zich juist als geduchte speervechters. Hun speren of lansen waren dus technisch zeker superieur. E.M. Jope schrijft in "An iron spearhead of Germanic type from Co. Fermanach":

Closed welded sockets are usual on pre-Roman Iron Age and on Migration period spearheads of northern Europe, though in Pagan Saxon England [500-700nC] most have open unwelded sockets.
De gevonden speerpunt heeft een duidelijk gesmede houder (socket) en lijkt derhalve niet van Saxische makelijk.
Aangezien:
- het slagveld Harzhorn bij Oldenrode Anglisch gebied was,
- en de Angelen daar al sinds circa 250vC wonen,
- en de gevonden speerpunt van Germaanse makelij is,
- en de speerpunt kennelijk niet van Saxische makelij is,
- en speren (lansen) de kenmerkende en geduchte wapens van Angelen waren,
>> mogen we aannemen dat de slag van 235nC geleverd werd door de Romeinen en de Angelen, die hun grondgebied aan het verdedigen waren.
De gevonden speerpunten dateren van circa 400nC en zien er identiek uit als de speerpunt gevonden in Harzhorn. Deze archeologische vondst sterkt dus de these dat de speerpunt van Harzhorn van Anglische makelij is.
¶ Behalve genoemde wapentuig, spijkers, speerpunt, etc, is er ook gevonden een schoffel: een driehoekig stuk ijzer met brede strip met gat voor bevestiging aan een stok. Deze schoffel dateert uit dezelfde tijd. Mogelijk waren de Romeinen erg bedreigend en hebben boeren uit de regio meegevochten.
¶ Historici zijn het nog niet eens wie de slag bij Harzhorn heeft gewonnen. Echter:
Aangezien na 235nC geen Romeinen meer aanwezig zijn in Noord Duitsland, mag men aannemen dat de slag bij Harzhorn is gewonnen door de Angelen. Immers, zouden de Romeinen de slag hebben gewonen, dan waren ze zeker in Noord Duitsland gebleven en hun positie aldaar hebben versterkt. Diverse historici stellen dat de Romeinen zulks inderdaad van plan waren. Het mislukken van het plan van de Romeinen mag derhalve gezien worden als een overwinning door de Angelen.
** Ith Hils, ASA, Angon, Saxen
# De Telegraaf 19.8.2010, roemerschlachtamharzhorn.de 19.8.2010, KBG
++ Slag bij Harzhorn > PgLinks

 
Oldenzaal:
Stad in Twente. Rond 1178 genoemd als Aldensele (#Quedam/p91) Aldaar bevindt zich de Tankenberg. Daar ooit een Anglische tempel stond waar paarden werden geofferd.
¶ De regio Oldenzaal wordt rond 225vC bevolkt door Angelen uit het Vechtdal. De naam Oldenzaal lijkt derhalve afgeleid van Anglisch ald, eald (oud) + sele (zaal, huis).
** Tankenberg

Olderman: (OLM:)
Anglisch: ealdorman. Ook: eald, alderman of earl. De hoogste rang c.q. de belangrijkste magistraat onder de Anglische koning. Functies: administratie van een scire (gewest of ealdormanry), belasting heffen en innen, handhaving van de wet, een leger vormen op verzoek van de koning en het leger aanvoeren. Benoemd door de koning. Meestal uit de oude en machtige geslachten.
1500nC++: ealdormen, olderman = hoofdeling = iemand met aandeel in het bestuur van de gouw waar hij woont. Hij moet voldoen aan de volgende eisen:
- eigenerfd zijn
- minimaal 30 grazen (15 Ha) land bezitten
- zijn gegoedheid moet gegarandeerd zijn; i.c. hij moet:
-- vrij man zijn
-- geboren zijn uit een wettig huwelijk
-- geen misdaden gepleegd hebben
** Ealdorman, Redger

Olie:
()A anisoyl (anijsolie; geperst uit anijszaad), ele (olie), linsaedoyl (lijnzaadolie), oly (olie), oyl (=A oly), oylfleasc (oliefles), oylgihwaes (oliehoudend gewas), oylleamp (olielamp), oylmyl (oliemolen), oylsaed (oliezaden), reacoyl (reukolie, parfum)
2000vC++ Kreta: Sinds 2000vC heeft Zweden al handelsrelaties met Kreta en via dat land mogelijk ook met Egypte. Kreta is een centrum voor handel met Egypte en het Nabije Oosten. Men kan stellen dat als er contacten zijn tussen Zweden en Kreta, dat er dan ook zeker contacten kunnen zijn tussen Zweden en Egypte, direct of indirect.
1500vC++: Inglings, koningsgeslacht in Zweden.
1400vC: Egyptenaren gebruiken al ruime tijd olielampjes. Dit blijkt uit hyrogliefteksten van bouwwerkers van de piramide van Horemheb in Zuid Egypte. De olielampjes bestaan uit een kannetje met een koord dat dient als pit. Aangezien de winning van aardolie nog niet bestaat in die tijd, zal de lampolie mogelijk worden gewonnen uit oliehoudende zaden, zoals later in Europa gebeurt.
1200vC++: Watermolens in gebruik in MesopotamiŽ. Vanuit MesopotamiŽ verspreidt de watermolen zich naar Europa en andere delen in de wereld. De oudste watermolens zijn zgn schoepenraden die werden gebruikt voor het malen van granen, persen van olie, bewerken van metalen, maken van papier en textiel.
665vC++: Angelland. Wanneer de Angelen voor het eerst olielampjes gebruiken, is vooralsnog niet bekend. Mogelijk leren ze het gebruik ervan kennen via de Inglings uit Zweden, waaruit ze zijn voortgekomen. De Zweden hebben al handel met Kreta in 2000VC. Zij kunnen het gebruik dus hebben geleerd via hun handelscontacten met Kreta en Egypte.
300vC: Vuurtoren AlexandriŽ (Egypte) werkt met olielampen. De vuurtoren stort anno 1375 in door aardbeving.
100vC: Grieken en Romeinen gebruiken oliŽn om hun huid te reinigen. Mogelijk doen ze dat o.a. tegen insecten, die door de lucht hun prooi niet herkennen. Zulks gebeurt nog steeds in Indonesia met kamferolie.
100nC++: SyriŽrs en Romeinen gebruiken olielampjes.
200nC: Olielampje in Bunnik/Utrecht. > Bunnik
800nC++: Bron ZWH/p12 schrijft:

Een enkele keer kom je in documenten uit die tijd [800nC++] herinneringen aan Haarlo [bij Neede/Gld] tegen. ... Belasting werd in natura betaald. Lang nog lees je dan ook nog van 'mishoenders' op 11 november (St. Maarten) voor de pastoor en eieren voor de koster (die moet hij overigens wťl zelf komen halen). ... Wat je ook vaak tegenkomt is 'jaarlijks een molder raapzaad (soms reuvezaad) voor het licht van de koorlampen en een pond was voor de kaarsen op het altaar'.
1000 Schapenvet: Boeren maken olie ook uit schapenvet. Ingewanden van schapen worden in eigen vet gebakken tot alle vet eruit is. Dit vet wordt afgekoeld en in een kom van aardewerk bewaard. Daarin wordt een stengel van stevig riet gestoken (o.a. zegge). Deze dient als lont. Het vet walmt erg. Er moet dus goed geventileerd worden. (# BBC4 17.11.2013)
2011: Anno 2011 wordt plantaardige olie ook zgn koud geperst met praktische handmolens voor huisgebruik. Daarmee kunnen verschillende zaden worden geperst. O.a. koolzaad, walnoten, beukenoten, pinda's, etc. Sommige soorten oliezaden zijn echter giftig. Het is dus oppassen. Een smid in Groningen heeft een simpele molen ontworpen onder de naam PITEBA. Daarmee kunnen alle zaden worden geperst. Voor elk soort zaad is een aparte en simpele instelling nodig. (# NRTtv 14.8.2011)

Oliegewassen:
Anglisch: oylgihwaesan. Dit zijn gewassen met plantdelen die winbare hoeveelheden olie bevatten. I.b. oliezaden ofwel oliehoudende zaden. Primair gaat het hierbij om:
blawmaen = blauwmaan (# kruid, plant)
blawmaensaed = blauwmaanzaad
colsaed = koolzaad
hempsaed = hennepzaad = oliehoudend zaad
henepsaed = hennepzaad
linsaed = lijnzaad, vlaszaad
mustartsaed = mosterdzaad = zaad van de mosterdplant
raep = raap, raapzaad = # koolzaad
raepsaed = raapzaad = # koolzaad
rape =A raepsaed
sunnblomsaed = zonnebloemzaad
De planten van deze oliezaden worden in NW Europa van oudsher op ruime schaal verbouwd.
¶ Rond 600vC ontstaat langs de hele kust van de Waddenzee een uitgestrekt gebied van kwelders, dat alleen bij stormvloed onder water loopt. Anglische boeren uit Sleswig (Noord Duitsland) vestigen zich daar. Ze leven er op wierden, die ze zelf hebben gebouwd. Op de hoge delen van de kwelders verbouwen ze granen, oliehoudende zaden en duivebonen.
Englewyrtal (engelwortel) is een wilde plant, die op natte en voedzame grond groeit. De gedroogde wortels worden van oudsher gebruikt om er geurige olie uit te persen.
** Koolzaad, Oliezaden, Waddengebied
# FRI, WP

Olielampen: > Verlichting, Vuurtorens, Olie

Oliemolens:
()A oylmylen (oliemolen), slagmylen (slagmolen, oliemolen)
¶ Oliemolens worden ook wel slagmolens genoemd omdat ze olie slaan (persen) uit uit oliehoudende zaden, zoals o.a. colsaed (koolzaad) en raepsaed (raapzaad). Raepcouc = raapkoek = afvalproduct van oliemolen. Wanneer dit oliepersen start, is vooralsnog niet bekend.
¶ De oudst bekende oliemolens in Nederland zijn anno 2010 watermolens:
- 1126nC: kluismolen in Beek, Limburg
- 1300nC: oliemolen bij havezathe Plekenpol in Winterwijk
- 1347nC: de Noordmolen te Azelo/Twente, vermeld in 1347 als de Noort meule
¶ De oudste watermolens komen rond 1200vC in gebruik in MesopotamiŽ. Vanuit MesopotamiŽ verspreidt de watermolen zich naar Europa en andere delen in de wereld. De oudste oliemolens in Nederland kunnen dus zeker al ver vůůr 1300nC in gebruik zijn.
¶ Sinds de 16e eeuw komen de windmolens sterk in gebruik. Vele van deze windmolens worden gebruikt voor het zgn olie slaan uit oliehoudende zaden.
** Molens, Watermolens

Olieproducten:
()A raepcouc = raapkoek = afvalproduct van oliemolen. Bevat veel vitamines en mineralen. Wordt o.a. gebruikt als veevoer.

Olieproductie:
Wanneer en waar de eerste olieproductie plaats vindt in de wereld is vooralsnog niet bekend. In 1400vC gebruiken Egyptenaren al ruime tijd olielampjes. Dit blijkt uit hyrogliefteksten van bouwwerkers van de piramide van Horemheb in Zuid Egypte. Dat betekent dat al rond 1300vC olie uit zaden wordt geproduceert. Mogelijk eerst handmatig met wrijf- of persstenen. Later met oliemolens gedereven door wind of water.
¶ De Angelen hebben de productie van olie mogelijk geleerd van de Inglo-Goten, waaruit ze zijn voortgekomen. Die kunnen het hebben geleerd via hun handelscontacten met Kreta, die al sinds 2000vC bestaan.
** Inglo-Goten, Kreta

Oliezaden:
Anglisch: oylsaedan. Dit zijn zaden met winbare hoeveelheden olie of vet.
()A colsaed (koolzaad), blawmaensaed (blauwmaanzaad), henep, hemp (hennep), linsaed (lijnzaad), mustert (mosterd), raepsaed (raapzaad), ryfesaed (reuvezaad), sunnblom (zonnebloem)
De planten van deze oliezaden worden in NW Europa van oudsher op ruime schaal verbouwd.
800nC++ Bron ZWH/p12 schrijft:

Een enkele keer kom je in documenten uit die tijd [800nC++] herinneringen aan Haarlo [bij Neede/Gld] tegen. ... Belasting werd in natura betaald. Lang nog lees je dan ook nog van 'mishoenders' op 11 november (St. Maarten) voor de pastoor en eieren voor de koster (die moet hij overigens wťl zelf komen halen). ... Wat je ook vaak tegenkomt is 'jaarlijks een molder raapzaad (soms reuvezaad) voor het licht van de koorlampen en een pond was voor de kaarsen op het altaar'.
1 molder = 4 schepel = 0.53 Ha
1 molder raapzaad = hoeveelheid raapzaad afkomstig van 0.53 Ha akkergrond
** Koolzaad, Oliegewassen, Oliemolens
# FRI, WP

Oller:
Alias Uller. Anglische godheid. In Ermelo is de Ullerberg gewijd aan Oller. Ook is daar een Paasberg.
** Cultusplekken, Goden en Geesten

Olst:
Iets ten zuiden van Olst zijn in 1952 vier gouden halskettings gevonden uit de periode rond 400nC. De kettings zijn gemaakt van gesmolten Romeinse munten. > Fortmond

Oltvoort: buurt tussen Olde en Harfsen in de Graafschap/Gld > Harfsen

OMAA: Overleveringen mbt Angelen in Angelland
650vC Ingwi (ZA)
500vC Ingaldinghem (ZA)
450vC Humsterland (ZA)
350vC Anglisko (ZA)
200vC Arwin van Angeln (gb 225vC; ZA)
-80nC Angelen tussen Elbe en Rijn (Tacitus) > Angelen
-95nC Angelen op Continent NW Europa (Tacitus) > Angol
125nC Angel-Saxisch Verbond > Angel-Saxen
150nC Meynerswijk/Arnhem (ZA)
275nC Afferden/Maas (ZA)
405nC Offa van Angeln (ZA)
405nC Fiveldor (ZA)
405nC Oeffelt (ZA)
449nC Angle (ZA)
449nC Hollingstedt (ZA)
449nC Hengest & Horsa > HEH
449nC Engist van Angeln in Leiden > ASV
450nC Hasten (ZA)
459nC Engist van Angeln (gb 405nC; ZA)
459nC Engelum (ZA)
459nC Burcht van Leiden > Leiden
500nC Engelenburg Brummen (ZA)
500nC Natheid Angelland > Overleveringen, M35
514nC Erma van Angeln > Radiger
750nC Englandi Beekbergen > Engeland Beekbergen
754nC Lebinus in Deventer > Lebinus
765nC Batho van Minden (ZA)
950nC Menneke van Holten (ZA)
1000n Hardinga (ZA)
1327n Anglische Mark (ZA)
1658n Inglisc Miss (ZA)
** Overleveringen, Widsith, HAPA, Volksverhalen

Omgangsvormen: (OMG:)
Bij de Angelen hebben adel en gewoon volk in oude tijden dagelijks veel met elkaar te maken. Koning en adel bewegen zich dagelijks onder het volk. De onderlinge afstand is gering. Dat blijkt o.a. uit het gebruik van yu (you, ju, ye, jou; = je) als onderlinge aanspreektitel. Pas sinds de komst van het Christendom groeit er distantie, die in de loop der eeuwen steeds groter wordt. De adel kijkt neer op het gewone volk, bespot ze en respeteert hun rechten niet. Pas in de 19e eeuw worden de verhoudingen steeds meer genormaliseerd dankzij de Franse Revolutie, het Liberalisme en het Socialisme.
** LRS, Maatschappij, Status, Communicatie, Rechtspraak/Strafpleging

Omheind gebied: > Omheiningen, Tuinen

Omheiningen: (6000vC++; OMH:)
()A all (=A hall), betunan (omheinen), betuning (omheining), byn (vlechtwerk, schutting, omheind veld), dam (dam, erf, grondgebied), dor (=A dore), dore (deur, toegang, poort), dorwaeg (ingang, poort), eagtha (omheining, omheind veld, erf), eodor (omheining, hof), fald (vaalt = omheining, omheinde ruimte), feald (=A fald), ferth (=A frith), flegge (vlechtwerk van twijgen, omheinig), fri (omheining, vrijplaats), fridu (=A frith), frith (vrede, omheind erf), frithofe (omheind hof), geard (gaard, tuin, omheinde ruimte, hof), geat (gat, opening, doorgang, poort, weg), gehuged (gehucht = omheind gebied, buurt, buurtschap), glint (hek, omheining), haec (=A hec, hecce), haecta (=A heagda), haeselholt (hazelhout), haeselwudu (hazelhout), haga (haag, omheining), haigh (haag, omhegd erf), hala (=A hall), hale (=A hall), hall (huis, gebouw, omheinde grond of wei), haw (omheind of ommuurd huis), hay (omhegd erf), heagda (heegde = met struiken omheind perceel), heanga (omheining), heangan (omheinen), heanig (rustig, kalm; omheining), heaning (omheining), hec (hek, poortje), hecce (=A hec), hey (omhegd erf), hurding (afrastering, schutting), loce (hek, heg, haag, omheining, erf), lucca (omheining), luccan (omheinen), paes (vrede, rust, veilige zone, omheind gebied), parruc (park, erf, omheining), raefter (raster = gevlochten hekwerk), rinc (kring, omheinde ruimte, perk), sale (=A seal), saleholt (wilgehout), seal (wilg, omheining van wilgetenen, schutting, erfscheding, omheide ruimte), sealh (=A seal), sele (=A seal), scot (schot, schutting), thun (tuin, omheining, omheinde grond, erf, nederzetting), thune (=A thun), thyn (=A thun), tone (=A thun), toon (=A thun), tun (=A thun), tunan (omheinen, vlechten), tune (=A thun), tyn (=A thun), watul (omheining van gevlochten wilgetenen), welig (wilg), wilig (wilg), wiligholt (wilgehout)
6000vC++:

              


Boven: ataphuizen in Nederlands-IndiŽ rond 1865. Fragment schilderij "De Indische Archipel" van S. van Deventer. (@) Op de daken zijn duidelijk nokkruizen te zien. Ze lijken te wijzen op een relatie met de Arische cultuur, die ook via het Maleis te vinden is. Verder is ook de omheining met palisaden van het linkse huis goed te zien. > Maleis
---- AriŽrs: De link tussen de Angelen en de MaleiŽrs ligt in Arya, het woongebied van de AriŽrs in 8000-200vC.
---- Circa 5000vC splitsen de Germanen zich af van de AriŽrs en migreren naar het noorden. Via de Goten komen de Angelen uit hen voort rond 650vC. > SLA
---- Circa 3000vC splitsen de IndiŽrs zich af van de AriŽrs en migreren via Afghanistan naar India. > PgGen AriŽrs
>>> Per saldo kunnen omheiningen dus al rond 5000vC in Arya bestaan en deze techniek door de Germanen en de IndiŽrs zijn meegenomen naar hun uiteindelijke eigen woongebieden. De AriŽrs zullen vrij zeker al ruim bevoor 5000vC al omheiningen bouwen en niet persť in de tijd dat de Germanen vertrekken. Dus mogelijk al rond 6000vC.
650vC++ Angelland: WMN: tuyn, tuun, tune: omheining, afrastering, werf, erf. Tuynen, tunen = omheinen, vlechten. EWB: tuin: mnl: tuun = omheining, omheinde ruimte, bebouwd stuk grond binnen een omheining bij de woning. Oudste betekenis: de omheining, het vlechtwerk om een grondstuk; afgeleid van tuien = met touwen vastmaken; afgeleid van tod = bundel bladtwijgen. Andere bronnen: stuk grond afgerasterd door een tuun = vlechtwerk van wilgetakken (tenen, tengs, tengels), die zeer sterk, buigzaam en duurzaam zijn en in grote hoeveelheden beschikbaar. Anno 2009 worden nog steeds dergelijke afrasteringen gemaakt.
Engels town: de stad binnen de omwalling.
--- Bouw: Voor een normale omheining steken de Angelen stevige staanders in de grond op circa 1.5 meter afstand van elkaar. Daarna gebruiken ze dunnere takken, die ze horizontaal dicht aangesloten tussen de staanders vlechten. Voor zulke omheiningen gebruiken ze haeselholt (hazelhout) of wiligholt (wilgehout).

400vC: Rechts: Reconstructie van een oude hoeve met omheining in Dongen. De staanders staan op korte afstand van elkaar en zijn onderling verbonden door twee stevige dwarsbalken op enige onderlinge afstand. Foto © TiedLight
 
¶ 200vC++: NO Nederland is eeuwenlang een gebied met grote moerasvelden afgewisseld door heidevelden, plassen en zandhoogten met wat bomen waar mensen wonen en werken. Een arm bestaan. Ze houden kippen en geiten en verzorgen een moestuin met groenten en andere planten om zich in leven te houden.

600nC: Rechts: pad met afrastering van gevlochten wilgetenen. Op de achtergrond een Anglisch huis rond 600nC. Vaak zijn de omheiningen hoger. Lage omheiningen geven meer uitzicht op de omgeving. Een duidelijke erfscheiding is echter het belangrijkst.
Foto © TiedLight
 
965nC Haithabu/Angeln: In dat jaar brengt ene Ibrahim Al Tartushi een bezoek aan Haithabu in Angeln. Hij is afkomstig uit Cordoba in Spanje en schrijft over zijn bezoek o.a.:
Haithabu is een zeer grote stad aan het uiterste eind van de wereld oceaan... De bewoners aanbidden Sirius [de Hondster], behalve de Christelijke minderheid die een kerk heeft... Wie een offerdier slacht, zet palen op bij de deur van zijn tuin en spiest het dier daarop ...
 
1481: Links: bloementuin in de Middeleeuwen. Omheining bestaat uit gevlochten wilgetenen. Houtsnede Ôn "Roman de la Rose" (1481).
 
1600 Hantshire/Engeland: Dit graafschap grenst in het noorden aan Barke Shire, tegenwoordig genaamd Berkshire.

    

         boven: kaart van Noord Hantshire rond 1600 AD gemaakt door John Speede

John Speede (alias Speed; 1552-1629) wordt beschouwd als de beste cartograaf en historicus in zijn tijd in Engeland. (#WKP 6.4.2014) De nederzettingen op bovenstaande kaart zijn duidelijk te herkenen als omheinde locaties.
** Kamp, Vlechtwerk, Wonen, Erfzaken, Nederzettingen, Tuinen

Ommelanden: > Groningen

Ommen:
Alias Umme, Ummen (1233nC++). Stad in Overijssel, gelegen aan de Vecht. #Quedam/p135
** Varsen, Giethmen

Omvang:: (OMV:)
()A aefre aelc (ieder, iedereen), aelc (elk, ieder), aelcerlic (iedereen), al (=A all), alding (alles), all (al, alle, alles, allemaal), almaest (bijna, grotendeels), alop (geheel, helemaal), althing (alles), alup (=A alop), anlic (enig, alleen), ba (=A bathe), bathe (beide, allebei), bease (beetje), begen (=A bathe), bidaele (ten dele, enigermate, enigszins), bigge (groot), bise (beetje), brad (breed), bradth (breedte), brea (=A brad), bulc (bulk), ceort (kort), ciemly (tamelijk), claen (klein), crude (menigte), cwelc (nauwelijks), dic (dikwijls, vaak), dilde (=A dulde), doric (breed; ES doric), dulde (gering, onbelangrijk), eall (alles, heel, hele), ealla (alle, allemaal, helemaal), eallunga (allemaal, helemaal), fea (=A feawa), feawa (weinig, enkele), fullic (volledig), gaer (altegaar, helemaal, totaal), gean (geen), gewona (gewoon), gin (=A gean), ginyn (geeneen, niemand), great (groot), gring (gering, klein, weinig), gripa (handvol), grut (groot), haeldael (helemaal, volledig), haugh (hoog), haugh (hoogte, plateau), heag (hoog), heah (=A heag), hefig (hevig, zwaar), hiog (=A hog), hog (hoogte, plateau), hrer (zelden, zeldzaam), hump (homp, groot stuk), hyg (hoog), laes (minder, kleiner), -laes (-loos), laessa (=A laes), lanc (lang), lang (lang), leng (lang), littel (klein), lut (klein), luth (klein), lutke (klein), lytel (luttel, gering, klein), manig (menig), manigly (meniglei), mara (meer, meer dan), mecla (groot), menigu (menig, veel), micel (=A micla), micelnis (omvang, maat), micla (groot, veel), missenlic (diverse, verschillende), monig (=A manig), myce (klein), nan (=A ne ane = niet een = geen), nawlic (nauwelijks), nowiht (nul, niets), ol (=A all), olla (=A all), onbutan (zonder, ongeveer), pene (klein, gering), pigge (groot), pise (stuk, deel), pogge (groot), rear (=A hrer), sceort (kort), sid (wijd, lang), sleam (slank, smal), sleamp (flinke scheut, grote hoeveelheid), smael (smal), sum (iets, enig, sommig), sumhwat (sommig, iets, enig), thicce (dik), thynne (dun, gering, onbeduidend), timp (bn klein), timp (zn punt, stuk), ucle (ukkel, ukkie, klein kind, iets kleins), unfurlic (ongeveer), ungefurlic (=A unfurlic), unmanig (=A unmonig), unmonig (onnoemlijk), waeg (klein, pitoresk), waje (weinig), wanig (weinig)
** Uiterlijk

Onafhankelijkheid: > Coevorden (Slag om Ane)

OND:
Het Twents kenmerkt zich o.a. door veelvuldig gebruik van de vraag "Of niet dan" achter opmerkingen. Het zelfde verschijnsel doet zich voor in het het Engels met "Doesn't it?". Dit taalverschijnsel kan zijn meegenomen door Angelen uit Twente naar Brittannia tijdens de massamigratie in 450-550nC van Angelen naar Brittannia. Het betekent dan dat dit verschijnsel zich al voordoet in het oudste Anglisch op het Continent.
** TEHA

Onderstammen::
betr Angelen (Angili) in Angelland:
Aebbingas (ZA)
Aelfingas (ZA)
Aros (ZA)
Bilas (ZA)
Bructeri > Hardenberg
Chamaven (GA)
Chauken (GA; ZA)
Eorlingas (ZA)
Fearsingas (ZA)
Gaini (ZA)
Gyrwas (ZA)
Hardingas (ZA)
Hastingas > Hasten
Heathobeardas
Hendricas (ZA)
Hundingas (ZA)
Longobardi (GA; ZA)
Myrgings (ZA)
Penceras (ZA)
Snotingas (ZA)
Spaldingas (ZA)
Tubanten (ZA)
Unegunggas (ZA)
Witheringas (ZA)
Wynken (ZA)
GA = geabsorbeerd
** Stam, Volk, Angelen

Onderwereld: > Hel

Onderwijs: (ONW:)
()A ariman (=A rekanan), arimed (rekenkunde), bec (=A boc), benc (bank), bille (=A bulle), bulle (bul, diploma, oorkonde), bord (bord), boc (boek), bok (=A boc), buk (=A boc), cild (kind), cind (kind), cinnis (kennis), cnaw (knap, weter), cnawan (weten), crite (krijt), cudh (kunde, vaardigheid), cunnan (kunnen, kennen, weten), ince (inkt), knaa (=A cnawan), laeran (leren), laesan (lezen), lar (leer, leerstelling, doctrine), lareow (leraar, onderwijzer, docent), leornian (=A laeran), maegester (meester), papyr (papier), penne (pen), recenian (=A rekanan), rekanan (rekenen, berekenen, ramen), sceol (school, leerschool), sceolan (ww scholen, onderwijzen), sceolbagge (schooltas), sceolbord (schoolbord), sceolbred (houten kastje gebruikt in lager onderwijs als schooltas tot circa 1940), sceolcaete (schoolkeet = keet waar onderwijs wordt gegeven), sceolheafd (schoolhoofd), sceoling (scholing, onderwijs), sceolmaester (schoolmeester, schoolhoofd), sceolu (school), scrifan (schrijven), specan (spreken), spraecan (=A specan), sprecan (=A specan), scrifan (schrijven), taecan (onderwijzen, leren, les geven), talu (taal), tellan (tellen), tunge (=A talu; NL tong), wisdom (wijsheid), wished (wijsheid), wordboc (woordenboek), writan (schrijven)
timetable:
3500vC++--- onderwijs in Egypte
-800vC++--- onderwijs in Griekenland
-200vC++--- Of de Angelen al gericht onderwijs geven, is vooralsnog niet bekend. Wel kunnen ze schrijven en lezen, i.c. in de Futhark tekens. > OATA, Schrift, Futhark
--12vC++--- onderwijs in Rome
-390nC++--- onderwijs in Angelland > OWA
-550nC++--- onderwijs in NW Europa
-760nC++--- Met de komst van Lebinus in Deventer begint het onderwijs aan kinderen door katholieke missionarissen. O.a. schrijven en lezen met Romeinse letertekens.
-800nC++--- Bron ZWH/p10 schrijft:

Voor een goed begrip van de oudste geschiedenis van onze omgeving [Haarle/Gld] zullen we nog iets verder terug in de tijd moeten duiken, en wel naar de 8e eeuw, de periode van keizer Karel de Grote, de verbreider van het christendom in deze streken. ... Daar er geen hof was, moesten de christenen zelf de economie regelen en belasting werd betaald aan de kerk. De kloosters namen in die samenleving een uiterst belangrijke plaats in. We moeten ons de monniken van toen niet voorstellen in vrome afzondering in hun cel. ... Het klooster deed dienst als herberg voor reizigers maar tevens als ziekenhuis, en met hun kruidentuin waren de monniken de eerste apothekers. Bovendien verzorgden zij het onderwijs.
-800nC++--- Bron ZWH/p59 schrijft:
In de middeleeuwen waren het de kloosterscholen die ervoor zorgden dat aanstaande geestelijken goed onderwijs kregen. Van de gehele bevolking waren het dan ook alleen de geestelijken die konden lezen en schrijven. Zelfs keizer Karel de Grote was die kunst niet meester, en hij bediende zich dan ook van een secretaris - een geestelijke.
1150++--- universiteiten Bologna, Parijs, Oxford, etc
1400++--- Bron ZWH/p59 schrijft:
Pas toen omstreeks 1400 de handeL begon op te bloeien, ontstond bij kooplui de behoefte aan lezen en schrijven; ze moesten immers hun kasboeken bij kunnen houden. Heel langzaam groeide er zo onder de burgerij een groep die leerde lezen en schrijven. Deze ontwikkeling werd overigens met schrik aangezien door de geestelijkheid, die hierdoor het monopolie van wetenschap, wat hun grote macht gaf, kwijtraakte. De toestand op onderwijsgebied bleef echter nog lang uiterst gebrekkig, met name op het platteland. Ieder die dat wilde, kon een school beginnen; er vond geen enkele controle plaats van de kennis van de schoolmeester. Zo was er in Warnsveld ooit een schoolmeester die in het geheel niet kon lezen en schrijven; al zijn kennis bestond uit ťťn psalm. En in 1760 was er in Borculo een zekere meester Pott, een Pool die geen woord Hollands sprak en die de kinderen in het Duits uitschold: 'Kast de mich verstehen du Flegel?'
...
Nu was het met de salariŽring van de schoolmeester ook bepaald droevig gesteld: zo'n S 100 ŗ S 150 per jaar was al veel. Dit was te weinig om van te kunnen leven en dus moest de meester zien er een baantje bij te krijgen. Vaak was dat markeschrijver, voorzanger in de kerk of begrafenisondernemer. Soms ook moest hij het hebben van schoolgelden of van extraatjes zoals 'een vrije plaats in het turfveen' of van een stuk vlees van de slacht. ... Een ander voorbeeld van de bizarre toestanden die er toentertijd heersten is dat van de schoolmeester in Giesbeek: Deze was tevens jachtopziener, met als gevolg dat hij bijna nooit op school aanwezig was.
1423nC++--- universiteit Gent; eerste in de Lage Landen
1500nC++--- Bron ZWH/p34 schrijft:
Na circa 1500 hadden de gegoede grondbezitters, de markegenoten, op het platteland de touwtjes in de handen, zoals dat in de steden het geval was met de rijke kooplui. Zij benoemde een schoolmeester, want hun kinderen moesten onderwijs hebben, en zij benoemden een koster, want de kapel was eigendom van de markegenoten (van wie een aantal weliswaar rooms was). Overigens werd de kapel, behalve zo nu en dan voor een kerkdienst, gebruikt voor de markevergaderingen. Ook de armenzorg namen de markegenoten voor hun rekening - en zo zijn tot diep in de 19e eeuw marke en naoberschap in elkaar verweven.
1600++ Voor elke leerling hangt aan de muur van de klaslokaal een houten doos met grote versierde schuif en daarin boeken, een lei en een griffel. Toen de leerlingen meer vakken en boeken kregen, werd de schooltas ingevoerd. (# De Telegraaf 21.3.2013)
** Wijsheid

 
Ong-: > Eng-

Ongedierte: (OGB:)
()A claebot (korenworm), fleah (vlo, vlooi), laece (bloedzuiger), mus (muis), musc (muis), raet (rat), screawa (spitsmuis), ungedeorta (ongedierte), wudwyrm (houtworm)
** Insecten

Ongel:
=A Ongle, Angle, Engle, Ingle, Ongull = Angel
425nC: Widsith is een Engels dichtwerk, een reisverslag van de gelijknamige auteur. Hij zwerft over grote afstanden en is een graag geziene gast in drankhallen, waar hij vele groten der aarde vermaakt. In het dichtwerk komen vele helden voor uit de 4e-6e eeuw. Het is daarom ook een belangrijke historische bron. Tevens toont het werk de belangrijke rol van een troubadour in de Germaanse tijd. Hieronder een selectie uit het werk.

Offa weold Ongle,
Alewih Denum:
se waes thara manna
modgast ealra,
no hwaethre he ofer Offan   
eorlscype fremede,
ac Offa geslog
aerest monna,
cnithwesende,
cynerica maest.

Naenig efeneald him
eorlscipe maran
on orette.
Ane sweorde
merce gemaerce
with Myrgingum
bi Fifeldore;
heoldan forth sittan
Engle ond Swaefe,
swa hit Offa geslog.

Offa regeerde Ongle (= Angle),
Alewih de Denen;
hij was daar onder mannen
de allermoedigste,
niet echter overtrof hij Offa's
vermetel leiderschap,
en Offa veroverde
eerste maanden,
knecht (ruiter) wezende,
meeste van het koninkrijk.

Niemand evenaarde hem
meer leiderschap
op aarde.
Ene zwaard
merkte de marke (grens)
met Myrgingum
bij Fiveldor;
hielden voorts gescheiden
Engle (= Angle) en Swaefe
zo had Offa geslagen.

 
¶ > Angle, Angeln, Angelland, HRAA
Anglesey: Eiland NW voor de kust van Wales. De naam is afgeleid van Ongull's Ey. Ongull is een variant van de Anglische namen Ongle, Angle, Engle en Ingle. Anglesey lijkt derhalve afgeleid van Anglisch Angles (Angelen) + ey (eiland). Anglesey betekent dus eiland van de Angelen. De Angelen hebben zich daar mogelijk circa 600nC hebben gevestigd vanuit Lancashire en Cheshire.
¶ NB Maleis: ongol = gebogen stukje deeg. Gebogen lijkt hier opvallend close op Anglisch angol = bocht, haak.
** Angle, Maleis, Widsith, PgBrit/Anglesey

Ongelkamp:
AVA Ongle (Angel) + caemp (kamp, open veld) = Angelkamp = veld waar Angelen wonen (verblijven).
De naam Ongelkamp komt voor als veldnaam:
- in Harreveld als Ongelnkamp. Anno 2010 Onland genaamd. > Angelheem
- in Zalk als Ongelkamp aan de Zalkerdijk
** Engelkamp

Ongrijpbaarheid: (OGR:)
Het Al is ongrijpbaar. De meester berust in ongrijpbaarheid en volgt de goede weg. Meer dan het goede kan een mens niet doen. #SRK
** Mysteries, Goede Weg

Onkruid:
()A brandnetele (brandnetel), cwecwa (kweekgras, onkruid), cwice (kweek, kweekgras, gras, snel groeiend onkruid), dolle (dollekruid, zwartkoorn, akkerkruid), fulwincel (hoek land met veel onkruid), fuyle (onkruid), fuylwincel (=A fulwincel), horscrodd (reukgras; # onkruid), melcwit (melkwit; # distel), netelcorn (brandnetel), netele (netel), reac (perzikblad), rut (onkruid), rutland (land met veel onkruid), rutlegge (veld met veel onkruid), slufhacc (reukgras), smeorland (land met veel onkruid), sticnetele (brandnetele), thistel (distel), tungle (tongel = kleefkruid), weod (onkruid)
** Kruiden, Planten & Struiken

Onland:
Anglisch: unland = onland = slecht land, drasland, wetland
** Ongelkamp/Harreveld

Onna: gehucht bij Steenwijk > Steenwijk

Onsterflijkheid: (OSH:)
6500vC: In vele culturen komt een verhaal voor over een zondvloed. O.a. in oude Hindu bronnen en het Oude Testament. De oudste bron is het Gilgamesj Epos, genoemd naar koning Gilgamesj van MesopothamiŽ, die rond 2800vC leeft. Volgens dit epos wordt de mensheid onder leiding van de goden gered van deze ramp. De ramp is volgens geologen gebeurd rond 6500vC. De tekst staat op Tablet XI. Het gaat over Gilgamesj die zoekt naar onsterfelijkheid maar dan na zware beproevingen terugkeert in Uruk. Hij ziet daar de massieve muren, raakt in vervoering en brengt dan een lofzang over de duurzame werken van sterflingen. Hij beseft dat mensen onsterfelijkheid kunnen bereiken door duurzame werken van beschaving en cultuur. Maar de natuur is soms vele malen sterker.

Muur, luister naar me.
Zoals de Apsu zal je het afdekken.
Ik kan niet leven in jouw stad.
Ninurta ging door met overstromen van de dijken.
Geen persoon kon een andere zien.
Zes dagen en zeven nachten kwamen de storm en de vloed.
En offerden een offer.
De lapsis lazuli om mijn nek.
Niemand kon de destructie overleven.
Apsu = ab (water) + su (ver) = de onderwereldse oceaan van zuiver water in de Mesopothaamse mythologie = de god van deze oceaan = Engur. Apsu is identiek aan Enki, de Sumerische god van het water en de wijsheid. Hij werd ook Ea genoemd, evenals bij de Hettieten, waar hij ook de god van de wijsheid is.
** Zielkunde, Wedergeboorte, Eeuwig Leven

Ontangeling: (1650++; ONTA:)
Betreft het verdwijnen van al wat verwijst naar Anglische herkomst.
demografie
Onderstaand tabel toont per regio/tijdvak de verhoudingen A:S:O = Angelen : Saxen : OverigeBevolking in Angelland. * = schatting

regio
nw duitsland
no nederland   
nw nederland
zw nederland
zo nederland
vlaanderen
thuringen
engeland
elzas
600vC 
3:0:1 
0:0:1
0:0:1*
0:0:1*
0:0:1*
0:0:1*
0:0:1*
0:0:1*
0:0:1*
250vC 
5:0:1 
2:0:1
0:0:1*
0:0:1*
0:0:1*
0:0:1*
0:0:1*
0:0:1*
0:0:1*
100nC 
5:0:1 
5:0:1
2:0:1*
1:0:1*
0:0:1*
0:0:1*
0:0:1*
0:0:1*
0:0:1*
400nC 
5:0:1 
5:0:1
3:0:1*
3:0:1*
3:0:1*
3:0:1*
2:0:2*
1:0:1*
0:0:1*
1000nC 
2:3:1* 
3:1:1
2:1:1*
2:1:1*
2:1:1*
2:0:2*
2:1:2*
3:1:1*
1:0:2*
1500nC 
2:3:1* 
3:1:1
2:1:1*
2:1:1*
2:1:1*
2:0:2*
2:1:2*
3:1:1*
1:0:2*
2000nC
2:3:1*
3:1:1
2:1:1*
2:1:1*
2:1:1*
2:0:2*
2:1:2*
3:1:1*
1:0:2*
 
¶ De zgn ontangeling blijkt o.a. circa 1600nC als de naam van de stad Angelre bij Doesburg verandert in Angerlo en de naam van Huis Angelstein in Velp in Angerenstein. E.e.a. lijkt verband te houden met de rivaliteit tussen Nederland en Engeland, die ontstaat rond 1600nC. Beide landen ontwikkelen zich economisch en militair zeer sterk en raken in elkaars vaarwater. Dit leidt o.a. tot de zes Engelse Zee-Oorlogen. In beide landen ontwikkelen zich sterke anti-gevoelens naar elkaar, die zeker duren tot in de 20-ste eeuw.
¶ Mogelijk heeft ook een rol gespeeld de soms onduidelijke, onbegrijpelijke of zelfs schadelijke rol van Engeland jegens Nederland tijdens de Tachtigjarige Oorlog. (> TJO) Maar ook in latere situaties. > PgBrit/(Perfidious Albion)
¶ De ontangeling leidt verder tot verfriezing en versaxing. Bij de verfriezing worden historische Anglische feiten vaak verdraaid naar Frieze feiten. Bij versaxing wordt vaak meer ruimte gegeven aan dialecten die zijn beÔnvloed door het Saxisch en wordt de Anglische oorsprong verzwegen.
¶ Wanneer de ontangeling begint en waarom is vooralsnog niet exact duidelijk. Wel lijkt dit proces rond 1650 AD duidelijke trekken te tonen. Hieronder de kernpunten van de Anglische historie in Angelland.
- timetable:
-300nC++ Angle = Angelland = het land der Angelen tussen Denemarken (Denum), de Elbe, de Saale, de Rijn en de Noordzee > Angle, Angelland
-449++--- Angle betwix Iotum and Eald-Seaxum (#ASC/835) > G449
-450--550 Circa 3 miljoen Angelen migreren naar Brittannia > M35, Engelandvaarders
-450--550 Circa 3 miljoen Angelen blijven in Angelland > Demografie
-450--550 Angelland verzwakt demografisch, economisch en militair
-550++--- Angelen vormen geen sterke eenheid meer > CABA
-550--785 Angelland veroverd door Denen, Franken en Saxen > P58
-550--700 Opper-Angelland (Noord Angle) veroverd door de Denen
-550++--- Lex Salica van en voor de Franken ingevoerd > Rechtspraak
-650----- Widsith getuigt van Offa van Angeln > Offa van Angeln
-600-hedn Angeln strekt zich uit tot de Eider
-678----- York/Nhm noemt NO Nederlanders neven > Neven, Angle
-700-1918 Angeln onderdeel van hertogdom Sleswig c.q. Denemarken > Sleswig
-700--911 Neder-Angelland = Oost + West Angle
-737++--- Deense koning Godfried bouwt Danewirke langs Eider bij Haithabu
-750--803 Neder-Angelland deels bevolkt door Friezen, Saxen en Franken
-750++--- Friezen settelen in Eemsland en Noord Groningen
-750++--- Friezen settelen in regio Noordzeekust Sleswig
-780----- Saxen veroveren de Groninger Ommelanden en Dokkum (> Ludger)
-785----- Saxen onderwerpen zich aan de Frankische koning Karel de Grote
-785----- Karel de Grote breidt zijn rijk uit tot aan de Elbe > Franken
-785++--- Lex Saxonum
-790++--- Lex Frisionum
-790++--- Lex Salica voor de Angelen in NO Nederland? > Lex Anglorum
-790-1066 Haithabu vestiging van Zweedse Vikings
-795--855 Lotharius I, koning van Lotharingen
-800----- Saxen settelen in Saxum/N.Groningen > Saxum
-800--803 Franken en Saxen veroveren Thuringen > Thuringen
-803----- Pax Anglorum verschrompeld tot NO Nederland > Pax Anglorum
-803++--- Thuringen een Frankisch hertogdom
-803++--- Lex Anglorum et Werinorum in Thuringen > Thuringen, Engilin
-835----- ASC/449nC: Angle betwix Iotum and Eald-Seaxum > G449
-843----- Verdun: Frankisch Rijk opgedeeld in Lotharingen, Saxisch Rijk en Frankrijk
-843--880 Lotharingen (ZA)
-880----- Neder-Lotharingen: BelgiŽ, Luxemburg, Nederland en Ost-Friesland
-880----- West Angle onderdeel Neder-Lotharingen
-880----- Oost Angle onderdeel Oost Francia (= Duitsland)
-911-1300 Oost Angle onderdeel Saxisch Rijk > KHS
1200++--- Bisschop van Utrecht probeert met hulp van de Saxen, Friezen en Beieren NO Nederland in zijn macht te krijgen > Pax Anglorum   XX
1227----- Drenten winnen Slag bij Ane > Coevorden
1231-1233 Drenten winnen Fries-Drentse oorlog > FDO
1300-1516 Neder-Angelland onderdeel Bourgondisch Rijk   XX
1300++--- Nauwe samenwerking Engeland-BourgondiŽ   XX
1300++--- Coevorden belangrijk bolwerk NO Nederland > Coevorden
1303++--- Weerdenbras/Noordlaren: bolwerk gebouwd door Edsar v OstFriesland; bewaakt weg naar Coevorden > Blankeweer
1327++-- Verfriezing West Angle > Verfriezing
1337-1453 Honderdjarige Oorlog Engeland-Frankrijk > HJO   XX
1345++-- Ontstaan Nedersaxen: Gebied tussen Weser en Oostzee, voor 't eerst zodanig genoemd in 1354 ter onderscheiding van Obersachsen in Oost Duitsland. Sinds 1946 Duitse deelstaat omvattend de regio's Hannover, Braunschweig, Oldeburg en Schaumburg-Lippe > Saxen, Nedersaxen
1350----- Naam Angel-Saxen geÔntroduceerd > Angel-Saxen
1350-1490 Angelen strijden tegen Friezen en Saxen
1350-1450 Schieringers & Vetkopers (Noord Nederland) > Vetkopers   XX
1350-1490 Hoekse en Kabeljauwse Twisten (West Nederland) > Hoeken 1375++--- Versaxing NO Nederland langs grens met Duitsland > Versaxing
1400++--- Blankeweer/Noordlaren: bolwerk gebouwd door bisschop van Utrecht; bewaakt weg naar Coevorden
1501-1514 Saxische troepen teisteren Noord Groningen (# CVF)
1515++--- Ommelanden onder gezag van Karel van Gelre (# CVF)
1516-1648 Neder-Angelland onderdeel Duitse Rijk > Versaxing
1568-1648 Tachtigjarige Oorlog
1568----- Slag bij Heiligerlee > Heiligerlee
1648----- Vrede van Munster. Nederland onafhankelijke staat
1648----- West Angle onderdeel Nederland
1648----- Oost Angle onderdeel Duitse Rijk
1648----- West Angle = Groningen + Drente + Overijssel + Gelderland
1648----- Oost Angle = NederSaxen + Westfalen
1650-1930 Nederlands-Engelse rivaliteit in handel en kolonies
1650-1712 Nederlands-Engelse zee-oorlogen
1737----- Angelre (Liemers) wordt Angerlo
1800----- Angelstein (Arnhem) wordt Angerenstein > Angelstein
1919----- Angeln sluit zich aan bij Duitsland
1919----- Angeln onderdeel Noord Angelland = SleswigHolstein = Noord Angle
1919----- Oost Angelland = Neder-Saxen + Westfalen
1919----- West Angelland = Groningen + Drente + Overijssel + Gelderland = West Angle
cruciale feiten:
-803------ Pax Anglorum verschrompeld tot NO Nederland > Pax Anglorum
1200++--- Bisschop van Utrecht probeert met hulp van de Saxen, Friezen en Beieren NO Nederland in zijn macht te krijgen > Pax Anglorum
1300-1516 Neder-Angelland onderdeel Bourgondisch Rijk
1300++--- Nauwe samenwerking Engeland-BourgondiŽ
1327++--- Verfriezing West Angle > Verfriezing
1337-1453 Honderdjarige Oorlog Engeland-Frankrijk > HJO
1350-1490 Angelen strijden tegen Friezen en Saxen
1350-1450 Schieringers & Vetkopers (Noord Nederland) > Vetkopers
1350-1490 Hoekse en Kabeljauwse Twisten (West Nederland) > Hoeken
1375++--- Versaxing NO Nederland langs grens met Duitsland > Versaxing
1568-1648 Tachtigjarige Oorlog; Engeland steunt de Nederlanden > TJO
1650-1930 Nederlands-Engelse rivaliteit en samenwerking in handel en kolonies
1883: De Krakatau is een hoge vulkaan gelegen tussen de eilanden Java en Sumatra. De vulkaan komt op 20 mei en 26-28 augustus 1883 tot enorme uitbarsting, die 5000 Km in de omtrek is te horen. Er ontstaan megahoge tzunamies, die tot in Oost Afrika en ver in de Grote Oceaan te merken zijn. Zuid Sumatra en West Java worden zwaar getroffen door grote branden, asregens en vloedgolven. In totaal worden circa 36.000 mensen gedood door hevige branden, vloedgolven en gloeiende lavastenen. De as stijgt tot circa 50 Km hoogte en circelt 13 dagen rond de aarde. Anno 2014 kan niemand op Zuid Sumatra en West Java zich iets herinneren van de vreselijke gebeurtenissen. Ondanks dat er ter herinnering een monument is opgericht in Telok Betung op Sumatra. > Vergeten
** BAIA, ANGI, ACV, ACO, TJO, Angerlo, Angelstein, HGZW, Lex Anglorum, Pax Anglorum, Verfriezing, Versaxing, Culturalisme, Slangetong

 
Ontginning: (OGN:)
()A boxe (breuk, nieuw ontgonnen land), braec (=A braecland), braecacre (braakakker = onbebouwde akker), braecan (breken, ontginnen, ploegen), braecland (braakland = braak liggend land = niet ontgonnen land), brec (=A boxe), brecan (ontginnen, in cultuur brengen van woest land), brocere (broker = veenwerker, ontginner), buxe (=A boxe), caemp (kamp = stuk ontgonnen land), fenland (veenland), fenn (veen, slijk, moeras, drasland), hrydhing (=A roda), onginnan (ontginnen), poldre (polder), polre (polder), ra (=A rade), radan (=A rodan), rade (ontginning, gerooide plek, ontgonnen land), radland (=A rodaland), re (=A roda), read (=A roda), red (=A roda), red (rode = 80 Ha), roda (rode =A rade), rodan (rooien, ontginnen), rodheafd (buurthoofd), rodland (gerooid land, ontgonnen land, ontginning), roya (rooilijn), royan (rooien, ontginnen), sciran (=A scyran), scire (afgescheurd land, ontgonnen land, gewest, zone), scyran (scheuren = diep omploegen, ontginnen), scyre (=A scire), wic (wijk = vaarsloot in polder), wolda (ontgonnen wildernis)
¶ Ontginnen is het in cultuur brengen van woeste gronden om die geschikt te maken voor bewoning, landbouw, veeteelt of fruitteelt.
500.000vC++: Uit de volkstuinen van de Oudheid ontwikkelt zich rond 500.000vC de grootschalige landbouw en veeteelt in Egypte, gericht op eigen consumptie en op verkoop. Voor deze agrocultuur worden woeste gronden veranderd in bruikbare cultuurgronden.
4000vC++: Op oude hieroglieven in Egypte is te zien dat rond 4000vC de Egyptenaren koeien, ganzen en eenden houden en gewassen oogsten. Vandaar verspreidt de grootschalige agrocultuur zich verder via Zuid Europa naar Noord Europa.
800vC++: Anglische boeren leggen op zandgronden raatakkers aan: vierkante velden aan van 40x40 meter met walletjes eromheen om verstuiving van de grond te voorkomen. Ze verbouwen afwisselend verschillende gewassen of laten de grond braak liggen en er vee op weiden. Zo ontstaan in de loop van vele jaren hele complexen van akkers. Middenin staan de huizen, schuren en stallen. > Raatakkers
1250++: Bron ZWH/p30 schrijft: "Na circa 1250 veranderde er iets: er kwam meer geld in omloop, de pacht kon betaald worden en menige horige kocht zich nu vrij. Intussen nam de bevolking toe en de kleine boeren wilden ontginnen, waardoor woeste grond begeerlijk werd. Maar er was nog genoeg ruimte. Bos, moeras, veen - grote gebieden waarin iedereen (voorlopig) zijn gang kon gaan. De bossen leverden bouwmateriaal voor de huizen die toen nog van hout waren: bovendien werd er veel hout gestookt. Daarnaast waren ze het jachtterein voor de varkens die er eikels vonden. De hei leverde plaggen, ook een bouwmateriaal, en voer voor de schapen. Temidden van die woeste gronden werden boerderijen gebouwd als eilandjes van cultuur."
Elzen (AL elle) zijn berkachtige bomen die vooral voorkomen in natte gebieden. Ze groeien het best in moerassen en veengebieden. Ze gebruiken veel water en houden daarmee de gronden droog en maken die geschikt voor landbouw, veeteelt en bewoning. Ze zijn daarom een geschikt middel bij de ontginning van natte gebieden. > Elzen
1350++: In de 14e eeuw begint de ontginning van het veengebied Nijbroek op de Veluwe. De graaf van Gelre heeft daartoe opdracht gegeven. Het hele gebied wordt opgedeeld in percelen, die te koop worden aangeboden. De administratie van de verkoop is een 'lijst van ontvangsten aan handwissel vanwege de koop en verkoop van grond'. De rentmeester van de Veluwe maakt deze lijsten op. Op de lijst van 1334-1335 (RAG, HA, ivn 372) komt een groot aantal namen voor, waaronder die van Theodorico de Cranenboergh ofwel Theodorus van Cranenburgh. Letterlijk staat er:

Item a Theodorico de Cranenboergh de vii iugeris et iii hunt emptis erga Johannem Duem.
ofwel:
Idem aan Theodorus van Cranenburgh gedaan 7 juk (morgen) en 3 hont [3/6 morgen] verkocht tegen twee Johannem [muntsoort]
Het gaat om 7 morgen + 3/6 morgen = 7.5 morgen = 6.8 Ha land, gekocht door Theodorus van Cranenburgh voor een bedrag van 2 Johannem = 27 shilling 6 duiten. Het land is in feite een moeras dat ontgonnen moet worden.

1401++: Kranenkamp Diepenveen: Oude boerderij met landgoed aan de Raalterweg 39 in Diepenveen, tegenover Restaurant De Kranenkamp. Oorspronkelijk een moerassig gebied met uitgestrekte heidevelden. Sinds 1401 in cultuur gebracht door nonnen van een vrouwenklooster dat daar toen is gesticht. In 1604 wordt melding gemaakt van een boerderij/havezathe op de Kranenkamp. Mogelijk een voorganger van de huidige boerderij. In 1824 wordt tussen de boerderij en de Raalterweg een Engels landschappark aangelegd, met waterpartijen en slingerpaden. Ontwerp van A. van Leusen. Sinds 1950 eigendom van Stichting IJssellandschap. Anno 2005 is het landgoed een mooi wandelgebied met veel bos. In de nabijheid staat het klooster Sion van de Benedictijnen. (foto © TiedLight ®)
 
De locatie heeft duidelijke kenmerken van een kranenberg. Het ligt wat hoger dan het omliggende gebied, oorspronkelijk moerassige veengrond. Hier en daar zijn nog overblijfselen zichtbaar in de vorm van grote kikkerpoelen en een brede sloot voor de afwatering.
1600++: Rond deze tijd wordt de ontginning van veengebieden grootschalig aangepakt in zowat alle delen van Nederland. Veensloten en -kanalen worden gegraven. Het overtollig water wordt afgevoerd. Het drooggevallen land wordt verdeeld in wijken en percelen. De percelen worden verkocht of verpacht. Zo ontstaat het typisch Nederlandse landschap van eindeloze polders en ontginningsgebieden. Kaarsrechte wegen, sloten, kanalen en percelen. En hier en daar een boerderij.


          

   boven: ontginningsgebied naar een schilderij van H. Lansink (©)

Vestiging: Bron ZWH/p31 schrijft: "Wanneer een nieuweling zich als zelfstandige wilde vestigen [in de marke], wat betekende dat hij woest grond moest ontginnen, dan was hij gebonden aan een merkwaardig voorschrift: in de tijd van ťťn nacht moest hij om het door hem te ontginnen stuk grond een smalle sloot goot graven (hielspitten) en op dat terrein een hut bouwen; als die geul de volgende morgen klaar was en er kwam rook uit de schoorsteen van de hut, dan werd hij als nieuwe bezitter erkend. Het was natuurlijk ondoenlijk voor een man alleen om dit voor elkaar te krijgen. Lukte het wel dankzij de hulp van familie of anderen, dan was dit meteen het bewijs dat het niet om een of andere armoedzaaier ging maar om iemand met een fikse ruggesteun hetgeen als garantie werd beschouwd voor een waardig lidmaatschap van de marke."
Veenwerk: betreft ontginning en turfsteken tot circa 1930:
april-october: 5.00uur - 17.00uur 6 dagen per week
december-maart: geen werk wegens weinig daglicht en slecht weer
Ontgining en turfsteken gingen nagenoeg hand in hand. > Turf
** Veenland, Moerasland, Bosland, Woestland, Wildernis, Marke, Hielspitten, Veenwerk, Polders, Mulra

 
Ontspannen: > Ontspanning, Relaxen

Ontspanning: (OSP:)
()A cantan (zingen), cuyrhus (kuierhuis, kroeg), furmakeniss (vermaak), gamenian (spelen, sporten), gastocc (wandelstok), hlehhan (lachen), laesan (lezen), praetan (praten), praethus (praathuis, kroeg), ranan (rennen, lopen, rijden), singan (zingen), swimman (zwemmen), talu (vertelsel, verhaal), tellan (vertellen, verhalen), wandlan (wandelen)
1972: Een tijdschrift voor management schrijft:
- ontspan op tijd
- zoek een leuke hobby (wandelen, fietsen, schilderen, etc)
- mijdt onnodige taken en plichten
- beperk je tot het belangrijkste
- uit je irritaties, twijfels, onzekerheid en angsten
- vergeet vooral niet te genieten van het leven
¶ Ieder kent eigen wegen om te ontspannen. Ware ontspanning brengt ware vreugde en happiness. Ware ontspanning brengt ware levensvreugde. Ware ontspanning sterkt de levenskracht. Ware ontspanning sterkt de levenszin. De meester neemt tijdig tijd voor het eigen welbevinden en welgaan. #SRK
** Spanning, Relaxen, Gezelligheid, Vermaak, Fitheid, Stress

Onmacht: > Lijden
Onzekerheid: > Verwarring, Kiezen
Ooftbouw: btr fruitteelt > Vruchten
Oogst: > Oogsten

Oogsten:
()A acer (=A acre), acre (akker, veld), aecer (=A acre), aeftermaeth (tweede maaisel = oogst na eerste maai), corn (koren), cour (koren), cornacre (korenakker), cropp (oogst), croppan (ww oogsten), gaerf (garve, bos gemaaide en gebonden graanhalmen), graes (gras = landmaat; 1 gras = 0.5 Ha), graesland (grasland), geaffel (gaffel = hooivork met 2 punten), gield (oogst), gieldan (oogsten), gihwaesan (gewassen), haerfan (ww oogsten), haerfest (oogst), haerfestan (ww oogsten), haerfta (oogst), haefre (haver), hieg (hooi), hiegland (hooiland), hiegslaeg (hooislag, laaggelegen hooiland), hoy (hooi), hoyan (hooien), hoymaent (hooimaand = juli), ogest (oogst, oogstmaand, Augustus), oust (=A ogest), Oustmaent (Oogstmaent, Augustus), piccstric (wetsteen om zeis te scherpen), pong (bos aren), pongan (aren binden), pongel (=A pong), raca (raak, reek = # hooivork), rap (=A reap), reafal (reifel = draad van een boon), reafalan (reifelen = bonen van hun reifel ontdoen), reap (touw), reap (rijp), reapan (vastbinden, oogsten, maaien), reapere (maaier, oogster), reaphoc (sikkel), reke (reek, riek, hooivork, mestvork, hark), rekian (reken, harken), rifan (maaien, oogsten), rifere (maaier, oogster), ripan (rijpen, maaien, oogsten), ripe (rijp), ripere (=A reapere), riphoc (sikkel), sceaf (schoof, bos, bundel), sceafing (schoofrecht = recht op aantal schoven van oogst conform oppervlakte), scokke (hoop hooi; 12-16 schoven), seys (zeis), seysan (zeisen, maaien), seyssnoad (houten handgreep met armsteun aan zeis), seysstric (lat om zeis te scherpen), siccan (maaien, oogsten), sicman (maaier, oogster), sicol (sikkel), sict (zicht = zeis met korte steel), sictan (maaien), sigdan (maaien), sigde (=A sict), sithe (zeis), snoad (snode = handvat van een sikkel), streaw (stroo), tearwa (tarwe)


          

boven: oogstende boeren rond 850nC

Sulmaent (Selle, Sel, Sil, Sille, Sul, Sulle) = ploegmaand = februari. In deze maand ploegen de boeren hun land en offeren ze koekjes aan de goden om hen gunstig te stemmen en een goede oogst af te smeken. > Ploegen
Kermis: Volksfeest nummer 1 in alle tijden. Het feest is in het Germaanse verleden gegroeid uit de jaarlijkse oogstfeest in de herfst. Het is toen al een vrolijk feest annex jaarmarkt waarbij allerlei leuke evenementen plaats vinden. > Kermis
** Maaien, Hooi, Gewassen, Oogstfeesten

Oogstfeesten: > Koolhaas, Olde Wief, Stoppelhanen, Kermis
Ooievaar: symbool voor geluk en lang leven (#VARAtv/VroegeVogels 2015apr)

Oorlog:
()A: aesc (oorlogschip gemaakt van essenhout), afleaman (wegjagen, verjagen), afrian (bevrijden, vrijalten), afslegan (afslachten), afslog (afslachting), angol (pikhaak), angon (speer, lans > Angon), arwe, earh (pijl), awerian (afweren, verweren), awestan (verwoesten), bacclaeg (hinderlaag), baen (slagveld), ban (vlak terrein, slagveld), battan (slaan, strijden, vechten), batte (slaghout, knuppel), battel (strijd, veldslag), batteld (slagveld), battelfeld (slagveld), beald (=A bold), beatan (slaan, verslaan), bebeodan (bevelen, commanderen, aanvoeren), becca (steekwapen), behorsian (paard afpakken), besegan (belegeren, overweldigen), besege (belegering, overweldiging), betaelge (bataljon, leger, gevecht), blodscead (zn bloedvergieten), boga (boog; # wapen), bold (moedig, boud, dapper), braentscattan (brandschatten), bront (brand, vuur, zwaard), brunt (brandhaard > Brunt), busc (bus, geweer, geschut, kanon), buscmaester (geschutmeester), buscrut (buskruit), cealan (kelen, doden), cnocian (knokken, vechten), coun (koen, flink, dapper), creagan (strijden), creagar (strijder, krijger), cring (slachtoffer), cringan (omkomen in de strijd), critan (schreeuwen), cwellan (kwellen, doden), daegclip (dagorder), daegfor (dagmars), daegmaers (dagmars), dagga (kort zwaard), daggan (steken, doodsteken), dearr (durf, moed), dearran (durven), diedan (doden), dolle (dolk), dork (dolk), dorkan (doodsteken), drepan (treffen, slaan, doden), dulc (dolk), dulcan (doodsteken), dunsan (verpletteren, vernietigen), dunslaeg (vuistslag), earcere (boogschieter), eoh (paard), eorl (vorst, krijgsheer), faehdh (vete), faerarda (veldtocht, krijgstocht, acties), fana (vaan, vaandel, vlag), feaht (vecht, gevecht), feallkyl (valkuil), fellan (vellen, neerslaan), feoht (gevecht), feohtan (vechten), feonan (haten), feond (vijand), feondscip (vijandschap), feoht (gevecht), ferend (soldaat), ferth (vrede), fiend (vijand), fierd (leger, campagne), fierdwise (legerorder), fight (gevecht), fightan (vechten), filagan (doodsteken), flagga (vlag), fleaman (vluchten), fleon (vluchten), flette (schild, wapenschild), - up flette gehtah (op schild gehezen), flit (strijd), flitaex (strijdbijl), flothere (vlootleger, mariniers), fona (=A fana), for (tocht, mars, expeditie), forheowan (verslaan), frama (korte speer; >PgDix), franca (speer), freca (krijger, soldaat), freth (vrede), fridhu (vrede), fuhton (vechten), fultum (leger, troepen), fyrd (dienstplicht, weerplicht, leger), fyrdman (dienstplichtige, weerplichtige, strijder, soldaat, militair), gafeluc (speer), gar (speer, puntmes), garite (wachttoren, -huisje), gear (=A gar), gefeoht (gevecht), genota (bondgenoot), gesceot (geschut), gewiss (bondgenoot), glaefe (speerpunt, lancier), greotig (groots, fier, moedig, dapper, kranig), grima (masker, gezichtbeschermer), guth (strijd, veldslag), guthan (strijden, vechten), guthas (moed, durf, strijdvaardig), haet (=A hod), hasta (speer, lans > Hasten), hauw (=A how), hauwan (=A howan), hauwberc (maliŽnkolder), hearnes (harnas), heawan (=A howan), helm (helm), helmet (=A helm), heolstor (holster), here (leger, ON heir), hereban (dienstplicht), herebaen (herebaan, legerweg = brede weg voor verplaatsing van troepen; ON heirbaen), herebeorg (legerplaats, kazerne), herebyth (oorlogsbuit), herefeard (herevaart = krijgstocht), herereaf (legerofficier), heretuge (hertog, generaal), heriman (legerheld, oorlogsheld), heru (zwaard), heruta (slagveld), hod (hoed), hors (paard), how (zn houw, slag), howan (houwen, slaan, vechten), hros (paard), hundred (legergroep van 100 man uit zelfde regio), hwopan (dreigen), hyrst (tooi, wapenrusting), hyttan (slaan, treffen, raken), kiva (geschil, gevecht, strijd), lance (lans), leadere (leider, aanvoerder, gids), maers (mars), marescaelc (maarschalk), maesse (mes), mislecgan (misleiden), noys (lawaai, geweld, strijd, schade, ramp, wond), oferwiht (overwicht), orfeth (opgeven van strijd), orlegan (oorlog voeren, strijden), orlege (oorlog), orleglic (betwistbaar, bestrijdbaar), paes (vrede), paesmakere (vredestichter), piccaex (pikhaak, strijdbijl), picchoc (pikhaak), podder (poeder, buskruit), poddersticc (geweer), pongart (pongert, pikhaak), pongere (ponger, pikanier), praett (list), rad (raid, aanval, plundering), radian (raiden, aanvallen, plunderen), rand (rand, schild), reaf (officier), rease (veldtocht), rey (strijdgewoel), sacu (zaak, rechtszaak, strijd), saet (vrede), sahta (vrede), sate (vrede), scaeth (schede voor mes, dolk of zwaard), scatha (vijand), sceaft (speer), scearman (schermen), scearmere (schermer, zwaardvechter, strijder), scearmisse (schermutselingen), sceld (schild), sceot (schot), sceotan (schieten), scield (schild), scirman (schermen), scirmes (schermutseling), seaxe (saxe, kromzwaard > saxe), segan (belegeren, overweldigen), sege (belegering, overweldiging), sige (zege, overwining), sige heafan (zegevieren, overwinnen), sigor (winnaar, overwinnaar), slagan (slaan, verslaan), slean (slaan, verslaan, hakken, houwen, aanvallen, doodslaan, vermoorden), slecg (slagmes), slege (slag), slogan (=A slagan), slogt (slag, slacht, slachting, afslachting), spai (spion), spaian (spieden, bespieden, spioneren), spere (speer), spereheafod (speerhoofd = speerpunt), spian (spieden, bespieden, spioneren), spie (spion), sprincal (sprinkel = slagwapen), stelmate (patstelling), stout (moedig, dapper, flink, ondernemend), stoutlic (op moedige wijze), strael (pijl), strica (aanval, slag), strican (aanvallen), stricc (valstrik), stridan (strijden), stride (strijd), stridmaeccar (strijdmakker), strivan (streven, strijden, vechten), strogel (strijd, worsteling, gevecht), strogelan (worstelen, vechten, strijden), suk (=A sacu), sweord (zwaard), tacan (aanvallen, grijpen), taccan (verdeigen, zelfbevrediging), tacce (=A tac), tace (taak, taakgebied, werkgebied, bewakingszone, veiligheidszone), tente (tent), tentpal (tentpaal), thain (soldaat), thegen (soldaat), thegen (soldaat), threat (dreging), threatian (dreigen), thrym (macht, kracht), treg (strijd), tregan (strijden), tregar (strijder), trekiar (strijders), treowas (wapenstilstand), trewas (wapenstilstand), trop (troep), unslogt (afslachting, slachting), wacan (waken, bewaken), wacere (waker, bewaker, wacht), waelan (strijden, vechten, verslaan, doodslaan), waelere (strijder, vechter, soldaat), waelstede (strijtoneel, slagveld), waepen (wapen), waepenbrothor (wapenbroeder), waepennot (wapengenoot, wapenbroeder), walan (=A waelan), warnian (waarschuwen), warra (strijd, oorlog), warran (strijden, oorlog voeren), warrarere (strijder, soldaat), warrcray (strijdkreet), wearnian (waarschuwen), wera (soldaten), werian (weren, verweren), weringe (verweer, afweer, verdediging, gevecht, strijd), wicha (gevecht, strijd), wichan (vechten, strijden), wiga (=A wicha), wigan (=A wichan), wigman (strijder, vechter), wilmod (moed, durf), wilmodig (moedig, kordaat), winnan (winnen, strijden, lijden, streven), wulfkyl (wolfskuil = valkuil met gepunte stokken afgedekt met takken en bladeren), wund (wond, ramp), wundan (verwonden), wycha (=A wicha), wychan (=A wichan)
8000-4000vC Neolithicum: Mensen gaan dieren fokken en planten kweken voor eigen onderhoud, maken stenen gereedschap en gebruiken vuurstenen om vuur te maken. Ontstaan van landbouw, veeteelt, begrip eigendom, eigendomsrechten en eigendomsconflicten c.q. strijd en oorlog. > PgGen/Neolithicum
650vC++: Oorspronkelijk lukt het de Germanen niet om een stad succesvol te veroveren. Steeds vluchten de inwoners achter hun onneembare schansen. Daarom gaan ze steden blokkeren, waardoor de inwoners zich vaak snel gewonnen geven. > Krijgskunde
300vC++ Strijdkreet: Anglaland is een oude strijdkreet van de Angelen. O.a. gebruikt door koning Alfred de Grote in Engeland rond 890nC:

Cym on thaen. Ic will taceth thou ealle on, thee weancre. Anglaland! Anglaland!
ofwel:
Kom op dan. Ik zal je allemaal pakken, gy slappelingen. Anglaland! Anglaland!
Deze strijdkreet is kenlijk meegenomen door de Angelen uit Angelland (Anglaland) naar Brittannia tijdens de massamigratie in 450-550nC. (> MCAB, Anglaland) Ze is bedoeld om de vijand af te schrikken en zichzelf moed te geven.
300vC++ Up flette gehtah: = op het schild gehesen. Soldaten die bizonder goed hebben gevochten, worden door hun kameraden op het schild gehesen en rond gedragen.
 
300vC-700nC: Rechts: re-anactment van jonge krijger met Anglische outfit, speer en dagga. Aan de speer hangen linten in de kleuren groen en wit van het Anglisch koningshuis. (foto ©)
 
50vC-800nC: In deze periode is Wodan een belangrijke god van de Angelen. Hij belooft het Walhalla aan alle moedige strijders die in de strijd zijn omgekomen. > Walhalla
250nC++: Oorspronkelijk lukt het niet om een stad succesvol te veroveren. Steeds vluchten de inwoners achter hun onneembare schansen. Daarom worden steden geblokkeert, waardoor de inwoners zich vaak snel gewonnen geven.#KVN
415nC Tiw: Bron WAB/p82 schrijft: The names of some of the ancient English deities are preserved to us in our words denoting the days of the week. ... "Tuesday" is Tiwesdaeg the day dedicated to Tiw, the dark god of war. > Tiwaz
 
425nC: Rechts een relief in steen, voorstellend koning Offa van Angeln rond 425nC. Zijn outfit is kenmerkend voor Anglische krijgers in de periode 500vC-1000nC. I.b. de grima, de speer (lans), het korte zwaard (dagga), de korte strijdbroek en het schild met zonnerad. (> Zonnerad) Dit symbool is gelijk aan Hagal en het Hagelkruis. Een oeroud Anglisch symbool dus. Kenlijk bedoeld om heil en geluk te bereiken en te beschermen in de strijd.
> Offa van Angeln, Anglavlag

450nC++ Angelen zijn uitstekende boeren, die veel landwerk doen. Zij fokken dieren die in deze tijd nog veel te zien zijn. Bijen houden gebeurt op grote schaal. Ze zijn uitstekende jagers, die gek zijn op honden en paarden. Valkenjacht is een populaire sport. Soms moeten ze vechten voor hun landheer. Thuis voelen ze zich echter het meest gelukkig. Hun vredelievende aard maakt hen later trouwe aanhangers van het Christendom. #WAB/p171

    

500nC: Boven: Re-enactment van een gevecht tussen Anglische strijders (links) en Saxen (rechts) rond 500nC. (foto ©) De Anglische strijder uiterst links houdt een speer met linten in groen en wit, de typisch Anglische kleuren.
1060-1600 Europa: In oorlog spaart de adel adelijke militairen van de vijand. Zij mogen blijven leven. Commoners en outlaws zijn gewone strijders. Zij worden gedood. #BBCtv/11.6.2015 ProfBartlett/Cambridge University
2012: Jane Goodall bestudeert in Tanzania vele jaren chimpansees. Zo ziet zij dat deze apen zorgvuldig takjes uitzoeken, de blaadjes ervan aftrekken, ze verderop in een termietenheuvel steken en er termieten mee vangen, die ze daarna lekker oppeuzelen. Ook ziet ze hoe chimps onderling oorlog voeren met stokken en stenen. (#Trouw 23.5.2012) Rond 78 miljoen jaar vC verschijnen de eerste chimpansees ter wereld in Midden en West Afrika. Drie miljoen jaren later verschijnen de eerste oermensen in Kenya. Gereedschap maken en oorlog voeren lijken dus ouder dan de mensheid.
2016: Je moet je richten op winnnen. Niet op verliezen. #VARA/Pauw/hardloper 5.9.2016
** Vechten, Krygskunde, Leger, Wapens, Paarden, Situaties, Agressie, Veiligheid, Vestingen, Spionage, Vijanden, Zelfverdediging

 
Oorlogen: (ORL:)
betreft oorlogen van of tegen Angelen in Angelland
205vC-500nC: Angelland vaak aangevallen door Denen, Romeinen, Saxen, Swaefen of Franken. De Angelen verslaan en verdrijven steeds hun vijanden met succes.
> HCAB
200vC-- Denen teisteren Oost Angeln. Prins Arwin van Angeln drijft ze terug naar Denemarken. > Arwin van Angeln
50vC-800nC In deze periode is Wodan de Anglische god van de oorlog. Hij belooft het Walhalla aan alle moedige strijders die in de strijd zijn omgekomen. > Walhalla
9nC---- Slag in Teutoburger Woud > Varus
150---- Angelen verslaan de Saxen bij Bremen > Angel-Saxen, NOVL
150---- Angelen bereiken de Rijn > ASA
150++-- Angelen vallen regelmatig Romeins gebied langs Rijn binnen > Rijnland
166-180 Marcomannische Oorlog > Thorsberg
200-274 Angelen verwoesten de Romeinse grensposten langs de Rijn > PgAng/ARV
200-500 Denen teisteren Angeln > Angeln
235---- Angelen verslaan Romeinen bij Oldenrode/Hannover > Oldenrode
345-360 Oorlog in Holstein > Freawin (gb 320nC)
405---- Offa van Angeln verslaat de Saxen bij Bremen > Offa van Angeln (gb 385)
405---- Offa van Angeln verslaat de Swafen bij Fiveldore in Groningen > Fiveldore
449---- Offa van Angeln stuurt troepen naar Brittannia > Vortigern
468---- Anglische vloot van 400 schepen uit Haithabu naar de Rijnmond > Radiger
500-700 Angeln geleidelijk veroverd door de Denen > Angeln: De grote trek 4
600---- Anglisch rijk Thuringen veroverd door Saxen en Franken > Thuringen
1227--- Slag bij Ane > Ane
** Zelfverdediging, Machtpositie, Anglische macht, Wapenfeiten, NOVL, ACO, Pg/AnglaTimes

Oorlogsschepen: > Oorlogsvloot
Oorlogsvlag: > Anglavlag
Oorlogsvloot: > vloot

Oost Angle: (OAN:)
= huidig (2010) Nedersaxen + Westfalen
De regio wordt rond 600nC bevolkt door Saxen ten oosten van de Elbe. Vele Angelen vluchten dan naar West Angle.
** Angle, Saxen, Saxenland, Nedersaxen, KHS, West Angle

Oost Anglisch: > Anglisch

Oosten: (OST:)
¶ De voordeur van huizen en panden is sinds de oudheid vaak gericht op het Oosten, daar waar de zon opkomt. Dat heeft te maken met de oeroude verering van de Zon. > Zonnecultus
650vC++ Eostre: Anglische godin van de dageraad, vruchtbaarheid, landbouw, lente, nieuwe groei en wedergeboorte. Dit geeft aan welke belangrijke culturele rol de zon speelt bij de oude Angelen. > Eostre
2013 Patagonia: Gebied in Argentinia. De Mapuchť Indianen zijn de oudste bewoners. Zij wonen daar al vele eeuwen bevoor de komst van de Spanjaarden in de 16e eeuw. Zij geloven in geesten en goden. Hun huizen bouwen ze gericht op het oosten om de zon te vereeren. (MAXtv Erica Terpstra 27.12.2013) NB:
--- 200.000-150.000vC: Noord en Zuid Amerika raken los van Afrika en Europa (#BBC2 23.6.2013) Dit lijkt te betekenen dat de Zonnecultus al in die tijd bestaat.
2016 India: Hindu tempels hebben de hoofdpoort op het Oosten gericht, i.c. daar waar de zon opkomt. Als teken van liefde en respect voor de Zon, de brenger en hoeder van al het leven. #BBC4tv/25.10.2016
** Zonnecultus

Oosterbeek:
Dorp bij Arnhem. De regio wordt rond 150vC bevolkt door Angelen uit de regio Apeldoorn en Beekbergen. (> ASA) De naam lijkt derhalve afgeleid van Anglisch Eostre (Eastre = Anglische godin van de dageraad, vruchtbaarheid, landbouw, lente, nieuwe groei en wedergeboorte) + bece (beek). Dus: de beek van Eostre. Ofwel: de beek waar Eostre werd vereerd. > Eostre
Bilderberg: Dit is een zandhoogte bij Oosterbeek. De naam lijkt vrij zeker afgeleid van Bylder (Balder = Anglische god) + beorg (berg, heuvel). Dus: de berg van Balder. Ofwel: de berg waar Balder werd vereerd. > Balder
De beek: Deze is afgebeeld op het schilderij Heuvelachtig heidelandschap met watermolen aan een beek van J.W. Bilders (1811-1890) van de Oosterbeekse School.
Duno Heveadorp: (50nC++) De Duno is een oude schans op een stuwwal zuidwest van Oosterbeek, tussen Heveadorp en Doorwerth, uitlopend tot aan de Neder Rijn en grenzend aan de Limes. Ze fungeerde als wachtpost van de Angelen, die aldaar de Romeinen in de gaten hielden. Naar schatting is de schans gebouwd rond 50nC, vlak na de bouw van de Limes. De naam Duno is vrij zeker afgeleid van Anglisch dune = duin, heuvel. Kennelijk is dit de genoemde stuwwal.
 

Oosterhesselen:
Dorp in ZO Drente, oostelijk van Coevorden. De regio wordt rond 300vC bevolkt door Angelen uit Noord Drente. De naam lijkt derhalve afgeleid van Anglisch heassa (heze, hees = bos van bomen of struiken van ťťn soort) + le (klein).

¶ In het centrum van Oosterhesselen staat een miniatuur hoeve die gezien de stijl gerekend moet worden tot de Anglische bouwstijl rond 1000nC, zijnde een prototype van het Hallehuis. © TiedLight
 

¶ Foto rechts: de achterkant van bovenstaande minihoeve. Duidelijk is te zien de inkeping met deur naar de stal waar koeien, paarden, geiten en/of varkens werden gehouden met daarboven de hooizolder. © TiedLight
** Hallehuis
 

 
Oostnederlands: (ONL:)
De streektalen van NO Nederland worden vaak Nedersaxisch genoemd. Het is de vraag in hoeverre dat terecht is. BeÔnvloeding door het Nedersaxisch in de Duitse deelstaat Nedersaxen is zeker mogelijk. Maar in welke mate? Wordt niet al te gemakkelijk vergeten dat de infiltratie van grensstreken in NO Nederland door Saxen uit Oost Duitsland rond 775nC per saldo beperkt was? > Saxen
¶ Anno 2009 lijkt NO Nederland voor circa 73% van Anglische herkomst. (> AFA) De Oostnederlandse streektalen lijken derhalve in gelijke mate te stoelen op de oude Anglische taal. Door migraties en isolementen zijn her en der differentiaties ontstaan. Deze betreffen vaak de klinkers in de woorden. Zo kan Anglisch crawe (kraai) daardoor de regionale verschillen kra, krŤ en krŰ opleveren.
¶ De overige 27% roots van NO Nederland bestaat voornamelijk uit Saxen en kleine volkstammen (Chamaven, Chauken, etc) die sinds de Anglische immigratie geleidelijk zijn opgenomen in de bevolking van NO Nederland.
** TAES, West Anglisch, Oud Nederlands, Nedersaxisch, AFA, LFA

Oostum:
Gehucht nabij het Reitdiep onder Garnwerd in Groningen. De oudste vermelding van de naam is Astnem op de lijst van Werden (WEW p74) circa 1025nC. De naam is afgeleid van Anglisch ast (oost) + ham (heem, huis, oord). De regio zal rond 500vC zijn bevolkt door Angelen uit de regio Emden in Eemsland.
¶ Er is een Eastham bij Liverpool in NW Engeland, waar sinds circa 500nC overwegend Angelen wonen.
** ASA

Ootmarsum:
Stad in Twente. Aias Homersem, Omershem (1233nC++). #Quedam/p108
¶ De naam Omershem zou volgens een oude legende zijn afgeleid van ene Odimar (c 77-127nC), zoon van Recmar (c 57-117nC). De naam Ootmarsum zou dan zijn afgeleid van Odimar + hem (heem, oord). Diverse bronnen menen echter dat dit verhaal is bedacht rond 1500nC door een abt in het klooster van Sponheim (Duitsland).
¶ Recmar en Odimar zouden volgens dezelfde legende Frankische vorsten zijn. De Franken verschijnen echter pas rond 287nC aan de Beneden en Midden Rijn. In 734nC veorvert de Frankische koning Karel Martel Friesland tot aan de Lauwers (# Quedam/pVI). Selchts weinig Franken settelen zich daarna in de Betuwe en de Veluwe. De legende lijkt op dit punt ook al fout en mogelijk zelfs inderdaad frauduleeus, zoals diverse bronnen stellen.
¶ De regio wordt rond 225vC bevolkt door Angelen uit het Vechtdal. De naam lijkt derhalve afgeleid van Anglisch ald, old (oud) + mersc (laag grasland dat vaak overstroomt wordt, moeras) + um, ham (huis, heem, oord). Dus: het oord bij het oude veen.
¶ De genoemde mersc (laaggelegen grasland dat vaak overstroomt wordt) lijkt gelegen te hebben in Oud Ootmarsum aan een zijrivier van de Dinkel, zoals is te zien op kaart 36 van bron RZA (1773). Dit is dan tamelijk zeker het gebied met de naam De Mors, dat sinds 1996 een industriepark is. (kaart Oost Twente; ANWB 1996)
Bergvrede: Dit was een oude motte van hout, staande op een heuvel en omringd door een gracht en palissaden. Volgens deskundigen gebouwd rond 1150. Motten worden echter in die tijd al gebouwd van steen. En rond 650nC wordt al gebouwd met zandsteen. Mogelijk is de Bergvrede dus aanzienlijk ouder. Ze kan dan zijn gebouwd rond 700nC als bolwerk tegen de Saxen. Als zodanig vormde ze dan ooit een belangrijke schakel in de verdeigingslinie langs de Duitse grens tussen Oude Schans in Groningen tot aan de Rijn nabij Zevenaar.
** ASA, Motte, Steenbouw, NOVL

Openheid: (OPH:)
Zie de wereld. Hoor de wereld. Voel de wereld. Ruik de wereld. Wie bij zichzelf blijft, die staat sterk. Wie bij de goede normen en waarden blijft, die kent de weg. De meester is gerust en volgt de goede weg. Wie de goede weg blijft volgen, die zal veel bereiken. Meer kan een mens niet doen. #SRK
** NEW

Opland: (OLN:)
Anglisch upland = hoogland, hoog gelegen land; ON opland
Locaties:
Massop in Gendringen/Achterhoek
** Hoogland

Opmaak: > Uiterlijk

Optimalisme: (OPM:)
1941-45: Nederlandse gevangenen in de Japanse kampen in Nederlands-IndiŽ worden zwaar mishandeld en ondervoed door de Jappen. Velen komen om in deze hel. Anderen proberen van elke dag iets leuks te maken ondanks alle verschrikkingen en ellende. O.a. door onderlinge solidariteit, zingen, voetbal en lezingen. Dat sterkt hen mentaal enorm. Velen van hen weten daardoor te overleven. #FRI > PgKbg/Jappekampen, IndonesiŽ
¶ Steeds het goede doende en het onnodig kwade latende, bereikt men uiteindelijk het hoogst bereikbare. De meester buigt voor onmacht en ondergaat het lijden. Meer kan een mens waarlijk niet doen. #SRK
¶ Te veel van het goede is niet goed. Te weinig van het goede is ook niet goed. Het optimum is precies het goede. De meester zoekt het optimum en vaart immer wel. #SRK
¶ Hou het goede vast, doch laat los wat onnodig hindert of kwelt. De meester buigt voor onmacht en ondergaat het lijden. #SRK
¶ Wie de hemel zoekt, moet soms door een hel. De meester volgt de goede weg en ondergaat het onvermijdelijk lijden. Meer kan een mens waarlijk niet doen. #SRK
** Positivisme, Hagalaz, Carpe Diem

Optimisme: (OPT:)
2015: Oud en gelukkig volgens Eefje van Hees (98 jaar) in Zaandam:
- 1. blijf lekker bezig
- 2. maak je eigen keuzes met je hart
- 3. laat je niet uit het veld slaan door tegenslagen
- 4. blijf optimistisch
- 5. wees een betrokken medemens
- 6. geniet van het leven
- 7. doe gewoon, dan doe je al gek genoeg

# DeTelgraaf/8.9.2015
** Positivisme

Opvoeding: (OPV:)
()A fostor (opvoeding), upsettan (opvoeden), uptaegt (opvoeding), uptian (opvoeden)
** Onderwijs

Oranje:
()A: orranny (oranje)
Symboliek: Oranje is een mengkleur van rood en geel. Rood = liefde en kracht. Geel = geluk. Derhalve is oranje = liefde, kracht en geluk. Oranje is ook de kleur van de opgaande en ondergaande zon. > Kleuren
Zonnecultus: De Angale Angelen zijn primair zonaanbidders. De zonnecultus is een erfenis van hun verre Arische voorouders. > Angalisme, Zonnecultus
Voordeur: De vereering van de zon gaat zover dat Angale Angelen hun voordeur bouwen in de richting van het zuidoosten, waar de zon voor hen opkomt. > Zonnecultus
Orison: Anglisch orison = gebed, bede. Mogelijk heeft dit woord te maken met de horizon en de oranje gloed van de opkomende zon.
Vruchtbaarheid: Oranje is ook het symbool van de vruchtbaarheid. Vruchten met veel pitten zijn namelijk vaak oranje. #SYM
3000vC++ Hinduisme: Hindupriesters dragen een lang wit gewaad en een lange halsdoek in oranje. Het witte gewaad staat voor zuiverheid en wijsheid. De oranje halsdoek staat voor de verbondenheid met het goddelijke.
300vC++ Boeddhisme: Boeddhistische monniken dragen lange oranje gewaden.
** Priesters

Orde: > Eawa, Ordehandhaving
Orde en Chaos: (OEC:) > TaoÔsme, Perfectie

Ordehandhaving: (ODH:)
Over de ordehandhaving in Angelland is vooralsnog weinig bekend. Ordeverstoring in regio's lijkt te worden aangepakt door sturen van een leger van de directe bestuurder van de regio naar het onrustgebied. Verder zal een goede regering zorgen voor goede wetten, die zo goed mogelijk tegemoet komen aan de wensen en belangen van de inwoners om daarmee onnodige onrust te minimaliseren.
** Regering, Politie, Veiligheid, Rechtspraak

Ordebewaking: (ODB:)
Anglisch scergerefa (scirgerefa, scirreeve) = scergraaf = ordebewaker in een scire (graafschap); ME sheriff
** Ordehandhaving, Politie, Sheriff, Veiligheid

 

Ornamentiek: (ORM:)
450nC++ De huizen van de Angelen zijn stevig en van hout, vrolijk geschilderd met lichte kleuren en versierd met ornamenten. #WAB/p36
Rechts: oud paneel in typisch Anglisch ornamieke stijl en de typisch Anglische kleuren rood, geel en blauw.
 

 

1650: Rechts: oude tegel met plantmotief in Anglische stijl (c 1650 AD)
** Huizen, Kleuren, Trilogie
 

 
Orvelte: (ORV:)
Museumdorp in Drente. De regio wordt rond 300vC bevolkt door Angelen uit Zuid Groningen. (> ASA) De naam Orvelte lijkt derhalve afgeleid van Anglisch ora (oer, ijzeroer) + felda (velden). Dus: Oerveld = de velden waar ijzeroer wordt gevonden.
--- Volgens lokale overlevering is de naam Orvelte afgeleid van or (oer) (over) + veld. Dus: over 't veld. De betekenis hiervan is onduidelijk.
--- 500vC++: De yzerwinning in NO Nederland begint rond 500vC. (> Yzer) Het is dus goed mogelijk dat zulks ooit ook gebeurde in Orvelte.
--- Anglisch ora = oer = ijzeroer = moerasijzer. Het lijkt dus mogelijk dat in Orvelte ijzeroer is gevonden. Kaart RZA/1773 toont dat Orvelte in die tijd vrij zeker in of nabij een groot moerasgebied ligt.
--- In de streektaal van midwest Drente is orra = ijzeroer, moerasijzer. (> Dixicon) Dit sterkt de these dat Orvelte de historische betekenis heeft van velden waar ijzer (i.c. moerasijzer) wordt gevonden.
¶ Hoeve Borckerhof staat in Orvelte aan de Flintenweg. Flint is exclusief Anglisch voor flint, vuursteen. Orvelte lijkt derhalve inderdaad een oude Anglische nederzetting.
** Borckerhof, ASA, PgLinks/Orvelte

Ossehoorn: > Ossenhoorn, Koehoorn

Ossekermis:
()A brandwine (brandewijn), oxcermes (ossekermis)
¶ Oud gebruik in de slachtmaand (oktober). Na het slachten van een os komen mensen bij elkaar. Ieder deelnemer moet schatten hoe zwaar de os heeft gewogen. De schattingen worden genoteerd, getotaliseerd en gedeeld door het aantal schattingen. Wie het dichts bij het gemiddelde ligt, krijgt een vles brandewijn. #ALT/Apeldoorn/p302

Ossen:: (OSS:)
()A bollard (stierenwei = wei met jonge stieren), bolle (=A bule), bul (=A bule), bule (bul, stier), bullart (=A bollard), gorel (gareel = halsjuk), hesscarre (hessenkar = ossenkar), hide (maximale omvang land dat in een smalle aaneengesloten reep ossehuid past), os (=A oxa), oxa (os), oxa (1 morgen = 0.9 Ha = de omvang van het land, dat een boer met een span ossen in 1 morgen kan ploegen), oxan (ossen), oxblod (ossebloed; gebruikt als soort menie om muren te verfen), oxbour (ossenboer, ossenfokker), oxcaemp (ossenveld), oxcarre (ossenkar), oxceapa (ossenhandel), oxcyle (ossenkuil = laagte waar ossen weiden), oxdrifere (ossendrijver), oxeagth (osseneg), oxenere (=A oxbour), oxhide (ossehuid), oxhorn (ossehoorn; # blaasmuziek), oxig (goedmoedig, traag), oxjuc (ossenjuk = juk voor twee ossen bij ploegen), oxland (ossenwei), oxmaerct (ossenmarkt), oxman (ossenboer, ossendrijver), oxmod (rustig, eenvoudig, degelijk), oxpenn (kleine ossenweide), oxwa (ossewagen), oxwaeg (ossenweg = weg waarlangs ossen werden gevoerd naar ossenmarkt > Ossenweg), oxwaegn (=A oxwa), oxwaen (=A oxwa), oxweard (ossenwaarde = uiterwaarde waar ossen grazen), rhither (ossekop), uroxa (oeros, oerrund)
8000-4000vC Neolithicum: Mensen gaan dieren fokken en planten kweken voor eigen onderhoud, maken stenen gereedschap en gebruiken vuurstenen om vuur te maken. Ontstaan van landbouw, veeteelt, begrip eigendom, eigendomsrechten en eigendomsconflicten c.q. strijd en oorlog, politieke besluitvorming en religie: heuvels met ringgrachten, altaars, offeren van ossen en begrip van ziel en hemel.
> PgGen/Neolithicum
2000vC++: Ossen zijn gecastereerde stieren. Door casteratie zijn ze minder agressief dan stieren en beter geschikt als trekdier. De os is bij de AriŽrs en andere volken (o.a. Hindu's en Grieken) het symbool van moed, kracht en goedmoedigheid.
600vC: Grieken offeren ossen om de goden te behagen. #BBC4tv/Ancient Greece 26.7.2016
500vC: Rond deze tijd settelen Angelen uit NO Groningen in Drenthe. Graslanden zijn er echter schaars. Vaak uren gaans van de boerderij. Om het vee daar te kunnen laten grazen bouwen de boeren daar zgn boos (veestallen). Onder begeleiding van een veehoeder kan het vee (vooral ossen) daar dan grazen en overnachten. In Nieuw-Schonebeek (ZO.Drente) staat anno 2012 nog een oude boo, die in 1645 wordt genoemd. # HDB, FRI
500nC++: Yeavering is een stad in Bernicia, Northumbria in Noord Engeland, langs de Noordzee kust tussen Yorkshire en Schotland. Yeavering wordt al vroeg bewoond door Angelen, die vrijwel zeker afkomstig zijn uit Jever in Ost-Friesland, dat in die tijd Anglisch gebied is. (> Mega Angle) Bron RRA schrijft over Yeavering:

Noteworthy here is a massive, high post outside the [pagan] temple to the north-west, certainly with ritual significance, i.e. a mana-pool, equivalent to the Pacific totem poles (p. 43-4); and furthermore the pit by the door filled with the skulls of oxen. "To the west there was a building probably used as a kitchen for cooking the ceremonial feasts. Associated with this structure was an area apparently reserved for butchering the sacrificial beasts. It contained many remains of the long bones of oxen, but, significantly, not skulls - they ended up in the temple" (p. 45)
...
"In Scandinavian paganism animals, particular oxen, were offered to Freyer on his annual journey ... The ritual sacrifice of oxen is a feature of Anglo-Saxon paganism evedenced repeatedly by archaelogy and confirmed by historical document." (p. 45)
Ossensites: Osbroek/Langelo/Dr, Osbroek/Tynaarlo/Dr, Oshaar/Coevorden, Oshaar/Koekange/Dr, Oss/N.Brabant, Osschaert/Uddel, Ossebroeken/Anderen/Dr, Ossehaar/Coevorden, Ossekoele/Diever/Dr, Ossel/Enschede (= Usselo), Ossenbelt/Lochem, Ossenberg/A50/Heerde*, Ossenberg/Overberg, Ossenbos/Hengforden, Ossenbroek/DeHeug/Beers, Ossenbroek/Zuidlaren, Ossendal/Velp, Ossendrecht/BergenOpZoom, Ossendijk/Borne/Tw, Ossendijk/Bornerbroek, Ossendijk/Geesteren/Tw, Ossendijk/Lochem, Ossenhoeve/Terwolde (1648), Ossenholt/Vierhouten, Ossenisse/Terneuze, Ossenkamp/Afferden. Ossenkamp/N.Empe (1648), Ossenkamp/Voorst, Ossenkamp/Wierden, Ossenkolk/Nijbroek, Ossenkolkweg/Gortel/Veluwe, Ossenkolkweg/Terwolde, Ossenpad/Kootwijk, Ossenveld/Apeldoorn, Ossenveld/Warnsveld, Ossenwaard/Deventer, Ossenwaard/Lobith, Ossenwaard/Utrecht, Ossenweerd/Lobith, Ossenweg/Biessum/Delfzijl, Ossenweg/Duitsland (> Ossenweg), Ossenweide/Havelte, Ossenweide/Meppel, Ossenweide/Nybroek/Gld (1648), Ossenweide/Tilburg, Ossenweide/Uffelte, Ossenweide/Zoetermeer, Ossenzijl/Weerribben, Oxe/Gorssel, Oxevoorde/Oxe, Oxwerd/Noordhorn/Gro, etc.
Verering: De veelheid aan locatienamen met de term Os~ duidt dat ossen bij de Angelen een belangrijke plaats innemen en op grote schaal worden gehouden. O.a. als trekdier voor wagens en ploegen en als offerdier. Dat zal te maken hebben met de enorme kracht van ossen en hun rustig gedrag, goedmoedigheid, tembaarheid, gewilligheid, vlees, huid en hoorns.
¶ Stad Groningen voert al sinds oude tijden een belangrijke ossenhandel.
** Koeien, Pascoe, Gadhimai, Nerthus, Oxe, Oxevoorde, Grazers, Ossenwaard

Ossenbloed:
Anglisch: oxblod. Werd o.a. gebruikt als verf voor muren, vloeren en houtwerk ter bescherming tegen weerinvloeden.
** Watul, Plekenpol, Bruntingerhof

Ossenhandel:
Stad Groningen voert al sinds oude tijden een belangrijke ossenhandel. Ossen worden gekocht in Denemarken en mogen dan enige maanden grazen in de weiden rond de stad. Als ze vet genoeg zijn worden ze doorverkocht. Veel van deze ossen gaan op boten naar Dieppe (Duinkerken) in NW Frankrijk om vandaar in Engeland afgeleverd te worden.
1300++: Vette ossen zijn een Groningse specialiteit. In 1399 geeft de stad 50 kado aan de graaf van Holland. Uiteraard niet zonder tegenprestatie, gezien het oeroude Gronings adagium Wat kan'k eran verdainen? Ook sturen ze vette ossen naar Brussel om ambtenaren om te kopen.
1469: Later kopen Groningse handelaars ossen uit de omgeving zelf en uit Ost Friesland. Ze drijven de ossen dan naar Groningen waar ze vet gemest worden op de weiden rond de stad. Als ze vet zijn, worden ze gedreven naar steden in Westfalen, Holland en Brabant. Dat is vaak big bussiness. In 1469 verschijnen 12 Groningers met 1200 ossen op de markt van Den Bosch.
1588: Het transport van ossen over lange afstand kent gevaren. Ossen worden vaak onderweg geroofd door boeventuig. De Groningse handelaars eisen daarom veiligheid i.c. gewapend toezicht. Desondanks beroven soldaten bij Lochem in 1588 koopman Johan van Dalen van al zijn ossen. Andere kooplieden worden beroofd van al hun geld en goed.
** Ossenmarkten, Ossenweg, Veehandel
# ALT/Groningen, DAB

Ossenhoorn: (OSH:)
Anglisch: oxhorn. Oud blaasinstrument. Archeologische vondsten in Friesland tonen aan dat de ossenhoorn al rond de jaartelling wordt bespeeld in NW Europa. In die tijd wonen nog geen Friezen in Friesland. (> Friezen) Aangezien daar in die tijd hoofdzakelijk Angelen wonen, zal de ossenhoorn zeker een blaasinstrument zijn dat door de Angelen wordt bespeeld.
¶ De hoorns zijn circa 60 cm lang en zijn derhalve mogelijk afkomstig uit Egypte. In het Dodenboek van de oude Egyptenaren (c. 1580vC) en op oude Egyptische bouwwerken staan koeien afgebeeld met hoorns, die omgerekend zeker 70 cm lang zijn. De handel met Egypte verliep via Kreta en bestond al rond 2000vC.
650vC++: Haithabu heeft handelscontacten met Kreta. (> Kreta) Kreta heeft handelscontacten met Egypte en het Nabije Oosten. Mogelijk hebben de Angelen de ossenhoorns via Kreta uit Egypte geÔmporteerd. Het hoornblazen in Angelland kan dus al dateren van circa 650vC.
Olde Roop: Tot in de 19e eeuw klinken in de periode 25 december tot 6 januari de lange klagelijke klanken van de ossenhoorn over het land tussen de schemering en middernacht. Men deed dat om de boze geesten te verdrijven en het het nieuwe licht van de zon te verwelkomen. Dit gebeurt anno 2010 voornamelijk nog in Twente, de Achterhoek en Oost Drente. Vooral in Markelo, Ambt Almelo en Oele (Hengelo). > Olde Roop
** Koehoorn, Muziek
# FRI, WP, DAB, KBG

Ossenhuiden:
28nC: Angelen in Noord Holland komen in opstand tegen hoge belastingen Romeinen te betalen in ossenhuiden. #OSR/p11
** Hid

Ossenmarkten:
Anglisch: oxmaerctan. Ossenmarkten zijn markten waar sinds de oudheid ossen worden verhandeld. Bekende ossenmarkten zijn die van Lunenburg (Ochsenmarkt oude centrum) en stad Groningen (Ossenmarkt nabij NoorderHaven).
** Ossenweg, Ossenhandel, Veehandel

Ossensites: > Ossen

Ossenwaard:
Alias Oxwearde. Uiterwaarde langs de Yssel bij DeWorp/Deventer. Het gebied is 60 Ha groot, bestaat voornamelijk uit natuurgebied en wordt regelmatig overstroomd door water van de Yssel. De Ossenwaard is vroeger daarom ook altijd gebruikt als zomerweide voor ossen. Voor melkvee is ze te zandig en nat.
¶ De regio wordt rond 200vC bevolkt door Angelen uit Twente. De naam lijkt derhalve afgeleid van Anglisch oxa (os) + weard (=A weorth = wierde, waarde = buitendijks laag gelegen land; ON weurt, waerd, waert). Dus: een waarde waar ossen grazen. # Hazepad wandelingen (Stichting Yssellandschap, Deventer oktober 2009), KBG, FRI
** Oxwerd

Ossewagens: (OSW:)
()A oxcraet (ossekar), oxwaegn (ossewagen)
100vC: Bructeri komen met ossewagens en settelen in de regio Brucht. (#HED/p7) Ze zijn een onderstam van de Angelen. > Hardenberg
1850++: Rijssen heeft in de 19e eeuw nog geen spoorverbinding. Daarom moet de jutefabriek daar de grondstof uit India per ossewagen uit Deventer halen. #KUOZ/p59
1957: In dat jaar is de ossekar nog steeds in gebruik op Sumatra. Daar heet ze kereta lembu: Anglisch: oxcraet.
** Voertuigen, Migratie

Ossenwagens: > Ossewagens

Ossenweerd:
Locatie bij Lobith. De regio wordt rond 150vC bevolkt door Angelen uit Slingeland. De naam Ossenweerd lijkt derhalve afgeleid van Anglisch oxa (os) + wyrth (weerd, waard).
** ASA

Ossenweg: (OSW: 2000vC++)
Ook Oxenweg genaamd. Anglisch: Oxwaeg. Zeer oude handelsoute van Noord Jutland door Angeln en Holstein naar Midden Europa, langs o.a. Viborg (Jutland), Kolding/Koningsgau, Hadersleben, Flensburg, Rendsburg, Neumunster, Itzehoe en Hamburg. De weg dankt haar naam aan het transport van ossen uit Noord Denemarken naar het zuiden. De ossen worden tot in de 19e eeuw vetgemest in Denemarken en daarna over de Ossenweg naar het zuiden gedreven. O.a. naar Lunenburg en stad Groningen, waar ze worden verhandeld op de Ossenmarkten aldaar. gelegen buiten de stadswallen nabij Noorder Haven. (> Veehandel) De weg is feitelijk een verzameling van wegen, waarlangs ook kooplieden, marskramers, ambachtslieden, pelgrimvaarders, migranten, ridders en soldaten trekken. Vanaf de Ossenweg zijn diverse aftakkingen naar Noord en Oost Nederland. De Ossenweg dateert al uit de Bronstijd (2000-800vC) en wordt vele eeuwen gebruikt voor transport van o.a. koper en tin uit Midden Europa naar het noorden. Het is vrij zeker dat de Angelen via deze Ossenweg sinds circa 450vC naar zuidelijke regio's op het Continent migreren, waar vele van hen later verder migreren naar Engeland.
** Biessum, Ossen, Wegen, Angelen, Veehandel, Cowboys
# geschichte-s-h.de 8.6.09, KBG

Ossenwegen: > Ossenweg, Ossen
Osseweg: > Ossenwegen
Ossewegen: > Ossenwegen

Otters:
()A otter (otter), otterspear (otterspeer = speer om otters te vangen), ottor (otter)
200vC++: In Wetwang (NO Yorkshire) is in 2013 gevonden een spiegel gemaakt van metaal (brons?), versierd en gevoerd met bruinrood otterhuid. De vondsten zijn gedateerd op circa 200vC. Archeologen denken dat spiegels werden gezien als vensters naar een andere wereld. Temeer daar mensen in die tijd:
- geloven dat meren een medium zijn tussen de aardse wereld en de andere wereld
- en dat otters heilige dieren zijn die tussen deze wereld en de andere (diepere) wereld heen en weer zwemmen.
#BBC4tv Wetwang 21.1.2014
** Zielkunde, PgAng/Wetwang

Ottomanen:
Aziatisch volk afkomstig uit Centraal AziŽ, ongeveer bij Kazachstan. Later worden ze ook wel Turken genoemd.
1400nC++: De Ottomanen veroveren Turkeye.
1453: Constantinopel veroverd door de Ottomanen (Turken), vooral door verraad en lafheid van de top van de Christelijke Kerken van Rome en Constantinopel. Sindsdien heet de stad Istanboel. > Constantinopel
1500++: Ottomanen veroveren de Balkan.
1670: De Ottomanen staan voor de poorten van Wenen maar worden verslagen en teruggedreven tot in Turkeye door de Oostenrijkers onder koning Leopold I van Habsburg. Leopold annexeert daarna de Balkan tot aan de Bosporus en lijft het gebied in bij Oostenrijk.
# BBCtv 21.10.2013

Oud Anglisch: (500-1500nC)
Vanuit het Oer Anglisch ontwikkelt zich sinds circa 550 nC het Oud Anglisch, onder invloed van Denen en Zweden (Vikings) die zich in Angeln vestigen. Het Oud Anglisch zal vrij identiek aan het Oud Engels, aangezien die taal voortkomt uit het Oer Anglisch en het Oer Saxisch. Qua gramatica valt op dat het moderne Deens en Engels op sommige punten eenzelfde zinstructuur hebben. I.b. worden werkwoordvormen dicht bij elkaar geplaatst (i.t.t. o.a. Nederlands en Duits). Dat kan in het Engels zijn gekomen via het Oer Anglisch. Ook het moderne Anglisch in Angeln doet fonologisch denken aan het Deens. Opvallend zijn de vele hoge klanken. I.b de uitgang -ly (Duits: -lich; Oud Ndl: -like). Ook het moderne Deens en Engels hebben die klank.
** Oer Anglisch, Anglisch

Oud Engels:: > PgBrit
Oud Fries: > Fries, HGN

Oud Nederlands: (ODN:)
¶ NO Nederland (West Angle) is tot circa 1100nC het belangrijkste deel van de Nederlanden. Daar wonen veruit de meeste mensen. Vele van hen migreren sinds circa 400nC verder naar zuidelijke en westlijke delen van de Nederlanden. Aangezien NO Nederland sinds circe 500vC voornamelijk is bevolkt door Angelen, mogen we veronderstellen dat het Oud Nederlands taalkundig vrij dicht bij het Oud Anglisch en i.b. West Anglisch moet staan. Taalkundig onderzoek in de 20e eeuw heeft dat ook zeer aannemelijk gemaakt.
¶ Het Nederlands zoals dat vroeger werd geschreven en gesproken. Hieronder vallen de volgende periodes:
500vC++: Nederland bevolkt door Angelen uit NW Duitsland. > Angelen
150vC++: Nederland bevolkt door Angelen tot aan de Rijn. > Angelland
0-450 nC   De Nederlanden zijn nog dun bevolkt. Er wonen o.a. Kelten (zuiden), Batavieren (midden), Kaninefaten (westen) en Chaucken (oosten). Over hun taal en cultuur is weinig bekend. Behalve grafheuvels in Drente en op de Veluwe en De Borkeld bij Markelo. Van de Kelten resten o.a. de zgn Celtic Fields (akkers) bij Emst op de Veluwe. De Romeinen bezetten de Zuidelijke Nederlanden. Hun taal is het Latijn.
425nC: Widsith is de oudste tekst van het Nederlands, geschreven rond 425nC door de troubadour Widsith van Myrgingum afkomstig uit Merum bij Loppersum in Groningen. > Widsith
1000-1500  Het Middeleeuws Nederlands. Dit is de taal die is ontstaan uit een versmelting van de basistalen Anglisch, Saxisch, Frankisch en Fries in de voorafgaande eeuwen, aangevuld met oudere Keltische en Chauckische elementen. Uit de 11e eeuw stamt de beroemde tekst van een Vlaamse monnik in Engeland, die hij kennelijk schreef bij het testen van zijn pas geslepen pen (ganzeveer) en een vlaag van verliefdheid:

Hebban olla vogala nestas hagunnan hinase hic andu thu,
Wat unbidan we nu?

ofwel
Hebben alle vogels nesten begonnen behalve ik en jij,
Wat wachten we nu?

Ondanks de voortschrijdende eenwording blijven er nog regionale verschillen en de spelling is nog niet geharmoniseerd. In deze periode worden vele Oud Nederlandse teksten helaas vernietigd door oorlogen, de RK Kerk, Lodewijk de Vrome, en de Renaissance. De Kerk erkende alleen het Latijn als lingua sacra en schrijftaal. Lodewijk de Vrome (778-840) en de Renaissance (1200-1500) hadden een voorliefde voor Latijn en Grieks en beschouwden de eigen taal als verachtelijk. (WKP 13.11.08) Desondanks zijn vele teksten in het Nederlands van toen bewaard gebleven. O.a. in de vele acten, leenboeken, morgenboeken, grafteksten, e.d. Daarin wordt een taal gebruikt, die op vele plaatsen nogal Engels aandoet. Bijvoorbeeld in woorden als after/achter, up/op, leyt/ligt, etc. Ook het geldstelsel is in die tijd vaak identiek aan het Engels geldstelsel: £ (pond) -s. (schelling) -d. (duit). Vaak ook ontbreekt de ge- voorvoeging. Zoals zoals in bruyckt/gebruikt. Als klap op de vuurpijl wordt in 1477 de Delftse Bijbel gedrukt. Dat is daarmee het oudste boek in de Nederlandse taal. Ze bevat 1300 pagina's. In augustus 2008 is de Delftse bijbel gedigitaliseerd en op internet gezet.
1500-1850  In deze periode wordt de basis gelegd voor het moderne Nederlands. De Statenbijbel van 1637 speelt hierbij een sturende rol. Ook deze Statenbijbel is op internet gezet. Op alle terreinen gaat het Nederlands zich verder ontwikkelen. Het is inmiddels de taal van het volk, het bestuur, de rechtspraak, de kerk, de wetenschap en de literatuur. De spelling is nog enigermate chaotisch, maar er worden pogingen gedaan hierin meer eenheid te brengen. Door migratie verspreidt de Nederlandse taal zich in dit tijdvak naar Zuid-Afrika, Nederlands-IndiŽ, Suriname en de Nederlandse Antillen.
1850-1950  Het Nederlands van 1850-1950 kenmerkt zich o.a. door een verduitsing. Invoering van naamvallen en verbuigingen, die in het oudere Nederlands niet of nauwelijks voorkomen. Ook wordt in vele woorden de letter g vervangen door de ch, identiek als in het Duits. Regt wordt recht; berigt wordt bericht; etc. De verduitsing had te met maken de groeinde macht van Duitsland en met de Nederlandse hoftaal, die Duits was. Koningin Emma is de eerste die daar een eind aan maakt en het Nederlands als hoftaal introduceert. Verder kenmerkt het Nederlands van 1850-1950 zich ook door een zekere verfransing. De Nederlandse elite beschouwt het Frans als de taal van cultuur en beschaving.
1950-heden  Na 1950 wordt het Nederlands weer ontdaan van de Duitse invloed en op vele punten teruggebracht tot de eigen taalkenmerken. Heel in biezonder worden de on-Nederlandse naamvalsvormen afgeschaft. Tegelijkertijd neemt de Engelse invloed toe, door de globale macht van de Engelstalige landen en hun techniek en cultuur. Deze invloed beperkt zich voornamelijk tot leenwoorden. En soms tot meer directe zinsbouw, i.p.v. de Nederlandse neiging tot complexheid in vooral elitaire en formele context. De gewone man spreekt normaliter meer simpel en to the point, wat de vlotheid en duidelijkheid ten goede komt. Overigens zijn adapties uit vreemde talen kenmerkend voor talen in ontwikkeling. Het Engels zelf heeft in de afgelopen eeuwen vele woorden van andere talen geÔncorpereerd en is juist daarom zo een aantrekklijke taal geworden voor anderstaligen. Anno 2008 spreken circa 23 miljoen mensen in de wereld Nederlands of een afgeleide taal daarvan zoals het Afrikaans en het Surinaams.
** HGN, Maerlands, Oer Nederlands, Anglisch, Demografie, ATZA, Oostnederlands, West Anglisch

Oud Saxum: (OLX:)
Anglisch Seaxum = Saxum = Saxenland
449nC: Bron ASC/449: de Anglo-Saxon Chronicle voor het jaar 449nC

Tha comon the menn of thrim maegthum Germanie: of Eald-Seaxum, of Englum, of Iotum. ...
Of Eald-seaxum comon East-seaxe and Suth-seaxe and West-seaxe.

ofwel:
Dan komen de mannen van drie Germaanse machten: van Oud Saxum, van Angle, van Jutland. ...
Van Oud Saxum komen Oost-Saxen (Essex) en Zuid-Saxen (Sussex) en West-Saxen (Wessex).
Met deze tekst rijst de vraag: Wat bedoelt bron ASC/449 met Eald-Seaxum. Eald-Seaxum = Oud Saxum = Oud Saxenland. Kenlijk bestaat er ook een New-Seaxum = Nieuw Saxum = Nieuw Saxenland. Wat wordt daarmee bedoeld?
835nC: Bron ASC/449 is geschreven rond 835nC. O.a. op grond van de gegevens van bron Historia van Beda (672-735) uit 731nC.
775nC: Na de massamigratie van Angelen naar Brittannia in 450-550nC raakt Angelland (Angle) verzwakt. Rond 775nC wordt het land daarom gedeeltelijk veroverd door Saxen en Franken. De Saxen settelen in Oost Angelland tot aan rivier de Ems (Eems). Tot 775nC ligt dus het woongebied van de Oud Saxen in NO Duitsland van de Poolse grens tot aan de Elbe. Dat gebied heet dus Eald-Seaxum ofwel Oud Saxum. Het komt overeen met de huidige deelstaat Saksen in Duitsland.
731nC: In zijn boek "Historia ecclestiasica gentis Anglorum" (731nC) schrijft de Engelse monnik Beda te Jarrow (N.Yorkshire) dat:
De Saxen wonen [rond 731nC] in het gebied tussen de Elbe, Weser en Eider. Dit gebied komt nagenoeg overeen met Holstein en Lunenburg in Noord Duitsland. De oudste vermelding noemt dit gebied Albingia.
Beda (672-735nC) is behalve monnik ook theoloog, historicus, mathematicus en fysicus. Hij is goed geÔnformeerd over de historie van de Angelen, Saxen en Juten, mede door zijn goede contacten met het koninklijk hof van Yorkshire, waardoor hij toegang heeft tot de hofbibliotheek. Zijn informatie wordt zeer betrouwbaar geacht. De ligging van het woongebied van de Saxen moet dus rond 731nC overeenstemmen met de beschrijving van Beda. > Beda
600nC: In 731nC schrijft Beda in Yorkshire dat de Saxen wonen in Albinga, een gebied dat nagenoeg overeenkomt met Holstein en Lunenburg in Noord Duitsland en grenzend aan Angeln. De Saxen vestigen zich daar vrijwel zeker rond 600nC, na de massamigratie van Angelen naar Brittannia in 450-500nC. Het Koninkrijk Angle raakt daardoor ernstig verzwakt en houdt dan in 489nC op te bestaan. Daarna wordt Angeln in 500-700nC geleidelijk verovert door de Denen. (> Koninkrijk) De Saxen hebben zich dan in die zelfde periode verder verspreid naar het noorden vanuit hun woongebieden aan de Elbe.
450-550nC: Massamigratie van Angelen en Saxen naar Brittannia. > P36
400nC: Saxen wonen o.a. in de Karpaten, in dezelfde gebieden als Hunnen. > Karpaten
Per saldo lijken de verhoudingen tussen de Angelen en Saxen op het Continent en in Brittannia tussen circa 400nC en 889nC zo slecht dat:
- de Angelen sinds circa 400nC de Saxen vaak Hunnen noemen
> Karpaten
- en Beda rond 741nC de bittere opmerking maakt dat de Angelen en de Oude Saxen broedervolken zijn, maar de Angelen en "Nieuwe" Saxen kenlijk niet
- en Beda met de Nieuwe Saxen indirect lijkt te bedoelen de Saxen in de Karpaten die rond 400nC vergaand zijn geÔntegreerd met Hunnen.
> Karpaten
** Saxum, Nieuw Saxum, G449, Angle, Saxenland, Saxen, Nieuwe Saxen

Oude Kamphuis:
Geslacht uit Deurningen (gem Weerselo) in Twente. Genoemd naar hoeve Camphuys in Deurningen, later genaamd boerderij Kaamps. Oorspronkelijk heet de familie Beverborg, afkomstig van havezathe Beverborg in De Lutte en nazaten van Arnulf de Bevere (gb 904nC) van Bevere Manor in Bevere bij Worcester in Engeland, via het geslacht Van Beverburch in Dordrecht. Oudste vermelding: Gerrit Oude Kamphuis (gb 1757), zoon van Jan Beverborg en Dina Rorink. Gerrit woont in Weerselo en is gehuwd met Johanna Oude Wennink.
Udh: o.a. Joanna (1792) en Johannes Oude Kamphuis (gb 1805).
Bekend: Niels Oude Kamphuis (voetballer).
** Kamphuis, Beverborg, PgA-Z/Oude Kamphuis

Oude Rijn:
Voormalige zijtak van de Rijn, die bij Pannerden naar het noordwesten stroomde, o.a. langs Hummelo en bij Doesburg in de IJssel uitmonde. Op kaart 92 van de Hottinger Atlas (1783) wordt het beginstuk van de rivier inderdaad weergegeven en wel als Oude Rhyn. Bovendien loopt van Borculo naar Hummelo een lange weg met de naam Rijnweg, hetgeen kennelijk bevestigt dat aldaar ooit de Rijn stroomde. Verder getuigt een muursteen in een huis in het centrum van Hummelo dat de Rijn daar in 1814 voor een grote overstoming zorgde. In beide gevallen wordt mogelijk de Oude Rijn bedoeld.
** Hummelo, Voorde (De), Greflichem
# FRI, HTN (1783)

Oude Saxen: (OLX:)
Bron HGN/1970 schrijft tav de Anglo-Friese relaties het volgende in hoofdtuk VIII: Inleiding van Oudwestgermaans:

... Beda (8ste eeuw) noemt op het vasteland als verwanten van zijn volk [de Angelen] wel de Oud-Saksen, maar niet de Friezen.
731nC: Beda (672-735) is een Engelse monnik van de Benedictijnse Abdij in Jarrow (N. Yorkshire). Theoloog, historicus, mathematicus en natuurwetenschapper. Schrijft meer dan 40 boeken. Zijn beroemdste werk is Historia ecclestiasica gentis Anglorum, een geschiedenis van de Angelen, geschreven rond 731nC. Hierin beschrijft hij o.a. het zendingswerk van de Angelen in de Lage Landen. Delen van zijn werken zijn opgenomen in de Anglo-Saxon Chronicle. > Beda
¶ De vraag is wie bron HGN/1970 bedoelt met de Oud Saksen. Opties:
A: de Saxen die rond 449nC op het Continent wonen volgens bron ASC? > ASC
B: de Saxen die rond 731nC op het Continent wonen ten tijde van Beda? > Beda
C: de Saxen die rond 835nC op het Continent wonen ten tijde dat bron ASC/449 is geschreven? > ASC
Antwoord: Aangezien:
- bron HGN dateert van 1970
- en bron HGN verwijst naar Beda
- en Beda zijn Historia schrijft rond 731nC
- en bron ASC/835nC vrij zeker put uit bron Historia van Beda
>>> zal bron HGN met Oud Saxen vrij zeker bedoelen de Saxen in bron Historia van Beda uit 731nC.
731nC: De vraag is nu: Wie bedoelt Beda rond 731nC indirect met de Oud Saksen op het Continent? Antwoord: Aangezien Beda:
- schrijft over de Oud Saxen op het Continent
- en Beda de Oud Saxen broeders van zijn volk [de Angelen] noemt
- en de Oude Saxen in Oud Saxum wonen
- en Oud Saxum = Saxenland in NW Polen voorbij de Elbe
- en Beda met de Nieuwe Saxen indirect lijkt te bedoelen de Saxen in de Karpaten die rond 400nC vergaand zijn geÔntegreerd met Hunnen. > Karpaten
>>> lijkt het dat Beda:
- met Oud Saxen bedoelt de Saxen die in Oud Saxum wonen en niet in de Karpaten
- en dus niet zijn geÔntegreerd met de Hunnen
- en dat met de Nieuwe Saxen worden bedoeld de Saxen die zijn geÔntegreerd met de Hunnen.

** Old Saxum, HGN, Nieuw Saxum, Nieuwe Saxen

Ouderdom: > Leeftijd

Ouderenzorg:
Bron ZWH/p71 schrijft: "Men kende vroeger de AOW-uitkering nog niet en het was toen zaak dat de ouderen zo lang mogelijk de eigenaar van de boerderij bleven. Een zoon of dochter trouwde bij de oude mensen in en de jongehuwden brachten vader en moeder met zorg tot aan hun eind."

Ouderling:
Deze titel is een vertaling van het Griekse woord presbyter = oudste. Een ouderling is een vertegenwoordiger van de gemeente en gekozen voor een bepaalde termijn. Ouderlingen vormen samen met diakens en de dominee de kerkeraad. Gezien de gelijkheid met de Griekse herkomst van de titel priester, kan men stellen dat priesters en ouderlingen nagenoeg dezelfde functies bekleden. Ouderlingen zijn inwoners uit de regio, die naast hun bestuurlijke taak normaliter een boerderij bezitten en runnen.
** Priesters

Oudste Engels: > Oud Engels, KTE

Outfit::
btr kleding, schoenen, hoeden, etc
()A aelmessere (geldbuidel), almatic (bovenkleed met wijde mouwen), baey (baai, hemd), boccel (bukkel, gesp), bote (laars), botton (knoop, knop), boxe (broek), breacs (broek, rijbroek), brec (broek), bregdan (vlechten, breien), breostscyrte (borstrok), broc (broek, kniebroek), broce (=A broc), busel (boezel = voorschoot, schort), busron (boezeroen = kiel met lange mouwen), caepe (cape = schoudermantel), caeppe (kap, muts, pet), cammisol (kamizool = kort jack), capron (kaproen = soort kap, muts), ceal (kiel, hemd), ceode (buidel), cladh (kleed, kleding), cladhmakere (kleermaker), cladhstoppere (kledinghersteller), claes (kleding), cloc (overkleed, mantel), clostergearn (kloostergaren = ragfijn garen), cloth (=A cladh), clumpan (klompen), cneobroc (kniebroek), cnupp (knoop), cnyttan (breien), coler (halskraag, halsdoek), cot (=A cote), cote (kot, hemd, schort, jas, mantel, kleed), couse (kous), crackcowe (schoen met heel lange punt), crebsa (kraag), cufle (keuvel, pij), cugele (=A cufle), dalc (spang, gesp), drag (dracht), dragan (dragen), drapere (handelaar in kleding en stoffen), drawan (dragen, aantrekken), duffel (wollen stof), feotor (=A fetor), ferslett (versleten), fetor (veter, ketting, band, snoer), fodd (vod), frange (=A fringe), fringe (franje, zoom), frocc (overjas), gaer (puntmuts), gar (puntmuts), garet (kouseband), gaspe (gesp, haak), geard (gordel, band, kouseband), gierela (mantel), gierwan (kleden, aankleden), glof (handschoen), gossey (dikke wollen trui), gyrd (=A geard), haelfnacod (halfnaakt), haelfnecad (halfnaakt), haet (hoed), halfnacod (halfnaakt), halfnecad (halfnaakt), hemedhe (hemd), hod (hoed), holbloc (klomp), hop (hoepelrok), hose (hoos, beenbekleding, lange kous, broek), hraegel (kleed, gewaad), jork (jurk), lapp (lap, stuk leer of stof), lappan (oplappen, verstellen, herstellen), lappere (lapper, versteller), linen (linnen), linwat (linnengoed, ondergoed), lump (vod), mentel (mantel), nacod (naakt), naecad (=A nacod), naeld (naald), nayan (naaien), noce (naad), oferscyrte (overrok, overhemd), oferslop (overkleed), packe (pak, net pak), paell (pelle; # linnen stof), paep (puntmuts), pape (puntmuts), pet (pet), pilows (pilobroek = broek van pilostof), platin (platijn =A trippa), plodd (vod), ploddig (versleten), poghe (buidel, zak), pong (=A pongel), pongel (zak, buidel), posa (buidel), purs (beurs, portemonee), pusa (=A posa), raeflan (rafelen), raefle (rafel), raeflig (rafelig), ream (riem), redgaer (=A redgar), redgar (rode puntmuts), reoma (riem), rim (riem), robe (jurk), rocc (rok, bovenkleding), routbroc (geruite broek, bakkersbroek), sacc (ruime mantel), sarc (hemd), scaebbig (schamel, sjofel, haveloos), scambors (schaambuidel; # gulp), scara (schaar), scaerfa (sjaal, sjerp), scear (bw net, netjes), sceara (schaar), sceat (schoot, kleed), sceort (schort), sco (schoen), scoes (schoenen), scolapel (schoenlepel), scomakere (schoenmaker), scosel (schoeisel), scosle (schoeisel), scostre (schoenmaker), screor (kleermaker), scrit (kruis van broek), scyrte (schort, rok, hemd), seam (zoom), seolc (zijde), sima (snoer, koord, veter), sintan (vrouwenmantel), siwian (naaien), sleat (slijtage, vod), smoc (smuk, opsmuk), smoc (hemd), smock (hemd), smudhemedhe (smudhemd = gesmud hemd), snidha (snit), snidhan (snijden, knippen), snidhere (kleermaker), snidhery (kleermakerij), socc (sok, muil), sole (schoenzool), solre (zitvlak), some (zoom), sorcote (overkleed), spang (gesp, knip), spong (spang, gesp), stecc (steek = soort herenhoed), stewel (laars), sticcan (stikken, borduren, naaien), sticcere (hemdennaaier, borduurder), sticcian (=A sticcan), stole (stola, overkleed), sunnhod (zonnehoed), suttre (schoenmaker, kleermaker), tabbard (tabbert, lang overkleed), thricorn (=A thristecc), thristecc (driesteek = herenhoed met drie punten), trippa (trippe = klomp met houten zool en leren band), tuc (zak, broekzak), twastecc (tweesteek = herenhoed met twee punten), utfitt (uitdossing, kleding), veyle (voile), wambsticcere (kleermaker, wambuismaker), wambuse (wambuis = hemdrok), wamsule (=A wambuse), waet (gewaad, weefsel, doek), wat (gewaad), wearan (=A werian), were (kleding), werian (dragen; # kleding), wreap (sjaal, omslagdoek), wrungal (wrongel = gedraaide hoofdband)
¶ Kleren en kleding ontwikkelen zich in de loop der eeuwen steeds verder. Oorspronkelijk: functioneel en van leer (dierenvel). Later: meer decoratief en van wol of linnen. > Linnen
4100vC: Oudste schoen in Armenia. Anno 2010 vinden archeologen de oudste schoen ter wereld in Armenia. #DeTelegraaf 12.1.2011
3000vC: Rond deze tijd dragen Egyptenaren al sandalen gemaakt van leer. #BBC4tv8.5.2014/Qantir
2000vC++: mensen gebruiken sneeuwschoenen #DWO
1320vC: Farao Thoetanchamon (1343*-1323) afgebeeld in linnen gewaad en met hoge hoed en schoenen aan. (beeldje Museum CaÔro) #DeTelegraaf 14.2.2011

 

650vC: Rechts: aquarel van een Anglische krijger met een angolstok (grote meshaak), dagga (grote dolk) en veldbuidel rond 650vC, gemaakt door Hester Jans-Molenberg na zorgvuldig onderzoek en analyse van de relevante feiten uit die tijd. (© STI)
 

600vC++: Schoenen in Griekenland #BBCtv/okt2015

 

100vC-700nC: Rechts: re-anactment van jonge krijger met Anglische outfit, speer en dagga. Aan de speer hangen linten in de kleuren groen en wit van het Anglisch koningshuis. (foto ©)
 
0nC++: Chinezen dragen pofbroeken. Een exemplaar is niet lang geleden gevonden in Noord China. #DeTelegraaf 28.2.2014
10nC: Circa 10nC komt een jong meisje om in de moerassen van Yde bij Eelde in NW Drente Aldaar is in 1897 een veenlijk gevonden van een jonge vrouw die de naam Meisje van Yde kreeg. Ze droeg een wollen hemd en een soort sjaal. Uit onderzoek blijkt ze te hebben geleefd in de 1e eeuw nC en van Germaanse origine. Aangezien Yde echter ligt in een gebied waar 300vC-450nC alleen Angelen wonen, zal ze zeker van Anglische oorsprong zijn. Het hoofd van het Meisje van Yde is gereconstrueerd aan de University of Manchester. Ook haar kleding is deskundig gereconstrueerd. Daarna is ze opgesteld in het Drents Museum te Assen. > Meisje van Yde
98nC Tacitus: De kleding van de Germanen (Angelen) bestaat uit mantels, bijeengehouden door een mantelspeld (fibula) of een doorn. De rijken dragen een mantel strak om het lichaam, waardoor elk lichaamsdeel goed zichtbaar is. Ook dragen de Germanen vaak dierevellen. Germaanse vrouwen dragen vaak linnen kleding, vaak afgezet met randen van purper. Armen en schouders zijn vaak bloot. De boezem is deels vaak zichbaar. > Tacitus
200nC Wyster/Drente: In 2014 zijn daar in een put resten gevonden van een leren schoen uit de Romeinse Tijd. Van deze schoen heeft het Drents Museum te Assen een copy gemaakt. Het is een soort platte veterschoen maat 44 met fraai vlecht- en sierwerk en sporen aan de hiel. Ze lijkt derhalve van een ruiter te zijn geweest. (#TV Drenthe 24.8.2014) Maat 44 is nogal groot en hoort anno 2014 vaak bij mensen met een lengte van circa 1.83 meter. > Wyster

300-700nC: Rechts: (©) re-enactment van een gevecht tussen Anglische strijders (links) en Saxen (rechts) rond 500nC. Hun outfit en wapens zijn kenmerkend voor de hele periode van circa 300-700nC.
 
350nC: In de Thorsberg Moor (moeras) in NO Angeln zijn oude kledingstukken van een man gevonden: een hemd met lange mouwen (tuniek) en een mannenbroek, gedateerd rond 350nC. Beide kledingstukken zijn gemaakt van leer en nogal rechttoe rechtaan gemaakt, waardoor ze nogal fantasieloos rechthoekig. Dankzij het leer en en de conserverende werking van het moeras verkeren de kledingstukken nog steeds in vrij goede staat. (> Thorsberg)
Onderstaande website toont de Broek van Thorsberg en hoe die te maken is. De site noemt de broek ten onrechte een Vikingbroek. De Vikings bestaan namelijk alleen in circa 850-1050nC, terwijl de broek dateert uit circa 350nC. > Vikings, PgLinks/Broek van Thorsberg

400nC:

          

Hierboven: Offa (links) voor zijn vader koning Wermund van Angeln op de troon en met de angolstaf in de hand; rechts neemt ene Rigan zwaaiend afscheid. Tafereel uit circa 400nC. (prent c 1200AD bron NHS/p44-45)

 

400nC: Rechts: de Anglische god Balder met angolstok. Aquarel gemaakt door Hester Jans-Molenberg na zorgvuldig historisch onderzoek van alle relevante feiten met betrekking tot de god Balder in Anglisch perspectief rond 400nC. (© BCK) Balder is hier uitgebeeld in de outfit van een voorname jongeman rond 400nC: mantel met fibula (mantelspeld), broek en laarzen. In zijn rechter hand houdt Balder een zgn angolstok, die vele eeuwen zo kenmerkend is voor Anglische heren, boeren en herders. In Engeland wordt deze angolstok nog veel gebruikt, i.b. door veeboeren. > Angolstok
 

 

400nC: Rechts: reizigers die onderweg kamperen op een zgn aenholt (anholt = pleisterplaats) waar ze de nacht kunnen doorbrengen. Aquarel van Hester Jans-Molenberg na zorgvuldig historisch onderzoek. (© BCK)
 

 

435nC: Rechts: relief in steen van koning Offa van Angeln (c 380-456nC). De outfit is kenmerkend voor Anglische krijgers in de periode 500vC-1000nC. I.b. de grima, de speer (lans), de dagga (korte zwaard), de korte strijdbroek en het schild met zonnerad.
 

 

450nC: Links: aquarel van de Prinses van Zweeloo (425-450) gemaakt door Hester Jans-Molenberg, na zorgvuldig historisch onderzoek van de achtergronden en de mode uit haar tijd. Zweeloo in Zuid Drente is bekend om de Prinses van Zweeloo, een jonge vrouw van goede stand die heeft geleefd in circa 425-450nC. In die tijd wonen in Drente alleen nog maar Angelen uit Noord Duitsland. Het graf van de prinses is ontdekt in 1952 tijdens graafwerk. Daarin zijn ook sieraden gevonden: bronzen spelden, een ketting met glazen kralen, een ketting met kralen van barnsteen, een zilveren ring, zilveren toilet garnituur, een bronzen sierspeld in vlindervorm, grote losse kralen van banrsteen en van glas en bronzen
 
armbanden, ringen en sleutels en een ketting met een bevertand. De Angelen waren veelal beverjagers in die tijd. De bevertand bevestigt dus haar Anglische origine. De prinses droeg een gewaad van zeldzaam mooi geweven linnen en een ruitkeper Gezien al deze bizondere artefacten moet zij wel van goede stand zijn geweest. Vandaar dat ze titel prinses kreeg. De vondsten worden bewaard in het Drents Museum te Assen. (@ aquarel © BCK)
** Prinses van Zweeloo

 
450nC++: De welltodo Anglische man draagt een hemd (OE smoc) en daarover een linnen of wollen tuniek tot aan de knieŽn, vastehouden met een metalen klip aan de polsen en een gordel rond het middel. Zijn benen worden bedekt door een losse linnen broek (OE brec, broc), vanaf de leren schoenen aan de benen kruiselings omwonden door een lange, smalle leren riem. Om zijn schouders draagt hij een losse cape, op de borst bijeengehouden door een grote ornamieke broche. Getooid met een hoed of kap en stevige handschoenen (OE glofs). Later draagt hij lange kousen (OE hosa) en een korte mantel (OE roc). Zijn haar is lang en met dunne vlechten aan de zijkanten. Hij is vaak glad geschoren, maar soms draagt een baard. #WAB/p169+
450nC++: De welltodo Anglische vrouw draagt een lange robe met lange mouwen tot aan de voeten, over een onderjurk. Soms draagt ze daarover een robe zonder mouwen met een gordel om het middel. Over dit alles draagt ze een ruime mantel, geslagen om de schouders. Ze draagt een ruime hoofddoek van dunne stof. In haar hand houdt ze een fraai tasje. Verder draagt ze vele halskettings met juwelen, armbanden, ringen en kettings met kralen. Vaak hebben ze rouge op hun gezicht en krullen ze hun haar met krultangen. #WAB/p170

 

600nC: Rechts: een Anglische boer (Angl: bour) rond 600nC die z'n land inzaait. (@ afb ©) Opmerkelijk is dat hij kennelijk klompen (Angl: clumpan) draagt.
> Klompen
 

 
 

615nC: Links: de Anglische koning Edwin van Northumbria (586*-633) met grima, helm, bevermantel, schild en speer.
 

 
620nC: In Sutton Hoo zijn vele archeologische vondsten gedaan. O.a. wapens, ornamenten en een helm met grima (masker) van koning Redwald, die daar is gestorven en begraven rond 625nC. Op onderstaande site is een reconstructie getekent van Redwald in vol militair ornaat. Hij houdt o.a. een speer in de hand, een typisch wapen van de Angelen. Deze uitrusting zal weinig verschillen met die in Angeln vůůr circa 500nC als de Angelen zich vestigen in East Anglia vanuit het Continent. Redwald lijkt zijn roots te hebben in Roderwolde in NO Drente, tot 500nC vrijwel uitsluitend Angelen wonen.
** Redwald van East Anglia

625nC: Rechts: een fraaie gesp in Anglische stijl, gevonden in het graf van Redwald in Sutton Hoo. De rode X doet erg denken aan de Asbole, het symbool van het verbond van de Angelen en Saxen uit circa 125nC, gesloten in de regio bij Bremen.
> Asbole, PgBrit/Redwald van East Anglia
 

640nC: Anglische gesp gevonden in Rijnsburg gemaakt rond 640nC.

 
 

          
 
630nC: Afbeelding hierboven stelt mogelijk voor koning Penda van Mercia (575-655) met zijn Witan (Raad van Wijzen). De mannen met rode kleding zijn priesters. (> Priesters/Outfit) Opmerkelijk is dat alle mannen zwarte schoenen dragen. De afbeelding is afkomstig uit de Engelse Hexateuch uit de 11e eeuw.
# British Library; EU Public Domain; USA No ©
 

700-1440nC: De University of Manchester heeft een site waarop kleding is te zien van Angelen in de priode 700-1440nC. In hoeverre deze kleding afwijkt van de Angelen op het Continent is vooralsnog niet precies bekend. De Angelen zijn pas circa 250 jaar in Engeland. Gezien de trage ontwikkelingen in klederdracht in die eeuwen, mag te verwachten zijn dat de Continentale Angelen nagenoeg identieke kleding dragen. De volgende site van de Univeristy of Manchester toont enige afbeeldingen van kleding bij de Angelen in Engeland en verder Anglische broches, kettings en andere ornamenten:
The Lexis of Cloth and Clothing Project van de University of Manchester
 
 

800nC: Reiziger met op de rug een knapzak en daarin proviand en een deken. In de hand een wandelstok. Zijn outfit is gangbaar voor de gewone man in zijn tijd.
 

 

900nC: Links: aquarel van Ethelflaed van Wessex (869-918) gemaakt door Hester Jans-Molenberg, na zorgvuldige analyse van Ethelflaed's achtergronden en de mode uit haar tijd. Deskundigen denken dat Ethelflaed linkshandig was, vanwege haar strijdvaardigheid, hetgeen nogal kenmerkend wordt geacht voor vrouwen met leiderscapaciteiten. Tevens verklaart dat haar successen in gevechten met het zwaard. Rechtshandigen zijn getraind op tegenstanders die ook rechtshandig zijn. Linkshandige tegenstanders zijn dat ook, maar zorgen door hun linskhandigheid voor acties, die voor hun rechtshandige tegenstanders vaak onverwacht zijn door hun eigen rechtshandige gerichtheid.
 
Ethelflaed van Wessex (Aethelflaed, Ethelfleda), Prinses van Engeland. Sinds 911 Lady van Mercia. Dochter van koning Alfred de Grote van Wessex en koniging Ealswith Osburgh van Engeland. Huwt in 889 met Ethelred II, eerst Koning later Earl van Mercia. > Linnen, PgBrit/Ethelflaed van Wessex

 

1000nC++: Rechts: outfit van een jonge boer rond 1000nC. Hij draagt een lang smudhemedhe = smudhemd = gesmud hemd. Smudden = linnengoed enige tijd in smuddegat weken in eikewater om het een paars/bruine kleur te geven. Deze kleur voorkomt dat het linnen snel vuil uitziet. In de klompen is stro gestoken tegen het schuren en de kou.
 

1215 Magna Charta: Anno 1215 wordt het proces van machtsmisbruik en willekeur in Engeland gekeerd door de Magna Charta, door de Engelse baronnen en het volk afgedwongen van de Katholieke koning Jan Zonder Land. In de Magna Charta worden de oude rechten van het volk vastgelegd, wordt de macht van de koning beperkt en krijgt het volk meer inspraak in het bestuur van het land. Iedereen is onderworpen aan de Wet; ook de koning. Willekeur en machtsmisbruik door de koning, adel en kerklijke prelaten is hiermee voorgoed beŽindigd. > Magna Charta
--- De Magna Charta is een veruitgang voor de adel. Niet voor het gewone volk (peasants en famers). Zij worden niet genoemd en blijven derhalve rechteloos. Zo worden kledingvoorschriften ingevoerd voor elke klasse apart. Hoe lager de klasse, hoe eenvoudigere kleding en sieraden moeten zijn. #BBCtv/11.6.1015/Prof Bartlett
1350++: Mannen in Zuid Europa dragen onderbroeken. (# schilderij)

 

1400-1700: Rechts: eierboer rond 1550nC. Hij loopt met zijn mand met eieren en haan naar de maerct (markt) om ze daar te verkopen. Zijn outfit is vrij algemeen in 1400-1700nC eeuw voor mannen in Angelland. Alleen de kleuren variŽren.
 

1450++:


          

 
boven: middeleeuwse apotheek op deksel van een medicijnblikje uit circa 1900 AD

 
1450++: Vrouwen in Oostenrijk dragen beha's. (vondst; # Euronews 28.7.2012/tv)

 

1500: Links: "De reis van Lot" (uitsnede), schilderij van Albrecht DŁrer (1471-1528). Outfit en landschap zijn typisch voor Europa in die tijd. De reiziger houdt over z'n schouder een angolstok, een wandelstok met rechte greep. (> Anglostok) Aan de stok hangt een veldfles met water of drank voor onderweg.
 

1850++: Bron ZWH/p74 schrijft over het leven op de boerderij: "De winter was de tijd waarin de mannen hout gingen hakken voor het vuur en de vrouwen de handen vol hadden aan naai- en verstelwerk."
2013: Een man van 82 en z'n zoon van 41 jaar zijn gevonden in een bos in Vietnam. Ze waren gekleed in een schamel lenddedoek en nauwelijks in staat tot communicatie. In 1973 werden z'n vrouw en dochter gedood door een landmijn. Vader en zoon vluchtten toen voor het oorlogsgeweld naar een bos waar ze 40 jaar lang verbleven. Ze leefden van bosgroenten en vruchten en van incidenteel geschoten wild. (# De Telegraaf 9.8.2013)
** Textiel, Mutsen, Reiniging

Outlaws: (OTL:)
()A utlag (outlaw = vogelvrij/=rechteloos verklaard persoon)
1060-1600 Engeland: De Normandische heersers in die tijd in Engeland zijn arrogant en meedogenloos. Engeland kent onder hen drie klassen:
- de toplaag: de koning en zijn clan (circa 5% van de bevolking)
- de middenklasse: adel + kerk: cq grootgrondbezetters (circa 5% van de bevolking)
- de onderlaag: commonners (circa 90% van de bevolking): boeren, vissers, etc.
Koning, adel en kerk hebben alles te zeggen. Zij maken de dienst uit. De commoners hebben niets te zeggen. Ze zijn feitelijk rechteloos. Er wordt zonder hen over hen beslist. En als zodanig worden zij behandeld. In feite zijn ze outlaws. Ze kunnen zonder proces vervolgd, geplunderd en vermoord worden. Pas aan het einde van de 16e eeuw wordt deze vreselijke situatie langzaam maar zeker verbeterd en krijgen de commoners meer rechten en vrijheden. #BBCtv/11.6.2015/Prof Bartlett, Cambridge University
--- Bepaalde mensen w.o. outlaws wonen en leven in het bos. Waarom zij dat doen, is niet bekend. Vaak zijn het outlaws (vogelvrijen). Ze worden continu bedreigd door de boseigenaars. I.c. Adel en Kerk. Die zijn medogenloos. De Forest Laws maken het mogelijk dat de bosmensen zonder rechtszaak worden vervolgd en vermoord. #BBCtv/11.6.2015/Prof Bartlett, Cambridge University
¶ De situatie in Engeland heeft te maken met de extreme hardheid van de Normandisch toplaag. Zij spreken Normandisch Frans en beschouwen alle lagere klassen als onderhorig. Vele Engelsen van niet-Normandische herkomst zijn daarover nog steeds diep gekwetst en verbolgen. #DVB
In oorlog spaart de adel adelijke militairen van de vijand. Zij mogen blijven leven. Commoners en outlaws zijn gewone strijders. Zij worden gedood. #BBCtv/11.6.2015 ProfBartlett/Cambridge University
1060-1600 Angelland: De situatie in Angelland is enigszins vergelijkbaar met Engeland. Ook hier maken de hoge heren en dames met de kerk de dienst uit. > Leenstelsel
1400++ Engeland: De pest woedt in Engeland en op het Continent. De helft van de bevolking in Engeland komt om. Het land is economisch kapot. Er is grote vraag naar arbeidskrachten. Hierdoor kunnen gewone mensen eisen stellen. Hun macht en status neemt toe. #BBCtv/11.6.2015 Prof Barlett/Cambridge University
** Maatschappij

Overangel: > Angel/Maas
Overgang: Anglisch Oferganc = overgang naar hiernamaals > Herrijzenis

Overleg:
¶ Moeilijke problemen vragen om overleg. Want samen weet men meer dan alleen. De meester raadpleegt anderen en bereikt het hoogst bereikbare. #SRK
** Problemen

Overleven: (OVL:)
¶ Pluk de dag eer de dag u plukt. Maak van elke dag iets leuks en nuttigs. Het is de enige weg van overleven ondanks alle ellende. De meester volgt de goede weg en bereikt het hoogst bereikbare. #SRK > Carpe Diem

Overlevering: > Overleveringen, Historie

Overleveringen: (OVL:)
Overleveringen zijn mondeling overgebrachte verhalen over historische gebeurtenissen en feiten. Het Oude Testament bijvoorbeeld is geschreven rond 450 vC op grond van oeroude overleveringen uit het hele Midden-Oosten. Zo ook de Ilias en Odyssee van Homerus (c 800-750vC), een episch dichter uit Griekenland. Zowel het Oude Testament als de Ilias en Odyssee bevatten volgens historici kernen van waarheid. Vooral vele plaatsnamen en historische figuren zijn op enigerlei wijze herkenbaar. Bij het Oude Testament zijn echter vele beweringen toegevoegd, zonder enige aanwijsbare kern van waarheid. Vaak lijkt dat te gebeuren op mytholigisch of religieus vlak om morele uitspraken te kaderen en te legitimeren.
¶ Wat verder opvalt zijn mythologische dieren, die weinig of geen historische realiteit lijken te hebben. Zo lijken draken niet te hebben bestaan. Toch doen ze sterk denken aan sauriers. Mogelijk zijn de beelden van die sauriers vastgelegd via in allerlei overleveringen en van generatie op generatie doorgegeven vanaf de toen levende voorouders van de mens op wie de sauriers uiteraard enorme indruk hebben gemaakt.
380-796nC: Offa van Mercia (736*-796) Zoon van Thingfrith, zoon van Eanulf van Mercia. Koning van Mercia in 757-796. Groot bewonderaar van zijn voorvader koning Offa van Angeln (c 380-465nC), die dus circa 456 jaar bevoor hem leeft. (> PgBrit/Offa van Mercia) Hoe weet Offa van Merica zoveel van zijn verre voorvader? Wat zijn zijn bronnen? Overlevering? > Offa van Mercia
430-550nC Volgens een oude overlevering in Engeland verlaten vele Angelen de kustgebieden van Angelland omdat het daar zo nat is. Het opmerkelijke is dat dezelfde Angelen in Brittannia zich veelal juist weer settelen in natte moerasgebieden aan de oostkust. O.a. de Fenns in East Anglia en de North York Moors. Een ander opmerkelijk feit is dat dezelfde Angelen op het Continent al zeker vanaf 500vC tot hun migratie in 450-500nC in grote moerasgebieden van NO Nederland en NW Duitsland wonen. (> Groot Veenland) Waarom dan niet eerder gemigreerd naar droge gebieden? Kenlijk gaat het in de genoemde overlevering om een periode van extreme natheid in de Anglische homelands op het Continent. Deze interpretatie sterkt de genoemde feiten en thesen betreffende de extreem natte periode van 430-550nC op het Continent. > M35
** HKLA, OMAA, Timetable, Saga's, GLA, Wyrm, Balder, HIZA, Verhalen, Troubadours, HBAA, Hardinga, Ankehaarveld (Lebbestaok), Vergeten, HIPA, Widsith/bron, Reuzen, Draken
#DiscoveryTV/2007, DAB, KBG

Oversticht: (OVS:)
Onderdeel van het Sticht (bisdom Utrecht), bestaande uit Nedersticht (provincie Utrecht) + Oversticht.
- 1000: Oversticht omvat Drente, NW Overijssel, Groningen/stad, Goo (= Goorrecht), Stellingwerf en Schoterwerf. #DRG/p21
- 1089: Salland + Drente onder gezag bisdom Utrecht. #HED/p10
- 1089++: Drente trekt zich weinig aan van gezag bisdom Utrecht. #HED/p10
** Sticht, Nedersticht

Overstromingen: > Dijken, P36

Overijssel: (OVY:)
Alias Oversticht (1089). Provincie in NO Nederland. Ze komt voor als Islego op de kaart KHS betreffend Saxenland rond 1000nC. Rond 300vC settelen Angelen zich in Overijssel vanuit Zuid Drente. De naam Islego lijkt derhalve afgeleid van Anglisch Isle (IJssel) + go (gouw = regio). > Gouw, KHS
250nC: Afferden is een dorp aan de Maas, oost van Boxtel. In 1957 schrijft streekhistoricus A. Goossens te Afferden:

Tegen het einde van de 3e eeuw [nC] werden de Saksen, door de gebeurtenissen die bijdroegen tot vorming van de Deense staat, gedwongen hun eerste woonplaatsen op het Kimbrische land te verlaten en over de Elbe naar het zuiden te trekken. De stammen die in het binnenland gewoond hebben en niets met scheepvaart te maken hadden, sloegen deze weg in. De Saksen hebben toen Overijssel bevolkt en de Angelen over de IJssel teruggedrongen naar de Maas.
De auteur stelt dus impliciet dat de Angelen vůůr de 3e eeuw nC al in Overijssel wonen. Ze worden z.i. echter verdreven door de Saxen richting Maas. Deze these klopt echter niet. Na de massamigratie van Angelen naar Brittannia in 450-550nC blijft circa de helft van alle Angelen in Angelland. De Saxen arriveren pas circa 785nC in de randgebieden langs de grens met Duitsland. Historicus Kokhuis uit Twente twijfelt zelfs of er Łberhaupt Saxen zich hier hebben gevestigd. Hij meent dat beweerde aanwijzingen niet overtuigend zijn en meer te maken hebben met imitatie van Saxische cultuurelementen.
** Afferden/Maas, ASA, Saxen, Versaxing

Oving:
- Nederlandse familienaam AVA Offa (mansnaam) + ing (volk). (> Markelo) De naam is mogelijk afkomstig uit Hunzeland (Noord Drente), waar prins Offa van Angeln in 405nC enige tijd verbleef tijdens zijn campagne tegen de Saxen die Angelland waren binnengedrongen en bedreigden. > Offa van Angeln (Marsroute)
- oudste vermelding Oving in 1276 > website oving.biz
- erve Oving bij Tynaarlo
- erve Oving in Exloo
- oude Anglische hoeve in Markelo
- familienaam Oving in Engeland
- dorp in West Sussex (UK)
¶ Verder:
- Ovingdean: Dorp in Sussex gelegen in een clifdal.
- Ovingham: Dorp in Northumberland. Heeft een kerk met een toren van bevoor 1066 AD.
¶ Het geslacht Oving in Zutphen heeft een draak in haar wapen. De draak is een oud figuur in de Anglische mythologie. Ze komt o.a. voor in het epos van Beowulf. > Draken, Beowulf

OWA: Onderwijs in Angelland 350nC++
Widsith van Myrgingum (380++) is een troubadour en de auteur van het beroemde Anglische dichtwerk Widsith. Hij lijkt in alle opzichten een normaal mens van goede huize en met ruime geestelijke kennis en belangstelling. Waar Widsith die kennis heeft opgedaan, is vooralsnog niet bekend. Het Christelijk onderwijs in NW Europa start pas rond 550nC. Christelijke kloosters komen pas rond 750nC met de kerstening. (> Kloosters) We lijken derhalve te mogen concluderen dat de Angelen ook al in de prť-christelijke tijd onderwijs geven. In ieder geval vrij zeker al rond 390nC als Widsith circa 10 jaar is. Het onderwijs in Angelland zal dan zeker al rond 350nC kunnen zijn gestart.
** Widsith, Onderwijs

Oxa: Anglisch voor os > Ossen

Oxe:
Gehucht in Colmschate gelegen tussen Epse en Deventer. Op kaart 68 van bron HTN (1783) aangegeven met Oxen, gelegen aan de Schipbeek. De regio wordt rond 200vC bevolkt door Angelen uit Twente. De naam Oxe (Oxen) lijkt derhalve afgeleid van Anglisch Oxa (os).
¶ In Oxe staat een buitenhuis met de naam Oxerhof, gebouwd in de 19e eeuw. Op kaart 68 van bron HTN (1783) staat echter al het Hof te Oxen aangegeven.
¶ Bizondere veldnamen in Oxe:
- De Maten: De naam heeft naar zeggen te maken met de natte ligging. Maten lijkt derhalve afgeleid van Anglisch mate (nat gelegen grasland).
- Ruineweide: De naam heeft naar zeggen te maken met de natte ligging. Ruineweide lijkt derhalve afgeleid van Anglisch ryna (ruine) + feld (veld).
- 't Slag: De naam heeft naar zeggen te maken met de natte ligging. Slag lijkt derhalve afgeleid van Anglisch slaeg (nat gelegen grasland).
¶ In Oxe loopt de Geltinkweg. Deze naam is vrij zeker afgeleid van Gelting, een naam die o.a. voorkomt als plaatsnaam in Beveroe in Angeln, het stamland van de oudste Angelen in Sleswig (Noord Duitsland). De k in Geltinkweg is vrij zeker ontstaan door versaxing. (> ing/ink) Ook komt de naam voor als familienaam.
** Veldnamen, ASA
# FRI, HTB, colmschate.info 8.8.2010, DAB, KBG

Oxerhof:
Landgoed in Oxe te Colmschate. Hoorde tot 1650 aan de hertog van Gelre. Later in verval en daarna weer herbouwd.

Oxevoorde:
Oude Nederlandse familienaam, afgeleid van Anglisch oxa (os) + ford (voorde = doorwaadbare plek in beek of rivier). De naam veronderstelt een locatie Oxevoorde waarnaar de familie zich heeft genoemd. Vooralsnog is die locatie helaas niet gevonden. Meest kansrijk lijkt Oxe bij Deventer, een gehucht aan de Schipbeek. Volgens Anglische regels betekent Oxevoorde namelijk de voorde bij Oxe. > Maashees
¶ Inspectie ter plekke leert dat er een weg genaamd Oxersteege loopt langs Oxe, rechts afbuigt naar een brug over de A1 tot aan de Schipbeek, dan links afbuigt langs de Schipbeek, dan rechts over een brug over de Schipbeek en dan naar Colmschate leidt. De plek van de brug ligt zichtbaar iets lager dan de directe omgeving, hetgeen vrij zeker wijst op een oude voorde.
¶ Bij de aanleg van een brug zal men zo veel mogelijk rekening houden met het bestaande wegennet. In het verleden goldt dat zeker in nog sterkere mate dan anno 2010. Zo ligt de oude voorde bij Hackfort Ao 2011 onder de brug van de Baakseweg vlakbij de ingang van kasteel Hackfort. (> Hackfort) Vroeger was het bouwen van een brug en de aanleg van aansluitende wegen immers veel zwaarder dan anno 2010. Per saldo lijkt de locatie van de brug over de Schipbeek de meest waarschijnlijke locatie van de oude voorde. Die plek kan dus Oxevoorde hebben geheten.
¶ De huidige brug over de Schipbeek is kennelijk van veel latere datum, namelijk toen er dijken werden gebouwd langs de oevers van de Schipbeek. Dijkenbouw begint pas rond 1100nC. De dijken langs de Schipbeek zullen weinig prioriteit hebben gehad en derhalve van veel latere datum zijn. Mogelijk pas in de 19e eeuw toen vele binnenwateren in Nederland werden gekanaliseerd en bedijkt.
Ossefoort: Oude voorde aan de bovenloop van de Drentse Aa in Grollo. Daar werden vroeger vaak ossen naar de overkant geleid. De familienaam Ossefoort lijkt er z'n herkomst te hebben.
Ossevoort: Wegnaam in Zwiggelte (Drente) tussen Hooghalen en Westerbork. Mogelijk lag daar ooit een buurt met die naam.
¶ Oxevoorde als familienaam lijkt Ao 2010 nauwelijks nog voor te komen. Wel de varianten:
- Ossevoort: In 1947 totaal 97x met piek van 36x in Overijssel.
- Ossenvoort: In 1947 toaal 33x met piek van 30x in Overijssel.
- Oxfoort: Komt in 2011 enige malen voor in Drente. Lijkt oude spelling.
De naam Ossevoort~ lijkt derhalve afkomstig uit Overijssel. Oxe is in dit geval de meest waarschijnlijke herkomstregio van de familienaam. Immers, locatienamen met voorde~ komen voornamelijk voor in West Salland, Oost Veluwe, Twente en de Achterhoek. (> Ford) Ao 2010 meest bekend: Manon Ossevoort, globetrotter pur sang.

Gezien de betekenis van de naam Oxevoorde, de verspreiding van de familienamen Ossevoort en Ossenvoort en de locatienamen met -voorde~, mogen we per saldo vooralsnog concluderen dat de familienamen Ossevoort en Ossenvoort afkomstig lijkten te zijn uit Oxe en dat aldaar vroeger moet hebben gelegen een locatie met de naam Ossevoorde (Oxevoorde), zijnde een voorde in de Schipbeek, ter locatie waar Ao 2010 de brug over de Schipbeek staat.
¶ Per saldo lijkt de familienaam Oxevoorde een herkomstnaam. De oorspronkelijke naamdragers zullen namelijk bij de Oxevoorde hebben gewoond.
Aangezien Oxevoorde eeuwenlang heeft gelegen op een belangrijke route tussen Gorssel en Deventer, lijkt het mogelijk dat de familienaam Oxevoorde afkomstig is van een herberg Oxevoorde die daar ooit heeft gestaan.
Herbergen werden in oude tijden namelijk vaak gebouwd bij een belangrijke voorde met veel verkeer. Vaak stromen de beken of rivieren namelijk over, waardoor de overtocht nagenoeg onmogelijk was. De reizigers moesten dan lang wachten tot het waterpeil was gezakt. In een herberg konden ze zich dan zolang vermaken en eventueel overnachten.
Oxevorde: In een Vlaams document anno 1159 wordt melding gemaakt van de graaf van Oxevorde, zijnde afkomstig uit Oxford in Engeland.
** Ossen, Voorden, Maashees, Migratiewaarden, TEHA, PgBrit/Oxford
# HTN, FRI, plaatsengids.nl 8.8.2010, DAB, KBG

Oxwerd:
Alias Okswerd. Dorp tussen Noordhorn en Niezijl in Groningen. De regio wordt rond 350vC bevolkt door Angelen uit Humsterland. De naam lijkt derhalve afgeleid van Anglisch oxa (os) + weorth (wierde, waarde = buitendijks laag gelegen land; ON weurt, waerd, waert). Dus: een waarde waar ossen grazen.
¶ In Oxwerd vinden drie belangrijke veldslagen plaats:
- 1417: Slag bij Oxwerd: de Vetkopers verslaan de Scheringers, die geleid worden door Coppen Jarges.
- 1498: Oxwerd verbrand door Neithard Fox, veldheer van de Saxen in Duitsland.
- 1581: Spaanse veldheer Verdugo verslaat de Staatse troepen aangevoerd door John Norrits en Willem Lodewijk.
** Vetkopers, Ossenwaard
# NGE, CWK

P::

Paalgoden: > Totempalen, Godenkoppen
Paardekar: > Paardekarren

Paardekarren: (PKR:)
()A aenholt (herberg, pleisterplaats, uitspanning), aenholtan (aanhouden, aanleggen), bric (brik = open 4-wielige paardekar), buggig (buggy, sjees = lichte tweewielige kar getrokken door ťťn of twee paarden), caert (kar, wagen, rijtuig), carosse (karos = koets getrokken door paarden), carran (karren, kar duwen, vervoeren), carre (kar), carrman (voerman, vervoerder, vrachtrijder), carryge (rijtuig), ceapcarre (kiepkar, slepkar, stortkar), ceart (metalen band om wiel), chaese (sjees = snelle paardekar op twee wielen), cladhwaegn (kleedwagen, huifkar), cotse (koets), cotsere (koetsier), cotsfeld (koetsveld = parkeerveld voor koetsen), cotshus (koetshuis), cotsman (koetsier), cotsseoc (koetsziek, kostsmislijk = mislijkheid door hevig schommelen van koets), couts (koets), coutsman (koetsier), craet (krat, kar, rijtuig, wagen), dogcaert (dogcart = paardekar met 2 wielen met elk 16 spaken voor stevigheid; bedoeld voor rijden op land), dogcraet (=A dogcaert), furman (=A carrman), geoc (juk), gigge (=A buggig), gorel (gareel = halsjuk), hama (haam = jukband voor paarden, borstriem), herse (paardekar), herse (paardekar), horscarre (paardekar = kar getrokken door paarden), hufcarre (huifkar, kleedwagen, boerekar = paardekar met zeildak), joc (juk, span), lamone (lamoen = stang tussen twee paarden in span van rijtuig), raed (rad, wiel, wagenwiel), reoma (riem), saengal (buikriem van paard), sceaft (=A lamone), scurre (soort paardekar), sealwaegn (zeilwagen, huifkar), slepcarre (slepkar, kiepkar, stortkar), span (span), spannan (spannen), swip (zweep), swipan (ww zwepen, geselen), swipu (zweep), thissel (dissel = disselboom = boom tussen paarden van tweespan), traec (trekweg = zandweg met karresporen), treckhors (trekpaard), utspan (uitspanning = plaats waar paarden uitgespannen worden en verwisseld met uitgeruste paarden), waen (wagen), waegn (wagen), waegnsmear (wagensmeer = smeervet voor wagendelen), waegnweol (wagenwiel), yok (juk)
3000vC Egypte: Rond deze tijd heeft Egypte al houten strijdwagens getrokken door twee paarden. De wagen heeft twee wielen en een trekstang met een dubbel juk. Elk wiel heeft zes spaken. De voorkant van de wagen heeft een scherm. #BBC4tv8.5.2014/Qantir
200vC Wetwang: Dit is een dorp in East Riding in NO Yorkshire. Aldaar zijn resten gevonden van een soort buggy (paardekar met twee wielen) en van een vrouw in een rode jurk liggend op haar linker zijde. De resten dateren uit circa 200vC. Aan de trekstang zitten twee jukken. De kar werd dus getrokken door twee paarden. Uit de resten blijkt dat Wetwang mogelijk al in 200vC een nederzetting was van Angelen, die mogelijk afkomstig zijn uit Twente. > Wetwang, Paarden

400nC:

      

Boven: Aquarel van een paardekar rond 400nC gemaakt door Hester Jans-Molenberg na zorgvuldig historisch onderzoek van alle relevante feiten. De kar wordt getrokken door een Sallands paard. (@ aquarel © BCK) > Sallander

 

850nC: Rechts: paardekar met porwaegns (wagenduwers) c 850nC. De wegen zijn in die tijd nog nauwelijks verhard. Na een zware regenbui veranderen de meeste wegen in lange brede modderpoelen. De porwaegns staan echter klaar om tegen betaling de kar een eind te duwen.
 
 
900nC++: Nog maar weinig wegen zijn geplaveid. De meeste wegen zijn gewone zand- of leemwegen met her en der keien. Na regen veranderen ze vaak in modderpoelen, wat het reizen erg vertraagd. Mensen reizen te voet, te paard, per kar, per koets, per boot of per slee. Soms zelfs per schaats. O.a. langs de weg Zwolle-Groningen. Dat gebeurt tot dik in de 19e eeuw. Onderweg wordt overnacht in zgn aenholts. Dat zijn herbergen, pleisterplaatsen of uitspanningen. Daar kan men eten, drinken, slapen en van paarden wisselen als ze te vermoeid zijn. Rechts: reiziger arriveert bij een aenholt; circa 1400 AD (©) > Herbergen
 

1000++: Hufcarre = huifkar, kleedwagen, boerekar = paardekar met zeildak; voor vervoer van goederen of maximaal 8 personen. Wordt veel gebruikt door boeren en landverhuizers en voor groepsvervoer.

          

 Groningen anno 1572

Boven: groepsvervoer per open huifkar. De afbeelding is een detail uit 'Groeninga', een ets uit de stedenatlas van G. Braun en F. Hogenberg anno 1572.

1500++


          

boven: huifkar uit de 16e eeuw in gebruik op de Veluwe

Op de rand van de zijkanten zitten klemmen voor de booglatten van de huif, die met slecht weer wordt opgezet.
1650++: In Engeland gebruiken ze dogcarts: houten paardekarren met twee trekstangen, een bak van planken, twee wielen en getrokken door ene paard. #BBC4tv10.5.2014
1900: In Engeland rijden rond deze tijd nog houten dogcarts als in 1650. #fotkaart1900*
1900: In Salland is anno 2014 nog een oud exemplaar van de dogcart aanwezig. Daar heet ze slepkar of kiepkar en werd ze tot in de 20ste eeuw vooral gebruikt in de landbouw voor transport van landbouwproducten en mest. #FRI/Bathmen 29.5.2014


          

Boven: Slepkar te Bathmen getrokken door een Sallander. De kar dateert van circa 1900. Het kleine wiel onder de bok is bedoeld voor de stabiliteit. De kar blijft rechtop staan bij in- en uitladen van de vracht. De outfit van de vrouwlijke koetsier dateert ook van rond 1900. (Foto @ TiedLight) > Sallander
1957++: In Indonesia rijden zgn sado's: paardewagen op twee wielen, getrokken door ene paard en met ruimte voor ene koetsier en drie passagiers.
2014: In Centraal AziŽ gebruiken ze nog houten dogcarts zoals in Engeland anno 1650. #BBCtvapr2014
** Wiel, Wagenwiel, Voertuigen, Paarden, Egypte

Paarden::
()A bayard (roodbruin paard), behorsian (paard afnemen, afpakken), Bels (Bels = zwaar, groot en lichtbruin paard), biding (uitspanning = plaats waar paarden uitgespannen worden en verwisseld met uitgeruste paarden), bite (bit), breacs (rijbroek), brethel (=A bridel), bridel (breidel, teugel, hoofdstel), bugal (beugel, stijgbeugel), ceolt (jonge hengst), ceolthofe (hengstenfokkerij), chaese (sjees = snelle paardekar op twee wielen), cidda (klein paard), cniht [knait] (paardeknecht), cob (kob; # paard). coppel (kudde), drafan (draven), drafhors (drafpaard), eoh (paard), euwan (grazen, begrazen), euwhurst (horst die begraasd wordt), foda (voer), fodan (voeren), fola (veulen), folan (veulen), galparan (galopperen), gorel (gareel = halsjuk), graes (gras), grasian (grazen), haelster (halster), hama (haam = jukband), hars (paard), hearnes (paardetuig), hers (paard), herse (paardekar), hengest (hengst), herse (paardekar), hieg (hooi), hingest (hengst), hof (hoef), hofiser (hoefijzer), hors (paard), horscarre (paardekar = kar getrokken door paarden), horscepere (paardenhouder), horscepery (paardenhouderij), horscopere (paardekoper), horscopery (paardekoperij, paardehandel), horscorne (haver), horsfael (paardeveld, paardewei), horsfeld (paardeveld), horshaer (paardehaar), horsian (voorzien van paarden), horsmaerct (paardenmarkt), horsman (ruiter), horsmennere (paardemenner), horssco (hoefijzer), horsweda (paardewei), hoy (hooi), hros (ros, paard), hroscomb (roskam), hrosdeoc (rosdoek = zak voor paardevoer), ingast (hengst), kidd (klein soort paard), laedseal (leidsel), laedtug (leidsel), lamone (lamoen = stang tussen twee paarden in span van rijtuig), logta (stallantaarn), manu (manen), mare (merrie), marescaelc (paardeknecht), mearh (merrie), menna (menweg, landweg, dreef), mennan (mennen), mennere (menner), mere (merrie), meynan (mennen, drijven), meynere (paardenmenner, paardendrijver), miere (merrie), nosream (neusriem), paega (paard, werkpaard), peard (paard), peardcepere (paardenhouder), peardcepery (paardenhouderij), peardcopere (paardekoper), peardcopery (paardekoperij, paardehandel), ranhors (renpaard), reof (ruif), reoma (riem), ridan (paard rijden), rune (ruin = gesneden hengst), rutar (ruiter), rydan (=A ridan), rydar (ruiter), sadol (zadel), sadolbagge (zadeltas), sadolgudh (leengoed waarvoor leenman een zadel moet schenken als tegenprestatie), sadolmakere (zadelmaker), sadolpine (zadelpijn), saengal (buikriem van paard), sceaft (=A lamone), scimlig (schimmelig, witachtig), scimmel (schimmel = wit paard), scoh (hoefijzer), scohan (paard beslaan met hoefijzer), scurre (soort paardekar), sell (zel = deel van paardetuig), span (span), spannan (spannen), spora (spoor aan rijlaars), staegrep (stijgbeugel), steall (stal), steallcniht (stalknecht), steart (staart), stig (stal), stigweard (stalmeester), stirap (stijgbeugel), stod (hengst), stod (renstal, fokstal), stodery (stoeterij), strunt (stront), struntstede (mesthoop), swip (zweep), swipan (ww zwepen, geselen), swipu (zweep), teagel (staart), thissel (dissel = disselboom = boom tussen paarden van tweespan), treckhors (trekpaard), tygal (teugel), utspan (uitspanning = plaats waar paarden uitgespannen worden en verwisseld met uitgeruste paarden), worchors (werkpaard)
3200vC++ Paarden gedomesticeerd in de steppen van Zuid Rusland.
3000vC++ Goten: OekraÔne(3000vC)-Litouwen(2500vC)-ZuidZweden(2000vC)
3000vC++ Egyptenaren bouwen paardewagens met twee wielen (6 spaken) + kar (voorkant gerond) + stang (met twee jukken) getrokken door twee paarden. Ook maken ze bits (van brons) en plastoilets voor hun paarden. Paarden moeten urineren in plasgaten. Urine wordt ondergronds opgevangen en bewaard en later gebruikt voor leerlooien. #BBC4tv8.5.2014/Qantir
2300VC++ mensen houden paarden #DWO
1300VC Exodus: Mozes trekt met de Joden uit Egypte. Ze worden achtervolgd door de Egyptenaren in strijdwagens getrokken door paarden.
700vC++ Inglo-Goten uit Zuid Zweden migreren naar Angeln
650vC++ Angelen in Angeln en verder zuidwaards richting Rijn
600vC++ Eeuwenlang laten Angelen na het maaien een schoof op de akker achter voor het paard van Wodan. #HED/p8;KBG
300vC++ De Zijderoute (300vC-1450nC) is een handelsroute waarlangs oorspronkelijk voornamelijk zijde uit China werd vervoerd naar andere gebieden in AziŽ en Europa. Later worden ook steeds meer vervoerd satijn, thee, wierook, robijnen, diamanten, parels, porselijn, papier, paarden, buskruit, rabarber, perzikken, sinaasapples, muskus en vele andere producten.
200vC++ Paarden worden al vroeg vereerd door de Angelen. O.a. op de Tankenberg bij Oldenzaal, waar Wodan, Donar en Hertha werden vereerd. De offervuren laaiden hoog op en diep in het nabije Bentheimer Woud vinden de offerrituelen plaats. Bij de vereering werden paarden geslacht, geofferd en gegeten. #GVT/p17 > Tankenberg, Hertha
100vC++: Romeinen maken hoefijzers voor hun paarden. Ze binden die vast aan de hoeven. De ijzers raken daardoor snel los. Dat hindert vooral het draven. BBCtv/apr2014
98nC++ De Angelen zien paarden als vertrouwelingen van de goden. Priesters zien hen als belangrijkste bron van goddelijke informatie. Ze gebruiken het hinniken en snuiven van dravenden witte schimmels als bron voor voorspellingen en raadgevingen. > Tacitus
100nC++: Angelen maken hoefijzers voor hun paarden en maken die aan de hoeven vast met nagels (ijzeren spijkers). De ijzers blijven daardoor langer goed zitten. #BBCtv/apr2014
100nC Tacitus: Bij de West-Germanen krijgt crematie geleidelijk de overhand tot in de eerste eeuwen van de jaartelling. Dit blijkt uit opgravingen en een tekst van Tacitus: Bij begrafenissen heeft geen ijdele praal plaats; alleen zij opgemerkt dat men de lijken van beroemde mannen met bepaalde houtsoorten verbrandt. De brandstapel overladen zij noch met een deken noch met specerijen; aan allen worden wapens, aan sommigen ook hun paard meegegeven. ... In latere eeuwen wordt alleen nog het paardetuig meebegraven #NEM/p18
200nC Wyster/Drente: In 2014 zijn daar in een put resten gevonden van een leren schoen uit de Romeinse Tijd. Van deze schoen heeft het Drents Museum te Assen een copy gemaakt. Het is een soort platte veterschoen maat 44 met fraai vlecht- en sierwerk en sporen aan de hiel. Ze lijkt derhalve van een ruiter te zijn geweest. #TV Drenthe 24.8.2014
300nC++ In Colmschate bij Deventer zijn archeologische vondsten gedaan die aantonen dat daar rond 300nC een Anglische nederzetting is. De vondsten bestaan o.a. uit Romeinse munten, bronzen beslag van een gesp, bronzen beslag van paardetuig en een messing beeldje van Victoria, de Romeinse godin van de overwinning. Zij werd vereerd tot circa 400nC, toen het Christendom aan de macht kwam. Deskundigen menen dat de gevonden artefacten afkomstig zijn van Germaanse soldaten in dienst van de Romeinen. Aangezien Saxen en Franken pas in 775-800nC NO Nederland in settelen, en de Angelen al rond 200vC mogen we aannemen dat het indrdaad gaat om een Anglische nederzetting. > Colmschate
350-450nC Germanen, Goten en Angelen leren zadel kennen via de Hunnen. > Hunnen
400nC++ Zadel: In de Romeinse Tijd (12vC-450nC) kennen de Angelen het zadel nog niet. Pas in 350-450nC leren ze die kennen van de Hunnen. Deze tekst impliceert dat de Angelen voordien zeker al paarden hebben.
400nC++ Mansnamen met paard komen in het Anglisch meer voor. O.a.: Eomar = eoh (paard) + maer (beroemd). Dus: beroemd paard. Eomar van Angeln leeft c 420-489nC. Hij is een zoon van koning Angeltheow. Eomar is de laatste koning van Angeln. > Eomar van Angeln
425nC++ Zweeloo in Drente is bekend om de Prinses van Zweeloo, een jonge vrouw van goede stand die heeft geleefd in circa 425-450nC. Haar graf is ontdekt in 1952 tijdens graafwerk. In haar graf zijn ook sieraden gevonden: bronzen spelden, een ketting met glazen kralen, een ketting met kralen van barnsteen, een zilveren ring, zilveren toilet garnituur, een bronzen sierspeld in vlindervorm, grote losse kralen van banrsteen en van glas en bronzen armbanden, ringen en sleutels en een ketting met een bevertand. De prinses droeg een gewaad van zeldzaam mooi geweven linnen en een ruitkeper. Ook bleken er een aantal paarden meebegraven te zijn met de prinses. > Prinses van Zweelo
450nC++ Angelen zijn uitstekende boeren, die veel landwerk doen. Zij fokken dieren die in deze tijd nog veel te zien zijn. Bijen houden gebeurt op grote schaal. Ze zijn uitstekende jagers, die gek zijn op honden en paarden. #WAB/p171
450-475nC De eerste golf Angelen komt van de kusten van Noord Nederland en Duitsland. Volgens overlevering bevinden zich onder hen de leiders Hengest en Horsa.
450-550nC Angelen zijn al vroeg intensief bezig met paarden. Dat hebben ze vrij zeker meegekregen van de Inglo-Goten, hun voorouders. De eerste golf Angelen (450-475nC) komt van de kusten van Noord Nederland en Duitsland. Volgens overlevering bevinden zich onder hen de leiders Hengest en Horsa.
Balder: Volgens een oude overlevering wordt de Anglische god Balder vereerd en beschermd door de Asen. De halfgod Loki is echter jaloers en weet op slinkse wijze de geliefde god te doden. De verslagenheid is groot. Balder wordt met zijn paard op de brandstapel gecremeerd. Zijn ziel herrijst echter in een andere wereld. > Balder
Hengest & Horsa is een legendarisch verhaal over twee huurlingen uit Angelland. Hengest betekent hengst en horsa paard. Hengest en Horsa zijn goede vrienden die in dienst van warlord Vortigern in Brittannia rond 450nC vechten tegen de Picten. Horsa komt om in die strijd. Hengest vertrekt later naar Zuid Engeland waar hij Kent verovert en daar koning wordt. Het wapen van Kent voert sindsdien een wit paard op een rood veld.
> HEH (Hengest & Horsa)
¶ Naar zeggen zijn Hengest & Horsa figuren die al in oude mythen van de AriŽrs voorkomen. Per saldo lijken Hengest & Horsa in al die mythen en legenden symbolische figuren te zijn die uitdrukking geven aan liefde en verbondenheid. Dat is o.a. terug tevinden in de asbole, een x-kruis die ontstaat bij een ritueel van broederschap. Ze komt al voor rond 125nC als Angelen en Saxen in Lunenburg hun eerste verbond sluiten. > Asbole, Angel-Saxen
 

In NO Nederland en in NW Duitsland komen op vele oude huizen zgn nokkruizen voor in de nok van het dak aan de voorgevel. Dat zijn vooral paardekoppen. In NW Duitsland worden ze Hengest und Hors genoemd. Ofwel Hengst en Paard. (> HEH) Rechts: Hengest en Horsa geschilderd op een oude staldeur in de regio Hardenberg: wit op groen, exact de oude Anglische kleuren. (foto © BCK)
 

¶ Ook Anglische gezegden en spreekwoorden hebben vaak betrekking op paarden. Tot de oudste spreekwoorden hoort o.a.: Je kan een paard leiden naar water, maar je kan het niet dwingen te drinken. Beroemd is verder een opmerking van koninging Victoria van Engeland. Een lakei klaagde eens tegen haar over het gedrag van twee homo's aan het hof. Waarop Victoria antwoordde met Brits flegma: Als de paarden er maar niet van schrikken.
Weyland: Alias Weland, Wayland. Anglische mythologie: yzersmid van de goden. Als een paard een hoefijzer verliest, brengt hij een nieuwe aan als je een muntstuk legt onder een bepaalde steen. #WAB/p84
800nC++: Ondanks de kerstening van Angelland blijven de oude Angale waarden voortleven. Vele Angelen brengen nog vaak offers aan hun goden en laten na het oogsten liever twee schoven op de akker staan voor het paard van Wodan, dan dat ze ťťn schoof geven aan de pastoor. #HED/p9 > Angalisme
Paardehaar (Angl horshaer) werd vroeger veel gebruikt als vulling voor de zitting en en leuning van stoelen. Het is sterk, veerkrachtig en duurzaam. Alle chique stoelen in Dumfries House in Ayshire (Schotland) werden in de 18e eeuw daarmee gestoffeerd. Anno 2011 zijn deze stoelen en stoffering nog steeds in uitstekende staat. (BBCtv/Countryfile 14.8.11)
¶ Paardehaar werd ook gebruikt voor het maken van pruiken. In de pruikentijd (17-18e eeuw) is het daarom ook een gewild product. (#RTNtv 16.8.2011/Belle van Zuylen)
1858: Vincent van Gogh schrijft aan zijn broer Theo: "De heide is rijk, ik zag schaapskooien en herders die mooier waren dan de Brabantse... Om u een der vele dingen welke op mijn ontdekkingstochten mij iets nieuws te zien en te voelen gaven, te noemen, zal ik u vertellen hoe men hier, in Drenthe, schuiten ziet door mannen, vrouwen en kinderen, witte of zwarte paarden getrokken met turf geladen, midden in de hei.' #OBN/p221
2010: Nederland is anno 2010 internationaal toonaangevend op paardengebied. De duurste paarden voor de draverij en dressuur komen uit Nederland. Een tophengst kost al gauw 1.5 miljoen Euro. Ruim 13.000 mensen werken in de paardenfokkerij. Paarden fokken vraagt veel kennis en geduld, maar vooral het zgn paardengevoel. Daarnaast is een strenge selectie van doorslaggevend belang. Tot slot zeggen paardesporters: Ruiter en paard maken elkaar. (TROStv 9.11.09)
¶ De meeste gekwalificeerde paardenfokkerijen in Nederland zijn gevestigd in Drente, Overijssel, Gelderland en Limburg. Dat heeft mogelijk te maken met de aldaar aanwezige overgeleverde kennis uit het verre verleden. O.a. getuige archeologische vondsten:
- 235nC: hoefbeslag van paarden in Harzhorn > Oldenrode
- 300nC: paardetuig in Colmschate bij Deventer > Colmschate
- 400nC: steenrelief Offa van Angeln (ZA)
- 425nC: paarden en paardetuig in graf van Prinses van Zweeloo (ZA)
- 800nC: paarden vervangen ossen bij het ploegen > Ploegen
¶ Historische paarderassen uit Angelland zijn: Gelders paard, Groninger paard, Hannoveraan en Oldenburger.
2014 Suffolk Punch: Paardenras uit Suffolk in East Anglia (GB). De Suffolk is wat grof gebouwd, breed, niet erg groot, normaal hoofd, bruin van kleur en heel sterk. Stokmaat 1.63-1.72 meter. Het Suffolk paard is in het verleden op grote schaal gebruikt als werkpaard in de landbouw. Sinds de mechanisatie in de landbouw wordt het paard echter steeds minder gebruikt. Daardoor nam het aantal steeds verder af. De Engelse Prinse Margaret zet zich daarom in voor een terugkeer van de Suffolk. O.a. voor het afgrazen van natuurgebieden. #BBCtv/apr2014
--- 1506 Old Breed: In dit jaar wordt de Suffolk door paardekenners Old Breed genoemd. Dit betekent in Engelse termen dat de Suffolk zeker tot een heel oud ras wordt gerekend.
--- Clydesdaler: De Suffolk lijkt wat op de Clydesdaler, afkomstig uit de regio Clydeside langs rivier de Clyde in ZW Schotland. In die regio wordt o.a. Anglesh gesproken, een streektaal van Anglische herkomst. (> Anglesh) Clydeside ligt nabij Cumbria in NW Engeland. Cumbria wordt al vroeg bevolkt door Angelen, die afkomstig lijken uit NO Nederland. (> Cumbria) O.a. Bentham (> Bentheim), Santforth (> Zandvoort) en Stanwick (> Steenwijk). De Clydesdaler kan derhalve langs die lijnen verwant zijn aan de Suffolk.
--- 10nC++ Bels: Populair trekpaard in landbouw. Wordt al genoemd in oude Romeinse bronnen. Herkomst: BelgiŽ en Nederland. Kenmerken: korte zware hals, dubbele manenkam, krachtig gedrongen lichaam, korte sterke benen, klein hoofd. Stokmaat: 1.63 M (Nederland) en 1.70 M. (BelgiŽ). Kleur: bruin, vos of licht- donkerbruin. Karakter: levendig, taai, moedig en harde werker. Anno 1000-1500 veel gebruikt in het leger.
--- Bels > Suffolk Aangezien:
- in 1506 de Suffolk gerekend wordt tot Old Breed
- en met Old Breed normaliter heel oud wordt bedoeld
- en de Suffolk qua eigenschappen sterk lijkt op de Bels
- en de Bels in Romeinse bronnen al wordt genoemd sinds circa 10nC
- en met Bels normaliter Belgisch wordt bedoeld
- en in oude tijden BelgiŽ = De Nederlanden = Nederland + BelgiŽ + Luxemburg
- en de Angelen in Engeland tijdens de Grote Natheid in Angelland op het Continent in 450-550nC massaal zijn gemigreerd naar NO Engeland
- en de Angelen in Suffolk voor een groot deel afkomstig zijn uit West Angle (Groningen, Drente, Overijssel en Gelderland) > PgAng/TEHA
- en deze Angelen veel van hun bezit hebben meegenomen naar hun nieuwe bestemming; o.a. levende have
>>> lijkt het denkbaar dat de Angelen in Suffolk hun paarden oorspronkelijk hebben meegenomen van hun homelands in West Angle
>>> en derhalve de Bels mogelijk de vader is van de Suffolk Punch
.
--- Salland: Het paard op onderstaande foto komt uit de regio Deventer. Vooralsnog is niet bekend van welk ras dit paard is. Deze "Sallander" lijkt erg op de Suffolk Punch qua stokhoogte, hoofd, kleur, kracht, taaiheid, bescheidenheid en manenkam. (#FRI/Bathmen 29.5.2014) Als deze Sallander inderdaad hoort tot een oud Sallands ras, dan kan dit paard tijdens de migraties van Angelen naar Brittannia in 450-550nC zijn meegenomen en aldaar verder gefokt. Aangezien:
- tamelijk veel Angelen uit Twente in 450-550 lijken gemigreerd naar Brittannia; o.a. uit de regio Holten in Twente naar de regio Holton in Norfolk > TEHA
- en Holten in Twente grenst aan Salland
- en Holton in Norfolk op maar 7 Km van de grens met Suffolk ligt
- en de Sallander sterk lijkt op de Suffolk Punch
- en de Bels een dubbele manenkam heeft en de Sallander een enkele manenkam
>>> lijkt het dus:
--- dat Angelen uit de regio Holten in Twente de Sallander uit aangrenzend Salland hebben verkregen
--- en dat Angelen uit Holten in Twente de Sallander hebben meegenomen naar Holton in Norfolk
--- en dat de Sallander via Holton in Norfolk is beland in aangrenzend Suffolk
--- en dat de Sallander in Suffolk verder is gefokt
--- en dat de Suffolk Punch derhalve afstamt van de Sallander
.


          

Boven: Slepkar getrokken door een Sallander anno 2014. (Foto @ TiedLight) > Paardekarren
Evenementen: Enkele van de belangrijkste hippische evenementen vinden plaats in NO Nederland:
- Military van Boekelo
- CSI Geesteren Twente
- Paardenmarkt te Zuidlaren
- Paardenmarkt te Hengelo Gld
** Transport (Ingwi 665vC), Oldenrode (235nC), Engist van Angeln (gb 405nC), Prinses van Zweeloo (gb 425), Nokkruis, Ploegen, Grazers, Wagens
# WP, DAB, KBG
++ Paarden/Stoeterij Angelbeeck

Paardenhandel: (PDH:)
Stad Groningen heeft van oudsher een drukke veehandel met Denemarken, Vlaanderen en Engeland. Dat blijkt o.a. uit een acte van 13.2.1638, opgemaakt te Rotterdam, waarin het transport per boot van paarden naar Diepen in Frankrijk wordt geregeld.

Marten Albertsz van der Duyn, 66 jr., Claes van der Duyn, 26 jr. en Jouke Hessels, peerdencooper van Groeningen, 30 jr. leggen op verzoek van Thijs Claesz uit Groeningerlandt een verklaring af inzake problemen met bevrachting van paarden door Leendert Bouwensz., schipper, van Den Briel naar Diepen in Frankrijk met een boeyerschip. Genoemd worden verder Freek Claesz., paerdecooper, Aelbrecht Thijsz, Cornelis Cleasz., David Joosten van Dordrecht, Cornelis Jonckersz., factoir.
NB Claes van der Duyn tekent als Claes Martensz.
 

Paardenkarren: > Paardekarren
Paardenmarkten: o.a. in Hengelo/Gld, Zuidlaren/Gro
Paasbake: > Paasvuur

Paasberg:
()A aelsop (aalberg, paasberg), pasan (passeren, voorbij gaan), pasbeorg (paasberg = hoogte waar geofferd wordt), pasop (paasheuvel, paasberg = hoogte waar geofferd wordt)
¶ Een paasberg is van oudsher een berg, heuvel of hoogte waar rond Pasen zgn paasvuren worden ontstoken. Deze paasvuren zijn een oeroude folklore waarmee de winter wordt afgesloten en de nieuwe lente wordt begroet. De symboliek is dat het kwade (de winterse ellende) wordt verbrandt en plaats maakt voor het goede (de vreugde van de lente en de zomer). > Paasvuur
¶ De naam Paasberg komt voor als geonaam in Oldenzaal/Twente, Terborg/Achterhoek, Velp/ZuidVeluwe en als Paoscheberg in Bentheim. In al deze gevallen gaat het om heuvels in historisch Anglische gebieden.
Terborg: De Paasberg in Terborg is een hoogte waarop volgens overlevering rond 14 april de lente werd ingeluid met een groot paasvuur. Daarna werd de as uitgestrooid op de akkers om de vruchtbaarheid te bevorderen. > Terborg
Offerplaats: Op de Paasberg bij Huys Wisch zou volgens overlevering in de Anglische tijd een offerplaats hebben gestaan. Vooralsnog is daarvan echter niets terug gevonden.
Paasbake: Het ontsteken van paasvuren is een oeroud gebruik dat anno 2012 in NO Nederland nog steeds jaarlijks gebeurt en Paasbake wordt genoemd. Ook in Engeland, NW Duitsland en Denemarken vindt deze traditie plaats.
¶ Bron RRA schrijft: English place-names evidence suggests that hills were very often used for heathen temples.
Paasberg: De betekenis van de naam Paasberg lijkt per saldo identiek aan de betekenis van de locatienaam Pasop. Deze naam komt namelijk ook voor in Velp bij Arnhem, waar een Paasberg (nabij Bronbeek) is en in aangrenzend Rheden een hoog gelegen bos met de naam Pasop. Deze naam lijkt afgeleid van Anglish op (heuvel, berg) + pas van Anglisch pasan (passeren, voorbij gaan). Er werd dus iets geofferd waarmee mogelijk de vergankelijkheid van het leven werd gesymboliseerd.
¶ Gezien de overlevering van de Paasberg in Terborg lijkt het mogelijk dat een paasberg ook werd gebruikt als crematieplek en de plek waar jaarlijks met de aanvang van de Lente een paasvuur werd ontstoken: het oude leven werd verbrand om plaats te maken voor het nieuwe.
Paasberg Ede: Gelegen aan de Paasbergerweg kruising Bergstraat en Vossenakker. Gedenkzuil van gietijzer met vele opschriften gewijd aan Anna Maria Moens. Op de zuil staat een urn. Deze zuil met urn sterkt de these dat een paasberg mede heeft gediend als crematieplek.


          

boven: de Paasberg met zuil te Ede (foto @)

Paasheuvel Rhenen: Gelegen in Landgoed Remmerstein. Kaart GHG/1900 toont aldaar een open top met cirkel en paden in kruisvorm. De locatie ligt circa 53 meter hoog. Van genoemde cirkel en paden is anno 2013 nauwelijks nog iets te zien. (FRI apr 2013) Op deze heuvel werden vroeger paasvuren ontstoken.
Locaties: Oller (ZA), Paasberg/Baalder/Hardenberg*, Paasberg/DeLutte*, Paasberg/Ede, Paasberg/Oldenzaal, Paasberg/Terborg, Paasheuvel/Lochem, Paasheuvel/Rhenen, Paasloo/Weerribben, Pasop/Aalten, Pasop/Holten, Pasop/Laren/Lochem, Pasop/Midwolde/Gro, Pasop/Nunspteet, Pasop/Rheden.
Verder: Ermelo, Lunteren, Wisch. #HPG
Asveld: De naam Asveld komt voor als locatienaam en als familienaam. De naam kan mogelijk zijn afgeleid van Anglisch ascfeld = asveld = strooiveld voor as. Dit kan betekenen dat aldaar ooit een crematieplek was. Crematie gebeurde namelijk normaliter op een zgn paasberg, Anglisch pasbeorg = hoogte waar geofferd of gecremeerd wordt. De buurt Asveld in Hengelo ligt inderdaad merkbaar hoger dan de directe omgeving. > Asveld
** Pasop, Ael, Paasvuur, Eostre, Kalender, Tankenberg, Hemelse Berg, Cultusplekken

Paasbergen: > Paasberg
Paasfeest: > Paasvuur, Pascoe, Eostre, Eosturn
Paasheuvel: > Paasberg

Paasloo:
Dorp in de noorkant van de Weerribben, NW Overijssel. De regio wordt rond 300vC bevolkt door Angelen uit ZW Drente. (> ASA) De naam Paasloo lijkt derhalve afgeleid van Anglisch paes (heideveld, weide) + loo (open plek in bos).
¶ In centrum Paasloo ligt de Braambrink, gelegen op een merkbaar hoger deel van het dorp. Kennelijk groeiden daar ooit braamstruiken. Bramen groeien namelijk normaliter op droge zandgrond.
¶ Paasloo ligt op een hoogte, die voornamelijk bestaat uit zand en leemgrond. (FRI jul 2012) Het lijkt dus zeer wel mogelijk dat de Braambrink is genoemd naar braamstruiken die daar groeiden.
¶ De merkbaar hogere ligging van de Braambrink kan verwijzen naar een voormalige paasberg. Temeer daar een brink normaliter het centrum vormt van een gehucht of dorp. > Paasberg

Paasvuur: (PSV:)
()A lentefyr (lentevuur, paasbake = vreugdevuur ontstoken uit vreugde voor de nieuwe lente), paesbeace (paasbake, paasvuur, lentevuur)
¶ Een paasberg is van oudsher een berg, heuvel of hoogte waar rond Pasen paasvuren worden ontstoken. Deze paasvuren zijn een oeroude folklore waarmee de winter wordt afgesloten en de nieuwe lente wordt begroet. De symboliek is dat het kwade (de winterse ellende) wordt verbrandt en plaats maakt voor het goede (de vreugde van de lente en de zomer). > Paasberg
¶ Van oudsher worden met Eostre (lentefeest) vreugdevuren ofwel paasvuren aangestoken. Anglisch paesbeace = paasbake, paasvuur. Vooral in NO Nederland: Twente, de Achterhoek, Drente en Groningen. Maar ook in Engeland, Denemarken en NW Duitsland. > Eostre

Weken van tevoren worden droge takken verzameld en op een grote hoop gelegd, om dan tegen de schemer van Eerste Paasdag ontstoken te worden. Een ritueel dat het landschap mystieke diepte geeft. Eastern is verwant aan East en Ostern aan Ost, de windrichting waar de zon opkomt. Deze relatie vinden we terug bij de AriŽrs. Eostre heet bij hen Austron = de Stralende, godin van de morgenstond. @ foto © TiedLight ®
> Zonnecultus
 
¶ Gezien de overlevering van de Paasberg in Terborg lijkt het mogelijk dat een paasberg ook werd gebruikt als crematieplek en de plek waar jaarlijks met de aanvang van de Lente een paasvuur werd ontstoken: het oude leven werd verbrand om plaats te maken voor het nieuwe. Het zelfde geldt voor een pasop, dat qua betekenis identiek is aan een paasberg.
1976: Wie denkt er nog aan bij een hoog oplaaiend paasvuur dat dit een overblijfsel is van een oeroude traditie van de naturale Angelen? #HED/p9;KBG > Angalisme
Het HinduÔsme kent een verglijkbaar feest waarbij vuren worden aangestoken. De Hindu's zien hierin de verbranding van de winter en de verwelkoming van de lente. Ofwel van het dode hout en het nieuwe licht. Ofwel van de dood en het begin van een nieuw leven.
Pasen is symbool voor een nieuw leven. #AVROTROStv/Kunst&Kitch 8.2.2017
** Paasberg, Pasop

Paasvuren: > Paasvuur
Pacht: > Pachten

Pachten:
()A haldan (houden, vasthouden, pachten, huren), haldere (pachter, pachthouder), halding (pacht, pachtland, pachthoeve), husman (pachter, boer), theng (pachter), thengan (pachten), utdon (verpachten), wincott (pachthuis), winne (pachter), winnere (pachter, landbouwer, boer), wonna (=A winnere), wonnacott (pachthuis), wonnan (winnen, verdienen, pachten), wunna (=A winnere), wunnacott (pachthuis), wunnan (=A wonnan), wunnere (=A winnere)
** Teng, Leenstelsel, Grondbezit

Pacifisme: (PAC:)
De Anglische god van de donder is Donar (= Thor). Hagall lijkt derhalve een personificatie van de Anglische god Donar, de god die met hagelstenen smijt om mensen te plagen en hun huizen en gewassen te vernielen. Dat was alleen te voorkomen door tijdig een hagelkruis te plaatsen.
¶ De grote paradox lijkt waarom hagelstormen door de Angelen worden bestreden met een hagelkruis. In feite lijkt het dat de god Hagall, gezien als de veroorzaker van hagelbuien, met zijn eigen runeteken Hagal moet worden ingetoomd. De paradox verdwijnt zodra men het probleem anders formuleeert. Namelijk dat de Angelen met het hagelkruis hagelschade willen voorkomen, door hun god Hagall gunstig te stemmen met zijn eigen runeteken Hagal. Zoals in latere tijden mensen hun dictators trachten te paaien en gunstig te stemmen door overal diens portret te plaatsen en daarmee willen suggereren dat ze hem vereren. Vaak met de bijgedachte: hij verdwijnt toch wel eens van het toneel.
¶ De these is dus dat de Angelen hagelschade willen voorkomen door een hagelkruis te plaatsen en daarmee de god Hagall gunstig willen stemmen en zodoende willen voorkomen dat hij toeslaat en hun huizen en gewassen vernield. Deze these past in het beeld van de oermens die kwade krachten wil bezweren.
225vC-500nC: Het schijnbare pacifisme van de Angelen betekent niet dat ze altijd braaf zijn en passief alles over zich heen laten komen. Integendeel. In de periode 225vC-500nC verslaan ze in vele campagnes met succes binnendringende Denen, Marcomannen, Saxen en Romeinen. (> HCAB) Hiermee tonen de Angelen een sterke defensieve kracht.
450nC++ Angelen zijn uitstekende boeren, die veel landwerk doen. Zij fokken dieren die in deze tijd nog veel te zien zijn. Bijen houden gebeurt op grote schaal. Ze zijn uitstekende jagers, die gek zijn op honden en paarden. Valkenjacht is een populaire sport. Soms moeten ze vechten voor hun landheer. Thuis voelen ze zich echter het meest gelukkig. Hun vredelievende aard maakt hen later trouwe aanhangers van het Christendom. #WAB/p171
650nC++ Genoemde politiek van bezwering wordt in de 20e eeuw appeasement genoemd. In bron WMA/p61 schrijft historica Barbara Yorke:

The patronage of religious houses in areas which they hoped to take over was a Mercian policy which can be paralleled elsewhere.
Mercia is een Anglisch Koninkrijk in NW Engeland, dat in de 7e eeuw nC ontstaat en tot de 10e eeuw de belangrijkste macht is in Brittannia. Daarna speelt 't nog vele eeuwen een machtige rol in Brittannia. Aangezien Mercia een Anglisch Rijk is, mag haar politiek dus een Anglische politiek heten. Appeasement is in die tijd dus zeker nog een typisch Anglische politiek. > PgBrit/Politiek
¶ Een gezegde uit Middeleeuws Engeland is: Don't fight the thunder. Klinkt erg realistisch. Tegen de donder vechten is immers vechten tegen een onzichtbare vijand, wiens onvoorspelbare en plotselinge bliksems je kunnen treffen, verminken of zelfs doden.
¶ Het adagium om niet te vechten tegen de donder lijkt zeer verstandig. Maar hoe ver ga je daarin? De machtspolitiek van de Angelen en later Engeland kent ook het adagium: If you cann't beat them, join them. Een machtspolitiek dus gebaseerd op colaboratie. Een politiek die alleen werkt zolang de partner eerbaar en betrouwbaar is en geen gevaarlijke bijbedoelingen heeft. Zo niet, dan kunnen de gevolgen fataal zijn. De Britse premier Neville Chamberlain demonstreert deze politiek in 1938, toen hij Hitler de ruimte gaf om Tsjecho-Slowakije te annexeren. Engeland noemde het Appeasement politiek. Churchill reageerde: You had the choice between dishonesty and war. You choose dishonesty and you will yield war. En zo gebeurde. De gevolgen waren rampzalig. De Tweede Wereldoorlog die daardoor uitbrak, heeft in Europa en AziŽ miljoenen slachtoffers veroorzaakt en grote gebieden volledig in puinhopen veranderd. Engeland zelf bleef daarbij niet gespaard. Door deze oorlog verloor het uiteindelijk zelfs zijn positie als wereldmacht.
** Hagel, Hagal, Hagall, Lšssigkeit, HCAB, Pacifisme, PgBrit/Politiek

Padbroek:
Wijk in Cuyck onder Nijmegen. De regio wordt rond 405nC bevolkt door Angelen uit het leger van Offa van Angeln. De naam Padbroek lijkt derhalve afgeleid van Anglisch Pad (mansnaam) + broc (broek).
** Oeffelt, ASA

Paden:
()A baerm (berm, pad), cowpaedh (koepad), cowpea (koepad), cowsteg (koesteeg), cowwaeg (koeweg), crane (slingerpad), creon (slingerpad), crodde (pad, smalle weg), croun (slingerpad), crune (slingerpad), fotpaedh (voetpad), mael (jaagpad, promenade), manpaedh (voetpad), paedh (pad), pea (pad), steag (steeg, smal pad), steg (steeg, pad), towpaedh (jaagpad = pad langs trekvaart), treck (bospad), treckwaeg (voetpad), waeg (weg, pad), weg (=A waeg), wrange (slingerpad)
Vele oude dorpen en steden in Nederland hebben een Koepad, Koesteeg of Koeweg. Die liggen normaliter in of nabij het oude centrum. O.a. in Coevorden. Het zijn paden e.d waarlangs koeien achter elkaar plegen te lopen van de ene wei naar de andere, van de wei naar de stal, e.d.
** Wegen

Padinghem:
Vrml locatie tussen Warffum en Wadwerd in Noord Groningen. Genoemd:
WEW p71: lijst Werden 990nC: Padinghem.
WEW p66: lijst Werden 1025nC: Padinghem.
Pad komt ook voor in de Engelse locaties Paddington (Londen), Padbury, Paddock Wood, Paddockhole, Padihem (bij Burnley in Yorkshire) en Padstow. Wat Pad betekent, is vooralsnog niet met zekerheid bekend. Padinghem in Groningen betekent normaliter het oord (hem, ham) van het volk (inga) van Pad. Daarin lijkt Pad een mansnaam, gelijk zulks meer voorkomt in locatienamen.
¶ Munnikeburen bij Wolvega lijkt vrijwel zeker van oorsprong een Anglische nederzetting. Zowel Munnik (Anglisch munuc) als buren (Anglisch berth) wijzen op Anglische herkomst van de naam. Ook de naam Padsloot aldaar doet dat. I.c.: de sloot van Pad. Dat sloten worden vernoemd naar mansnamen komt meer voor. O.a. Goormansslathweg langs de Slinge in Bletrum, Achterhoek. Goormansslath = de sloot van Goorman. (> Slath)
¶ Gezien de historische migratiestromen zijn mogelijk rond 500vC Angelen zich gaan settelen in de regio van Padinghem.

Pakistan: (PKS:)
¶ De Angelen onderhouden mogelijk al oeroude handelscontacten met SyriŽ. Noord Syria is namelijk de toegangspoort naar het Verre Oosten. I.c. Irak, PerziŽ, Pakistan, India en China. De verbindingen gaan per kameel door uitgestrekte woestijnen.
3000vC++ Pakistan: De stad Mushinsulgaru in Noord Pakistan heeft stenen muren, huizen en watervoorziening. Water uit beken en rivieren wordt geleid naar de stad langs geulen van aardewerk. #BBCWorld 1.2.2014
450vC Mantelspelden: In Rhenen zijn gevonden gouden mantelspelden (fibulae) inglegd met granaten. Mogelijk uit 300-600nC. De granaten lijken afkomstig uit India of Pakistan. #DeTelegraaf/2.5.2014 > Donkere Middeleeuwen
323vC++: China en het Westen hebben al contacten bevoor de opening van de Zijderroute. Aldus Chinese archeologen in een documentaire van de BBC. Ze stellen dat het beroemde Terracottaleger van de eerste Chinese keizer Qin Huangdi (c 250vC) is gebaseerd op de Griekse beeldhouwkunst. De Chinese beeldhouwers zouden namelijk zijn onderwezen door Grieken. De Oude Grieken hebben inderdaad veel invloed in Centraal Azia sinds de veroveringen van Alexander de Grote (256-323vC). Hij sticht o.a. Kandahar in Afghanistan. Sindsdien settelen vele Grieken in o.a. Afghanistan en Kirgizia. Verder heeft de Griekse cultuur veel invloed op Pakistan en Noord India. De these van de Griekse invloed op China wordt gesterkt door de vondst van Westers DNA op diverse locaties in West China. #DeTelegraaf/pT17 13.`0.2016
400nC: Museum Oudheden in Leiden bezit sieraden uit 400-600nC gevonden in Wijnaldum (Frl), Wijchen (Gld), Rijnsburg (ZH) en Maastricht (Lbg). De sieraden zijn van goud en bezet met rode granaten (halfedelstenen). Uit onderzoek blijkt dat de stenen mogelijk afkomstig zijn uit India en Pakistan. Dit betekent dat er in die tijd al een oud groot handelsnetwerk bestond van India tot in Nederland. #DeTelegraaf 27.10.2012
400-600nC: Uit opgravingen in heel Nederland blijkt dat de Donkere Middeleeuwen tamelijk rijk en welvarend zijn. ... Dankzij internationale handelsrelaties bezitten ze o.a. munten uit Constantinopel, rode granaat uit India en Pakistan en kaurischelpen uit de Indische Oceaan. In graven en op offerplaatsen zijn o.a. gevonden: gouden halsringen, gespen en mantelspelden ingelegd met edelstenen.
> Donkere Middeleeuwen

PAL: > HPA
Paleiswacht: > ARBA

Paleizen:
()A cyneweard (paleiswacht), heall (hal, zaal, huis, landhuis, landgoed, paleis), palaes (paleis), palas (paleis)
1000nC: Ene Magnin denkt dat rond deze tijd paleizen staan in Vollenhove, Groningen/stad en in Wanepe (= Wanneperveen). #DRG/p21
** Vollenhove, Paleiswacht

Palsenbarg: faminienaam in Achterhoek; barg = burg, borg
Palsenborg: terrein in Borculo nabij Lebbenbrug (FRI)
Palsenburg: terrein op Gorselse Heide (kaart GHG/1900); de naam is mogelijk afgeleid van Anglisch palas (paleis) + burg (burg, borg). Het geslacht is mogelijk afkomstig uit Zutphen.
Palsgraaf: = paltsgraaf (hoftitel) AVA palaes, palas (paleis) + gerefa (graaf)
Panden: > Bouwwerken

Pantheon: (PTH:)
Aangezien christenen de naturale Angelen heksen noemen, mogen we aannemen dat ze daarmee bevestigen dat de naturale Angelen primair zonaanbidders zijn. Ofwel dat de zonnecultus voor de naturale Angelen het meest belangrijke religieuse element is. Deze these wordt bevestigd door het feit dat de Anglische week bebint met Zondag. Dan volgende de grootheden Maan (maandag), Tiwas (dinsdag), Wodan (woensdag), Thor (donderdag), Freya (vrijdag) en Saeter (zaterdag). > Zonnecultus, Heks, Naturalisme, Weekdagen
50vC: Julius Caesar is niet onder de indruk van het Germaanse geloof. Hij schijft circa 50vC dat ze nauwelijks goden kunnen noemen en schijbaar alleen Zon, Vuur en Maan kennen. Ook schrijft hij dat ze in bizonder Mercurius vereren, die ze beschouwen als gids op hun reizen en behalen van winst. (Commentarii de Bello Gallico: 6.21, 6.17) Mogelijk bedoelt hij de god Balder, die vaak wordt vergeleken met Mercurius. > Balder
450nC: Volgens bron Historia Regum Britanniae Book 6 noemt ene Hengest de goden van zijn volk: Saturnus, Jupiter, Mercurius, Frea (Frya) en andere goden die de wereld regeren. Maar in bizonder Mercurius, die ze Wodan noemen. #WKP/10.11.10
** Goden, Geesten, Geloof, Weekdagen, Zonnecultus, Maan

Papen:
()A
paep (pape, pappe) = steile hoogte, heuveltop
paep (pape) = puntmuts
paep (pape) = priester, pastoor, monnik > Priesters
paep (paeppel, peappel, poppel) = peppel, populieer (# boom); ON pappele
paeppel =A peappel
peappel (paeppel, poppel) = peppel, poppel, populier (# boom)
peappelman = peppelman = priester*
poppe = populier
poppel =A peappel
¶ NB:
- Papekole/huis/Westedorp/Doetinchem
- Papekop/Oudewater (AL cop = heuvel)
- Papen/Groenlo
- Papenallee/Dalfsen: loopt langs Mataram, dat zichtbaar op een vrij steile hoogte ligt
- Papenbeek/Well/Maas
- Papenberg/Beekbergen: heilige plek van de naturale Angelen > Beekbergen
- Papenberg/Castricum: hoge zeeduin langs de Doodelaan. Deze weg lijkt te verwijzen naar een grafveld aldaar.
- Papenberg/Mook: groot gebied met steile en hoge heuvels (FRI jun2013)
- Papenberg/Zelhem: locatie in Zelhem/Achterhoek (kaart GHG/473 1886)
- Papendal/Oosterbeek: groot en diep dal tussen Oosterbeek en Arnhem
- Papendal/Wolfheze
- Papendijk/Groenlo
- Papendrecht/ZH
- Papenkamp/Empe
- Papenslag/Lochem-Markelo: langs de weg staan hoge peppels #2016jun
- Papenstege/Meppel
- Papenveld/Groenlo
- Papenvoorde/Raalte
- Papenvoort/Grollo/Dr
- Papenweg/Wageningen
- Pappenheim/Beieren: stad genoemd naar de burcht Pappenheim, die daar stond op een hoge en steile berg. Pappenheim betekent: de heem (huis, oord) op de pappe (pape, steile heuvel).
- Papworth/Engeland: oude stad gebouwd op twee steile heuvels
- Peppelenberg/EdeseHeide
- Peppelenburg/Otterlo
- Peppelendijk/Borculo
- Poppenallee/Emmen(Dalfsen)/Hoonhorst
- Poppenhaar/Coevorden
- Veldpapeweg/Borculo
- Veldpapeweg/Colmschate

 
Paradijs: (PAR:)
650vC++ Angalisme:
- Asgard: {AVA Ase=godheid + geard=gaarde, hof, tuin} = Asgard = hemels woonoord van de goden
- Walhalla: Oorspronklijk de Hal van Gesneuvelde Helden, de zgn Einherjars, soldaten die na een strijd worden voorgeleid aan Wodan, na selectie door Walkuren. Het Walhalla heeft 540 deuren. Door elke deur kunnen 800 einherjars naar buiten zodra de godenschemering valt. De soldaten moeten elke dag oefenen in vechten. De wonden die ze oplopen, genezen onmiddelijk. Ieder avond zitten ze aan een groot feestmaal, waarvoor een groot evertzwijn wordt geslacht, dat na het maal direct weer tot leven komt. Krijgers die elke strijd overleven en oud worden, plegen zelfmoord met een zwaard of speer om niet in bed te sterven (zgn strodood), maar om in het Walhalla te komen. (#WP) Later krijgt Walhalla steeds meer de betekenis van Hemels Oord of Hemelrijk, een oord waar het goed toeven is.
650vC++ Oud Anglisch: #DVB
- heafan (hemmel, heben) = zn hemel, hiernamaals
- Heafan Rice = Hemelse Rijk, Hemelrijk
- heafanric = hemelrijk; ON hemelrice
- hefen = haven, hemel
- hemel [hemmel] = luchtruim, ideale toestand, ideale levensomstandigheden, hiernamaals
- hemmel (hemel, hemmol, sceo) = hemel, lucht, lustoord
- Hemmelrice = Hemelrijk, Hemelse Rijk
- hemmol =A hemmel
- hemmolcaeg = hemelsleutel (# donderkruid)
- hemmolrice = hemelrijk = grond van prima kwaliteit
- heofon = hemel
- heofonlic = hemels
- heofonrice = hemelrijk
- realme = overvloed, paradijs, rijk, koninkrijk
- sceo = hemel; ME sky
- sweorc (gesweorc) = zwerk, hemel
1200-1500 Middelnederlands: #MDN
- Paradijs: lusthof, voorplein, balkon
1956++ Modern Nederlands: #KEN:
- Walhalla: paradijs voor gesneuvelde helden
- Paradijs: lusthof, hemel, heerlijk lustoord
- Lusthof: tuin voor genoegen en ontspanning
- Hemel: uitspansel, gewelf, plaats van volmaakt geluk, heerlijk oord, etc
- Elysium = vallei waar eeuwige lente en zaligheid heerst
** Hemelrijk

Paralogie: (PRL:)
Anglische weekdagen (415nC++):
Sunndaeg = zondag; gn naar de zon -- Odin (zonnegod) > Odin, Oda
Maendaeg = maandag; gn de maan -- Balder (maangod) > Balder
Tiwesdaeg = dingdag; gn Tiwas = god v.d. Gerechtigheid > Tiwas
Wodnesdaeg = woensdag; gn Wodan = god van de handel > Wodan, Oda
Thuresdaeg = donderdag; gn Thor (Donar) = god van oorlog en donder > Donar
Frigedaeg = vrijdag; gn Frigg (Freya) = godin v.d. liefde > Freya
Saeterndaeg = zaterdag; gn Saeter = god van landbouw > Saeter
Deze Anglische weekdagen weerspiegelen de Angale Anglische wereldorde. I.c. de rangorde van de Angale goden.
¶ Opmerklijk is dat Zondag niet Odindag en Maandag niet Balderdag heet. Dat lijkt te maken te hebben met het volgende. Julius Caesar schijft circa 50vC dat Germanen nauwelijks goden kunnen noemen en schijnbaar alleen Zon, Vuur en Maan kennen. (> Goden) Maw: Angelen vinden Zon en Maan belangrijker dan Odin en Balder.
** Weekdagen, Angalisme

Paranorma: (PRN:)
()A arsedy (medicijn, tovermiddel), cumstig (toekomstig), dican (dobbelen), dice (dobbelsteen), gamenian (dobbelen, spelen) geleafa (geloof), geliefan (ww geloven), geogelere (goochelaar, tovenaar, jongleur), mod (hart, geest, ziel), teafor (tover, ossebloed), teaforan (toveren), teafore (tovenaar), wicca (=A wiglere), wiccan (wikken, puzzelen, overwegen), wickel (=A wiglere), wicrodd (wichelroede), wiglan (wichelen, waarzeggen, toveren), wiglere (wichelaar, waarzegger, tovenaar), wiglian (wichelen, uitpuzzelen, waarzeggen, toveren), wiglrodd (wichelroede), wiglroddere (wichelroeder, wichelroedeloper)
8000-4000vC Neolithicum: Mensen gaan dieren fokken en planten kweken voor eigen onderhoud, maken stenen gereedschap en gebruiken vuurstenen om vuur te maken. Ontstaan van landbouw, veeteelt, begrip eigendom, eigendomsrechten en eigendomsconflicten c.q. strijd en oorlog, politieke besluitvorming en religie: heuvels met ringgrachten, altaars, offeren van ossen en begrip van ziel en hemel.
> PgGen/Neolithicum
200vC++: In Wetwang (NO Yorkshire) is in 2013 gevonden een spiegel gemaakt van metaal (brons?), versierd en gevoerd met bruinrood otterhuid. De vondsten zijn gedateerd op circa 200vC. Archeologen denken dat spiegels werden gezien als vensters naar een andere wereld. Temeer daar mensen in die tijd:
- geloven dat meren een medium zijn tussen de aardse wereld en de andere wereld
- en dat otters heilige dieren zijn die tussen deze wereld en de andere (diepere) wereld heen en weer zwemmen.
(#BBC4tv Wetwang 21.1.2014) > PgAng/Wetwang
¶ Volgens bron RRA beveelt Wodan crematie, opdat de ziel van de gecremeerde terug gaat naar hem. Dat geldt in bizonder bij de Anglische royals die naar zeggen van hem afstammen.
¶ De oude Germanen dobbelen veel. Niet alleen om te gokken, maar ook om de toekomst te voorspellen of keuzes te maken.
98nC: Germanen geloven in voortekens en noodlot. Het lot voorspellen ze o.a. met stukjes twijg van een vruchtboom. Ook vogels worden gebruikt bij voorspellingen. Aan de trek van vogels leest men de voortekens van het lot. (# Tacitus 98nC)
Heelkunde: Gezien de sterke fonologische verwantschap van de Anglische woorden voor heil, gezondheid, vrede, heilig, heiligheid, heilgidom, etc, lijken de Angelen een sterke relatie te leggen tussen gezondheid en het paranormale. Gezien de kennis van de naturale Anglische priesters van de parnormale wereld en het godendom lijkt de rol van heelmeester in de Anglische naturale tijd te worden vervuld door de naturale priesters. Hun kennis zal een mix zijn van objectieve kennis en inzichten en kennis van de goden en hun wil. Hun aanpak zal navenant zijn.
** Schepping, Goden, Godenvereering, Geesten, Noodlot, Hagall, Sjamanisme, Paasbake, Hiernamaals, Zielkunde, Hemel, Hemelrijk, Walhalla, Kalender, Geneeskunde, Hylfred, Vrede, Heiligdommen, Wichelroede

Partnerkeuze: > Harmonie

Partners:
Nederlanders zoeken en vinden hun grote liefde meestal niet ver van huis. De grote liefde woont maar zes kilometer verder. Dat ontdekte Karen Haandrikman van de Rijks Universiteit Groningen (RUG). Dit geld vooral in NO Nederland. Vele factoren spelen een rol bij de partnerkeuze: religie, cultuur en dialect. Ofwel: ideologie, cultuur en taal. De herkomst in ruime zin speelt dus nog altijd een belangrijke rol. Karen concludeert dat na onderzoek van gegevens van ruim 300.000 mensen. #DeTelegraaf/17.6.2010
Chimpansee vrouwtjes plegen hun geboorteplaats te verlaten en elders hun partner te zoeken. Biologen zeggen dat ze dat doen om inteelt te voorkomen. #BBC4tv/TheGorge 28.6.2016
** Harmonie, Huwelijk

Pascoe:
Familinaam afgeleid van Anglisch Pasce (pasen) en coe. Dus: paaskoe. Varianten: Paskoe, Pescoe, Paskow, Pascow. De naam komt veel voor in Engeland.
¶ De naam Pascoe herinnert aan een oeroud gebruik bij de Angelen om met pasen de beste koe of os te wassen en te versieren met mooie linten en strikken. Met deze paaskoe ging men door het dorp om te laten zien dat er met Pasen een goed stuk vlees te halen was bij de slager. Deze traditie werd nog in ere gehouden in Nederland tot in de jaren 1950-60.
¶ De paaskoe stamt uit de tijd ver vůůr het Christendom. Ze sluit aan bij de verering van ossen als symbool van kracht, goedmoedigheid, trouw en moed. Deze traditie vinden we terug bij de Hindu's. Daar kent men o.a. Gadhimai, een evenement waarbij om de vijf jaar ossen worden geofferd aan de Hindu godin Gadhimai.
** Eostre, Ossen, Gadhimai

Pasen: > Paasfeest

Pasop:
()A aelsop (aalberg, paasberg), pasan (passeren, voorbij gaan), pasbeorg (paasberg = hoogte waar geofferd wordt), pasop (paasheuvel, paasberg = hoogte waar geofferd wordt)
¶ De naam Pasop komt voor als locatienaam in:
- Aalten: Tussen het gehucht Dale bij Aalten en Lichtenvoorde loop de Pasopweg. Het is vooralsnog niet bekend waarom de weg zo heet. Mogelijk heeft de naam te maken met een veld aldaar met de naam Pasop. Gezien de locatie Barlo tussen Aalten en Lichtenvoorde kan de naam te maken hebben met Angelen die daar woonden. In NW Engeland ligt namelijk de locatie Barlow bij Chesterfield, NW Engeland, eveneens een oud Anglisch gebied. Inspectie ter plekke leert dat de Pasopweg een lange zandweg is richting Romienendiek met aan weerszijden vrij grote heidevelden. Deze weg en de aangrenzende omgeving van de weg lopen richting Romienendiek ligt omhoog ten opzichte van de omgeving verderaf. Per saldo lijkt het er dus op dat we hier inderdaad ook te maken hebben met een heuvel en gezien de naam dus een oorspronkelijk Anglisch gebied. > Ael, Aalten, TEHA, Migratiewaarden
- Harreveld: Pas Op: locatie onder het Zwarte Veen. #GHG/1916
- Holten: In het buitengebied van Holten loopt een zandweg met de naam Pasopweg. Ook deze weg loopt ligt omhoog langs heidevelden.
- Laren: Tussen Laren bij Lochem en Markelo staat een oude boerderij met de naam Pasop. Ook staat daaromtrent een Lagere School met de naam Pasop. Kennelijk heet het gebied aldaar oorspronkelijk Pasop. De regio wordt rond 200vC bevolkt door Angelen uit Twente.
> ASA
- Midwolde: Buurtschap in Midwolde bij Leek, Groningen. De buurt bestaat uit ťťn weg, eveneens genaamd Pasop. De regio wordt rond 300vC bevolkt door Angelen uit Oldambt. De naam Pasop lijkt derhalve afgeleid van Anglisch pas (heide) + op (heuvel, berg). De Mienscheer aldaar sterkt deze these. Deze naam is namelijk afgeleid van Anglisch maen (meen, meente = onverdeelde gemeenschappelijk grond) + scere (klip, zandheuvel). Dus: een meente op een zandheuvel. Bron noorderbreedte.nl 12.9.09 schrijft dat dit gebied ooit een leeg en kaal veengebied was. Daar lag dus kennelijk een grote zandheuvel, met op de top enige woningen. Zulks komt vaker voor in veengebieden. Daaromtrent staat huis Nienoord, een heel oude havezathe. Dat bevestigt de optie dat het gebied deels uit zandgrond bestaat. Zulke bouwwerken moeten namelijk op stevige grond staan.
- Nunspeet: Ten zuiden van Nunspeet loopt de Pasop Weg, dichtbij het voormalige Ronde Huis, de Mythstee en de Hemelse Berg. (# Dirk Septer) Bij de Hemelse Berg was vroeger een offerplaats. #HPG
- Rheden: Pasop, zijnde een bos met daarin een Wodanberg en een offerberg. #HPG
¶ Bron RRA schrijft: English place-names evidence suggests that hills were very often used for heathen temples.
Per saldo lijkt de naam Pasop te betekenen dat aldaar op de top van een hoogte (Anglish: op = heuvel, berg) geofferd werd. De term pas kan in dit verband zijn afgeleid van Anglisch pasan = passeren, voorbij gaan. Er werd dus iets geofferd waarmee mogelijk de vergankelijkheid van het leven werd gesymboliseerd.
¶ De betekenis van de naam Pasop lijkt identiek aan de locatienaam Paasberg. Deze naam komt namelijk ook voor in Velp bij Arnhem, waar een Paasberg is en in aangrenzend Rheden een hoog gelegen bos met de naam Pasop.
¶ Gezien de overlevering van de Paasberg in Terborg lijkt het mogelijk dat een pasop ook werd gebruikt als crematieplek en de plek waar jaarlijks met de aanvang van de Lente een paasvuur werd ontstoken: het oude leven werd verbrand om plaats te maken voor het nieuwe.
Pasop is ook een Nederlandse familienaam. Ze komt voornamelijk voor in Overijsel. Mogelijk is ze afkomstig uit de regio Rijssen/Holten.
** Paasberg, Cultusplekken
# noorderbreedte.nl 12.9.09, EWB, WMN, FRI, KBG

Passivisme: > Noodlot, Lšssigkeit

Patisserie: (PAT:)
()A aeppelcoce (appeltaart), bannoc (dikke koek van haver en gerst of erwten), gelli (gelei), isercoce (wafel), pancoce (pannekoek), tart (taart)
** KBB, Eethuizen

Patrilocalisme: (PTL:)
49.000vC++: In een grot te Asturias in Noord Spanje zijn resten gevonden van mannen, vrouwen en kinderen van Neanderthalers rond 49.000vC. De resten tonen dat er sprake was van kanibalisme. Verder blijken de mannen afkomstig uit de regio, terwijl de vrouwen van elders kwamen. Dit zgn patrilocalimse is een verschijnsel dat heden nog steeds veel voorkomt in de hele wereld. #BBCtvNews 22.12.2010
47vC++: De Romeinse historicus Plinius is in 47-57nC als officier in Germania. Bron LLZ/p25 (1937) citeert diens tekst over de Chauken, die dan wonen op terpen in Eemsland (Groningen, OstFriesland) en commenteert daarop. In modern Nederlands:

Hoe groot de verleiding ook is, wij mogen dit koppige en vrijheidlievende, terpen-bewonende volk maar niet zonder meer verrenzelvigen met de voorouders van onze Friezen in de eeuwen voor het begin van de jaartelling. Alleen wanneer archeologische vondsten -- waarover wij in deze bodem geen al te hoge verwachtingen mogen koesteren -- zekerder gegevens zouden verschaffen, mogen we aannemen, dat ook onze kusten al enige eeuwen voor de jaartelling bewoond werden door stammen, die later bleven hechten aan de grond, waar ze in die periode voor het binnendringen van de vloed betere tijden hadden gekend.
10vC++: De Chauken bestaan dus zeker al ruim vůůr Drusus, dus ruim bevoor circa 10vC. Ook zijn ze genoemd op oude kaarten mbt de situatie in de Romeinse Tijd. Interessant is dat hun gebied zich in 47nC uitstrekt tot aan de oostoever van de Rijn. Hun gebied lijkt daarom samen te vallen met Angelland 300vC-100nC. Mogelijk zijn de Chauken dus opgenomen onder de Angelen, conform wat bron WP beweert. Na het jaar 700nC worden ze in ieder geval niet meer genoemd.
¶ Het patrilocalisme verklaart o.a. waarom familienamen vaak sterk voorkomen in de regio waar ze lang geleden zijn ontstaan. Zo blijkt de familienaam Kranenburg anno 2010 het meest frekwent in Zuid Holland en i.b. rond Rotterdam, 4 Km ver van Bleiswijk waar kasteel Kranenburg stond en waaraan de familienaam in 1276 is ontleend.
Harmonie: Nederlanders zoeken en vinden hun grote liefde meestal niet ver van huis. De grote liefde woont maar zes kilometer verder. Dat ontdekte Karen Haandrikman van de Rijks Universiteit Groningen (RUG). Dit geld vooral in NO Nederland. Vele factoren spelen een rol bij de partnerkeuze: religie, cultuur en dialect. Ofwel: ideologie, cultuur en taal. De herkomst in ruime zin speelt dus nog altijd een belangrijke rol. Karen concludeert dat na onderzoek van gegevens van ruim 300.000 mensen. #DeTelegraaf 17.6.2010
Kenya: Mensen in de outback van Kenya verhuizen hooguit 5 Km ver van huis. Ze noemen dat daar: de vrucht valt niet ver van de boom. #BBC4tv 12.3.2014
Chimpansees: Mannetjes chimpansees verlaten nooit hun familie. Vrouwtjes vertrekken daarentegen naar andere families. #BBC4tv/TheGorge/8.9.2015
** Kranenburg Bleiswijk

Pax Anglorum: (650vC++; PAG:)
De Pax Anglorum is een verzameling wetten en regels betreffende het Anglische landrecht. Mogelijk zijn hierin onderdelen verweven van de Eawa, de ongeschreven verzameling van algemene Anglische normen en waarden. > Eawa
650vC-430nC: Koninkrijk Angelland groeit uit van Denemarken tot aan de Elbe, Saale, Rijn en Noordzee. Angelland is welvarend en militair vrij goed georganiseerd. Er wordt sporadisch strijd geleverd met opdringerige Romeinen en Saxen. > Anglische Macht
400-600nC: Bron SDV is een samenvatting van de dissertatie van Henk van der Velde getiteld Wonen in een grensgebied, i.c. Oost Nederland in de periode 500vC-1300nC. (VU Amsterdam 25.2.2011) Van der Velde baseert zich daarbij op archeologisch onderzoek naar het cultuurlandschap in Twente, Salland en de Achterhoek. In feite dus een groot deel van NO Nederland. Op pagina 282 schrijft hij o.a.:

Het ontbreken van een breuk in de ontwikkeling van de materiŽle cultuur (huisplattegronden en aardewerkstijlen) ondersteunt de visie dat de Romeinse tijd geenszins eindigt in massale migraties uit Oost-Nederland. Hoewel Oost-Nederland vanaf de Vroege Middeleeuwen [450-1050nC] als Saksich wordt betiteld, moet wellicht gesteld worden dat dit (zeker voor de 5e tot en met begin 7e eeuw) eerder betekent dat het gebied weinig verwantschap vertoont met de gebieden waarin Friezen en Franken woonden.
Gezien alle beschikbare feiten lijkt NO Nederland in genoemde periode overwegend Anglisch gebied te zijn.
430-550nC: Angelland wordt geteisterd door zware stormen ten gevolge van de stijging van het water van de Noordzee en Oostzee. Er zijn grote overstromingen en veel landverlies. Het zeewater stroomt 15 Km het land in. Hele gebieden langs de kusten liggen onder. Mensen vluchten eerst naar de hoge zandgronden landinwaarts. Daar heerst echter een ware vegetatieplaag. Door het langdurige natte weer groeit de plantenwereld enorm uit. Het land wordt moeilijk te bewerken. Vele Angelen migreren daarom naar Brittannia waar de omstandigheden beter zijn. > M35
500-775nC: NO Nederland nog vrij (onbezet) Anglisch gebied
550-700nC: Na de massamigratie van Angelen naar Brittannia in 450-550nC blijft circa de helft van de Angelen achter in Angelland. In totaal gaat het om circa 3 miljoen Angelen. Zij wonen in het grote gebied tussen Denemarken, Elbe, Saale, Rijn en Noordzee. De bevolkingsdichtheid is dus nagenoeg gehalveerd en de koning is weg. Hun buren zijn de Denen, de Saxen en de Franken. Ruim twee eeuwen blijft er een status quo. De Angelenen zijn kennelijk nog in staat zich te handhaven.
582nC++: Angle (Angelland) strekt zich uit van NW Duitsland tot diep in Zuid Duitsland, ondanks dat circa 4 miljoen Angelen (de helft van de Anglisch bevolking) is gemigreerd naar Brittannia en Angle dus aanzienlijk is verzwakt. > Angle
¶ Vervolgens:
-700----- Denen vallen Angeln (Opper Angelland) binnen
-719----- Friezen wonen in huidige provincie Friesland (Vrouger/nov1997/p31)
-734----- Karel Martel verovert Friesland tot aan de Lauwers (Quedam/pVI)
-737----- Angeln definitief in Deense handen
-754++-- Kerstening NO Nederland vanuit York in Northumbria. Men is er daar zeer op gebrand de achtergebleven neven, die leven in de duisternis van het heidendom te bekeren en uit hun leven in duisternis te redden. Bovendien zou de verwantschap op cultureel en taalkundig gebied het missiewerk makkelijker maken. Temeer daar de Continentale neven geen angst zouden koesteren, dat de missiewerkers stiekem zouden heulen met de Frankische vijanden in het zuiden. Hieruit lijkt te blijken dat NO Nederland (nog) niet is bezet door Franken, Saxen en/of Friezen. Zo die wel aanwezig zijn, dan zijn ze kennelijk klein in aantal en/of geen gevaar voor de Anglische bevolking.
-775----- Saxen veroveren NW Duitsland
-775----- Saxen veroveren oostelijke delen van Groningen, Drente, Overijssel en Achterhoek
-775++--- Angelen migreren massaal van NW Duitsland naar NO Nederland op de vlucht voor de oprukkende Saxen uit NO Duitsland. Ze moeten wel want ze zijn militair erg verzwakt door de massamigratie van Angelen naar Brittannia in 450-550nC. Door de instroom van Angelen wordt NO Nederland belangrijk versterkt en kan het de opruk van Saxen sterk afremmen. Daardoor reikt Saxonia (Hertogdom Saxen) uiteindelijk niet verder dan NO Nederland. > Demografie, KHS
-780----- Saxen veroveren de Groninger Ommelanden en Dokkum
-785----- Franken veroveren Neder-Angelland tot aan de Elbe
-785----- Franken verslaan de Saxen bij Bremen
-785----- Franken bezetten Neder-Angelland tot aan de Elbe
-800--803 Franken en Saxen veroveren Thuringen > Thuringen
-803----- Pax Anglorum verschrompeld tot NO Nederland
-804----- Karel de Grote verlaat de Saxen aan de Elbe
-804----- Karel de Grote lijft Saxenland in zijn Frankisch Rijk
-835----- Angelland ligt in NO Nederland en NW Duitsland tussen Denemarken en de Rijn, waar sinds 150vC voornamelijk Angelen wonen. De Anglo-Saxon Chronicle noemen dit gebied rond 835nC Angle.
-843----- Verdun: Frankisch Rijk opgedeeld in Lotharingen, Saxisch Rijk en Frankrijk
-843--880 Lotharingen (ZA)
-880----- Neder-Lotharingen: BelgiŽ, Luxemburg, Nederland en Ost-Friesland
-880----- West Angle onderdeel Neder-Lotharingen
-880----- Oost Angle onderdeel Oost Francia (= Duitsland)
-911-1300 Oost Angle onderdeel Saxisch Rijk
1200++--- Bisschop van Utrecht probeert met hulp van de Saxen, Friezen en Beieren NO Nederland in zijn macht te krijgen. (> BSF) Hieruit blijkt dat NO Nederland kennelijk nog overheersend Anglisch gebied is!
1227----- Slag bij Ane > Coevorden
1227-1258 Strijd tussen Gelekings en prefect van Groningen > PgAng/Gelekings
1231----- Verbond Drente-Fivelga tegen bisschop Utrecht > PgAng/Drente
1231-1233 Fries-Drentse oorlog > PgAng/FDO
1232----- Drente en Fivelga belegeren stad Groningen > PgAng/Drente
1233----- Drente wint oorlog tegen Friesland > PgAng/Drente
1300-1516 Neder-Angelland onderdeel Bourgondisch Rijk
1417----- Slag bij Oxwerd: de Vetkopers verslaan de Scheringers > Vetkopers
1516-1648 Neder-Angelland onderdeel Duitse Rijk > Versaxing Neder-Angelland
1568-1648 Tachtigjarige Oorlog
1600----- Verfriezing West Angle
1648----- Vrede van Munster. Nederland onafhankeleijke staat
1648----- West Angle onderdeel Nederland
1648----- Oost Angle onderdeel Duitse Rijk
1648----- West Angle = Groningen + Drente + Overijssel + Gelderland
1648----- Oost Angle = NederSaxen + Westfalen
1919----- Angeln sluit zich aan bij Duitsland
1919----- Angeln onderdeel Sleswig-Holstein = Noord Angelland = Noord Angle
1919----- Oost Angle = Neder-Saxen + Westfalen = Oost Angle
1919----- West Angle = Groningen, Drente, Overijssel + Gelderland = West Angle
¶ Onderstaand tabel toont per regio/tijdvak de verhoudingen A:S:O = Angelen : Saxen : OverigeBevolking. * = schatting
regio
nw duitsland
no nederland   
nw nederland
zw nederland
zo nederland
vlaanderen
thuringen
engeland
elzas
600vC 
3:0:1 
0:0:1
0:0:1*
0:0:1*
0:0:1*
0:0:1*
0:0:1*
0:0:1*
0:0:1*
250vC 
5:0:1 
2:0:1
0:0:1*
0:0:1*
0:0:1*
0:0:1*
0:0:1*
0:0:1*
0:0:1*
100nC 
5:0:1 
5:0:1
2:0:1*
1:0:1*
0:0:1*
0:0:1*
0:0:1*
0:0:1*
0:0:1*
400nC 
5:0:1 
5:0:1
3:0:1*
3:0:1*
3:0:1*
3:0:1*
2:0:2*
1:0:1*
0:0:1*
1000nC 
2:3:1* 
3:1:1
2:1:1*
2:1:1*
2:1:1*
2:0:2*
2:1:2*
3:1:1*
1:0:2*
1500nC 
2:3:1* 
3:1:1
2:1:1*
2:1:1*
2:1:1*
2:0:2*
2:1:2*
3:1:1*
1:0:2*
2000nC
2:3:1*
3:1:1
2:1:1*
2:1:1*
2:1:1*
2:0:2*
2:1:2*
3:1:1*
1:0:2*
 
¶ Op grond van voorgaande gegevens blijkt dat de Angelen zich het best hebben gehandhaafd in NO Nederland. Dit feit wordt bevestigt door Prof Dr Jacobus Joannes Antonius (Jac) van Ginneken S.J. (1877-1945). Hij was taalkundige, dialectoloog en psycholoog en doceerde aan de Universiteit Nijmegen. Jac van Ginneken heeft veel gepubliceerd op taalkundig gebied. O.a. in Onze Taaltuin van april 1932 over zgn Anglische taalrestzones in Nederland en Vlaanderen. Hij stelt o.a.:
Alleen in het Noord-Oosten [van Nederland] heeft het Saksische deel de [Anglische] twee-silbigheid tot heden toe bewaard.
¶ De term Saxisch in voorgaande citaat lijkt op grond van vele gegevens onjuist. In NO Nederland is slechts een smalle strook langs de grens met Duitsland bevolkt door Saxen. Op vele plekken zelfs helemaal niet. Historicus Kokhuis uit Twente twijfelt zelfs of er Łberhaupt Saxen zich hier hebben gevestigd. Hij meent dat beweerde aanwijzingen niet overtuigend zijn en meer te maken hebben met imitatie van Saxische cultuurelementen. > Versaxing
¶ M.b.t. het voorgaande moet ook worden gezegd dat het Saxisch zich juist kenmerkt door drie- of meer-silbigheid, vooral door tussenvoeging van e-klanken. Het behoud van de twee-silbigheid in NO Nederland is dus te danken aan de relatief sterke aanwezigheid van Angelen zelf aldaar. Uit diverse metingen blijkt dat de Anglische Factor daar gemidddeld 2.7x groter is dan de Saxische. Maw: In NO Nederland is de Anglische aanwezigheid gemiddeld 2.7x groter dan de Saxische, hetgeen zich kennelijk o.a. uit in een sterke handhaving van hun taaleigenschappen en andere elementen van hun cultuur. > AFA
¶ Er zijn echter meer aanwijzingen voor de sterke zo niet overheersende aanwezigheid van Angelen in NO Nederland. (> SEBA) Dit komt overeen met het feit dat rond 678nC de Angelen in Northumbria (Noord Engeland) de bevolking van NO Nederland hun neven noemen. > Neven, Angle
¶ Ook de verering van de god Balder is een belangrijke aanwijzing voor de aanwezigheid van Angelen. Met name in NO Nederland zijn zulke locaties te vinden. > Balder
Per saldo kan worden gesteld dat de Angelen op het Continent zich na de massamigratie in 450-550 naar Brittannia het best hebben weten te handhaven in NO Nederland. I.e.: Groningen, Drente, Overijssel en Gelderland. > West Angle
¶ Na de massamigratie van Angelen uit Angelland naar Brittannia in 450-550nC is zoals eerder gemeld circa de helft van de Angelen in Angelland gebleven. Het uiterst vreemde is echter dat de aanwezigheid van deze Angelen in Angelland na 550nC helemaal uit het historisch bewustzijn lijkt verdwenen. Op dit moment zijn daarvoor volgende redenen te bedenken:
- de numerieke verzwakking van de Angelen in Angelland door de massamigratie
- de halvering van de bevolkingsdichtheid van de Angelen in Angelland waardoor ze zich minder kunnen doen gelden
- de vergeetachtigheid: de meeste mensen weten nauwelijks wie hun voorouders zijn; zeker zonder alle hulpmiddelen voor genealogisch onderzoek zoals pas sinds afgelopen decennia mogelijk is
** FBAN, AFA, HGZW, ArchaÔsme, CABA, Neven, HHA, West Angle, Coevorden, Appel

 
 

Paylen:
Locatie op wegenkaart van 1795 (rechts). Circa halverwege op de lijn van Hardenberg naar Sudlaren (Zuidlaren in Z.Groningen) en ter hoogte van Meppel, gelegen in het westen. Geprojecteerd op de geografie anno 2011 gaat het mogelijk om het huidige Dalerpeel. De regio wordt rond 300vC bevolkt door Angelen uit Noord Drente. (> ASA) De naam Paylen lijkt derhalve afgeleid van Anglisch payl (peal) = zandhoogte in moerasgebied. > Dalerpeel

¶ Inspectie ter plekke 17.12.2011 leert dat Dalerpeel inderdaad lijkt te liggen op een grote zandplaat, omgeven door laagland, dat ooit moeras moet zijn geweest.
¶ Kaart RZA/47 (1773) toont dat Dalerpeel ligt in een zeer groot veengebied, genaamd Groote Veenen, mogelijk nabij de locatie ten Klooster.
¶ Als Paylen inderdaad overeenkomt met het huidige Dalerpeel, dan lijkt het per saldo zeer wel mogelijk dat payl = peel = zandoogte in moerasgebied. Gezien de Anglische achtergrond van de regio kan payl dan zeker een Anglische variant zijn van Anglisch peal = peel. In dat geval is peel = zandhoogte in een moerasgebied.
¶ De Nederlandse familienaam Peelen lijkt afkomstig uit Lingewaard, gelegen in de oosthoek van het Land van Maas en Waal. Anglisch weard = weerd, waard = laag liggend land, vaak buitendijks gelegen. De Lingewaard is inderdaad een laag gelegen gebied met vele hoge dijken. #FRI
¶ Familienamen zijn vaak ontleend aan de regio waar de eerste naamdragers oorspronkelijk wonen. De familienaam Peelen kan dus inderdaad verwijzen naar een (voormalige) locatie in een laag gelegen gebied in de Lingewaard.
¶ Opmerkelijk is dat in California (USA) de familienaam Paylen voorkomt, die volgens opgave (website Bill VanderVort dec 2011) een verengelsing is van de fonologie van de Nederlandse familienaam Peelen. Dit feit sterkt in ruime mate de eerdere thesen. De oude Drentse locatie Paylen kan dus heel wel een Drentse variant zijn van het Nederlandse Peelen. Per saldo lijkt het derhalve zeer wel mogelijk dat Dalerpeel in 1795 de naam Paylen voert. Temeer daar vooralsnog elders in de regio geen andere locatie is gevonden waarin de term peel of peelen voorkomt. Gezien de historische geologie van het huidige Dalerpeel wordt daarmee de these gesterkt dat payl = peel = zandhoogte in moerasgebied. Dergelijke locaties zijn van oudsher vaak gekozen als woongebied.

Peasmarsh: > Moerassen, PgAng/Peasmarsh

Pedge: Van
Adellijk geslacht voortkomend uit het geslacht Van Bierum.
1135-1195 Lambert van Bierum/Pedge: zoon van Ludolf van Bierum (gb 1105) en Xx van Goer, zuster van Rudolf van Goer (gb 1107); prefect van Groningen; woont in Peize (Pedge); vermeld 1176 en 1181; udh Rodolf (gb 1168*) en Menso (gb 1170*).
1168-1228 Rodolf van Pedge: zoon van Ludolf van Bierum (gb 1135) en Xx van Goer.
1170-1230 Menso van Pedge: zoon van Ludolf van Bierum (gb 1135) en Xx van Goer.
** Bierum, Peize

Peelo:
Wijk in Assen. Oorspronklijk een buurtschap met de naam Pithelo, dat in 0-900nC is gelegen op de hoogte van de huidige Peeler Es. De regio wordt rond 300vC bevolkt door Angelen uit Zuid Groningen. (> ASA) De naam Pithelo lijkt derhalve afgeleid van Anglisch pith (turf, turfveld) + hlaw (hoogte, lage heuvel). Dus: het turfveld op de heuvel.
300vC++: Peelo omvat circa 7 Ha grond met vier boerderijen, schuren, hutten, waterputten, kuilen en greppels. De boerderijen zijn 7x20 meter met woon- en stalruimte onder ťťn kap. De akkers liggen in de directe nabijheid.
0vC: De kern van Peelo ligt rond de Marsdijk. Er staan vier boerderijen omgeven door een omheinig van circa 50x50 meter. Elke boerderij is omgeven door een eigen erf met graanhutten, weefhutten en waterputten.
0-400nC: Peelo schuift stapsgewijs 500 meter westwaards. Oorzaak lijkt de uitputting van de akkergronden, waardoor boeren nieuwe vruchtbare gronden zoeken.
400nC++: In deze tijd staan in Peelo vier grote boerderijen, die gezamelijk zijn omheind door een grote schutting van palen. In die tijd wonen op een boerderij circa 10 personen. (> Huisbewoners) In totaal wonen rond 400nC in Peelo dus circa 4x10=40 mensen.
400nC++: Peelo heeft een eigen smid. Deze smelt ter plekke ijzer uit moeraserts. Die plek zal wel langs de Marsdijk zijn. Immers: Anglisch mars = moeras, moerassig land aan water, laag grasland dat vaak overstroomt. > Smeedkunst, Yzer
1040: De Duitse koning Hendrik III schenkt aanzienlijke goederen en inkomsten in Uffelte, Groningen, Wittelte en Peelo aan de bisschop van Utrecht. #Quedam/pIX
1040: Hendrik II schenkt aan ? Uffelte, Wittelt en Pithelo, vroeger eigendom van Ulfo en zijn broeders. (Oorkondenboek No. 19) #DRG/p19+
1040: Keizer Hendrik III schenkt bezittingen aan de bisschop van Utrecht.
1850++: Heidegrond wordt ontgonnen. Peelo groeit uit tot dorp met enige omvang en wordt opgenomen in de regio Assen.
1925: Peelo is een marke. Prof. A.E. van Giffen doet archeologisch onderzoek in Peelo.
1977-79: Archeologisch onderzoek door team van Dr P.R. Kooi in voormalig Peeler Es. Vele sporen van bewoning gevonden: kuilen, greppels, boerderijen, schuren, hutten, omheiningen en waterputten.
2010++: Peelo is een wijk van Assen.
** Nederzettingen
# VDO, HV Assen, KBG

Peize:
Dorp in NW Drente. Sinds 1330nC genoemd als: Pedge, Pedsie, Peedse, Peydse, Peisge, Pezie, Peyze, etc. #Quedam/121
** Pedge, Pesse

Pelsdieren: > Dieren, Pelshandel, Bontwerk

Pelshandel:
()A bunt (bont, vacht), earmin (hermelijn), foxbour (vossenboer = boer die vossen teelt om de huiden te verkopen), stoat (hermelijn), trapp (val), trappere (pelsjager), wildwerc (bont, pelswerk), wildwercere (bondwerker, pelswerker, bonthandelaar, pelshandelaar)
** Bevervel, Beverjacht, Bontwerk

Penceras:
Anglisch volk in Engeland wonend in de regio Pencersaete = woonoord van de Penceras. Waarom ze zo heten is vooralsnog niet bekend. Mogelijk zijn ze afkomstig uit Spankeren bij Dieren in de ZO Veluwe. Spankeren zou naar zeggen namelijk oorspronkelijk Pankeren heten. De S is daar later aan toegevoegd om nog onbekende reden. Mogelijk zijn ze ergens rond 500nC gemigreerd naar Brittannia vanwege de langurige natheid in Angelland.
** Onderstammen, M35, Spankeren

Penny: > Anglische Mark, Shilling, Geldstelsel, Koninkrijk, Engels (gewicht), PgBrit/Penny

Pensioen:
10nC++: Rond de jaartelling krijgen Romeinse veteranen een stuk grond om hun inkomsten te garanderen voor hun oude dag.
950nC++: Gilden zorgen voor oudedag voorzieningen van aangesloten ambachtlieden.
1880++: Pensioenfondsen bij Machinefabriek Stork te Hengelo in Twente en andere grote bedrijven in Nederland.
1957++: AOW (staatspensioen) voor alle Nederlanders, geÔntroduceerd door premier Willem Drees van de PvdA. Daarnaast aanvullend werkgeverspensioen.
# De Telegraaf 29.1.2012

Pentrop: > Hengelo/Twente

Peper:
()A piper, pipor = peper (# kruid, specerij)
¶ Peper is al rond 100vC bekend in Europa. Ze wordt door Grieken aangevoerd uit India. NB:
- Piper peperit pecuniam. Pecunia peperit pompam. Pompa peperit pietatem. Grafschrift van oude peperhandelaar in Rome circa 500nC.
Ofwel: Peper maakt geld. Geld maakt ijdel. Ydelheid brengt medelijden.
- Peperdijk: oude dijkweg in Bornerbroek/Twente. Mogelijk betekent peper hier duur. Conform peperduur.
- Culpepper: familienaam Engeland circa 1500 AD. O.a. kamerheer van koning Hendrik VIII.
** Specerijen

Peppels: > Papen
Percelen: > Tuinen, Grond, annex, kader

Perfectie: (PRF:)
¶ Niemand is perfect. Ook u niet. Wie de goede weg blijft volgen, die zal veel bereiken. Wie de goede weg blijft volgen, die heeft weinig te vrezen. #SRK
¶ Ooit een perfect mens gezien? En, beviel 't? #SRK
** Orde en Chaos

Perkament: (300vC++; PRK:)
()A pergamon (perkament)
Dun leer waarop geschreven wordt. Gemaakt van ongelooide dierhuiden i.c. lam, geit schaap, ezel of ander dier. Wordt reeds gemaakt in de 2e eeuw vC, i.c. in Pergamun. #WP
** Schrift

Persia: (PRS:)
()A Persum (PerziŽ), Persy (PerziŽ)
8000-200vC AriŽrs: Volk dat sinds circa 8000vC leeft in Arya, een berggebied in Noord PerziŽ (Noord Iran). Mogelijk stammen zij af van de Hamieten in de Caucasus. (> Hamieten) Het noorden van Arya ligt tussen het Aral Meer en de Kaspische Zee. Aan dit oude land herinnert nog steeds de stad Kuh-e Aria, gelegen in Noord Iran, tussen Neyshabur en Kashmar. De naam AriŽrs is afgeleid van arya, wat 'edel' betekent. Uit de oorspronkelijke Ariers zijn voortgekomen de Germanen, Perzen (Pharsi) en IndiŽrs.
4000-500vC SumeriŽrs: (Z.Irak) Volk dat afkomstig lijkt uit Noord PerziŽ en Kazachtstan. De regio waaromtrent ook de Ariers wonen. Later settelen ze in Zuid Irak. De Sumerische cultuur dateert van circa 2500vC-2000vC. (# WP, DAB) > PgAng/Anki
3000vC++: Volgens deskundige bronnen komen de Germanen voort uit de AriŽrs, die sinds 8000vC wonen in Arya, een gebied in Noord PerziŽ. Het noorden van Arya ligt tussen het Aral Meer en de Kaspische Zee. De Germanen wonen sinds circa 3000vC in het noorden van Khwarizm, een gebied in Noord Arya. Hun woongebied breidt zich in de loop der eeuwen verder uit naar NW Europa.
2500vC-200vC SumeriŽrs: Volk dat afkomstig lijkt uit Noord PerziŽ en Kazachtstan. De regio waaromtrent ook de Ariers wonen. Later settelen ze in Zuid Irak. De hoogtij van de Sumerische cultuur dateert van circa 2500vC-2000vC. (# WP, DAB) > Anka, PgGen/SumeriŽrs
1650vC Enki: Betekenis: Heer van de Aarde. Sumerische god van het water, de wijsheid, de ambachten, de schepping en de stormen. Zijn heilig getal is 40. Volgens het latere Atrahasis Epos (1650vC) is Enki verder niet alleen schepper van de mens, maar ook diens redder. Enki wordt door de Sumeriers soms ook Ea genoemd. Ook de Hettieten noemen hem zo. Aangezien de Hettieten voortkomen uit de Hamieten, is het mogelijk dat Enki (Ea) ook bij de AriŽrs wordt vereerd. Ook zij komen namelijk voort uit de Hamieten. > PgGenl/Zondvloed, Hamieten, Freyer, Njord
1200vC-125nC Sanskriet: Oude taal der Hindu's. Dateert van circa 1200vC en is zeker tot 125nC gesproken en geschreven. De taal heeft grote gelijkenissen met het Grieks, Latijn, Perzisch en Oud Germaans. Zowel qua structuur als vocabulair. Gezien deze gelijkenissen zal het Sanskriet vrijwel zeker ook grote gelijkenis vertonen met het Arisch, de taal van de AriŽrs uit Centraal AziŽ, waaruit de Hindu's, Germanen, Grieken en Perzen zijn voortgekomen. > AriŽrs
1000vC++: Ahriman is de duivel in de oude Perzische mythologie. Hij wordt uitgebeeld als een draak. (#WP) Directe of indirecte contacten tussen Angelen en Perzen zijn vrij zeker. > Widsith, Draken
1000vC++: Het MazdeÔsme in PerziŽ predikt zoeken naar waarheid, rechtvaadigheid, barmhartigheid en goede zorg voor armen en vee. De Anglische cultuur heeft verre wortels in de cultuur van Noord PerziŽ. Vooralsnog is echter niet duidelijk in hoeverre armenzorg betekenis heeft in de Anglische cultuur. > Deugden
600vC++: PerziŽ strekt zich uit van India tot Griekenland.
539vC++: PerziŽ fabriceert muurtegels.

521-486vC: Ook de Perzische koning Darius de Grote (521-486vC) heeft een staf als onderdeel van de koninklijke regalia. Alleen wijst de kop van zijn staf schuin omhoog, itt de angolstaf met een kop die recht vooruit wijst. De angolstaf vormt daardoor een rechte hoek = Latijn: angelus. Links: koning Darius op zijn troon met al zijn regalia. (relief in steen)
> Angol
 

480vC: Athene verlsaat Perzische vloot en leger bij Maraton. > Griekenland
341-333vC: Perzische overheersing van Egypte.
Syria: De Angelen onderhouden mogelijk al oeroude handelscontacten met SyriŽ. Noord Syria is namelijk de toegangspoort naar het Verre Oosten. I.c. Irak, PerziŽ, Pakistan, India en China. De verbindingen gaan per kameel door uitgestrekte woestijnen.
425nC: Widsith van Myrgingum uit Fivelingo (Groningen) maakt als troubadour reizen door Europa en AziŽ. Zo veblijft hij o.a. enige tijd in PerziŽ. Dat zegt hij in zijn Anglisch dichtwerk Widsith in regel 84:
Mid Moidum ic waes ond mid Persum ond mid Myrgingum
Met Meden was ik en met Perzen en met Myrgingums. > Widsith
--- Waar Widsith zijn historische en geografische kennis heeft opgedaan, is vooralsnog niet zeker. Mogelijk heeft hij die voor een groot deel opgedaan uit mondelinge overleveringen en vertellingen zoals gebruikelijk in zijn tijd. Het kan zijn dat hij echter weldegelijk vele reizen heeft ondernomen. O.a. naar verre landen. Zo beweert hij o.a. dat hij in PerziŽ is geweest.
--- Het verhaal van Widsith toont dat Angelen al vroeg weet hebben van Persia. Mogelijk is die kennis afkomstig uit verhalen van Angelen die eerder al reizen maakten naar het Verre Oosten. > HIPA, AAV
Maagden worden al in de verre oudheid vereerd. O.a. in PerziŽ (Anahita) en in Griekenland (Athena). Ze zijn het symbool voor reinheid, zuiverheid en zedigheid. Ook hebben ze vaak een ceremoniŽle rol als priesteres bij de vereering van de oppergod. O.a. in PerziŽ, in BabyloniŽ bij de vereering van de oppergod Sjamsj en in Peru bij de vereering van de zonnegod Inti.
Kloosters: Hindukloosters zijn gewijd aan een bepaalde god. O.a. aan Shiva, de goedgunstige god en de god van de strijd. Aangezien HinduÔsme en Angalisme beide voortkomen uit de AriŽrs in Noord PerziŽ lijkt het mogelijk dat ook de Naturale Angelen hun kloosters wijden aan een bepaalde god.
** AAV, Aryanisme

Personen: > naam, familienaam, HAPA, OMAA, annex, kader
PerziŽ: > Persia

Pesse:
Dorp in NW Drente. De regio wordt rond 300vC bevolkt door Angelen uit Zuid Groningen. De naam Pesse lijkt derhalve afgeleid van Anglisch peas (paes, pas, pes) = omheind gebied.
¶ In Pesse zijn resten gevonden van de oudste boot van NW Europa, daterend van rond 6000vC. De boot is te zien in Museum Drente te Assen.
** ASA, Schepen, Peize, Pedge

Pest:
()A blac dead (zwarte dood = pest), pestcruc (pestkruis om pest te voorkomen), peste (pest), pesthus (ziekenhuis voor pestlijders)
¶ Infectieziekte veroorzaakt door de pestbacterie. In 1894 is deze bacterie ontdekt door de Fransman Yersin. De ziekte wordt via muggen overgebracht op ratten en mensen. De ziekte veroozaakt bulten en builen en ontsteking bij de lymfeklieren in de lies, oksel of hals. De patient krijgt hoge koorts en rood belopen ogen. Hij wordt onrustig en verward. In de laatste fase ontstaat vaak longontsteking. Zonder medische behandling sterft 50-80% van de patienten binnen enkele dagen.
¶ Reeds vůůr onze jaartelling is deze ziekte bekend en beschreven. De ziekte breidt zich soms epidemisch uit over de hele wereld. De grootste uitbraak in Europa is de zwarte dood in het midden van de 14e eeuw. Ruim 25% van de bevolking van Europa komt daarbij om.
¶ 544nC++: builenpest in West Europa
¶ 598nC++: builenpest in West Europa
¶ 1347-1447 Europa: pest dood 30 miljoen mensen in Europa (# Frits van Oostrom in VARA Pauw & Witteman 14.12.2013)
¶ 1347-1447: Europa in rampspoed: pest dood 30 miljoen mensen, klimaatverandering, veel regen, aardbevingen, 100-jarige oorlog. Dodendansen worden gecomponeerd en worden populair. Mensen dansen wild op begraafplaatsen om hun angst voor de dood te overwinnen (Dance Macabre). In die vreselijke tijd dansen jongeren fanatiek van stad tot stad. > Dansen
¶ 1348++ Engeland: Circa een derde van de bevolking in Engeland sterft aan de pest. Britse archeologen vinden in Farringdon (wijk in Londen) resten van circa 50.000 slachtoffers van de pest in een oude put. #DeTelegraaf/16.3.2013
¶ 1350 Europa: kwart bevolking Europa sterft aan de pest
1400++ Engeland: De pest woedt in Engeland en op het Continent. De helft van de bevolking in Engeland komt om. Het land is economisch kapot. Er is grote vraag naar arbeidskrachten. Hierdoor kunnen gewone mensen eisen stellen. Hun macht en status neemt toe. #BBCtv/11.6.2015 Prof Barlett
¶ 1599 Westfalen: helft bevolking Vreden-Ammeloe (Westfalen) sterft aan de pest ondanks pestkruis langs de weg
# FRI, WP, DAB

Petgaten:
Pet = turf; Anglisch: pet, pete; Modern Engels: peat.
Petgaten zijn langgerekte veenputten ontstaan door turfafgraving in natte veengebieden. Ze werden verwaarloosd, waardoor de natuur vrij spel kreeg en de gaten dichtgroeiden met waterplanten. Bekend zij de Norger Petgaten bij Norg in ZW Groningen.
** Turf

Peulvruchten: > Groenten

Piekeren: (PIE:)
¶ Pieker niet te veel. Het leven gaat door. Blijf bij uzelf. De meester volgt de goede weg en bereikt het hoogst bereikbare. #SRK
¶ Wie te veel piekert, verdwaalt. De meester blijft bij zichzelf en volgt de goede weg. Alzo doende bereikt men het hoogst bereikbare. #SRK
¶ Wie te veel piekert, pijnigt zichzelf. Blijf bij uzelf. De meester volgt de goede weg en bereikt het hoogst bereikbare. Meer dan dat kan een mens waarlijk niet doen. #SRK
¶ Pieker niet te veel. Het leven gaat door. Morgen is een nieuwe dag. De meester is gerust en volgt de goede weg. Meer dan dat kan een mens waarlijk niet doen. #SRK
¶ Pieker niet te veel. Vele problemen lossen zichzelf wel op. De meester volgt de goede weg en bereikt het hoogst bereikbare. #SRK
¶ Pieker niet te veel. Sta op en wandel. Het leven heeft meer te bieden dan narigheden en ellende. De meester volgt de goede weg en bereikt het hoogst bereikbare. #SRK
¶ Pieker niet te veel. Sta op en geniet van het leven. De meester plukt de dag en bereikt het hoogst bereikbare. #SRK
¶ Pieker niet te veel. Pluk de dag eer de dag u plukt. De meester geniet van het leven zoveel is gegeven. #SRK
¶ Maak u niet te veel zorgen over morgen. Elke dag heeft genoeg aan z'n eigen kwaad. #SRK
¶ Pieker niet te veel. Piekeren heeft weinig zin. Sta op en geniet van het leven. Dat zet meer zoden aan de dijk. #SRK
Wie lang en gelukkig wil leven, die zorge goed voor zichzelf, de vrienden en de wereld. De meester volgt de goede weg en bereikt het hoogst bereikbare. Wie de weg met Jezus gaat, die zal herrijzen. Wie de weg met God gaat, die zal waarlijk leven. #SRK > LHL, Zorgen
** Denken, Zorgen, Stress, Relaxen, Meditatie, Nihilaya, Zelf, Prioriteiten

Pik:
Nederlandse familienaam. Komt in 1947 in Nederland totaal 464x voor met top van 104x in provincie Groningen. In 2007 komt de naam in Nederland totaal 146x voor met top van 9x in Almelo en 5x in Appingedam. Varianten: Pick en Peck. De naam Peck komt/kwam voornamelijk voor in provincie Groningen. Anno 2010 komt deze naam ook voor in Engeland en Amerika.
# Meertens Instituut 15.9.2010

Piksen:
Buurtschap in Hellendoorn. De naam is mogelijk afgeleid van Pik, Anglisch Pick (mansnaam) en betekent dan: zoon van Pik. Later is dan de buurtschap mogelijk naar ene Piksen aldaar genoemd.
¶ De naam Pick komt voor in de Engelse locatienaam Pickwick.
¶ De familienaam Piksen komt in 1947 in Nederland totaal 36x voor met top van 34x in Overijssel. In 2007 komt de naam in Nederland totaal 86x voor met hoogste frekwentie van 47x in Hellendoorn. De naam lijkt derhalve afkomstig van de buurt Piksen aldaar.
¶ Gezien de historisch migratiestromen kan Piksen rond 225vC zijn bevolkt door Angelen uit het Vechtdal, mogelijk regio Hardenberg. Piksen kan derhalve zijn afgeleid van ene Pick, van wie een zoon zich heeft gesetteld in de regio, die naar hem Piksen is genoemd. Deze these lijkt plausibel aangezien de naam Pik afkomstig lijkt uit Almelo.
** ASA

Pinksteren: (PNK:)
()A Penter (Pinksteren), pentercrod (pinksterkruid; # plant), Pincster (Pinksteren), Singsene (Pinksteren; ON Singcsene, Singsene)

** Kalender

Pint:
Anglisch: pint, pyntel (ON pinte). Bron COD: Measure of capacity for liquids etc., 1/8th of a gallon. Nederland: 1 pint = beker, glas, kan of pot van 6 dL; inhoudsmaat: 1 pint = 570 Mm
¶ De pint is in Nederland zeker tot in de 19e eeuw in gebruik. Ze wordt genoemd in vele woordenboeken van 1260 tot 1669 en daarna. Mensen spreken nog van een pintje pakken of een pintje halen als ze een biertje gaan drinken.
¶ In bron OVK (1995) over maten en gewichten in Friesland zegt auteur M.A. Holtman te Kantens:

Laatst was ik in het British Museum. Daar hebben ze een verzameling aardewerk waarvan ze niet eens doorhebben dat het maten zijn! Ik heb toen die conservator aan zijn jasje getrokken en gezegd: hť, dat is een pint, de oermaat van de Angelen. Vijfhonderzeventig milimeter precies. Die maat kom je tegen in Friesland, maar daar heet 't een halfmengel.
Bron OVK vervolgt:
En de magische vijhonderdzeventig milimeter is nog veel verder de wereld over gegaan. Holtman heeft 'm ook gevonden in Zuid-Zweden, het Deense eiland FŲhr en bij Zierikzee. Overtuigend bewijs dat het volk der Angelen eind vierde eeuw in al deze gebieden woonde alvorens naar Engeland af te zakken, meent Holtman.
Hij [Holtman] verwoordde deze conclusie in zijn pas verschenen boek over meten en wegen in Friesland. ... Hiermede legde Holtman een bom onder de Friese geschiedschrijving. Met lede ogen zagen de Friezen aan hoe ze van uniek en alleenstaand volk werden teruggebracht tot een der vele takken van de wijdverbreide Angelen-familie.
Holtman: 'De Friezen steigeren tegen het plafond als ik zeg dat ze een mengcultuur zijn'.
** Anglische Mark, Angelen, Friezen
 

Pithelo: > Peelo
Plaatsnamen: > plaats, Regionamen
Plaggehutten: > Veenhutten
Planten: > Planten & Struiken

Planten & Struiken: (PES::)
()A: acreblom (akkerbloem), barclaw (bereklauw), baye (laurierbes), beonet (bentgras, riet), betonica (plant met purperen bloemen), blosma (bloesem), blostm (bloesem), botton (knoop, knop), braem (braam, braamstruik), bream (brem; # struik met gele of witte bloempjes), breccing (brekking; # varen), bremel (=A braem), bridfot (vogelpootje; # plantje), brommelbusk (braamstruik), bynse (=A byse), byse (bies, biezen; # veenplant), cadril (kadril; # fluitekruid), caerdebolle (kaardebol), clafre (klaver), cranberie (veenbes), cresse (waterkers; # waterplant), crose (kroos; # waterplant), daegesege (madeliefje), dodde (dodde, lisdodde; # waterplant), dodder (=A dodde), draefic (dravik = # gras), dropsan (dropsen = # gras), dusa (onderhout, kreupelhout, struikgewas), fearn (varen), fenpluse (veenpluis; # moerasplant), fledder (vledder), flutecrut (fluitekruid; # wilde bermplant), fuyle (onkruid), gaggel (gagel), gaspelthorn (gaspeldoorn, steekbrem), goldblom (goudsbloem), gorst (braamstruik), hagathorn (hagedoorn), hasufot (hazevoet), hecsmilc (wolfsmelk), heopa (hiep, joop, hagedoorn*), hlaf (loof, blad), hleom (# slootplant), hleomoc (=A hleom), horsblom (paardebloem), hoya (kruipplant met blauwe bloemen), hris (rijs, tak, struikgewas), hrisholt (rijshout), ifig (eiloof; # klimop), juffre (gele lisse; # veenplant), ladic (ladik), latue (latuw), leaf (loof, blad, gebladerte), lease (# waterplant), leos (lis, lisse, lelie), lilac (=A syring), locc (lok, wollegras), lodic (soort plant), lys (lisse), lysdodde (lisdodde;# waterpalnt), macopin (papaver), maedere (meekrap = plant waarvan verfstoffen worden gemaakt), mealwe (maluwe; Lat: malva), melde (melde), meldeaw (meeldauw; # schimmel), milcepp (melkeppe; # moerasplant), mistel (mistel), nihtscada (nachtschade), pansig (pensee; # viooltje, kruid), papoeg (papaver), planta (plant), plante (plant), popaeg (papaver), porsa (gagelstruik), pos (gagel), posse (=A pos), pot (poot), potan (ww poten), potgut (pootgoed), potwede (pootveld = veld waarop planten worden gepoot; NB Pootweide in Voorst/Gld), racin (wortel, geneeskrachtig kruid), raye (raai; # voedergras), rose (roos), russe (=A byse), rut (onkruid), scamar (klaver drie), scelwyrtal (schelwortel; # stinkplant), scierling (fluitekruid), scrybb (heester), secg (zegge, cypergras; # veenplant), slathorn (sleedoorn), snawdreap (sneeuwklokje), spelthorn (hagedoorn), spic (lavendel; # heester), stenbrece (steenbreek), stroc (struik), struec (=A stroc), struwell (struweel, struikgewas), sulthe (aster), sunnblom (zonnebloem), syring (sering; # struik met lila bloemen), telga (loot), thistel (distel), thriblaed (drieblad = klaver), wad (wede = plant waarvan blauwe verf wordt gemaakt), waegbrae (wegebree; # wilde bermplant), weape (wilde roos), weod (onkruid), wicce (wikke = wilde klimplant met peulvruchtjes), widbind (kamperfoelie), widhig (wederik), winterrose (winterroos; # kruipplant), wippe (wippe; # bermplant), wolde (wouw), wrang (slingerplant), wyrtal (wortel), wyrtalan (ww wortelen)
8000vC++: mesnen cultiveren planten. #BBC4tv/14*.5.2017
** Bloemen, Riet, Kruiden, Onkruid, Struikgewas, Vegetatie

Plassen: > Watergebieden

Platduits: (450vC++; PLD:)
Duits: Platt. Streektaal van NW Duitsland. De regio is sinds circa 450vC steeds meer en uiteindelijk rond 150nC overwegend Anglisch. (> Angelen, Angelland) Sinds circa 500nC settelen daar ook Saxen uit Oost Duitsland. Platduits lijkt derhalve een mix van Anglisch en Saxisch. Op 't oor lijkt de taal nogal Nederlands.
** TAES, Nederuits, Saxen

Platteland: (PLL:)
()A flet (bn plat, vlak), flet (vlakte, vloer, huis), fletland (platteland), fletlandere (plattelander, boer), land (land)
¶ Tot circa 1900 AD woont rond 95% van de mensen in een landhuis, hoeve, huis of hut op het platteland. De hoeven zijn meestal klein. Een gezin bestaat gemiddeld uit een echtpaar met 6 kinderen.
¶ Bron SDV/p281:
400vC++:
- urnenvelden en raatakkers worden opgegeven
- gevolg: urnenvelden en raatakkers liggen vooral onder essen
- Hoolingerveld: vanaf MiddenYzertijd verplaatst woning buiten akkercomplex + wallen blijven in gebruik als akker
- Holsloot + Borne: kleine grafvelden op of aan rand van erven
- omvang boerderijen neemt toe; ib stallen; oorzaak: grotere nadruk op bemesting van akkers
- architectuur: tweebeukige huizen; verwant met idem in Midden&Zuid Nederland
100nC++:
groeiende contacten tussen Germanen [Angelen!] en Romeinen waardoor:
- ontstaan grote nederzettingen zoals o.a. bij Wijster
- grotere stamgroepen
- meer hiŽrarchie in samenleving
- nederzettingen meer plaatsvast
- einzelhŲfe (eenzame zwervende hoeven) in minderheid
- erven gaan clusteren tot grote nederzettingen
150nC++:
- sinds circa 150nC meer samenwerking en gezamenlijke voorzieningen als omheiningen, ambachtzones en grafvelden
Specialisatie: In de loop der eeuwen ontstaat steeds meer specialisatie in de beroepen. Oorspronkelijk zijn er voornamelijk landbouwers, veeboeren, vissers en jagers. Door de toename van de bevolking en de groei van nederzettingen komen er ook smederijen, leerlooiers, kooplui, etc. Onderlinge handel ontstaat. Eerst ruilhandel en sinds circa 1250nC komt meer geld in omloop en groeit de handel tegen valuta.
Vervoer: Vanaf de oertijden verplaatsen mensen zich voornamelijk te voet, te paard, per ossekar of paardekar en per boot. Lopen was de belangrijkste vorm. Mensen lopen grote afstanden. Tot in de jaren 1950 lopen arbeiders in Twente hele afstanden naar hun werk en 's avonds terug naar huis. Ieder van en naar de eigen woonstee. De lopers sluiten zich bij elkaar aan en zo ontstaan smorgens steeds grotere groepen naar het werk. Tegen de avond vertrekt men samen in grote groepen terug naar huis. De groepen worden onderweg steeds kleiner doordat mensen afhaken zodra ze hun huis bereiken. Zo gaat dat alle werkdagen van het jaar, jaar in en jaar uit. > Vervoer, Lopen
Contacten: De onderlinge contacten tussen mensen variŽren met de mogelijkheden: taal, afstand en gewenstheid. Door de eeuwen worden de onderlinge afstanden steeds kleiner en de taalkennis steeds groter. De bevolking groeit en er komen steeds meer evenementen en locaties waar mensen elkaar kunnen ontmoeten en spreken. Deze mogelijkheden bevorderen allerlei mogelijkheden op vele terreinen en daarmee de sociale, culturele en economische ontwikkelingen. > Evenementen, Markten, Kalender
Telecom: Door vele technische ontwikkelingen komen er steeds meer mogelijkheden voor contacten op lange afstand: goede wegen, postwezen, treinen, auto's, telefoon, radio, televisie en internet. > LACA, Telecom
Nabuurschap: Heel oude vorm van solidariteit tussen mensen die vlak bij elkaar wonen. De nabuurschap houdt in dat men elkaar zoveel mogelijk helpt als dat nodig is. O.a. bij geboorte, ziekte, dood, oogst, ramp, etc. Deze vorm van solidariteit komt vooral voor in NO Nederland. Ze geldt vaak ook voor familie en kennissen die verder wonen. > Nabuurschap
2013: Macedoniers op het land redden zichzelf uitstekend. Ze verbouwen zelf hun groente en fruit. Een deel wordt verkocht op de markt en en de rest wordt ingemaakt. In het voorjaar kopen ze een big die ze vetmesten en in de herfst slachten. Zo hebben ze vlees voor de hele winter. De rest van het jaar vangen ze vis in de beken en rivieren. > Macedonia
** Demografie, Landschap, Regio's, Landbouw, Veehouderij, Akkerland, Weiland, Heideland, Bosland, Woestland, Moerasland, Veenland, Ontginning, Onderwijs, Wegen, Markten, Waters, Vegetatie, Landinrichting, Bestuur, Landbestuur, Nabuurschap

 
 

Plekenpol:
Voormalige havezathe en kasteel aan de rivier Slinge in buurtschap Den Helder aan de zuidkant van Winterswijk. Beide bouwwerken worden soms ook genoemd als Graes, naar een familie die daar woonde in de 17e eeuw.
 
¶ Naar zeggen is de naam Plekenpol afgeleid van een bleekveld waar pas gewoven textiel werd gewassen en gebleekt. Pleken wordt dus gezien als verbastering van bleken. Aangezien bij dit bleekveld naar zeggen ook gewassen werd, zal daar dus ook een water zijn geweest. Dat kan een poel of rivier zijn, waarnaar Plekenpol lijkt te verwijzen. Pol komt alleen voor in het Anglisch en het Fries, niet in het Saxisch. Aangezien voor Friese aanwezigheid vooralsnog geen bewijzen zijn, maar wel voor Anglische, zal de naam Plekenpol derhalve vrij zeker van Anglische herkomst zijn. In dat geval is Plekenpol dan afgeleid van Anglisch blac (bleek) + pol (poel, rivier). Aangezien Plekenpol aan de Slinge ligt, zal pol hier dus de betekenis hebben van rivier. Plekenpol betekent dan kennelijk de rivier waar gebleekt wordt. Het kan ook zijn dat aldaar een poel lag, zoals zo vaak bij rivieren. O.a. langs de IJssel, waar ze meestal kolk worden genoemd. In dit bestek wordt aangenomen dat Plekenpol = Plekenpoel = een poel waar textiel wordt gewassen en gebleekt.
¶ Bij de bleekvelden stond vroeger het bleekershuus uit 1883. Daarvan zijn anno 2010 nog maar enkele restanten over.
¶ Naast de havezathe stond ooit een aanzienlijk middeleeuws slot, waarvan in de 18e alleen nog een ruÔne restte. Alleen de grachten en lanen van dit kasteel zijn nog aanwezig. In de 14e eeuw was dit kasteel in bezit van uitgestrekte goederen en van belangrijke rechten. De relatie met de havezathe Plekenpol is vooralsnog duister. Van het kasteel dateert een tekening, in de 18e eeuw gemaakt door Abraham de Haen. De tekening toont inderdaad de resten van een kasteel, dat zeker imposant mag heten. Vreemd dat daarover verder nauwelijks informatie beschikbaar lijkt.
¶ De these dat Plekenpol = Blekenpoel lijkt te worden gesterkt door de naam van de stad Blackpool aan de westkust van Engeland, circa 45 Km noordwest van Manchester in Midden Engeland, genaamd Mercia, een historisch Anglisch gebied. (> PgBrittannia) Pool is namelijk Modern Engels voor Oud Engels pol, zijnde een waterpoel. Het Oud Engels staat heel dicht bij het Anglisch. (> KTE) We mogen dus aannemen dat met black ook blac (bleek) wordt bedoeld. Bron COD bevestigt deze these. Kennelijk bestaat er in vroegere tijden zoiets als bleekpoelen waar textiel werd gewassen en gebleekt.
¶ De regio Mercia in Brittannia is in 450-550nC bevolkt door Angelen, o.a. afkomstig uit de Achterhoek. Bekend zijn de Hwicce, een Anglische stam die mogelijk afkomstig is uit de plaats Wieken bij Gendringen in De Liemers. Zij settelden in de Cotswolds in centraal Engeland, niet ver van Blackpool. Het lijkt daarom mogelijk dat de Anglische oerbewoners van Blackpool afkomstig zijn van de regio Bleckenpol te Winterswijk.
Bleckenpoel is een familienaam in de Achterhoek. In de RK Doopboeken Hengelo-Zelhem 1724-1770 komen o.a. voor Catharina, Harmine en Trine Bleckenpoel. De naam is vrij zeker afkomstig van havezathe Bleckenpoel in Winterswijk, die in 1303 Pleckenpol wordt genoemd.
¶ De regio Winterswijk wordt rond 150vC bevolkt door Angelen uit Berkelland. De naam Bleckenpoel is derhalve vrij zeker afgeleid van Anglisch blac (bleek) + pol (poel).
¶ Gezien het voorgaande kan de naam van Plekenpol te Winterswijk zich als volgt hebben ontwikkeld: Blacpol (450nC) > Bleckenpol (1150nC) > Pleckenpol (1303nC) > Plekenpol (2010). (> Bleckenpoel)
¶ Havezathe Plekenpol was een leengoed van Gelre en Zutphen. De oudste vermelding van havezathe Plekenpol dateert van 1303, als ridder Sweder van Ringenberg de leen overdraagt aan Alexander van Creyter.

¶ Bij havezathe Plekenpol staat een oude oliemolen uit 1300 AD. In 1303 wordt deze watermolen genoemd als behorend tot De havesaet Pleckenpol. In 1303 geeft Sweder van Ringenberg de havezathe in achterleen aan Alexander van Creyter met den meul en alle de haren togehorigen stucken. De molen ligt aan een stuw van de Slinge, een rivier die vanuit Duitsland stroomt langs Winterswijk naar Groenlo, Beltrum, etc.
Rechts: het molenhuis (@ foto © TiedLight)
 
¶ De oude oliemolen lijkt qua bouw en kleuren van Anglische architectuur te zijn. Vergelijkbaar met de architectuur in Angeln, het oude stamland van de Angelen in Noord Duitsland. De muurbalken zijn recht en zwart en de muren zijn geverfd met een donkerroze kleur, die overeenkomt met het ossenbloed dat vroeger daarvoor werd gebruikt. Anno 2010 is van de raderen weinig over. Het pand aan de andere kant van de brug lijkt eveneens van Anglische architectuur: rechte zwarte balken en witte muren.
¶ Aangezien Plekenpol in 1303 al in achterleen wordt gegeven, zal de havezathe vrij zeker al kunnen dateren van ruim een eeuw eerder, dus van circa 1200 AD.
¶ Per saldo lijkt het in dezen te gaan om een kasteel en een havezathe, beide met de naam Plekenpol (Pleckenpol). Het is vooralsnog niet duidelijk wat de relatie is tussen beide bouwwerken. Vreemd is dat de bronnen steeds de havezathe noemen en slechts marginaal het kasteel. Een verklaring hiervoor is nog niet gevonden.
¶ De naam Plekenpol komt ook voor als familienaam in Nederland en Amerika. De oudst bekende is Jan Plekenpol (gb 1714) te Winterswijk, waar anno 2010 nog vrij veel Plekenpols wonen. De Plekenpols in Amerika zullen hun roots wel in havezathe Plekenpol hebben. Ook komen voor de varianten Pleckenpoel en Plackenpoel te Winterswijk en nabijgelegen locaties. Deze twee namen steen heel dicht bij de spelling Pleckenpol uit 1303.
** Bleckenpoel, Architectuur, Slinge, Winterswijk
# FRI, WKP 22.6.2010, tesellefamily.com 22.6.2010, DAB, KBG

Pleisterplaatsen: (PPL:)
()A aenholt (herberg, pleisterplaats, uitspanning), aenholtan (aanhouden, aanleggen), bidan (beiden, wachten, afwachten, verbeiden), biding (uitspanning = plaats waar paarden uitgespannen worden en verwisseld met uitgeruste paarden), ethus (eethuis, restaurant), halfwaeg (halfweg, halverwege), Halfwaeg (Halfweg = locatie halfweg een vaste route; vaak is daar ook een restaurant of hotel), herebeorg (legerplaats, kazerne, herberg), waerd (waard, herbergier)
400nC++ Historische locaties: Anholt/Hardendberg, Barneveld, Elspeet, Hackfort/Vorden, Halfweg/Wierden-Nijverdal, Oxevoorde/Oxe/Gorssel (> Oxevoorde)
750nC++ Bron ZWH/p10 schrijft:

Voor een goed begrip van de oudste geschiedenis van onze omgeving [Haarle/Gld] zullen we nog iets verder terug in de tijd moeten duiken, en wel naar de 8e eeuw, de periode van keizer Karel de Grote, de verbreider van het christendom in deze streken. ... Daar er geen hof was, moesten de christenen zelf de economie regelen en belasting werd betaald aan de kerk. De kloosters namen in die samenleving een uiterst belangrijke plaats in. We moeten ons de monniken van toen niet voorstellen in vrome afzondering in hun cel. ... Het klooster deed dienst als herberg voor reizigers maar tevens als ziekenhuis, en met hun kruidentuin waren de monniken de eerste apothekers.
1432++: De Hertsweide is een stuk grond in de buurt Engeland te Beekbergen/Gld. Daar stond vroeger herberg "Het Rode Hert", die al in 1432 wordt genoemd in een stadsrekening van Arnhem. > Engeland Beekbergen
 
1450: Nog maar weinig wegen zijn geplaveid. De meeste wegen zijn gewone zand- of leemwegen met her en der keien. Na regen veranderen ze vaak in modderpoelen, wat het reizen erg vertraagd. Mensen reizen te voet, te paard, per kar, per koets, per boot of per slee. Soms zelfs per schaats. O.a. langs de weg Zwolle-Groningen. Dat gebeurt tot dik in de 19e eeuw. Onderweg wordt overnacht in zgn aenholts. Dat zijn herbergen, pleisterplaatsen of uitspanningen. Daar kan men eten, drinken, slapen en van paarden wisselen als ze te vermoeid zijn. Rechts: reiziger arriveert bij een aenholt (©)
 
1800: Tot circa 1800 zijn vele wegen erg modderig met diepe kuilen en moeilijk begaanbaar. Dat maakt reizen moeizaam en traag. Vele steden zijn vaak lange tijd niet te bereiken. De vele pleisterplaatsen in Nederland zijn daarom onmisbaar.
** Herbergen, Eethuizen,Reizen, Hackfort

 
Pley:
()A pleay (plein, vlakte), pleay (pleit, pleidooi), pleay (=A pleayhus), pleay (strand, landhoek, uiterwaarde), pleayan (pleiten), pleayhus (pleithuis = huis waar gepleit en recht gesproken wordt)
Pley in 's-Gravenvoeren (BelgiŽ): plaats waar vroeger recht gesproken werd. (# appelwijn.be 21.10.2010)
Pley komt voor in een uiterwaarde aan de Yssel/Rijn bij Westervoort in De Liemers in diverse veldnamen:
- 1900: De Pleij, De Boven Pleij, Pleijen (kaart GHG/491)
- 2002: Kleine Pleij en Hondsbroekse Pleij (kaart ANWB)
Pleij lijkt hier een bepaald soort uiterwaarde te betekenen.
Pleyweg: N325 tussen Arnhem en Rheden loopt langs de Pley van Westervoort. (2002 kaart ANWB)
Playa: = strand (Spaans) = vlakte aan water.
Pley, Pleij: Oude Nederlandse familienaam. Mogelijk afkomstig uit Wierden.
Van der Pleij: Eveneens oude Nederlandse familienaam. De naam is een herkomstnaam. Mogelijk de Pley in Westervoort.
¶ Per saldo lijkt pley de oerbetekenis te hebben van vlakte en dus nauw verwant aan plein.
** Westervoort, PgDix/pley

Pleyhus:
Anglisch pleyhus = pleithuis, speelhuis, theater
AVA pley (spelen, acteren) + hus (huis).
Pleyhuse: Oude familienaam in Twente. Mogelijk afkomstig uit Oldenzaal.
** PgDix/pley

Plezier: (PLZ:)
2014: In Nederland is het ziekteverzuim onder ambtenaren van de provincies gemiddeld 4%. Drente scoort het laagst met maar 2,9%. Ze schrijft dit vooral toe aan de goede werksfeer, die is te danken aan een goed beleid. Drente probeert een goede werkgever te zijn: de sfeer moet goed zijn, mensen moeten plezier in hun werk hebben. #DeTelegraaf 11.7.2014
¶ Zonder plezier is het leven koud en kil. Zoek de vreugde en geniet van het leven zoveel als is gegeven. De meester volgt de goede weg en bereikt het hoogst bereikbare. #SRK
** Hobbies, Humor, Theater, Sport

Plicht: > Plichten

Plichten: (PLT:)
()A pliht (plicht, taak)
1972: Een tijdschrift voor management schrijft:
- ontspan op tijd
- zoek een leuke hobby (wandelen, fietsen, schilderen, etc)
- mijdt onnodige taken en plichten
- beperk je tot het belangrijkste
- uit je irritaties, twijfels, onzekerheid en angsten
- vergeet vooral niet te genieten van het leven
¶ Ken uw plichten. Weet wat uw plicht is. Weet ook wat uw niet uw plicht is. Ware vervulling van plichten, brengt ware voldoening. De meester vervult zijn plichten en bereikt het hoogst bereikbare. #SRK
¶ Doe wat u moet doen en laat wat u moet laten. Doe het goede en laat het kwade. De meester volgt de goede weg en bereikt het hoogst bereikbare. Meer kan een mens waarlijk niet doen. #SRK
¶ Ware plichtvervulling brengt ware voldoening. Ware plichtvervulling brengt ware tevredenheid. Ware plichtvervulling brengt ware vrede. De meester volgt de goede weg en bereikt het hoogst bereikbare. #SRK
** Koning

Plinius: (23-79nC)
Maior (de Oudere); Gaius, Plinius Secundus. Romeins militair, magistraat en schrijver. Officier in Germania (47-57), etc. #WP

Ploegen:
()A acer (akker), acre (akker), aecer (akker), aenwonne (plek van akker waar ploeg wordt gekeerd), braecan (ontginnen, ploegen), cawtar (ploegijzer = scherp puntmes in ploegbalk), daegwaend (oppervlakte grond die in 1 dag te ploegen is), eardh (ploeg), eardhan (ploegen), endewaenda (eindpunt van een akker waar de ploeg gekeerd wordt), faerarda (grond aan einde van akker waar de ploeg wordt), furh (voor, ploegsnede = geul gemaakt door ploeg), geoc (=A juc, joc, yok), hrosmaesse (rosmes = ploegijzer = scherp puntmes in ploegbalk), joc (=A juc), juc (juk = landmaat = hoeveelheid land dat een juk ossen in ťťn dag kan ploegen), oxa (1 morgen = 0.9 Ha = de omvang van land, dat een boer met een span ossen in 1 morgen kan ploegen), oxas (ossen), oxjuc (ossenjuk = juk voor twee ossen bij ploegen), ploh (ploeg), plohan (ww ploegen), plohman (ploeger), plohwinninge (landbouwbedrijf), plough (ploeg), ploughan (ww ploegen), ream (smalle strook bewerkt of geploegd land), sceadfurh (scheidingsvoor tussen twee akkers), sciran (=A scyran), scyr (stuk omgeploegd land), scyran (scheuren = diep omploegen, ontginnen), scyran (scheuren = diep omploegen van weiland om bouwland te maken), scyrthwang (scheurdwang = plicht om deel weiland om te zetten in bouwland), selle (=A Sulmaent), sil (=A Sulmaent), sille (=A Sulmaent), sille (landmaat: stuk land dat in ťťn dag geploegd kan worden; ON sille, sulle), sol (geul, voor, ploegsnede), sul (=A Sulmaent), sulh (ploeg), sulhan (ploegen), sulle (=A Sulmaent), Sulmaent (ploegmaand = februari. In deze maand ploegen de boeren hun land en offeren ze koekjes aan de goden om hen gunstig te stemmen en een goede oogst af te smeken), todd (ploeg), toddan (ploegen), toddman (ploeger), treckhors (trekpaard), waend (akker), waendan (wenden, ploegen), yok (=A juc)
1600vC: Ploegen van land gebeurt in Egypte al ruim vůůr 1600vC. Dat is te zien aan afbeeldingen op muren van historische bouwwerken in Egypte. Vrijwel zeker hebben de Angelen het ploegen geleerd van de Goten, waaruit ze voortkomen. Dat heeft te maken met de graanbouw, die hun Germaanse voorouders uit Khwarizm in Centraal AziŽ kunnen hebben geleerd van hun zuiderburen in Mesopothamia, waar al in 2600vC landbouw wordt bedreven.
500vC++: Noordse Veld (Drente) Raatakkers verdeeld door walletjes die samen een soort honingraat vormen. Met een houten ploeg werd de grond eerst losgewoeld. Daarna ploegde men een tweede keer dwars op de eerste richting. Met een ruwe eg werd de aarde ten slotte fijn gemaakt. #OBN/p226 > Raatakkers
850nC: Rond 850nC wordt het ploegen van land verbeterd. De ploeg krijgt verwisselbare ijzeren punten, die diepe voren in het land trekken. De ossen worden vervangen door paarden. De akkers worden groter, want het ploegen wordt makkelijker.

        

boven: ploegende boer rond 1050 nC
Sulmaent (Selle, Sel, Sil, Sille, Sul, Sulle) = ploegmaand = februari. In deze maand ploegen de boeren hun land en offeren ze koekjes aan de goden om hen gunstig te stemmen en een goede oogst af te smeken. > Ploegen
** Landbouw, Agrocultuur, Ossen, Paarden, Kreta, Inglo-Goten (Graanlijn)
# hijken.com 23.8.2010, DAB, KBG
++ Plough Monday

 

Pluimvee: (PLV:)
()A aeg (ei), aegas (eieren), aegbour (eierboer), aend (wilde eend), aened (eend), bedd (plek waar hoenders een zand- of zonnebad nemen), calquhoun (kalkoen), capon (kapoen = gesneden haan), cic (kip), cicen (kuiken), cocc (haan), coco (haan), coy (kooi), coycer (kooiker), coycery (kooikerij), cropp (krop = voormaag), crawan (ww kraaien), duce (eend), eag (ei), eagas (=A eagas), eagbour (eierboer), ec (ei), eccere (eierboer), ened (eend), geant (gent = mannetjes gans), gos (gans), goshodere (ganzehoeder), hacchan (broeden), hacchling (kuiken), hana (haan), henn (hen), hennfeld (kippeveld), hennhus (kippehok), hon (mv hones; hoen, hoender), hona (haan), hone (=A hon), hones (hoenders), hontheof (kippedief),

Rechts: eierboer rond 1550nC. Hij loopt met zijn mand met eieren en haan naar de aegmaerct (eiermarkt) om ze daar te verkopen

 
honwaithe (hoenderwei), houn (=A hon), ine (hok), narc (eendekooi), narcere (kooiker), narcery (kooikerij), plumere (verenplukker), rystar (haan), tute (kip), tutert (kippenveld), tuthare (kippenveld), swon (zwaan), worhona (woerhaan; # korhoen), yne (hok)
¶ 200vC++: NO Nederland is eeuwenlang een gebied met grote moerasvelden afgewisseld door heidevelden, plassen en zandhoogten met wat bomen waar mensen wonen en werken. Een arm bestaan. Ze houden kippen en geiten en verzorgen een moestuin met groenten en andere planten om zich in leven te houden. De geit is voor hen wat de koe is voor rijke boeren.
800nC++: Bron ZWH/p12 schrijft:
Een enkele keer kom je in documenten uit die tijd [800nC++] herinneringen aan Haarlo [bij Neede/Gld] tegen. ... Belasting werd in natura betaald. Lang nog lees je dan ook nog van 'mishoenders' op 11 november (St. Maarten) voor de pastoor en eieren voor de koster (die moet hij overigens wťl zelf komen halen). We vonden trouwens een klacht van de pastoor waaruit blijkt, dat de kwaliteit van de mishoenders nog wel eens te wensen overliet: die kippen moesten toch op z'n minst in staat zijn om op de rand van de mand te springen.
** Hoenders, Ganzen, Eenden, Haan

 
Podagristen:
Groep van drie mannen uit Drente die een voettocht maken van Bad Bentheim naar Assen. T.w.: A.L. Lesturgeon (1815-1878; predikant), Dubbeld Hemsing van der Scheer (1791-1859; schrijver) en Harm Boom (1810-1865; journalist). In Bad Bentheim zou een bron zijn met heilzaam water waarmee ze hun voetjicht hopen te genezen. Podragrist is Grieks voor voetjicht. Onderweg praten ze over de Drentse cultuur en noteren ze hun reisverhalen. In 1842 worden die gepubliceersd onder de titel: Drenthe in vlugtige omtrekken geschetst. Bij kasteel Coevorden in Coevorden staat hun standbeeld.

Podolf van Englandi: (c 755-815)
Heer van Englandi te Beekbergen, Gelderland. Woont aldaar op Hof Englandi. Zoon van Wibald (gb 715), heer van Englandi. Vermeldt in 801nC in giftbrief, waarin Podolf, zoon van Wibald, zijn hof in Englandi, annex weiden en rechten, alsmede het woud Barclog (Bruggelen) schenkt aan de Abdij van Werden bij Duisburg aan de Rhur.
** Hof Englandi, Engeland Beekbergen

Poelgeest:
De regio Poelgeest bij Oegstgeest in Zuid Holland wordt rond 405nC bevolkt door Angelen uit Utrecht. (> ASA) De naam Poelgeest lijkt derhalve afgeleid van Anglisch pol (poel, plas) + geast (geest, geestgrond). Dus Anglisch: Polgeast = de geestgrond bij de poel.
¶ Bekend is het adellijk geslacht Van Poelgeest dat al in de 13e eeuw wordt genoemd in Zuid Holland. Zij waren o.a. heer van Koudekerk aan de Rijn. Wapen: op blauw een dwarsbalk in goud met 3 adelaars in ziver links kijkend, waarvan 2 boven de balk en 1 daaronder. De witte adelaar links kijkend is gelijk aan de Anglische adelaar. (> Adelaar)
¶ Het adellijk geslacht Van Poelgeest is afkomstig uit Poelgeest bij Oegstgeest in Zuid Holland. Daar staat hun stamslot Oud Poelgeest.
¶ Het blauwe veld en de gouden dwarsbalk in het wapen Van Poelgeest zijn identiek aan het wapen van het geslacht Van Leiden, waaruit de oudste burggraven van Leiden zijn voortgekomen en daaruit o.a. het geslacht Van Cranenburch Bleyswyck. Mogelijk duidt dit op verwantschap in mannelijke lijn.
¶ Het geslacht Van Leiden begint met Halewijn I van Leiden (gb 1050), alias Halewijn van Beveren, afkomstig uit Diksmuide in Vlaanderen. Het geslacht Van Beveren uit Diksmuide stamt af van Ethelred II van Mercia (850-911), de laatste koning van Mercia, het grootste Anglische Rijk van Engeland. Mogelijk zijn de witte adelaars links kijkend in het wapen Van Poelgeest hiermee te verklaren.
# ngw.nl 6.11.10, DAB, KBG

PoŽzie: (POZ:)
PoŽzie betekent voor de Angelen al vanaf hun ontstaan zeer veel. Hun oorspronklijke oppergod Odin is namelijk o.a. de god van de wijsheid en de poŽzie. Wijsheid heeft hij gekregen van de reus Mimir (de hoeder van de Wijsheid) in ruil voor een oog. De PoŽzie krijgt hij door te drinken van de dichtdrank Mede uit de vaten van de reus Suttung. Kennis van de magie en runen krijgt hij door negen dagen en nachten aan een boom te hangen, doorboord door zijn eigen speer. Vandaar zijn naam Hangagud. Odin heeft vele bijnamen. De bekendste is Snorri. > Odin

Poggen:
In Nieuw Heeten (Salland) komen voor de Poggeheideweg en de locaties Poggebelt en Poggeheide. De regio wordt rond 100vC bevolkt door Angelen uit Twente en/of het Vechtdal. De term pog komt in de Achterhoek voor in de betekenis van varken. Pog lijkt derhalve afgeleid van Anglisch pigge (varken). Derhalve lijken:
- Poggebelt AVA pog (varken) + bytl (belt, bult, hoogte)
- Poggeheide AVA pog (varken) + haitha (heide)
- Poggeheideweg AVA pog (vakren) + haitha (heide) + waeg (weg)
Per saldo lijkt de Poggebelt een hoogte te zijn waar de Poggeheide ligt en waar varkens liepen in het verre verleden.
** Varkens, Eikels
# FRI, KBG

Pol:
Familienaam die in 1947 totaal 2638x voorkomt. Voornamelijk in NO Nederland. I.c.: Drente (691x), Gelderland (513x), Overijssel (362x) en Groningen (210x). De grootste concentratie is in Emmen. De naam is derhalve mogelijk uit dat gebied afkomstig. De regio Emmen is rond 300vC bevolkt door Angelen afkomstig uit Groningen. De naam Pol is derhalve mogelijk afgeleid van Anglisch Pol = poel. De naam Pol komt verder voor als Van der Pol, Poll, etc.
** Borne (Meijershof)
# Meertens Instituut 7.6.2010, KBG

Polders:
()A caneal (kanaal, sloot), dic (dijk, dam, sloot, greppel), dicbow (dijkenbouw), dichus (dijkhuis), dicstol (dijkstoel), dicwaeg (dijkweg), mylen (molen), poldre (polder), polre (polder), polredic (polderdijk), polrehus (polderhuis), polreland (polderland), polrewaeter (polderwater), slath (sloot > Slath), spicca (brug van planken bedekt met takkenbossen en plaggen; AS/TW+VL spikke), slut (=A slath), staowa (stuw, waterkering), syll (sluis), syp (zijp, sloot, wetering),
 
tilla (brug), waesscout (dijkgraaf), waeterhalf (door wateroverlast), waeteringe (1: wetering, afwatering, sloot; 2: waterschap), waeterlaet (afwateringkanaal), waeterland (nat land, drasland), waetermaedwe (natte weide), wayland (weiland), weligan (wilgen), wic (wijk = vaarsloot in polder)
** Weiland

Politie: (PLI:)
()A ew (taxusboom), ewe (geloof, wet), ewholt (iefhout, taxushout, iefenbos), ewing (ordehandhandhavers, politie), ewman (priester), eow (ijf, ief = taxus), iw (=A ew), praetere (controleur, veldwachter, boswachter, opzichter), praetery (controledienst, boswachterij, etc), scergerefa (scergraaf = ordebewaker in een scire), scire (graafschap), scirgerefa (=A scergerefa), scirreeve (orderbewaker in scire)
** Eawa, Ordebewaking, Veiligheid, Sheriff

Politiek:
8000-4000vC Neolithicum: Mensen gaan dieren fokken en planten kweken voor eigen onderhoud, maken stenen gereedschap en gebruiken vuurstenen om vuur te maken. Ontstaan van landbouw, veeteelt, begrip eigendom, eigendomsrechten en eigendomsconflicten c.q. strijd en oorlog, politieke besluitvorming en religie: heuvels met ringgrachten, altaars, offeren van ossen en begrip van ziel en hemel.
** Pacifisme, PgBrit, PgGen/Neolithicum

Polo: Marco > Marco Polo

PolytheÔsme: (PLY:)
2014: In India staan 3 miljoen tempels en bar weinig ziekenhuizen. De bevolking groeit door. (#BBC2tv Simon Reeve 16.10.2014) De mensen lijken er desondanks tamelijk gelukkig. Dat kan te maken hebben met het HinduÔsme, een cultuur die zeer liberaal, democratisch, tolerant en vredelievend is. > PgGen/HinduÔsme
** Angalisme

Pong: > PgDix
Ponk: > Pong
Populieren: > Papen
Positie Angelland: > PAL

Posities: (POS:)
()A abac (achteraf, buitenaf), adune (beneden, omlaag), aeftan (achter), aefter (achter, achteraf), aen (aan, an), aengang (begin), afer (over), aferest (bovenste, hoogste), ahint (achter), ahwaer (overal), alof (buitenaf, achteraf, afgelegen, veraf), altefeor (alteveer = al te ver, te veraf), alteneah (altena = al te na, te dichtbij), alwaegs (allerwegen, overal), amang (tussen, tussenin), an (aan, an), aside (naast, achter), aynde (einde), ayne (einde), bac (achter, achteraf), bacc (=A bac), bacwind (achterwinds, lijzijde, luwte), belaeg (=A belough), belough (beneden, onder), beneothan (beneden), betweon (tussen, tussen twee), betwix (tussen, tussen twee), betwixen (=A betwix), betwixt (=A betwix), be [bi] (bij, over, betreffend, volgens, in), begeond (voorbij, over), bi (bij, door), bin (binnen), binnan (binnen), bufan (boven), bufanup (bovenop), buta (buiten, afgelegen), butan (buiten), buter (buiten), byrig (naburig, nabij), dune (beneden), eftir (nadat), elra (elders), eltheodig (uitlandig, elders), ende (end, einde), fear (=A feorr), feorn (=A feorr), feorr (ver, verweg), ferde (verder, elders), fierlen (ver, veraf), forma (eerst, eerste), frem (buiten), gagn (tegenover), gehwaer (overal), gemang (tussen), geon (ginder, ginds), geond (ginds), geondferde (verder ginds, verweg, veraf), haugh (hoog), heag (hoog), heah (hoog), her (hier), hier (hier), hint (achter), hog (hoog), iefers (ergens), in (in), inbetwixt (tussen), inde (=A ende), inna (binnen), innan (binnen), leafet (links), laeg (laag), laegh (ligging, positie), lah (=A laeg), leag (laag), leg (laag), leuch (laag), lough (laag), low (laag), midd (midden), middan (midden), middel (midden), middun (midden), mille (midden), naedre (nader), neadra (neder, beneden, laag), neah (na, nabij), neahst (naast, volgend), neast (naast), neigh (nabij, nabijheid), nene (achter), neothan (laag), neothera (neder), ofer (over), oferal (overal), on (aan, an), on efn (nevens, naast), on gemang (tussen, tussenin), on middan (temidden), on orette (op aarde), op (op), otherwaeg (elders), raer (achter, achteraf, afgelegen), raer (achterkant), rear (=A raer), riht [rait] (rechts), sidram (afgezonderd, afgelegen), sith (achter, achteraf), slenc (=A slinc), slinc (links, linker), thusa (thuis), to hus (thuis), tusc (tussen), tux (=A tusc), twixen (tussen), ufan (boven), under [onder] (onder), underbaec (achter), underneodhan (onder, beneden), up (op), up cott (op kot, thuis), uppan (op), upper (opper, boven), utan (buiten), utdore (buitenshuis), westside (westzijde, westkant), withinnan (binnenin), ymb (in)

Positivisme: (PSV:)
¶ De Anglische cultuur toont duidelijke positieve kenmerken. Dit kan te maken hebben met de belangrijke Zonnecultus van de Angelen. Deze cultus is gericht op de indrukwekkende magie van de zonnecyclus. Zonsopgang en zonsondergang zijn adembenemende gebeurtenissen. Altijd weer. De hele indeling van dagen en jaren is daarop gebasseerd. In vele aspecten. Niet voor nets stellen de oude Angelen de zonnecultus boven de verheerlijking van hun goden. Dat blijkt o.a. uit hun weekdagen: zondag, maandag, dinsdag, etc. In deze rangorde zijn de kosmische elementen zon en maan primair gesteld boven de goden. De zon als indrukwekkende en oppermachtige factor, die al het aardse leven bepaald. De maan als troost en gids voor de donkere nachten. In de verre oudheid worden zij getranscendeerd naar God en Horus, Balder of Jezus, de begleiders van mensen in bange tijden. Deze machtige en inspirerende grootheden hebben miljoenen mensen door de eeuwen heen basaal vertrouwen gegeven en geÔnspireerd tot positief leven, wat zin geeft aan het aardse bestaan, ondanks al haar vreselijkheden.
1941-45: Nederlandse gevangenen in de Japanse kampen in Nederlands-IndiŽ worden zwaar mishandeld en ondervoed door de Jappen. Velen komen om in deze hel. Anderen proberen van elke dag iets leuks te maken ondanks alle verschrikkingen en ellende. O.a. door onderlinge solidariteit, zingen, voetbal en lezingen. Dat sterkt hen mentaal enorm. Velen van hen weten daardoor te overleven. > PgKbg/Jappekampen, IndonesiŽ
2015: Caldey is een eiland in de Keltische Zee tussen Zuid Ierland en Bretagne. Het eiland is 2 Km2. Fotografe Ilse Wolf verblijft daar twee maanden. Op het eiland wonen 12 monniken en 16 andere eilanders. Ondanks de serene rust ervaart Ilse haar verblijf daar als een rollercoaster. Soms is ze euforisch over de natuur en de leegte, soms ook erg eenzaam en alleen. Ze komt de eilanders zelden tegen. Meestal zijn ze bezig in en rond hun huis. Hout kappen, vissen, etcetera. Ze leert dat je niet alles in je leven onder controle hebt en naar je hand kan zetten. Bij slecht weer vaart de boot niet en blijf je op het eiland. Punt uit. Dat heeft iets heel rustgevends. Alles gebeurt weather permitting. Wereldnieuws gaat aan de eilanders gewoon voorbij. Maar als een boom omvalt, hebben ze het er dagen over. En dat vindt Ilse best lekker. Het grote wereldnieuws maakt je vaak kwaad, maar je heb er geen vat op. De monniken zingen savonds een mis. Heel prachtig. Monnik Titus komt uit Nederland. Hij woont al sinds 2004 op Caldey. Zijn credo is: genieten van elke dag.
#DeTelegraaf 19.2.2015
2015: Elke dag een kwartier meditatie reduceert stress en bevordert gezondheid en happiness. #BBC4tv/feb2015 > Meditatie
2015: Positivisme sterkt de happiness en gezondheid en bevordert een lang leven. #VARAtv/Pauw 3.3.2015
2015: Het positieve - vrijheid, al zeven decennia - overwint. Net als toen, in 1945. Olga Rains-Trestorff in Canada kijkt terug op haar leven. #DeTelegraaf 2.5.2015
2016: With a positive mind you can do everything! #BBC1/Street Auction 10.10.16
¶ Richt u op het positieve. Het negatieve deprimeert en verergert. Het positieve brengt vreugde en geeft zin aan het leven. Meer kan een mens waarlijk niet wensen. #SRK
¶ Gedachten zijn machten. Goede gedachten stimuleren. Nare gedachten deprimeren. De meester volgt de goede weg en kiest voor het goede. #SRK
¶ Richt u op het goede. Richt u op het positieve. Nare gedachten deprimeren en dragen niet bij tot het goede. Goede gedachten stimuleren en brengen het goede. #SRK
¶ Iedere weg kent kruispunten die dwingen tot keuze. Wie fout kiest, die verdwaalt. Wie verdwaalt, die kere terug. Iedere weg kent kruispunten die dwingen tot keuze. De meester neemt de tijd en kiest de goede weg. Waar mogelijkheden eindigen, resten berusting en gelatenheid. De meester ondergaat het onvermijdelijk lijden en vervolgt de goede weg. Meer kan een mens waarlijk niet doen. #SRK
¶ Wie de hemel zoekt, moet soms door een hel. De meester volgt de goede weg en ondergaat het onvermijdelijk lijden. Meer kan een mens waarlijk niet doen. #SRK
¶ Laat u niet meesleuren door negativisme en ellende. Sta op en wandel. De wereld heeft meer te bieden. De meester volgt de goede weg en bereikt het hoogst bereikbare. #SRK
¶ Denk niet steeds in problemen. Zoek oplossingen. Dat zet meer zoden aan de dijk. De meester volgt de goede weg en bereikt het hoogst bereikbare. #SRK > Problemen
¶ Wie van de nood een deugd maakt, die kan waarlijk leven. #SRK
¶ Het goede, nuttige, aangename en veilige brengen ware vreugde. Wie hen kan verbinden, die is een ware meester. #SRK
¶ Zoek het goede. Doe het goede. Houd het goede vast. Waar mogelijkheden eindigen, resten berusting en gelatenheid. Meer kan een mens niet doen. De meester volgt de goede weg en bereikt het hoogst bereikbare. #SRK
Let's make life nice and easy. #SRK
¶ Doe en denk positief en constructief. Het negatieve teistert de ziel. De meester volgt de goede weg en bereikt het hoogst bereikbare.
¶ Vertrouw op de Here uw God. Hij zal u leiden. De meester vertrouwt op God en volgt de goede weg. Wie de weg met Jezus gaat, die zal waarlijk leven. #SRK
** Angalisme, Zonnecultus, Balder, Hagalaz, Deugdzaamheid, Denken, Levensvreugde, Optimisme

Post: > Postwezen, Telecom
Postdiensten: > Postwezen

Postwegen: (PSW:)
historische: () = jaar al bestaand
- Amesrfoort-Zwolle-Hardenberg-Coevorden-Ulsen-Lingen-Bremen (1659)
- Amsterdam-Amersfoort-Zwolle-Hardenberg-Veenbrugge-Lingen-Bremen-Hamburg (1575)
- Asschat/Leusden-GrootZandbrink-DeGlind-Walderveen-Sprakelaar-Lunteren
- Coevorden-Dalen-Zweeloo-Rolde-Groningen (1575)
- Coevorden-Westerbork-Beilen-Hoogeveen-Zwartsluis-boot-Amsterdam (1575)
- Coevorden-Zwartdijksterschans/Norg-Stavoren (1575)
- Deventer-Coevorden-Neuenhaus-Veldhausen-Lingen-Meppen-Haren-Stapelmoer (1575)
- Deventer-Delden-Enschede-Munster (1680)
- Hamburg-Amsterdam-Antwerpen (1570)
- Naarden-Amersfoort-Deventer-Goor-Delden-Bentheim-Hannover/Hamburg (1680)
- Rijn-Ermelo-Flevomeer (c 100nC) > Ermelo
- Saasveld/Postweg
- Zwolle-Munster (wisselende roeutes) (1680)

Postwezen: (PWZ:)
1504++ Thurn und Taxis: Internationale Duitse postdienst die o.a. bezorgt in Duitsland, Nederland, Frankrijk, Engeland, Oostenrijk, Scandinavia, Spanje, Italia, Balkan en Rusland.
1550++: In Nederland ontstaat rond 1550 het postwezen. Ze zorgt er o.a. voor dat de toestand van de wegen langzamerhand beter wordt.
1570: Postdienst tussen Hamburg-Amsterdam-Antwerpen.
1659: Postdienst tussen Amesrfoort-Zwolle-Hardenberg-Coevorden-Ulsen- Bremen-Lingen. Opgericht door Hendrik Jacobsz van der Heide.
¶ De post wordt vervoerd met zgn postwagens.
# # INS2011/4, CBP, DAB, FRI

Pot:
()A pot (pot, kan, spaarpot), pot (poot, jonge plant), pot (=A pote), Pot (mansnaam), potacre (pootakker = akker met pootgoed), potan (ww poten, planten), potbrinc (pootbrink = ?), pote (poot, klauw; # lichaam), pote (jonge aanplant van bomen), potere (boomkweker), potery (boomkwekerij), potgeard (pootgaarde = veld voor pootgoed), potgut (pootgoed; # planten), pothave (perceel land met jonge aanplant), pothus (pothuis = hut aan een huis, half in de grond), potian (poten, plaatsen, leggen, zetten, stellen), potlote (looderts), pots (poets, klucht, grap), pott (pot, vat, kan), pott (pot = # punter = smalle platbodem gebruikt op smalle ondiepe waters, voortgeduwd met lange stok), pottan (ww potten, oppotten), pottere (pottebakker), pottery (pottebakkerij), potthoc (pothaak = haak om pot of ketel boven vuur te hangen), pottmakere (pottenmaker), pottmakery (pottenmakery), pottman (schipper)
¶ De term pot komt voor in geonamen en persoonsnamen:
-- Geonamen: Pootbrink/N.Empe/Voorst, Potdijk/Markelo, Potflit (beek in Antwerpen), Potheem/Markelo, Pothoek/Markelo, Pothoofd/Deventer (straat), Pothof/Gramsbergen, Pothofweg/Hardenberg, Potkamp/Hoonhorst (buurt), Potkuilen/Milsbeek (weg), Potlee/Zeldam/Goor (beek), Potsweg/Zeldam
-- Mensnamen: Pot (mansnaam), Potharst (?; fam.naam), Potman (schipper; fam.naam # HofVanTwente), Potmeer (fam.naam # Oss), Pots (zoon van Pot; fam.naam # Wierden), Pott (boot # Vecht)

Praten: (PRT:)
()A praet (weide, weiland, grasland), praetan (praten), praetbul (kletskous), praete (praatje, gesprek, taal), praetere (controleur, veldwachter, boswachter, opzichter), praetery (controledienst, boswachterij, etc), praethus (praathuis, kroeg, cafee), praett (list), praettig (prachtig, aardig), pratan (praten), prate (=A praete), prathus (=A praethus)
** Communicatie, Drinken

Pracht & Praal: (PEP:)
()A aefengloming (avondgloed, schemering), dafen (daverend, schitterend, prachtig, mooi, heilig, goed), dafen (ochtendgloren), dafenian (betamen), daw (dauw, dooi), dawan (=A dafen), dawan (dauwen, dagen, gloren, dooien), dawen (dafen, defen) (schitterend, prachtig, mooi, heilig, goed), dawian (dauwen, dagen, gloren, dooien), dawing (ochtendgloren), defen (=A dafen), faege (vaag, veeg, verheugd, blij), faeger (mooi, prachtig), faegnian (verheugen), glintan (glinsteren, schitteren), glinte (schittering, pracht, praal), glinte (hek, omheining), glittan (=A glintan), glitte (glitter, A/glinte), prodig (verkwistend, bluffend, pralerig), prodigan (verkwisten, bluffen, pralen), prodinge (verkwisting, bluf, praal), real (royaal, prachtig, weelderig, mild, edel), realme (overvloed, paradijs, rijk, koninkrijk), scone (schoon, mooi, prachtig), sciene (=A scone), thaw (=A daw), thawing (=A dawing), thawian (=A dawian), uhtagloran (ochtendgloren), wlitan (schitteren, stralen), wlite (schoonheid, pracht), wuldor (weelde, glorie, pracht), wuldrian (verheerlijken, prijzen, ophemelen), wuldur (=A wuldor)
¶ Uit bovenstaande vocabulair blijkt dat de Angelen al vroeg oog hebben voor het mooie en pracht en praal.
350nC Dewnter: Op een munt van keizer Koenraad II van Duitsland wordt de stad Deventer genoemd als Daventre. Deze munt is rond 900nC geslagen in Deventer. De streektaal noemt de stad Dewnter. De regio wordt rond 200vC bevolkt door Angelen uit Twente en het Vechtdal. De naam Daventre lijkt derhalve afgeleid van Anglisch dawen (daverend, schitterend, prachtig, mooi, heilig, goed) + treo (boom). Gezien de historische context zal het vrij zeker kunnen gaan om de eik (de heilge boom van de Germanen) die is te zien bij de Bergkerk op een kaart uit 1578 over de Slag bij Deventer. De naam Dewntre kan derhalve zijn ontstaan ergens halfweg 200vC-900nC. Dus ergens rond 350nC. > Deventer
 

450nC: Links: aquarel van de Prinses van Zweeloo (425-450) gemaakt door Hester Jans-Molenberg, na zorgvuldig historisch onderzoek van de achtergronden en de mode uit haar tijd. Zweeloo in Zuid Drente is bekend om de Prinses van Zweeloo, een jonge vrouw van goede stand die heeft geleefd in circa 425-450nC. In die tijd wonen in Drente alleen nog maar Angelen uit Noord Duitsland. Het graf van de prinses is ontdekt in 1952 tijdens graafwerk. Daarin zijn ook sieraden gevonden: bronzen spelden, een ketting met glazen kralen, een ketting met kralen van barnsteen, een zilveren ring, zilveren toilet garnituur, een bronzen sierspeld in vlindervorm, grote losse kralen van banrsteen en van glas en bronzen
 
armbanden, ringen en sleutels en een ketting met een bevertand. De Angelen waren veelal beverjagers in die tijd. De bevertand bevestigt dus haar Anglische origine. De prinses droeg een gewaad van zeldzaam mooi geweven linnen en een ruitkeper Gezien al deze bizondere artefacten moet zij wel van goede stand zijn geweest. Vandaar dat ze titel prinses kreeg. De vondsten worden bewaard in het Drents Museum te Assen. (@ aquarel © BCK) > Prinses van Zweeloo

 
 

450nC++ De huizen van de Angelen zijn stevig en van hout, vrolijk geschilderd met lichte kleuren en versierd met ornamenten. #WAB/p36
Rechts: oud paneel in typisch Anglisch ornamieke stijl en de typisch Anglische kleuren rood, geel en blauw.
 
 

625nC In Ezinge is in 1934 gevonden een zwaardknop van goud en ingelegd met almandiet (halfedelsteen), gemaakt rond rond 625nC. Het voorwerp is qua vorm en vakwerk vergelijkbaar met grafvondsten in Sutton Hoo in Engeland. Een zwaardknop diende om een zwaard aan een gordel te bevestigen. In Sutton Hoo (East Anglia) zijn vele archeologische vondsten gedaan. O.a. wapens, ornamenten en een helm met grima (masker) van koning Redwald van East Anglia. Hij sterft in Sutton Hoo en is daar begraven rond 625nC in vol militair ornaat.
Rechts: een fraaie gesp in Anglische stijl, gevonden in het graf van Redwald in Sutton Hoo. De rode X doet erg denken aan de Asbole, het symbool van het verbond van de Angelen en Saxen uit circa 125nC, gesloten in de regio bij Bremen.
** Kunst, Ornamentiek, Sieraden

 
Praesting:
Oude naam afgeleid van Anglisch praest (priester) + ing (volk). Dus: priestervolk. Mogelijk gaat het om een klooster van Angale priesters. I.e. Naturale Anglische priesters van de prť-christelijke tijd.
¶ De naam Praesting komt voor als:
- Praestinck: oude hoeve in Stegeren (Overijssel). In 1244 bezit van Gerard van Steygeheren. De hoeve lijkt van oorsprong een Angaal klooster met de naam Praesting. Ze kan zijn gesticht rond 100nC. Inck is namelijk een versaxing van Anglisch ing (volk). > Kloosters/Angale, Versaxing
- Praesting: oude familienaam. Johan van Praesting wordt genoemd in acte van 1487 (Erfgoedcentrum Achterhoek en Liemers) ivm met leengoederen van de Heer van Bergh.
- Praestingsweg: Straat in Ulft nabij de Oude Yssel. Mogelijk stond daar ooit een klooster van Angale priesters. Mogelijk al van bevoor 405nC toen prins Offa van Angeln daar enige tijd bivakkeerde met zijn leger. Ze kan zijn gesticht tussen 150vC (stichting van Ulft) en 405nC. Dus ergens rond 128nC.
** Priestering, Angalisme, Priesters, Kloosters/Angale, Offa van Angeln

Pragmatisme: (PRG:)
Angelen lijken een sterke zin te hebben voor pragmatisme. Dat blijkt o.a. uit hun taal, die zeer adaptief is en niet lijkt te houden van onpraktische taalelementen en taalconstructies. Ook in hun bestuur tonen ze zich pragmatisch. De Witan is hun hoogste bestuursorgaan, die de koning bijstaat in zijn handelen. De samenstelling van de Witan is niet vast. Zodra zich nieuwe ernstige problemen voordoen wordt een nieuwe samenstelling gekozen, bestaande uit lieden die bekwaam worden geacht de nieuwe problemen te kunnen oplossen.
450nC #WAB/p37: De Anglische cultuur is goed ontwikkeld. Angelen zijn praktisch ingesteld. Ze maken voornamelijk gebruik van dingen die nuttig zijn voor hen en hebben amper interesse voor andere dingen.
¶ Waarom moeilijk doen als 't maklijk kan? De meester kiest voor eenvoud en gemak. Want in eenvoud ligt 't ware. #SRK
** Anglisch, Witan

Prehistorie: > Prťhistorie

Prťhistorie: (--- 3000vC; PRH:)
Historie bevoor het ontstaan van het schrift. (#WP) Dus: de tijd bevoor het ontstaan van het Egyptisch eschrift. Dus: de tijd bevoor c 3000vC.
1450: In Kampen is een zgn ysselkogge gevonden (nov 2015) met in de boot een steenoven, slijptol, waterpomp en items uit de prťhistorie. De kogge meet 20x8 meter. Ze dateert uit de 15e eeuw. #DeTelegraaf/18.11.2015
--- Een kogge (kog) is een middeleeuws snelzeilend koopvaardijschip met ronde boeg. #KEE
** Schrift, Pg/Gen

Priester::
()A pather (pater, priester), praest (priester), peappelman (peppelman = priester*), preofest (priester), preos (moedig, dapper, trots), preos (preuts, ingetogen, braaf, zedig), preost (proost, priester), preostdom (priesterdom), preostere (priester), preostman (priester), presta (priester), prestere (priester), prist (priester), prister (priester), proys (=A preos), proyst (=A preost)
¶ Latijn priester = sacerdos, antistes, vates. Geen van deze Latijnse woorden is homofoon met het Anglische woord preost.
¶ Bronnen:
- K&E/1956: priester: afgeleid van Grieks presbyteros = oudere: bestuurder van godsdienstige handelingen, i.b. offeraar
- WP/1972: priester in de oudheid:
-- sacrale functionaris die bemiddelt tussen de godheid en de religieuse gemeenschap; hij kan de cultus celebreren op een wijze die de godheid behaagt en de gelovige kan vertellen wat de godheid van hem verwacht
-- bezit het heilig weten, overgeleverd van vader op zoon of door inwijding verkregen
-- heeft de leiding van de erediensten, i.b. van offerhandelingen en gebed
-- het priesterschap gaat normaliter over van de vader op zoon
-- piesters vormen samen een college met een hogepriester aan de top
Uit het feit dat in de oudheid het priesterschap overgaat van vader op zoon mag worden geconcludeerd dat een priester normaliter gehuwd is en derhalve zelfstandig woont en leeft in een eigen huis en dus niet in een klooster.
** Priesters, Tempelman

Priesterdom: (PRD:)
()A preostdom (priesterdom)
¶ De naturale Anglische priesters vervullen een belangrijke rol in de naturale Anglische wereld. In hoeverre ze onderlinge verbonden zijn en een soort gezamelijke orde vervullen, is vooralsnog niet duidelijk. Het kan in ieder geval zijn dat ze onderling contacten onderhouden en van elkaar leren.
** Priesters, Angalisme, Naturalisme, Eawa, Eawman

Priesteressen: > Priesters

Priestering: (100nC++; PRR:)
Aan de Priesterinkweg 4-4a in de Heidenhoek (Kreynck) Het Dorp te Zelhem (Achterhoek) staat in 1402 een boerderij genaamd Pristerinck. (kadaster 1829) Ze is in bezit van Derich van Linteloe, hoort tot de Zelhemmer Hattemer Marke en heeft plicht tot levering van roggebrood op de Zelhemmer Brink. Later genaamd Priesterdinck (1441), Priesterinck (-), Priesterink (2012). Ook zijn er de oude familienamen Priestering en Priesterink. Gezien:
- het gebruik om boerderijen te noemen naar hun locatie > Huisnamen
- en het gebruik om de familie te noemen naar hun woonlocatie > Huisnamen
- en de ontwikkeling van diverse ing- naar ink-namen sinds circa 1233 AD > ing/ink
>>>
- lijkt de naam Pristering de oudste naamvorm
- en lijkt de locatie van de boerderij oorspronkelijk Pristering te heten
> Huisnamen
- en lijkt de naam Priestering te dateren van bevoor 1402.
# FRI, oudzelhem.nl/boerderijen 30.7.2013, DAB, KBG
De oudste familienamen zijn meestal afkomstig van het huis waar de familie woonde. Families hebben namelijk in het verre verleden nauwelijks een familienaam. Het huis waar de oorspronklijke familie Priestering woonde, zal dus Pristering kunnen heten.
Pristering: Zelhem wordt rond 200vC bevolkt door Angelen uit de regio Berkelland. (> ASA) De naam Pristering lijkt derhalve afgeleid van Anglisch prister (priester) + ing (volk). Dus: priestervolk. M.a.w.: het pand Priestering zal dus van oorsprong een pand zijn waar ťťn of meer priesters wonen. Deze these wordt gesterkt door het feit dat Anglische locatienamen nimmer meervoudsvormen kennen. Anglisch prister in Pristering betekent dus priester of priesters.
Herkomst: De vraag is nu of we te maken hebben met ťťn of meer Christelijke priesters of met ťťn of meer Angale (Naturale Anglische) priesters. > Angalisme
725nC: Latijn priester = sacerdos, antistes, vates. Geen van deze Latijnse woorden is homofoon met het Anglische woord preost. Aangezien de kerstening van NO Nederland sinds 752nC alle naturale Anglische geloofselementen verbiedt en bestrijdt, kan de naam Priestering dus al ruim bevoor dat jaar bestaan. > Naturalisme
801nC: Ludger (742-809; missionaris) bouwt een kerk te Zelhem. > Zelhem
1233++: culturele versaxing grensstreken NO Nederland > ing/ink
1400: Rond dat jaar begint de Reformatie in Europa. Rond 1525 bereikt ze Noord Groningen (#CVF). Het jaar 1529 AD is officeel het beging van het Protestantisme (ZA). Rond 1400 AD zal de regio Zelhem derhalve bestaan uit katholieken en buitenkerkse mensen. In theorie kan Priestering derhalve zijn bewoond door een katholieke priester met zijn aanhang. Die aanhang zal zeker geen gezin zijn. Katholieke priesters plegen namelijk ongehuwd te zijn en geen kinderen te hebben. De Priestering zou derhalve een klooster kunnen zijn. Maar daarvan is vooralsnog nergens een historische bevestiging gevonden.
Kreynck: Diverse bronnen stellen dat de Angale priesters lange zwarte mantels dragen. Mogelijk vanwege de twee raven die Wodan steeds vergezellen. Zij informeren hem over alle mensen op aarde. Angale priesters worden beschouwd als intermediair tussen mensen en de goden. Mogelijk dat zij daarom inderdaad zwarte mantels dragen. Immers:
--- Raven zijn zwart en horen tot de kraaiachtige vogels. Anglisch cray = kraai. De term kraai wordt vaak gebruikt als bijnaam of spotnaam voor iemand in lange zwarte kleding. Het kan zijn dat Angale priesters daarom ook wel kraaien werden genoemd. Boerderij Priestering in Heindenhoek te Zelhem ligt in de sector Kreynck. Deze naam kan zijn afgeleid van Anglisch cray (kraai; ST kreai, krei) + ing (volk) = kraaienvolk = de Angale priesters die in Priestering wonen. > Angalisme
Heidenhoek: Locatie in het buitengebied van Zelhem. De naam lijkt afgeleid van Anglisch haedhen (heidebewoner, heiden) + hoc (hoek, hoekig land). > Heidenhoek
Gezien de betekenis van de naam Heidenhoek lijkt het mogelijk dat deze locatie van oudsher is beschouwd als het woonoord van heidenen, of dat de bewoners dat zelf zo zagen. D.w.z: als naturale mensen, i.c. niet-christenen. > Naturalisme, Angalisme
Oerpand: Aangezien:
- de familienaam Priestering~ lijkt te zijn overgenomen van de boerderij Pristering (1402 Pristerinck) in Heidenhoek
- en de naam Pristering~ van de boerderij derhalve niet afkomstig is van een familienaam Priestering~
- en het pand oorspronkelijk moet zijn bewoond door een groep mensen
- en de naam Pristerinck van het pand begint met de term prister = priester
- en het pand niet is bewoond door christenen
- en Anglische namen altijd uitgaan van enkelvoud zoals in Cranbeorg (Cranborough, Cranbury) = Kranenburg
- en derhalve Pristering lijkt afgeleid van Anglisch prister (priester) + ing (groep) = priestergroep ofwel groep priesters,
>> lijkt het oerpand Pristering (Priestering) dat in Heidenhoek moet hebben gestaan een functie te hebben ivm enige Naturale Anglische (= Angale) priesters. > Angalisme
Klooster: De vraag is nu: wat doen priesters, die samen in een pand wonen? Kijken we naar priesters elders in de wereld in die tijd dan blijkt dat zulke priesters normaliter kloosterlingen zijn die een gelijk geloof hebben en dat hun onderkomen een kloosters wordt genoemd. Ze zijn normaliter ongehuwd, studeren, werken op hun land om te kunnen leven, onderhouden het klooster, leiden nieuwkomers op in het priestervak, verkondigen hun geloof aan anderen en leiden ceremoniŽle gebeurtenissen. (> Priesters) Op grond hiervan lijkt Pristering~ derhalve oorspronkelijk een soort klooster annex boerderij van Naturale Anglische (= Angale) priesters te zijn. Dat past ook in een gebied met de naam Heidenhoek: een hoek land waar zgn heidenen wonen. Door hun handelscontacten met Kreta en Turkye zijn de Angelen vrij zeker al sinds 300vC op de hoogte van het bestaan van kloosters in die landen en elders. > Kloosters, Angalisme
Kraai: Het is vooralsnog niet duidelijk of de Naturale Angelen hun priesters kraaien noemen, of dat de Angale priesters zichzelf zo noemen. E.e.a. is zeker mogelijk. De raaf of kraai wordt immers door hen gezien als het intermediair tussen de mensen en Wodan. (> Wodan). De naam kraai kan evenwel ook later zijn bedacht als spotnaam door haatdragende christenen.
Raaf: Bron SYM/p129 schrijft dat de raaf een symbool is van zelf gekozen eenzaamheid en de raaf daarom in het christendom een symbool is voor zgn afvalligen, ontrouwen en ongelovigen. Aangzien de raaf een kraaiachtige vogel is, lijkt het dat de naam Kreynck afkomstig is van christenen. Deze naam lijkt daarom te zijn ontstaan na circa 801nC toen de kerk van Zelhem werd gebouwd.
800vC++: Onderwijs in Griekenland
650vC++: Handel tussen Haithabu (Angelland) en Kreta > Kreta
650vC++: Via contacten met Kreta kennen Angelen Grieks en Romeins Schrift > Schrift
300vC-1450n: Zijderoute: Constantinopel--China > Zijderoute
300vC++: Via contacten met Kreta kennen Angelen Chinese kloosters
200vC: Angelen settelen in regio Zelhem
100nC: Mogelijk bouw Anglisch klooster in Priestering > Kloosters/Angale
¶ De these dat Priestering betrekking heeft op een Anglisch heiligdom annex klooster wordt gesterkt door de locatie Heidenhoek aan de Heidenhoekseweg tussen Zelhem en Yzevoorde. Heidenhoek is afgeleid van Anglisch haedhen (heiden: zo noemen Christenen mensen die zich niet hebben bekeerd tot het Christendom) AVA haedhe (heide, heidebewoner) + hoc, hoecce (stuk land, buurt, streek, oord; ON hoec; AS hook). Heidenhoek betekent dus: de buurt waar heidenen wonen. Deze regio zal eveneens rond 200vC zijn bevolkt door Angelen uit Berkelland.
331nC++: Gotisch Alfabet > Dzjim
425nC++: Widsith van Myrgingum is geboren in Myrgingum in Fivelingo (Noord Groningen). Rond 425nC dicht hij een werk genaamd Widsith, het oudste Anglisch dichtwerk ter wereld. Waar Widsith heeft gestudeerd is vooralsnog niet bekend. De kerstening van NW Europa begint rond 550nC. De kerstening van Angelland begint rond 752nC. (> Kerstening) De oudst bewaarde Widsith tekst is geschreven in Anglisch in Romeins schrift. Het lijkt derhalve dat Widsith ergens sinds z'n 15e jaar enige jaren studeert in een klooster ergens in midden Frankrijk of Duitsland. Een andere optie is een naturaal Anglisch klooster. Mogelijk in Pristering bij Zelhem, vooralsnog de enig denkbare optie. Temeer daar Widsith niets schrijft over christenen en over hen niets lijkt te weten. > Widsith van Myrgingum
801nC: De these dat Pristering een heilgidom/klooster was, wordt gesterkt door het feit dat in 801nC missionaris Ludger een kerk bouwt in het centrum van Zelhem. (> Zelhem) Deze locatie (genaamd Wipada) ligt hemelsbreed 1.5 Km van Pristering, een afstand van circa 18 minuten lopen. Het is in die tijd gebruik dat missionarissen hun kerken bouwen op of nabij een Anglisch heiligdom. Hiermee willen ze de naturale Angelen de wind uit de zeilen nemen. > Aal
Priesterinkweg: Lange rechte weg in Zelhem, gaande van de Heidenhoek langs Obbinkmark naar het Wolfersveen. De weg is circa 4.5 Km lang. Dit geeft aan dat Priestering belangrijk was voor de mensen daaromtrent. Lange wegen krijgen immers vaak een naam die daaromtrent belangrijk is. Dit onderschrijft de eerder geconstateerde betekenis van de locatie Pristering.
Functies: Het is vooralsnog niet duidelijk welke functies het veronderstelde klooster Pristering heeft. Gezien oude kloosters elders, zal het mogelijk een leefgemeenschap zijn van priesters die onderwijs krijgen in o.a. schriftkunde, taal, geschiedenis en kennis van het Anglisch naturale geloof, i.c. hun goden en rituelen. Daarnaast zullen de aspirant priesters werkzaamheden verrichten voor het collectief. Zoals koken, tuinieren, schoonmaken, etc. Na afstuderen zullen ze veelal elders gaan wonen en werken. In dit kader zijn de kwaliteiten van genoemde Widsith van Myrgingum goed te verklaren. Hij spreekt vele talen, kan schrijven en is goed op de hoogte van historische en actuele politiek zaken.
--- In het Angalisme kunnen zowel mannen als vrouwen priester zijn. (> Priesters) Vooralsnog is echter niet bekend of Priestering een klooster is voor mannen of vrouwen. Noch zijn er aanwijzingen. Gemengde kloosters zijn vooralsnog niet bekend.
Ontstaan Anglisch klooster c 100nC: Rond 400nC lijkt de beroemde troubadour Widsith van Myrgingum te studeren op Pristering. Widsith is van goede Anglisch huize. Hij zal dan zeker niet de enige student zijn op Priestering. Mogelijk is Pristering ooit opgericht door de gegoeden (adel, vrijlieden). Mogelijk ergens tussen 200vC (komst Angelen in regio) en 400nC als Pristering kenlijk al een gerenomeerd klooster is. Per saldo dus ergens halfweg rond 100nC. > Widsith van Myrgingum
801nC++: Bouw kerk in Zelhem door Ludgerus. Kerstening Zelhem en directe omgeving.
804nC: Saxen gedwongen bekeerd door Karel de Grote > Saxen
1102nC: Het einde van Priestering als klooster zal ergens liggen tussen 801nC en 1403, als Pristerink wordt genoemd als een boerderij in bezit van Derich van Linteloe. Het einde van het naturaal Anglisch klooster ligt dan ergens halfweg rond 1102nC. Het sterfproces zal een geleidelijke aftakeling zijn geweest. De macht van de Roomse Kerk groeide steeds verder en steeds meer Angelen zullen zich al dan niet gedwongen hebben bekeerd.
1233++: Culturele versaxing locaties NO Nederland (West Angle) langs grens met Duitsland. Hierdoor veranderen o.a. circa Anglische 30% ing-namen in ink-namen. > ing/ink, Versaxing
1402: Pristering heet nu Pristerink en wordt genoemd als boerderij in bezit van Derich van Linteloe.
** Praesting, Versaxing, Onderwijs, West Angle, Kloosters/Angale

Priesters:: (PRI:)
btr Naturale Anglische priesters > Naturalisme, Angalisme
()A ael (altaar, tempel, offerplaars), aeling (altaarvolk, priesters), aelman (priester belast met zorg voor een altaar en regie bij offerdiensten), balderman (priester gewijd aan de god Balder), bledsa (zegen), bledsian (zegenen), bleodsian (zegenen), bletsian (zegenen), caepe (cape = schoudermantel), ealdorpreost (hogepriester), eaw (eeuw), eawa (eeuwige waarheid, wet, geloof), Eawa (Anglisch Gewoonterecht), eawberie (bosbes), eawig (eeuwig), eawman (priester, raadsman, rechter), ewman (=A eawman), glebe (kleve = stuk land van priester als onderdeel van loon), godman (opperpriester = iemand die de goden en hun wil kent en hun heilgdommen en erediensten verzorgt), haelan (helen, gezond maken, zegenen), heccoe (=A hecpreost), hecpreost (hagepreker, ongeletterde priester), masser (hogepriester), masspreost (hogepriester), offremaesse (offermes), offreman (Angale priester belast met beheer van offerplaats), paep (puntmuts, steile hoogte, priester, monnik), pape (=A paep), pather (pater, priester), praest (priester), preofest (priester), preos (moedig, dapper, trots), preos (preuts, ingetogen, braaf, zedig), preost (proost, priester), preostdom (priesterdom), preostere (priester), preostman (priester), presta (priester), prestere (priester), priestman (priester), prister (priester), proys (=A preos), proyst (=A preost), solmne (gewijd, plechtig, eerbiedig), stole (stola, overkleed), stole (priester)
50nC: De Goten kennen vele goden, die ze vereren op heilige plaatsen als grotten en bossen. Ook kennen ze tempels, priester en rituelen, maar hun rol, functies en samenhang zijn vaag en inconsistent. In Uppsala (Zweden) staat een tempel met daarin drie beelden: Thor in het midden, geflankeerd door Wodan en Freya. Deze tempel dateert echter van na de jaartelling. Volgens Tacitus (55-120nC) zien de Goten hun goden echter niet als idolen in menselijke gedaante en vinden ze tempels ongeschikt als woonstee voor hen. Wel offeren ze dieren en soms mensen (krijgsgevangenen) aan Tiwaz of Wodan en proberen ze de wil van goden te kennen door het werpen en interpreteren van dobbelstenen met runentekens. (> Dobbelen) Julius Cesar is echter niet onder de indruk van het Germaanse geloof. Hij schijft circa 50nC dat ze nauwelijks goden kunnen noemen en schijbaar alleen Zon, Vuur en Maan kennen. Ook schrijft hij dat ze in bizonder Mercurius vereren, die ze beschouwen als gids op hun reizen en behalen van winst. (Commentarii de Bello Gallico: 6.21, 6.17) Mogelijk bedoelt hij de god Balder, die vaak wordt vergeleken met Mercurius. > Balder
200nC++: In Westerveld/DR wonen Angale Anglische priesters. > PgAng/Wierook
Bezwering van geesten is de oudste vorm van religie. De Angelen geloven in geesten. Zij proberen met hen in harmonie te komen door met hen te communiceren. O.a. middels een priester, die dan het medium wordt genoemd. > Geesten
Algemeen: Angale priesters:
- worden gezen als bemiddelaars tussen geesten, goden en de mens
- hebben rituele taken
- hebben een adviserende taak
- mogen geen wapens dragen
- mogen geen paard rijden
Hieruit lijkt te blijken dat Angale priesters
- hoofdzakelijk priesterlijke takken hebben
- geen militaire taken hebben c.q. geen militaire functies bekleden
- wel bestuurlijke functies hebben
> Angalisme
Aling: Familienaam afkomstig uit Assen. De regio Assen wordt rond 300vC bevolkt door Angelen uit Zuid Groningen. De naam Aling lijkt derhalve afgeleid van Anglisch ael (altaar) + ing (volk). Aling betekent dan: het volk van of bij de offerplaats. Dat zo zijnde, moet er dus ergens in de regio Assen ooit een altaar van de naturale Angelen zijn geweest. Vooralsnog is daarover helaas niets bekend. > Aling, Offerplaatsen
--- Altaarvolk: Aling in de betekenis van 'volk van de offerplaats' kan duiden op mensen die de altaar beheren en verzorgen. Dat zijn dan normaliter priesters. Aangezien Aling een familienaam is, betekent e.e.a. dat:
- Angale Anglische priesters mogen huwen en kinderen hebben en dat hun functie erflijk is
- en dat deze priesters kenlijk altijd bij of nabij de offerplaats wonen.

¶ Uit de Anglische termen:
- Eawa = het Anglisch Gewoonterecht (Adat)
- en eawa = eeuwige waarheid, wet, geloof
- en eawman = priester, raadsman, rechter
>> mag worden verondersteld dat Anglische priesters primair de taak hebben de Eawa te kennen en anderen daarover te informeren, o.a. bij belangrijke besluiten. Ze lijken hiermee een belangrijke bestuurlijke en juridische rol te vervullen. In feite fungeren ze hiermee als juridische adviseurs. In latere tijden lijken de taken van priesters te zijn gesplitst in:
- spirituele taken voor de priesters
- juridische taken voor juristen

Godman = opperpriester = iemand die de goden en hun wil kent en hun heilgdommen en erediensten verzorgt.
Eawman = priester, raadsman, rechter. Hieruit blijkt dat priesters ook een raadgevende en juridische taak hebben. Zij immers kennen de Eawa en de wil van de goden waardoor zij kunnen deelnemen aan bestuurlijke en juridische processen. Bestuur en rechtspraak zijn in oude tijden immers normaliter in dezelfde handen. Eawmans dragen daarom een rode cape en muts. Rood is namelijk de kleur van liefde, rechtvaardigheid, bloed en levenskracht. > Eawman
Sjamanisme: Het sjamanisme is vrij zeker door de Germanen meegenomen van hun Arische voorouders. Later is het meegenomen door de Angelen en andere Germaanse volken naar hun eigen woongebieden. Bij hen wordt het sjamanisme vooral gekoppeld aan de god Thor (Donar). Zijn heilige tekens staan vaak afgebeeld op rituele drums. > Donar, Sjamanisme
--- Sjamanen: In Mongolia worden sjamanen ook vaak priesters of medicijnmannen genoemd. Ze zijn daar o.a. raadgevers, medicijnmannen en begeleiders bij belangrijke ceremoniŽle gebeurtenissen als huwelijk, geboorte en begrafenis. > Sjamanisme
--- Kalimantan (Borneo): sjamaan = priester + medicijnman. Al sinds circa 1250nC vieren de mensen ieder jaar het Drakenfeest. De sjamaan slacht dan een kip voor de harmonie in het dorp en met de goden. #MAXtv Kalimantan/Erika Terpstra 12.12.2014
>>> Het lijkt niet onwaarschijnlijk dat Angale priesters gelijksoortige functies hebben als de priesters in Mongalia en Kalimantan.
Zonnecultus: Bron SYM/p40/Eidechse schrijft dat de hagedis het symbool is van de zonaanbidder, die steeds de zon opzoekt om zich te warmen aan haar stralen. De hagedis is daardoor het symbool voor de ziel die steeds het Licht opzoekt om weer tot leven en kracht te komen. Aangezien de Naturale Angelen primair zonaanbidders zijn, lijkt de term heks (hagedis) een scheldwoord te zijn van christenen jegens de naturale Angelen. I.b. jegens de naturale Anglische priesters. Ook lijkt het daardoor waarschijnlijk dat de Angale priesters oranje gewaden dragen. Oranje is immers de kleur die verwijst naar de zon en daarmee de verheerlijking van de Zon. > Oranje, Zonnecultus
Mensoffers: Angale priesters zijn mogelijk verantwoordelijk voor mensenoffers. Zij immers zijn alleen bevoegd tot het leiden van offerdiensten. > Mensenoffers

Timetable:
800vC-125nC Hellenisme in Griekenland
800vC++: onderwijs in Griekenland
650vC++: handelscontacten tussen Angelland (Haithabu), Griekenland en Kreta
600vC: priesterbeeldje in NoordSyria. Deze regio (1000vC++) is de poort tussen Europa en het Oosten. Aldaar is een modern ogend beeldje gevonden, voorstellend een priester, daterend uit circa 600vC. #AVROtv/K&K/16.1.2013
200vC: Angale priesteres in Wetwang/NO.Yorkshire? > sub Wetwang
50nC: Angale priester offert in Yde/Dr jonge vrouw van 20 jaar aan de goden > Veenlijken
200nC: in Westerveld/Dr wonen Angale priesters > Wierook
600nC Hoge Priester: Bron WAB/p82 bevestigt dat de Angelen priesters hebben:

Edwin of Northumbria [586*-633], it will be remembered, agreed to become a Christian if the new faith would give him power to kill his old enemy, the King of Wessex; and Coifi, his High Priest, abandoned the old gods because, as he declared, they had not contributed anaything towards his personal advancement.
Bede (7e eeuw) noemt Coifi een primus pontificum, ofwel de hoogste onder de naturale Anglische priesters. > Naturalisme
900nC: Bron drouwerveen.com 15.11.09 schrijft:
Tot het eind van de 9e eeuw was de religie in Drenthe niet christelijk, maar Germaans [Anglisch]. Dit was een natuurgeloof, die later door de kerk als duivels werd beschouwd en op deze manier uit het dagelijks leven is geweerd. Het Germaanse geloof kende vele goden, zoals: Wodan, Donar, Frija en Ding (Tyrr) [Tiwaz]. Deze namen zijn nog terug te vinden in de namen van de dagen van de week. Vele tempels geweid aan deze goden in Drenthe zijn door zendelingen van de kerk vernield. Deze zendelingen werden gesteund door de legers van Karel de Grote. Vaak werd er op de plaats van een Germaanse [Anglische] tempel een kerk gebouwd. Een voorbeeld is de kerk van Roden. Veel herkenbare plaatsen van dit oude geloof zijn niet meer terug te vinden in het landschap. Een van de weinig overgebleven restanten is de BaloŽr Kuil. Hier kwamen vroeger de Germaanse [Anglische] priesters samen, werd recht gesproken en nieuwe wetten aangenomen.
1748: Trias Politica: Staatsleer van de Fransman Montesquieu in zijn boek De l'esprit des lois (Over de geest der wetten; 1748). Daarin stelt hij dat een staat functioneel ingedeeld moet worden in een Wetgevende Macht (Parlement), een Uitvoerende Macht (Ministeries) en een Rechtsprekende Macht (Rechterlijke Macht. Alleen dan kan een staat goed functioneren. Zijn ideŽen zijn inmiddels in de Westerse landen gerealiseerd. (# WP) Op grond hiervan mogen we aannemen dat priesters zeker tot 1748 in West Europa nog veel macht hebben en zeker nog betrokken zijn in bestuurlijke en juridische zaken.
Priester: Anglisch preost, prestere = priester. Latijn priester = sacerdos, antistes, vates. Geen van deze Latijnse woorden is homofoon met het Anglische woord preost of prestere. Het Griekse woord voor priester is presbuteros = oudste. Sinds 650vC heeft Angelland al handelscontacten met Griekenland en Kreta. Het lijkt derhalve dat de Anglische woorden preost en prestere afkomstig zijn uit de toenmalige Griekse cultuur, i.c. het Hellenisme. Mogelijk is een Anglische preost dus oorspronkelijk een ouderling, die kennelijk door zijn leeftijd, wijsheid en ervaring goed op de hoogte is van de Anglische godenwereld en de feiten en rituelen van het naturale Anglische geloof.
¶ De duale betekenis van Anglisch preos (1) (moedig, dapper, trots) en preos (2) (preuts, ingetogen, braaf, zedig) kan bevestigen dat de Anglisch term preost (priester) al bestaat bevoor de kerstening van Engeland en Angelland. Immers preos (2) = preuts, ingetogen, braaf, zedig doet vooral denken aan christelijke priesters, terwijl preos (1) = moedig, dapper, trots dat niet echt doet, maar eerder doet denken aan een naturale Anglische priester. (> Naturalisme) Het lijkt derhalve dat de term preost (priester) al in de puur naturale Anglische wereld bestaat, dus ruim bevoor de kerstening sinds circa 600nC in Engeland en 715nC in continentaal Angelland.
Sexe: Volgens diverse bronnen zijn Germaanse (dus ook Anglische) priesters zowel mannen als vrouwen. Dit strookt met het algemene Germaanse principe van gelijkwaardigheid van mannen en vrouwen.
---- Walkuren: Volgens de Germaanse mythologie: vrouwen die gesneuvelde strijders naar het Walhalla leiden. Ze dragen wapens en rijden op snelle paarden. Ze adviseren Wodan wie mag leven of moet sterven. Romeinse historici schrijven over schrikaanjagende priesteressen die Germaanse strijders op hun veldtochten begeleiden en door het lot mensenoffers voor de goden aanwijzen. #WP > Walkuren, Aesir
---- Tempels: Van oorsprong zijn tempels gebouwen met open dak waar sterrewichelaars de wil van de goden bestuderen. Later worden tempels gebouwd om een godheid te vereeren. > Tempels
---- Tempeldiensten mochten alleen worden uitgevoerd door priesters.
---- Waarzeggen: Germaanse waarzeggerij wordt beoefent door mannen en vrouwen. > Waarzeggerij
---- Wichelarij: Bestudering van de wil van goden is voorbehouden aan priesters.
---- Conclusie: Aangezien:
---- mannen en vrouwen waarzeggerij mogen beoefenen
---- en waarzeggerij is gebaseerd op bestudering van de wil van goden
---- en bestudering van de wil van goden is voorbehouden aan priesters
>>> blijkt dat vrouwen inderdaad ook priester kunnen zijn.
--- Wetwang: Dit is een dorp in East Riding in NO Yorkshire. Aldaar zijn resten gevonden van een soort buggy (paardekar met twee wielen) en van een vrouw in een rode jurk liggend op haar linker zijde. De resten dateren uit circa 200vC. Uit de resten blijkt dat Wetwang mogelijk al in 200vC een nederzetting was van Angelen, die mogelijk afkomstig zijn uit Twente. Er zijn geen resten van paarden gevonden. Normaliter worden paarden meebegraven met de dode. Dat gebeurde zeker ook bij de Angelen. (> Paarden, PgBrit/Wetwang)
De archeologen concluderen op grond van:
---- de rode jurk van de vrouw
---- en haar mogelijke leeftijd
---- en dat zij ongehuwd zou zijn
>>> dat de vrouw mogelijk een priesteres was.
---- Aangezien:
---- geen resten van paarden zijn gevonden
---- en Anglische priesters geen paard mogen rijden
---- en Wetwang mogelijk is bevolkt door Angelen van het Continent
---- en Anglische vrouwen ook priester mogen worden
>>> lijkt het mogelijk dat de priesteres in Wetwang van Anglische herkomst is.
---- Aangezien:
---- de gevonden vrouw een rode jurk droeg
---- en de archeologen mede op grond daarvan vermoeden dat ze priesteres was
>>> mag worden geconcludeerd dat rood een kleur was voor o.a. priesteressen i.c. mogelijk Anglische priesteressen.
Positie: Gezien de aan preos (1) toegeschreven kwaliteiten moedige, dapper en trots, lijken de Angale priesters een vooraanstaade sociale positie te hebben in het oude Anglische Rijk. Hun genoemde kwaliteiten lijken te duiden op een politieke rol.
Functies: Sommige bronnen beweren dat de naturale Anglische priesters zitting hebben in de diverse raden van bestuur vanwege hun kennis van de goden. De bestuurders zouden namelijk willen handelen in overeenstemming met de wil van de goden om onheil te voorkomen. (> Landinrichting, Landbestuur) Mogelijk zullen ook gewone lieden gebruik maken van adviezen van priesters om hun eigen leven en hun werkzaamheden voorspoedig te laten verlopen. Daarnaast vervullen priesters naar zeggen een rol in belangrijke rituelen.
Zegenen: Anglische priesters mogen ook zegenen. Anglisch haelan = helen, zegenen. > Heelkunde
Wouden: Tacitus (# Annales 100nC) over de Varusslag 9nC waarbij de Romeinen zijn verslagen: Het eerste legerkamp van Varus verraadt door de grote omtrek en afmetingen van het hoofdkwartier het werk van drie legioenen. Verderop herkende men de halfverwoeste wal en de ondiepe gracht dat de restanten van het uiteengeslagen leger hier stelling hadden genomen. Midden op de vlakte lagen de gebleekte beenderen van mannen, op de plekken waarheen ze waren gevlucht of weerstand hadden geboden, los verspreid of in hopen. Dichtbij lagen kapotte wapens en kadavers van paarden en ook menselijke schedels die prominent aan boomstammen genageld waren. In de nabij gelegen heilige bossen stonden de altaren van de barbaren, waarop ze de tribunen en de hooggeplaatste centurio's hadden geslacht. #CAV/p86
-- 754nC++: Missionaris Ludger (742-809) is een harde man. Zijn missiegebied is NO Nederland en Westfalen. De religie van de Germanen noemt hij heidens en vindt dat die uitgeroeid moet worden met wortel en tak. Heilige wouden worden omgehakt en heilige stenen omver gegooid. (#OVG/p132) > Kerstening
-- Prestwold: Gehucht in Charnwood in de Midlands/GB, historisch Anglisch gebied. De naam betekent letterlijk Priesterwoud, ofwel een heilig woud waar priesters offerrituelen uitvoeren.
Taken: Mogelijk:
- rituele handelingen bij ceremoniŽle gebeurtenissen > Godendienst, Rituelen
- rituele handelingen bij geboorte, huwelijk, ziekte en sterfte > Rituelen
- rituele handelingen bij crematie en begrafenis > Crematie, Thanatolgie
- raad geven in moeilijke situaties
- vertolking van de wil van goden bij belangrijke besluiten
- interpretatie van zgn voortekens: de trek van vogels, de ligging van dobbelstenen, de formatie van wolken, e.d. > Waarzeggen
- adviseren in rechtszaken: nb:
-- Prestwold is sinds circa 550nC een Anglische gehucht in Charnwood in de Midlands/GB. De naam lijkt afgeleid van Anglisch preost (priester) + wold (woud, bos). Dus letterlijk Priesterwoud. Charnwood is mogelijk afgeleid van Anglisch caern (knekel) + wudu (woud). Dus Knekelwoud. Gezien de text van Tacitus over het Teutoburger Woud lijkt Prestwold mogelijk eveneens een heilig woud met altaren waar Anglische priesters o.a. offerrituelen uitvoerden. Mogelijk stond er ook een klooster waar deze naturale Anglische priesters woonden en werkten. Mogelijk werden daar ook mensen berecht en terechtgesteld, waarna hun lijken elders in het bos werden neergelgd.
-- Jan Roelofsz Kranenburg' (gb 1595) is kerkvoogd in Noorddijk (Gro) en adsessor van het Gerecht Selwerd
Wapens: Anglisch praest = kleine knuppel met harde kop; ME priest. Heeft dit wapen iets te maken met priesters? Angale priesters mogen geen wapens dragen is eerder vermeld. (> sub Algemeen) Uit het voorgaande (Tacitus en Prestwold) lijkt dit niet echt het geval. Mogelijk is de praest (knuppel) dan toch een wapen dat Angale priesters dragen.
Offermes: Anglisch offremaesse = offermes. Met dit mes slachten de Angale Angelen hun offerdieren. Offerrituelen horen tot de specifieke taken van Angale priesters. Bij plengoffers worden dieren geslacht en hun bloed geplengd. (> Offers) Of alleen priesters dit slachtritueel mogen uitvoeren is vooralsnog niet bekend. Uit de beschikbare data blijkt dat niet expliciet. Het Christendom beschouwt deze offers als barbaars en maakt daar een einde aan. Het HinduÔsme is algemeen tegen slachten van dieren en kiest voor vegetarisme.
Godendienst: De verering van goden is bij de Angelen zowel een individuele als een collectieve zaak. Wat betreft de goden heeft iedere Angel eigen voorkeuren en ceremonies. Daarnaast kennen de Angelen collectieve ceremonies bij speceliale gebeurtenissen. Deze ceremonies worden geregeld door hun priesters. > Godendienst
Heelmeesters: Gezien de sterke fonologische verwantschap van de Anglische woorden voor heil, gezondheid, vrede, heilig, heiligheid, heilgidom, etc, lijken de Angelen een sterke relatie te leggen tussen gezondheid en het paranormale. Gezien de kennis van de naturale Anglische priesters van de parnormale wereld en het godendom lijkt de rol van heelmeester in de Anglische naturale tijd te worden vervuld door de naturale priesters. Hun kennis zal een mix zijn van objectieve kennis en inzichten en kennis van de goden en hun wil. Hun aanpak zal navenant zijn. > Heelmeesters, Heelkunde
Wicca's: Germanen geloven in voortekens en noodlot. Het lot voorspellen ze met stukjes twijg van een vruchtboom. De stukjes krijgen elk een eigen teken ingekerfd. De priester neemt drie stukjes, kijkt naar de hemel en duidt de tekens. (#Tacitus 95nC) Ook vogels worden gebruikt bij voorspellingen. Aan de trek van vogels leest men de voortekens van het lot. Anglisch wicca = waarzegger. Volgens Tacitus zijn wicca's dus priesters. Kennelijk is waarzeggerij een deel van hun takenpaket. De wicca's doen hun werk aan huis en ambulant. Ze trekken vaak langs hoeven om vragen te beantwoorden of voorspellingen te doen. Voor dit werk worden ze betaald met gaven in natura. > Waarzeggerij
Balderman: Anglische priester toegewijd aan de god Balder. Taak: verzorgen van de ael (altaar, offerplaats) gewijd aan Balder en regelen van ceremoniŽn gewijd aan hem. O.a. bij Harfsunne, de jaarlijkse herdenking van de dood van Balder in de herfst. > Balder, Harfsunne
 

Rechts: De Anglische god Balder met angolstok. Aquarel gemaakt door Hester Jans-Molenberg na zorgvuldig historisch onderzoek van alle relevante feiten mbt de god Balder in Anglisch perspectief rond 400nC. (© BCK) Balder is hier uitgebeeld in de outfit van een voorname jongeman rond 400nC: mantel met fibula (mantelspeld), broek en laarzen. In zijn rechter hand houdt Balder de zgn angolstok, die vele eeuwen zo kenmerkend is voor Anglische heren, boeren, herders, reizigers en priesters.
 

Angolstok: (AL: Angolsticc) = stok met haakse greep. Ze is een soort herderstaf en beschouwd als een symbool van Macht, Wijsheid en Gerechtigheid. > Angolstok
Ceremonies: Collectieve godendiensten worden geleid door priesters. Zij dragen dan een lange mantel en houden hun paep (puntmuts) op. > Godendiensten
Outfit: Hoe Angale priesters zijn gekleed is vooralsnog niet exact bekend. Gezien de gangbare mode van gezagdragers in de oudheid, lijken Angale priester eveneens lange mantels te dragen.
Outfit: kleuren:
--- zwart: Volgens diverse bronnen dragen de Angale priesters lange zwarte mantels (stola). Mogelijk over normale kleding + versierselen horend bij de functie en rang + staf (angolstok) naar rang. Kenlijk zijn de zwarte mantels een navolging van de god Wodan. Hij is vaak afgebeeld als een forse man met baard met zwarte breedgerande hoed en met een lange zwarte mantel. Zijn paard is wit, heeft acht benen en heet Sleipnir. Twee zwarte raven vliegen altijd met hem mee. Zij informeren hem over alle mensen op aarde. Deze twee raven verbeelden mogelijk de priesters op aarde, die in zijn naam handelen.
--- zwart: Diverse bronnen stellen dat de Angale priesters lange zwarte mantels dragen. Mogelijk vanwege de twee raven die Wodan steeds vergezellen. Zij informeren hem over alle mensen op aarde. En Angale priesters worden beschouwd als intermediair tussen mensen en de goeden. Mogelijk dat zij daarom inderdaad zwarte mantels dragen. Immers:
--- zwart: Raven zijn zwart en horen tot de kraaiachtige vogels. Anglisch cray = kraai. De term kraai wordt vaak gebruikt als bijnaam of spotnaam voor iemand in lange zwarte kleding. Het kan zijn dat Angale priesters daarom ook wel kraaien werden genoemd. Boerderij Priestering in Heindenhoek te Zelhem ligt in de sector Kreynck. Deze naam kan zijn afgeleid van Anglisch cray (kraai) + ing (volk) = kraaienvolk = de Angale priesters die in Priestering wonen. > Priestering, Angalisme
--- oranje: Bron SYM/p40/Eidechse schrijft dat de hagedis het symbool is van de zonaanbidder, die steeds de zon opzoekt om zich te warmen aan haar stralen. De hagedis is daardoor het symbool voor de ziel die steeds het Licht opzoekt om weer tot leven en kracht te komen. Aangezien de Naturale Angelen primair zonaanbidders zijn, lijkt de term heks (hagedis) een scheldwoord te zijn van christenen jegens de naturale Angelen. I.b. jegens de naturale Anglische priesters. Ook lijkt het daardoor waarschijnlijk dat de Angale priesters oranje gewaden dragen. Oranje is immers de kleur die verwijst naar de zon en daarmee de verheerlijking van de Zon. > Oranje, Zonnecultus
--- rood: Wetwang is een Anglisch dorp in East Riding in NO Yorkshire. Aldaar zijn resten gevonden van een soort buggy (paardekar met twee wielen) en van een vrouw in een rode jurk liggend op haar linker zijde. De resten dateren uit circa 200vC. Uit de resten blijkt dat Wetwang mogelijk al in 200vC een nederzetting is van Angelen, die mogelijk afkomstig zijn uit Twente. Er zijn geen resten van paarden gevonden. Normaliter worden paarden meebegraven met de dode. Aangezien de vrouw een rode jurk droeg en er geen resten van paarden zijn gevonden, lijkt het volgens de archeologen te gaan om een priesteres. Mogelijk zelfs om een Anglische priesteres. > PgBrit/Wetwang
--- rood: Rood is de Anglische kleur voor liefde, rechtvaardigheid en gerechtigheid. (> Kleuren) Angale rechters (AL redgars) dragen bij rechtszittingen daarom ook redgars (rode puntmutsen) en worden daarom ook zo genoemd. Die Angale rechters horen echter tot het Angale priesterdom, aangezien zij worden geacht de wil van de goden te kennen.

          
 
630nC: Afbeelding hierboven stelt mogelijk voor koning Penda van Mercia (575-655) in vergadering rond 630nC met zijn wita's (raadsleden) van de Witan (Raad van Wijzen). De afbeelding is afkomstig uit de Engelse Hexateuch uit de 11e eeuw.
# British Library; EU Public Domain; USA No ©
- Koning Penda draagt de zgn hertekroon en heeft een zwaard en een staf in handen. De hertekroon is een oeroude Anglische kroon van ver bevoor de kerstening van Engeland sinds circa 600nC. > Koning, Herten
- De mutsen van de afgebeelde wita's zijn zgn puntmutsen, Anglisch paepes, papes. Deze puntmutsen worden door de Angelen al gedragen ver bevoor de komst van het Christendom in Engeland rond 650nC. De puntmutsen zijn geen mijters. Die doen pas rond 950nC hun intrede.
- Mutsen: Vijf wita's dragen een gele/goude muts en vier een witte. De kroon van de koning is wit/zilver. Waar dat op wijst, is vooralsnog onbekend. Geel/goud en wit hebben de volgende symbolische betekenissen:
-- Geel: Kleur van de zon, de eeuwigheid en het geluk.
-- Goud: Kleur van volheid, volwassenheid, welgaan, zon en het manlijke.
-- Wit: Kleur van zuiverheid, wijsheid en volmaaktheid.

>>> Per saldo lijkt de outfit van Angale priesters te bestaan uit een rood gewaad, oranje cape en gele puntmuts en in hun rechter hand een angolstok op schouderhoogte. > Angalisme

Rood: De kleur rood lijkt enigzins een universele kleur voor priesters.
----- Bekend is dat in het Boeddhisme (300vC++) en Katholicisme (100nC++) priesters vaak een rode mantel en rode muts (mijter) dragen.
----- Priesters in Chicicagne (Bolivia) dragen 1000vC++ rode capes van wol. Op hun hoofd dragen ze een soort gouden kroon met vele punten. Ze dragen deze outfit tijdens offerfeesten in de lente. (#BBC4tv mrt 2014)
Wetwang: Angale priesters dragen vrij zeker een rode mantel. Dat blijkt o.a. uit de vondst van een vrouw in Wetwang (NO Yorkshire) gedateerd uit circa 200vC. Ze droeg een rode jurk. Engelse archeologen denken daarom dat ze priesteres was. De regio Wetwang is vrij zeker bevolkt door Angelen, mogelijk afkomstig uit Noord Groningen. > Rood, PgBrit/Wetwang
Herten: Herten zijn een oeroud symbool. In oude grotten staan vaak herten afgebeeld. Elk voorjaar schuurt een hert het vel van z'n gewei waardoor het een bloedrode kleur krijgt. Daardoor is de hert geassocieerd met Zon en Vuur. Daarom ook is de hert symbool voor Vruchtbaarheid, Vernieuwing en Volwassenheid. Hierdoor is de hert beschouwd als bemiddelaar tussen hemel en aarde. Ofwel: bemiddelaar tussen de goden en de mens. Zo ook worden de Angale priesters gezien. > Herten
Angalisme: De Naturale Anglische priesters worden ook beschouwd als bemiddelaars tussen goden en de mens. Aangezien:
--- herten in de Angale cultuur een belangrijk symbool zijn
--- en de kleur rood geassocieerd wordt met herten
--- en herten worden gezien als bemiddelaars tussen mensen en goden,
--- en Angale priesters eveneens gezien worden als bemiddelaars tussen mensen en goden,
--- en de vrouw van Wetwang in Yorkshire een rode jurk droeg,
--- en Engelse archeologen menen dat de vrouw van Wetwang een priesteres was,
--- en de vrouw van Wetwang mogelijk een Anglische was,
--- en de vrouw van Wetwang mogelijk afkomstig uit Noord Groningen,
--- en Noord Groningen in sinds circa 500vC onderdeel is van het Anglisch Rijk
>>> lijkt het vrij zeker dat Angale priesters rode mantels dragen.
Outfit: kleding:
--- Anglisch paep (pape) = puntmuts, priester, pastoor, monnik.

          
 
--- 630nC: Afbeelding hierboven stelt mogelijk voor koning Penda van Mercia (575-655) in vergadering rond 630nC met zijn wita's (raadsleden) van de Witan (Raad van Wijzen). De afbeelding is afkomstig uit de Engelse Hexateuch uit de 11e eeuw.
# British Library; EU Public Domain; USA No ©
--- Koning Penda draagt de zgn hertekroon en heeft een zwaard en een staf in handen. De hertekroon is een oeroude Anglische kroon van ver bevoor de kerstening van Engeland sinds circa 600nC. > Koning, Herten
De koning bestuurt het land met hulp van de Witan, een raad van wijzen (Wita's) gekozen door hemzelf. > Witan
--- Op de afbeelding staan drie wita's met rode kleding. Mogelijk zijn dat priesters. Rood lijkt immers de specifieke kleur van de outfit van Angale priesters. > sub Outfit/Kleuren
Paap: Anglisch paep, pape betekent van oorsprong puntmuts, een algemeen gedragen muts voor mannen. De paap staat dus als priester het meest dicht bij de gewone Angelen. De paep (puntmuts) wordt al ver bevoor de kerstening (750nC++) gedragen door Anglische mannen. Dat lijkt te bevestigen dat de functie van priester als paap (pastor) al bestaat ver bevoor de kerstening.
Papenberg: De Papenberg in Beekbergen was een heilige plek van de Naturale (prť-christelijke) Angelen. (#TSV/p161) De naam lijkt te verwijzen naar Anglisch paep, pape (priester) + beorg (berg). Dus: de berg van de priesters. Mogelijk woonden die daar, i.c. hadden ze daar een klooster. > Beekbergen, Kloosters
Inkomsten: Priester zullen zichzelf en hun eventuele aanhang (mede) moeten onderhouden. Vooralsnog is niet bekend of, in hoeverre en in welke vorm ze worden betaald voor hun politieke en sociale diensten. Mogelijk hebben ze naast hun priesterschap een beroep waarmee ze aanvullende inkomsten verwerven. Bijvoorbeeld als boer, jager of handelaar.
Ouderling: Deze titel is een vertaling van het Griekse woord presbyter = oudste. Een ouderling is een vertegenwoordiger van de kerkgemeente en gekozen voor een bepaalde termijn. Ouderlingen vormen samen met diakens en de dominee de kerkeraad. Gezien de gelijkheid met de Griekse herkomst van de titel priester, kan men stellen dat naturale priesters en christelijke ouderlingen nagenoeg dezelfde functies bekleden. Ouderlingen zijn inwoners uit de regio, die naast hun bestuurlijke taak normaliter een boerderij bezitten en runnen. Deze constructie kan ook zijn weggelegd voor de naturale Anglische priesters.
Hierarchie:

- godman = opperpriester
- masser = hogepriester
- preost = priester
- paep = paap, pastor

Intermediars: De naturale Anglische priesters worden meestal gezien als intermediairs tussen leken en de goden. Gezien de mogelijke herkomst van het Anglische woord preost uit het Grieks, lijkt het in dit kader dat priesters de taak van ouderling verwerven door kennisoverdracht en ervaring.
¶ Bron RRA schrijft dat Angelen priesters hebben die rituelen organiseren en begeleiden. O.a. bij het offeren van ossen. > Ossen
Opleiding: Vooralsnog is niet bekend hoe naturale Anglische priesters hun vakmanschap verwerven. Gaan ze bij andere priesters in de leer? Of is er een school waar ze hun vakkennis leren? Of kijken ze gewoon de kunst af van andere priesters in hun omgeving? Gezien het voorgaande lijken priesters hun vakkennis te verkrijgen door kennisoverdracht en ervaring van oudere priesters (ouderlingen). Mogelijk gaan novicen dus in de leer bij een ouderling, een ouder en ervaren priester.
Priestering: is een locatie in het buitengebied van Zelhem in de Achterhoek. Mogelijk stond daar al bevoor 752nC een Anglisch heiligdom annex klooster. Mogelijk fungeerde dat als een soort vakschool voor priesters. > Priestering
¶ Germanen (Angelen) geloven in voortekens en noodlot. Het lot voorspellen ze met stukjes twijg van een vruchtboom. De stukjes krijgen elk een eigen teken ingekerfd. De priester neemt drie stukjes, kijkt naar de hemel en duidt de tekens. #Tacitus
Godman: Hij is een opperpriester ofwel iemand die de goden en hun wil kent en hun heilgdommen en erediensten verzorgt. Moreel hoogstaande godmannen spelen een belangrijke rol in een Anglische gemeenschap. Ze geven raad en zorgen voor ware vrede.
Organisatie: Het bestaan van priesters, hogepriesters, opperpriesters en godmannen betekent dat het naturaal Anglisch priesterdom hierarchie en rangordes kent. Vooralsnog is echter niet bekend in hoeverre dit priesterdom formeel is georganiseerd. Zijn alle priesters werkzaam in een overkoepelend orgaan, eventueel met regionale afdelingen? Zijn er taakverdelingen? Is er een soort comandolijn? Zijn er bepaalde ceremoniŽn? Wat zijn hun sosciale posities? Hoe worden ze opgeleid en geÔnstrueerd? Waar en hoe wonen en leven ze? Hebben ze een specifieke outfit en attributen? Hoe beleven en zien de gewone Angelen hen? Wat is hun positie in het landbestuur? Etc.
Een gekwelde ziel is de ziel van een dode, die iets gruwelijks heeft meegemaakt en z'n verhaal wil vertellen om tot rust te kunnen komen. De Angelen proberen met deze zielen in harmonie te komen door met hen te communiceren. O.a. middels een priester, die dan het medium wordt genoemd.
¶ De Angelen geloven ook in geesten. Zij proberen met hen in harmonie te komen door met hen te communiceren. O.a. middels een priester, die ook hier het medium wordt genoemd.
200nC: Gezien de vondst van de deksel van een wierookvatje lijken in Westerveld/Drente rond 200nC Angale Anglische priesters te wonen en werkzaam te zijn. > Wierook, Angalisme, Westerveld
400nC: De zonnecultus is voor de Angale Angelen de meest belangrijke cultus, zoals in de meeste delen in de wereld van die tijd. > Zonnecultus

    
 
Boven: Een Angale Anglische priester brengt bij zonnegloren een offer aan de rijzende zon. Aquarel gemaakt door Hester Jans-Molenberg na zorgvuldig historisch onderzoek van alle relevante feiten. (© STI)
2012 Mongolia: Sjamanen ook vaak priesters of medicijnmannen genoemd. Ze zijn daar o.a. raadgevers, medicijnmannen en begeleiders bij belangrijke ceremoniŽle gebeurtenissen als huwelijk, geboorte en begrafenis. Als dusdanig lijken ze identiek aan de Anglische priesters.
2014 Ethiopia: 1 op de 3 mannen is priester of wordt ervoor opgeleid. > PgMon/Ethiopia
2014: Mekong Delta (Cambodja): Boeddhatempel op top van heuvel. Oude priester in oranje gewaad leeft daar alleen tussen bloemen, Boeddhabeeld en wierook. Hij wordt bezocht door mensen uit de regio om te bidden en raad te vragen. Zij leven door verzamelen van planten en van de jacht in de directe omgeving. They love their live, maar zijn erg bang dat overheid en grote bedrijven hun habitat gaan vernietigen door massaal kappen van bos. #BBCtv/nov2014
2014: Kalimantan (Borneo) De sjamaan is er priester en medicijnman. Al sinds circa 1250nC vieren de mensen ieder jaar het Drakenfeest. De sjamaan slacht dan een kip voor de harmonie in het dorp en met de goden. #MAXtv Kalimantan/ErikaTerpstra 12.12.2014
Familienamen:
--- Preusting: AVA preost (priester) + ing (volk); # Tynaarlo/Gro
--- Priest: AVA prist (priester); # Waalwijk
--- Priester: AVA pristere (priester); # Goes
--- Priestering: AVA pristere (priester) + ing (volk); # Zelhem/Gld
--- Priesterink: idem; # Deventer
--- Pruyst: AVA proyst (priester); # Geertruidenberg
Alle herkomstgebieden liggen in oud Anglische regio's. Gezien hun afstamming van priesters, lijkt het mogelijk om naturale Anglische priesters te gaan. Immers, christelijke (katholieke) priesters waren normaliter ongehuwd.
Verder:
--- Aalbers = altaarvolk > Aalten
--- Aling = altaarvolk > Aling
--- Dorman = priester gewijd aan de Anglische god Thor (Dor = Donar) > Dor, Donar
--- Dorrestein = priester gewijd aan de Anglische god Thor (Donar) > Dorrestein
--- Wensing = volk van Wodan > Wensing
>>> Uit deze namen lijkt te blijken dat Angale priesters speciek gericht zijn op een bepaalde taak of god en dat ze navenant genoemd worden.
Onwaarschijnlijk is dit niet. Vele familienamen zijn immers overgenomen van hun beroepsnamen. > Familienamen
Geonamen: Priesterweg/Lochem, Priesterinkweg/Zelhem (> Priestering)
** Praesting, Eawa, Eawman, Voorspelling, Rituelen, Offerrituelen, Tempels, Geesten, Ziel, Noodlot, Heksen, T1385 (priesters)

Priesteressen: (PSS:)
Maagden worden al in de verre oudheid vereerd. O.a. in PerziŽ (Anahita) en in Griekenland (Athena). Ze zijn het symbool voor reinheid, zuiverheid en zedigheid. Ook hebben ze vaak een ceremoniŽle rol als priesteres bij de verering van de oppergod. O.a. in PerziŽ, in BabyloniŽ bij de vereering van de zonnegod (oppergod) Sjamsj en in Peru bij de verering van de zonnegod Inti. > Tanfana
Volgens diverse bronnen zijn Germaanse (dus ook Anglische) priesters zowel mannen als vrouwen. Dit strookt met het algemene Germaanse principe van gelijkwaardigheid van mannen en vrouwen.
---- Walkuren: Volgens de Germaanse mythologie: vrouwen die gesneuvelde strijders naar het Walhalla leiden. Ze dragen wapens en rijden op snelle paarden. Ze adviseren Wodan wie mag leven of moet sterven. Romeinse historici schrijven over schrikaanjagende priesteressen die Germaanse strijders op hun veldtochten begeleiden en door het lot mensenoffers voor de goden aanwijzen. (#WP) > Walkuren, Aesir
** Priesters/Sexe

 

Prinses van Zweeloo: (c 425-450; PVZ:)
Zweeloo is een esdorp onder Coevorden. De oudste sporen van bewoning in Zweeloo dateren van 600-200 vC. Zweeloo is bekend om de Prinses van Zweeloo, een jonge vrouw van goede stand die heeft geleefd in circa 425-450 nC. Haar graf is ontdekt in 1952 tijdens graafwerk. In haar graf zijn ook sieraden gevonden: bronzen spelden, een ketting met glazen kralen, een ketting met kralen van barnsteen, een zilveren ring, zilveren toilet garnituur, een bronzen sierspeld in vlindervorm, grote losse kralen van banrsteen en van glas en bronzen armbanden, ringen en sleutels en een ketting met een bevertand. De prinses droeg een gewaad van zeldzaam mooi geweven linnen en een ruitkeper. Ook bleken er een aantal paarden meebegraven te zijn met de prinses. Uit al deze grafgiften blijkt dat de prinses van goede huize was. De bizondere grafgiften tonen echter ook de grote liefde en achting die men voor haar koesterde.
 
Hester Jans-Molenberg heeft van de prinses na zorgvuldig historisch onderzoek bovenstaande aquarel gemaakt. (@ aquarel © BCK)

Gezien al deze bizondere artefacten moet de jonge vrouw wel van goede stand zijn geweest. Vandaar dat ze titel prinses kreeg. De vondsten worden bewaard in het Drents Museum te Assen. De Rijksdienst voor Archeologie, Cultuurlandschap en Monumenten (RACM) schrijft daarover op 19.2.1979:

Samenvatend kan gesteld worden, dat de prinses behoorde tot een niet onbemiddelde familie, die tot een hoge sociale klasse behoorde, gezien het aantal rijke vondsten. Door de verscheidenheid van vondsten in het graf en de "bijbehorende familiegraven" staat vast, dat men in Zweeloo toendertijd [5e eeuw nC] al internationael contacten heeft gehad. De kralen komen bijvoorbeeld bijv. uit het Elbe en Wesergebied. Het gesmolten bronsfragment is afkomstig van een inheemse, Romeinse bronssmid ...

De bevertand aan een snoer die de prinses om haar hals droeg, kan wijzen op de aanwezigheid van bevers in Zweeloo of daaromtrent. Het kan ook zijn dat de bevertand afkomstig was van elders. Gezien de contacten van Zweeloo met verre gebieden in Noord Europa, kan dat o.a. zijn van Beveroe in Angeln (Noord Duitsland). Beveroe betekent bevereiland vanwege het grote aantal bevers dat daar voorkwam. Beverjacht is van oudsher tot in de 19e eeuw een uitermate lucratieve bezigheid. Bevervellen waren kostbaar en werden voornamelijk gebruikt voor kleding. Bevervlees was daarbij neveninkomst.
** Zweeloo, Barnsteen, Bevertanden
# coevorden.nl 3.6.09, sh-tourismus.de 8.6.09, WKP 6.6.09, FRI, Jan Warmolts te Zweeloo (streekhistoricus), DAB, KBG
++ Prinses van Zweeloo

Prioriteiten: (PRO:)
1972: Een tijdschrift voor management schrijft:
- ontspan op tijd
- zoek een leuke hobby (wandelen, fietsen, schilderen, etc)
- mijdt onnodige taken en plichten
- beperk je tot het belangrijkste
- uit je irritaties, twijfels, onzekerheid en angsten
- vergeet vooral niet te genieten van het leven
Wie vele problemen heeft, die moet prioriteiten stellen. Want het leven moet doorgaan. #BNNtv/Floortje: dierenarts op St. Helena 26.9.2016
¶ Eerst komt het Hier en Nu. Dan komen Elders, Later en Vroeger. De meester neemt de tijd en richt zich op het belangrijkste. #SRK
Ik heb me voorgenomen om vooral in het hier en nu te leven. Aldus Erica Terpstra. #DeTelegraaf/10.11.2016
¶ Eerst komt Uzelf. Want de boom die men omhakt, kan geen vruchten meer dragen. Dan komt uw Partner. Dan komen uw Naasten. En dan de Rest van de Wereld. Meer en beter kan een mens waarlijk niet doen. #SRK
Het belangrijkste wat mogelijk is, komt altijd eerst. Soms is het onbelangrijke heel belangrijk. De meester neemt de tijd. Want voor alles is een eigen tijd. #SRK
¶ Doe niet vandaag wat morgen ook kan. Vele problemen lossen zichzelf op. #SRK
¶ Denk niet teveel aan morgen. Elke dag heeft genoeg aan z'n eigen kwaad. Denk niet teveel aan morgen, maar leef vandaag. Wie morgen leeft, die morgen zorgt. #SRK
¶ Denk niet teveel aan de toekomst. Morgen is ook nog een dag. De meester volgt de goede weg en bereikt het hoogst bereikbare. #SRK
¶ Denk niet teveel aan de toekomst. Wie dan leeft, die dan zorgt. De meester volgt de goede weg en bereikt het hoogst bereikbare. #SRK
¶ Denk niet teveel. Sta op en wandel. Het leven heeft meer te bieden. #SRK
¶ Alles heeft een eigen tijd. De meester is zorgvuldig en voorzichtig. Want haastige spoed is zelden goed. #SRK
¶ Maak u niet te veel zorgen over morgen. Elke dag heeft genoeg aan z'n eigen kwaad. #SRK
¶ Pluk de dag, eer de dag u plukt. > Carpe Diem
Wie lang en gelukkig wil leven, die zorge goed voor zichzelf, de vrienden en de wereld. De meester volgt de goede weg en bereikt het hoogst bereikbare. Wie de weg met Jezus gaat, die zal herrijzen. Wie de weg met God gaat, die zal waarlijk leven. #SRK > LHL, Zorgen
** Zorgen, Aandacht, Belangrijkheid, Levenswaarden, Hobby, HETA, Toekomst

Pristering: > Priestering

Problemen: (PRB:)
¶ Zie de problemen onder ogen en raak ervan bevrijd. Bewaar moeilijke problemen voor later. Op vele problemen komt een antwoord. En vele problemen lossen vanzelf weer op. #SRK
¶ Vele problemen vragen inzicht, wijsheid, overleg, tijd, actie en geduld. De meester volgt de goede weg en lost vele problemen op. #SRK
¶ Vele problemen lost men op in geduld en goed overleg. Waar nodig handel snel en doeltreffend. Waar mogelijkheden eindigen resten berusting en gelatenheid. Meer kan men waarlijk niet doen. De meester volgt de goede weg en bereikt het hoogst bereikbare. #SRK
¶ Wie van de nood een deugd weet te maken, die kan waarlijk leven. De meester volgt de goede weg en bereikt het hoogst bereikbare. Meer of beter kan een mens waarlijk niet doen. #SRK
¶ Doe niet vandaag wat morgen ook kan. Vele problemen lossen zichzelf weer op. #SRK
¶ Iedere weg kent kruispunten die dwingen tot keuze. Wie fout kiest, die verdwaalt. Wie verdwaalt, die kere terug. Iedere weg kent kruispunten die dwingen tot keuze. De meester neemt de tijd en kiest de goede weg. Waar mogelijkheden eindigen, resten berusting en gelatenheid. De meester ondergaat het onvermijdelijk lijden en vervolgt de goede weg. Meer kan een mens waarlijk niet doen. #SRK
¶ Bijt u niet vast in problemen. Komt tijd, komt raad! De meester neemt de tijd. Want voor alles is een eigen tijd. #SRK
¶ Bijt u niet vast in problemen. Voor alles komt een eigen tijd. En vele problemen lossen zichzelf weer op. De meester neemt de tijd. Want voor alles is een eigen tijd. #SRK
¶ Mijd problemen waar mogelijk. Problemen hebben geen enkele zin. Zoek het goede. Het goede brengt ware vreugde. Wie de goede weg blijft volgen, die zal veel bereiken. #SRK
¶ Problemen komen en gaan als wolken aan de hemel. Vele problemen lossen zichzelve op. De meester neemt de tijd en kiest voor het belangrijkste wat nodig en mogelijk is. Meer en beter kan een mens waarlijk niet doen. #SRK
¶ Denk niet steeds in problemen. Zoek oplossingen. Dat zet meer zoden aan de dijk. De meester volgt de goede weg en bereikt het hoogst bereikbare. #SRK > Positivisme
¶ Moeilijke problemen vragen om overleg. Want samen weet men meer dan alleen. De meester raadpleegt anderen en bereikt het hoogst bereikbare. #SRK
¶ Wie vele problemen heeft moet prioriteiten stellen, want het leven moet doorgaan. #BNNtv/Floortje: dierenarts op St. Helena 26.9.2016
¶ Sta niet te lang stil bij alle problemen. Het leven moet doorgaan. #SRK
¶ Bijt u niet vast in problemen. Morgen is weer een dag. #SRK
¶ Bijt u niet vast in problemen. Sta op en wandel. #SRK
¶ De tijd lost vele problemen op. Wie de weg met God gaat, die zal waarlijk leven. #SRK
** Moeilijkheden, Negativa, Bezinning, Meditatie, Prioriteiten, Positivatie, Positivisme

Protestanten: > Protestantisme

Protestantisme: (1529++)
Het Protestantisme ontstaat op 15 april 1529 op de tweede Rijksdag te Spiers, toen vijf Evngelische vorsten en veertien steden een protestacion indienden tegen het besluit van de rooms-katholieke meerderheid om de voor de Evangelischen iets meer gunstige Rijksbepalingen van de eerste Rijksdag te Spiers (1526) in te trekken en het Edict van de Rijksdag te Worms (1521) weer volledig toe te passen. #WP
** Reformatie, PgKbg/Frederik Reyniersz van Cranenburgh

ProtoAfrikaners: > Afrikaners

Ptolemaeus: (87-150nC)
Ook: Ptolameus, Ptolemaus. Claudius Ptolemaeus: Grieks astronoom, geograaf, wiskundige, cartograaf en muziektheoreticus, wonend in AlexandriŽ.
¶ Ptolemaeus schrijft rond 122nC dat de Angelen wonen in het gebied tussen Denemarken en de Rijn. Later plaats hij het woongebied van hen tussen de Eems en de Elbe. Spiritus-temporis.com 31.5.09 schrijft:

Ptolamy in his Geography (ii. 11. § 15), half a century later [na Tacitus], locates them [de Angelen] with more precision between the Rhine, or rather perhaps the Ems and the Elbe, and speaks of them as one of the chief tribes of the interior. Unfortunately, however, it is clear from a comparison of his map with the evidence furnished by Tacitus and other Roman writers that the indications which he gives cannot be correct. Owing to the uncertainty of these passages there has been much speculation regarding the original home of the Angli.


          

¶ Op de kaart Magna Germania (hierboven) plaatst Ptolemaeus de Angelen nabij de Ith Hils ten zuiden van de stad Hannover, nabij de bovenloop van de Elbe. Gezien de historische migratiestromen hebben de Angelen zich daar rond 225vC gevestigd in de regio Ith Hils. De beweringen van Ptolemaeus lijken derhalve juist. De plaatsnamen Quickborn en Swaney in die regio zijn duidelijk van Anglische origine en bevestigen het feit dat de regio is bevolkt door Angelen, die daar duidelijk dominant zijn. Op de kaart van Ptolemaeus is de naam Angili (Angelen) ook duidelijk groter geschreven dan de andere stamnamen daaromtrent. Ptolemaeus heeft daarmee kennelijk willen aangeven dat de Angelen aldaar een grote stam zijn.
** Ith Hils, Oldenrode, ASA
# WP, DAB, KBG

Punter:
()A beam (boom = lange stok), beaman (ww bomen = voortduwen van een punter mbv een boom), pott (pot; # punter), punt (punter = smalle lange platte boot voor gebruik op smalle ondiepe waters), punteran (punteren = bomen = varen met een punter), puntere (punter = iemand die puntert)
¶ Anglisch punt = punter = platte boot met puntige boeg en rechte steven, gebruikt in ondiep water mbv een lange stok (boom) waarmee de boot wordt voortgeduwd (geboomd).


          

Boven: Aquarel van een punter rond 400nC, gemaakt door Hester Jans-Molenberg na zorgvuldig historisch en locaal onderzoek. (@ aquarel © BCK)
¶ In Rijssen is in een oude schuur een middeleeuwse punter gevonden. Deze heeft een puntboeg en rechte steven. #CAV/p182
¶ In Giethoorn wordt de punter nog steeds gebruikt op sloten tussen de huizen. Zowel als normaal vervoermiddel als om te spelevaren, o.a. met touristen.
¶ In Cambridge (East Anglia) wordt een soort punter nog steeds gebruikt om te spelevaren. Deze punter heeft een rechte boeg en rechte steven. Mogelijk is de punter als model meegenomen door de Angelen vanuit NO Nederland (West Angle) tijdens de massamigratie van Angelen naar Brittannia in de periode 450-550nC.
¶ Rond 1650 is de zomp ontstaan door aan de punter zijzwaarden te bouwen. Hierdoor krijgt de boot meer stabiliteit. Later werd er nog een zeil aan toegevoegd. Anno 2012 wordt de zomp nog gebruikt voor pleziervaarten met touristen. Met name in Overijssel en Gelderland.
** Scheepvaart

Puntmuts: > Mutsen

Putten:
Alias Puthem (c 1350). Stad op de Noord Veluwe. De regio wordt rond 100vC bevolkt door Angelen uit de regio Ermelo en Harderwijk. De naam Puthem/Putten lijkt derhalve afgeleid van Anglisch put (put, kuil, groeve, poel) + ham (heem, oord). De naam betekent dus: het oord bij de put (groeve, poel). > ASA

Putten/water: > Watervoorziening

PVV: Plackaet van Verlatinghe (1581)
Acte van de gewesten Brabant, Friesland, Gelre, Holland, Mechelen, Utrecht, Vlaanderen en Zutphen. Daarin zetten ze de Spaanse koning Filips II af als hun heerser, omdat hij hun rechten en vrijheden heeft geschonden. Zo ontstaat in 1588 de Republiek der Verenigde Nederlanden.

P35: > P36

P36: De Grote Natheid in 300-600nC
()A flod (vloed, overstroming), flodan (stromen, overstromen), gewat (water), haegl (hagel), haeglan (hagelen), haeglscyr (hagelbui), haeglsten (hagelsteen), haeglstorm (hagelstorm), hagol (hagel), regan (regen), regn (regen), regnian (regenen), ren (regen), renan (regenen), storm (storm), storman (ww stormen), stormflod (stormvloed), stormscada (stormschade), waet (nat), waeter (water; SW waeter), waetniss (natheid), watre (water), wind (wind), winddore (draaiwind), windgust (windvlaag), windscure (windvlaag, windstoot, windhoos)
100nC-400nC: De Romeinen stoken veel hout. Dat is gebleken uit onderzoek van zgn oude lucht in poolijs door instituut SRON (ruimte-onderzoek) te Utrecht. Door het Romeinse stookgedrag kwam veel methaangas in de lucht, wat een zgn broeikas-effect veroorzaakte. (#DeTelegraaf 4.10.2012) Mogelijk droeg dit stookgedrag van de Romeinen bij tot de stijging van het water van de Noordzee in de periode 300-600nC.
180-400nC: De Romeinen in Brittannia exploiteren vele belangrijke kolenvelden in dagbouw. De handel in steenkool strekt zich uit tot in heel Engeland en zelfs tot het Rijnland op het Continent. Steenkool wordt gebruikt voor de verwarming van badhuizen en rijke villa's. Mogelijk heeft dit proces de luchtvervuiling versterkt en daardoor bijgedragen tot de stijging van het zeewater in 300-600nC.
200-600nC: De Grote Historische Schoolatlas van H. Hettema Jr. (Tjeenk Willink NV, Zwolle, 1968) toont Nederland:
- in de Romeisen Tijd (12vC-400nC)
-- de grote eilanden zitten allemaal nagenoeg aan elkaar vast
-- het Ysselmeer (Flevomeer) is beduidend kleiner dan anno 2013
-- het Flevo-eiland is tamelijk groot
- voor het jaar 450nC (begin Middeleeuwen)
-- het Ysselmeer is groter en snijdt diep in Drente, Salland en de Veluwe
-- het Flevo-eiland is gespiltst in twee kleine eilanden
-- tussen de grote eilanden zijn grote zee-armen
-- Noord Groningen en Noord Friesland zijn sterk afgekalft
-- tussen Holland en Zeeland ligt een grote zee
- tijdens de feodale versnippering (c 1100-1428)
-- de Noordzee heeft nog verder toegeslagen: Waddenzee, Ysselmeer en de zee tussen Holland en Zeeland zijn aanzienlijk vergroot. Deze situatie moet echter al rond 600nC zijn bereikt, want de periode van Grote Natheid eindigt namelijk rond die tijd.
Al deze feiten wijzen op een sterke toename van de zeespiegel van de Noordzee in de periode 200-600nC. Het klimaat zal derhalve navenant zeker ook beduidend natter zijn geweest.
250nC: Zoutwinning in Wygate Park bij Spalding in Lincolnshire eindigt. Mogelijk wegens klimaatverandering en overstromingen, die verder winnen van zout nagenoeg onmogelijk maken. #WKP 13.6.2012
250nC++: De zee zorgt voor grote onverstromingen van kustgebieden in Groningen. De bewoners zijn gedwongen om hun woonstede op te hogen tegen de wateroverlast. O.a. in de wierde Biessum bij Delfzijl. Daar zijn de woonplekken circa 1.5 meter opgehoogd. #ARN/p49-51
300-450nC: laat Romeinse Tijd relatief nat > SDV/p283
300-450nC: centraal Salland relatief nat > SDV
300-550nC: Het zeewater stijgt langzaam maar zeker. Daardoor ontstaan zware stormen, grote overstromingen en veel landverlies langs de kusten van de Noordzee en de Oostzee, tot wel zeker 35 Km landinwaards. (KVN, KBG)
300-550nC: De stijging van de zeespiegel en de zware stormen, de overstromingen en het grote landverlies spelen zich af van 300-500nC met de finale in 450-500nC. Dit langdurig proces verklaart waarom de migraties naar Brittannia vanuit Angelland zich uitstrekken over een nagenoeg gelijke periode en gelijke accenten. Eerst kleine groepen en pas laat massaal. De hele migratie loopt nagenoeg synchroon met de stormen en overstromingen.
300-550nC: Centraal Salland is relatief natter dan in de voorafgaande periode. Dit is gebleken uit onderzoek naar de diepte van oude waterputten en de wisselingen van grondwaterstanden. Met Centraal Salland wordt bedoeld de regio Deventer-Raalte. Het zeewater komt tot nabij Deventer. > SDV/p283
300-550nC: Hollingstedt is een rivierhaven aan de Treene in Midden Sleswig. Ruim 20 Km vanaf de kust van de Noordzee. De oude haven van Hollingstedt ligt anno 2010 circa 5 Km van het water van de Treene. Lang voordien lag de haven echter nog aan het water. Mogelijk heeft dat te maken met de stijging van het water van de Noordzee in 300-500nC. Daarna trekt het water weer langzaam terug. Uit die tijd zijn ook vele vondsten van aardewerk gedaan, die getuigen van een levendige interregionale handel. > Hollingstedt
300-600nC: Uit opgravingen in heel Nederland blijkt dat de Donkere Middeleeuwen tamelijk rijk en welvarend zijn. (#DeTelegraaf 2.5.2014; > Donkere Middeleeuwen) Armoede kan dus geen primaire reden zijn om te migreren. Er zal dus een veel urgenter reden moeten zijn voor migratie.
350nC++: Water Noordzee stijgt. De wierden (terpen) worden daarom hoger en hun indeling wordt aangepast. > Ezinge
400nC: De Romeinen verlaten Brittannia.
400nC++: Na het vertrek van de Romeinen raakt de dijkenbouw in het slop. Wie het water deert, die het water keert, wordt de leus. #LLZ/p27
412nC++: Angelen uit Groningen migreren naar Drente, Overijssel, Gelderland, N.Brabant en Limburg op de vlucht voor stijgend zeewater > PgAng/Waddengebied
400-430nC De Romeinen hebben Brittannia verlaten. Toch migreren er nog nauwelijks Angelen naar Brittannia. Kennelijk is de noodzaak er nog niet. Kennelijk is het water nog niet zo hoog gestegen.
425nC: Vortigern is een warlord in Britannia. Hij is rond deze tijd daarheen gestuurd met een Anglisch leger door koning Offa van Angeln. Mogelijk moet Vortigern daar gebied bezetten voor Angelen in Angelland, die daar kunnen settelen vanwege de Grote Natheid op het Continent. > Vortigern
425nC: Widsith is een Anglisch dichtwerk van circa 425nC. De auteur woont in Fivelingo (Noord Groningen). Hij vertelt over zijn vele reizen en ontmoetingen in de wereld van toen. Fivelingo wordt door de Grote Natheid zwaar getroffen. Het is nogal opmerklijk dat in Widsith niets wordt gemeld over die natheid. Mogelijk is in die periode de situatie nog niet zo ernstig. Dat stemt overeen met wat over die periode bekend is uit andere bronnen. Kenlijk begint de ellende pas ernstige vormen te krijgen rond die tijd of net iets later. > Widsith
430nC++: Massamigratie Bron FBZ/p24 schrijft dat in 200-400nC het Romeinse Rijk instort, wat veel chaos veroorzaakt. Kustbewoners migreren naar Brittannia. Nieuwkomers uit Noord Duitsland settelen in de verlaten gebieden. Oorlog, piraterij en besmettelijke ziektes als malaria doen vele mensen sterven. Hele wierden (terpen) raken ontvolkt. Daarbij komt de stijging van het zeewater, die de verlaten regio's overdekt met zand en slib.
430-500nC: Achterblijvers In de loop van de 5e eeuw lijken vele nederzettingen in Drente te zijn verlaten. Vondsten in grafvelden bij o.a. Wijster-Looveen en Zweeloo wijzen echter op voortgezette of hernieuwde bewoning in de nabijheid. Deze verplaatsing kan zijn veroorzaakt door langdurige natheid en wateroverlast.
430-500nC: Angelland lijkt bezig te zijn Brittannia te koloniseren. Mogelijk vanwege de dreigingen van het stijgende water. > Kolonisatie
430-550nC: De zeespiegel stijgt sterk. Zware stormen blijven de kusten van de Noordzee teisteren. Gevolg: grote overstromingen en veel landverlies.
430-550nC: Aangezien de Noordzee in open verbinding staat met de Oostzee, stijgt het zeenivo van de Oostzee navenant. Dit vormt een bedrijging voor Haithabu, hoofdstad en havenstad van Angeln. Haithabu ligt namelijk aan het water van de Schlei, een inham van de Oostzee. Haithabu is tevens de zetel van het Anglisch Koningshuis.
430-550nC: De zware stormen veroorzaken steeds grotere overstromingen en veel landverlies. Mensen migreren daarom massaal naar de hoge zandgronden, voor zover die aanwezig zijn, zoals o.a. in Oost Nederland. NW Duitsland biedt deze opties aanzienlijk minder. Oostwaards rukken de Hunnen op. Het land wordt steeds moeilijker leefbaar. Een groot deel van de bevolking in deze streken migreert daarom naar elders. Vooral naar Brittannia, waar de omstandigheden heel gunstig zijn.
430-550nC: Sleswig-Holstein bestaat voornamelijk uit licht heuvelig laagland. De afstand tussen Noordzee en Oostzee bedraagt gemiddeld 67 Km. Centraal liggen de zandgronden van de Baltische Rug met een top van 168 meter. Naar het oosten daalt de grond richting vruchtbare leemgronden langs de Oostzee. Westlijk van de Baltische Rug bestaat het land voornamelijk uit zand- en veengronden en vruchtbare kleigonden langs de Noordzee. De Schlei is een diepe inham (FŲrde) van de Oostzee van circa 30 Km lengte aan de zuidgrens van Angeln. Aan het eindpunt ligt de oude hoofdstad Haithabu, dat in de 11e eeuw de naam Sleswig krijgt.
430-550nC: De afstand van de hoge gronden in Oost Nederland tot aan de Zuiderzee is circa 40 Km. Als mensen uit West en Midden Nederland vluchten naar de hoge gronden in Oost Nederland, dan is het zeewater mogelijk gestegen tot circa 15 Km van die hoge gronden. Dus circa 35 Km vanaf de kust het land zijn ingestroomt. Dus zeker tot aan Deventer toe. Bron SDV/p283 bevestigt dat in Centraal Salland in 300-500nC relatief natter is dan in de voorafgaande periode. > SDV/p283
430-550nC: Volgens een oude overlevering in Engeland verlaten de Angelen hun homelands op het Continent omdat het er zo nat was. Het opmerkelijke is, dat dezelfde Angelen in Brittannia zich veelal juist weer hebben gesetteld in natte moerasgebieden aan de oostkust. O.a. de Fenns in East Anglia en de North York Moors. Een ander opmerkelijk feit is dat dezelfde Angelen op het Continent al zeker vanaf 500vC tot hun migratie in 450-550nC in de moerasgebieden van NO Nederland en NW Duitsland hebben gewoond. (> Groot Veenland) Waarom dan niet eerder gemigreerd naar droge gebieden? Kennelijk gaat het in de genoemde overlevering om een periode van extreme natheid in de Anglische homelands op het Continent. Deze interpretatie sterkt de genoemde feiten en thesen betreffende de extreem natte periode van 430-500nC op het Continent.
430-550nC: De afstand van de hoge gronden in NO Nederland tot aan de Zuiderzee is circa 40 Km. Als mensen uit West en Midden Nederland vluchten naar de hoge gronden in Oost Nederland, dan zal het zeewater mogelijk zijn gestegen tot circa 15 Km van die hoge gronden. Dus circa 35 Km vanaf de kust het land zijn ingestroomt. Dus zeker tot aan Deventer toe.
430-550nC: Inwoners van Fivelingo werpen wierden (terpen) op tegen het hoge water. #CVF
449nC: Een groep Angelen migreert vanuit Hollingstedt in Sleswig naar Brittannia. Hollingstedt ligt zowat in Centraal Sleswig, grenzend aan Angeln. Ruim 20 Km vanaf de Noordzeekust. Dat de migratie vanuit Hollingstedt plaats vindt, bevestigt dat Sleswig diep landinwaards wordt overstroomd door water van de Noordzee en de Oostzee. Normaliter vertrekken migranten namelijk vanuit havens aan zee.
449nC: Koning Offa van Angeln stuurt een leger naar warlord Vortigern in Brittannia. Mogelijk om de Anglische migranten te beschermen. > ASC/449, Vortigern
450-550nC: Fivelingo deels ontvolkt. (#CVF) Vrij zeker wegens migratie naar Brittannia.
450-550nC: Terpenland verlaten en leeg. Uit deze periode komen nog nauwelijks archeologische vondsten. Alles wijst er op dat het gebied is leeg gestroomd. In Nederland wonen nog maar circa 50.000 mensen. Vooral in Drente, op de Veluwe en in Limburg. Nederland bestaat nog voornamelijk uit moerassen, wouden, riet, vogels en stilte. (#VVN/p56) De lage regio's zijn dus verlaten, terwijl in de hoge regio's nog mensen wonen. Dit kan alleen maar wijzen op grote overstromingen.
450-550nC: Uit deze periode komen nauwelijks archeologische vondsten. Alles wijst op massamigratie door Grote Natheid in deze periode.

 

Rechts: Nederland rond 450nC
- het Ysselmeer is groter en snijdt diep in Drente, Salland en de Veluwe
- het Flevo-eiland is gespiltst in twee kleine eilanden
- tussen de grote eilanden zijn grote zee-armen
- Noord Groningen en Noord Friesland zijn sterk afgekalft
- Holland en Zeeland zijn gescheiden door een grote zee
 

470nC: Prins Icel van Angeln (c 441-501) migreert rond 470nC met vele stamgenoten naar Brittannia. De reden dat Icel en zijn gevolg naar Brittannia migreren lijkt vooral gebaseerd op het steeds verder stijgen van het water van de Noordzee en de Oostzee in de periode 430-550nC. Angeln is een vrij vlak land met weinig hoogten, waar mensen veilig kunnen wonen tegen wateroverlast.
470-550nC: Het zeewater bedreigt nagenoeg heel Sleeswig-Holstein. Zowel vanuit de Noordzee als van de Oostzee stroomt het zeewater circa 35 Km het land in. De gemiddelde breedte van Sleswig-Holstein bedraagt circa 67 Km. Per saldo staat nog maar een smalle strook hoge zandgrond droog. Sleswig-Holstein inclusief Angeln wordt zo goed als onbewoonbaar.
475nC++: De kolonisatie van Brittannia door de Angelen heeft weinig te maken met hebzucht. De grote factor is de stijging van de zeespiegel van de Noordzee en de Oostzee in de periode 300-500nC. Hierdoor ontstaan zware stormen en grote overstromingen tot zeker 35 Km landinwaards langs de kusten. Veel land ging hierdoor verloren. Vooral Sleswig-Holstein inclusief Angeln werden zwaar getroffen. Rond 470nC was van dat gebied nog maar een smalle zandstrook droog. Het hele gebied werd daardoor zo goed als onleefbaar.
475-550nC: West Nederland wordt geteisterd door zware stormen, grote overstromingen en veel landverlies. Mensen migreren daarom massaal naar de hoge zandgronden in Oost Nederland. Inmiddels worden die gebieden overwoekerd door oprukkende vegetatie van bomen, struiken en onkruid. Het land wordt moeilijk leefbaar. Circa 1/2 van de bevolking in deze streken migreert daarom naar elders. Vooral naar Brittannia, waar de omstandigheden heel gunstig zijn.
500nC: Ook Salland is getroffen door wateroverlast. De Brink in centrum Deventer ligt anno 2013 circa 9 meter boven NAP. De Ysselkade ligt circa 6 meter boven NAP. (#www: NAP's Deventer/sep2013) Rond 500nC zal het NAP dus ook circa 5 meter zijn gestegen. De Brink zal dan circa 9-5=4 meter boven de nieuwe NAP liggen. En de Ysselkade circa 6-5=1 meter. T.o.v. het huidige (Ao 2013) normale nivo van het water in de Yssel ligt de kade circa 3 meter daarboven. (FRI) Per saldo is dus het water van de Yssel rond 500nC vergeleken met het huidige (Ao 2013) normale nivo 3-1=2 meter gestegen. Dit stemt overeen met het feit dat Centraal Salland in 300-500nC relatief natter is dan in de voorafgaande periode. (> SDV/p283) Salland ligt namelijk ingeklemd tussen de Yssel en de Vecht. Het water van de Vecht staat in open verbinding met de Yssel en zal dus rond 500nC eveneens met circa 2 meter zijn gestegen. Salland zal rond 500nC zeker voor een groot deel langdurig onder water staan. > SDV/p283
500nC: De eerste dijken in Nederland zijn rond 50nC aangelgd langs de grote riveieren door de Romeinen. Het Romeinse Rijk grenst echter tot aan de Rijn. Rond 400nC vertrekken de Romeinen en raakt de dijkenbouw in het slop. (> Dijken) E.e.a. betekent dat rond 500nC in Salland vrij zeker geen dijken zijn. Salland zal derhalve in circa 450-550nC voor een groot deel onder water staan.
550nC++: Na de watersnood van 475-550nC trekt het zeewater langzaam weer terug en herstelt Angelland weer geleidelijk. Kennelijk duurt deze periode ruim 100 jaar, want in 600-700nC wordt stamland Angeln geleidelijk helemaal veroverd door de Denen. Dat was voor de Denen natuurlijk heel gemakkelijk, want het land was grotendeels verlaten en leeg. In 737nC bouwt de Deense koning Godfried de Danewirke langs de Eider bij Haithabu om daarmee de zuidgrens van zijn rijk aan te geven. De periode 550-600nC geeft daarmee duidelijk aan dat in 475-550nC Angeln bijna helemaal moet zijn verzwolgen door het zeewater en dat het land daardoor nagenoeg helemaal onleefbaar werd en dat het zeker tot circa 700nC duurt eer Angeln weer leefbaar is geworden.
550nC: Rond deze tijd zakt de stad Heraclion in de Nijldelta weg in de bodem. (#BBC2tv 16-17.10.2014) Mogelijk vanwege grote natheid als gevolg van de stijging van het zeewater door de Grote Natheid. > Zeespiegel
600nC: Herculaneum is een stad aan de voet van de Vesuvius in de Golf van Napels. Rond 600nC is het zeenivo daar 5 meter gestegen. (#BBC4tv 19.9.2013) Aangezien de Golf van Napels in open verbinding staat met de Middellandse Zee, de Atlantische Oceaan en de Noordzee, zal ook het water langs de kusten van de Noordzee en Ysselmeer met 5 meter zijn gestegen.
600nC: Einde stijging zeespiegel #KVN
Achterblijvers: Bron SDV/p282: "Het ontbreken van een breuk in de ontwikkeling van de materiŽle cultuur (huisplattegronden en aardewerkstijlen) ondersteunt de visie dat de Romeinse tijd geenszins eindigt in massale migraties uit Oost-Nederland. Hoewel Oost-Nederland vanaf de Vroege Middeleeuwen [450-1050nC] als Saksich wordt betiteld, moet wellicht gesteld worden dat dit (zeker voor de 5e tot en met begin 7e eeuw) eerder betekent dat het gebied weinig verwantschap vertoont met de gebieden waarin Friezen en Franken woonden."
Achterblijvers: Een deel van de bevolking van NO Nederland [i.c. West Angle] blijft in haar woongebied. Dat blijkt uit archeologische opgravingen in Zutphen, Deventer, Didam, Wijthmen, de Veluwe en het Vechtdal. Verder blijkt dat vele nederzettingen enige honderden meters zijn verplaatst. Vooral op de hoge zandruggen blijft de bewoning echter stabiel. #CAV/87-88
750nC++: Bron ZWH/p10 schrijft:

Voor een goed begrip van de oudste geschiedenis van onze omgeving [Haarle/Gld] zullen we nog iets verder terug in de tijd moeten duiken, en wel naar de 8e eeuw, de periode van keizer Karel de Grote, de verbreider van het christendom in deze streken. ... Daar er geen hof was, moesten de christenen zelf de economie regelen en belasting werd betaald aan de kerk. De kloosters namen in die samenleving een uiterst belangrijke plaats in. ... Ze leerden de boeren de technieken van de landbouw en zij waren het ook die in ons land met de aanleg van de rivierdijken begonnen.
1450++: Pas rond 1450nC wordt dijkenbouw in Nederland een collectieve zaak. De oorzaak is de vele en grote overstromingen die het land teisteren. #LLZ/p27
2010++: In vele hoog gelegen gronden in NO Nederland zijn greppels en sloten gegraven. Soms staan ze droog en soms zijn ze nat of gevuld met water. Dat betekent dat die gronden kenlijk vrij nat kunnen zijn. O.a. in de bosgebieden bij Beerze (Gemoelakweg), Okkenbroek en Lochem (Velhorst en Grote Veld). (#FRI) E.e.a. betekent dat die gebieden tijdens de Grote Natheid zeker ook nat waren. Mogelijk zijn Angelen die daar toen woonden ook gemigreerd naar Brittannia.
2012++: Grote Natheid in Engeland:
--- 2012: Devonshire (ZW Engeland) wordt in de zomermaanden getroffen door langdurige regenval. De weidegronden lopen onder water, worden langdurig drijfnat en raken overwoekerd met zegge en ander onkruid. De vegetatie vergiftigt. Mens en dier zakken diep weg in de drijfnatte modderige grond. Koeien, paarden en ander vee kunnen niet grazen. Ze moeten op stal blijven, waar ze duur voer van elders krijgen. De veehouders maken grote extra kosten, verliezen veel geld, krijgen nauwelijks inkomsten en raken in armoede, zodanig dat ze gebruik moeten maken van voedselbanken. (#BBCtv Country File 3.2.2013) Deze feiten tonen hoe ernstig langdurige regen is voor boeren. Zulks heeft zich vrij zeker ook afgespeeld in Angelland tijdens de Grote Natheid in 300-600nC.
--- 2014: Somerset (ZW Engeland):
--- jan: Somerset nationaal rampgebied ivm langdurige regen. Vooral veehouders hebben erg veel last van het water. Het land is ondergelopen, de koeien kunnen niet grazen en voer wordt schaars en duur. Februari is ook erg nat. De boeren zijn erg bezorgd. De stormen persen het water van Bristol Bay de nauwe rivieren op. Afwatering wordt steeds moeilijker. Als het water langer dan 21 dagen op hel land blijft, dan zal al het gras afsterven. Voor de veeboeren is dat een ramp. #BBC1tv jan-feb 2014
--- feb7: Zuid en Midden Engeland grote delen onder water door regen
--- feb7: Somerset/GB evacuatie mensen door grote overstromingen
--- feb12: evacuatie van duizenden mensen in Zuid Engeland wegens de grote overstromingen. #VRT 12.2.14
--- feb13: overstromingen o.a. in Sommerset en Thames Valley; water vies en besmet door riolen; electriciteit uitgevallen; vrachtauto's omgewaaird; 10-duizenden huizen verlaten; windkracht 130 Km/u; #BBC2tv 13.2.14
--- feb14: nog meer stormen, regen en overstromingen; huizen onder water o.a. in Severn regio, Blackpool, Alney, Marlow en Thames Valley. #BBC2News 14.2.14
--- feb16: 16.000 huizen verlaten; 15.000 huizen zonder gas, water of licht; rivieren Severn en Thames ver buiten hun oevers. #BBCWorldtv 16.2.2014
--- feb17: 670.000 huizen zonder stroom door wateroverlast #DeTelegaaf 17.2.14
--- feb19: al 47 dagen slecht weer in Zuid Engeland; gevaar voor ontstaan sinkholes ofwel grote gaten waarin huizen, auto's en bomen diep wegzakken; waternivo in Surrey zakt wat (#BBC1tvNews 19.2.14); Somerset: 60 Km2 land onder water; dijken zijn zwak; rivieren kunnen watermassa niet snel lozen; Nederlands bedrijf Ten Heck pompt op megaschaal water weg in Somerset; bevolking zeer dankbaar (#DeTelegraaf 19.2.14)
2014++: Grote Natheid in Nederland:
--- mei27: zware regen in NO Nederland; hoogwater in Ommen; ponnies staan tot vlak onder hun buik in water; #NOStvJournaal
--- mei29: twee dagen zware regen in delen Nederland; water kan niet snel weg; akkers drijfnat; nog enige dagen zulk weer dan gaan gewassen dood; #NOStvJournaal
--- mei30: water Regge stijgt; uiterwaarden lopen onder; 31 ponnies in weiland bij Witharen bijna verdronken; #DeTelegaarf 30.5.2014
Deze gebeurtenissen in Engeland en Nederland zijn verglijkbaar met de Grote Natheid in Angelland in de periode 300-600nC. Alleen werden de mensen toen niet geŽvacueerd door de overheid, maar moesten ze zichzelf zien te redden.
2015aug: Oshaar/Drente

            

        boven: een akker in Oshaar na twee dagen lichte regen (foto @ TiedLight)

2015dec: Engeland zwaar getroffen door hevige regens en overstromingen. Vooral gebieden in noorden en westen. Vele huizen en gebouwen ondergelopen. Bruggen en dijken zwaar gehavend. Duizenden mensen in nood. Vele mensen geŽvacueerd. Noodweer duurt vele dagen. #BBCtvNews/NOS/Journaal
** P36, Kropswolde, HGAG, TEHA, ASA, Moerasvolk, CAFA
# KVN, KBG

P58: > P68

P68: Angelland in 600-800nC
-550----- massamigratie naar Brittannia stopt (#KVN)
-598++--- builenpest in West Europa
-600--700 Angelland verzwakt:
-600--700 Saxen settelen in NoordAlbinga/Holstein > Saxen
-600--700 bevolking NO Nederland (West Angle) groeit minder dan elders > Demografie
-600--700 Angelland geteisterd door raids van Denen
-600--700 stamland Angeln geleidelijk helemaal veroverd door de Denen
-600--700 groei bevolking NO Nederland (West Angle) stagneert > Demografie
-600--785 Collaps: Door de grote migratie van Angelen naar Brittannia raakt Angelland gedeeltelijk ontvolkt en verzwakt de bestuurlijke en militaire macht in ernstige mate. Circa 1/2 van de Angelen is gemigreerd. Angelland is daardoor relatief te zwak geworden om de instroom van Saxen, Friezen en Franken te weren. Toch blijft de helft van de Angelen in Angelland en behouden ze er een relatief dominante positie. Door de zwakte van het centraal bestuur raken de Angelen echter hun samenhorigheid kwijt, vergeten ze langzamerhand hun identiteit en gaan ze zich deels identificeren met Saxen, Friezen of Franken. Desondanks hebben de oorspronkelijke Angelen her en der nog vele sporen achtergelaten. > Sporenlijst
-700--785 Angelland geleidelijk veroverd door Denen, Saxen en Franken
-700----- Angeln onderdeel van hertogdom Sleswig c.q. Denemarken > Sleswig
-731++--- Saxen settelen in Albinga/Holstein (Beda)
-737----- Deense koning Godfried bouwt Danewirke langs Eider bij Haithabu
-750++--- Saxen en Franken veroveren Thuringen > Thuringen
-750++--- Friezen settelen in Eemsland en Noord Groningen
-750-hedn Friezen in NW Duitsland (Noordzeekust Sleswig)
-775++--- Saxen migreren naar NW Duitsland en grensstreken NO Nederland
-780----- Saxen veroveren de Groninger Ommelanden en Dokkum (> Ludger)
-785----- Saxen onderwerpen zich aan de Frankische koning Karel de Grote
-785----- Karel de Grote breidt zijn rijk uit tot aan de Elbe > Franken
-785++--- Lex Saxonum
-790++--- Lex Frisionum
-790-1066 Haithabu vestiging van Zweedse Vikings
-793-1066 Vikings teisteren NW Europa en Brittannia > PgBrit/Vikings
-795--855 Lotharius I, koning van Lotharingen
-800++--- Saxen settelen in Saxum/N.Groningen > Saxum
-800++--- Frisia Proper: = Noord Nederland tussen Vlie en Weser > Friezen
-803++--- Lex Anglorum et Werinorum in Thuringen > Thuringen, Engilin
-832-1154 Anglo-Saxon Chronicle geschreven > PgBrit/ASC
-843--880 Lotharingen (ZA)
** Grote Collaps, HGZW, Anglische identiteit
 

Q::

Quedam: (c 1233nC)
Betreft "Quedam Narracio ..." in een uitgave van Mr C. Pijnacker Hordijk anno 1888.
¶ Bron Quedam Narracio de Groninghe, de Thrente, de Covordia et de diversis aliis sub diversis episcopis Trajectensibus = Vertelling over Groningen, de Drenten en Coevorden en andere zaken onder diverse Utrechtste bisschoppen. Een kroniek geschreven rond 1233 door een onbekend auteur. Ze geeft o.a. een vrij gedetailleerd verslag van de gebeurtenissen mbt de Slag om Ane in 1227.
¶ Mr C. Pijnacker Hordijk te Assen publiceert in 1888 een uitgave bevattend een inleiding, de Quedam tekst in Latijn en een "Lijst van persoons- en plaatsnamen, van kalenderdagen en van geciteerde plaatsen".
¶ Volgens Mr Pijnacker Hordijk is de auteur van Quedam nogal sterk op de hand van de Utrechtse bisschoppen. O.a. gezien diens scheldpartijen jegens de strijders uit Drente en Fivelga (Fivelingo). Bovendien vindt Mr Pijnacker Hordijk dat de tekst enige historische onjuistheden bevat. O.a. betreffend data van gebeurtenissen.
1231 juli: Verbond Drente-Fivelga tegen bisschop Utrecht (Quedam/pXX)
1231 september: bisschop Utrecht verklaart Drente oorlog (Quedam/pXX)
1232 Drente en Fivelga belegeren stad Groningen (Quedam/pXX)
NB: Anglisch:
cwid = bw kwijt
cwidam = kwibus, kwast, dom mens, sufferd, rare, gek
cwide = toespraak
# GNE, Quedam, DAB

Quickborn:
Dorp in de Ith Hils, een groot heuvelgebied langs de oostkant van de Weser, tussen Hamelen en Einbeck, circa 40 Km ZW van Hannover, in Neder-Saxen. Volgens Ptolemaeus wonen daar rond 150nC Angelen. Zij hebben zich daar rond 250vC gesetteld vanuit de regio Lunenburg.
¶ De naam Quickborn is afgeleid van Anglisch cwic (kwik, vlot) + burna (bron, stroom, beek). Dus: snel stromende beek.
¶ In Nederland en BelgiŽ bestaat de familienaam Van Quickenborne.
** Ith Hils, ASA

R:::

Raadplegen: > Problemen, Overleg
Raaf: > Kraai

Raalte: (RLT:)
Stad in Overijssel. De regio wordt rond 100vC bevolkt door Angelen uit het Vechtdal. De naam lijkt derhalve afgeleid van Anglisch rall (ral = moerasvogel) + ta (veld, gebied). Dus: het veld waar veel rallen vertoeven. > AVA
300-550nC: Centraal Salland is relatief natter dan in de voorafgaande periode. Dit is gebleken uit onderzoek naar de diepte van oude waterputten en de wisselingen van grondwaterstanden. Met Centraal Salland wordt bedoeld de regio Deventer-Raalte. Het zeewater komt tot nabij Deventer. > SDV/p283

Raams:
Anglisch:
ram = ram (mnl schaap), stormram
rames = bn gebogen
rames = bocht
ramesnosu = gebogen neus; GR ramsnus
Raams komt voor in:
- Raamsdonk: Stad in Noord Brabant gelegen tussen de bochten van twee wegen. Anglisch dunc = donk = zandheuvel in moeras.
- Raamshorst: Locatie in Raalte.
- Raamsweg: Weg met sterke bochten tussen Raalte en Haarle.
- Ramsgate: Stad in Engeland gelegen aan de kust in een grote buitenbocht van Kent. Anno 1274 Remmesgate, Remisgat.
- Ramspol: Gehucht aan het Ramsdiep bij Kampen in Overijssel.

Raatakkers: (800vC++)
De oudste raatakkers stammen uit de IJzertijd (800vC-12nC). Boeren op de zandgronden leggen vierkante velden aan van 40x40 meter met walletjes eromheen om verstuiving van de grond te voorkomen. Ze verbouwen afwisselend verschillende gewassen of laten de grond braak liggen en er vee op weiden. Zo ontstaan in de loop van vele jaren hele complexen van akkers. Middenin staan de huizen, schuren en stallen. Deze complexe raatakkers worden vaak ook celtic fields genoemd. Met Kelten hebben de raatakkers echter niets te maken, zoals oorspronkelijk is gedacht. Daarom is de naam raatakkers gekozen.
¶ Op de raatakkers werden o.a. verbouwd: boekweit, koolzaad, gerst, bonen en gierst. Rond 100vC wordt er ook rogge verbouwd.
¶ Raatakkers kwamen voor in Zweden, Denemarken, Polen, Baltische landen, Duitsland, Nederland en Brittannia. In Nederland zijn duizenden raatakkers aangelegd. Voornamelijk op zandgronden in Drente, Salland, Twente en op de Veluwe.
Restanten van raatakkers zijn nog te zien in Hijkerveld (Drente), BalloŽr Veld (Balloo, Drente), Noordse Veld (Zeijen, Drente), Wekeromse Zand (Veluwe), Renkumse Beek (Renkum/Bennekom), Emst (Veluwe) en mogelijk Zelhem (ZA) en Engeland/Aalten in de Achterhoek (> Engeland Aalten).
500vC++: Noordse Veld (Drente) Raatakkers verdeeld door walletjes die samen een soort honingraat vormen. Met een houten ploeg werd de grond eerst losgewoeld. Daarna ploegde men een tweede keer dwars op de eerste richting. Met een ruwe eg werd de aarde ten slotte fijn gemaakt. #OBN/p226
Gezien de periode en de locaties van de raatakkers mogen we aannemen dat deze vorm van landbouw is meegenomen door de Angelen naar hun woogebieden in NO Nederland. Temeer daar de Angelen van oorsprong primair landbouwers zijn. > Angeln
Zelhem: Deze regio in de Achterhoek wordt rond 200vC bevolkt door Angelen. (> Zelhem) Het lijkt erop dat zij de techniek van de raatakkers hebben toegepast in het Zand in Zelhem. Op onderstaande kaart is linksboven duidelijk een derglijke constructie te zien.


          

                      boven: kaart van Het Zand en Stellingweg anno 1886

¶ In Angelheem bij Harreveld (Achterhoek) zijn welputten en goten gevonden, die naar schatting dateren uit circa 150vC. Het gebied lijkt te hebben bestaan uit een groot aantal kleine akkers, waardoor het doet denken aan een complex van raatakker. Nader onderzoek moet daarover nog zekerheid geven. > Angelheem
¶ Bron SDV/p281 schrijft dat raatakkers een vorm zijn van extensieve landbouw. Rond de jaartelling worden ze steeds meer opgegeven. Na de jaartelling worden de raatakkers steeds meer opgegeven.
¶ Sinds circa 700nC worden in NO Nederland steeds meer essen aangelegd. (> Esgrond) Gevolg: vele raatakkers komen onder essen te liggen. #SDV/p281
** Landbouw, Rogge, Wekerom, Denekamp, Mest
# FRI, archeos.nl 29.7.2010, WKP 29.7.2010, DAB

Rabbinge: (RAB:)
Alias Rabbinghe. Buurtschap in Oud-Avereest, gelegen op de Wildenberg aan de Reest. De regio wordt rond 250vC bevolkt door Angelen uit De Wijk of daaromtrent. De naam lijkt derhalve afgeleid van Anglisch Rabb (mansnaam) + ing (volk).
Rabb lijkt een verkorting van de mansnaam Rabbod. De naam Rabbod is een variant van de naam Radbod. E.e.a. geld ook voor de namen Rubb en Rubbod. #NGW/Ribbertsweg
De Wildenberg is een groot en vrij hoog gelegen duingebied met veel bos. De naam Wildenberg suggereert dat de regio ooit een wild en ruig gebied was. Anno 2014 is daarvan weinig te merken.
Avereest lijkt afgeleid van Anglisch afer (hoger, aan de andere kant, over, voorbij) + Reest (rivier de Reest). I.c. aan de westkant van de Reest. Dit kan betekenen dat Avereest is bevolkt door Angelen uit Zuidwolde (Angl. Suthwolda), dat oostelijk ligt van de Reest. Derhalve kan ook Rabbinge zijn bevolkt vanuit Zuidwolde. > Zuidwolde
1971: Rond deze tijd wonen in Nederland circa 40 mensen met de familienaam Rabbinge. Mogelijk zijn ze van oorsprong afkomstig uit Rabbinge in Oud-Avereest.

Rabbinghe: > Rabbinge
Rade: > Rode

Radiger:
Zoon van koning Hermegisklus van de Varni. Hij is verloofd met Erma, een prinses van de Angelen. Radiger verbreekt de verloving om te trouwen met Theudichildis, zuster van de Frankische koning Theudebert. De prinses is furieus en neemt wraak. Ze zeilt met 400 schepen de monding van de Rijn op, waaromtrent Radiger dan kennelijk vertoeft. Radiger smeekt om genade en trouwt alsnog met haar. Het verhaal is afkomstig van Frankische ambassadeurs in Constantinopel, circa 540nC.
¶ Het is vooralsnog niet zeker waar de prinses woont. De Varni wonen nabij de monding van de Elbe. Het eerste Anglische Rijk in Brittannia is Bernicia, dat rond 600nC ontstaat. (> PgBrit/Bernicia) Van een Anglische koning c.q. een Anglische prinses uit Bernicia kan dus pas sinds dat jaar sprake zijn. Van een Anglische vloot van 400 schepen uit Brittannia is rond 600nC al helemaal geen sprake. De Anglische Rijken hebben nog enige eeuwen nodig om enige maritieme betekenis te krijgen.
¶ Per saldo mogen we concluderen dat de Anglische prinses haar thuisbasis op het Continent heeft en gezien de geografische context zal ze vrij zeker afkomstig zijn uit Angeln. De prinses woont dan mogelijk in Haithabu of daaromtrent.
¶ De vraag is nu wanneer en waar prinses Erma is geboren en wanneer haar tocht naar de Rijn plaats vindt.
- het verhaal stamt uit circa 540nC en is afkomstig van Frankische ambassadeurs in Constantinopel
- tussen de zeiltocht van Erma en het moment dat de Frankische ambassadeurs ervan horen zal toch minimaal 1 jaar tijd liggen
- als de prinses haar actie onderneemt, zal ze de huwbare leeftijd hebben en dus ergens tussen de 20 en de 30 jaar zijn, dus circa 25 jaar
>> per saldo zal Erma kunnen zijn geboren ergens rond 540 - 1 - 25 = 514nC
>> de vader van Erma zal dan ergens rond 514 - 35 jaar = 479nC zijn geboren
.
¶ Genealogie Erma van Angeln:
420-489 Eomar van Angeln koning van Angelland
441-501 Icel van Angeln = zoon van koning Eomar van Angeln -- Haithabu-Mercia
444-504 Xx van Angeln = zoon van Eomar; grootvader van Erma
479-539 Xx van Angeln = zoon van Xx/444 vader van Erma
514-574 Erma van Angeln
¶ De laatste koning van Angeln is naar zeggen Eomar (420*-489). Daarna houdt het koninkrijk Angle op te bestaan. Gezien de tijdcontext kan het zijn dat de prinses een dochter is van Eomar. Gezien het grote aantal schepen van de prinses moet ze nogal vermogend zijn of een zeer rijke en machtige vader hebben.
¶ Het lijkt dus vrijwel zeker dat ze ten tijde van het gebeuren nog in Haithabu woont, een zeehaven waar vele schepen aandoen. Met de schepen van toen zal de reis naar de Rijn dan circa 2 of 3 dagen hebben geduurd.
Erma van Angeln (c 514-579) Zij kan rond 514nC zijn geboren. Als ze trouwt zal ze rond de 23 jaar zijn. De operatie naar de Rijnmond zal dus circa 537nC zijn gebeurd. Vader Xx van Angeln leeft dan nog. De schepen kunnen oorlogsbodems zijn van hem, mogelijk aangevuld met privee schepen van onderdanen. Kenlijk verkeert Angeln nog in een goede positie om deze maritieme prestatie te kunnen leveren. De grote migratiegolf van Angelen van Angeln naar Brittannia van 470nC moet nog gebeuren. De positie van Angeln is dus nog gunstig. Met deze maritieme operatie rond 537nC toont Angeln zelfs een belangrijke macht te zijn in NW Eurpoa.
** Haithabu, Constantinopel, Angeln
# semafoor.net 8.10.09, KBG

Raids:
290-450nC: Bron WAB/p21 schrijft:

The practical raids [of the Angels and Saxons] began as early as the last years of the Third Century A.D.; and by the year 368 they had become so frequent and so audecious that the great Roman General, Theodosious, was sent to Britain with a large army to meet the menace, and succeded in driving the raiders back across the sea. --- and by the beginning of the Fifth Century the famous Second Legion, Augusta, which was recruited on the Rhine, had been transfered from South Wales to Kent, while a mixed collection of Belgians, Gauls, Dalmatians, and other auxiliary forces was spread along the manaced coast, it being Roman custom to garrison each province of the Empire with regiments from another province, the British troops, therefore, being then stationed for the most part abroad.

Rampen:
()A baerne (brand), braendscada (brandschade), drugad (droogte), flod (vloed, overstroming), hearm (schade, letsel, kwaad, leed, ellende, smart, pijn), hearmian (ww schaden, pijnigen, kwetsen), plaege (plaag, onheil, ramp), scada (schade), scadan (ww schaden), scadlic (schadelijk), sccatha (schade), sccathan (schaden), stormflod (stormvloed), stormscada (stormschade), waeterscada (waterschade)

Ran: Gemalin van de Germaanse god Aegir. #KEN

Ranstrup:
Dorp nabij Angelradink en Coesfeld in Westfalen, beide van oorsprong Anglische regio's. Ranstrup is daarom vrij zeker afgeleid van Anglisch throp = dorp. De betekenis van Rans is vooralsnog onbekend. Mogelijk is Rans meervoud van ran, analoog aan coes (koeien) in Coesfeld. Ook de betekenis van ran is echter vooralsnog niet bekend. Mogelijk is ran = ME rain = Anglisch ren = regen. Dus: Rengensdorp; vgl Regensburg. Ranstrup is mogelijk circa 150vC bevolkt door Angelen uit noordelijke streken.
** Coesfeld, ASA, Regenham
# RZA/1773, KBG

Ravelijn:
Een buitenwerk van aarde bij een vestingwerk met bastion. Gelegen in het midden van een gracht bij een courtine. Soms bekleed met een muur en/of voorzien van een reduit. #WP
** Vestingen

Ravenswaay:
Ravenswaai is een dorp bij Beusichem in de Betuwe. Op kaart RZA/25 (1773) is het dorp vermeld als Ravensway. Anno 2010 telt het dorp circa 450 inwoners.
¶ De Betuwe is rond 405nC bevolkt door Angelen tijdens het offensief van prins Offa van Angeln. (> Offaland) Ravenswaay lijkt derhalve afgeleid van Anglisch hraefn (raven) + waey (waay, kolk).
¶ Familienamen: Ravenswaay (Van) en Ravenwaaij. Anno 1947 komen de namen samen totaal 45x voor in Nederland, met pieken in de provincies Zuid Holland (17x) en Utrecht (14x). Bekend: Marcus Ravenswaaij (beeldenmaker).
** Engelrode, ASA, Angelland
# FRI, Meertens Instituut, KBG

RCE: = Rijksdienst Cultureel Erfgoed

Reccla:
Rivier nabij de Vecht in Salland. Mogelijk een oude naam voor de Regge. #Quedam/122
** Regge

Recht::
Bron DRG/p14 schrijft:

Naast het recht van den sterkste zal ongetwijfeld de samenwonende bevolking een hooger recht hebben gehad, zal hij willen handhaven wat de primitieve moraal haar leerde. Zoo zijn de goede gewoonten ontstaan, die volgens Tacitus [55-118nC] het Noorden beheerschten bij gebrek aan bewuste rechtsregelen. "Plus ibi valent boni mores, quam alibi bonae leges".
¶ Naast het Gewoonterecht gelden de regels van de Koninklijke Verordeningen, de zgn Capitularia. Alle rechtsregels zijn personeel. Dwz: ze gelden voor alle burgers, ook bij verblijf elders. #DRG/p18
** Moraal, Gewoonterecht, Landrecht, Rechtspraak, Rechtbanken, Rechtvaardigheid, Verzoening, Doodstraf

Rechtbanken: (RTB:)
()A benc (rechtbank), burbrink (boerbrink = vergaderplek, buurtgerecht), burgeriht (buurgericht = rechtbank van buurtbewoners), byde (bode, heraut), deman (rechter), dingan (dingen, bedingen, afkopen), dinghus (dinghuis, rechtbank, raadhuis, vergaderruimte), eawbenc (rechtbank), etholstol (raad van edelen), ehtstol (etstoel, rechtbank), gawthing (gouwding = gouwgerecht, gouwrechtbank), gawgeriht (=A gouwthing), geriht (gericht, gerecht), grytgeriht (grietgerecht, grieternijgerecht), grytman (grietman = bestuurder, burgemeester, rechter), lagu (wet), manian (manen, voor gerecht dagen), pleayhus (pleithuis, huis waar gepleit en recht gesproken wordt), redga (gericht, gerecht), redgar (rechter), rihter (rechter), scolt (=A scout), scout (schout, bestuurder, gerechtsdienaar), thingian (=A dingan), wigbold (rechtsgebied van een stad)
¶ Widsith (c 425nC):
120. thone Hraeda here heardum sweordum
120. hun Raad hier zwoer met harde beloftes
121. ymb Wistlawudu wergan sceoldon
121. dat ze in Wistlawoud vermoorden zouden
122. ealdne ethelstol aetlan leodum.
122. de oude etstoel van adelijke lieden
¶ De etholstol is een raad c.q. rechtbank van edele lieden. Daaruit is in latere tijden de etstoel ontstaan, een raad en rechtbank van gegoede boeren (de etten). Deze etstoel is in Drente nog in gebruik tot in de 19e eeuw.
¶ De tekst van Widsith toont dat de etstoel al een oud begrip is in Angelland. Widsith is namelijk afkomstig uit Myrgingum, een regio in NO Groningen.
1532: In het Engelander Holt bij Beekbergen is een rechtbank waar zaken van landrecht worden behandeld. > Engelander Holt
** Widsith

Rechten: > Rechtsbronnen, Zelf, annex, kader
Rechtsbronnen:: > Eawa, Lex Anglorum

Rechtsgebieden: (RGB:)
()A clift (nederzetting, rechtsgebied), thingspil (dingspil, dingspel), wigbold (rechtsgebied van een stad)
¶ In oude tijden zijn de gezinshoofden de primaire bronnen van de sociale besluitvorming. Zij komen op gezette tijden samen om belangrijke zaken te bespreken en oplossingen te bedenken. De vergaderingen vinden mogelijk plaats bij offerplaatsen. De Drentse dingspillen zijn namelijk gebouwd bij de offerplaatsen in Zuiderveld/Sleen, Diever, Beilen, Rolde, Vries (voor Noordenveld) en Anloo (voor Oostermeer). Dingspil lijkt namelijk afgeleid van digspaal (AL thingspal) wat een rechtsgebied aangeeft. #DRG/p14-15 > Dingplaats

Rechtshandhaving: (RHH:) > Eawa, Rechtspraak, Strafrecht

Rechtspraak:: (RSP:)
()A ae (wet), aegwitnis (ooggetuige), aer (=A ar), aew (wet), aetwitan (verwijten, berispen), andettan (bekennen), ar (eer, gratie, genade), arword (erewoord), ath (eed), awerian (verweren), ban (ban, rechtsgebied, rechtszitting, vonnis), berec (rechtspraak), berecan (ww recht spreken), bilewit (onschuldig), bilman (beul), blaem (blaam, schande), blaeman (blamen, verwijten, beschuldigen), blaemte (=A blaem), blochus (gevangenis), bodel (beul), bonn (ban), bonnan (bannen, verbannen), bot (boete), bote (boete), byde (bode, gerechtsbode, heraut), bydel (beul), caec (schandpaal), carcere (kerker, gevangenis), ceas (berisping), ceasan (berispen), cetten (keten, ketting), claegan (klagen), claege (klacht), claegedaeg (klaagdag, rechtszitting), claegere (klager, aanklager), claene (onschuldig), claman (ww eisen, opeisen), clame (zn eis), clenc (=A clinc), clencan (=A clincan), clift (rechtsgebied), clinc (gevangenis), clincan (vastzetten, vastbinden, boeien), cric (krik, kruk, haak, L-vormige stok, staf of staaf), cricholdere (schout, gerechtsdienaar), cose (zaak, oorzaak), cwearter (kwartier, gevangenis), cweartern (inkwartieren, gevangen zetten), daeding (dading, rechtszaak, overeenkomst), daedingan (vervolgen, onderhandelen, overeenkomen), deman (rechter), deman (ww oordelen), ding (ding, twist, rechtszaak), dingan (dingen, bedingen, afkopen), dinghus (dinghuis, rechtbank, raadhuis, vergaderruimte), dingpleats (dingplaats), dingspel (dingspel = rechtsgebied), dingtale (procestaal), dingtreow (dingboom = eik waar rechtszaak wordt behandeld), dom (oordeel, straf), doman (oordelen, veroordelen, straffen), dorweard (deurwaarder), drop (galg), dros (drost, rechterlijk ambtenaar), eawa (wet, geloof), ehta (aanklacht), ehtan (aanklagen), ehtere (aanklager), ehtstol (etstoel, rechtbank), fah (vogelvrij), feam (veem = gerecht, rechtbank), feaman (veroordelen), Feorscear (Vierschaar), forswerian (afzweren, meineed plegen), funnis (vonnis), gealga (galg), gefanganiss (gevangenis), genaht (genade), genahta (dingplaats, rechtszitting), genahtig (genadig), geomring (klacht), geriht [geraith] (gerecht, rechtspraak), guiltleas (=A gyltleas), gylt (schuld), gyltig (schuldig), gyltleas (schuldeloos, onschuldig), hangman (beul), hocan (arresteren), holtspraec (rechtszitting), husting (rechtbank), hylda (gratie), lac (verwijt), lacan (laken, verwijten), lagu (wet), laguman (=A witman), maenan (manen, waarschuwen), maening (maning, waarschuwing), manadh (meineed), manian (manen, voor gerecht dagen), meldian (aanklagen), modwill (moedwil, opzet), modwillig (moedwillig, opzettelijk), nayan (ontkennen), nic (gevangenis), orthanc (oordeel), peandan (beslag leggen op een pand), peandscip (bepand, met pand belast), peandwering (pandwering = verzet tegen panding), pene (straf, boete), plait (pleit, pleidooi), plaitan (pleiten), playderan (pleiten, pleidooi voeren, rechtszaak voeren), playdere (pleiter), pleagth (gewoonte, in rechte), pleay (=A pleayhus), pleayan (pleiten), pleayhus (pleithuis, huis waar gepleit en recht gesproken wordt), pliht (pleit, pleidooi, rechtszaak), plihtan (ww pleiten), prisune (gevangenis), raedstaec (radstaak; # marteltuig), reac (pijnbank), reafar (rechter), rec (pijnbank), reccean (rekken, strekken), redga (gerecht), redgaer (=A redgar), redgar (rechter), redgar (rode puntmuts gedragen door rechters; > Mutsen), refa (vrede), refan (reven, effenen, tot orde brengen, tot vrede brengen, rechtspreken), refar (vredestichter, rechter), riht [rait] (zn recht; bn goed), rihter (rechter, richter), rihtspraec (rechtspraak), rihtwis (rechtschapen), rihtwisnis (rechtschapenheid), sacu (zaak, rechtszaak, misdrijf, vervolging, schuld), sacweald (zaakwaarnemer, gevolmachtigde, gedaagde), sacwealdig (gevolmachtigd), sake (=A sacu), scafot (schavot), sceoter (assistent van marke- of boerrichter), scolt (=A scout), scoter (=A sceoter), scout (schout, gerechtsdienaar), sculd (schuld), sculdan (schuldig zijn), scyld (schuld), smeartgield (smartegeld), soc (rechtsgebied), soca (het recht om een rechtszaak te voeren), soca falda (rechtsgeval, rechtszaak), socan (procederen, rechtsvinding), socman (procedant = iemand die een rechtszaak voert), sok (=A soc, sacu), soka (=A soca), sokan (=A socan), soke (=A soka), sokman (=A socman), soongield (zoengeld), stavian (staven, formuleren van een eed, voorzeggen), sten (gevangenis), stengield (onderhoudskosten in gevangenis), suc (=A sacu), suk (=A sacu), swerian (zweren, eed afleggen), thing (ding, zaak, rechtszaak), thingham (dingplaats), thingian (dingen = rechtszaak voeren), thraf (straf, berisping), thrafian (drijven, berispen, straffen), unaer (oneer, ongenade), unaeret (ongenadig), ungenath (ongenade), ungenathig (ongenadig), utlag (outlaw = vogelvrij/=rechteloos verklaard persoon), wearf (gerechtsplaats), widhsacan (weerspreken, tegenspreken, ontkennen), widstandan (weerstaan, verzetten), wigbold (rechtsgebied van een stad), wiglian (wichelen, uitpuzzelen), wipan (geselen), wipe (zweep), wisdom (vonnis, rechtsregel), wite (straf, afstraffing), witman (gerechtsdienaar), witnis (getuige), wregan (beschuldigen)
1295vC Hettieten: Hun rechtssysteem is zeer progressief en vrouwen hebben gelijke rechten. #DeTelegraaf/Reiskrant 15.11.2014
1000vC++ MazdeÔsme: Het MazdeÔsme is een religie die ontstaat rond 1000vC in PerziŽ. Ze predikt een goede God (Ahoera Mazda) en zoeken naar waarheid, rechtvaadigheid, barmhartigheid en goede zorg voor armen en vee. Ze gelooft verder dat waarheid en goedheid uiteindelijk zullen overwinnen. > MazdeÔsme, AmazdeÔsme
Mallus: De rechtspraak bij de Germanen is gezien in de tijd feitelijk niet slecht georganiseerd. Het stamrecht wordt overgeleverd van generatie op generatie en middels dingen (rechtszittingen) in een Mallus gehandhaafd. Verreweg de meeste delicten worden gestraft met een geldboete (zoengeld). Slechts zeer ernstige delicten worden gestraft met de dood. Pas na de vestiging van de christelijke kerk wordt de doodstraf op grotere schaal ingevoerd. Met name voor delicten tegen de kerk en zgn heidense rituelen.
¶ Op het gebied van de rechtssystemen van vůůr circa 800nC bestaat vooralsnog weinig helderheid. Veel wordt beweerd, maar alle beweringen samen vormen een grote chaos met nauwelijks enig systematisch overzicht. Om beter zicht te krijgen op het rechtsysteem waaraan de Angelen op het Continent zijn onderworpen tot circa 1000 nC, is het onontbeerlijk hun rechtswereld te plaatsen in een algemeen kader waarin de feiten en beweringen kunnen worden geplaatst. Daarbij kunnen we uitgaan van de volgende algemene aspecten van rechtspraak:
¶ Bij de Germanen heeft elke stam een eigen rechtssysteem met eigen rechtsregels, eigen rechtsnormen en eigen rechtbanken. Oorspronkelijk worden de rechtsnormen en -regels mondeling doorgegeven. Elke rechter moet die normen en regels uit het hoofd leren. Hierdoor kunnen afwijkingen en hiaten ontstaan en is machtsmisbruik mogelijk, waardoor rechtsongelijkheid en rechtsonzekerheid ontstaan. Sinds de 6e eeuw nC worden deze rechtsnormen en -regels daarom vastgelegd, naar het voorbeeld van de Romeinen. De oudste codering is de Lex Salica van de Franken, ingevoerd in 550nC. Later volgen de Lex Saxonum (785nC) en de Lex Frisionum (790nC). In 803nC introduceert keizer Karel de Grote de Lex Anglorum et Werinorum hoc est Thuringorum voor de Angelen en Warnen in Thuringen. Voor de Angelen in Maerland is geen Lex opgesteld. De verklaring moet zijn, dat de Saxen sinds 775nC grote delen van Anglisch gebied zijn binnegedrongen en zich daar blijvend hebben gevestigd. Bovendien zijn vele Angelen uit Marland sinds 450nC gemigreerd naar Brittannia. Hierdoor is de machtpositie van de Angelen op het Continent kennelijk sterk verzwakt.
¶ In Angelland ontstaan de oudste rechtsregels al rond 550vC, als de eerste Angelen migreren naar het zuiden en westen vanuit stamland Angeln. Het zijn voornamelijk jagers, herders, boeren en handelaars. Hun rechtsregels ontwikkelen zich in de loop der eeuwen vanuit gewoonterecht naar meer vastgelegd recht. Dit recht is kan worden samengevat als Lex Anglorum dat rond 1250 wordt vastgelegd. > Lex Anglorum
Rood: Rood is de Anglische kleur voor liefde, rechtvaardigheid en gerechtigheid. Angale rechters (AL redgars) dragen bij rechtszittingen daarom ook redgars (rode puntmutsen) en worden daarom ook zo genoemd. Die Angale rechters horen echter tot het Angale priesterdom, aangezien zij worden geacht de wil van de goden te kennen. > Priesters
¶¶ 750nC++: Sinds de kerstening zijn rechters formeel onafhankelijke functionarissen, die recht spreken volgens de verordeningen van de landsheer. Hun muts blijft echter rood.
800nC++: Angelland is verdeeld in gouwen. Elke gouw omvat hundreds (honderdschappen). Aan het hoofd van een gouw staat een graaf. Hij is voorzitter van de ding (vergadering). De hundred wordt bestuurd door een schulte (schout; Angl: scolt). Bij afwezigheid van de graaf, wordt hij vervangen door een schulte. (#DRG/p17) > Graaf
---- Controleurs: De koningen vertrouwen hun graven niet altijd en sturen daarom controleurs om de graven te controleren. Deze controleurs (missi dominici) leiden soms ook Landdagen namens hun heer en zijn soms ook voorzitter van het Gerecht. #DRG/p17
Dingplaats: Plek waar rechtszaken worden behandeld. Normaliter bestuurlijke vergaderingen van de stamoudsten onder leiding van het stamhoofd. Bij de Angelen is dat de Witan, een groep wijze mannen met wisselende samenstelling. (> Witan) Dingplaatsen zijn vaak gelegen op een heuvel en onder een boom, meestal een eik. In het buitengebied van Markelo ligt de Dingselerberg, waar Angelen uit de regio vergaderden. In Balloo bij Assen ligt de BalloŽr Kuil, die vroeger diende als dingplaats. > Dingplaatsen
Vierschaar: Middeleeuwse rechtbank c.q. rechtspraak bestaande uit vier banken waarop tijdens een rechtszaak zitten: schout, schepenen, aanklager en gedaagde. > Vierschaar
Zaken: Aan de orde kunnen komen:
-- publieke zaken:
--- verstoren van de stamvrede, openbaar geweld, meineed en stamverraad. Deze zaken worden aangespannen en behandeld door de Mallus, een vergadering van oude wijze mannen. Zij spreken recht over iemand die ernstig inbreuk maakt op de zeden en gewoonten van de stam. (> Mallus) Daders worden als weerwolven geweerd uit de stam en vogelvrij verklaard.
-- private zaken:
--- grensgeschillen, diefstal, erfeniskwesties, brandstichting, geweld, verkrachting e.d. worden behandeld door de Mallus na een klacht van het slachtoffer of diens verwanten. De straffen zijn meestal geldboetes. Voor elk vergrijp bestaat een vast bedrag, het zgn zoengeld. De ernst van het delict bepaalt de hoogte van het zoengeld.
--- oude Germaanse rituelen en zgn bezetenheid van de duivel worden door toedoen van de christelijke kerk zwaar gestraft. Vaak met de dood. In de TV serie Black Adder van de BBC komt een deel voor waarin de duivel Crumbledook wordt genoemd. De productie toont op meesterlijke wijze hoe duivels de aanklagers zelf zijn om vermeende schuld zgn te bewijzen. Niets wordt geschuwd om feiten te verzinnen en alle andere feiten te misinterpreteren en te duiden als bewijs voor schuld.
--- bij moord of doodslag werd de dode oorspronkelijk gewroken door diens maagschap; zgn bloedwraak. Als de verwanten van de dader de moord of doodslag niet gerechtvaardigd vinden, dan kunnen ze hem veeg stellen; i.e. uit hun midden stoten. Zijn ze wel eens met de dader, dan moeten ze hem steunen, maar de tegenpartij kan zich dan ook wreken op hen. Dit leidt dan vaak tot een vete, die alleen door een zoen kan worden gestopt. Een alternatief is zoengeld, als de nabestaanden van de dode dat tenminste accepteren. Later is deze eigenrichting gestopt door het opleggen van een fredus (geldboete) aan de fiscus en zoengeld aan de verwanten van het slachtoffer.
¶ Bron WAB/p173ev: de boetes zijn vastgelegd in oude doms (vonnissen):
--- moord op een eorl (edelman): 300 goudstukken
--- moord op een ceorl (vrijman, boer): 100 goudstukken
--- bij diefstal van een persoon: waarde van het gestolene vermenigvuldigd met een getal overeenkomend met de rang van de bestolene:
----- bij diefstal van de kerk: 12x de waarde van het gestolene
----- bij diefstal van de koning: 9x de waarde van het gestolene
----- bij diefstal van een vrijman (vrije): 3x de waarde van het gestolene
----- etc
Voor elke overtreding is een dom (vonnis). Alles is nauwkeurig vastgesteld. De preciesheid daarvan toont dat Angelen snel in woede raken als hen iets wordt misdaan. Dit leidt tot vele en heftige gevechten. Als die de Koning bedreigen, worden de daders uiterst zwaar gestraft. Sinds de Kerk rond 650nC steeds meer macht krijgt, komen er steeds meer straffen bij voor alles wat tegen de Kerk of haar Christelijke Leer is gericht.
Proces: Eerst wordt bepaald of de gedaagde schuldig is. Zo ja, dan volgt het vonnis.
- waarheidsvinding: Om te achterhalen wat werkelijk is gebeurd bij een vermeend delict vindt normaliter verhoor plaats. Soms ontaarde dat in foltering of in zgn godsoordelen: vuurproef en waterproef. In vele gevallen stierf de verdachte een gruwelijk dood.
(> Crumbledook)
- beroep: Partijen kunnen alleen in beroep gaan bij de koning. Zij moeten dat aanvragen bij de graaf.
- locatie: Vroeger werd getrouwd en recht gesproken onder een lindeboom. Bij geboorte van een koningskind werd een linde geplant. > Lindeboom
Strafrecht:
- Tacitus (98nC): Veroordeelden worden eerst gewurgd en dan in het moeras geworpen.
- Later: Bij halszaken wordt de veroordeelde publiekelijk terecht gesteld. Onthoofding voor adellijke personen. Ophanging voor anderen, waarbij de veroordeelde eerst wordt gedood en daarna pas opgehangen, meestal op een zgn Galgenberg. Vele locaties in het land kennen nog die naam. Pas in 1795 tijdens de Bataafse Republiek wordt een einde gemaakt aan deze barbarij.
Straffen 450nC++: Bron WAB/p171ev: Het volk is verdeeld in klassen: de eorls (nobelen), de ceorls (freemen ofwel vrijen), de laets (laten) en de slaves (slaven). Een freeman bezit een hide ofwel een stuk land van 60-100 acres, zijnde ruim voldoende om het eigen gezin en inwoners te onderhouden. Honderd hides = een hundred = 100 huishoudens = 100 militairen te leveren aan de Kroon in geval van nood.
-- de boetes zijn vastgelegd in oude doms (vonnissen):
--- moord op een eorl (edelman): 300 goudstukken
--- moord op een ceorl (vrijman, boer): 100 goudstukken
--- bij diefstal van een persoon: waarde van het gestolene vermenigvuldigd met een getal overeenkomend met de rang van de bestolene:
----- bij diefstal van de kerk: 12x de waarde van het gestolene
----- bij diefstal van de koning: 9x de waarde van het gestolene
----- bij diefstal van een vrijman (vrije): 3x de waarde van het gestolene
----- etc
Voor elke overtreding is een dom (vonnis). Alles is nauwkeurig vastgesteld. De preciesheid daarvan toont dat Angelen snel in woede raken als hen iets wordt misdaan. Dit leidt tot vele en heftige gevechten. Als die de Koning bedreigen, worden de daders uiterst zwaar gestraft. Sinds de Kerk rond 750nC steeds meer macht krijgt, komen er steeds meer straffen bij voor alles wat tegen de Kerk of haar Christelijke Leer is gericht.
Rechtsorde: Elk stamgebied bestaat kent een aantal dingplaatsen. Drente heeft tot 1531 6 dingplaatsen (dingspels) met elk 4 vertegenwoordigers (etten) in de overkoepelende Etstoel, bestaande uit 24 etten (edelen en boeren) met als voorzitter de Drost van Drent. Elk huis heeft dingplicht, dwz moet iemand afvaardigen naar de drie jaarlijkse dingen (rechtszittingen). Drie keer per jaren komt de Etstoel bij elkaar. Twee keer in Rolde en 1 keer in Anlo.
** Recht, Wetten, Lex Anglorum, Redger, Baljuw, Gerechtigheid, Verzoening, Weergeld, Dingen, Dingplaatsen, Pleyhus, Straffen, Grummeldoek, Outlaws
# DVB, KBG

Rechtsregels: > Recht
Rechtsvorming: > Recht

Rechtvaardigheid: (RVH:)
()A gewiton (geweten), gewitt (intelligentie, begrip), rihtig (gerechtigd, juist, rechtrvaardig), rihtignis (gerechtigheid, juistheid, rechtvaardigheid), rihting (richting), rihtwis (rechtschapen), rihtwisnis (rechtschapenheid)
1000vC++ MazdeÔsme: Het MazdeÔsme is een religie die ontstaat rond 1000vC in PerziŽ. Ze predikt een goede God (Ahoera Mazda) en zoeken naar waarheid, rechtvaadigheid, barmhartigheid en goede zorg voor armen en vee. Ze gelooft verder dat waarheid en goedheid uiteindelijk zullen overwinnen. > MazdeÔsme, AmazdeÔsme
Rechtvaardigheid betekent recht doen aan anderen. Dus: rechtvaardig handelen jegens anderen en het rechtvaardig oplossen van schendingen van rechten. Rechtvaardigheid brengt vrede en voorspoed en is daarom naast gerechtigheid van fundamenteel belang voor een goed functionerende samenleving. > Gerechtigheid
¶ De rechtspraak bij de Germanen c.q. Angelen is gezien in de tijd feitelijk niet slecht georganiseerd. Het stamrecht wordt overgeleverd van generatie op generatie en middels dingen (rechtszittingen) in een Mallus gehandhaafd. Verreweg de meeste delicten worden gestraft met een geldboete (zoengeld). De rechtspraak is dus sterk gericht op verzoening. Die immers verzekert duurzame stamvrede. Slechts zeer ernstige delicten worden gestraft met verbanning of de dood. Pas na de vestiging van de christelijke kerk wordt de doodstraf op grotere schaal ingevoerd. Met name voor delicten tegen de kerk en zgn heidense rituelen.
¶ De Anglische ordening van de weekdagen weerspiegelt kennelijk de Anglische hiŽrarchie van de kosmische elementen. (> Weekdagen) Opmerklijk is dat daarin Tiwaz (god van de Gerechtigheid) is geplaatst boven Wodan, die toch algemeen wordt beschouwd als de oppergod. (> Tiwaz) Dit lijkt te betekenen dat de Angelen vinden dat ook hun god Wodan is onderworpen aan het recht. Deze opvatting vinden we terug in de Magna Charta (1215 AD) die immers vindt dat het recht voor iedereen geldt. Ook voor de koning, adel en kerkelijke prelaten in Engeland. (> Democratie) Dit Anglisch denken getuigt van een groot gevoel voor eerlijkheid en rechtvaardigheid.
¶ Rechtvaardigheid alleen is niet voldoende. Ze moet in balans blijven met gerechtigheid en bamrhartigheid.
** Gerechtigheid, Mallus, Rechtspraak, Stamvrede, Verzoening, Zoengeld

Rechtszaken: > zaak, annex, kader, Rechtspraak

Recreatie: (REC:)
()A aemetan (luieren), utblaesan (uitblazen), utblawan (uitblazen)
2015: De drie meest gelukkige volken in de wereld zijn in volgorde AustraliŽrs, Denen en Nederlanders. Dat blijkt uit internationaal onderzoek van de Verenigde Naties. De Denen zeggen dat ze zo gelukkig zijn omdat ze een goed evenwicht hebben tussen werk en vrije tijd. #NOStv/Journaal 17.3.2015
** Vrije Tijd, Happiness, Vermaak, Sport, Zwemmen, Relaxen

 

Redbole: (RDB:)
()A bole (=A bool), bool (broeder, kameraad, bondgenoot), bool (bol, kring, verbond), read (rood = kleur van bloed, liefde en verbondenheid), red (=A read), redbole (rood verbond), rudd (=A read), wit (wit, zuiver; kleur van zuiverheid). Rechts: de redbole: een rood X-kruis op een wit veld = symbool van eenheid in vrijheid.
 
650vC++ Germanen voeren al sinds 5000vC vlaggen. (> Vlaggen) De Angelen zullen derhalve zulks zeker ook al doen sinds hun ontstaan rond 650vC.
500nC++ Op de oudste munten van Engeland is een zgn X-kruis afgebeeld. Engelse ridders en krijgers voeren in die tijd schilden met een rood X-kruis. Dit is ook het symbool van de Gewisse (= bondgenoten), die voornamelijk bestaan uit Angelen.
850nC++ Als vlag is de redbole gevoerd door Ierland toen het land nog deel was van Groot Brittannia. Sinds de 9e eeuw wordt Ierland geleidelijk veroverd door Angelen uit West Engeland. Nadien hebben die zich daar duurzaam gesetteld. De Ierse redbole lijkt derhalve van Anglische herkomst. De vlag is in 1707 met de Acts of Union opgenomen in de Britse vlag. Met de onafhankelijkheid van Ierland in 1921 werd de redbole vervangen door een vlag met drie verticale banen in de kleuren groen, wit en oranje.
¶ In Nederland is de redbole terug te vinden in het wapen van Voorhout (ZH). Daar hebben zich na 400nC Angelen gesetteld. (> Voorburg, Zuid-Holland) De variante vorm rood op goud is te vinden in de wapens van Gennep/Lb, Jutphaas/Ut, Ottersum/Lb en Steenbergen/NB.
Per saldo lijkt het nagenoeg zeker dat de redbole een symbool is van de Verenigde Angelen in Engeland en daarvoor al in Angelland op het Continent. Een soort Anglisch Verbond dus, bedoeld om samen sterk te staan tegen vijanden.
** X-Kruis, Broederschap, Joriskruis, Jorisvlag, CABA, Anglavlag

Redbool: > Redbole

Redger:
()A redgar, redgaer (rechter). Afgeleid van Anglisch red, read (rood) + gar (puntmuts). Dus: rode puntmuts. Kennelijk 't attribuut van een Anglische rechter.
¶ Tot circa 1800 AD heet in Groningen en daaromtrent de rechter een redger (Angl: redgar). Hij moet voldoen aan de volgende eisen:
- eigenerfd zijn
- minimaal 30 grazen (15 Ha) land bezitten
- zijn gegoedheid moet gegarandeerd zijn; i.c. hij moet:
-- vrij man zijn
-- geboren zijn uit een wettig huwelijk
-- geen misdaden hebben gepleegd
-- vroom en oprecht zijn
¶ Het redgerschap wordt bij toerbeurt vervuld.
Werkterrein: meineed, wanbetaling, vervreemding, juridische processen, bewaking van gevangenen, gewichten ijken, taphuizen, vagebonden, financiŽle transacties, boetes (breuken), etc.
Leermens: Dorp in Noord Groningen. Valt onder jurisdictie van het Eesterrecht. De redger vergadert bij de kerk van Leermens. Bevoor de kerstening (750nC++) vrij zeker ter plekke van de kerk waar naar gebruik een grote kei zal hebben gestaan. > Kerstening
- taken: onderhoud van wegen, sloten en waterreservoirs
- ossegang: Bij hun inauguratie moeten redgers oorspronkelijk een ronde lopen om het rechtsgebied. Later moeten ze een ronde om het dorp lopen, dan een slok water uit de dobbe (plas) drinken en daarna de eed afleggen bij de grote zwerfkei (de Leermster stain) op de wierde naast de huidige kerk.
# WVA/p80, DAB, FRI

Redmayne: > Anglavlag

Redwald:
- Anglische mansnaam.
- Vrml locatie in Oost Groningen, anno 2010 Reiderwoldt genaamd, gelegen onder Woldendorp. Oudst bekende naam: Redi in Walda (#WEW/p85).
** Reiderwoldt, PgBrit/Redwald van East Anglia

Redwald van East Anglia (565*-625) > PgBrit
Reest: > Resta

Reformatie: (1400++; REF:)
1400++ Hussieten > Hussieten
1431++ Inquisitie > Inquisitie
1525++ Reformatie Noord Groningen #CVF
1534++ Wederdopers in Noord Groningen #CVF
1534-- Ontstaan Anglicaanse Kerk. Engeland los van Vaticaan.
** Brandstapel

Regda:
Rond 1404 de naam voor rivier de Regge in Twente. #Quedam/122
** Regge

Regenham:
Mogelijk een voormalig gehucht bij Exloo in Drente. Aldaar loopt de Regenhamsdijk in een voormalig veengebied. De naam Regenhamsdijk suggereert een dijk die naar een locatie Regenham voert. Analoog bijvoorbeeld aan de Bornsedijk van Deurningen naar Borne in Twente. Exloo is rond 300vC bevolkt door Angelen uit Groningen. Regenhamsdijk kan derhalve zijn afgeleid van Anglisch regn (regen) + ham (heem, huis, oord) + dic (dijk). Dus: een dijk naar een oord waar het vaak regent.
¶ Bij Londen lag ooit het dorp Rainham. In de Doomsday Book van 1086 genoemd als Raineham. De regio is rond 470nC bevolkt door Angelen vanuit het Continent. Raineham lijkt derhalve afgeleid van Anglisch regn (regen) + ham (heem, huis, oord). Anno 2011 is Rainham deel van Havering, een borough van Londen.
** Ranstrup, ASA

Regeren:
Regeren vraagt Waarheid, Wijsheid en Geduld. Soms echter moet men snel en goed ingrijpen om erger te voorkomen. De meester volgt de goede weg en bereikt het hoogste bereikbare. Waar mogelijkheden eindigen, resten berusting en gelatenheid. Meer of beter kan men waarlijk niet doen. #SRK

Regering: (REG:)
()A brego (vorst, koning), cung (koning), cwen (koningin), cyne (koning), cyne (koen, flink, kordaat, dapper, vermetel), cyng (koning), cyning (koning), feng to rike (kwam aan de macht), firsc (vorst), fyrst (vorst), kuning (koning), -ric (machtig, krachtig), ricdom (rijkdom, macht), rice (rijk, machtig, belangrijk), rice (rijk, koninkrijk, land, gebied, macht), ricdaeg (rijksdag), rick (=A rice), ricman (rijkaard, aanzienlijk persoon), ricsodon (regeren), thragan (regeren), thrage (regering), thrage (poging, onderneming), walda (heerser, regeerder, bestuurder), walda (ambtsgebied, bestuursregio), waldan (besturen, beheren, regeren), weald (woud), wealda (=A walda), wealdan (=A waldan), wealdan (overweldigen, veroveren), wealde (weelde), weolda (=A walda), weoldan (=A waldan), wita (wijze, raadsman)
¶ De Anglische regering in Angelland bestaat uit de koning + ad hoc bijeengeroepen witans (wijzen, raadslieden). > Koning, Witan
400nC:


          

Hierboven: Offa (links) voor zijn vader koning Wermund van Angeln op de troon en met de angolstaf in de hand; rechts neemt ene Rigan zwaaiend afscheid. Tafereel uit circa 400nC. (prent c 1200AD bron NHS/p44-45)
630nC:

          
 
¶ Afbeelding hierboven stelt mogelijk voor koning Penda van Mercia (575-655) in vergadering rond 630nC met zijn wita's (raadsleden) van de Witan (Raad van Wijzen). De afbeelding is afkomstig uit de Engelse Hexateuch uit de 11e eeuw.
# British Library; EU Public Domain; USA No ©
** Landbestuur, Koning, Witan, Stabiliteit

Regge:
Alias Regda (1404; #Quedam/p122), Regde (#CAV). Volgens bron Quedam rond 1404 mogelijk ook Reccla genoemd.
¶ Het stroomdal van de Regge wordt rond 300vC bevolkt door Angelen uit ZO Drente. De naam Regda kan derhalve zijn afgeleid van Aglisch regn (regen) + da (een gebied waar iets veel voorkomt). Dus: een gebied waar het veel regent.
¶ Een andere optie is dat Regda is afgeleid van Anglisch ryge (rogge) + da (veel). Derhalve: de rivier waarlangs veel rogge wordt verbouwd. Aangezien rogge voor de Angelen van oudsher een belangrijk gewas is, lijkt deze optie reŽel.
100vC++: Zover bekend wordt in Nederland rogge voor het eerst verbouwd rond 100vC en wel op raatakkers op de zandgronden in NO Nederland. Dat zijn de gebieden waar voornamelijk Angelen wonen. De naam Regge kan derhalve zeer wel de betekenis hebben van rivier waarlangs veel rogge wordt verbouwd.
** Reccla, Rogge, Raatakkers, Reggeland

Reggeland:
Regio langs rivier de Regge in NO Overijssel. Deze regio wordt rond 300vC bevolkt door Angelen uit ZO Drente.
** Regge

Regia Anglorum: (RAG:) > Politiek, Ladangpolitiek, Anglische Macht, Landinrichting, Landbestuur, Pax Anglorum

Regio Anglorum: (ROG:)
-300vC-450nC Angelland = gebied tussen Denemarken, Elbe, Saale, Rijn en Noordzee. > Angle
-400-600nC NO Nederland overwegend Anglisch gebied. > Pax Anglorum
-450--550 Massamigraties Angelen uit Angelland naar Brittannia. Ruim 3 miljoen Angelen migreren. Ruim 3 miljoen blijven in Angelland. Continentaal Angelland raakt daardoor ernstig verzwakt. Ze wordt een makkelijk prooi van Denen, Franken en Saxen. > Demografie, P58
-500--775 NO Nederland nog vrij (onbezet) Anglisch gebied
-550----- einde massamigratie naar Brittannia
-550++--- Lex Salica van en voor de Franken ingevoerd > Rechtspraak
-600++--- Angelland tussen Denum, Saale (Thuringen), Waal en Noordzee
-600++--- Saxenland tussen Elbe en Oost Polen
-600----- Franken bezetten Nijmegen
-600--700 Angelland verzwakt > P58
-600--700 Saxen settelen in NoordAlbinga/Holstein > Saxen
-600--700 Angeln (Opper Angelland) strekt zich uit tot de Elbe
-600--700 groei bevolking NO Nederland stagneert > Demografie
-600--700 Angelland geteisterd door raids van Denen
-600--700 Opper Angelland (Angeln) geleidelijk veroverd door de Denen.
-737++--- Deense koning Godfried bouwt Danewirke langs de Eider bij Haithabu
-742--814 Karel de Grote, koning der Franken
-750++--- In Angelland wonen nog vele Angelen > Angle
-750++--- Neder Angelland geleidelijk veroverd door Franken, Saxen en Friezen
-750++--- Saxen en Franken veroveren Thuringen > Thuringen
-750++--- Friezen settelen in Eemsland en Noord Groningen
-750-hedn Friezen in NW Duitsland (Noordzeekust Sleswig)
-768++--- Karel de Grote zetelt in Nijmegen
-775++--- Saxen migreren naar NW Duitsland en grensstreken NO Nederland
-780++--- Saxen veroveren de Groninger Ommelanden en Dokkum > Ludger
-782----- Karel de Grote laat 4500 Saxen onthoofden in Verden/Bremen
-785++--- Saxen onderwerpen zich aan de Frankische koning Karel de Grote
-785++--- Karel de Grote breidt zijn rijk uit tot aan de Elbe > Franken
-785++--- Lex Saxonum door Karel de Grote opgelegd
-790++--- Lex Frisionum door Karel de Grote opgelegd
-785----- Karel de Grote breidt zijn rijk uit tot aan de Elbe > Franken
-785++--- Lex Saxonum
-790++--- Lex Frisionum
-790++--- Lex Salica voor de Angelen in NO Nederland?
-800++--- Frisia Proper = Noord Nederland tussen Vlie en Weser > Friezen
-800++--- NO+Midden+Zuid Nederland onderdeel Frankisch Rijk
-800--803 Franken en Saxen veroveren Thuringen > Thuringen
-803++--- Thuringen een Frankisch hertogdom > Thuringen
-803--843 Neder-Angelland onderdeel Frankisch Rijk
-803++--- Lex Anglorum et Werinorum in Thuringen > Thuringen, Engilin
-843----- Verdrag van Verdun:
---------- Frankisch Rijk opgedeeld in Lotharingen, Saxisch Rijk en Frankrijk
-843--880 Angelland = Lotharingen > Angelland
-843----- Hertogdom Saxen omvat huidige (2010AD) deelstaten Nedersaxen, Noordrijn-Westfalen, Sleeswijk-Holstein en Saxen-Anhalt.
-880----- Oost Angle onderdeel Oost Francia (= Duitsland)
-880----- West Angle onderdeel Neder-Lotharingen (Lage Landen)
-880----- West Neder-Angelland = BelgiŽ, Luxemburg, Nederland + OstFriesland
1000++-- West Neder-Angelland zelfstandig gebied > KHS
1260----- Einde Hertogdom Saxen.
¶ Tussen 775-800nC wordt Angelland geÔnfiltreerd door Saxen, Franken en Friezen. In die zelfde tijd worden Saxen en Friezen onderworpen door de Franken. Karel de Grote legt hen elk een Lex (wet) op. Respectievelijk de Lex Saxonum en de Lex Frisionum. Een Lex bevat normaliter het volksrecht van een regio, i.c. civiel recht aangevuld met regels van strafrecht.
¶ De Angelen in Thuringen krijgen samen met de Warnen de Lex Anglorum et Werinorum. Voor de Angelen in Angelland komt geen aparte Lex. Zij vallen onder de genoemde Lex Saxonum en Lex Frsionum, naar gelang waar zij wonen.
¶ Het is vooralsnog niet duidelijk onder welke Lex de Angelen in NO Nederland vallen. Een optie kan zijn de Lex Salica van de Franken, daterend uit 550nC. Sinds 785nC valt West Neder-Angelland immers onder het Frankische Rijk!
¶ Een andere optie is: Lex Saxonum of Lex Frisionum, afhankelijk in welk lexgebied de Angelen wonen. Echter, NO Nederland wordt amper bevolkt door Saxen of Friezen. De grote meerderheid van de bevolking mag gerekend worden tot de Angelen. > Demografie
¶ Nog een andere optie is de Lex Anglorum et Werinorum uit 803nC. Deze Lex lijkt echter vooralsnog alleen te gelden voor de volken in Thuringen. > Thuringen
¶ Het schijnbaar ontbreken van een aparte Lex Anglorum voor de Angelen in West Angle (NO Nederland) lijkt te demonstreren de mineure politieke rol die zij in die tijd lijken te spelen. In hoeverre zij nog een sociale en/of politieke eenheid vormen is vooralsnog niet goed bekend. Na enige eeuwen lijken ze helemaal geÔntegreerd met de regionale bevolking en lijkt hun zelfkennis nagenoeg verdwenen.
** Angelland, Angle, FBAA, Pax Anglorum, KHS, Anglische Macht, HGZW, CABA, HAVA, HIZA

Regiokeuze:
Rond 400 vC migreren Angelen vanuit Angeln in Sleswig (Noord Duitsland) naar gebieden in het zuiden: het Elbe/Eems-gebied en NO Nederland tot aan de Rijn. Dit gebied heeft de fictieve naam Groot Veenland, omdat het grotendeels bestaat uit laagveen en moerassen met daartussen zandruggen, die onderling spaarzaam zijn verbonden door wegen en paden. Door deze gesteldheid is Groot Veenland moeilijk toegankelijk. De vraag rijst daarom welke motieven de Angelen hebben om zich in dit barre gebied te vestigen, terwijl meer oostelijk toch veel droog heuvelgebied ligt. Theoretisch zijn de volgende antwoorden denkbaar:

leegheid: het gebied is nauwelijks bewoond.
veligheid: de slechte toegankelijkheid maakt het gebied relatief veilig voor agressie van buitenaf.
zwakheid: de Angelen zijn relatief te zwak in aantal en vechtkracht om te kunnen strijden tegen andere volken en kiezen daarom primair voor veiligheid.
beverjacht: de aanwezigheid van bevers maakt beverjacht mogelijk, wat zeer lucratief is.
droogheid: sommige bronnen beweren dat vele Angelen en Saxen naar Engeland migreren omdat hun homelands op het Continent te drassig is voor landbouw en veeteelt. Deels kan dit mogelijk waar zijn, omdat de homelands van vooral de Angelen voor een groot deel inderdaad in moeraslanden liggen. (> Groot Veenland) Echter, die moeraslanden zijn juist de woongebieden van bevers, waarop zoveel wordt gejaagd door de Angelen. Bovendien migreren deze Angelen juist naar gelijksoortige draslanden in Engeland. I.b. East Anglia en ZW Worcestershire.

¶ Anglische gebieden hebben relatief veel locatienamen met Bever-. Dat wijst op de aanwezigheid van bevers. Aangezien beverjacht zeer lucratief is, zal dat echter ook andere volken kunnen aantrekken. Dat betekent dus strijd.

Als Angelen desondanks nogal dominant aanwezig zijn in bevergebieden, dan duidt dat echter juist op een zekere superieure vechtkracht en/of strategie tegen vreemde indringers.
Bij de massamigratie van het Continent naar Brittannia in 400-550 nC blijkt nagenoeg hetzelfde: de Angelen veroveren circa 65% van Engeland, een gebied dat naar hen is genoemd. Hun gebied omvat ook daar relatief veel locatienamen met Bever- en dus relatief veel bevers. Beduidend meer dan de gebieden die de Saxen en Juten veroveren.
¶ In Thuringen lijken de Angelen minder succesvol. Samen met Warnen vestigen ze zich daar circa 150 nC. Rond 500 nC wordt hun land veroverd door Saxen en Franken. Het is vooralsnog niet bekend of Thuringen ook een groot bevergebied was. Als dat zo was, dan hadden de Angelen zich mogelijk krachtiger verweerd.
¶ In 1654 dwingt Engeland de West Indische Compagnie (WIC) om Nieuw Nederland en Nieuw Amsterdam aan hen over te dragen. Deze gebieden zijn in die tijd uiterst lucratieve bevergebieden. Bevervel was goud waard. De beverhandel was voor de WIC de voornaamste activiteit. Het succes van de WIC maakt de Engelsen jaloers. Ze wachten daarom hun kansen af om toe te slaan en de Nederlandse gebieden in Amerika over te nemen. De WIC krijgt in ruil Suriname, wat uiteindelijk een beter bezit blijkt. Op 19 april 1783 worden de Verenigde Staten van Amerika onafhankelijk. Groot BrittanniŽ is z'n gebieden en inkomsten daar kwijt. De WIC kan de handel met Amerika hervatten.
** Groot Veenland, Beversites, Bevers, Beaver, Bevervel, Beverjacht, Beverjagers, Thuringen

Regionamen: (RGN:)
¶ In het Anglisch worden regio-, streek- of locatienamen op een aantal verschillende manieren samengesteld.
Namen van locaties en regio's ontstaan vaak al ver bevoor mensen daar settelen. De naam is dan normaliter gegeven door mensen in de directe omgeving. Dat kan bijvoorbeeld de stad Groningen zijn geweest. De oudste gevonden sporen van bewoning in Groningen dateren vooralsnog uit circa 400vC. (> Ezinge) Noord Groningen lijkt echter al rond 500vC te worden bevolkt door Angelen uit Eemsland. > ASA
Maashees is een dorp aan de Maas bij Boxmeer in Noord Brabant. De regio wordt rond 405nC na bevolkt door Angelen uit de Betuwe. De naam Maashees lijkt derhalve afgeleid van Anglisch Mysse (Maas; streektaal Musze) + haesa (heze, bos). Dus: de heze bij de Maas. > Maashees
--- De vertaling van Maashees met Maasbos = Maas(1)bos(2) = bos bij de Maas, geeft aan dat in diverse Anglische regionamen eerst de locatie (Maas = 1) komt en dan de specificatie (bos = 2) komt. De typonomische omschrijving is echter omgekeerd. Namelijk: eerst de specificatie (2) en dan de locatie (1). Ofwel: het bos (2) bij de Maas (1).
Reiderwoldt: Vrml locatie in Oost Groningen. Anno 2010 Reiderwoldt genaamd, gelegen onder Woldendorp. Oudst bekende naam: Redi in Walda. (#WEW/p85) Later: Redwald. De naam Redi in Walda lijkt afgeleid van Anglisch read (gerooid land) + in (in) + wolde (dichtbegroeide, zompige wildernis). Dus: gerooid land in een zompige wildernis.
Stomphorst: Deze naam is afgeleid van Anglisch stump (stomp, stronk, boomstronk) + hurst, hyrst (begroeide hoogte). Dus: de horst waarop stompen ofwel boomstronken staan.
¶ Bij migraties van mensen worden normaliter taal, techniek en cultuur meegenomen naar de nieuwe settlezone. Afhankelijk van de omstandigheden vindt in de loop der tijd integratie plaats tussen de oorspronkelijke bewoners en de nieuwkomers. Vaak gaan machtige invaders echter een sterk eigen stempel drukken op de settlezone. Dat betreft o.a.: taal, plaatsnamen (regionamen), rechtspraak, architectuur en techniek. Zo zijn in Angel-Saxisch Brittannia plaatsnamen te vinden, die duidelijk zijn te relateren aan identieke plaatsnamen in de herkomstgebieden op het Continent, i.c. Angelland, de fictieve naam voor de regio tussen Denemarken en de Rijn, gelegen in NO Nederland en NW Duitsland.
¶ Aangezien regionamen in Engeland in een groot aantal gevallen corresponderen met regionamen in Angelland (NO Nederland + NW Duitsland), en de Angel-Saxen naar Brittannia zijn gemigreerd in de periode 450-550nC, lijken die identieke regionamen in Angelland al te dateren van ver vůůr 450nC.
¶ Aangezien de Engelse spelling nogal conservatief is vergeleken met de Nederlandse spelling, zal de Engelse spelling van regionamen vrij zeker veel meer authentiek zijn dan de Nederlandse spelling van de identieke regionamen.
¶ Anglisch regionamen met:
- aal zijn AVA ael = offerplaats, tempel. VB Aalten
- burg zijn AVA burg, burh, beorg = burg, burcht = versterkte plaats, omwalde nederzetting. VB Kranenburg, Zwanenburg, Oldenburg
- collen of kollen zijn AVA colle = heuvel, platteau. VB Collendoorn/Hardenberg
- cot, cote, coten, kot, kote of koten zijn AVA cote, cott = schuilhut, schuilplaats, schuiloord. VB Cothen, Kallenkote/Drente (1200AD Collencoten), Winschoten (AVA Winn/mansnaam + s/van + cote)
- dam zijn AVA dam = dam, dijk, kade, erf of grondgebied
- doorn zijn AVA dore of dor = deur, doorgang, poort, open land. VB Hammendeure in Harreveld/Achterhoek = deur (toegang) naar de hamme =A hamma = beboste hoogte in moeras.
- eind of einde zijn AVA aynde of ayne (einde). O.a. in: Ane (Drente), Westeind, Eindhoven, etc. Betekenis: locatie aan het einde van iets.
- eth = haven
- foort of fort > voort
- gum of um zijn AVA gum of um = huis, heem
- ham, hem, heem of heim zijn AVA ham = huis, heem, oord
- hithe, hythe = haven
- ing, -ings, -ingten of -inghem zijn vaak oude versterkte locaties > Vestingsteden
- kamp zijn AVA caemp = kamp = hoog gelegen open veld, akker, stuk bouw- of weiland; ook: omheind of afgeperkt stuk cultuurland. AS kamp, kaamp; mv kempe; kempeken = kleine kamp
- koop, kope zijn AVA ceap, ciep, cop, cope, coup, coep = gekocht land
- laar, lare, ler zijn AVA laer = bosweide, lustoord
- lau, law, low =A loo
- lee =A loo
- loha =A loo
- loo, loe, lo zijn AVA lah, laeg, lagh, ley, loha, low = lo, loo, laag, laagte; of zijn AVA loha = loo = hoog gelegen stuk bos. VB Almelo, Hengelo, Bussloo/Wilp. Engelse plaatsnamen met -ley (Ndl: -loo) worden beschouwd als plaatsen waar zich oorspronkelijk Angelen hebben gesetteld. Hetzelfde lijkt te gelden voor plaatsen eindigend op -loo of -lo in Nederland. > Loo
- lough =A loo
- mal zijn AVA mael = grens
VB Malbergen = berg of hoogte bij een grens.
- mar, meer zijn AVA mar = meer, plas
- oord zijn AVA ord = oord
- osse zijn AVA os, oxa os. VB Ossenberg/A50/Heerde*, Ossenbroek/Zuidlaren, Ossendrecht/BergenOpZoom, Ossendijk/Lochem, Ossenholt/Vierhouten, Ossenveld/Apeldoorn*, Ossenwaard/Deventer, Oxe/Gorsel, Oxevoorde/Oxe, Oxwerd/Noordhorn/Gro, etc. > Ossen
- pas, paas, pes of pees zijn AVA paes, peas, pas of pes = paas, pas = heide, heideveld
- pet zijn AVA pet, pete, pith = turf, turfveld, laagveen. VB Norger Petgaten, Petkamp
- re, rade of rode zijn AVA re, rade of roda = rode = gerooide plek, ontgonnen land. VB Angelre, Kerkrade, Nijenrode
- steen zijn AVA sten, stan, ston, stun > -steen
- ten zijn AVA tun, tune, tone, etc = tuin, erf, omheinde plek, etc. VB Aalten
- ter zijn AVA treo = boom. O.a. Deventer = prachtige boom = AVA dawn (prachtig) + treo (boom). I.c. een oude eik die ooit stond op een heuvel bij de kerk in het centrum. > Deventer
- um > -gum
- vel zijn AVA fel = veldje, veld
- veld zijn AVA feld = veld
- voort, voorde of vorde zijn AVA ford of forde = voorde, doorwaadbare plaats. VB Hackfort/Vorden. > Voorden
- wal zijn AVA wael, walla = wal, muur, kade, ruÔne; AS welle
- zaal zijn AVA saele = stroom, rivier, waterloop; Oldenzaal = Olde Saale; Upsala/Zweden = aan de stroom; Brussel = Broeksele = moersasstroom. (# KUOZ/p79)
** naam, soort, Regio's, Geologie, Posities, Veldnamen, Geonamen, -ing, Inga, Kamp, Tuinen, TEHA
# DVB, KBG, FRI

Regiotaal: > Streektaal

Regio's: (RGS:)
()A berewic (gehucht, buurt, buurtschap), berth (buurt, streek), bourscip (buurtschap), bura (buurt, streek), burscip (=A bourscap), butafeld (buitenveld, afgelegen veld), byrtscip (=A bourscip), cluft (gehucht, wijk), flecce (vlek, gehucht), gaw (gouw, dorp, streek), gawe (=A gaw), gow (=A gaw), hamlet (klein oord, gehucht), heoda (hoede, gehucht), inga (gehucht), land (land), rad (buurt), rodda (=A rad), scere (gewest, regio, zone), scir (=A scere), scyr (=A scere), stead (stad, stede), stede (stede), thorp (dorp, landgoed), throp (=A thorp), utbac (uithoek, afgelegen gebied), uterham (buitengebied), uterweard (uiterwaarde), uterwic (buitenwijk), utland (buitendijks land), utland (buitenland), utscyrt (buitenwijk, randgebied), wic (wijk, buurt)
** naam, soort, Nederzettingen, Dorpen, Steden, Gouw, Geologie, Landinrichting, Landschap

 

Reiderland:
Oorspronkelijk een welvarende regio aan de Dollard tussen Oost Groningen en Ost-Friesland. De regio werd al eeuwenlang geteisterd door sterke getijdstromen en zware stormen en overstromingen. In 1277nC komt de genadeslag. Reiderland loopt onder en is sindsdien niet meer drooggelegd. Vele dorpen en buurten verdrinken: Asterbeerte, Asterfinsterwolda, Asterreyde, Astock, Astwold, Ayckaweren, Beda, Berda (Beerte), Bellingwolda, Freseloe, Bentumerwolda, Berum, Bingum (Bingham), Blyham, Bonewerda, Bunderhee, Capeldaberda, Coldeborgh, DeLidden, Ditzumerwold, Dunebroke, DunneLee, Emstweer, Exterhus, Fiemel, Fletum, Gaddingahorn, Garmede, Goldhorn (bij Finsterwolda), Hackelsum, Harckenborg, Harmeswolda, Haxen, Haxenerwald, Homborg, Houwingagast, Houwingaham, Huweghenborch, Jansum, Jarde, Ludgerskercke, Maerhusen,
Marckhusen, Marienchor, Medum, Megenham,     Boven: Reiderland op een kaart van Lucas
Midwolda, Nebehusen, Nesse, Nortbroke,           Jansz Waghenaer, Leiden 1585
 
Nyenham, Ockeweer, Oengum, Peterswere, Poel, Reiderwold, Rippelde Wyrde, Rodenbord, Santdorp, Scagasthorpe (Stockdorp), Siwetswere, Soxum, Soxumerwold, Stockershorn, Suthbroke, Swaech, Thorsham (Torum), Torpsen, Tysweer (1480 Thyesweer), Ulsda, Upwolda, Utbeerte, Uterpogum, Utham, Weenermoor, Willinghem (Wilgum), Wincham, Wynedaham, Wymeer, Wynham en Wynschotten.
¶ Sommige dorpen en buurten zijn later verhuisd naar andere plekken in de nabijheid. De regio Reiderland bestond voornamelijk uit laagveen en klei. Hierdoor is de bodem gaan klinken, waardoor de regio op termijn verzakte en overstroomde.
¶ Genoemde locaties Thorsham en Tysweer lijken van Anglische oorsprong. Thorsham is zeker afgeleid van Thor (Donar, god van de Oorlog) en Tysweer van Tiwaz, de Germaanse god van de Gerechtigheid. Zowel Thor als Tiwaz (Thewaz) zijn speciek Anglische namen voor deze goden. (> Donar, Tiwaz) In Angeln ligt o.a. de stad Thorsberg. Reiderland lijkt daarom van oorsprong een Anglische nederzetting, hetgeen overeenkomt met het algemene beeld van de Anglische migratie naar het zuiden in 600-300vC. Voor de kolonisatie van Noord Groningen (o.a. Losdorp en Humsterland) zullen ze zeker via Reiderland zijn gemigreerd.
** Beda

Reiderwoldt:
Vrml locatie in Oost Groningen. Anno 2010 Reiderwoldt genaamd, gelegen onder Woldendorp. Oudst bekende naam: Redi in Walda. (#WEW/p85) Later: Redwald.
¶ De regio Reiderwoldt wordt rond 500vC bevolkt door Angelen uit Reiderland. De naam Redi in Walda kan derhalve zijn afgeleid van Anglisch read (gerooid land) + in (in) + wolde (dichtbegroeide, zompige wildernis). > ASA
** Redwald, PgBrit/Redwald van East Anglia

 

ReÔncarnatie: (RIN:)
5000vC++ Horus: In de Egyptische mythologie de zoon van oppergod Ossiris en de godin Isis. Hij is verwikkeld in een eeuwigdurende strijd met Set, die hem steeds achtervolgt, martelt, vermoordt, in stukken snijdt en de resten verbrandt. Horus ondergaat steeds het onvermijdelijke lijden met gelatenheid en herrijst daarna telkens weer. Hij wordt gezien als de god van het goede, die steeds weer herrijst uit de dood en daarna de goede weg weer vervolgt. Al in het begin van de Eerste Dynastie (2878-2818vC) wordt Horus gezien als de koningsgod en beschermer van de farao, die op aarde een zichtbare incarnatie is van hem. In hun hand dragen ze vaak het zgn Ankhkruis, teken van eeuwig leven.
 
Boven: de Egyptische god Horus met een een valkenkop en een zonnering, symbool van eenheid en eeuwig leven. De valkenkop symboliseert dat Horus alles scherp in de gaten houdt. (> Valk) De slang om de zonnering symboliseert het eeuwig vernieuwend proces, zoals een slang steeds z'n huid verliest en dan weer verder gaat.
** Eer, Hiernamaals, Eeuwig Leven

Reinheid: > Reiniging

Reiniging: (RNG:)
()A brom (bezem), broman (ww bezemen, vegen), buc (emmer), buteran (lappen, poetsen, schoonmaken), byrst (borstel), cierran (keren, vegen), claenan (schonen, schoonmaken, reinigen, zuiveren), claene (schoon, rein), claensian (reinigen, zuiveren), dwaeg (schoon), dwaegan (wassen, schoonmaken), dwael (dweil, handoek, servet), dwaelan (dweilen, schoonvegen) eymar (emmer), feagan (vegen, reinigen, zuiveren), lafian (wassen), lappan (lappen, schoonmaken), merian (zuiveren, reinigen), oxgealla (ossegal; # zeep), roufalan (hard wrijven, strijken), sapan (ww zepen, inzepen), sape (zeep), sciene (schoon), sconan (schonen, verschonen, schoon maken), scone (schoon), scrobban (=A scrubban), scrubba (schrob, harde borstel), scrubban (schrobben, schoon maken), stofa (badruimte, badkamer), swab (zwabber, dweil), swaban (swabberen, dweilen), swilian (wassen, reinigen), thweal (dweil, waslap), thwealan (dweilen, wassen), torr (poetsdoek), tub (tobbe, wastobbe, kuip), twahan (wassen), twean (wassen), weas (was, wasgoed), weascan (wassen, schoonmaken), weasdook (vaatdoek), waeter (water), wascan (=A weascan), wascdaeg (wasdag), wascfraw (wasvrouw), wasctub (wastobbe), witlapp (zeemlap)
** HygiŽne, Vuilnis

Reisroutes:
China-ZwarteZee-Constantinopel vv (300vC-1450nC) > Zijderoute
Dorestad-Rijn-Lek-Vlaardingen-Noordzee-Engeland (400nC++)
Dorestad-Rijn-Lek-Vlaardingen-Noordzee-Frankrijk (400nC++)
Dorestad-Vecht-Zuiderzee-Oostzee (400nC++)
Harderwijk-Zuiderzee-Maresdeop/Texel-Noordzee-Boston/Lincolnshire > YTL-Route
Keulen-Lobith (--400nC++)
Lobith-Rijn-Dorestad-Engeland (25nC++) > ARV/Historie
Oostzee-Dvina-ZwarteZee-Kreta-Egypte (Barnsteenroute; 2500vC++) > Barnsteen
Yssel-Zuiderzee-Maresdeop/Texel-Noordzee-Boston/Lincolnshire > YTL-Route
** Scheepslijnen, Veerdiensten, YTL-Route, Vaarwaters

Reistijden: (RTY:)

vorm
voet
paard
ossekar
paardekar   
trekschuit
roeiboot   
zeilboot
trein/1850
km/u
5-8
15-25   
5
15-20
1.5
10-15
10-40
60
km/d
20-40
160
40
100
15
100
200
480
1830: Reizen per postkoets:
--- Amsterdam-Utrecht: 5 uur
--- Amsterdam-Parijs: 60 uur
2014: Bushmen (San) op jacht lopen circa 20 Km per dag. > Reizen

Reizen:
()A aenholt (pleisterplaats), aitfedan (altijd maar door), alfedan (al maar door), angolsticc (angolstok = wandelstok met rechte handgreep), bacpac (rugzak), bagge (bagage, tas, zak), bisan (wild rondlopen, zwerven), biwacan (bivakkeren), biwace (bivak), biwesen (gezelschap), buga (reistas), caempian (kamperen), climban (klimmen, beklimmen), climman (=A climban), cnapsacc (knapzak = buidel met proviand), cornut (kornuit, metgezel), daegfor (dagtocht, dagmars), daelan (dalen, afdalen), dolan (dolen, dwalen), dolaran (=A dolan), dragan (dragen, trekken), dragarman (gids), drawan (=A dragan), ethus (eethuis, restaurant), ewaeg (onderweg, op weg, weg), faran (=A fearan), farewel (vaarwel), fera (=A feara), feran (=A fearan), ferd (=A feard), feara (gezel, metgezel, maat), fearan (varen, reizen), fearend (reiziger), feard (vaart, tocht, reis), feran (=A fearan), ferend (reiziger), ferian (=A fearan), fingerpal (vingerpaal = wegwijzer), for (reis, tocht, mars, expeditie), foran (=A faran), fributan (ww vrijbuiten = avonturieren, zwerven), fributere (vrijbuiter = avonturier, zwerver), ganc (gang, reis, manier), gasticc (wandelstok), gefera (=A fera), genota (reisgenoot, metgezel), giesthus (gasthuis), giestriht (gastrecht), god gan! (goede reis!, het beste!), halfwaeg (halfweg, halverwege), Halfwaeg (Halfweg = locatie halfweg een vaste route; vaak is daar ook een restaurant of hotel), hand (wegwijzer), hadbagge (handtas), herebeorg (herberg), hleapan (=A leapan), hors (paard), hot (rugkorf), irran (vergissen, verdwalen, verwarren), hurran (haasten), lad (weg, reis), ladna (weg of reis naar), lawu (tent), leadere (leider, gids), leapan (lopen), leapere (loper), lop (loop, reis, tocht), lopan (lopen, reizen, trekken), leppere (leperd, boef, schoft, schurk, landloper, zwerver), luppan (=A leapan), luppere (loper), maegthan (ww reizen), meduseld (metgezel), onwaeg (=A ewaeg), paedh (pad), palstre (wandelstok, staf), paltere (reiziger, zwerver, landloper), peard (paard), prollan (rondzwerven), rabba (landloper, zwerver), rabban (landlopen, zwerven), rucsacc (rugzak), sadol (zadel), sadolbagge (zadeltas), sadolpine (zadelpijn), sandwaeg (zandweg), scearpa (reistas, rugzak), stappan (stappen, lopen), sweorfan (zwerven), sweorfere (zwerver), tente (tent), thoddan (ronddolen), thoghan (togen, reizen, trekken), thoghet (tocht, reis), thragan (=A dragan), thragarman (gids), togan (=A thoghan), tolgield (tolgeld), tollwaeg (tolweg), treckwaeg (trekweg = weg waarlangs mensen te voet trekken; voetpad), trunc (reiskoffer), umwaeg (omweg), underwaeg (onderweg), utspan (uitspanning = plaats waar paarden uitgespannen worden en verwisseld met uitgeruste paarden), waeg (weg), waegwissere (wegwijzer), wandrian (reizen, trekken, zwerven), whispelan (zwerven), wician (kamperen, verblijven), wicstow (kamp, schuilplaats), ymbaernan (rondreizen)
6800vC: Mensen gebruiken sleden met glijders. #DWO
6300vC: oudste boot van NW Europa gemaakt te Pesse in Drente. Boomstamkano aldaar gevonden in 1955. # WP, DWO
6300vC++ Mensen maken boten en pagaaien (roespanen met twee bladen) #DWO
4000vC: zeilboten in Egypte en Sumeria #WP/schip
2700vC: eerste wagen ter wereld gebouwd in Egypte (*)
2500vC: wagenwiel (eikenhout) in Weerdinge/Drente.
1500vC: Scyten rijden met ossekarren
1300vC: Mozes trek met de Joden uit Egypte. Hij wordt achtervolgd door de Egyptenaren in strijdwagens getrokken door paarden. > PgGen
655vC: De Anglische koning Ingwi reist van Leire op Seeland in Denemarken met groot gezelschap per wagen en boot naar Angeln. (> Ingwi) Ergens in Zuid Engeland staat op een oude steen van c 1000nC in runen de Oud Engelse (Anglische) tekst:

Ing waes aerest mid Eastdenum
gesewen secgum, od he siddan east
ofer waeg gewat. Waen aefter ran.
Thus Heardingas thone haele nemdon.

ofwel

Ing was eerste onder de Oost-Denen
zo gezien en gezegd, tot hij oostwaarts ging
over weg en water. Zijn wagen reed achter.
Aldus noemden Hardinga's die held.

300vC-1450nC De Zijderoute: China-ZwarteZee-Constantinopel vv. De route is een handelsroute waarlangs oorspronkelijk voornamelijk zijde uit China wordt vervoerd naar andere gebieden in AziŽ en Europa. Later worden ook steeds meer vervoerd satijn, thee, wierook, robijnen, diamanten, parels, porselijn, papier, paarden, buskruit, rabarber, perzikken, sinaasapples, muskus en vele andere producten. De Zijderoute is ruim 11.000 Km lang en duurt vele maanden. Ze gaat op zwaar beladen kamelen in grote caravanen langs lange bergketens en vele oasen in uitgestrekte woestijnen. De route is eeuwenlang de belangrijkste verbinding tussen Oost en West. > Zijderoute
50vC: Julius Caesar schijft circa 50vC dat de Germanen in bizonder Mercurius vereren, die ze beschouwen als gids op hun reizen en behalen van winst. (Commentarii de Bello Gallico 6.17) Mogelijk bedoelt hij de god Balder, die vaak wordt vergeleken met Mercurius. > Religie
Gastrecht: In de oudheid bestaat gastrecht (AL gastriht). Dat houdt in dat een nederzetting of borgheer reizigers gepast en met afstand moet ontvangen en onderdak verlenen. Daartoe kunnen ze een ontvangstruimte annex slaapzaal bouwen. > Gasten
 

400nC: Rechts: De Anglische god Balder met angolstok. Aquarel gemaakt door Hester Jans-Molenberg na zorgvuldig historisch onderzoek van alle relevante feiten mbt de god Balder in Anglisch perspectief rond 400nC. (© BCK) Balder is hier uitgebeeld in de outfit van een voorname jongeman rond 400nC: mantel met fibula (mantelspeld), broek en laarzen. In zijn rechter hand houdt Balder de zgn angolstok, die vele eeuwen zo kenmerkend is voor Anglische heren, boeren, herders en reizigers. In Engeland wordt deze angolstok nog veel gebruikt, i.b. door veeboeren.
 

 

400nC: Op lange tochten moeten reizigers ergens overnachten. Als er geen herbergen zijn, moeten ze onderweg kamperen. Dat doen ze normaliter op een zgn aenholt (anholt = pleisterplaats) waar ze de nacht kunnen doorbrengen. Aquarel van Hester Jans-Molenberg na zorgvuldig historisch onderzoek. (© BCK)
 

425-430nC: Widsith van Myrgingum uit Fivelingo (Groningen) maakt als troubadour reizen door Europa en AziŽ. Zo veblijft hij o.a. enige tijd in PerziŽ. Dat zegt hij in zijn Anglisch dichtwerk Widsith in regel 84:
Mid Moidum ic waes ond mid Persum ond mid Myrgingum
Met Meden was ik en met Perzen en met Myrgingums
> Widsith, Widsith van Myrgingum

 

450-550nC: Circa 4 miljoen Angelen migreren uit Angelland per kuylbot (kielboot) naar Brittannia op de vlucht voor langdurige grote overstromingen langs de zeekusten. Vele boten komen om in de zware stormen van de Noordzee. (> Engelandvaarders) Rechts: Aquarel van een Anglische kielboot gemaakt door Hester Jans-Molenberg na zorgvuldig historisch onderzoek. De Angelen op de boot varen rond 450nC een riviermond op ergens aan de oostkust van Brittannia, het beloofde land. (© STI)
 

450-1500nC: Sinds de Vroege Middeleeuwen maken vele mensen in Brittannia pelgrimstochten naar Canterbury. Ze lopen honderden kilometers over oeroude smalle paden door velden, bossen en moerassen. Reizen over land is in die gevaarlijker dan over zee. Op het land worden reizigers vaak overvallen en beroofd door criminelen, die niet schromen mensen te vermoorden. #BBC4tv Pelgrimstochten Simon Reeve 30.1.2014

425nC: Widsith is een Anglisch dichtwerk geschreven rond 425nC door ene Widsith, afkomstig uit Myrgingum, dat gelegen moet hebben in Fivelga (Fivelingo in Groningen). Widsith schrijft daarin over vele reizen die hij maakt in Europa en AziŽ. De reizen in Europa zijn tamelijk gedetailleerd en lijken plausiebel. De reizen in AziŽ zijn aanzienlijk meer beknopt en lijken meer op fantasie gebaseerd op enige kennis, mogelijk opgedaan in een Angale klooster. Desnietemin is het dichtwerk erg interessant en boeiend. Het geeft aan dat mensen in die tijd toch zeer ondernemend en reislustig kunnen zijn. > Widsith, Kloosters/Angale

 

800nC: In het verre verleden reizen de mensen voornamelijk te voet. Ze leggen vrij grote afstanden af. Op de rug een knapzak met proviand en een deken. In de hand een wandelstok.
 

 

850nC: Rechts: paardekar met porwaegns (wagenduwers) c 850nC. De wegen zijn in die tijd nog nauwelijks verhard. Na een zware regenbui veranderen de meeste wegen in lange brede modderpoelen. De porwaegns staan echter klaar om tegen betaling de kar een eind te duwen.
 

1000nC++: Reizen is in deze tijd in heel West Europa steeds belangrijker en ook steeds maklijker. #DRG/p18
1250: Tot in de 13e eeuw reizen de meeste mensen in Europa niet verder dan circa 5 Km ver van hun woonplek. (# BBC One: Andrew Marr's World History 14.10.2012)
1343: Graaf Willem IV klaagt over de erg lange rit van Koningsbergen via Hamburg en Ootmarsum naar Holland.

 

1450: Nog maar weinig wegen zijn geplaveid. De meeste wegen zijn gewone zand- of leemwegen met her en der keien. Na regen veranderen ze vaak in modderpoelen, wat het reizen erg vertraagd. Mensen reizen te voet, te paard, per kar, per koets, per boot of per slee. Soms zelfs per schaats. O.a. langs de weg Zwolle-Groningen. Dat gebeurt tot dik in de 19e eeuw. Onderweg wordt overnacht in zgn aenholts. Dat zijn herbergen, pleisterplaatsen of uitspanningen. Daar kan men eten, drinken, slapen en van paarden wisselen als ze te vermoeid zijn. De reizen duren vaak enige dagen. Soms worden reizigers overvallen door rondtrekkende rovers, die niet schromen tegenstribbelende reizigers te vermoorden. Velen reizen daarom liefst in grote groepen. Rechts: reiziger arriveert bij een aenholt (©)
 

 

1500: Links: "De reis van Lot" (uitsnede), schilderij van Albrecht DŁrer (1471-1528). Outfit en landschap zijn typisch voor Europa in die tijd. De reiziger houdt over z'n schouder een angolstok, een wandelstok met rechte greep. (> Angolstok) Aan de stok hangt een veldfles met water of drank voor onderweg.
 

1550: In Nederland ontstaat rond 1550 het postwezen. Ze zorgt ervoor dat de toestand van de wegen langzamerhand beter wordt.
1597: Anthony Duyck (schrijver van prins Maurits) over quade waterige wegen: het geschut zakt tijdens de veldtocht van Maurits tussen Enschede en Oldenzaal tot de assen in de modder. Reizen was veel zwaarder dan oorlog voeren.
1588: Het transport van ossen over lange afstand kent gevaren. Ossen worden vaak onderweg geroofd door boeventuig. De Groningse handelaars eisen daarom veiligheid i.c. gewapend toezicht. Desondanks beroven soldaten bij Lochem in 1588 koopman Johan van Dalen van al zijn ossen. Andere kooplieden worden beroofd van al hun geld en goed. > Veetranport
1621++: David Beck is schoolmeester in Den Haag, later in Arnhem. In zijn dagboek vertelt hij steevast hoe het weer is. Verder vertelt hij over zijn voetreizen naar Nijmegen en Zutphen. > Dagelijks Leven
1664: Graaf d'Avance (Franse gezant) rijdt van Deventer via Delden naar Munster. De paarden zwemmen meer dan ze lopen.
1727: Koning George I van Engeland reist naar Hannover. Na een stop in Delden wordt hij ziek en sterft.
1736: De zoon van George I van Engeland reist in nevel en stofregen langs de courantenpaal bij Oldenzaal in een koets getrokken door zes ezels.
1773: In dit jaar verschijnt het boekje Reise- en Zak-Atlas mbt De VII Vereenigde Nederlandsche ProvinciŽn, uitgegeven Te Amsterdam by Jan Christiaan Sepp, Boekverkoper. Het boekje is praktisch ingedeeld en bevat prachtige kaarten, routebeschrijvingen en geografische teksten. > RZA
1800: Tot circa 1800 zijn vele wegen erg modderig met diepe kuilen en moeilijk begaanbaar. Dat maakt reizen moeizaam en traag. Vele steden zijn vaak lange tijd niet te bereiken. De vele pleisterplaatsen in Nederland zijn daarom onmisbaar. > Pleisterplaatsen
1800++: Wegen in Nederland worden op grote schaal verhard. I.e.: Vele oude zandwegen worden bedekt met een laag grint of steenslag. Om aanleg en onderhoud van wegen te kunnen betalen gaan Rijk en Provincie tol heffen. Er komen tolhuisjes en slagbomen langs de weg. Doorgang is alleen mogelijk na betaling van tolgeld. De tarieven zijn aangegeven op de tolborden bij de slagbomen. > Wegen, Tolwegen
1812-13: Willem de Clerq reist vanaf Deventer per postkoets door Twente. De koets komt zo vast te zitten dat de rest van de rit op blote voeten moet worden voortgezet.
1854: Roelof Kranenburg (18 jaar) schrijft vanuit Deventer zijn ouders te Groningen:
-- febrari: Geliefden! ... Zaterdag den 3den Maart kom ik te Groningen en hoop enige mijner broers te Meppel aan te treffen. Om zeven uur gaan ik op schaatsen van hier, over de IJssel naar Zwolle en vervolg mijnen weg over het Zwarte Water tot Meppel waar ik, u aantreffende, verder in gezelschap met u naar Groningen rijd. Woensdag l.l. heb ik mijn schaatsen gebroken, maar heb voor 75 cent een paar anderen gekocht waar ook al niet veel aan gelegen is. Enfin, ik zal het er maar op doen daar ik toch nog de beste rijder ben van mijne kennissen. Niets bijzonders weet ik u op het oogenblik te schrijven en eindig dus na u het beste gewenscht te hebben. Uw Roelof
-- september: Deventer den 10 Sept 54. Lieve Ouders Broers en Zusters! Onder het blazen des conducteurs van het door Hendrik zoo dikwijls op zijn klarinÍt gespeelde stuk, rolden wij Groningens poorten uit. Hoewel het een allerprachtigste nacht was en de maan een zacht kwijnend licht over de stille aarde wierp, hoewel de schitterende sterren als door het luchtruim zweefden en ons des scheppers almacht verkondigden - toch konde ik met mijne togtgenooten, de slaap niet tot Assen uit mijne oogen weeren, maar had Morpheus mij reeds spoedig in zijne magt om mij te doen rusten en te laten droomen van de zoo spoedig vervlogen gelukkige dagen. Slapende stapte ik te Assen uit de diligence om na gefluit te hebben er ook slapende weder in te stappen. Mijne medgezellen waren ook allen spoedig ingesluimerd en den een viel al ronkende menigmaal tegen den ander om hem zijne illussiŽn te verdrijven en hem in de werkelijkheid - de diligence - terug te voeren. Zoo reden wij droomende naar Meppel waar we een kop koffij gebruikten en machinalement weder in de postwagen stapten. Ten acht ure arriveerden wij te Zwolle en gevoelde ik daar eerst regt dat ik mijn allťťn leven weder zoude moeten beginnen. Niet zeer aangenaam vervolgde ik dan ook mijne reis naar Deventer, om daar weder het bijzijn van geliefde betrekkingen te moeten missen en als op mijzelf, alleen mijne weg te moeten bewandelen. ... Roelof.
1909: Nederland = 1 tijdzone: In het verre verleden heeft elke regio in Nederland een eigen tijd. Negen uur in de ochtend in Groningen is niet negen uur ochtend in Assen, Zwolle, Deventer of elders. Om reizen maklijker te maken worden alle tijdzones afgeschaft en krijgt Nederland 1 tijdzone voor het hele land. Nu kunnen vertrek- en aankomsttijden sneller worden uitgerekend. > Tijdzones
2014: Bushmen (San) op jacht lopen circa 20 Km per dag. Ze lopen vaak enige dagen door hete gebieden met weinig middelen en vele ontberingen en gevaren. Vaak vinden ze weinig schaduw, schoon water en voedsel. Ze eten wortels van planten en vlees van dieren die ze tegenkomen. Het vlees wordt geroosterd op vuur van dode takken. Het vuur steken ze aan met droog gras. Ze steken het gras aan met een stok die ze op een stuk hout snel heen en weer draaien tussen hun handen. Door wrijven en blazen ontstaan vonken waarmee het gras gaat vlammen. In de nacht is het erg koud en worden ze bedreigd door roofdieren. Ze branden daarom grote vuren voor de warmte en om gevaarlijke dieren af te schrikken. Ze dansen om de goden succes af te smeken. Ze slapen op de grond. Eťn of twee mannen houden de wacht. Ze worden regelmatig afgelost. De wakers moeten ook het vuur brandend houden. #BBCtv 16.2.2014
1880++: Bron Overijssel 1880-1930 citeert een tekst:

De reiziger, die per staatsspoor van Zwolle naar Almelo reist ziet, wanneer hij het station Raalte gepasseerd is, nu niet zoo heel veel dat hem zou kunnen verlokken te Nijverdal uit den trein te stappen om er de omstreken te bezichtigen. De heuvelreeks van Holten tot ver voorbij Hellendoorn doemt langzamerhand aan den gezichteinder op; heidevelden en moerassen strekken zich heinde en verre uit, slechts hier en daar afgewisseld door de dennenbosschen, waarmee de berghelling vooral in noordwestlijke richting begroeid is. Groote uitgestrektheden heide worden sedert de laatste paar jaren met dennen beplant, voornamelijk onder leiding van de Nederlandsche Heidemaatschappij, doch van uit de verte gezien schijnt het veld nog kaal. Plotseling, als de trein in den berg gekomen is en zijn weg volgt door eene nauwe gleuf, ziet men ter weerszijden niets dan het mulle zand, waarin zwaluwen hunne nesten hebben uitgegraven. Een enkel oogenblik nog, daar stuift de locomotief in het dal naar beneden.
2014: Tjetsnia: In de oorlog tegen de Russen lopen de Tjetjeense strijders alleen in de nacht. De maan geeft genoeg licht. #VPROtv 16.2.14
** Lopen, Kamperen, Voertuigen, Schepen, Vaartuigen, Transport, Wegen, Paden, Veenbruggen, Tenten, Pleisterplaatsen, Eethuizen, Tolwegen, Vaarwegen, Afstanden, Reisroutes, Reistijden, Scheepvaart, Navigatie, Tijdzones
# INS 2011/4, DAB, FRI

Rekenkunde: (RKK:)
()A ariman (=A rekanan), arimed (rekenkunde), cudh (kunde, vaardigheid), cunnan (kunnen, kennen, weten), cyfar (cijfer, getal), nowiht (nul, niets), recenian (=A rekanan), rekanan (rekenen, berekenen, ramen), tell (tal, aantal, getal), tellan (tellen)
1500vC: Decimaal stelsel ontwikkeld door Hindu-geleerden in India.
1400vC: Aan het einde van de Babylonische beschaving (1900-1300vC) wordt in Babylon de rekenkunde ontwikkeld volgens het twaalftallig stelsel. Het tienatllig stelsel is echter naar zeggen al eerder ontwikkeld door Hindu-geleerden in India.
1820nC++: Decimaal stelsel in Nederland
** Tellen, Hundred, Hundreds, Onderwijs, India

Rekveld:
Veld nabij Giethmen in het buitengebied van Ommen, gelegen aan de Rekveldweg aldaar. De naam komt ook voor als familienaam. In 1947 totaal 89x met piek van 38x in Overijssel, waar de naam derhalve afkomstig lijkt te zijn. De Vechtregio wordt rond 250vC bevolkt door Angelen afkomstig uit Drente. Rekveld kan derhalve zijn afgeleid van Anglisch rec (rook) + feld. Dus: recfeld = rookveld = veld waar vis, vlees e.d. wordt gerookt.
¶ Er is ook een familienaam Rookveld. De afleiding uit het Anglisch lijkt derhalve plausibel.
** ASA
# FRI, MI, KBG

Relaties: (RLS:)
()A aengang (verkering), aenta (tante), ahton (ww echten), ancenned (enig kind), baes (baas, vriend, gezinshoofd), bairn (baby, kind), band (band), bearn (geborene, baby, kind), beddnot (bedgenoot, echtgenoot), bessfaeder (grootvader), bessmodor (grootmoeder), brothor (broeder, broer), calle (liefje), cild (kind), cind (kind), cniht (knecht, jongeman, ridder), coldbrothor (halfbroer), colff (club, vereniging), coppel (koppel, paar, stel), cornut (kornuit, metgezel), croenig (vriend, kameraad, kornuit), cryst (kroost, kinderen), cynn (=A kinn), cynnsfolc (verwant volk), cynnsman (bloedverwant), da (vader), deorling (lieveling, geliefde), dohtor (dochter), eagtha (echte = band, relatie, huwelijk, groep), eagthan (ww echten, huwen), ealdorman (hoofd, leider), ealdors (ouders), eam (oom), eama (tante, zoogmoeder), eorl (vorst, krijgsleider), faeder (vader), faethmian (omarmen), feolaga (makker, kameraad, collega, partner), feonan (haten), feond (vijand), feondscip (vijandschap), feohtan (vechten), fera (gezel, metgezel, maat), fiend (feond), findling (vondeling), forainere (vreemdeling), forealdar (voorouder), forealdars (voorouders), fraw (vrouw), freond (vriend), freondscip (vriendschap), fuccan (fukken, neuken), fursoonan (verzoenen), fyrmest (eerste, baas, chef), gaebber (gabber, makker, kameraad), gefera (gezel, metgezel, maat), gegada (gegadigde, gade, gezel, partner), gemaec (gemak, passend bij), gemaecca (makker), gemate (maat, kameraad), geniht (nicht), genota (bondgenoot, metgezel), gesel (gezel, makker, kameraad), gesin (gezin), gewiss (bondgenoot), giefta (huwelijk), godsunu (peetzoon), greaffa (grootvader), greamma (grootmoeder), gretan (ww groeten), groetan (ww groeten), gyr (kind), gyrle (klein kind, meisje), har (grijsaard), hiw (huishouding), hiwan (huwen), hiwlic (huwelijk), hlaford (broodheer), husmate (huismaat, huisgenoot), inga (volk, gevolg, aanhang), joyan (plezier maken, neuken), kinn (kinne, bloedverwant, familie, groep, volk), kiva (gekijf, geschil, gevecht, strijd), kunn (=A kinn), lad (jongen, jongeman), laedige (jongedame, vrijgezelle dame), leof (liefde), liafta (liefde), lufu (lief, liefde), maeccar (makker, maat, genoot), maegh (bloedverwant), maeghdom (bloedverwantschap), magu (zoon), manwif (vrouw), mate (maat, kameraad), megid (meid), modor (moeder), modra (moeder), moy (tante), moysunu (neef = zoon van tante), mudhig (mondig, meerderjarig), mundbora (voogd), mutha (moeder), myge (jongen, jongeman), nefa (neef), nefas (neven = mannen met dezelfde voorvaders), ofspring (kinderen, nazaten), openhed (openheid), outa (oudje, grootmoeder), romentic (romantiek), scatha (vijand), scidan (scheiden), selscip (gezelschap), seman (zoenen, verzoenen), sibb (sibbe = familie, verwante), snoru (schoonzuster), socan (bezoeken), soonan (zoenen), steff- (stief-), steffsunu (stiefzoon), stemn (stam), steop (stief-; vb stiefvader), sucling (zuigeling, baby), sun (zoon), sunu (=A sun), swagor (zwager), sweader (schoonvader), sweostor (zuster), swettnot (buurman), swuster (zuster), thegn (dienaar, leenman), twiling (tweeling), unmudig (onmondig, minderjarig), upfaeranda (nieuwkomer), uptaegt (opvoeding), uptian (opvoeden), weardscip (voogdij), weda (weduwe), wede (weduwe), wedfraw (weduwe), wedwe (weduwe), weso (wees, weeskind), wif (wijf, vrouw, echtgenote), wifman (vrouw), wiht (wicht, meisje), win (vriend), wine (vriend), winne (pachter), wyn (vriend)
Echtheid: Een diepe reden voor een goede en duurzame relatie lijkt te baseren op echtheid. Deze echtheid speelt een belangrijke rol in de oude Anglische cultuur. De termen echt, edel en adel blijken namelijk nauw met elkaar in verband te staan. Echtheid is weer nauw verbonden met eerlijkheid en waarheid. > Echtheid
98nC: Tacitus:
- Germaanse mannen huwen maar ťťn vrouw. De man moet zijn vrouw kopen met een bruidschat. Echtscheiding komt weinig voor. Gebeurt dat wel, dan moeten vrouw en kinderen huis en dorp verlaten.
- Germanen hebben liever zilver dan goud. Bootjes van zilver geven ze elkaar als geschenk. #TAG/G5
425-430nC: Widsith van Myrgingum in Fivelingo (Groningen) maakt als troubadour reizen door Europa en AziŽ. Hij draagt een gouden torque die hij van een koning kreeg, die hij op zijn reis heeft bezocht. Bij zijn thuiskomst in Myrgingum (in Fivelingo, Groningen) leent hij deze torque aan zijn vader. Dat zegt hij in regel 94-96:
94. minum hleodryhtne, tha ic to ham bicwom,
94. mijn torque, toen ik thuis bijkwam,
95. leofum to leane, thaes the he me lond furgeaf,
95. liefde ik te lenen, omdat hij me land vergaf,
96. mines faeder ethel, frea Myrginga.
96. aan mijn edele vader, vrijman in Myrginga.
> Widsith, Widsith van Myrgingum
2013 Zambia: Zambiaanse vrouwen op het platteland leren al vroeg hoe ze hun man en zichzelf tevreden moeten houden. Ze voelen zich vrij en gelukkig als ook hun man tevreden is. (# VPROtv: docu Kim Brand 20.2.2013)
** Echtheid, Mensen, Vriendschap, Liefde, Partners, Huwelijk, Trouw, Tacitus, Partnerkeuze, NEW, Leenstelsel

Relaties Angelland-elders: > AXR
Relaxed = ontspannen > Relaxen

Relaxen: (RLX:)
= ww ontspannen; i.c. techniek om te ontspannen ofwel spanning verminderen of helemaal wegnemen. NV ontspannen, uitrusten
1972: Een tijdschrift voor management schrijft:
- ontspan op tijd
- zoek een leuke hobby (wandelen, fietsen, schilderen, etc)

- mijdt onnodige taken en plichten
- beperk je tot het belangrijkste
- uit je irritaties, twijfels, onzekerheid en angsten
- vergeet vooral niet te genieten van het leven
2015: Bloeddruk optimaal door optimaal relaxen. I.c. lopen, wandelen, muziek, meditatie en rust. #DVB
2016: Alle soorten lichte muziek kalmeren en verlagen hartslag en bloeddruk. In bizonder licht klassieke muziek. Zolang de muziek maar kabbelt en weinig of niet piekt in frekwentie en volume. Dat blijkt uit diverse onderzoeken. #DeTelegraaf 9.1.2016
¶ Ieder kent eigen wegen om te ontspannen. Ware ontspannng brengt ware vreugde en happiness. Ware ontspanning brengt ware levensvreugde. Ware ontspanning sterkt de levenskracht. Ware ontspanning sterkt de levenszin. De meester neemt de tijd voor het eigen welbevinden en plukt daarvan de vruchten. #SRK
¶ Ware ontspanning kent vele vormen en wegen. De meester kiest de juiste vorm en plukt daarvan de vruchten. #SRK
¶ Tijdig relaxen kent vele voordelen. Tijdig voldoende relaxen, maakt de mens gezond en heel. Tijdig voldoende en goed relaxen brengt veel happiness en zegen. #SRK
Goed relaxen is een ware kunst. De meester verstaat die kunst en plukt daarvan de vruchten. #SRK
** Ontspanning, Meditatie, Maharama, Hamaya, Nihilaya, Flutterama, Zitgym, Muziek, SZB, Spelen, Vibrilatie, Fitheid, Levenszin, Levensvreugde, Levenskracht, Happiness, IKR, Kikkers

Religie:: (RLG:)
()A ael (altaar, tempel, offerplaats), aelhista (heiligdom), as (god, godheid), barliban (duivel), biddan (bidden), bigangan (begaan zijn met, aanbidden), buman (boeman, duivel), carine (40 dagen vasten), ceafell (bedevaartplaats), circclocc (kerkklok), circe (kerk), cirice (=A circe), closter (klooster), cobbold (geest, huisgeest), cristen (christen), cristlic (christelijk), deofol (duivel), gast (=A geast), geast (geest), gebed (gebed), gebedhus (gebedhuis, kerk), geliefan (geloven), gelow (geloof), gelowan (geloven), godcundnes (godheid, heiligheid), godnis (goedheid), godspell (gospel), hael (heil), haelig (heilig), halge (heilig), halgian (ww heiligen, vereeren), heafan (hemel), heafanrice (hemelrijk), heben (=A heafan), hel (hel), hilg (heilig), maesse (mis, Heilige Mis), mone (duivel), offre (offer), offrian (offeren), preian (bidden, vragen, aanroepen), preost (proost, priester), preost (priester), prestere (priester), sawol (ziel), stifth (klooster, stichting), synn (zonde), weofod (altaar), weoh (afgodsbeeld), weorthian (eren, aanbidden), wig (=A weoh)
Betekenis:
Bron K&E: Religie = geloofsleer, godsdienst
Bron WP: Religie is afgeleid van Latijn religio:
-- religare = binden
-- relťgere = in acht nemen, schroom voelen
Andere bronnen stellen: Religie is afgeleid van Latijn religio = ik bind.
8000-4000vC Neolithicum: Mensen gaan dieren fokken en planten kweken voor eigen onderhoud, maken stenen gereedschap en gebruiken vuurstenen om vuur te maken. Ontstaan van landbouw, veeteelt, begrip eigendom, eigendomsrechten en eigendomsconflicten c.q. strijd en oorlog, politieke besluitvorming en religie: heuvels met ringgrachten, altaars, offeren van ossen en begrip van ziel en hemel.
> PgGen/Neolithicum
1000vC++ MazdeÔsme: de oudste religie van de mensheid. Alle andere religies zijn van vele eeuwen later en zijn sterk geÔnspireerd door het MazdeÔsme, maar roepen helaas vaak op tot discriminatie en geweld.
--- Ahoera Mazda is de oppergod, schepper en opperste rechter. Hij wordt vaak afgebeeld met een zonnering in de hand boven een grote gevleugelde zonnering, het symbool van goddelijkheid. Later (circa 500vC) wordt hij Ormoezd genoemd, ofwel Wijze Heer. Ormoezd is een Goede en Barmhartige God, die oproept tot het goede. Zarathoestra (7e eeuw vC) bezingt hem op prachtige wijze in zijn Gatha's. Zo ontstaat het Zoroastrisme ofwel het MazdeÔsme.
--- Het MazdeÔsme gaat uit van een eeuwige strijd tussen goed en kwaad. Ahra Manyoe is heer van duisternis en bedrog. Hij is de Boze Geest, die aanzet tot het kwaad en geweld. Later (circa 500vC) wordt hij Ahriman genoemd. Uiteindelijk zal het goede echter altijd overwinnen. Het zoeken naar waarheid, rechtvaadigheid en barmhartigheid staat daarbij centraal. Deze leringen staan in de Avesta, de bijbel van de MazdeÔsten. Het geloof kent ook leven na de dood en een hemel.
650vC++ Angalisme: Bezwering van geesten is de oudste vorm van religie. De Oude Angelen geloven in geesten. Zij proberen met hen in harmonie te komen door met hen te communiceren. O.a. middels een priester, die dan het medium wordt genoemd. > Angalisme, Geesten
300nC: Sodom en Gomorra zijn twee steden aan de oostkant van de de Dode Zee. Rond 2400vC verdwijnen ze brandend van de aardbodem. Het Oude Testament (300nC++) beweert op grond van overlevering dat God deze steden had gestraft vanwege de homo's die daar leefden. Dit heeft geleid tot dramatische vervolging van en moord op homo's in het Nabije Oosten, Europa, Rusland, Centraal AziŽ, Afrika en Amerika, die tot op heden voortduren.
--- 2014: Recent wetenschaplijk en technisch onderzoek aan de University of Cambridge in East Anglia heeft aangetoond dat beide steden waren gebouwd op een instabiele grondlaag van zand en teer boven een gebied waar de continentale plateaus van Afrika en Arabia elkaar ontmoeten. Aan het onderzoek werkten wetenschappers uit diverse landen mee. Hun conclusie is dat de continentale plateaus rond 2400vC de bodem in de regio van Sodom en Gomorra rond 2400vC hevig opstuwden waardoor de zwakke bodem van zand en teer instortte en in de aardbodem verdween. Daarbij ontstonden grote branden, veroorzaakt door de teerbrokken in de zandgrond. (# BBCtv4 28.10.2014) Deze dramatische gebeurtenis is door de overlevenden en hun nakomelingen geÔnterpreteerd als een straf van God vanwege de homo's die daar leefden. Deze interpretatie van de werklijkheid heeft gezorgd dat tot op de dag van vandaag homo's in de wereld nog steeds worden gediscrimineerd, vervolgd en vermoord in de naam van God.
754nC++: Missionaris Ludger (742-809) was een harde man. Zijn missiegebied was NO Nederland en Westfalen. De religie van de Germanen noemde hij heidens en vond dat die uitgeroeid moest worden met wortel en tak. Heilige wouden werden omgehakt en heilige stenen omver gegooid. (#OVG/p132) > Kerstening
2006: Der Spiegel van 22.12.2006 besteedt veel aandacht aan religie en stelt de centrale vraag:

FŁrht der Glaube an einen einzigen Gott zwangslšufig zu einer gewalttštigen Religion?
Na zorgvuldig en gedetailleerd historisch onderzoek naar de wortels van het monotheÔsme in het Midden Oosten volgt de conclusie:
Gleichwie: 2500 Jahre danach ist der Nahe Osten immer noch ein Pulverfass. Der "geistig-kulturelle Raum", den Abend- und Morgenland seit dem Tag "mosaischen Unterscheidung zwischen wahr und falsch in der Religion" (Assmann) gemeinsam bewohnen, steckt voll ungrŁndiger Feindschaft. Er is wie ein Beil, er spaltet.
In het artikel zegt Egyptoloog professor Jan Assmann:
Wir mŁssen von der Vorstellung loskommen, im Besitz einer absoluten, in geoffenbarten Schriften niedergelegten Wahrheit zu sein. Alle Religionen sinds gleich weit entfernt von der Wahrheit, die wir nie besitzen, nur anzielen kŲnnen.
Kenlijk is monotheÔsme dus een stroming die veel verdeeldheid en strijd veroorzaakt, en is pantheÔsme tot meer tolerantie in staat, hetgeen leidt tot vreedzaam en prettig samenleven. PantheÔsme is dus feitelijk een vorm van vrijheid, democratie en welgaan. Deze basale kenmerken van goed samenleven vinden we terug in landen waar het ontbreekt aan een dominante monotheÔstische religie of ideologie.
** ARO, Geloof, Ideologie, Mythologie, Naturalisme, Angalisme, God, Goden, Theosofie, Tempels, Ossen, Offerplaatsen, Offerrituelen, Crematie, Herrijzenis, Hiernamaals, Crumbledook, Geesten, Nasa, Manapalen, Woluspa, Kerstening, Kerken, Volksgeloof, Cultusplaatsen, Reformatie, Tolerantie, LMG, AmazdeÔsme

Renkum:
Stad in Gelderland gelegen aan de zuidkant van de Veluwe. De regio wordt rond 200vC bevolkt door Angelen, mogelijk uit de regio Arnhem. (> ASA) Rond 1450 AD wordt Renkum Redinchem genoemd. Deze naam lijkt een versaxing (1375++) van de naam Readingham. (> Vresaxing) De naam Readingham is afgeleid van Anglisch Read (mansnaam) + ing (volk) + ham (heem, oord). Dus: het oord van het volk (gezin, familie) van Read.
Grunsfort: In Renkum stond ooit een kasteel met de naam Grunsfort, later Grunsfoort genaamd. Dit kasteel bestaat al ruim bevoor 1372 en stond in het moerassig beekdal aan de grens met Wageningen en nabij Huize Kortenburg. De naam Grunsfort lijk derhalve afgeleid van Anglisch gruns (grens) + fort (voort, voorde = doorwaadbare plek in beek of rivier). De naam Grunsfort betekent derhalve: de voorde bij de grens.
Gramsfort: Kaart KVL van de Veluwe is gemaakt in 1557 door Chr. 's Grooten. Op de kaart is o.a. duidelijk aangegeven Gramsfort gelegen in Renkum. (> KVL) Gezien de context lijkt deze naam afgeleid van Anglisch grammes (ellende, zorgen) + fort (voorde = doorwaadbare plek in beek of rivier). Deze voorde kan gelegen hebben nabij Quadenoord. De term quad verwijst namelijk in deze context mogelijk naar Anglisch quat = ellende, slechtheid.

Rennen: > Lopen, Vervoer

Reptielen: (REP:)
()A addre (adder), aend (eend), aened (eend), bredan (broeden), brodan (broeden), bryd (vogel), cic (kip), cicen (kuiken), coco (haan), done (dons), duce (eend), eag (ei), eagas (eieren), ened (eend), fesant (fazant), fether (veer, veder), fogle (vogel), fugol (vogel), gos (gans), hana (haan), henn (hen), hone (hoen, hoender), hones (hoenders), houn (hoen, hoender), houndre (hoender), naedre (adder, slang), naga (slang), nest (nest), nestan (ww nesten), nestas (zn nesten), nistian (ww nesten). pulle (pul = jong eendje)
** Dieren, Vogels, Pluimvee, Hoenders, Hones, Kippen, Ganzen, Eenden

Rese: Van
Adellijk geslacht.
1187-1227 Reynold van Rese: edelman; zoon: Bernard van Rese (gb 1212*); komt om in de Slag bij Ane (1227). > SBA
1212-1272 Bernard van Rese: zoon van Reynold van Rese (gb 1187); vermeld in 1229 (Sloet)
#Quedam/p128

Respect: > Fairnes

Resta:
Rond 1233nC de naam van rivier de Reest in Drente en Overijssel. Quedam/p123

Reuzen:
¶ Reuzen zijn heel grote mensen die voorkomen in sprookjes, legendes, het Oude Testament (Goliat) en andere verhalen. Toch lijken ze echt bestaan te hebben.
100.000-40.000vC: Denisovan is een menssoort die rond 100.000-40.000 jaar vC leeft in ZO.Azia. Vandaar zijn kleine groepen gemigreerd naar Zuid Siberia en Australia. Ze zijn circa 3 meter lang. O.a. in Zuid Siberia zijn resten gevonden. Waaronder grote skeletdelen en kiezen. #Nat.GeographicTV/20.11.2016
--- 50.000vC++ Denisovans in ZO.Azia-Z.Siberia-Eurasia-Melanesia-Australia. Verwant aan Neanderthalers. Resten gevonden in grot te Denisovan in Zuid Siberia. #BBCNewsTV 22.12.2010
650vC++: Het Angalisme kent de hemel als:
- Walhalla = het oord waar alleen soldaten worden toegelaten, die zich heldhaftig hebben gedragen in de strijd. > Walhalla
- Midgard = het oord voor gewone Angelen. I.e. Angelen die niet als heldhaftige strijders zijn gestorven. > Midgard
- Upgard = het oord voor reuzen. > Upgard

Reval:: (RVL:)
Alias Revel. Later Talin, Talinn. Kuststrook in Noord Estland aan de Finse Golf, pal zuid van Helsinki. Mogelijk is Reval gesticht door Angelen. De naam lijkt namelijk afgeleid van Anglisch refal = vlak open land. > Revel

Wapen: Rechts: het wapen van Reval. Dit wapen is gelijk aan het wapen van Angelland. Mogelijk bedoeld om aan te geven dat Reval territoir is van Angelland. > Angelland
 
Stamlijn Angelen: AriŽrs (8000vC-200vC Caucacia-Arya) > Germanen (5000vC-3000vC Arya-Khwarizm/CentraalAziŽ) > Goten (3000vC-2500vC Khwarizm-OekraÔne) > Balten (2500vC++ OekraÔne-Litouwen-Letland) > Litouwers (2500-2000vC OekraÔne-Litouwen) > WestGoten (2000-1500vC Litouwen-ZW.Zweden) > Inglings (1500-665vC ZW.Zweden) > Inglo-Goten (800-600vC ZW.Zweden) > Angelen (650vC++ ZW.Zweden-Angelland) > SLA
>>> De Balten in Letland (2500vC++) zijn verre voorouders van de Angelen.
3500vC++ Barnsteenroute: Oostzee-Dvina-ZwarteZee-Kreta-Egypte > Barnsteen
650vC++ Angelland > Angelland
100vC: Angelland bereikt haar grootste omvang. Het drijft intensief handel met de landen rond de Noordzee en Oostzee en via de rivieren in Rusland met o.a. de landen rond de Middellandse Zee en de Oosterse landen. > ASA, Handel, AXR
Landschap: Nienke Bos uit Drenthe is fervent ballonvaardster. Zij heeft vaak Estland van boven aanschouwd. O.a. Talinn. De middeleeuwse binnenstad van Talinn kent een flink aantal hellingen. De rest van Talinn en het gebied er omheen kenmerkt zich echter door het weidse, vlakke landschap. (#NienkeBos/Email/23.7.2015) Dit landschap rond Talinn is goed te zien op de luchtfoto's van haar site www.benniebos.com/Nienke/Estonia.pdf
--- 17.8.2015: BBC1tvCloseCalls laat zien dat het land rond Talinn inderdaad erg vlak is. Een man zit met zijn springtuig vast aan uitsteeksel van de 120 meter hoge TVmast aan de rand van de stad. Z'n camera zoemt de hele wijde omgeving af en toont goede beelden.
--- 5.9.2015: De Telegraaf schrijft: Behalve de Domberg is het licht glooiende Tallinn uitstekend per fiets te verkennen. ... Rond Rotermann en langs de baai van Tallinn vind je nog oude Sovjet woonwijken. ... Estland is een blij en positief land, dat vanuit een eeuwenoude handelstraditie tintelt van vernieuwingsdrang. ... De meeste Estlanders spreken naast hun eigen taal ook vloeiend Engels en vaak ook enige andere talen; o.a. Duits en Russisch. ... Zingen is het grootste volksvermaak in Estland. Er is geen land met zoveel zangkoren en popbands en veel musici zijn wereldwijd bekend.
--- Op grond van:
- de genoemde baai bij Talin
- en de eeuwenoude handelstraditie van Estland
- en de eeuwenoude handelstraditie van de Angelen > Handel
- en de sinds 2500vC bestaande Barnsteenroute
- en de mogelijk Anglische herkomst van de naam Reval
>>> lijkt het mogelijk dat Reval oorspronklijk een vooruitgeschoven handelspost van de Angelen was.
Estland: Deze naam is Anglisch te verklaren als east (oost) + land (land). Dus: Oostland = het land in het Oosten. Mogelijk bedoeld als: ten oosten van Angle (Angelland). In dit kader kan heel Estland mogelijk een soort kolonie of nederzetting van Angle zijn geweest.
--- Bron WP (1968) schrijft dat Estland voor meer dan de helft bestaat uit laagland. De naam Reval kan derhalve oorspronklijk zijn bedoeld voor het dit hele laagland.
100vC: Reval kan zijn gesticht als handelspost door en voor de Angelen. De post kan dan al rond 100vC bestaan. Rond dat jaar bereikt Angelland haar grootste omvang en drijft het via de rivieren in Rusland intensief handel met o.a. de landen rond de Middellandse Zee en de Oosterse landen via de Barnsteenroute. > Angelland, ASA, Handel, AXR, Barnsteenroute
1219: Denen veroveren de noordkust van Estland inclusief Reval. #WP
1710: Rusland verovert Reval. #WP
1721: Zweden staat Reval af aan Rusland. #WP


Revel:
AL refal = mond, kolk; GR revel; TW rewwel
AL refal = vlak open land.
Komt voor als/in:
--- Reval: Alias Revel. Oudste naam van Tallin, hoofdstad van Estland: vlak open land nabij de kust. > Reval
--- Revelhorst aan de Vierakkersestraatweg 4 in Zutphen: vlak open land nabij de Yssel. FRI nov2015
--- Revelingweg in buitengebied Wapenveld: weg langs vlak open land nabij de Yssel. #FRIaug/2015 > Wapenveld

Rha:
Gehucht bij een uiterwaarde aan de Yssel ZO van Steenderen onder Zutphen. De regio wordt rond 150vC bevolkt door Angelen, mogelijk uit Zutphen of daaromtrent. De herkomst van de naam is vooralsnog onzeker.
¶ Anglisch rha (ra, rade, re, hrydhing, roda) = rode = ontginning, gerooide plek, ontgonnen land (> Mulra) Voor Rha lijkt deze betekenis echter niet te gelden. De locatie Rha is namelijk een hoogte ingsloten tussen twee wegen in de vorm van een elips. (FRI/jul2016) Rha lijkt derhalve eerder afgeleid van Anglisch raha wat mogelijk de betekenis heeft van droge plek. Gezien de ligging in een uiterwaarde aan de Yssel kan raha ook wel betekenen hoogte, vluchtheuvel. Een plek dus waarheen je vlucht bij hoog water om droog te blijven.
Huis Te Weerde is een groot en oud pand in Rha. Een weerde = waarde, uiterwaarde, laagland = AL waerth, wart, warth, weard, weord, weurd.
** Uiterwaarden

Rheden/Diepholz:
Stad in Kreis Diepholz in Neder-Saxen circa 36 Km NNO van Osnabruck. Aldaar is april 2011 een goudschat gevonden uit circa 50vC, mogelijk van Germaanse afkomst. (NDRtv 25-10-2011) De regio wordt rond 225vC bevolkt door Angelen uit Eemsland. (> ASA) Op de kaart Magna Germania plaatst Ptolemaeus de Angelen (Angili) nabij dit gebied. (> Angili) De Saxen settelen daar pas rond 700nC vanuit NO Duitsland. (> Saxen) De goudschat lijkt derhalve afkomstig van de oorspronkelijke Angelen.
¶ De goudschap bestaat o.a. uit een mooie ring met een grote blauwe steen omrand met pareltjes. De overige delen van de vondst moeten nog worden gedetermineerd.
¶ Eerder zijn in dit gebied al archeologische vondsten gedaan. O.a. een vuurplaats van circa 8.000 vC. (# radiobremen.de 26-10-2011)

Rhenen::
Stad in Utrecht.
Mantelspelden: In Rhenen zijn gevonden gouden mantelspelden (fibulae) inglegd met granaten. Mogelijk uit 300-600nC. De granaten lijken afkomstig uit India of Pakistan. (#DeTelegraaf 2.5.2014) > Donkere Middeleeuwen
Paasheuvel: Gelegen in Landgoed Remmerstein. Kaart GHG/1900 toont aldaar een open top met cirkel en paden in kruisvorm. De locatie ligt circa 53 meter hoog. Van genoemde cirkel en paden is anno 2013 nauwelijks nog iets te zien. (#FRI apr2013) Op deze heuvel werden vroeger paasvuren ontstoken. > Paasvuur

Richard Leeuwenhart (1157-1199)
Koning van Engeland. Bron Quedam/p45 schrijft over hem in tekst C25:

Cujus miliciam et audaciam commendabant Richardus, rex Anglie, cui multum servierat in guerris et eciam quandoque ceperat istum regem in Austria, ...
Tekst C25 gaat over de voorbereidingen tot de Slag bij Ane in 1227 AD. Waarom de onbekende auteur hem noemt, is niet duidelijk. Richard Leeuwenhart is immers in 1199 gestorven. Het lijkt dat de auteur een soort heldenzang schrijft als aanloop tot de strijd. Old soldiers never die. De auteur is duidelijk op de hand van Otto van Lippe, bisschop van Utrecht, met zijn leger ridders en soldaten. De overmoedige Otto en zijn leger worden daar echter volledig in de pan gehakt door een legertje van Drentse boeren aangevoerd door Rudolf II van Coevorden. Heel West Europa hoort van deze blamage. Per saldo lijkt tekst C25 dus meer op een treurzang.
** Slag bij Ane

Richting:
()A adune (omlaag), aitfedan (altijd maar door), alang (langs), alfedan (al maar door), andlong (=A alang), bacweard (achterwaards, achteruit), dune (omlaag), eastrihte (oostwaards), east (oost), eastlic (oostelijk), eastweard (oostwaards, oostelijk, ten oosten van), ellor (naar elders), foreweard (voorwaards), gagn (tegenovergesteld), hider (hierheen), hot (rechts), leafet (links), middun (midden), na (na, naar), naer (na, naar), north (noord), northlic (noordelijk), northweard (noordwaards), riht [rait] (rechts), -rihte (-waards), rihting (richting), scun (schuin), slenc (links), slinc (links), sud (zuid), sudende (zuideinde), sudhalfa (zuidelijk, ten zuiden van, aan de zuidkant), sudlic (zuidelijk, ten zuiden van), sudside (zuidzijde), sudweard (zuidwaerds), suth (zuid), thider (daarheen), toweard (naar), underbaec (achterwaards, terug, omlaag), upweard (opwaards), -weard (-waards), west (west), weste (westlijk), westlic (westlijk), westside (wetzijde), westweard (westwaards)
** Windrichtingen

Ridders:
()A aethel (adel, edel), cniht (knecht, jongeman, ruiter, ridder), cnihthod (knechtschap, ridderschap), ethel (edel), ridhere (ridder), ridherhus (kasteel), ridhergamen (ridderspelen), ridhergudh (riddergoed), ridherscip (ridderschap), tealtan (ww toernooien, ringsteken, duelleren met lans), tealtgeard (toernooibaan)
¶ Het Engelse knight is ook een adellijke titel, die oorspronkelijk de betekenis had van ruiter (Frans: chevallier; Spaans: caballeros). Mogelijk is dat ook de oudste betekenis van cniht. Verzorgers van paarden werden vroeger ook paardeknechten genoemd.
** Adel

Ridderslag:
Sinds c 1300nC is er sprake van ridderslag. Het is een ceremonie waarbij de a.s. ridder een zachte tik krijgt met de rechter hand op de linker schouder, of met de platte kant van een ontbloot zwaard op de nek, de schouder of de rug.
# HVW, DAB

Riet::
()A board (legakker = akker waar gesneden riet gebundeld wordt gestapeld en gedroogd), bord (=A bord), brecclereat (rietveld bij gescheurd weiland), hreod (riet), isop (=A ysop), lendreat (rietkraag), peccreat (pekkeriet = hysop), reat (riet, rietveld, rietland), reatbour (rietboer = boer die riet oogst en verkoopt), reatcoman (rietkoopman = handelaar die riet opkoopt en verkoopt), reatcopere (=A reatcoman), reatcopery (riethandel), reatdic (rietdijk), reatfeld (rietveld), reatfince (rietvink, karekiet), reatland (rietland), reatman (rietman = rietboer), reatsticc (rietstok = stok om dakriet recht te snijden), reatta (rietveld, rietland), reatthaecere (rietdekker), reatthaecery (rietdekkerij), reod (riet), spir (rietstengel), ysop (hysop = # riet)


          

¶ Riet wordt van oudsher gebruikt als dakbedekking en voor het maken van watul, dat wordt gebruikt voor opvullen van gevlochten wilgenmatten bij het bouwen van muren. Het komt overvloedig voor langs de binnenwateren en in de rietvelden van grote meren en draslanden. In het voorjaar wordt het rijpe riet geoogst en gedroogd. Daarna wordt de droge riet gebundeld, gestapeld, vervoerd per boot of kar en verkocht aan riethandelaars.
¶ De Romeinse historicus Plinius is in 47-57nC als officier in Germania. Bron LLZ/p25 (1937) citeert diens tekst over de Chauken, die dan wonen op terpen Eemsland (Groningen, OstFriesland). In modern Nederlands: Van riet en biezen maken ze een soort touw, waarvan zij visnetten knopen. > Chauken
¶ De Weerribben in de Kop van Overijssel is een groot rietgebied, waar van oudsher rietboeren wonen en werken.
¶ Riet zuivert het water en wordt daarom sinds enige tijd ook als zodanig gebruikt in de waterzuivering van particulieren. Deze installaties worden helofytenfilters genoemd. Het riet wordt daardoor verontreinigd door gevaarlijke stoffen en derhalve na droging verbrand.
** Watul

Rietmolen:
In de volksmond ReetmŲl. Dorp onder Neede. De regio wordt rond 225vC bevolkt door Angelen uit Twente. De naam lijkt derhalve afgeleid van Anglisch reat + myl (molen). Volgens Anglische naamregels betekent dat: de molen bij het riet.
** ASA

Rille:
De Rille is een locatie aan de A1 bij Rijssen in Twente. De regio wordt rond 225vC bevolkt door Angelen uit Noord Twente. De naam Rille lijkt derhalve afgeleid van Anglisch rilla (geul).

Ripon:
Vrml locatie tussen Warffum en Wadwerd in Noord Groningen. (WEW p71) Deze plaatsnaam vinden we anno 2010 terug als vrij grote stad in Engeland, circa 2 Km NW van York. Ripon in Groningen zal derhalve zeker van oorsprong een Anglische nederzetting zijn. De regio zal circa 500vC zijn bevolkt door Angelen uit de regio Fynserwald (Finsterwoud) in Oost Groningen.
** ASA

Rituelen: (RTL:)
Bron RRA schrijft dat Angelen priesters hebben die rituelen organiseren en begeleiden. O.a. bij het offeren van ossen > Ossen
** Offerrituelen, Harfsen, Priesters, Religie, Zonnecultus, Kalender, Broederschap, Bouwoffer, Nerthus (Eacerboth Ritueel), Thanatologie (Ommegang)

Rivieren: > naam, Waterlopen

Rivierengebied:
Regio tussen Rijn en Maas. Daar komen drie locaties voor, die wijzen op bewoning door Angelen: Afferden/Druten, Engelen/DenBosch en Engelrode/Beusichem.

Rode:
()A red (rode, rade = gerooid land, ontgonnen land)
¶ Locaties: Kerkrade, Oldenrode, Nijenrode, Roderlo (Ruurlo)
¶ Anglisch hundred =
- honderd; AVA hund (hunderd) + red (-tal, aantal)
- regio van 100 reds; AVA hund (honderd) + red (rode = gerooid land). (> Hundreds) Een hundred is dus een regio met 100 stuks gerooid land = regio met 100 huishoudens.
** Hundred, Hundreds

Rode Donderdag: > Sex

Roderwolde:
Wegdorp in NW Drente, tussen Foxwolde (Gem. Roden) en Groningen stad. Lag eerder circa 1 Km verderop bij de begraafplaats, waar ook de Jacobus Kerk stond. Later is de kerk verplaatst naar het huidige centrum. Oudste vermeldingen: 1139 (Roterwolde), 1350 (Roderwolde), 1460 (Rodenwolde) en 1542 (Raederwolde). De naam betekent naar zeggen: nederzetting (rode) bij het wold (bos). Het bos is vrijwel zeker het oerbos dat daar al stond in 9000vC. Dit bestond voornamelijk uit torenhoge dennebomen. Rond 7000vC is dit bos verdronken door de stijging van de zeespiegel na de Laatste IJstijd. Zo ontstond het zgn Stobbenven, een drasgebied met boomstronken en dikke wortels. De grond bestaat uit hoogwaardige klei van de zgn Formatie van Peelo. Deze klei is al vroeg gebuikt voor het maken van potten. De regio is derhalve vrij zeker al vroeg bewoond door mensen.
¶ Aangezien in nabij gelegen Leek en Midwolde al sinds circa 350vC Angelen wonen, kan Roderwolde in die tijd ook al bewoond zijn door deze Germaanse volkstam uit Noord Duitsland. De naam Roderwolde kan derhalve zijn afgleid van Anglisch roda (gerooide plek, ontgonnen land) + wolde (dichtbegroeide, zompige wildernis). > ASA
Water: Roderwolde ligt in een vrij laag gebied, dat van oudsher veel last had van overstromingen. Het vervoer ging daarom voornamelijk over water. Mogelijk zijn in de periode van Grote Natheid (300-600nC) van hieruit vele Angelen gemigreerd naar Brittannia. > P36
Hooiweg: De enige weg van Roderwolde naar het Noorden. Vroeger een weg vol kuilen en plassen.
Waalborg: Voormalige oude borg aan de Hooiweg in Roderwolde. De naam lijkt afgeleid van Anglisch wealburg, walburg = walburg = burcht met vestingmuur. Rond 1783 is aldaar een groot buitenhuis gebouwd, die de naam Waalborg kreeg. De locatie is een van de oudste bewoonde plekken van Roderwolde.
Stenhorstdijk: Deze dijk loopt van Peizerwold richting Roderwolde. Anglisch sten = steen, steenweg, steenhuis, kasteel. Volgens Anglische naamregels betekent Stenhorst: de horst bij het steenhuis. Per saldo lijkt de Stenhorstdijk in dit kader te verwijzen naar een kasteel in Roderwolde. Dat kan dus de Waalborg zijn die ooit daaromtrent stond. Het kasteel zal gezien de bouw in steen dan al kunnen dateren van 200nC. > Steenbouw, Steenkamers
** Burchten
# provincie.drenthe.nl 26.10.09, geologievannederland.nl 26.10.09, FRI sep2013, DAB, KBG

Rodewolt:
Dorp bij Bedum, Groningen. Rond 500vC bevolkt door Angelen afkomstig van de regio Fynserwald (Finsterwold). (> ASA) De naam Rodewolt kan derhalve zijn afgleid van Anglisch read (gerooid land) + wold (woud, bos).
¶ Het is denkbaar dat de Anglische koning Redwald (gst 625nC) van East Anglia zijn roots in deze regio heeft. Temeer daar Rodewolt in het Anglisch vrij zeker Readwold heet en de Saxen pas sinds circa 700nC geleidelijk Noord Groningen binnendringen en de naam dan veranderd in Rodewolt.
** ASA, Redwald van East Anglia

Rodolf van Ance (1207*-1277)
Mogelijk een zoon van Volker van Coevorden (gb 1171).
Heer van Ansen (Ance) bij Ruinen. Ghm NN. Overlijdt 1277.
¶ In Ansen stond sinds circa 1000nC een havezathe dat later wordt vermeld als Hof te Ansen, ook wel genoemd Huys te Ansen. Het stond aan de grens met Ruinen. In 1732 maakt Cornelis Pronk er een tekening van. Het huis is dan vrij groot.
¶ Hof te Ansen is in 1408 bezit van Johan van Goer (gb 1373*) alias Johan de Vos van Steenwijk. Dit hof blijft tot 1699 in bezit van zijn nazaten.
# Quedam/p92, KBG

Rogge:
()A rowland (rogge-akker), ryge (rogge), rygebread (roggebrod), rygepappe (roggepap), rygesang (roggezang, roggelied)
¶ Zover bekend wordt in Nederland rogge voor het eerst verbouwd rond 100vC en wel op raatakkers op de zandgronden in NO Nederland. Dat zijn de gebieden waar voornamelijk Angelen wonen. Rogge werd voornamelijk gebruikt om roggebrood (Angl: rygebread) en roggepap (Angl: rygepappe) te maken. Anno 2010 zijn Groningen, Friesland en Drente nog steeds de grootste consumenten van roggeproducten. Rogge bevat veel ijzer en vezels en is daarom erg gezond.
¶ Het oogsten gebeurde tot ver in de 20ste eeuw handmatig met de zeis en de zeisstok, die de roggestengels zeisklaar leggen. Daarna wordt het maaisel gebonden in schoven die in groepen bij elkaar werden gezet. De hele familie werkte mee. Het was een waar evenement. Na het oogsten werden de schoven op paardekarren geladen en in schuren bewaard tot ze werden gedorst. De roggekorrels ging in zakken en de roggestro werd bewaard voor het vee en de paarden in de stallen. Een deel van het stro werd verkocht aan fabrieken die er strokarton van maakten.
¶ In andere Anglische streken kregen op adellijke landgoederen de maaiers na het oogsten van de rogge het zgn Wodanbier geschonken. Dan zongen ze de Rygesang (Roggelied):

Weald, Weald, Weald!
Heafan wit what happeth
Sewanth adune fram heafan
Fulla crucen and singan heveth He
upan holt growath manigly
He is nat barn and werdath nat eald   
Weald, Weald, Weald!
Woud, Woud, Woud!
Hemel weet wat gebeurt
Ziende omlaag vanaf de hemel
Volle kruiken en zingen heeft Hij
op een hout groeit meniglei
Hij is niet geboren en wordt niet oud
Woud, Woud, Woud!
 
¶ Na de oogst in de zomer wordt het land direct geŽgt en ingezaaid met knolgewassen. Het inzaaien gebeurde vroeger met de voeten om de zaden goed in de grond te drukken. Zo werden ze niet weggepikt door vogels. De knollen worden in de herfst geoogst en bewaard in kuilen als wintervoer voor het vee.
¶ De roggebouw speelt bij de Angelen in het verleden een zeer belangrijke rol. Als voedselbron en als handelswaar. Daarnaast werd roggestro gebuikt voor de potstallen, waarna de stalmest werd gebruikt voor de akkers, waardoor sinds de 8e eeuw nC de esgronden ontstonden in NO Nederland. Stalmest werd ook gebruikt voor de aanmaak van watul, een mengsel van klei, turf en paardemest voor het bestrijken van muren van huizen, schuren, stallen en gebouwen.
** Raatakkers, Esgrond, Watul, Bruntingerhof
# FRI, DAB, KBG

Roggemoeder:
Anglisch: Rygemodra. Volgens oeroud bijgeloof een geest die in roggevelden woont. Roggemoeder pakt mensen en kinderen op en neemt ze mee. Als roggehalmen anders bewegen dan normaal, dan komt dat niet door de wind, maar door Roggemoeder die de mensen waarschuwt. Roggemoeder pakt soms een aar beet, waardoor de korrels zwart en giftig worden. Deze korrels werden modracorn (moederkoorn) genoemd.
¶ Het bijgeloof in Roggemoeder kwam in heel NO Nederland voor, waar veel rogge werd verbouwd en duurde tot ver in 20e eeuw. Roggemoeder had een functie. Ze hield mensen en kinderen uit de roggevelden, waarmee ze voorkwam dat de rogge werd vertrapt. Mogelijk was dit oeroude bijgeloof daarom ooit eens bedacht.

Rolde:
Alias (1233nC++): Rotlo, Roclo, Rocclo, Rodo. Stad in Noord Drente. #Quedam/p128

Rome:
753vC: Rome gesticht. Rome vierde gisteren z'n 2770 jarig bestaan. #DeTelegraaf 24.4.2017
100nC: Rond deze tijd is Rome op het toppunt van haar macht. Ze heeft circa 1 miljoen inwoners. Ze is het grootste machtscentrum van Europa en daaromtrent. De stad is ultra modern voor zijn tijd. Ze heeft grote gebouwen en woonflats van bakstenen en prachtig versierd met allerlei figuren. De stad wordt administratief en democratisch goed bestuurd door centurions. Rivier de Tiber stroomt dwars door Rome. Ze is nog niet bedijkt en stroomt vaak over. Rome heeft twee goed uitgeruste havens: Portia en Ostia, waar schepen van heinde en ver in en uit varen met handelswaar. Er is een vuurtoren om de schepen in het donker de weg te wijzen. Kunst, wetenschap en literatuur bloeien. De straten zijn geplaveid en bestaan anno 2015 nog steeds in goede staat. Er zijn vele winkels en restaurants. Er is waterleiding: het water wordt in stenen aquaducten van circa 45 Km ver naar en door Rome geleid. Als verlichting gebruikt men olielampjes van terra cotta. Vuil water wordt afgevoerd via grote open rioolen. Doden worden gecremeerd omdat er nauwlijks ruimte is voor begraven. Er is veel immigratie van heinde en ver. O.a. Bangladesh. Slaven worden goed behandeld en kunnen vrij worden middels een rechtszaak. Rome heeft een brandweer die gebruikt maakt van hydraulische pompen en wollen dekens. Bluswater wordt vermengt met azijn, waardoor het vuur snel blust. Overtollig water wordt wordt snel afgevoerd via goede drainage. De moerassen bij Rome worden drooggelegd. De orde in de stad wordt gehandhaafd door goed functionerende politie. #BBCtv2/2*sep.2015
100nC++: Tubanten uit Twente naar N.Yorkshire ivm bouw Hadrian Wall (> Tubanten) tegen invasies van de Picten en Scoten. In 300vC bouwt China de Chinese Muur tegen invasies van de barbaarse Mongolen. Het kan zijn dat de Romeinen deze kunst hebben afgekeken van de Chinezen. Dat wijst dan op mogelijke contacten van de Romeinen met China. En idem van de Angelen met China.
300nC++: Romeinen stationeren Vandalen als stadswacht op stadsmuren rond Rome. Rond 400nC keren deze Vandalen zich levensbedreigend tegen de Romeinen. Dit lijkt de reden waarom Rome ernstig verzwakt en haar legers terugroept uit de verre grensposten, o.a. in Brittannia en langs de Rijn. > Vandalen
400nC++: Ondergang Romeinse Rijk. Oorzaak: zelfverrijking en machtswellust Romeinen. #DeTelegraaf/pT16/Zelfverrijking en macht. 25.6.2016
450nC: Volgens bron Historia Regum Britanniae Book 6 noemt ene Hengest (Anglische held) de goden van zijn volk: Saturnus, Jupiter, Mercurius, Frea (Frya) en andere goden die de wereld regeren. Maar in bizonder Mercurius, die ze Wodan noemen. (#WKP 10.11.10; > Hengist en Horsa) Hieruit blijkt dat de Angelen al ver bevoor 450nC contacten hebben met de Romeinen.
590nC: De belangrijkste persoon in de kerstening van Europa is Paus Gregorius I de Grote. Hij wordt anno 590 paus. Op een dag ziet Gregorius blonde jongemannen staan op de slavenmarkt. Hij vraagt wie dat zijn. Gregorius krijgt te horen dat het Angelen zijn. Daarop antwoordt de paus dat ze engelen moeten worden en dus bekeerd tot het Christendom. Gregorius stuurt daarom missionarissen naar Engeland.
** Romeinse Rijk, Kerstening, Kreta

Romeinen: > ARV

Romeinse Rijk: (496vC-400nC; RRK:)
496vC: Ontstaan van het Romeinse Rijk door een verbond van de Romeinen met de Latini in de regio Rome. #WP
400vC*++: Romeinen gebruike Lapis Lazuli uit Afghanistan. #VARAtv/11.12.2016 > Lapis Lazuli
51vC: Julius Caesar bereikt met zijn leger de Rijn. > ARV
10nC++: Bij het Domplein te Utrecht zijn houten resten gevonden van een Romeinse weg uit circa het jaar 10nC. Eerder zijn al resten gevonden van een oude muur van een Romeins castellum aldaar. (# RCE 28.9.2011)

Noordgrens: Kaart bron HTH/p8 toont de noordgrens van het Romeins Rijk rond 100nC:
- Oude Rijn: Katwijk/Leiden - Pannerden
- Rijn: Pannerden - Zuid Beieren
- Zuid Beieren - Donau
- Donau - Zwarte Zee
¶ De Romeinen hebben hun grenzen in de Nederlanden duidelijk afgebakend met grenspalen. Wijk Kranenburg in Utrecht grenst in de oudheid direct aan het Romeinse Rijk en ligt daardoor nog net in Angelland. Aan de Koningsweg richting Gansstraat, vlakbij de spoorlijn, staat in genoemde wijk een replica van een oude Romeinse grenspaal. (@ foto © TiedLight ®)
 
De Limes: (47-274nC) De Limes is een lange reeks forten en wachtposten langs de noordgrens van het Romeinse Rijk in RoemeniŽ, Duitsland, Nederland en Engeland, bedoeld om de grens durend te bewaken tegen invallen van Germanen in het noorden. In Nederland stonden 19 posten langs de Oude Rijn, de Kromme Rijn en de Neder-Rijn. T.w. in: Bijlandse Waard (Carvium), Loowaard in Duiven, Meinerswijk in Arnhem, Driel, Randwijk, Kesteren (Carvonne), Maurik (Mannaricum), Rijswijk (Levefanum), Vechten (Fectio), Utrecht (Traiectum), De Meern/Utrecht, Woerden (Laurium), Bodegraven, Zwammerdam (Nigrum Pullum), Alphen/Rijn (Albaniana), Roomburg/Leiden (Matilone), Marktveld/Valkenburg, Valkenburg (Praetorium Agrippinae), Katwijk (Brittenburg). De bouw van deze posten begon in 47nC. In 200, 240 en 258 werd de Limes op diverse plekken vernield en later herbouwd. In 274nC bezweek de Limes definitief. > Transport
50nC++ Duno Heveadorp: De Duno is een oude schans op een stuwwal tussen Heveadorp en Doorwerth, uitlopend tot aan de Neder Rijn en grenzend aan de Limes. Ze fungeerde als wachtpost van de Angelen, die aldaar de Romeinen in de gaten hielden. Naar schatting is de schans gebouwd rond 50nC, vlak na de bouw van de Limes. De naam Duno is vrij zeker afgeleid van Anglisch dune = duin, heuvel. Kennelijk is dit de genoemde stuwwal.
90nC++ Tunesian Wall: Romeinen bouwe muur van 1500 miles tussen Tunesia en Sahara Woestijn tegen agressie rovers en ander volk uit zuiden. #BBCtv/Roman Empire/2*.8.2016
--- Het lijkt dat ze deze kunst hebben afgekeken van de Chinezen, die rond 300vC de Chinese Muur bouwen. Dit wijst mogelijk op oude contacten tussen Romeinen en China.
> China
170nC++ Kamp Ermelo: Romeinen bouwen rond 170nC tijdelijk kamp bij Ermelo op de Veluwe.
De bewaking van de grenzen van het Romeinse Rijk wordt uitgevoerd door een groot aantal Germaanse krijgsheren, die als officier in dienst zijn van het Romeinse Rijk. De keizer betaalt hen in solidi. Dat zijn gouden munten. Met Germaanse krijgsheren worden vrij zeker Angelen bedoeld. > Echt
350nC++: Ondergang Romeinse Rijk. Oorzaak: zelfverrijking en machtswellust Romeinen. #DeTelegraaf/pT16/Zelfverrijking en macht. 25.6.2016
400nC: Einde Romeinse Tijd
--- Volgens Nederland's premier Rutte viel het Romeinse Rijk uiteen doordat het zijn grenzen niet meer verdedigde. #DeTelegraaf/pT15 4.12.2015
401nC: Oogarts Marcus Ulpius Heracles ziet in de winter van 401-402 de laatste Romeinse cohorten wegtrekken langs de Waal. #VVN/p56
402nC++: De Germaanse grensbewakers hebben nu geen rugdekking meer. Andere Germanen zien hen als overlopers en vallen ze daarom nu aan. Uit angst voor hen offeren de officieren nu aan hun eigen Germaanse goden gouden voorwerpen en smeken hen om redding. Als de Visigoten de laatste gouden munten van Rome hebben geroofd, zijn de Romeinen in grote wanhoop en slaan ze al hun kostbaar tafelzilver stuk om daarmee hun officieren te betalen. > Echt
** ARV

Romeinse Tijd: (12vC-400nC) > Romeinse Rijk

Rood::
()A coccus (rode verf), read (rood), red (rood), reod (rood)
¶ Rood speelt van oudsher een belangrijke rol bij de mensheid. Rood is de kleur van liefde, geluk en gerechtigheid. Rood is echter ook de kleur van woede, agressie en gevaar. Rood staan is in Nederland negatief, maar op het Solomoneiland Ndende juist teken van rijkdom. In Zuid Amerikaanse culturen staat rood voor leven. In Peru echter besprenkelt de priester in de prťhistorie de overledene met rode kleurstof. Op Papua Guinea is rood de kleur van status en macht. In het rode Friese knottendoek is een geschenk voor de bruid geknoopt.
¶ Mogelijk heeft de kleur rood iets te maken met de Anglische godin Hrethe (Hertha). Zij is godin van de aarde, Anglisch ear (aarde), eard (aarde, land, homeland), earda (aarde), eorthe (aarde), orette (aarde). De aarde is namelijk op vele plaatsen in de wereld rood gekleurd vanwege de ijzer daarin. Verder is rood een oerkleur en nagenoeg de eerste kleur die jonge kinderen bewust waarnemen. > Hertha
Symboliek: Herten zijn een oeroud symbool. In oude grotten staan vaak herten afgebeeld. Elk voorjaar schuurt een hert het vel van z'n gewei waardoor het een bloedrode kleur krijgt. Daardoor is de hert geassocieerd met Zon en Vuur. Daarom ook is de hert symbool voor Vruchtbaarheid, Vernieuwing en Volwassenheid. Hierdoor is ze beschouwd als bemiddelaar tussen hemel en aarde. Ofwel: bemiddelaar tussen de goden en de mens. > Herten
Priesters: Angale priesters dragen vrij zeker een rode mantel. Dat blijkt o.a. uit de vondst van een vrouw in Wetwang (NO Yorkshire) gedateerd uit circa 200vC. Ze droeg een rode jurk. Engelse archeologen denken daarom dat ze priesteres was. De regio Wetwang is vrij zeker bevolkt door Angelen, mogelijk afkomstig uit Noord Groningen. > Priesters/Outfit, PgBrit/Wetwang
Kracht en Macht: Redbad, Redmar en Redwald zijn Anglische mansnamen. Redwald was ooit een dorp in Reiderland, dat in 1277nC verdronk na onophoudelijke zware stormen en overstromingen. Rodewolt is een dorp in Groningen. Roden en Roderwold zijn dorpen in Drente. Wat red en rode in deze namen betekent, is vooralsnog niet duidelijk. Mogelijk staat het in verband met Kracht en Macht. Mogelijk dat mantels van koningen, hertogen en andere adelijke machthebbers daarom normaliter rood zijn.
** Beverwen, Engbergen (urn), Engeland (vlag, embleem), Edwin van Northumbria (mantel), Angon (jas)
# De Telegraaf 16.11.2010, DAB, KBG

Rossum:
Dorp bij Oldenzaal, Twente. De regio wordt rond 225vC bevolkt door Angelen uit de regio Hardenberg (Vechtdal). De naam lijkt derhalve afgeleid van Anglisch hros (ros, paard) + ham (heem, oord). Dus: het oord waar paarden zijn.
¶ Er is ook een familienaam Van Rossum. Mogelijk afkomstig van Rossum in Twente.
** Everloo, Hardinga, ASA

Rouwen: > Thanatologie
Rouwverwerking: > Thanatologie

Rubrieken: (RUB:)
> Aandoeningen, Aardewerk, Adel, Administratie, Afstanden, Agressie, Agrocultuur, Akkerland, Ambachten & Beroepen, Angalisme, Angelsites, Anglische Familienamen (> AFNA), Anglocs, Angolisme, Archeologie, Architectuur, Armoede, Artiesten, Barbiers, Bebouwing, Bedrijfstakken, Bedrijven & Diensten, Bestuur, Bestuurscentra, Bewegen, Bezigheden, Bezit, Bleekwerk, Bloemen, BNW, Bodewezen, Boerderij, Bomen, Bosland, Bouw, Bouwwerken, Brandstoffen, Brandweer, Brinken, Brood, Bruggen, Buitenplaatsen, Buurtschap, Communicatie, Conflicten, Conservering, Consumptie, Contacten, Crematie, Criminaliteit, Cultusplekken, Dagdelen, Dagelijks Leven, Defensie, Deugden, Dieren, Dorpen, Drinken, Dijken, Eenden, Erfrecht, Erfzaken, Evenementen, Familie, Folklore, Fungi, Ganzen, Geboorte, Gebruiken, Gedrag, Geesten, Geld, Geldhandel, Geldzaken, Geloof, Geluiden, Geluk, Gelijkwaardigheid, Gemoed, Geneeskunde, Geografie, Geologie, Geonamen, Gerechten, Gereedschap, Geschenken, Gesteldheid, Geuren, Gevoelens, Gewassen, Geweld, Gezondheid, Glas, Goden, Grazers, Grenzen, Groente, Grond, Grondstoffen, Haar, Hagalaz, Handel, Happiness, Heffingen, Heideland, Heil, Heiligdommen, Helden, Hemel, Heraldiek, Herbergen, Herders, Herten, Hiernamaals, Hoenders, Hoeveelheid, Honden, Hooiland, Horeca, Horigheid, Hout, Houtskool, Houtwerk, Huishouding, Huisraad, Huizen & Hoeven, Humeur, Humor, Hutten, Huurlingen, Huwelijk, HygiŽne, Idealen, Insecten, Imkerij, Inkomsten, Jacht, Justitie, Kalender, Kamperen, Karakter, KBB (Koken, Bakken & Braden), Kelders, Kennis, Kerken, Kinderen, Kleuren, Klimaat, Kloosters, Koeien, Koningshuis, Koren, Kosmos, Kruiden, Krijgskunde, Kunst, Landbouw, Landbouwproducten, Landbestuur, Landschap, Landinrichting, Landmarks, Landwegen, Leefbaarheid, Leenstelsel, Leerwerk, Leger, Legenden, Leven, Levenskunde, Levensvreugde, Lichaam, Lonen, Lijden, Maaien, Maanden, Maatschappij, Magie, Mansnamen, Marine, Markegrond, Markten, Maten & Gewichten (> MEG), Materiaal, Medicijnen, Meengrond, Mensen, Mensnamen, Mest, Meubels, Milieu, Militie, Moerasland, Molens, Monumenten, Moreel, Munten, Muziek, Mijnbouw, Mythologie, Naaiwerk, Namen, Namologie, Naturalisme, Navigatie, Nederzettingen, Normen & Waarden, Olie, Omgangsvormen, Omvang, Ongedierte, Onderwijs, Ontginning, Ontspanning, Oogsten, Oorlog, Opvoeding, Ornamentiek, Ossen, Ouderdom, Outfit, Paarden, Paden, Panden, Pantheon, Paranorma, Planten & Struiken, Platteland, Pluimvee, Polders, Politie, Posities, Postwezen, Pracht & Praal, Priesters, Rampen, Recht, Rechtbanken, Rechtspraak, Rechtvaardigheid, Recreatie, Regering, Regio's, Reiniging, Reisroutes, Reizen, Rekenkunde, Relaties, Relaxen, Religie, Reptielen, Richting, Ridders, Riet, Rituelen, Ruilhandel, Schapen, Scheepsbouw, Scheepslijnen, Scheepvaart, Schelden, Schepen, Schrift, Secretie, Seizoenen, Sex, Sieraden, Situaties, Slapen, Slavernij, Sloten (veilgheid), Smaken, Smeedkunst, Snelheid, Solidariteit, Spionage, Sport, Spreken, Staatskunde, Status, Steden, Steen, Steencultuur, Sterrenkunde, Straffen, Struikgewas, Symbolen, Taal, Techniek, Telecom, Temperatuur, Tenten, Thanatologie, Theater, Titels, Tolgeld, Touw, Tradities, Transport, Tuinbouw, Tuinen, Turf, Tijd, Uiterlijk, Uitgaan, Vaardigheid, Vaarwaters, Varkens & Zwijnen (VEZ) , Vechten, Veenland, Veerdiensten, Veehouderij, Vegetatie, Veiligheid, Velden, Verbindingen, Verhalen, Verlichting, Vermaak, Vervoer, Vestingen, Vethandel, Vissen, Visserij, Vlas, Vlechtwerk, Vlees, Vloot, Voeding, Voertuigen, Vogels, Volken, Volksverhalen, Voorraad, Voorspelling, Voortbewegen, Voorzieningen, Vrachtvervoer, Vrede, Vriendschap, Vrouwsnamen, Vruchten, Vuilnis, Vuur, Wagens, Wapens, Water, Waterdieren, Waterlopen, Waters, Waterstanden, Waterwerken, Waterschappen, Weefkunst, Weekdagen, Weer, Weerbaarheid, Weiland, Welgaan, Wereld, Werken, Werktuigen, Wetenschap, Wetten, Wildernis, Wilgen, Winkels, Wizards, Woestland, Wonen, Woonland, Wijsheid, Yzer, Zeedieren, Zelfkennis, Zelfzorg, Zielkunde, Zuivel, Zwarte Kunst

Rudolf I van Coevorden (c 1130-1190)
Zoon van Ludolf van Bierum (gb 1105; burggraaf van Coevorden) en Xx van Goer (gb 1110; > Goer). Udh: Rudolf II (1162), Fredric (1165) en Godefrid (1167) van Coevorden. Alle drie genoemd als miles de Covordia en vermeld in oorkonden van 1217, 1218 en 1227 (Sloet)
** Bierum, Coevorden
# Quedamp98+99

Rudolf II van Coevorden (c 1162-1230) (R2C:)
Heer van Coevorden. Zoon van Rudolf I van Coevorden en Xx van Goer. Genoemd als miles de Covordia. Vermeld in oorkonden van 1217, 1218 en 1227 (Sloet). Dochter: Eufenia (1192) ghm Hendrik van Borculo.
¶ Bron Quedam/p45 schrijft in tekst C25 over de voorbereidingen tot de Slag bij Ane in 1227 AD. De auteur is duidelijk op de hand van Otto van Lippe, bisschop van Utrecht, met zijn leger ridders en soldaten. De overmoedige Otto en zijn leger worden daar echter volledig in de pan gehakt door een legertje van Drentse boeren aangevoerd door Rudolf II van Coevorden. Heel West Europa hoort van deze blamage. Per saldo lijkt tekst C25 dus meer op een treurzang.
1227 28 juli Slag bij Ane: Rudolf II van Coevorden verzamelt een groot leger Drentse boeren bij Ane in Drente. Zij lokken Otto van Lippe, bisschop van Utrecht, met zijn leger ridders en soldaten naar een zgn wisselveen (Angl: wiscfen), dat vaak droog lijkt, maar feitelijk vaak nat en diep is. Die dag lijkt het een droge veen. De overmoedige Otto en zijn leger draven in vol galop richting Rudolf en de Drenten een halve mijl verder, aan de overkant van het wisselveen. De gevolgen zijn rampzalig. Otto en alle ridders, paarden en manschappen belanden in het veen. Door hun zware harnassen en wapens verdwijnen ze allen in de diepte. Rudolf en de Drenten hebben gewonnen. De macht van Bisdom Utrecht over het Noorden is definitief gebroken. Drente en Groningen zijn verlost. Met de slag van Ane verspeelt de bisschop zijn gezag in Drente en de rest van NO Nederland (West Angle). En met hem de hertog van Saxen, van wie immers het bisdom Utrecht deze gebieden in leen had. > Ane, West Angle, ASV2
** Coevorden (Slag bij Ane), Borculo
# Quedam/p98+99, KBG

Ruilhandel: (RLH:)
()A barteran (ruilen), bartere (handelaar), bartering (ruilhandel), buta (ruil), butan (ruilen), buting (ruil)
Zout is in het verre verleden een belangrijk ruil- en betaalmiddel. Het woord soldij heeft daarmee te maken. Soldaten werden namelijk betaald met zout.
¶ Bron ZWH/p30 schrijft:

In de middeleeuwen was geld als betaalmiddel schaars, behalve in gebieden waar handel werd gedreven. In de agrarische Achterhoek was er sprake van ruilhandel en belastingen werden in natura betaald. Ook herendienst werd daartoe gerekend. Na circa 1250 veranderde er iets: er kwam meer geld in omloop, de pacht kon betaald worden en menige horige kocht zich nu vrij.
** Handel

Ruinen:
Alias Runen (1233nC++). Dorp in Drente, NO van Meppel. De heren Van Runen worden in de 13e eeuw vaak genoemd in oorkonden. #Quedam/p128
** Engeland Ruinen

Runderen: > Rundvee
Rundvee: > soort, Koeien, Ossen, Dieren

Runen: (700vC-1300nC)
Germaanse lettertekens. Run is Oud Noors voor geheim. In gebruik circa 500vC-1300nC. Voornamelijk in NW Europa: ScandinaviŽ, Engeland, Nederland en Duitsland. Waarschijnlijk zijn de runen afgeleid van de Noord Italische alfabetten.
¶ Oorspronklijk worden runetekens alleen gebruikt voor magische handelingen. #NEM/p15
¶ PoŽzie betekent voor de Angelen al vanaf hun ontstaan zeer veel. Hun oorspronklijke oppergod Odin is namelijk o.a. de god van de wijsheid en de poŽzie. Wijsheid heeft hij gekregen van de reus Mimir (de hoeder van de Wijsheid) in ruil voor een oog. De PoŽzie krijgt hij door te drinken van de dichtdrank Mede uit de vaten van de reus Suttung. Kennis van de magie en runen krijgt hij door negen dagen en nachten aan een boom te hangen, doorboord door zijn eigen speer. Vandaar zijn naam Hangagud. Odin heeft vele bijnamen. De bekendste is Snorri. > Odin
Het runenalfabet heet Futhark en bestaat uit 24 tekens. Later zijn variante futharks gecreŽerd met afwijkingen in de vorm en het aantal van de tekens. Op de Britse eilanden komen de runen en de futhark voornamelijk voor in de 10e en 11e eeuw. De Angel-Saxische runen en futhark wijken verder af van de runen en futhark in de Scandinavische landen.
** Futhark, Schrift
# RGT, WP

Runenstenen: > Thorsberg
Runentekens: > Runen, Futhark
Rust: > Relaxen, Rusten
Rusten: > Moeheid, Slapen

Ruurlo:
Alias Reurle, Reurlo. Stad in de Achterhoek. Oudste vermelding: Roderlo = gerooid bos. De regio wordt rond 150vC bevolkt door Angelen uit de regio Eibergen. De naam lijkt derhalve afgeleid van Anglisch rodan (rooien) + lo (bos).

Rijksdag: (RKD:)
()A cyning (koning), hertuge (hertog, generaal; later vorst van een gewest), hofstead (hofstad), ricdaeg (rijksdag), rice (rijk, land, gebied, macht)
¶ De rijksdag is een vergadering van de koning met zijn Witan (Raad van Wijzen), de hertogen (vorsten) en de notabelen van de gewesten. De notabelen zijn de groep van landheren en hogepriesters. Naar noodzaak spreken de deelnemers een datum en locatie af. De vergaderingen duren vaak enige dagen. Daarom komen de deelnemers met hun tenten en proviand. Na de vergaderingen worden vaak feesten gehouden met barbeques, wedstrijden en muziek. (# WP, BBC4/Aethelstan aug2013, KBG)
** Landinrichting, Hofstad, Koning, Witan, Gewesten

Rijnland: (RNL:)
betreft regio langs de Oude Rijn tot diep in Duitsland; i.c. langs Katwijk/Zee, Rijnsburg, Leiden, Rotterdam, Nijmegen, etc
timetable:
-700-12vC Op vele locaties ten noorden van de Rijn zijn sporen van bewoning en resten van begraafplaatsen aangetroffen uit de Yzertijd. De bewoning is intensief. #OBA/p10
-150vC--- Angelen uit Veluwe en Liemers settelen langs noordoever Rijn > ASA
--51vC--- Julius Caesar bereikt met zijn leger de Rijn. > Romeinse Rijk, ARV
--10nC++- levendige handel tussen Rijnland en Brittannia; i.b. wijn en aardewerk
--43++--- levendige handel tussen Rijnland en Londen > PgBrit/Londen
--50++--- Angelen bouwen schans Duno bij Heveadorp/Arnhem > ARV
-100++--- Rijnland bevolkt door Angelen uit De Liemers en ZuidVeluwe
-122++--- Angili (Angelen) wonen tussen Rijn en Elbe > Angili
-150++--- Angelen vallen regelmatig Romeins gebied langs Rijn binnen
-150++--- Romeinen houden breed gebied langs Rijn vrij van bewoning tegen gevaar van invallen. #OBA/p14
-290--450 Bron WAB/p21 schrijft:

The practical raids [of Angels and Saxons] began as early as the last years of the Third Century A.D.; and by the year 368 they had become so frequent and so audecious that the great Roman General, Theodosious, was sent to Britain with a large army to meet the menace, and succeded in driving the raiders back across the sea. --- and by the beginning of the Fifth Century the famous Second Legion, Augusta, which was recruited on the Rhine, had been transfered from South Wales to Kent, while a mixed collection of Belgians, Gauls, Dalmatians, and other auxiliary forces was spread along the manaced coast, it being Roman custom to garrison each province of the Empire with regiments from another province, the British troops, therefore, being then stationed for the most part abroad.
-405------ Offa van Angeln bereikt de Maas bij Oeffelt > Oeffelt
-405++--- Offaland tussen Denemarken en de Rijn/Maas > Offaland
-450++--- Angelen zijn een Germaans [West-Gotisch] volk in het tegenwoordige Sleeswijk, later langs Beneden Rijn en Maas, steken in de 5e eeuw gedeeltelijk over naar Groot Brittannia, waar zij samen met de Saxen en andere stammen diverse rijkjes stichten. #NAE/1937 > Angelen
-400nC++: Angelen overschrijden de Rijngrens op tal van plaatsen. #OBA/p12
-520++--- Hygelac en zijn Vikings teisteren Rijnland: ze plunderen, moorden en branden
-600++--- Franken bezetten Nijmegen
-600++--- Nijmegen hoofdkwartier Franken
-615--675 Aldgisl van Rijnland -- koning
-640++--- Anglische gesp in Rijnsburg
-650--719 Radboud van Rijnland -- koning
-695++--- in Rijnland goeit de macht van de Franken
-750++--- handel tussen Rijnland en Mercia/GB > PgBrit/Mercia
In Mercia/GB zijn gevonden munten en potscherven afkomstig uit Rijnland. Ze zijn gedateerd uit de 8e eeuw nC.
-768++--- Karel de Grote zetelt in Nijmegen
 
Rijnland, Radboud van (650*-719nC)
Alias Redboud, Redbald, Redbad. Zoon van Aldsgil van Rijnland. Volgt zijn vader op in 679nC. Strijdt tegen de Franken, die Rijnland onder hun heerschappij willen brengen. In 690nC wordt Radboud bij Dorestad verslagen na een eerste offensief. Hij sterft in 719nC.
** Rijnland

 

Rijnsburg: (RNB:)
De regio Rijnsburg in Zuid Holland wordt rond 330nC bevolkt door Angelen uit Utrecht. (> ASA) De naam Rijnsburg lijkt derhalve afgeleid van Anglisch Rine (Rijn) + beorg [burgg] (borg, burcht, bergplaats, schuiloord). Dus: de burcht aan de Rijn.

625nC: Rechts: een fraaie gesp in Anglische stijl, gevonden in het graf van Redwald in Sutton Hoo. De rode X doet erg denken aan de Asbole, het symbool van het verbond van de Angelen en Saxen uit circa 125nC, gesloten in de regio bij Bremen.
> Asbole, PgBrit/Redwald van East Anglia

640nC: Anglische gesp gevonden in Rijnsburg gemaakt rond 640nC. #KVN

 

 
Rijssen:
Volksmond: Riesn. Stad in Twente. Vermelding:
1188: Parrochia Risnen in een oorkonde van de graaf van Dalen
1773: Ryssen op kaart RZA/37
De betekenis van de naam is vooralsnog niet bekend.
¶ Rijssen heeft van oudsher een schapenmarkt.
¶ Bron KUOZ/p58 ev:
- Rijssen heeft een bloeiende veemarkt.
- Brandewijn met suiker is de traditionele volksdrank.
- Rijssen is een oude vestingstad.
- In Rijssen wordt een streektaal gesproken die voor een groot deel los staat van de Nederlandse taal.
- Rijssen heeft in de 19e eeuw nog geen spoorverbinding. Daarom moet de jutefabriek daar de grondstof uit India per ossewagen uit Deventer halen.

Rijtuigen: > Voertuigen

RZA:
Reise- en Zak-Atlas
mbt De VII Vereenigde Nederlandsche ProvinciŽn
Uitgegeven Te Amsterdam by Jan Christiaan Sepp, Boekverkoper, 1773.

S:::

Saeter:
Anglisch: Satter. De naam is afgeleid van de Romeinse god Saturnus, god van de landbouw.
Saturnus: Volgens bron Historia Regum Britanniae Book 6 noemt ene Hengest de goden van zijn volk: Saturnus, Jupiter, Mercurius, Frea (Frya) en andere goden die de wereld regeren. Maar in bizonder Mercurius, die ze Wodan noemen. (# WKP 10.11.10) Deze Hengest is feitelijk Engist van Angeln (c 405-465), afkomstig uit Angeln (NW Duitsland). Engist (Hengest) is leider van een leger huurlingen bestaande uit Angelen. Hij vestigt zich vůůr het jaar 430 met zijn leger in Humsterland (NW Groningen). Rond 435nC vertrekt hij met z'n leger naar Brittannia om zich aan te sluiten bij de Britse warlord Vortigern. > Engist van Angeln
Saeter: god van de landbouw. Mogelijk zijn de Angelen oorspronkelijk primair landbouwers. Hun god Saeter is namelijk gemodelleerd naar de Romeinse god Saturnus, de god van de landbouw. Zaterdag is genoemd naar Saeter. Hij komt op de 7e plaats van het Anglisch pantheon. > Weekdagen
Saeterndaeg = zaterdag, de 7e dag van de week. Genoemd naar Saeter. Daaruit blijkt dat hij werd gerekend tot de belangrijkste goden van de Angelen. Bron WAB/p82 schrijft:

The names of some of the ancient English deities are preserved to us in our words denoting the days of the week. "Sunday" is the Anglo-Saxon Sunnandaeg, the day dedicated to the Sun-god. "Monday" is Monandaeg, the Moon-god's day. "Tuesday" is Tiwesdaeg the day dedicated to Tiw, the dark god of war. "Wednesday" is Wodenesdaeg, Woden being the great god of gods. "Thursday" is Thunresdaeg, or Thunder's Day, thunder being a designation of Thor, god of storm and tempest. "Friday" is Frigedaeg, the day belonging to Frig, or Freya, the devine wife of Woden; and "Saturday" is Saeterndaeg, dedicated to Saeter, a form of Saturn.
Saturnalia: Te ere van Saeter werden jaarlijks in Rome de Saturnalia gehouden, zeer populaire volksfeesten van 17-20 december.
135vC Onna: Gehucht bij Steenwijk. Hier zijn twee Romeinse denaries (munten) gevonden uit 135vC. Ze zijn geslagen in Rome. 1 munt draagt de kop van Saturnus. De andere munt draagt de kop van Roma, de beschermgodin van Rome. > Steenwijk
Rijnsaterwoude: Oude naam voor Rijnwoude in Zuid Holland. De naam verwijst kennelijk naar Saeterwoude, een woud waar Saeter werd vereerd.
Saterlo: Alias Saterslo, Saasveld, Saesveld. Kasteel in de buurtschap Dulder in Saasveld. Genoemd in 1361 in de kronieken van de bisschop van Utrecht. Ene Jacob van Saeterslo wordt genoemd in 1099 als deelnemer van een Kruistocht. Saterlo zal dan vrij zeker dateren uit de Anglische Tijd (550vC-750nC), toen het Angalisme nog het algemeen volksgeloof was. De regio wordt rond 225vC bevolkt door Angelen uit het Vechtdal. Saterlo zal dan gesticht kunnen zijn ergens halfweg 225vC-750nC. Dus ergens rond 266nC. Kennelijk is de site genoemd naar de Anglische god Saeter, die daar zal zijn vereerd. De naam Saterlo lijkt derhalve afgeleid van Anglisch Saeter + lauha (lo, loo, loe = open plek in bos). Dit sterkt de these. Anglische goden werden namelijk vaak vereerd in een bos.
Bok: Wapen van Saasveld (Saterlo): op goud een staande gehoornde bok in rood en links gekeerd. De bok is een oud mythologisch figuur, geassocieerd met de mannelijke sex. In het HinduÔsme wordt hij geassocieerd met de god Agni, de god van het Vuur. Hij heeft rood haar en drinkt gesmolten goud. In het Hellenisme is de bok een offerdier van de god Dionysos. In het Christendom een offerdier dat de zonden van mensen wegneemt.
Satyrs: Vrolijke en ondeugende figuren uit het Hellenisme, gekenmerkt als behaard en bebaard, vrolijk en wellustig en met een penis in erectie. Ook de god Pan heeft deze kenmerken.
** Darfeld, Angalisme, Goden

Saga's:
Oudnoordse overleveringen uit ScandinaviŽ. Afgeleid van sagar = zeggen. Noordse settlers in IJsland leggen ze vast in de 12e-14e eeuw. Enkele saga's zijn vastgelegd in Noorwegen. De meeste auteurs zijn onbekend. Onderscheid:
- familiesaga's  : saga's over belangrijke families
- koningsaga's  : saga's over koningen en koninshuizen; o.a. SkjŲldungasaga (ZA)
- heldensaga's  : saga's over heldhaftige figuren
- fornaldasaga's: mythische overleveringen
** Odin, Inglinga Saga, Angla Saga, Ingwi, Overleveringen, Saxo Grammaticus, Balder, Beowulf, Sagen
# WP, WKP 25.12.07

Sagen:
De Oude Angelen zien hun goden als kosmische krachten die het leven beÔnvloeden en waaraan ze zijn onderworpen. Deze kosmische krachten hebben namen gekregen en zijn onderling verwikkeld in allerlei intriges, die worden overgelverd in de vorm van sagen.
** Saga's, Gudrunsage, Goden, Legenden

Saksen: > Saxen
Saksisch: > Saxisch

Salland: (SAL:)
250-100vC: Salland bevolkt door Angelen uit Drente. > ASA
250vC-800nC: Salland onderdeel van Anglisch Rijk > Angle, Angelland
300-600nC: De Grote Natheid: Kusten Angelland getroffen door grote natheid. Veel regen en stormen. Veel land loopt onder water of wordt weggespoeld. Vele Angelen vluchten naar hoger grond op de Veluwe en in Twente en Drente. Door de grote natheid groeit daar de vegetatie veel te snel en wordt het land nauwelijks bruikbaar voor landbouw en veehouderij. Circa helft van de Angelen migreert daarom naar Brittannia waar de situatie beter lijkt. > P36
500nC: Salland getroffen door wateroverlast. De Brink in centrum Deventer ligt anno 2013 circa 9 meter boven NAP. De Ysselkade ligt circa 6 meter boven NAP. (#www: NAP's Deventer/sep2013) Rond 500nC zal het NAP dus ook circa 5 meter zijn gestegen. De Brink zal dan circa 9-5=4 meter boven de nieuwe NAP liggen. En de Ysselkade circa 6-5=1 meter. T.o.v. het huidige (Ao 2013) normale nivo van het water in de Yssel ligt de kade circa 3 meter daarboven. (FRI) Per saldo is dus het water van de Yssel rond 500nC vergeleken met het huidige (Ao 2013) normale nivo 3-1=2 meter gestegen. Dit stemt overeen met het feit dat Centraal Salland in 300-500nC relatief natter is dan in de voorafgaande periode. (> SDV/p283) Salland ligt namelijk ingeklemd tussen de Yssel en de Vecht. Het water van de Vecht staat in open verbinding met de Yssel en zal dus rond 500nC eveneens met circa 2 meter zijn gestegen. Salland zal rond 500nC zeker voor een groot deel langdurig onder water staan. > P36, SDV/p283
500nC: De eerste dijken in Nederland zijn rond 50nC aangelgd langs de grote riveieren door de Romeinen. Het Romeinse Rijk grenst echter tot aan de Rijn. Rond 400nC vertrekken de Romeinen en raakt de dijkenbouw in het slop. (> Dijken) E.e.a. betekent dat rond 500nC in Salland vrij zeker geen dijken zijn. Salland zal derhalve in circa 450-550nC voor een groot deel onder water staan.
550nC++: Na de watersnood van 475-550nC trekt het zeewater langzaam weer terug en herstelt Salland weer geleidelijk.
1089++: Salland + Drente (= Nedersticht) onder gezag bisdom Utrecht. #HED/p10
2014: In Salland is een paarderas dat erg lijkt op de Suffolk Punch qua stokhoogte, kleur, kracht, taaiheid en bescheidenheid. (#FRI/Bathmen 29.5.2014) Gezien de migraties uit Salland naar Brittannia in 450-550nC lijkt het mogelijk dat de Sallander in die periode is meegenomen naar Brittannia en aldaar verder is gefokt. Mogelijk is de Suffolk Punch daarom een neef van de Sallander. > Paarden
** Nedersticht

Sallander: (SLD:)
Paarderas dat mogelijk afkomstig is uit Salland. Het paard op onderstaande foto komt uit de regio Deventer. Vooralsnog is niet bekend van welk ras dit paard is. Deze "Sallander" lijkt erg op de Suffolk Punch qua stokhoogte, hoofd, kleur, kracht, taaiheid, bescheidenheid en manenkam. (#FRI/Bathmen 29.5.2014) Als deze Sallander inderdaad hoort tot een oud Sallands ras, dan kan dit paard tijdens de migraties van Angelen naar Brittannia in 450-550nC zijn meegenomen en aldaar verder gefokt. > Paarden


          

Boven: Slepkar getrokken door een Sallander anno 2014. (Foto @ TiedLight) > Paardekarren

 
Samenleving: (SML:) > Maatschappij, Nabuurschap, NEW
Saneren: > Lijden
Sanskriet: oude taal der Hindu's > PgGen/HinduÔsme
Satan: > Duivel, Duivels
Sater: > Saeter
Saturnalia: > Saeter
Saturnus: > Saeter

Sawul: Anglisch sawul (sawel, sawol) = ziel > Ziel

Saxe:
Ook: sax, saex, saexe. Soort kromzwaard, vooral gebruikt door Saxen.
()A seax (saxe), scraemaseaxe (scramasaxe = scherp zwaard met giftige snijkant)
** Saxen

 
Saxen:: (SXN:)
Land: Regio in Oost Duitsland, tegen de Poolse grens. Het land ontstaat uit mark Meisen waaraan telkens nieuwe landen zijn toegevoegd. In 1485 verdeeld tussen de Ernestiense en Albertiense lijn. #NAE/1931
1000nC: Kaart "Herzogtum Sachsen um 1000" uit de atlas "Heiliges RŲmisches Reich um 1000", gemaakt in 1886.

   

>> Saxenland, Nedersaxen

 

Volk: Oost-Gotisch volk afkomstig uit Noord Polen, vanwaar ze zich in de loop der eeuwen westwaarts verspreiden in Pommeren, Holstein, Zuid Brittannia en NO Nederland. Aangezien de zuidelijke kustgebieden van de Baltische Zee al vroeg worden bevolkt door Oost Goten uit Polen, lijken de Saxen van oorsprong een Oost Gotische volkstam. Deze these lijkt niet onredelijk, aangezien de Saxische taal veel verwantschap toont met andere Gotische talen in Noord Europa. De naam Saxen is afgeleid van de sasnotas (saexnots) ofwel saexgenoten. Een saex is een kort gekromd zwaard. Deze saex komt o.a. voor in de wapens van Essex, Wessex, Sussex en Middlesex in Engeland, waar ze zich in hebben gevestigd. Saxen zijn dus voornamelijk krijgers, die kennelijk zeer bedreven zijn in zwaardvechten.
 
¶ Bron WAB/p21 schrijft:
This Gildas is largely responsible for the spreading of the idea that the invaders [Saxons] were a barberous people. He speaks of "the fierce and impious Saxons, a race hateful both to God and man"; and he discribes in terrible words the sloughter they perpetrated, he being their bitter enemy.
¶ Bron WAB/p23-24 schrijft:
The lands from which the Germanic invaders [in Britain] came lay along those sea-girt shores which pass from Denmark through Schleswig to the Netherlands. To the Romans these tribes had long been known as "Saxons", but actually they belonged to three nations - the Jutes in the north, the Angles in the middle, and the Saxons in the south, while it seems likely that a fourth people, the Frisians from the neighbourhood of Holland, were also involved. Of these peoples the Angles, or English, appear to have been the most powerful; and the comparatively modern term "Anglo-Saxon" may be said to have been designed to indicate that while they all belonged to the tribes loosely described as Saxons, the Anglian element played the most important part in the movement.
Saxen: taal: > Saxisch, TAES
Oude Saxen: > Oude Saxen
Nieuwe Saxen: > Nieuwe Saxen
Usurpatie: Aangezien:
- Saxen en Hunnen in de Karpaten sinds circa 400nC sterk lijken geÔntegreerd te raken > Karpaten
- en de geÔntegreerde Saxen en Hunnen steevast Saxen worden genoemd > Nieuwe Saxen
- en de Saxen op het Continent en later in Engeland sinds circa 115nC 3x een verbond sluiten met de Angelen > Angel-Saxen
- en sinds circa 750nC zowel in Angelland op het Continent als in Engeland in Brittannia een versaxing van het Anglische optreedt > Angel-Saxisch, Versaxing
>>> lijken de Saxen zich nogal usurpatief te gedragen jegens volken met wie zij duurzaam samenleven en lijken de Angelen hun eigen waarden onvoldoende te verdedigen.
Timetable:
- 250vC Volgens sommige bronnen komen de Saxen oorspronkelijk uit Noord Polen, vanwaar ze zich sinds circa 250vC geleidelijk verder westwaarts verspreiden naar Noord Duitsland via Pommeren richting de Elbe.
- 98nC Tacitus schrijft dat in Germania weinig ijzer wordt gevonden. De Germaanse wapens tonen dat volgens hem. Weinig soldaten hebben een zwaard of lans. (TAC/G6) Aangezien:
- Tacitus vooral in continentaal NW Europa vertoeft en de Germanen aldaar beschrijft
- en het zwaard het kenmerkende wapen is van de Saxen
>> lijkt het dat er rond 98nC nauwelijks Saxen wonen in continentaal NW Europa.
- 123nC Saxen worden voor het eerst genoemd rond 123nC door Claudius Ptolemaeus (87-150) in zijn Geographia. Later wordt op basis van het boek een kaart gemaakt waarop de Saxen en andere Germaanse stammen zijn aangegeven.
- 150nC Saxen wonen aan de oostkant van de Elbe. #Ptolemaeus, FFS
- 150nC Saxen opereren in Angelland > Ockenburg
- 150nC Volgens sommige bronnen sluiten de Angelen en Saxen in het gebied tussen de rivieren Elbe en Weser in 150nC een verbond. Dat verbond lijkt bedoeld om samen sterk te staan tegen andere vijandige stammen in de regio. De Saxen zijn kenlijk inmiddels vanuit Pommeren verder westwaards getrokken en daarmee Angelland binnengedrongen. (> Mega Angle) Het is vooralsnog niet bekend hoe de Angelen daarop reageren in eerste instantie. Dat ze echter een verbond sluiten met de Saxen, heeft mogelijk te maken met het feit dat Angelen en Saxen broedervolken zijn die voortkomen uit de Goten. Ze kennen elkaar dus en hun talen en culturen verschillen weinig. Deze periode is het begin van de gedeeltelijke vermenging van Angelen en Saxen in de loop van de eeuwen daarna, waardoor ze in latere eeuwen veelal Angel-Saxen worden genoemd. > Angel-Saxen
- 300nC++: Na het vertrek van de Romeinse troepen uit Zuid Holland in 276nC raakt het gebied ontvolkt. Rond 300nC komen immigranten uit het Noorden. Angelen en Saxen. Voornamelijk boeren. Tot op heden zijn weinig archeologische vondsten gedaan uit die tijd. Een armtierig dorpje bij Katwijk en grafheuvels bij Katwijk, Rijnsburg en Monster.
--- De Saxen vormen een ware plaag langs de kusten en riviermonden. De Romeinen bouwen daarom versterkingen, na 400 Litus Saxonicum genoemd, met posten in Brittenburg, Voorne, Goeree en mogelijk Ockenburg. > Ockenburg
- 350-400nC De Karpaten zijn een egio in Noord Tjechia, grenzend aan Polen en de Duitse deelstaat Saksen, het oerland van de Saxen. In deze regio zijn gouden sieraden en andere items gevonden uit de migratieperiode 350-400nC. In die periode wonen in de Karpaten Tjechen, Saxen en Hunnen. De archeologische items van de Tjechten lagen steeds op plekken waar alleen items van hen zijn gevonden. Die van de Saxen en Hunnen zijn steeds samen op dezelfde plekken gevonden. (#GFM/p62) Het lijkt derhalve dat de Saxen en Hunnen in de Karpaten ook steeds op dezelfde locaties wonen. Mogelijk was dat ook elders zo en kan het daardoor zijn dat Saxen vaak Hunnen zijn genoemd. > Hunnen, Karpaten, Volksverhuizingen
- 400nC Slavische volken vluchten voor de oprukkende Hunnen en vestigen zich in het land tussen Weichsel en Elbe. Saxen vluchten massaal naar NW Duitsland en NO Nederland. > Volksverhuizingen
- 405nC Volgens het Oud Anglisch dichtwerk Widsith (7e eeuw) voorkomt Offa rond 405nC dat zijn oude vader Wermund in de macht komt van de Saxen door nabij Bremen de Saxen te verslaan, die de Elbe hadden overgestoken en Midden Angelland waren binnengedrongen. In deze slag doodt Offa een zoon van de Saxische koning tijdens een persoonlijk gevecht. Volgens het dichtwerk Widsith gebeurt dat echter bij Fiveldore in Fivelingo (Noord Groningen).
- 425nC Een tekst in het Anglisch dichtwerk Widsith van rond 425nC roemt Offa en zijn strijd tegen de Swaefen bij Fifeldore:

35. Offa weold Ongle, Alewih Denum:
35. Offa regeerde Angle, Alewih de Denen;
36. se waes thara manna modgast ealra,
36. hij was daar onder mannen de allermoedigste,
37. no hwaethre he ofer Offan eorlscype fremede,
37. niemand overtrof Offa's vermetel leiderschap,
38. ac Offa geslog aerest monna,
38. en Offa veroverde in de eerste maanden,
39. cnithwesende, cynerica maest.
39. knecht/ruiter wezende, meest van het koninkrijk.
40. Naenig efeneald him eorlscipe maran
40. Niemand evenaarde hem meer leiderschap
41. on orette. Ane sweorde
41. op aarde. Ene zwaard
42. merce gemaerde with Myrgingum
42. merkte vermaard de grens met Myrgingum
43. bi Fifeldore; heoldon forth sidhdhan
43. bij Fiveldore; hielden voorts gescheiden
44. Engle ond Swaefe, swa hit Offa geslog.
44. Angelen en Swaefen, zo heeft Offa geslagen.
> Offa van Angeln

- 441nC De Saxen in Brittannia worden voor het eerst genoemd in 441/442 door een onbekende Gaulische (Franse) auteur die schrijft: "Brittannia valt onder het bestuur van de Saxen." Ze wonen dan in 'Litus Saxonicum' ofwel de Saxische Kust aan weerszijde van het Kanaal.
Circa 775 settelen vele Saxen zich in NO Nederland: Oost Groningen, Drente, Twente, Veluwe en Achterhoek. In 780 veroveren ze de Groninger Ommelanden en Dokkum. Hun taal is het Saxisch. Het Oer Saxisch en het Oer Anglisch vormen samen de basistalen waaruit het Oer Angel-Saxisch ofwel Oud Engels is ontstaan. (> KTE) De belangrijkste woongebieden van de Saxen worden echter na circa 775nC de Duitse deelstaten Neder-Saxen en Westfalen.
- 449nC Bron ASC (Anglo-Saxon Chronicles) schrijft voor het jaar 449nC:

Tha comon the menn of thrim maegthum Germanie: of Eald-Seaxum, of Englum, of Iotum. ...
ofwel:
Daar komen de mensen van drie machten in Germania: van Oud Saxum, van Angle (Angelland), van Jutland. ...
Bron ASC/449 is geschreven rond 835nC. Eald Seaxum ligt in 449nC nog ten noordoosten van de Elbe tot in NW Polen.
-450-500nC In 450-500nC migreren groepen Saxen naar Brittannia, samen met Angelen en Juten. Bij de Saxen gaat het volgens sommige bronnen in totaal om circa 150.000 migranten, die zich voornamelijk vestigen in Zuid Brittannia.
- 500nC++: De bouw en renovatie van motten in Coevorden, Gees en Ootmarsum lijken te duiden dat de Angelen een Saxische invasie vrezen door de massamigratie van Angelen naar Brittannia. Daardoor raakt het land deels ontvolkt en verzwakt. > M35, NOVL
- 510nC De Britse historicus Gildas noemt Saxen een woest en goddeloos volk, zowel vijandig naar mensen als naar God. (#WAB/p21) > Gildas
- 514nC++ Saxen migreren naar Zuid Brittannia > Engelandvaarders
- 555nC De oudste uitgebreide vermelding van de Saxen op het Continent dateert van 555nC, als de Saxen in opstand komen na de dood van de Frankische koning Theobald.
- 600nC In 731nC schrijft Beda in Yorkshire dat de Saxen wonen in Albinga, een gebied dat nagenoeg overeenkomt met Holstein en Lunenburg in Noord Duitsland en grenzend aan Angeln. De Saxen vestigen zich daar vrijwel zeker rond 600nC, na de massamigratie van Angelen naar Brittannia in 450-500nC. Het Koninkrijk Angle raakt daardoor ernstig verzwakt en houdt dan in 489nC op te bestaan. Daarna wordt Angeln in 500-700nC geleidelijk verovert door de Denen. (> Koninkrijk) De Saxen hebben zich dan in die zelfde periode verder verspreid naar het noorden vanuit hun woongebieden aan de Elbe.
- 731nC In zijn boek "Historia ecclestiasica gentis Anglorum" (731nC) schrijft de Engelse monnik Beda te Jarrow (N.Yorkshire) dat:
De Saxen wonen [rond 731nC] in het gebied tussen de Elbe, Weser en Eider. Dit gebied komt nagenoeg overeen met Holstein en Lunenburg in Noord Duitsland. De oudste vermelding noemt dit gebied Albingia.
Beda (672-735nC) is behalve monnik ook theoloog, historicus, mathematicus en fysicus. Hij is goed geÔnformeerd over de historie van de Angelen, Saxen en Juten, mede door zijn goede contacten met het koninklijk hof van Yorkshire, waardoor hij toegang heeft tot de hofbibliotheek. Zijn informatie wordt zeer betrouwbaar geacht. De ligging van het woongebied van de Saxen moet dus rond 731nC overeenstemmen met de beschrijving van Beda. > Beda
- 770nC++ Rond 770nC fungeert Porta Westfalica als centraal vergaderplek van de Saxen. De regio ligt bij Minden, halfweg tussen Osnabruck en Hannover, daar waar de Wezer het Wezergebergte doorsnijdt. Deze regio is oorspronkelijk Anglisch gebied, dat rond 250vC is bevolkt door Angelen uit Lunenburg. De Saxen hebben zich daar rond 770nC gesetteld vanuit hun woongebied in NO Duitsland en Polen.
- 772-804nC In de periode 772-804 worden de Saxen uitgebreid genoemd in de Saxische Oorlogen.
In 785nC legt keizer Karel de Grote de Saxen de Lex Saxonum op, waarin het oude stamrecht van de Saxen is geformuleerd in 24 regels. Verder zijn 10 regels geformuleerd waarin verzet tegen de kerk wordt gestraft met de dood. (> Rechtspraak) Kennelijk komen de Saxen daartegen alsnog in verzet. De strijd wordt hervat. Maar in 804 worden ze definitief verslagen door de Franken. Circa 5000 Saxen worden dan onthoofd. Daarna worden de overgebleven Saxen gedwongen bekeerd tot het Christendom.
- 775nC Rond dit jaar settelen kleine groepen Saxen in grensstreken van NO Nederland: Oost Groningen, Drente, Twente, Veluwe en Achterhoek.
- 775nC Het feit dat Saxen zich rond 775nC gaan vestigen in NO Nederland, heeft mogelijk te maken met de massamigratie van Angelen naar Brittannia. Daardoor blijven relatief minder Angelen over in hun oude homelands op het Continent. Hun positie in deze oude homelands verzwakt dus enigermate, waardoor de Saxen minder weerstand vinden als ze zich in de Anglische gebieden vestigen. Ook het feit dat hun taal en cultuur relatief weinig verschilt van de Anglische homelanders, voorkomt grote conflicten. Toch blijven per saldo de Anglische roots in NO Nederland relatief sterker dan die van de Saxische settlers. Dat blijkt o.a. dat daar familienamen met de uitgang -ing circa 2.4 x vaker voorkomen dan met -ink. De ink-vormen zijn typisch voor het Saxisch. De ing-vormen zijn daarentegen van oorspronkelijk Anglische origine. > ing/ink
- 775nC++ De belangrijkste woongebieden van de Saxen worden na circa 775nC de Duitse deelstaten Neder-Saxen en Westfalen.
- 778nC De Saxische grootgrondbezitter Widukind leidt rond 778nC een grote opstand tegen de Frankische koning Karel de Grote. Aanvankelijk heeft hij veel succes, maar op een gegeven moment moet hij vluchten naar Denemarken. Na zijn terugkeer weet hij een Frankisch leger te verslaan in het Suntel Gebergte bij de Weser. Karel de Grote weet de Saxen echter alsnog te verslaan. In 785 onderwerpt Widukind zich aan de Franken en bekeert zich tot het Christendom.
- 780nC Saxen veroveren de Groninger Ommelanden en Dokkum.
- 782nC
- #ASCV: 782. De Oude Saxen en Franken vechten
- #KVN: Saxenland opgedeeld in graafschappen
- 785nC
- De Sax Widukind onderwerpt zich aan de Franken en bekeert zich tot het Christendom.
- Lex Saxonum > Rechtspraak
- 843nC Vrede van Verdun. Hertogdom Saxen omvat huidige (2010AD) deelstaten Nedersaxen, Noordrijn-Westfalen, Sleeswijk-Holstein en Saxen-Anhalt. > Saxenland
- 850nC Bouw van de burcht Hunenborg in Volthe (Twente) door Saxen. > Huneborg Volthe
Twente is waarschijnlijk nimmer door Saxen bewoond, maar onderging wel een sterke Saxische invloed, omdat het centrum van het Saxisch machtsgebied lag in Westfalen, vooral in het stroomgebied van Lippe en Eems. ... Het gebruik van een Saxisch dialect, de vondst van Saxisch aardewerk en de toepassing van Saxische rechtsnormen in Twente zegt verder geenszins dat de Saxen hier werkelijk hebben gewoond. #GVT/p16
¶ Kaart KHS betreft Herzogtum Sachsen um 1000. Ze is gemaakt in 1886 door Duitse historici. Op deze kaart is duidelijk te zien waar de Saxen wonen. Hertogdom Saxen omvat de huidige (2010AD) deelstaten Nedersaxen, Noordrijn-Westfalen, Sleeswijk-Holstein en Saxen-Anhalt. Nederland en Ost-Friesland zijn op deze kaart oranje gekleurd en liggen duidelijk niet in Hertogdom Saxen. (> KHS) E.e.a. bevestigt de these dat de Saxen zich maar in kleine aantallen hebben gevestigd in de grensgebieden van NO Nederland.

¶ Timetable
vC
-400 Saxenland = NoordPolen
-250 Saxenland = idem + Pommeren
-100 Saxenland = idem + Mecklenburg
nC
-123 Saxen genoemd door Ptolemaeus
-150 Saxen wonen aan de Elbe (Ptolemaeus; FFS)
-150 Saxen verbond met Angelen in Eems/Elbe gebied > Angel-Saxen
-400 Saxen migreren naar NW Duitsland op de vlucht voor de Slaven
-450 Saxen migreren naar ZuidBrittannia
-600 Saxen migreren van de Elbe naar NoordAlbinga/Holstein
-731 Saxen wonen in Albinga/Holstein (Beda)
-750 Saxen en Franken veroveren Thuringen > Thuringen
 
-772 Begin Saxische Oorlogen (tm 804)
-775 Saxen settelen in enkele grensstroken NO Nederland
-780 Saxen veroveren Groninger Ommelanden en Dokkum > Ludger
-785 Saxen onderwerpen zich aan de Franken
-785 Lex Saxonum > Rechtspraak
-800 Saxen settelen in Saxum/N.Groningen > Saxum
-804 Saxen verslagen door Frankische koning Karel de Grote
-850 Bouw burcht Hunenborg door Saxen in Volthe, Twente
1116 Lothar van Supplinburg (hertog van Saxen) verovert Benheim > Bentheim
1348 Bisschop Jan van Arkel in Utrecht bezit drie erven en enkele weiden in Angelsloo. (#APN) Mogelijk is Angelsloo in die tijd een vooruitgeschoven post van het bisdom Utrecht in hun strijd tegen de Drenten. Het bisdom spant samen met de Saxen tegen de Angelen in NO Nederland. Angelsloo ligt ideaal: vrij hoog en droog en nabij Coevorden, de hoofdstad van Drente, c.q. het belangrijkste Anglische bolwerk in die tijd. > Angelsloo, Coevorden
** Beda, Oud Engels, ASC, ASV, Ludger, ink/ing, Angel-Saxen, Maerlands (Saxisch Credo 800nC), Kranenburg Stade, Ang/Sax, Friezen, KHS
# WP, WKP 18.5.09, DAB, KBG

 
Saxenland: (SXL:)
Alias Saxonia. De Saxen wonen oorspronkelijk ten oosten van de Elbe. I.c. het huidige NO Duitsland (Mecklenburg + Pommern) en NW Polen.
125nC Saxen infiltreren de LŁnenburger Heide net over de Elbe.
405nC Prins Offa van Angelen dringt de Saxen weer terug over de Elbe.
600nC Saxen settelen in Oost Holstein.
775nC Tot 775nC ligt het woongebied van de Saxen in NO Duitsland van de Poolse grens tot aan de Elbe. Dat gebied heet Eald-Seaxum ofwel Oud Saxum. > Old Saxum
775nC++ Saxen breiden ze zich geleidelijk uit naar NW Duitsland en vandaar naar NO Nederland i.c. de oostelijke delen van Groningen, Drente, Overijssel en de Achterhoek.
780nC Saxen veroveren de Groninger Ommelanden en Dokkum.
804nC Karel de Grote verslaat de Saxen aan de Elbe en lijft Saxenland in zijn Rijk.
843nC Verdrag van Verdun: Frankische Rijk wordt opgedeeld in Francia (Frankrijk), Lotharingen (Lage Landen) en (Hertogdom) Saxen.
843nC Hertogdom Saxen omvat huidige (2010AD) deelstaten Nedersaxen, Noordrijn-Westfalen, Sleeswijk-Holstein en Saxen-Anhalt.
1260 Einde Hertogdom Saxen.
** Saxen, Old Saxum, G449, KHS

Saxisch: taal > Duits

Saxo Grammaticus: (c 1140-1220; SAG:)
Deense geestelijke en historicus. Schreef Gesta Danorum (Deense heldendaden), een serie van 16 boeken over de Deense historie in Latijn. Hij schrijft o.a. over koning Wermund van Angeln (c 356-416) en diens zoon Offa (c 380-456)
** NHS, Offa van Angeln, Saga's

Saxo-Anglisch: > Versaxing
Saxonia: > Saxenland, KHS

Saxum:
AVA Seaxum = Saxenland.
449nC: Bron ASC/449: de Anglo-Saxon Chronicle voor het jaar 449nC

Tha comon the menn of thrim maegthum Germanie: of Eald-Seaxum, of Englum, of Iotum. ...
Of Eald-seaxum comon East-seaxe and Suth-seaxe and West-seaxe.

ofwel:
Dan komen de mannen van drie Germaanse machten: van Oud Saxum, van Angle, van Jutland. ...
Van Oud Saxum komen Oost-Saxen (Essex) en Zuid-Saxen (Sussex) en West-Saxen (Wessex).
** Old Saxum

Saxum: Groningen
Dorp in Humsterland, NW Groningen. Alias: Saaxum, Saaksum. Oudste vermelding circa 850nC. WEW/p59: lijst Werden 990nC: Sahsinghem genoemd. WEW p65: lijst Werden 1025nC: Sahsinhem. Mogelijk gesticht rond 800nC. De kerk aldaar dateert van 1550. Anno 2009 circa 120 inwoners.
** Suxwort

Scaerland: (SCL:)
Fictieve naam voor het gebied tussen Skaerbaek en TŲnder in ZW Denemarken langs de Noordzee en grenzend aan Sleeswig-Holstein in Duitsland. In dat gebied hebben zich ooit Angelen gesetteld, zeer waarschijnlijk afkomstig uit Angeln. Naar zeggen waren dat voornamelijk vissers, die anno 2015 dit vak nog steeds beoefenen. #FRI
Warwik: Dit is een kustplaats in Scaerland. #FRI/TerApel/5.9.2015
Warwick: Stad zuidoost nabij Birmingham in Engeland. Aangezien Noord Engeland in 450-550nC wordt bevolkt door Angelen uit NW Angelland op het continent, lijkt het mogelijk dat Warwick in die periode is gesticht door Angelen uit Warwik in Scaerland.
--- Ethelflaed van Wessex (869*-918) is gehuwd met koning Eathelred van Mercia. Ze is een geducht legerleider. In 914nC bouwt ze een burcht bij Warwick. > PgBrit/Ethelflaed van Wessex
¶ Gezien de Anglische herkomst van Warwik en Warwick, lijken deze locaties te zijn afgeleid van Anglisch wear (wal, muur, sterkte, burcht; ON weer) + wic (wijk, wijkplaats, schuiloord, buurt, dorp). Dus: schuiloord bij de wal of burcht.
** Jutten

Schaaldieren:
()A weoloc (wulk; # slak)
** Waterdieren

Schaatsen:
()A glis (schaats gemaakt van been), glissan (ww schaatsen), skaet (schaats), skaetan (ww schaatsen)
3000vC: Anno 2017 zijn schaatsen gevonden uit circa 3000vC. Ze zijn gemaakt van botten. #TRAVELtv 20.4.2017
0nC++: Bron LLZ/p26 schrijft dat er in de terpenregio's van Noord Nederland archeologische vondsten zijn gedaan van na de jaartelling. Ze getuigen van een hogere ontwikkelingsnivo van de bewoners: benen voorwerpen als dobbelstenen, schaatsen, etc. Veel van deze vondsten liggen in het Fries Museum te Leeuwarden.


   

hierboven: schaatspret rond 1650AD geschilderd door onbekende meester

¶ Schaatsen deed men vroeger niet alleen voor het plezier. In oude tijden was het ook een vrij normale vorm van reizen. Pas in de 20e eeuw wordt schaatsen een echte georganiseerde wedstrijdsport. Weer wat later ontwikkelt zich ook het artistieke kunstrijden op de schaats.
1854 februari: Roelof Kranenburg (18 jaar) schrijft vanuit Deventer zijn ouders te Groningen: Geliefden! ... Zaterdag den 3den Maart kom ik te Groningen en hoop enige mijner broers te Meppel aan te treffen. Om zeven uur gaan ik op schaatsen van hier, over de IJssel naar Zwolle en vervolg mijnen weg over het Zwarte Water tot Meppel waar ik, u aantreffende, verder in gezelschap met u naar Groningen rijd. Woensdag l.l. heb ik mijn schaatsen gebroken, maar heb voor 75 cent een paar anderen gekocht waar ook al niet veel aan gelegen is. Enfin, ik zal het er maar op doen daar ik toch nog de beste rijder ben van mijne kennissen. Niets bijzonders weet ik u op het oogenblik te schrijven en eindig dus na u het beste gewenscht te hebben. Uw Roelof
1854 september: Deventer den 10 Sept 54. Lieve Ouders Broers en Zusters! Onder het blazen des conducteurs van het door Hendrik zoo dikwijls op zijn klarinÍt gespeelde stuk, rolden wij Groningens poorten uit. Hoewel het een allerprachtigste nacht was en de maan een zacht kwijnend licht over de stille aarde wierp, hoewel de schitterende sterren als door het luchtruim zweefden en ons des scheppers almacht verkondigden - toch konde ik met mijne togtgenooten, de slaap niet tot Assen uit mijne oogen weeren, maar had Morpheus mij reeds spoedig in zijne magt om mij te doen rusten en te laten droomen van de zoo spoedig vervlogen gelukkige dagen. Slapende stapte ik te Assen uit de diligence om na gefluit te hebben er ook slapende weder in te stappen. Mijne medgezellen waren ook allen spoedig ingesluimerd en den een viel al ronkende menigmaal tegen den ander om hem zijne illussiŽn te verdrijven en hem in de werkelijkheid - de diligence - terug te voeren. Zoo reden wij droomende naar Meppel waar we een kop koffij gebruikten en machinalement weder in de postwagen stapten. Ten acht ure arriveerden wij te Zwolle en gevoelde ik daar eerst regt dat ik mijn allťťn leven weder zoude moeten beginnen. Niet zeer aangenaam vervolgde ik dan ook mijne reis naar Deventer, om daar weder het bijzijn van geliefde betrekkingen te moeten missen en als op mijzelf, alleen mijne weg te moeten bewandelen. ... Roelof.
2012: Topschaatsers in Nederlande halen 45 Km/uur op de ijsbaan.
** Vermaak

Schansen:
Oorspronkelijk lukt het niet om een stad succesvol te veroveren. Steeds vluchten de inwoners achter hun onneembare schansen. Daarom worden steden geblokkeeerd, waardoor de inwoners zich vaak snel gewonnen geven. #KVN
** Vestingwerken, Vestingen, Vestingsteden

Schapen:
()A blaetan (blaten), cnyttan (breien), comminge (wolkammer), cot (schapenkooi), eowu (ooi, vrl schaap), euwan (grazen, begrazen), euwhurst (horst die begraasd wordt), ewa (=A eowu), flaessa (vlaas = plas, heideplas), flocc (kudde), haedh (heide), haitha (heide), hamol (hamel = gekastereerde ram), hathire (heide), headha (heide), hearde (herder), hedde (heide), heord (kudde), hirde (herder), hirdhound (herdershond), hirdstaef (herderstaf), hnoppa (wolvlok), lamb (lam, jong schaap), lamban (ww lammeren), lambfel (lamsvel), lambwulle (lamswol), mor (moer = woeste grond, heide), paes (heide), pas (heide), pes (heide), ram (ram), scare (=A scaer), scaer (schaar), scaer (schare, kudde), scaeran (scheren), sceaf (schaap), sceaffeld (schapenveld), sceaffere (schaapherder), sceap (schaap), sceapas (schapen), sceapbealcge (schapenbult, schapenweide), sceapcepere (schapenhouder, schapenboer), sceapcepery (schapenhouderij, schapenboerderij), sceapcoman (schaaphandelaar), sceapcot (schaapskooi), sceapdic (schapendijk = dijk waar schapen grazen), sceapdog (schapenhond), sceapere (schaapherder), sceapfell (schapenvel, schapenvacht), scaepheord (schapenherder, schapenhoeder), sceaphetting (schapenweide), sceaphirde (schaapherder),

In het buitengebied van Markelo staat een zeer markante en oude schapekooi in Anglische stijl (foto rechts; ©). De muren zijn okergeel, de kleur van watul, een mengsel van klei, turf en mest. Dit watul werd gesmeerd op de matten van gevlochten wilgetenen waarmee de muren werden opgetrokken. (> Watul) Stijl, kleur en materiaal verraden een zeer oude datum. Zo werd in het verre verleden gebouwd. In Engeland staan her en der nog enkele Anglische panden in dezelfde stijl. Zij dateren uit circa 800-900nC.
 
sceapmaerct (schapenmarkt), sceapman (schaapherder), sceapyre (van schapenvel), sceapscearan (schapenscheren), sceapscearere (schapenscheerder), sceapstrunt (schapenstront, schapenmest), sceara (schaar), scearan (scheren), scearere (schapenscheerder), spinnan (spinnen), spinweol (spinnewiel), taesan (tezen = wol pluizen, trekken, plukken), waeterwull (waterwol = lage kwaliteit wol), webban (weven), webber (wever), wedher (=A hamol), wefan (weven), wefar (wever), wull (wol), wullcomb (wolkam = kam om woldraden te scheiden), wullmaerct (wolmarkt)
6800vC++ Mensen houden schapen, geiten en runderen. #DWO
2200vC++ Mensen maken wol. #DWO
600vC++: Angelen gebruiken mest uit schapenstallen om hun akkers te bemesten. > Landbouw, Schapen
1550nC++: Ontbossing in Engeland door schapenhouderij.

1850++: rechts: boerderij op de heide met schapen en geiten; foto ©
 
1930nC++: Kunstmest geÔntroduceerd. Schapenmest wordt steeds minder gevraagd.
** Schieven, Heideland, Wol, Spinnen, Weefkunst, Rijssen (Schapenmarkt)

 
Scharlebelt: (SLB:)
Hoogte aan de Scharlebeltweg bij Hulsen in Hellendoorn. > Hulsen
225vC: De regio wordt rond 225vC bevolkt door Angelen uit het Vechtdal. (> ASA) De naam lijkt derhalve afgeleid van Anglisch scar (schare, stuk grond, vergaderplek) + le (el, tje, klein) + bealt, bylt (belt, bult, hoogte, heuvel). Dus: de kleine schare op de heuvel. Schare doet denken aan de vierschaar = een plek op een hoogte waar vier banken staan en waar wordt vergaderd en recht gesproken. Scharlebelt betekent dan: de kleine plek op de hoogte waar wordt vergaderd en recht gesproken. Ofwel: de kleine vergaderplek op de hoogte. Klein heeft dan betrekking op de omvang van de vergadering. Ofwel: het aantal deelnemers van de vergadering (bijeenkomst). > Dingplaatsen, Rechtspraak
¶ Op de Scharlebelt zijn afgelopen jaren diverse archeologische vondsten gedaan uit de Yzertijd. O.a. huisraad van aardewerk en ijzeren voorwerpen. #INT/sep2016
--- De Yzertijd in Europa dateert van 700-12vC. (> Yzertijd, Yzer) Scharlebelt lijkt dus zeker te zijn gesticht door Angelen.

Scharmer::
Dorp in Slochteren, Groningen. K. ter Laan schrijft in "Geschiedenis van Slochteren" (1962)

De naam van Scharmer wordt voor 't eerst aangetroffen in 1231, bij gelegenheid dat de abdij van Werum (Wittewierum) het patronaatsrecht verkreeg over de kerk.
1285 Skiramere: Aldus wordt in 1285 Scharmer genoemd in een oorkonde mbt Snelger de Skiremere. Hij in Scharmer op Huis Nyenhoff (= Huis te Scharmer). (#Vrouger mei1998/p34) De naam Snelger lijkt afgeleid van Anglisch Snell (mansnaam) + gar (speer). In 1385 wordt Alric van Skiramera (c 1350-1410) genoemd als heer van Scharmer in een oorkonde van de Acht Zijlvesten. > Snelger de Skiremere, Alric van Skiramera
In Scharmer staan oorspronkelijk een kerk en een klooster. De stenen kerk dateert van 1296 en is gebouwd in Romano-Gotische stijl. De kerk genoemd in 1231 zal dus een houten kerk zijn geweest. Dat is normaal voor die tijd. De kerk zal daar al ruime tijd staan voordat ze wordt afgebroken en daarna herbouwd in steen. De houten kerk zal daar dan zijn gebouwd na het begin van de kerstening van de Groninger Ommelanden door Ludger sinds circa 780nC. Dus ergens tussen 780-1131, dus mogelijk ergens halverwege rond 955nC. Het gebied zal dan al voldoende zijn bevolkt om de bouw te rechtvaardigen. Een kerk op het platteland in die tijd was klein met hooguit 50 zitplaatsen. Scharmer is in de Vroege Middeleeuwen een piepkleine nederzetting in een groot veengebied. Met 'voldoende' zal dan een aantal van hooguit circa 100 mensen zijn gemoeid.

          

Hierboven een tekening van de NH Kerk uit 1296 in de toestand vlak voor de afbraak in 1824, gezien vanaf de Hoofdweg. Voor de kerk staan o.a. de school, de pastorie en de kosterij. De tekening is na de afbraak gemaakt door Jan Ensing (1819-1894).
Gezien de historische migratiestromen lijkt Scharmer rond 450vC te zijn bevolkt door Angelen uit Oldambt. > ASA
Rond 955vC wonen dus circa 100 Christenen in Scharmer. Echter, in de eerste eeuwen sinds de kerstening is maar een klein deel van de bevolking Christen. Rond 955nC zal er dus zeker een veelvoud aan mensen wonen in Scharmer. Als in 955nC 1/3 van de inwoners Christen is, dan zullen er in Scharmer totaal zeker 300 mensen kunnen wonen. Om dit aantal te halen zal volgens de historische demografische groei van 1.24x per eeuw (> HDG) de bevolkingsgroei van Scharmer aldus kunnen zijn verlopen:
450vC-15 > 345vC-19 > 245vC-23 > 145vC-28 > 45vC-35 > 55nC-43 > 155nC-54 >
255nC-67 > 355nC-83, 455nC-102 > 555nC-127 > 655nC-157 > 755nC-195 >
855nC-241 > 955nC-300
Uit bovenstaande demografische reeks lijkt dat Scharmer rond 450vC is gesticht door circa 15 Angelen, die zich daar hebben gesetteld vanuit Oldambt. Mogelijk waren dat twee gezinnen met kinderen.
Namen van locaties ontstaan vaak al ver bevoor mensen daar settelen. De naam is dan normaliter gegeven door mensen in de directe omgeving. Dat kan de stad Groningen zijn geweest. De oudste gevonden sporen van bewoning in Groningen dateren vooralsnog uit circa 400vC. (> Ezinge) Noord Groningen lijkt echter al rond 500vC te worden bevolkt door Angelen uit Eemsland. > ASA
¶ In de Middeleeuwen (500-1500nC) wordt Scharmer genoemd als Sciremere later als Skiramere en Scarmer. De naam Scharmer heet derhalve te zijn afgeleid van schier (helder) en meer. Daarmee lijkt de naam Scarmer echter niet verklaard. Tussen schier en schar ligt fonologisch een te groot verschil. Wel is aannemelijk dat Scharmer aan een meer lag. Dat moet dan het Foxholstermeer zijn waaraan Scharmer ligt op de Hottinger kaart van 1783. Een ander meer waar Scharmer aan zou liggen, is vooralsnog niet bekend.
¶ Rond 775nC migreren Saxen uit NO Duitsland westwaards en settelen zich geleidelijk in NW Duitsland en later in NO Nederland. Het duurt echter nog zeker tot circa 1000nC voordat ze in de oostelijke grensgebieden van Groningen, Drente, Overijssel en Gelderland zijn gesetteld. Van de totale bevolking in die gebieden is dan rond 1/3 van Saxische en 2/3 van Anglische origine. > ing/ink
¶ Een meer heet in het Saxisch meri en in het Anglisch mere. (#EWB) De naam Scharmer lijkt derhalve van Anglische oorsprong. Scharmer lijkt daarom al ruim bevoor 775nC gesticht door Angelen.
De regio Scharmer wordt mogelijk rond 450vC bevolkt door Angelen uit Oldambt. (> ASA) De naam lijkt derhalve afgeleid van Anglisch scir, scar (inkkeping, inham, geul) + mere (meer, plas, zee). Dus: een locatie bij een inham of geul van een meer. Met het meer zal dan bedoeld zijn het Foxholster Meer. Op kaart 24 van bron HTN (1783) is dit meer nog goed te zien. Ook is bij huis Tilborg in Scharmer duidelijk een grote inham te zien.
¶ De these dat Anglisch scar = inham, lijkt te worden bevestigd door Scarborough in NO Yorkshire en gelegen aan de kust van de Noordzee. De Touring Guide to England (AA, 1975) schrijft:
Scarborough is a very popular resort which is well situated on two sandy bays divided by a headland.
Bron COD definieert: Bay, n. Part of sea filling wide mouthed opening of land. Genoemde bays zijn dus equivalent aan inhammen. Aangezien Yorkshire historisch Anglisch gebied is, lijkt inderdaad dat Anglisch scar = inham. Scarborough betekent dus: de burcht aan de baai (inham).
¶ In zijn boek "700 jaar Kolham" (1988) schrijft Kasper Amerika:
Ter hoogte van de plaats waar nu de Avebe-fabrieken staan - voorheen W.A. Scholten - kwam in het Foxholstermeer een diepe geul [= inham] voor, die naar naar het noorden afhelde. Daar was de doorstroming geweest langs huize 'Tilburg' onder Scharmer, vlakbij Foxhol, waar nu Rijksweg 860 ligt.
¶ Henk Nieborg (streekhistoricus) te Scharmer bevestigt 2.9.2010 dat de geul precies ligt op de grens tussen Scharmer en Kolham. De genoemde geul is dus vrijwel zeker de inham, ofwel scar waaraan Scharmer z'n naam dankt. Verder mailt hij dat het Foxholster Meer eertijds Boelemeer heette.
** Yzo Sckeremere (gb 1288), Alric van Skiramera (gb 1350)
# FRI, DAB, KBG

Schatbewaarder: (SBW:)
()A hord (horde, troep), hord (voorraad, schat), hordere (voorraadbeheerder, schatbewaarder), hordian (vergaren, bewaren, sparen), scat (schat, som geld, bezit, schatting, heffing), scatan (opbergen, bewaren), scatcest (schatkist), scatta (schatting, heffing, brandschatting), scattan (schatten, heffen, brandschatten), sceaddan (=A scatan), sceattan (schatten), tresor (schat), tresorie (schatkist), tresoriere (schatkistbewaarder)
¶ Een schatbewaarder is een thesaurier of penningmeester. (#KEN) Iemand dus die geld int, bewaard en beheert naar de geldende regels. In feite zal dat in het verre verleden niet veel anders zijn.
Munten in Angelland:
- 500vC-700nC: Wodanmunten I.e. munten met de beeltenis van Wodan erop. In gebruik in NW Europa in de periode circa 500vC-700nC. > Geldstelsel
- 420vC++: Eona = munt Athene = dollar van de Oudheid (#AVROtv K&K Mv Zilverberg)
- 400vC++: Cartago maakt gouden munten. (#AVROtv/Kunstuur 12.3.2014)
- 135vC: 2 Romeinse denaries (munten) in Onna/Steenwijk > Steenwijk
- 10nC++: Denari in Zoutkamp (NW Groningen). Gevonden rond 1950 een aantal Romeinse munten (denarii) van rond de jaartelling.

- 150nC: Anglische munt uit circa 150nC met beeltenis van Wodan. Zgn Wodanmunt. Gevonden in Groningen. > Geldstelsel
 
Uit dit overzicht blijkt dat de Angelen al vroeg muntgeld gebruiken en zelf lijken te slaan. > Anglisch geld
650vC++: Angelland ontstaat circa 650vC en groeit tamelijk snel uit tot een groot rijk met landbouw, veeteelt, visserij, smederij, handel, etc. Ook runt het Anglisch Rijk een soort staatsorganisatie met ambtenaren en voert het diverse oorlogen. Geld is in deze situatie een onmisbare factor om alle activiteiten vlot te laten verlopen. Dit geld moet een zekere stabiliteit bezitten wat betreft beschikbaarheid en betrouwbaarheid. Het slaan van eigen munten en een goed beheer van de geldstroom zijn daartoe van groot belang. Kenlijk lukt dat in Angelland. Het land heeft vele eeuwen een sterke positie. Het heeft vele commerciŽle contacten en runt een goed leger. (> Handel, Leger) Om dit goed te organiseren is een goed geldbeheer van groot belang. In dit proces speelt een bekwame schatbewaarder een grote rol. In overleg met de regering (i.c. de Witan) zal hij moeten zorgen voor goede controle en beheer van de financiŽle middelen. Of Angelland werklijk een schatbewaarder heeft, is vooralsnog niet bekend. Er valt echter nauwlijks aan te twijfelen. Temeer daar het Oud Anglisch het woord hordere (= schatbewaarder) kent en in het Anglisch Rijk ook heffingen en belastingen worden geheven.
** Geldzaken

Schaveren: (SCV:)
Locatie op NO Veluwe. De naam komt voor als Schaeffoerde (1534, Epe) en Schaefferden(1598) = schaapvoorde = voorde waar schapen oversteken. #LPV/1987
¶ Schaveren wordt rond 200vC bevolkt door Angelen uit Salland. De naam Schaveren i.c. Schaeffoerde lijkt derhalve van Anglische herkomst.
** Schieven, ASA

Scheepsbouw: (SCB:)
()A hac (korte bijl met dwars blad om houtvlak te effenen; o.a. gebruikt in botenbouw), raemakere (ramaker, mastenmaker), scip (schip), scipbow (scheepsbouw), scipgaerd, scipwearf (scheepswerf), scipmakere (scheepmaker), scipmakery (scheepmakerij)
6000vC Oudste boot van NW Europa gemaakt te Pesse in Drente > Schepen
¶ De meeste scheepswerven staan van oudsher langs of nabij de kust van de Noordzee. Schepen worden van oudsher echter ook gebruikt in de waterrijke gebieden in het binnenland. I.b. bij rivieren en moerassen. Zo heeft er o.a. in Hardenberg (Vechtdal) vrij zeker ook een scheepswerf gestaan. De familienaam Ramaker (AVA raemekere = ramaker, mastenmaker) is immers vrij zeker afkomstig uit Hardenberg. Deze masten worden normaliter gemaakt vlakbij een scheepswerf.

 
Scheepslijnen:
Achterhoek -- Rotterdam -- Engeland (1700++) > Ganzen
Bremen -- Engeland (450nC++) > Engelandvaarders
Deventer -- Engeland (450nC++) > Kolkert, YTL-Route
Diepen(Dieppe)/N.Frankrijk -- Z.Engeland (1000++) > Paardenhandel
Drente -- xx -- Mid.Engeland (400nC++) > Veenhutten
Emden -- Engeland (450nC++) > Engelandvaarders
Fiveldore/Gro -- xxx (405nC++) > Fiveldore
Fiveldore/Gro -- Engeland (450nC++) > Engelandvaarders
Groningen -- Rotterdam -- Diepen/N.Frankr. -- Z.Engeland (1000++) > Paardenhandel
Haithabu -- Dvina/W.Rusland -- ZwarteZee -- Kreta (400vC++) > Barnsteen
Hamburg -- Engeland (450nC++) > Engelandvaarders
Harlingen/Frl -- N.Engeland (1850++) > Steenkool
HoekVanHolland -- Harwich (xxx++)
Holland -- Z.Engeland (100nC++) > PgBrit/Winchester
Hollingstedt/NW.Duitsland -- Engeland (450nC++) > Hollingstedt
Katwijk/Rijnsburg -- Engeland (450nC++) > Engelandvaarders
Lobith -- Engeland (25nC++) > ARV/Historie
Munsterland -- xx -- Mid.Engeland (400nC++) > Veenhutten
Rotterdam -- Engeland (450nC++) > Engelandvaarders
Rotterdam -- Hull (oud)
Rotterdam -- Newcastle
Rijnland -- Ipswich/Suffolk/GB (al in 800nC)
Rijnland -- Mercia/GB (al in 750nC)
Scheveningen* -- Hull/NO.Engeland (xxx++)
Scheveningen -- Norfolk (xxx++)
Scheveningen -- Sizewell/Suffolk (1940-45) > Engelandvaarders
Suxwort/Humsterland/Groningen -- Engeland (450nC ++) > Suxwort
Twente -- Deventer* -- Hull*/Yorkshire/GB (230nC) > Twente
Twente -- Deventer* -- Mid.Engeland (400nC++) > Veenhutten
Twente -- Rotterdam -- Engeland (1700++) > Ganzen
Twente -- Harlingen -- N.Engeland (1850++) > Steenkool
Twente -- xxx -- N.Yorkshire (100nC) > Tubanten
Vlaanderen -- Antwerpen* -- Z.Engeland (100nC++) > PgBrit/Winchester
Ymuiden -- Newcastle/N.Engeland (xxx++)
Zeeland -- Middelburg* -- ZuidEngeland (100nC++) > PgBrit/Winchester
180-400nC De Romeinen in Brittannia exploiteren vele belangrijke kolenvelden in dagbouw. De handel in steenkool strekt zich uit tot in heel Engeland en zelfs tot het Rijnland op het Continent. Steenkool wordt gebruikt voor de verwarming van badhuizen en rijke villa's.
450-550nC Angelen varen met kielboten naar Brittannia. > Engelandvaarders
750nC++: Handel tussen Mercia/GB en Rijnland. In Mercia zijn gevonden munten en potscherven afkomstig uit Rijnland. Ze zijn gedateerd uit de 8e eeuw nC.
** Reisroutes, Scheepvaart, Vaarwegen, Veerdiensten, YTL-Route, TEHA

Scheepvaart: (SCV::)
()A aca (aak), aesc (oorlogschip van essenhout), afaran (afvaren, wegvaren, vertrekken), ancor (anker), angol (pikhaak), anlaec (aanleg, aanlegplek), anlaecan (aanleggen boot), arc (ark; # houten boot), bacbord (bakboord, achtersteven), bacwind (achterwinds, lijzijde, luwte), baeke (baken), baft (achtersteven van schip), barce (bark: lichte houten boot), bat (boot), batswegen (=A botman), beacan (baken), beorc (bark; # boot), bocc (bok = praam/platbodem), bog (boeg), boldar (bolder = meerpaal), bot (boot), botbow (botenbouw), bote (boot), bothus (boothuis), botman (bootsman = zeeman belast met zeiltuig), boyar (boeier; # plezierboot), bracan (braken, varen), bracce (brak = boottype), brywan (breeuwen = met hennep en pek dichten van naden tussen scheepsplanken), brywere (breeuwer = iemand die breeuwt), caed (kade), caedic (kadijk, jaagpad, trekpad, tragel, zomerkade), caedmon (kademan, kadewerker = lader en losser van schepen), caedwael (kademuur), cana (kaan; # rivierboot), cane (=A cana), captane (kapitein), cay (kaai, kade), ceol (kiel, kielboot), coy (kooi, bed), deadbot (dodenboot = boot die een dode vervoert), decc (dek), doft (roeibank), doggar (dogger = visboot met twee masten en hoge steven), dohte (roeibank), dragunbot (drakenboot = boot met drakenkop op boeg), ealman (vrachtboot met platte bodem), earc (ark, boot, woonboot), eth (haven), faet (vaat; # boot), faran (varen, reizen), farewel (vaarwel), fatu (=A faet), feotor (=A fetor), ferian (varen), feribot (veerboot), feriman (veerman), fetor (ketting, boei), fihbot (veeboot), fiscbot (visboot), fleot (boot, vloot), flet (vlet, kleine platbodem), flot (vlot), flotman (zeeman, piraat), foag (mist), foaghorn (misthoorn), furcassan (verkassen), furdar (vervoerder, schipper), geat (haven), grundel (grundel; # platte boot), hac (korte bijl met dwars blad om houtvlakken te effenen; o.a. gebruikt in botenbouw), haefen (haven), heafd (havendam, golfbreker), heafdwind (tegenwind), heafod (=A heafd), hefen (haven), helma (helm = stuurwiel), hierdraeden (wachtschip = oud oorlogschip in haven; o.a. gebruikt voor training), hithe (haven), hocer (hoeker; # visboot), hulc (vrachtboot), hythe (haven), juffre (steigerpaal), kuyl (kuil, kiel, kielboot), langbot (langboot = soort vikingboot), logboc (logboek), maerels (meertouw voor aanleggen boot), maest (mast), misthorn (misthoorn), moran (ww meren, vastbinden), naca (aak; =A naa aca), ora (haven), peadlan (peddelen, roeien), peadle (peddel, roeispaan), picchoc (pikhaak), pinck (pink = smalle zeilboot), playt (platte vrachtboot), pliht (plecht, voorsteven van schip), plihtere (onderstuurman), portu (haven), poupdecc (poepdek), prow (prauw), punt (punt = platte boot met rechte voor- en achterkant, voortgeduwd met boom ofwel lange stok), puntan (varen met een punt), punteran (varen met een punter), puntere (punter = platte boot met puntige boeg en steven, gebruikt in ondiep water mbv een lange stok waarmee de boot wordt voort geduwd), racca (rak = touw voor scheepsmast), rae (ra, mast), racente (boei), rea (ree, rede, kade = ligplaats voor schepen) road (=A rea), rother (=A rudder), rowan (roeien), rowbot (roeiboot), rudder (roer), ruther (=A rudder), saeman (zeeman), sayl (zeil), saylan (ww zeilen), saylbot (zeilboot), saylere (zeiler), scegg (wigvormig stuk van achtersteven van een boot), scif (skiff), scip (schip), scipan (verschepen), scipgaerd (scheepswerf), sciphoc (scheepshaak = enter- en duwhaak), scipleode (bemanning), scipmakere (scheepsbouwer), scipmakery (scheepmakerij), scipman (schipper, matroos), scippere (schipper), scipwearf (scheepswerf), scipweol (scheepswiel = stuurwiel, stuur), scipwrec (schipbreuk), scow (schouw, platbodem, veerboot), scute (schuit, platbodem, boot), scutemakere (schuitenmaker), scutemakery (schuitenmakerij), scuteman (schipper), sigel (zeil), siglan (zeilen), siglar (zeiler), siglbot (zeilboot), slace (slaak = bij storm rustige plek aan zee), sloup (sloep), snicc (snik, trekschuit), sora (oever, kust, landingsplaats), spinacer (spinaker; # boot), staeg (stag = scheepstouw), staegar (stijger), stefn (steven, achtersteven), stemn (=A stefn), steor (stuur), stur (stuur), sturan (sturen, navigeren), sturi (stuurman), styr (stuur), styri (stuurman), styran (=A sturan), styri (=A sturi), styrian (sturen, besturen), tanc (grote houten boot), tarfbot (turfboot), tarfcay (turfkade), tarfscippere (turfschipper), thaec (dek), tholl (dol = roeispaan), tow (touw, sleeptouw), towan (slepen), towbot (trekboot, sleepboot), towpath (jaagpad = pad langs trekvaart), treagle (=A caedic), trig (smalle houten boot met platte bodem), upfaeranda (opvarende), upstream (stroomopwaards), waeterwegan (waterwegen), wang (kade), wella (oever, kade), wicing (piraat), wong (kade), wraenc (wrang = ankerpaal)
Anker: AVA ancor, mogelijk afgeleid van Grieks agkulos = gebogen, krom.
6300vC++ mensen maken boten en pagaaien (roespanen met twee bladen) #DWO
6300vC oudste boot van NW Europa gemaakt te Pesse in Drente
Boomstamkano aldaar gevonden in 1955. (# WP, DWO)
4000vC++: zeilboten in Egypte en Sumeria (#WP/schip)
2000vC++: Groningen-Duinkerken-Dover In en bij het A-Kwartier te Groningen bevinden zich vele aanlegplaatsen voor vrachtboten (Ang: frehtbotan), met name voor de binnenvaart. Bij de Kranepoort ligt de voorhaven van het Reitdiep, waar circa 1550nC en eerder voornamelijk runderen en ander vee werden vetgemest en per boot doorgevoerd via Rotterdam naar Duinkerken en vandaar naar Brittannia. > LACA, Ossenweg
2000vC++: NoordEuropa-Dvina-ZwarteZee-Constantinopel Barnsteen is als handelswaar in de oudheid een geliefd product. De handel voltrekt zich sinds circa 2000vC van Noord Europa via de Dvina in West Rusland naar de Zwarte Zee en verder naar Constanitnopel. > Barnsteen
1520vC: boot van Dover: In Het Kanaal bij Dover (GB) zijn resten gevonden van een houten roeiboot van 20 meter lang. Deze boot vervoerde handelswaren tussen Dover en het Continent. In de boot lagen resten van wapens en potten. #BBC4tv 17.10.2014; BBC2tv 5.11.2014
800-600vC: Inglo-Goten (Oer Angelen) wonen in Z.Zweden en NO.Denemarken.
655vC: Koning Ingwi van Denemarken reist per boot met groot gezelschap Inglo-Goten van Leire op Seeland (NO Denemarken) naar het zuiden van zijn rijk, het latere Angeln in Sleswig (Noord Duitsland). > Transport
655vC: Broer van Ingwi pleegt staatsgreep in Leire. Ingwi en zijn Inglo-Goten besluiten in Angeln te blijven. Zij zijn daarmee de Oer Angelen, ofwel de oudste bewoners van Angeln.
655vC: Koning Ingwi bouwt de burcht Haithabu (Heideburg) aan de monding van de Schlei. Daarmee ontstaat de havenstad Haithabu. > Haithabu
655vC++: Angelland, het land der Angelen tussen Denemarken, de Elbe, de Saale (Thuringen), de Rijn en de Noordzeekust. > Angelland
480vC++: Athene bouwt oorslogsschepen: 35 meter lang, roeiers + zeilen + groot ramblok om vijandelijke schepen kapot te rammen. #BBCtv 21.8.2015
25nC++: Romeinse wijnschepen met roeispanen op Mozel en Rijn: Speciaal voor deze waters gebouwd voor vervoer van wijnvaten. De boten zijn van hout en 18 meter lang en hebben een dek. Anno 2015 zijn daarvoor twee dieselmotors nodig. Het Mozeldal is zeer geschikt voor wijnbouw. Op een gedenksteen in Neumagen-Dhron is zo een Romeins wijnschip afgebeeld. #DeTelegraaf 6.8.2015
25-400nC: Romeinen controleren scheepvaart via de Rijn naar Brittannia vv. > ARV
180-400nC: De Romeinen in Brittannia exploiteren vele belangrijke kolenvelden in dagbouw. De handel in steenkool strekt zich uit tot in heel Engeland en zelfs tot het Rijnland op het Continent. Steenkool wordt gebruikt voor de verwarming van badhuizen en rijke villa's.
200nC++ Hludana: Mogelijk een Anglische godin van vissers en schippers. > Hludana
445nC++: De reizen van Hengist en Horsa rond 455nC tussen Angelland en Brittannia zullen gezien de geografische omstandigheden voor een groot deel over de Noordzee zijn gegaan. Hun reizen zullen zeker ook door andere Angelen zijn gemaakt. Gezien de migratiewegen tussen Angelland en Brittannia lijken de Rijn en de Yssel in die tijd al belangrijke schakels te zijn in de migratiewegen naar Brittannia. > TEHA, YTL-Route
450-550nC Angelen varen met kielboten naar Brittannia. > Engelandvaarders

          

Hierboven: Aquarel van een Anglische drakenboot (kielboot met drakenkop) gemaakt door Hester Jans-Molenberg na zorgvuldig historisch onderzoek. Vier Angelen varen rond 450nC met hun drakenboot een riviermond op ergens aan de oostkust van Brittannia, het beloofde land, op de vlucht voor de langdurige natheid op het Continent. (@ aquarel © BCK)
750nC++: Handel tussen Mercia/GB en Rijnland. In Mercia zijn gevonden munten en potscherven afkomstig uit Rijnland. Ze zijn gedateerd uit de 8e eeuw nC.
1000: In de polder bij Meijnersveld te Arnhem is een restant gevonden van een houten boot uit circa 1000nC. #ARG/p58
1150: In 1974 worden in Arnhem resten gevonden van drie schepen uit de Middeleeuwen. Het derde schip had twee halve boomstammen als zijden, met daartussen drie planken. Het schip was circa 12 meter lang. Het had een schuin voorschot en een recht achterschot. Dergelijke schepen zijn gevonden in Krefeld en Bremen. De inhoud bestond uit potten en potscherven. O.a. een scherf van een kogelpot gedateerd op de 12e eeuw. #OBA/p16
1450: In Kampen is een zgn ysselkogge gevonden (nov 2015) met in de boot een steenoven, slijptol, waterpomp en items uit de prťhistorie. De kogge meet 20x8 meter. Ze dateert uit de 15e eeuw. #DeTelegraaf/18.11.2015
--- Een kogge (kog) is een middeleeuws snelzeilend koopvaardijschip met ronde boeg. #KEE
1572:

          

 Groningen anno 1572

Groningen is van oudsher een stad met veel scheepvaart. De afbeelding hierboven is een detail uit 'Groeninga', een ets uit de stedenatlas van G. Braun en F. Hogenberg anno 1572.
1850: Wegen zijn tot in de 19e eeuw nauwelijks bestraat. Vaak zijn ze daarom zo zacht en modderig dat porwaegns (wagenduwers) nodig zijn om een kar weer vlot te trekken. Door de vaak slechte wegen gaat het vervoer tot in die 19e eeuw daarom veelal over water.

                

Boven: Tekening van de Moppehoeve aan de Rodepolder 1 in Oud Ade (Alkemade). Ze is gemaakt in de 18e eeuw door een onbekende meester. (Collectie Gemeente Archief Leiden). Op de tekening is de voorkant van de boerderij gelegen aan de kant van de sloot.
** Vloot, Vaarwaters, Veerdiensten, Trekvaart, Transport, LACA, Banrsteen (Banrsteenroute), Angol, Kielboot, Punter, Navigatie

 
Schelden:
()A blawcaece (blaaskaak), bur (boer, kinkel, boerekinkel), ceorl (kerel, vlerk, vlegel), clappluppere (klaploper), clod (kloot, klootzak), clodhoppere (boerenpummel), clodsacc (klootzak), cray (kraai = iemand in lange zwarte kleding), cwesal (kwezel = zeurpiet), fleahbac (vlooienbak), flearc (vlerk), fleggel (vlegel), fletheafd (platkop = dombo, onbenul), foddbael (voddebaal, landloper), fulac (=A fuylac), fuylbac (vuilbak), fuylac (vuilak), gawk (lomperik), hyftar (hufter, schurk), leppere (leperd, boef, schoft, schurk, zwerver), loddere (loeder, landloper, schurk), lummic (lummel, lompert), lupere (gluiperd, gnieperd), lurc (lork, vlegel, hufter, schoft), niccan (knikken, knakken, schelden, belazeren), nicnome (bijnaam, scheldnaam), rascal (raaskal, schreeuwert), rascallan (raaskallen, schreeuwen, tieren, schelden), raspal (rapaille, troep, bende, schurk), scealdan (schelden), scealdword (scheldwoord), scealc (schalk, schurk), sceldan (schelden), scennan (schelden), scoff (schoft), scoyere (schooier), screawan (schreeuwen, schelden), screwan (=A screawan), scunc (skunk, stinkdier), scunnert (schurk, hufter), sleang (laag, ordinair), sleangan (schelden), tart (oud wijf, del), traemp (landloper), trott (domoor), truht (trut), ulc (ulk = bunzing; # stinkdier), windbule (opschepper)

Scheldwoorden: > Schelden
Schepen: > Scheepvaart

Schepop:
Familienaam afkomstig uit Epe. De regio Epe wordt rond 200vC bevolkt door Angelen uit West Salland. De familienaam Van de Schepop is een zgn herkomstnaam en betekent dat deze familie afkomstig is van een locatie met de naam Schepop. De naam (Van de) Schepop lijkt derhalve afgeleid van Anglisch sceap (schaap) + op (heuveltop). Dus: een heuveltop waar normaal veel schapen lopen.
¶ Per saldo lijkt Schepop een locatie nabij Epe. In de regio aldaar liggen van oudsher grote heidevelden. Er zullen daar dan vrij zeker ook veel schapen zijn gehouden. > Heideland
** Epe

Schepping:
Volgens de Woluspa (Germaans scheppingsverhaal) maken Wodan en zijn helpers Hoenir en Lothurr samen de mens uit een boomstam waarin ze het leven blazen. Hoenir geeft de mens daarna 'wit en hroering', ofwel fitheid en beweging.
** Woluspa, HGG

Scherpenzeel:
Dorp in West Stellingwarf. De regio wordt rond 300vC bevolkt door Angelen uit NW Drente. De naam Scherpenzeel lijkt derhalve afgeleid van Anglisch Scarpo (mansnaam) + sali (huis zonder kamers).
¶ De oudst bekende vermelding van Scherpenzeel dateert van 1245 in een oorkonde waarin het dorp wordt genoemd als Scerpensele. De regio wordt echter zover bekend zeker al bewoond rond 1100nC.
** Stellingwarf
# FRI, settlingwer-heemkunde 21.8.2010, KBG

Schierbeek:
Nederlandse familienaam. Mogelijk afkomstig uit Hoogezand in Groningen. Aldaar zal dan een beek hebben gestroomd met die naam. De regio wordt rond 450nC bevolkt door Angelen uit Oldambt. (> ASA) De naam Schierbeek lijkt derhalve afgeleid van Anglisch scir (helder) + beck (beek). Dus: de heldere beek.
¶ In Licolnshire (GB) ligt de locatie Skirbeck. Mogelijk is deze gesticht door Angelen uit de regio Schierbeek in Hoogezand. In 450-550nC migreren namelijk vele Angelen uit Angelland naar Brittannia vanwege de langdurige natheid in Angelland in de periode 300-550nC. Lincolnshire is een regio waar vele Angelen zijn gaan settelen, voornamelijk afkomstig uit Twente, Salland en Zuid Holland. Mogelijk dus ook uit Groningen, vanwaar vele Angelen migreren naar NO Engeland.
** Patrilocalisme, M35, TEHA, PgBrit/Lincolnshire

Schieven: (SCI:)
NB Schievenveld/Deldeneresch/Twente; 2016 Schijvenveld, zijnde een heideveld.
NB Schievenweg/Deldeneresch/Twente; 2016 Schijvenweg, zijnde een weg naar het Schievenveld.
¶ Anglisch:
scaef = schaap; DT Schaf
sceaf = schuin, scheef, dwars, scheel; ON scheef, scheif; TW skeef
sceaf = sjaal
sceaf = schijf, schoof (# koren), bundel, bos; WA skoof; WAoud scief
sceaf (gaerf) = schoof, garve = bos gemaaide en gebonden graanhalmen
sceaf = scheef, raar, vreemd; WA skeef
sceafan = schaven, scheren; ME shave
sceafcote = schapenkooi; TW skaapkot
sceaff = chef, baas; ME chief
sceaffan = scheppen, voortbrengen, tot stand brengen; DT schaffen
sceaffeld = schapenveld; OE sheffield
sceaffere = herder; ON scheffer; ME shepperd
sceafing = schoofrecht = recht op aantal schoven van oogst conform oppervlakte
Schaveren: Locatie op NO Veluwe. De naam komt voor als Schaeffoerde (1534, Epe) en Schaefferden(1598) = schaapvoorde = voorde waar schapen oversteken. #LPV/1987
Uit deze data blijkt dat Oud Veluws schaef = schaap.
--- Schaveren wordt rond 200vC bevolkt door Angelen uit Salland. De naam Schaveren i.c. Schaeffoerde lijkt derhalve van Anglische herkomst.
>>> Per saldo betekent e.e.a. dat het woord schaef van Anglische herkomst is. De oorspronklijke Anglische vorm van schaaf zal dan vrij zeker sceaf [skief] zijn.
>>> Schievenveld en Schievenweg in Twente lijken derhalve te vertalen in Schapenveld en Schapenweg. Schapenveld is een heideveld en Schapenweg is dan de weg waarlangs schapen naar hun heideveld werden gevoerd.

>>> Per saldo lijkt Anglisch sceaf (schaap) een heel oud woord, dat later is gemuteerd tot schaap.
Sheffield: Stad in Midden Engeland. De naam lijkt afkomstig van Anglisch sceaffeld = schapenveld.
** Schapen

Schilderkunst: > Korteling

Schilling: (shilling:)
De oudste munt in Germaans Europa is waarschijnlijk de schilling, afgeleid van het Germaans skildulingaz = schildachtig ding. Later wordt de munt schilling, schelling genoemd in de Lage Landen. Ze heeft de waarde van 6 stuivers. Anno 2009 is de shilling nog steeds een onderdeel van het Britse en Oostenrijkse geldstelsel. > Geldstelsel
¶ In Engeland dateert de shilling uit de vroegste periode van de Angel-Saxen. Kennelijk is ze meegenomen van hun continentale homelands. Echter, pas in de 15e eeuw wordt de eerste Engelse shilling gemunt ter waarde van 12 pence (pennies). In de periode 450-1400 gebruikt men in Engeland de shilling alleen als rekeneenheid.
¶ Joannes van Cranenburgh (gb 1637) maakt in 1674 een lange pelgrimstocht. In Koblenz logeert hij in herberg De Ridder. Daar betaalt hij met een schilling, zoals hij zelf dicht:

Eijer, Linsen, Slaett en Visch,
brochten sij hier op den disch;
raedt, wat hadde ick verteerd?
Eenen schillingh kreegh de weerdt.
** Geldstelsel, Penny, Munten, Koninkrijk

Schimmenrijk: (SMR:)
()A scim (schim, schaduw), scimmel (schimmel; # fungi), scimmel (schimmel = wit paard), scimmeran (schemeren), scimmering (schemering), scimrian (glanzen), scimrice (schimmenrijk)
** Geesten, Witte Wiefen

Schippers: > Scheepvaart
Schoenen: > Outfit
Scholen: > Onderwijs
Scholing: > Onderwijs

Schoterwerf:
1000nC++ Drente omvat ook NW Overijssel, Groningen/stad, Goo (= Goorrecht), Stellingwerf en Schoterwerf. #DRG/p21

Schotland: > Anglesch
Schout: > Schulte

Schrift:: (SRF:)
()A boc (boek), boccest (boekenkast), breaf (brief), calfel (kalfsvel, perkament), ceafort (envelop), chaertre (charter, oorkonde, verklaring), cyfar (cijfer, getal), diht (gedicht), dihtan (dichten, componeren, schrijven), epistola (epistel, brief), fael (=A hid), futhorc (futhark = Anglisch letterschrift), gewrit (geschrift, brief, schrijfsel), gosfether (ganzeveer), hid (vel perkament), hyd (=A hid), ince (inkt), lettre, letter, lettere, littere (letter, brief, oorkonde, acte, e.d.), papyr (papier), penne (pen, veer, schrijfpen), pistol (brief), plume (veer, schrijfpen), post (post), potlote (potlood), run (rune), runsten (runesteen), sartere (=A chaertre), scriba (schrijver, geleerde), scriban (schrijven), scrifan (schrijven), scrifere (schrijver, notaris), seagal (zegel), seagalan (zegelen), stol (stoel), tacen (teken), tacenan (tekenen), teafal (tafel), writan (schrijven), writere (schrijver)
4000vC++: Ontstaan van het Schrift. In Mesopotamia is gevonden een kleitablet dat een soort huishoudboekje blijkt te zijn. #DeTelegraaf/D!2 15.12.2016
3000vC: ontstaan hieroglyfen (beeldschrift) in Egypte (#WP) = oudste schrift
3000vC++ Thot: Oud Egyptische god. Zijn historie begint al zeker bevoor 3000vC, vanaf de wording van Egypte. Thot is de god van het Schrift en de Schrijvers, de Wijsheid en de Gerechtigheid. Hij heeft de Schrift uitgevonden, is notulist van alle belangrijke historische feiten, bewaker van de wetten en tempelrituelen, en kent de geheimen van de kosmos en de maanfasen. In biezonder de regeneratieve kracht van de kosmos en de cyclus van leven, sterven en herrijzen. Vandaar ook zijn sterke associatie met de god Horus, die door zijn broer Seth wordt achtervolgd, vermoord en in stukken gesneden, maar na verloop van tijd weer herrijst. Verder is Thot de boodschaper der goden en Opperrechter van het dodenrijk. Thot beoordeelt de daden van de dode en oordeelt over de morele kwaliteiten daarvan. In die zin lijkt hij op de Griekse god Hermes. HiŽroglief: ibis. > PgMon/Thot
2500vC ontstaan Spijkerschrift (tekenschrift) in Mesopotamia #WP
200nC: Op een runensteen van circa 200nC in Thorsberg (Angeln) staat geschreven in Oud Anglisch:

owlthuthewaR / ni waje mariR
= o wulthu thewaz, ni waje mariz
= een weldoende Tiwaz, niet weinig vermaard
> Thorsberg
340nC: Het Oer Anglisch is in feite de taal van de Inglings en andere West Goten, die afkomstig zijn uit ZW Zweden en NO Denemarken. De taal van deze zgn Inglo-Goten is het Gotisch. Deze taal is voor het eerst vastgelegd door bisschop Wulfila rond 340nC. Hij vertaalt de bijbel in het Gotisch en creŽert daarvoor een eigen Gotisch Alfabet waarvoor hij het Griekse Alfabet als voorbeeld neemt. > Wulfila

700nC: Rechts: Anglische monnik rond 700nC in Northumbria bezig met een vertaling van teksten uit het Nieuwe Testament (Codex Amiatinus)
 

Timetable:
4000vC++---- Ontstaan van het Schrift in Mesopotamia
3000vC++---- Hieroglyfen (beeldschrift) in Egypte (oudste) > Alfabet
2500vC++---- Spijkerschrift (tekenschrift) in Mesopotamia #WP
2500vC++---- Barnsteenroute -- Oostzee-Dvina-ZwarteZee-Kreta-Egypte > Barnsteen
2000vC++---- Kreta Alfabet
2000vC++---- handel tussen Kreta en NW Europa > PgGen/Kreta
1500vC++---- Fenicisch Alfabet > Alfabet
1500vC++---- Inglings --- ZuidZweden > PgGen
1500vC--100n Oer Futhark > Futhark, Runen
1000vC++---- Grieks Alfabet > Alfabet
-800vC--600v Inglo-Goten -- Z.Zweden-NO.Denemarken-Haithabu/Angeln
-700vC+-640v Ingwi, telg uit de Inglings > Ingwi
-650vC--hedn Angelland (ZA)
-650++------ handel tussen Haithabu (Angelland) en Kreta > PgAng/Kreta
-650++------ via contacten met Kreta leren Angelen Grieks Schrift kennen > Kreta
-600vC--hedn Romeins Alfabet > Alfabet
-450vC--451v XII Tafelen Romeins Recht
-400vC++---- oudste futhark tekst > Futhark
-350vC++---- Teutonen noemen Angelen Anglisko > Anglisko
-300vC++---- Angeland strekt zich uit tot aan de Rijn > Angelland
-300vC++---- perkament in gebruik voor documentatie > Perkament
-350vC++---- Anglische hoeve te Hijken/Drente > Hijken
--12vC--400n Romeinse Tijd
--50nC++---- Angelen bouwen schans Duno bij Heveadorp/Arnhem > ARV
- 25nC++---- Romeinen maken inktpotten van glas. #AVROtv/K&K/Mv Zilverberg 15.5.2016
-100nC--800n Oude Futhark
-100nC++---- Romeinen gebruiken inkt bij schrijven documenten > Inkt
-125nC++---- Wodanmunt Groningen > Geldstelsel
-200nC++---- Angelen kunnen lezen en schrijven. > OATA
-225nC++---- Anglische runensteen Thorsberg/Angeln > Thorsberg
-300nC++---- Anglische soldaten uit Colmschate bij Romeinen > Colmschate
-331nC++---- Gotisch Alfabet > Dzjim
-350nC++---- Angeli -- Constantinopel-Griekenland > Angeli
-350nC------ Ankland: benaming van Angelland geschreven op een runesteen in Angeln in de 4e eeuw nC. > Ankland
-365nC++---- Goten wonen in de regio Dnepr bij de Zwarte Zee > Angantyr
-425nC------ Widsith: Oud Anglisch dichtwerk geschreven rond 425nC met de Oude Futhark in het Anglisch van Fivelingo in NO Groningen. Ze wordt beschouwd als het oudste dichtwerk van de Engelse en Nederlandse literatuur. (> Widsith) E.e.a. bevestigt dat de Continentale Angelen rond die tijd het lezen en schrijven al meester zijn.
-500nC-1300n Runen in gebruik in NW Europa > Runen
-540nC++---- In Constatinopel wonen Angelen > Constantinopel
-550nC------ Noord Engeland: houten kist met figuren en Anglische futharks (Museum)
-550nC--1000 Kerstening van NW Europa
-586nC---633 Edwin van Northumbria (Deira en Bernicia) > PgBrit
-713nC---773 Lebinus -- Daventry-Yorkshire-Deventer > Lebinus
-730nC++---- Historia ecclestiasica gentis Anglorum > PgBrit/Beda
-800nC++---- Nieuwe Futhark
-803nC++---- Lex Anglorum et Werinorum in Thuringen > Thuringen, Engilin
-950nC++---- Runensteen Haithabu > Haithabu
1050nC++---- Hebban olla vogala nestas > Maerlands

¶ Uit bovenstaand overzicht blijkt dat de kennis van het schrift bij de Angelen zeker al sinds hun bestaan aanwezig is. Te beginnen bij Ingwi rond 675vC en later bij zijn nazaten. De kennis van het schrift zal oorspronkelijk zeker voornamelijk aanwezig zijn bij de elite, zijnde de adel, de vrije mensen en de Angale priesters en kloosterlingen. Sinds de kerstening rond 550nC komen daar de kloosterlingen bij.
** Taal, Futhark, Runen, Inkt, Administratie, Priesters, Kloosters, Kerstening

Schrijven: > Schrift, Futhark

Schrijvers:
Emo van Huizinge (1175-1237; Fivelga, Oxford, Parijs, Bloemhof, etc)
Xx van Quedam (1198-1258; Drente) > Quedam
Menko van Bloemhof (1213-1277; Fivelga)
Abel Eppens (1534-1590; Groningen; Der Vresen Chronicon)
Podagristen (19e eeuw; Drente)
** Literatuur, HAPA

Schuilenburg:
Alias Sculenborch (1233nC++). Voormalig kasteel aan de Regge in Hellendoorn. Mogelijk bezit van de kasteleins van Coevorden. Zij hadden veel bezit langs de Regge. #Quedam/p124
** Coevorden

Schuinkruis: > Maalkruis
Sculptuur: > Beelden, Afgodsbeelden

Schulte:
()A scolt (schulte, schout = bestuurder, gerechtsdienaar), scoltan (schelden, schreeuwen), scoltdom (schoutambt), scoltin (vrouwlijke schout), scowt (=A scolt), scowtan (=A scoltan), scowtdom (=A scoltdom), scowtin (=A scoltin)
800nC++: Angelland is verdeeld in gouwen. Elke gouw omvat hundreds (honderdschappen). Aan het hoofd van een gouw staat een graaf. Hij is voorzitter van de ding (vergadering). De hundred wordt bestuurd door een schulte (schout; Angl: scolt). Bij afwezigheid van de graaf, wordt hij vervangen door een schulte. #DRG/p17
1000nC++: Hundreds zijn gehuchten met eigen volmachten. Sommige gehuchten zijn samengevoegd tot dorpen met een schulte (schout). In de zes Dingspillen van Sleen, Diever, Beilen, Rolde, Vries en Anloo heten ze bannerschulte. Deze heeft een iets hogere rang dan de gewone schulte. #DRG/p18+
** Hundred, Gouwen, Graaf, LIN

Scythe: (SCT:)
()A reapan (vastbinden, oogsten, maaien), reapere (maaier, oogster), reaphoc (sikkel), ripan (=A reapan), ripere (=A reapere), riphoc (=A reaphoc), siccan (maaien, oogsten), sicman (maaier, oogster), sicol (sikkel), sicsticc (zeisstok = stok om koren bijeen te trekken en dan met de zeis maaien), sict (zicht = zeis met korte steel), sictan (maaien), sigdhe (=A sict), sigdhan (=A sictan), sithe (zeisvormig wapen met lange steel; ME scythe), snoad (snode = handvat van een sikkel)
1536: Katholieken in Yorkshire komen massaal in opstand tegen koning Hendrik VIII van Engeland en diens strijd tegen de Katholieke Kerk. Het komt tot een treffen in Noord Yorkshire. De Katholieke verzetstrijders zijn gewapend met knotsen, speren en zwaarden. Circa de helft van hen zijn echter gewapend met een soort angol bestande uit een lange stok van circa 1.90 meter lang en daarop een gebogen en scherp geslepen blad van smeedijzer en circa 56 cm lang in rechte lijn van punt tot stok. In de film noemen ze het een scythe = Engels voor zeis. Het wapen doet denken aan een grote angol. (#TheTudors/dvd/S3:D1:E1) Yorkshire is sinds circa 450nC voornaamlijk bevolkt door Angelen uit Angelland op het Continent. > Scythe, MCAB
1350-1450: Bron MCW is een boek over middeleeuwse wapens. Platen:
- 33/8: strijdscythe (Bohemen) rond 1350: kort gebogen blad met punt omlaag
- 33/11: boeren sikkel rond 1450: gebogen blad met punt omhoog
- 35/6: scythe: gebogen blad met punt omlaag; scherpe kant is gekarteld
Deze wapens worden voornamelijk gebruikt door boeren en buitenlui.
 

650vC: Angol = rechte houten heft met ijzeren haak aan de top. Ook wel bilhoc (bijlhaak) genaamd. De angol komt al begin van de Yzertijd voor. Bij Kilof in Noord Rusland is een heel oud exemplaar gevonden. Aan de onderkant van de pik zit een houder waarin de heft vastzit. Voor de heft of de stok gebruiken de Angelen taxushout dat sterk, taai en buigzaam is. (> Taxus) Rechts: aquarel van een Anglische krijger met een angolstok (grote meshaak), dagga (grote dolk) en veldbuidel rond 650vC, gemaakt door Hester Jans-Molenberg na zorgvuldig onderzoek en analyse van de relevante feiten uit die tijd. (© STI) > Angol, Angelen, Hoeken
 

SDV:
Samenvatting dissertatie Henk van der Velde getiteld Wonen in een grensgebied, i.c. Oost Nederland in de periode 500vC-1300nC. Presentatie 25.2.2011 aan de Vrije Universiteit te Amsterdam. Van der Velde stelt o.a. dat de Germanen in Oost Nederland in de Laat Romeinse Tijd onderdeel zijn van het Romeinse Rijk. Hij baseert zich daarbij op onderzoek naar het cultuurlandschap in Twente, Salland en de Achterhoek. Gezien zijn statements moet dit vooral gezien worden als economische en culturele verwevenheid. Niet als bestuurlijke of militaire. De historische feiten tonen namelijk dat de Germanen (i.c. Angelen) in die periode voldoende macht hebben om hun zelfstandigheid te handhaven.
Excerpt:
persvoorlichting: NO Nederland komt tot bloei door contacten met Romeinen
p281:
- cultuurlandschap met urnenvelden, raatakkers en zwervende erven
- raatakkers vorm van extensieve landbouw
MiddenYzertijd++ (400vC++):
- urnenvelden worden opgegeven, raatakkers opgegeven
- gevolg: urnenvelden en raatakkers liggen vooral onder essen
- Hoolingerveld: vanaf MiddenYzertijd verplaatst woning buiten akkercomplex + wallen blijven in gebruik als akker
- Holsloot + Borne: kleine grafvelden op of aan rand van erven
- omvang boerderijen neemt toe; ib stallen; oorzaak: grotere nadruk op bemesting van akkers
- veel aardewerk artefacten; deels NO-Nederlandse stijl, deels stijl Midden&Zuid Nederland
- architectuur: tweebeukige huizen; verwant met idem in Midden&Zuid Nederland
- NO Nederland overgangzone tussen Jastorf-cultuur (Elbemonding) en LeTŤne cultuur in Zuid Nederland
Midden-RomeinseTijd++ (100nC++):
groeiende contacten tussen Germanen [Angelen!] en Romeinen; waardoor:
- ontstaan grote nederzettingen zoals o.a. bij Wijster
- grotere stamgroepen
- meer hiŽrarchie in samenleving
- nederzettingen meer plaatsvast
- einzelhŲfe (eenzame zwervende hoeven) in minderheid
- erven gaan clusteren tot grote nederzettingen
- sinds circa 150nC meer samenwerking en gezamenlijke voorzieningen als omheiningen, ambachtzones en grafvelden
p282:
- sinds circa 100-350nC daardoor snelle verdubbeling aantal huishoudens
- na 350nC neemt omvang en aantal nederzettingen snel af
- 150-300nC++ gereguleerde contacten tussen Noord [Angelen] en Zuid (Romeinen, Bataven, Franken etc) Nederland
-- Rijn/Wezer aardewerk
-- migratie kleine groepen Germanen [Angelen] naar Zuid Nederland
-- in Zuid Ndl meer materiaal uit Noord Ndl (boven Limes)
-- meer Germaanse (Anglische) huurlingen in Romeinse legers
- 350nC++ wegvallen Romeinse invloed in Noord Ndl
- 300-500nC meer vaste bewoning
- "Het ontbreken van een breuk in de ontwikkeling van de materiŽle cultuur (huisplattegronden en aardewerkstijlen) ondersteunt de visie dat de Romeinse tijd geenszins eindigt in massale migraties uit Oost-Nederland. Hoewel Oost-Nederland vanaf de Vroege Middeleeuwen [450-1050nC] als Saksich wordt betiteld, moet wellicht gesteld worden dat dit (zeker voor de 5e tot en met begin 7e eeuw) eerder betekent dat het gebied weinig verwantschap vertoont met de gebieden waarin Friezen en Franken woonden."
- 500-600nC:
-- aardewerkcomplexen uit o.a. Zelhem en Deventer tonen nog vele contacten met Midden en Zuid Ndl.
-- aandeel Rijnlandse importen is hoog
-- Hessen-Schortens aardewerk bepaalt grotendeels het beeld
- 600nC++:
-- grote regionalisering in Oost Ndl en Munsterland
-- boerderijen in Zelhem gemiddeld na 3 tot 4 generaties verplaatst
- 750nC++ incorporatie Oost Ndl in Frankisch Rijk; waardoor:
-- kogelpot aardewerk
-- nederzettingen verdwijnen uit beeld
-- plaatsvaste erven
-- bootvormig huistype, afkomstig uit Midden Ndl (model Zelhem)
-- ontstaan essen
-- ontginning van kampen (open velden)
- 1100nC++ vele erven verplaatsen naar randen van essen
- 300vC-200nC:
-- vele tweebreukige boerderijvormen in Oost Ndl, wat verwijst naar contacten met Midden en Zuid Ndl
-- vele huisplattegronden model Wijster/Drente
-- later regionalisering van deze plattegronden [bouwschema's]
- aardewerkcomplexen uit Achterhoek/ZuidTwente tonen verwantschap met Rivierengebied Zuid Ndl
p283:
- glazen armbanden (La TŤne)
- 12vC-50nC: komst Romeinen verandert netwerken (contacten) tussen Oost Ndl en Midden en Zuid Ndl
-- zgn Fries aardewerk =* Ndl [Anglisch] variant op Elbegermaanse aardewerk
-- introductie RijnWezerGermaans [Anglisch] aardewerk (RWA)
-- Oost Ndl stijlvariant van RWA
- Culturele relaties tussen Oost en Zuid Ndl
-- 0-200nC minimaal
-- 200nC++ snelle toename
--- geen grote rol Romeinse producten
--- alleen toename nigra-achtig aardewerk van draaischijf
--- wel meer metalen
--- hoge vlucht ambachtelijk werk
--- toename aardewerkstijlen uit Noord Ndl
- tot 550nC uitwisselingen tussen Oost Ndl en rivierengebied Midden Ndl
- 600nC++ regionalisering stijlgroep
- 800nC++ grote veranderingen door introductie kogelpot
- CentraalSalland (CS):
-- ijzerhoudende laagtes [moerasijzer*]
-- CS in Yzertijd (800-12vC) elatief droog
-- CS in LaatRomeinseTijd (300-450nC) relatief nat
- langdurig en intensief gebruik van akkergrond is niet mogelijk zonder bemesting
- langetermijngeschiedenis van Oost Ndl vertoont breuklijnen
- in Oost Ndl vrijwel continu gebuik van dezelfde woonlocaties
- continu woon- en landgebruik kan ook mogelijk zijn op hoge zandgronden
** ARV
# VU 21.2.2011

Seaxum: > Saxum

SEBA: Sporen & Bronnen getuigend van aanwezigheid Angelen in Angelland
¶ 700-640vC: Koning Ingwi > Ingwi
¶ 500vC++: Anglische nederzettingen > ASA, Anglocs
¶ 500vC++: Anglische Maten & Gewichten in Nederland en Vlaanderen (#2009) > Pint
¶ 500vC++: namen met Engel~ in NO Nederland > Engnamen
¶ 500vC++: bizondere Anglische locaties > BALA
¶ 500vC++: Balderverering > Balder, Balderland
¶ 433vC: Angol in Ezinge (NW Groningen) > Ezinge, Angol
¶ 433vC: Hoeve in Ezinge (NW Groningen) > Ezinge
¶ 400vC++: Raatakkers NO Nederland > Raatakkers
¶ 350vC: Anglisko -- Teutonia > Anglisko
¶ 300vC: Hoeve Hijken/MiddenDrente > Hijken
¶ 300vC: Coevorden (ZA)
¶ 200vC: Angelen in Humsterland/Gro > Humsterland, Suxwort
¶ 200vC: Fordweg/Neede (ZA)
¶ 200vC: Wekerom: waterput + raatakkers > Wekerom
¶ 200vC-300nC: Anglische nederzetting in Didam > Didam
¶ 200vC-450nC: Vondsten in Zweeloo/Drente > Zweeloo, Prinses van Zweeloo
¶ 150vC: Welputten + goten, etc in Angelheem/Harreveld > Angelheem
¶ 100vC: Vondsten in Garmerwolde > Garmerwolde
¶ 100vC: Grafresten in Haarlem (A*) > Haarlem
¶   10nC: Meisje van Yde > Yde, Veenlijken
¶   50nC: Ossenhoorns (blaasmuziek) in N.Nederland > Ossenhoorn
¶   50nC: Angelen wonen tot aan de Eider (FFS/p4)
¶   50nC: Angelen wonen tot aan de Elbe (FFS/p3)
¶   50nC: Angelen bouwen schans Duno bij Heveadorp > ARV
¶   80nC: Angelen wonen tussen Elbe en Rijn (Tacitus) > Angelen, Ingwi, Afstamming
¶   98nC: Op Continent NW Europa wonen voornamelijk Angelen (Tacitus) > Angol
¶ 100nC: Loper maalsteen te Westerveld/Drente > Westerveld, Maalstenen
¶ 100nC: Urn van Engbergen/Achterhoek > Engbergen
¶ 125nC: Angili (Angelen) wonen tot aan de Rijn (Ptolemaeus) > Angili, Mega Angle
¶ 125nC: Angelen wonen in Swaney/Hannover > Ptolemaeus, Swaney
¶ 125nC: Wodanmunt van Gronigen > H12E
¶ 150nC: Angelen in Afferden/Maas > Afferden/Maas
¶ 150nC: Vondsten in Thorsberg/Angeln > Thorsberg
¶ 150nC: Runenstenen in Angeln vanaf 2e eeuw nC > Thorsberg
¶ 235nC: Wapens, spijkers, etc Slag bij Harzhorn > Oldenrode
¶ 260-489nC: Anglische koningen > Koningen
¶ 287-800nC: In Angelland wonen hoofdzakelijk Angelen > Angelland/Bewoning
¶ 300nC: nederzetting in Colmschate/Deventer > Colmschate
¶ 300nC: ijzerovens in Colmschate/Deventer > Comschate
¶ 300nC: dobbelstenen Didam, NieuwWehl en Baard > Dobbelen
¶ 300nC++: Overleveringen > OMAA
¶ 350nC: Ankland op runesteen in Angeln > Ankland
¶ 365nC: Dorp bij Katwijk/ZH > ZuidHolland
¶ 365nC: Aardewerk bij Katwijk/ZH > ZuidHolland
¶ 365nC: Grafheuvels Katwijk-Rijnsburg-Monster > ZuidHolland
¶ 400nC: Angelen in NO Nederland zeker aanwezig > Hunnen
¶ 400nC: Anglische ribbelurn in Loppersum > Loppersum
¶ 400nC: beeldjes Minerva + Mercurius + Romeins aardewerk in Wirdum/N.Gro > Wirdum
¶ 405nC: Offa van Angeln (ZA)
¶ 405nC: Angelen in Fivelingo > Fiveldor
¶ 405nC: Angelen in Offehaar/Coevorden > Offehaar
¶ 405nC: Angelen in Uffelte/Drente > Uffelte
¶ 405nC: Angelen in Oeffelt/Maas > Oeffelt
¶ 430-500nC: Langdurige natheid dwingt Angelen kustgebieden Angelland te migreren naar Brittannia. > Overleveringen
¶ 445nC: Angelen in regio Hengforden/Olst > Hengforden
¶ 445nC: genologie Kolkert/Walsh > Kolkert
¶ 449nC: Angle tussen Denemarken, Elbe, Saale, Rijn en Noordzee > Angle
¶ 449nC: Angelen machtig Germaans volk op Continent > G449/C
¶ 449nC: Hengest & Horsa > HEH
¶ 450nC: Prinses van Zweelo (ZA)
¶ 450nC: Bevertand Zweeloo van Anglische beverjager > Zweeloo
¶ 450nC: Engist van Angeln (ZA)
¶ 450-550: the Anglo-Saxons came from the western coastlands of Europe, from the area between the mouth of the Rhine and central Jutland (ASW p31) > HAB
¶ 468nC: Anglische vloot van 400 schepen van Haithabu naar Rijnmond > Radiger
¶ 500nC: veenhutten in NO Nederland en in Berkshire/GB > Huizen & Hoeven
¶ 500nC: weefkam van Westeremden/N.Groningen > Dzjim
¶ 500nC: Anglische nederzetting in Breckles/Norfolk/UK > Burchten
¶ 500nC: Angelen in Coevorden bouwen motte + wallen tegen Saxen > Coevorden
¶ 530nC: Angelen wonen in Constantinopel (Procopius) > Constantinopel
¶ 540nC: Het verhaal van Radiger > Radiger
¶ 550nC: resten van huizen en grafveld van Angelen in Aalten > Aalten
¶ 550nC: kolbenarmband Deventer > Deventer, Archeologie
¶ 600nC: Paus Gregorius ontdekt Angelen op slavenmarkt in Rome > Dzjim
¶ 600-700: groei bevolking NO Nederland stagneert > Demografie
¶ 625nC: gouden zwaardknop van Ezinge/Groningen > Ezinge
¶ 640nC: Anglische gesp in Rijnsburg gemaakt rond 640nC
¶ 650nC: in Angelland wonen nog vele Angelen > Demografie, Widsith
¶ 650nC: Widsith getuigt van Offa van Angeln > Offa van Angeln
¶ 650nC: Widsith getuigt van Ongle (= Angle) en Offa > Widsith
¶ 678nC: York/Nhm: NO Nederlanders zijn neven > Neven
¶ 750-773nC: Lebinus -- Daventry-Yorkshire-Deventer > Lebinus
¶ 750nC: Urn, dobbelsteen, etc Aalsum/Groningen > Aalsum
¶ 800nC: Codex Fivelingo et Oldamptis > Lex Anglorum
¶ 801nC: Hof Englandi > Engeland Beekbergen
¶ 803nC: Lex Anglorum et Werinorum in Thuringen > Thuringen, Engilin
¶ 835nC: ASC/449: Angelen/Engeland uit Angle op Continent > Angle
¶ 835nC: hier die dagum > Zuidafrikaans
¶ 850nC: schapekooi Markelo > Schapen
¶ 850nC: bouw Hunenborg Volthe (ZA)
¶ 877nC: Deventer genoemd als Daventre > Deventer
¶ 950nC: Appel/Nijkerk: burgt, put, komhut, smederij, etc > Appel
¶ 965nC: brief van Ibrahim > Haithabu
¶ 1000n: Ingwi en Hardinga genoemd op steen in Engeland > Hardinga
¶ 1000n: Scharmer (ZA)
¶ 1000-1800: Teng Utrecht > Teng
¶ 1000-hedn Schaapskooi Markelo > AAA
¶ 1050: Anglische adelaar stadszegel Deventer > Deventer, Adelaar
¶ 1126: Wolfdaken (ZA)
¶ 1141: Coevorden (ZA)
¶ 1200: Wermund (356-416) en Offa (380-456) van Angeln > Saxo Grammaticus
¶ 1200-1350: Anglische Mark -- Fivelingo/Oldambt/Groningen > Anglische Mark, CFO
¶ 1200-hedn: Havezathe Plekenpol/Winterswijk > Plekenpol
¶ 1229: Inglinga Saga (ZA)
¶ 1250: Aldenhaeve Zelhem (ZA)
¶ 1281: Ahave Aalten > Aalten
¶ 1327: Codex Oldamptis > CFO, Oldambt
¶ 1350-1450: Vetkopers (ZA)
¶ 1350-1490: Hoeken (ZA)
¶ 1370: in Ankehaarveld/Drente en daaromtrent wonen nog Angelen > Ankehaarveld
¶ 1378: Aldekoninck Velswijk > Aldenhaeve Zelhem
¶ 1600: Angelen NO Nederland sinds 400nC nog dominant aanwezig > Hunnen
¶ 1649: Atlas van Blaeu: 449nC Engist, overste der Angel-Saxen > ASV
¶ 1658: Inglisc Miss in NW Angelland > Inglisc Miss
¶ 1825: Angelhoven: Boerderij in Kernhem/Ede > Angelhoven
¶ 1842: Angelen in Beekbergen en Brummen (#AWA) > AWA/Angelen
¶ 1932: Anglische taalresten in Nederland en Vlaanderen > ATZA
¶ 1957: Angelen al rond 250nC in Overijssel > Overijssel
¶ 1960: Angelen komen uit Angeln (#ASW) > HAB
¶ 1982: Angelen en Saxen wonen langs kusten Nederland/Duitsland. > HAB
¶ 2009: ang/sax: 3.4x meer Anglische regionamen dan Saxische in Asland > ang/sax
¶ 2009: Anglische wortels 2.7 x sterker dan Saxische in NO Nederland > AFA
¶ 2009: Anglische locaties > ASA, Anglocs (++)
¶ 2009: Anglische familienamen > AFNA
¶ 2009: Anglische architectuur (ZA) (++)
¶ 2009: Locaties Kranenburg~ > Kranenburg, PgA-Z/Kranesites
¶ 2009: Anglische Maten & Gewichten > Pint
¶ 2009: Heggen (ZA)
¶ 2010: Engnamen getuigen van Angelen > Engnamen
¶ 2010: Veldnamen > Harreveld
¶ 2010: Tone/Ton (Harreveld) > PgDix
¶ 2010: ae-klank Stellingswarfs > Stellingwarf
¶ 2010: Petgaten bij Norg (ZA)
¶ 2010: Patrilocalisme (ZA)
¶ 2011: Archeologie NO Nederland > SDV
¶ 2011: Hengest & Horsa > HEH
¶ 2011: Taalverwantschap > ATZA, Naca, VTO
¶ 2011: Kakkinees (ZA)
¶ 2011: Anglesch (ZA)
¶ 2011: Ge-gebruik > PgLing/ge-gebruik
¶ 2011: Geonamen (ZA)
¶ 2011: Twinnamen in Angelland en Engeland > TEHA
¶ 2011: Lingua Franca in Angelland > LFA
¶ 2012: Anglische familienamen in Angelland > AFNA
** A5+, HBAA, HIZA, FBAA

Secretie: (SCR:)
()A boghus (wc), cac (kak, poep), caccan (kakken, poepen), cachus (kakhoes, wc), cacton (kakton), cacwaeg (kakweg = weg waar gepoept wordt), cwacce (kwak, spuug), cwaccian (kwakken, spugen, spuwen), dreat (scheet, stront, poep), dreatan (poepen), dreatig (vies, vuil), dreatpol (graspol op oude koeiepoep), drec (drek, mest, stront, modder), dreccarre (drekkar, strontkar, mestkar), drit (vuil, afval, poep), dritan (drijten, poepen), drithus (WC), drytan (drieten, poepen), dryte (driet, poep), dulig (vies, vuil, smerig), dulig (wc, poepkot), feortha (wind, scheet), feorthan (winden/scheten laten), fluman (fluimen, spugen), flume (fluim, spuug), geat (gat, anus, hol), hucdaelan (poepen in het veld), meaga (pis, plas), meagan (pissen, plassen, urineren), miegan (=A meagan), miga (urine, pis), migan (miegen, plassen, pissen, urineren), miggan (zeiken), nettan (plassen), nettig (wc), pissan (pissen, urineren), pisse (pis, urine), plea (plee, wc), pou (poep), poup (poep), poupan (poepen), poupcott (poepkot, poepkeet; staat vroeger op het achtererf), poupdecc (poepdek; # schepen), pouphus (poephuis, wc), sceat (scheet, wind), sceatan (scheten laten, winden laten), sic (zeik), sican (zeiken, pissen), sissan (sissen, sassen, pissen, urineren), skyt (schijt, poep), skytan (schijten, poepen), skytfaet (schijtvat, beerton, poepdoos), skythus (schijthuis, poephuis, wc; stond vroeger op achtererf), slim (slijm), snot (snot), spaetan (spugen), speow (=A spuw), speowan (=A spuwan), spitt (spuug, slijm), spittan (spugen), spiwan (=A spuwan), sponge (spons), sputan (spugen), spute (spuug), spuw (spuuw, spuug, speeksel), spuwan (spuwen, spugen), taeher (traan), tear (traan)
10nC++: Angelen leren van de Romeinen om na het poepen hun anus te reinigen met een sponsje aan een stok gedoopt in een ton water. Na reiniging van de anus wordt de spons weer gereinigd in de ton en daarin teruggezet voor later hergebruik. #CBBC/okt2012
1700: Tot circa 1700 AD poepen en plassen mensen gewoon op straat als hen dat zo uitkomt. (#AVROtv Kunst & Kitch 27.3.2013) Het is in die tijd zeer onbeleefd om iemand tijdens deze bezigheid daarop aan te spreken. (#AVROtv K&K jun 2014)
1800: Tot circa 1800 AD plassen mensen en hun gasten in dure huizen gewoon in de woon- of eetkamer achter een groot scherm in een grote emmer. Pas later komer er aparte toiletten. #AVROtv Kunstuur 12.3.2014
Plee: Tot ver in de 20e eeuw is een plee meestal een houten hut achter op het erf. De ceptietank is een kuil direct onder het zitgat. Zodra de kuil vol is, wordt ze leeg geschept en de gier uitgegoten over de moestuin of een akker.
Vlijmen is een dorp in Brabant. Daar staat een monumentale boerderij met rieten wolfdak. In 2011 is ze uitgeroepen tot de mooiste hoeve van Brabant. ... Sinds 1750 heeft de hoeve een pomp en een plee. Een hele vooruitgang. Voordien moest iederen naar buiten om de behoefte te doen. > Keuterboeren

Seizoenen:
()A gear (jaar), gespring (lente), haerefst (herfts), haerfs (herfst), lente (lente), seyssunne (seizoen), spreang (lente), sumor (zomer), sunna (zon), sunnganc (zonnegang = gang van de zon), winter (winter), year (jaar), yeargethidan (jaargetijden, seizoenen)
¶ Naar zeggen verdelen de Arische volken oorspronkelijk het jaar alleen in twee seizoenen: zomer en winter. De Angelen daarentegen lijken oorspronkelijk alleen te onderscheiden: lente en herfst. (> Harfsen) Kennelijk zijn later de andere seizoenen erbij gekomen.
** Lente, Zomer, Herfst, Winter

Sel::
Woord dat nagenoeg uitsluitend voorkomt in locatienamen in specifiek Anglische regio's. O.a. in Selhorstbroek (Denekamp/Agele), Sellingen (Groningen), Selwerd (Stad Groningen), Selwerd (buurt in Oldehove, vrml Suxwort), Zeldam (Goor), Zelhem (Achterhoek), Selham (Warnsveld/Vordem), Salland en Selsten (Hoensbroek, Limburg). De betekenis van dit woord is nog niet met zekerheid achterhaald. Het lijkt een Anglisch woord. Vooral omdat de naam Selwerd een buurt is in Oldehove, het voormalige Suxwort in NW Groningen. Suxwort is zowat de oudste nederzetting van Angelen in Humsterland, de regio waar vele Angelen zich hebben gevestigd rond 400vC. (> ASA) Volgens bron NGE is Sellingen afgeleid van Sello, Sallo, zijnde een mansnaam. Sellinge (Sallinge, Zellynge) betekent dan: bij de lieden van Selle. Aangezien de locaties met Sel~ voornamelijk in Anglische regio's liggen, lijkt de naam Selle een specifiek Anglische naam.
¶ Aan de weg van Kloosterhaar naar Hardenberg staat rechts een grote hoeve met de naam SALE. Aangezien boerderijen en hoeven vaak een persoonsnaam krijgen, kan het hier ook om een persoonsnaam gaan. De regio grenst aan Balderhaar, waar rond 250vC Angelen zijn gaan wonen. Sale kan derhalve zeker als Anglische mansnaam zijn bedoeld. (> Mansnamen)
¶ In Engeland vinden we de locaties Salcombe, Salford, Salhouse, Salwarpe, Selborne, Selby, Selkirk, Sellindge, Selsey en Selston. Ze liggen nagenoeg alle in historisch Anglische gebieden. Het lijkt daarom welhaast zeker dat deze namen te maken hebben met Sello, Sallo, zijnde een Anglische mansnaam.

Selsham:
Locatie tussen Warnsveld en Vorden. De regio wordt rond 200vC bevolkt door Angelen uit Berkelland. De naam lijkt derhalve afgeleid van Anglisch Sell (mansnaam) + ham (heem, oord).
** Sel, ASA

Selwerd:
Alias Zelworde (c 1300). Oud wierdedorp aan de no-grens van stad Groningen. De regio wordt rond 450vC bevolkt door Angelen, mogelijk uit de nabij gelegen regio Harkstede. De naam lijkt derhalve afgeleid van Anglisch Sel (mansnaam) + weorth (wierde). Dus: de wierde van Sel uit Harkstede. Ofwel: de wierde gesticht door Sel van Harcstea (> Harkstede). Hij zal dus geleefd hebben circa 415-355vC.
¶ Gezien de gesteldheid van de regio lijkt Sel van Harcstea veeboer te zijn. Natte gronden worden namelijk normaliter alleen gebruikt voor veeteelt. Op de wierde (terp) zelf wordt vaak alleen land- en tuinbouw bedreven voor eigen gebruik. Het aangrenzend land voor veeteelt.
Ludolf van Selwerd (c 1287-1347) Anno 2000 is in Nijenklooster gevonden een helft van een munt, zijnde een zgn korte ruitergroot uit circa 1322, dragend de omschrift MONET/A.ZELWORDE (munt/A.Zelworde), geslagen door Ludolf I van Gronebeke en Selwerd, bisschopplelijk prefect van Groningen. Hij zal geleefd hebben rond 1287-1347. Ludolf van Gronebeke noemt zich na 1322 Ludolf van Selwerd.
Ida van Selwerd (c 1340-1396) Achterkleindochter van Ludolf van Selwerd. Ghm Herman van Coevorden (c 1335-1395).
Hendrick van Selwerd (c 1365-1425) Zoon van Herman van Coevorden en Ida van Selwerd. Maakt 1411 aanspraken op de prefectuur van Groningen maar wordt afgewezen. Wordt daarna kastelein van de Slinge bij Gramsbergen.
Alma van Selwerd (c 1430-1490) Achterkleindochter van Hendrik van Selwerd en NN. met haar dood sterft het geslacht Van Selwerd uit.
 

Jan Roelofs Kranenburg (1595*-1673*) Zoon van Roelof Claesz Kranenburg (gb 1570) en NN te Groningen of Noorddijk. Woont in Noorddijk, waar hij kerkvoogd is. Assessor (assistent, adviseur) van het Gericht te Selwerd. Ghm NN.
** Harkstede, Gronebeke
# NGE, KBG
 

 
Sepperothe:
Alias Saprothe, Sapperoth, Saperode. Oud adellijk geslacht in Groningen, afkomstig uit de plaats Seppenrade bij Munster in Westfalen.
1150-1176 Godschalk van Sepperothe; ghm Xx van Bierum (gb 1155), dochter van Leffard van Bierum (c 1133-1176), prefect van Groningen; udh: Rodolf (gb 1170*), Egbert (gb 1172*) en Menso (gb 1175*)
1170-1230 Rodolf van Sepperothe; vermeld 1187; prefect van Groningen; ghm Xx; udh: Albero (gb 1185*).
1172-1240 Egbert van Seppenrothe: alias Hecbert; vermeld 1225 + kronieken Emo en Menco; prefect van Groningen; ghm XX; udh: Rudolf (gb 1202*), Egbert (gb 1205*) en Godschalk (gb 1208*).
1175-1235 Menso van Sepperothe: vermeld 1225; prefect van Groningen
1185-1245 Albero van Sepperothe: vermeld 1125; ghm Xx; udh: Rodolf (gb 1215*).
1202-1262 Rudolf van Sepperothe: xxx
1205-1265 Egbert van Sepperothe: xxx
1208-1268 Godschalk van Sepperothe: xxx
1215-1275 Rodolf van Sepperothe: xxx
# Quedam/p105+124, KBG

Sex:
65miljVC Mexicoramp: Meteoor treft Mexico. Elk leven van meer dan 25 Kg gaat dood. Ruim 70% van al het leven sterft daardoor uit, zowel vegetatie als dieren. Alle grote sauriers verdwijnen voorgoed. Alleen kleine dieren kunnen overleven. O.a. muizen en ratten. Ook weet een kleine groep Oermensen te overleven. Mensen dus die minder dan 25 Kg wegen. Ze zijn dan maximaal circa 1.25 M groot. Anno 2010 zijn mensen rond hun 25e jaar volgroeid, wegen circa 45 K, worden circa 80 jaar oud en wegen dan circa 75 K. Ze zijn dus qua lengte volgroeid op circa 0.31% van hun leeftijd. #DiscoveryTV, DeTelegraaf 9.1.2010, DAB
65miljVC-1050nC: In de tijd van de megaramp in Mexico worden mensen relatief niet groot, zwaar en oud. Circa 1.50 M groot, circa 45 jaar en hooguit circa 55 Kg in gewicht. Bij een everendige groei t.o.v. de huidige mensen, zullen de mensen toen dus volgroeid zijn met 0.31x45jaar = 14 jaar. Ze zijn dan circa 1.50 groot en wegen dan circa (45/75)x55 K = 33 K. Bij een gelijkmatige groei van hun gewicht zijn de overlevenden dus maximaal (25/33)x15jr = 11.4 jaar. Hun nazaten zijn de Bushmen in Zuid Afrika. Deze overleving was alleen mogelijk doordat vrouwen in die tijd en tot in de Vroege Middeleeuwen (450-1050nC) hun eerste kind vaak al op hun 12 jaar kregen. Volgens deskundigen was overleving toen alleen mogelijk door nieuwe vormen van sociale samenwerking en de creatie van nieuwe overlevings strategiŽn. #DiscoveryTV, DeTelegraaf 9.1.2010, DAB
5000vC++: Het Aryanisme is het gedachtengoed van de AriŽrs, die rond 5000vC leven in Arya, een gebied in Centraal AziŽ. Volgens het boek Getica van Jordanes (ovl 552nC) zijn de Goten aanhangers van het Aryanisme. Derhalve vrij zeker ook de Angelen, die immers via de Inglo-Goten voortkomen uit de Goten. (> Angelen, Inglo-Goten) Deze oude Arische culturen lijken zich basaal te kenmerken door polytheÔsme, filosofie, wetenschap, liberalisme, democratie, tolerantie, rechtvaardigheid, eerlijkheid en gelijkwaardigheid van mannen, vrouwen, homo's en lesbo's. > Aryanisme
3000vC++ Goten: Sinds circa 3000vC wonen in Noordoost Europa voornamelijk Goten. Ze komen voort uit de Germanen, die zelf voortkomen uit de AriŽrs van Centraal AziŽ. De Arische culturen kennen gelijkwaardigheid tussen mannen, vrouwen, homo's en lesbo's. Hun wereld wordt daarom gekenmerkt door een grote mate van vrede en stabiliteit. > Aryanisme
3000vC++ Griekenland: Meisjes van 14 jaar mogen trouwen. Heeft te maken met de cultuur rond Aphrodite, godin van de liefde.
2700vC++ Homograven: In Tjechia zijn graven gevonden van homo's, daterend uit de periode 2900-2500vC. Daaruit blijkt dat homo's werden begraven op de traditionele wijze waarop vrouwen toen werden begraven: op de linker zijde met het hoofd gericht naar het oosten en omringd door huishoudelijke attributen. Lesbo's werden begraven op de traditionele wijze voor mannen: op de rechter zijde met het hoofd gericht naar het westen en omringd met wapens. #DeTelegraaf/8.4.2011 > Homo's, Homosex
2400vC++: Sodom en Gomorra zijn twee steden aan de oostkant van de de Dode Zee. Rond 2400vC verdwijnen ze brandend van de aardbodem. Het Oude Testament beweert dat God deze steden had gestraft vanwege de homo's die daar leefden. Dit heeft geleid tot dramatische vervolging van en moord op homo's in het Nabije Oosten, Europa, Rusland, Centraal AziŽ, Afrika en Amerika, die tot op heden voortduren.
--- 2014: Recent wetenschaplijk en technisch onderzoek aan de University of Cambridge in East Anglia heeft aangetoond dat beide steden waren gebouwd op een instabiele grondlaag van zand en teer boven een gebied waar de continentale plateaus van Afrika en Arabia elkaar ontmoeten. Aan het onderzoek werkten wetenschappers uit diverse landen mee. Hun conclusie is dat de continentale plateaus rond 2400vC de bodem in de regio van Sodom en Gomorra rond 2400vC hevig opstuwden waardoor de zwakke bodem van zand en teer instortte en in de aardbodem verdween. Daarbij ontstonden grote branden, veroorzaakt door de teerbrokken in de zandgrond. (# BBCtv4 28.10.2014) Deze dramatische gebeurtenis is door de overlevenden en hun nakomelingen geÔnterpreteerd als een straf van God vanwege de homo's die daar leefden. Deze interpretatie van de werklijkheid heeft gezorgd dat tot op de dag van vandaag homo's in de wereld nog steeds worden gediscrimineerd, vervolgd en vermoord in de naam van God.
650vC++: Hoe de naturale Angelen sex beschouwen, is vooralsnog onbekend. Sommige bronnen beweren dat ze humaan denken en weinig regels kennen. Andere bronnen beweren dat de regels en straffen streng en wreed zijn. Betrouwbare historische bronnen ontbreken helaas. Indirect kan echter op vele punten worden geconcludeerd dat Angelen weinig discriminatie kennen. Hun wereld is meer gericht op vrijheid en democratie. Ook is Balder hun meest populaire god. Hij is de god van vedraagzaamheid en liefde. (> Liefde, Balder) Bovendien is de Anglische staat gebaseerd op belangrijke waarden, die o.a. vrijheid, democratie en rechtvaardigheid garanderen. > Staatskunde, Tolerantie
650vC++: De grote Arische culturen als HinduÔsme en Hellenisme hebben van oudsher zeer normale en tolerante opvattingen over sex. Dat geldt kenlijk ook voor de oude Anglische cultuur die via de Goten en Germanen is voortgekomen uit de Arische cultuur. We mogen derhalve veronderstellen dat ook de oude Anglische cultuur zeer normaal en tolerant is tegenover sex. Vooralsnog wijst niets op het tegendeel. > Tolerantie, Staatskunde
650vC++: De oude Anglische taal kent vele woorden die te maken hebben met sex. Deze woorden lijken veelal nagenoeg identiek op Nederlandse woorden met gelijke betekenis. (#ABI) Dat is ook begrijplijk. De Nederlandse cultuur en taal stoelen immers voor een groot deel op die van de Angelen.
12vC-400nC: De Romeinen zijn zeer spontaan en open over sex. Voor hen is de penis een symbool van manlijkheid, kracht, liefde en vruchtbaarheid. Mannen dragen vaak een penisembleem aan een leren halsband. Ook zijn vele bronzen penissen gevonden, die in huis als sieraad werden gebruikt. Pas met de komst van het Christendom verdwijnen deze gebuiken. (# AVROtv Tussen Kunst & Kitch 13.2.2013)
750nC++: Met de komst van het christendom in Angelland worden de sexnormen aangepast naar regels uit het Oude Testament. In bizonder homosex wordt streng veroordeeld en gestraft naar model van de oudtestamentische texten van Leviticus. I.e. worgpaal en verbranding.
907nC: Ehtelflaed van Wessex schrijft haar tante Mathilda in Saxenland op het Continent dat ze verder afziet van vleselijke genoegens in haar leven omdat die alleen maar leiden tot verdriet. De brief dateert mogelijk van 907nC, na de geboorte van haar zoon Alfred, die zich later Alfred de Bevere noemt en stamvader is van het geslacht De Bevere in Engeland. > PgBrit/Ehtelflaed van Wessex
1260-63: Marco Polo maakt voetreis naar China via de Zijderoute. De route wordt vooral gebruikt voor handel tussen Persia en China. Bron ALZtv/14.4.2016 gaat over de reis van Marco Polo naar China via de Zijderoute. Het toont o.a. enige opmerklijke items mbt een matriagaal bergvolk nabij het einde van de route:
- Als een raam van de kamer van een jonge vrouw open staat en er staat een ladder tegenaan, dan mag een jongeman via de ladder naar de jonge vrouw klimmen en haar verwennen. Dit gebruik doet sterk denken aan een gelijksoortig traditie in Noordoost Nederland tot in de 20ste eeuw. Men noemde dat zekerstelling. Als een kind wordt geboren, moeten de jongelingen trouwen.
--- Men kan zich afvragen of hier sprake is van overname van culturele gebruiken via oude contacten tussen dit deel van China aan de Zijderoute en NW Europa. > Marco Polo
1275++: In Engeland is de leeftijd waarop sex mag worden bedreven 12 jaar. In 1875 wordt dat 13 jaar. In 1885 16 jaar. (# De Telegraaf 18.11.2013) Dit geldt echter alleen voor heterosex. Homo's wacht de doodstraf via ophanging of langdurige gevangenisstraf.
1400++: Katholieke Kerk in Engeland legt heterosex aan strakke banden. #BBCtv/MedieavalEngland nov2014
1400++: In Europa (Engeland, Continent) mogen meisjes van 13 jaar al trouwen. #TheTudors/S3D2E6 (disk)
1432++: In Florence voert de katholieke priester Savonarola in Florence een hetze tegen homo's en hoeren op grond van beweringen in het Oude Testament. Een katholiek tribunaal veroordeelt hen tot de brandstapel. Circa 3200 homo's en een groot maar onbekend aantal hoeren worden levend verbrand. #VPROtv19.4.2014/DeMedici
1600++: In Angelland heeft de kerstening sinds circa 750nC de sexnormen heeft verhard door de oudtestamentische opvattingen. Dat blijkt o.a. zeer concreet uit de homovervolging in de 17e en 18e eeuw in Nederland door de Gereformeerde Staatskerk. Dat resulteerde o.a. in verbanning en doodstraf voor vele homo's.
1700++: De homovervolging in Nederland in de 18e eeuw bevestigt de uiterst wrede en mensvijandige uitwassen van het christendom. Naar schatting zijn in die tijd enige honderden homo's door toedoen van dominees van de Gereformeerde Staatskerk vervolgd en verbannen of op de brandstappel verbrand. > Homovervolging
1700++: Met de kolonisatie van grote delen van AziŽ, Afrika en Amerika heeft het christendom ook harde wetten ingevoerd tegen homo's. Op homosexuele contacten stond de doodstraf door ophanging. Vele voormalige kolonies worstelen anno 2012++ nog steeds met deze erfenis.
1733-34 Rode Donderdag: In Faan (Groningen) zijn in 1733-34 enige tientallen homo's ter dood gebracht aan de worgpaal en/of levend verbrand. Dat gebeurde vaak op donderdag. De hemel was dan rood gekleurd van de gloed, wat van ver te zien was. Die dagen werden daarom Rode Donderdag genoemd. Dankzij de protesten van het gewone volk is daar een eind aan gekomen. Al die tijd had de elite verstek laten gaan. > Homovervolging
1800++: Door de harde moraal van de christelijke kerken is de openheid en spontaniteit op sexgebied verdwenen. De natuur laat zich echter niet blijvend verdringen. De praktijk heeft daardoor een dubbele moraal opgeleverd. Pas in de 20ste eeuw komt daarin verbetering dankzij de emancipatiebeweging.
1875++: In Engeland is de leeftijd waarop sex mag worden bedreven 12 jaar. In 1875 wordt dat 13 jaar. In 1885 16 jaar. (# De Telegraaf 18.11.2013) Dit geldt echter alleen voor heterosex. Homo's wacht de doodstraf via ophanging of langdurige gevangenisstraf. Ook in de Britse kolonies geldt dat. De Hindulanden kennen bevoor de Britse komst geen straffen voor homosex dankzij hun humane cultruur. Koloniale hardheid maakt daar een eind aan.
1890 Engeland: Anglische gezegden en spreekwoorden hebben vaak betrekking op paarden. Tot de oudste spreekwoorden hoort o.a.: Je kan een paard leiden naar water, maar je kan het niet dwingen te drinken. Beroemd is verder een opmerking van koninging Victoria van Engeland. Een lakei klaagde eens tegen haar over het gedrag van twee homo's aan het hof. Waarop Victoria antwoordde met Brits flegma: Als de paarden er maar niet van schrikken.
1895: De Britse schrijver Oscar Wilde (1854-1900) wordt veroordeeld tot twee jaar gevangenisstraf wegens homosexualteit op aanklacht van de markies van Queensberry. Zijn gevangenschap in de gevangenis van Reading breekt hem mentaal. Na zijn gevangenschap vertrekt hij naar Parijs, waar hij in 1898 zijn boek Ballad of Reading goal schrijft en uitgeeft. In Parijs bekeert Oscar zich tot het Katholicisme. Eenzaam en verlaten sterft hij er in 1900. In 1905 wordt in Parijs zijn werk De profundis uitgegeven. In 1949 zorgt V. Holland (zoon van Oscar Wilde) voor een nieuwe uitgave. #WP
1910: Katholieke minister voert wet in die homosexualiteit strabaar stelt.
1916: Engeland lijdt grote verliezen in de strijd tegen Duitsland. Streng christelijke populisten in Engeland noemen homo's en Duitsgezinden in Engeland de oorzaak van de Engelse nederlagen. #BBC2tv WW1/Andrew Marr 10.11.2014
1960++: schrijver Gerard Reve brengt homosexualiteit in de openbaarheid.
1980: PvdA voert gelijke rechten in voor homo's en lesbo's.
2005: Engelse homo's hebben onderzoek gedaan naar anti-homo priesters. Daaruit blijkt dat homo-priesters het hoogst scoren in anti-homo gedrag. #KRT/2005*
2013: In het zuiden van Japan wonen mensen die erg gezond zijn en heel oud worden. Gemiddeld halen ze circa 120 jaar. Zelf verklaren ze dat door hun bizondere levenstijl:
- elke dag een doel stellen
- veel tuinieren
- veel bonen, groente en vis eten
- weinig sex
2014: Katholieke Kerk weigert homorechten te erkennen.
2015 Ierland: 62% van het volk stemt voor het homohuwelijk. Katholieke Kerk werkte tegen. #BBCWorldtv 24.5.2015
2015 USA: Dankzij de inzet van de Democraten en president Obama is het homohuwelijk door de opperste rechter erkent in alle staten van de USA. Obama maakt de media duidelijk dat het gaat om liefde en dat ook homo's recht hebben op een wettig huwelijk. Hij twittert: De liefde heeft gewonnen. #MED jun2015
2016 USA: Concervatieve christenen in Mississipi, Georgia, Virginia en North Carolina zijn tegen homo-huwelijk. Deze staten willen regels die ambtenaren het recht geven om te weigeren homo's te trouwen. #DeTelegraaf 8.4.2016
--- Opmerklijk is dat de problemen van christenen met homo's en hun rechten zijn gebaseerd op teksten in het Oude Testament. Het was notabene Jezus die zich zo verzette tegen de hardheden uit dat boek. Daarvoor offerde hij zelfs zijn leven. In hoeverre mogen deze vijanden van homo's zich dan nog christen noemen? Ze lijken meer op wolven in schaapskleren.
** Homohaat, Homovervolging

Sherif: > Sheriff

Sheriff: (SHF:)
Anglisch reafa = sheriff, baljuw; OA gereafa; ON gerif, greve.
Engels sheriff zou zijn afgeleid van Oud Engels (Anglisch) scyrgerefa = gerefa (graaf, bestuurder) van een scyr = scheur = bestuurlijk deelgebied.
Anglisch scere, sciere = scheur = deel, aandeel; ON schere, scheer; WA scheer, schere. NB Grote Scheere en Kleine Scheere bij Coevorden.
Anglisch gereaf = gerief, nut; gereafan = gerieven, behagen, nutten
Anglisch:
- reevan = effenen, glad strijken, besturen, etc.
- reeve = hoofdman, bestuurder
- refan =A reevan = effenen, glad strijken, besturen, etc.
- refan = tot vrede brengen, rechtspreken
- refar = veger, strijker, gladmaker met de rive (rijf); GR riever
- refar = vredestichter, rechter
Mogelijk is sheriff afgeleid gerefa = sheriff.
¶ De sheriff wordt oorspronklijk gezien als een soort gerechtelijke bemiddelaar, die twee partijen moet gerieven om tot een juridisch accoord te komen. Dit lijkt te betekenen dat sheriff is afgeleid van Oud Anglisch gereafan = gerieven = tot elkaar brengen; c.q. gereafa = sheriff.
ON bajuw = baljuw = rechter, ambtenaar die in een bepaalde regio recht spreekt namens de landsheer
¶ Bron WAB/p172 schrijft: These Hundreds were presided over by a headman known as reeve; and in later days, when the large shires or counties began to appear, there was a shire-reeve, a word which has now become sheriff. Each shire, too, had its ealdorman, corresponding to one of the important Barons of Norman times.
** Shire, Politie, Graaf, Greve, Baljuw, Rechtspraak, Vierschaar, Ordebewaking, Veiligheid

Shire:: (SHR:)
= ME County = Graafschap.
Shire is afgeleid van OE scir = OA scir, scere, sceare, scyr
OA scir = bn schier, helder, netjes, ordelijk; DR schier; TW skier
ON schier = bn schier, helder; ME sheer
OA scir = zn afgesneden stuk land, deelgebied, gewest, zone; ON scere, scheere
NB OA:
scara (scaer, sceara) = schaar, tang; KA scaer; TW skaar, skere; VW schaer; ON schare, schere; ME shears
scara (scaer, sceara) = schaar, tang; KA scaer; TW skaar, skere; VW schaer; ON schare, schere; ME shears
scara (scaer, sceara) = deel, aandeel; KA scaer; TW skaar, skere; VW schaer; ON schare, schere; ME share
scara (scaer, scerra) = schare, menigte; ON schare; NV schaar
scaran (scaeran) = opdelen, indelen, verdelen; KA scaeran; ON scharen; ME share
scare = schaar, tang; ON schare
scare = troep, bende, leger; ON schare)
scare = schare, groep, menigte, aandeel, rente; TW skare; OD schar
scare = OA scere = deel, deel van grond; ON schare, schere; ME share

Kenlijk maakt deze oude Anglische/Engelse bestuurlijke indeling van het land de besturing ervan praktisch, maklijk en optimaal. Geheel volgens het princiepe verdeel en heers.
Een County is in oude tijden verdeeld in 100 wapentakes. OE/OA waepentace = verdedigingszone te bewaken door een Hundred (legereenheid van 100 militairen). > Take, Hundreds
¶ Anglisch waepentace (waepengetaec) = wapentake =
1. een hundred = deelgebied van een scir (shire) = 1/100 van een scir (shire, graafschap)
2. veiligheidsgszone te verdedigen door een hundred (= 100 militairen)
# COD, DAB
** Landsdeel, Sheriff, Wapentake, LIN, Gouwen, Graaf

Sibculo:
Dorp in Noord Twente. Rond 225vC wordt de regio bevolkt door Angelen uit het Vechtdal. De naam lijkt derhalve afgeleid van Anglisch Sybbce (Sipke; mansnaam) + loha (hoog gelegen bos). Inspectie ter plekke leert dat de regio aldaar inderdaad merkbaar hoog ligt.
1418++: In Sibculo stond ooit het klooster Groot Galilea. Sinds 1418 vormt dit klooster samen met de kloosters te Eiteren (bij IJsselstein) en Warmond de Colligatie van Sibculo.
1422++: In 1422 is Gerlach van Kranenburg (1412-1492) conventuaal van het klooster Groot Galilea te Sibculo. Mogelijk is hij afkomstig uit Warmond of Leiden waar in die tijd vele Kranenburgs wonen.
1448++: In 1448 wordt Gerlach van Kranenburg Eerste Prior van Wilhelmieten Klooster Mariengarden in Groot Burlo bij Borken (Dtl). Dit CisterciŽnzer klooster staat onder leiding van het klooster in Sibculo. Gerlach brengt hier onder moeilijke omstandigheden orde op zaken en zorgt er voor een beter bestaansnivo.
1455++: In 1455 wordt Gerlach van Kranenburg Prior van klooster Groot Galilea in Sibculo.
2007: Inspectie ter plekke anno 2007 leert dat van het klooster in Sibculo slechts enkele fundamenten resten, benevens overblijfselen van de oude gracht. Mogelijk wordt op de plaats van het klooster een bejaardencomplex gebouwd, die in de stijl zal zijn van het oude klooster. Op de plaats van de oude kloosterkerk staat nu een Gereformeerde Kerk.

Siddeburen:
Dorp in Groningen.
- c 1000 AD genaamd Syerdeberth, Sydebert = buurt van Syerd, Sydd (Siert, Sid; mansnamen)
- c 1250 AD Sigerdachurcke = kerk van Siddeburen
--- Anglisch Sigerda = land van Siger (mansnaam)
- 1589 op een kaart vermeld als Sydbueren Sydbueren
Aangezien Siddeburen ligt in een regio die oorspronkelijk door Angelen is bevolkt, lijkt berth Anglisch te zijn voor buurt, buurtschap. Gezien de Anglische naamsdelen en de historische migratiestromen kunnen daar rond 350vC Angelen zijn gesetteld.
** ASA

Sieraden: (SRD:)
()A aembre (amber = banrsteen), aembrestin (barnsteen), aethelstan (edelsteen), almandyt (almandiet = halfedelsteen), baernstin (barnsteen), beade (kraal), beag (torque), beda (kraal), broche (broche), carboncle (karbonkel = felrode robijn), cercle (diadeem), cetten (ketting), clemp (band, armband), coper (koper), dalc (spang, gesp, armband), earhring (oorring), garnat (granaat = rode halfedelsteen), glittan (glitteren, glinsteren), gold (goud), goldwerc (gouden sieraden), hleodryhtne (torque), hring (ring), jaspre (jaspis; # edelsteen), maenston (maansteen; # halfedelsteen), meregrota (parel), onix (onix, onyx; # halfedelsteen), perle (parel), rubin (robijn), seolfor (zilver), spanc (spang, gesp, ring, haak), spancere (sieradenmaker, juwelier), syrat (sieraad), torcca (torque)
Torque: = hals- of armband van goud. Bij de Angelen is het een teken dat de drager tot de elite behoort en/of soldaat is.
3500vC++: Barnsteen is al ver in de oudheid een geliefd product voor sieraden. De oudste vondsten daarvan dateren van circa 3500vC en zijn afkomstig uit een koningsgraf te Ur in Mesopotamia.
3000vC++: Egypte maakt kralen van glas. #NTRtv/Antiek 1.9.2013
1400vC: Amulet gouden valk in linnen zwachtels van mummie van Neswaiu, zoon van Tekeretdjehuti, generaal onder de Egyptische koning Thutmoses III (1479-1425vC). De valk is het symboool van de god Horus, de Egyptische god van de liefde en herrijzenis. Het sieraad is in 2014 ontdekt in Stockholm en daar nagemaakt in plastic met een 3D-printer. De amulet is circa 4 cm hoog en 7 cm breed. Ze was opgehangen met een halssnoer aan de vleugels van de valk. # De Telegaaf 22.2.2014
500vC: In de Waarbeek bij Hengelo/Twente is een armband gevonden. De vondst dateert van rond 500vC. In die tijd komen de eerste Germanen [Angelen] zich vestigen in Twente. #GVT/p13
200vC: Angelen kennen mogelijk kralen van glas. > PgBrit/Wetwang
100vC: Armband van verguld brons in Sneek. > Sneek
50vC: Goudschat van circa 50vC in Rheden. O.a. bestaande uit een mooie gouden ring met grote blauwe steen omrand met pareltjes. > Rheden/Diepholz
98nC: Tacitus schrijft: Germania biedt een grote afwisseling aan bossen en moerassen. Er wordt veel graan verbouwd. Ze hebben veel koeien, maar die zijn klein en mager. Ze denken alleen in aantallen. Ze hebben liever zilver dan goud. Bootjes van zilver geven ze elkaar als geschenk. Goud, zilver en ijzer worden er weinig gevonden. #TAG/G5
300-600nC: Bij Donkere Middeleeuwen denken mensen vaak aan volksverhuizingen en plunderingen, maar er was ook tijd om te genieten en in rust sieraden te maken. (Annemarieke Willemsen, conservator Museum Oudheden te Leiden; #DeTelegraaf 27.10.2012)
300-600nC: Uit opgravingen in heel Nederland blijkt dat de Donkere Middeleeuwen tamelijk rijk en welvarend zijn. In graven en op offerplaatsen zijn o.a. gevonden gouden halsringen, gespen en mantelspelden ingelegd met edelstenen. #DeTelegraaf/2.5.2014 > Donkere Middeleeuwen
400nC: Iets ten zuiden van Olst zijn in 1952 vier gouden halskettings gevonden uit de periode rond 400nC. De kettings zijn gemaakt van gesmolten Romeinse munten. > Fortmond
400nC: Museum Oudheden in Leiden bezit sieraden uit 400-600nC gevonden in Wijnaldum (Frl), Wijchen (Gld), Rijnsburg (ZH) en Maastricht (Lbg). De sieraden zijn van goud en bezet met rode granaten (halfedelstenen). Uit onderzoek blijkt dat de stenen mogelijk afkomstig zijn uit India en Pakistan. Dit betekent dat er in die tijd al een oud groot handelsnetwerk bestond van India tot in Nederland. #DeTelegraaf 27.10.2012
400nC: Borgstedterfeld/Angeln: ovale broches, sterk lijkend op broches uit graven in Engeland
400-600nC: Uit opgravingen in heel Nederland blijkt dat de Donkere Middeleeuwen tamelijk rijk en welvarend zijn. ... Dankzij internationale handelsrelaties bezitten ze o.a. munten uit Constantinopel, rode granaat uit India en Pakistan en kaurischelpen uit de Indische Oceaan. In graven en op offerplaatsen zijn o.a. gevonden: gouden halsringen, gespen en mantelspelden ingelegd met edelstenen. > Donkere Middeleeuwen
425-430nC: Widsith van Myrgingum in Fivelingo (Groningen) maakt als troubadour reizen door Europa en AziŽ. Hij draagt een gouden torque die hij van een koning kreeg, die hij op zijn reis heeft bezocht. Bij zijn thuiskomst in Myrgingum (in Fivelingo, Groningen) leent hij deze torque aan zijn vader. Dat zegt hij in regel 94-96:
94. minum hleodryhtne, tha ic to ham bicwom,
94. mijn torque, toen ik thuis bijkwam,
95. leofum to leane, thaes the he me lond furgeaf,
95. liefde ik te lenen, omdat hij me land vergaf,
96. mines faeder ethel, frea Myrginga.
96. aan mijn edele vader, vrijman in Myrginga.
> Widsith, Widsith van Myrgingum
--- De torque is specifiek een sieraad voor soldaten en wordt al gedragen door de Anglische militaire invaders van Brittannia in 450-550nC. #BBC2tv/BargainHunt/10.8.2015/TimWonnacott, KBG
430nC: Schat in Beilen bestaande uit gouden munten en halsringen. > Beilen, Drente
450nC++: De welltodo Anglische vrouw draagt vele halskettings met juwelen, armbanden, ringen en kettings met kralen. #WAB/p170
450nC: Zweeloo is bekend om de Prinses van Zweeloo, een jonge vrouw van goede stand die leefde in circa 425-450nC. Haar graf is ontdekt in 1952 tijdens graafwerk. In haar graf zijn ook sieraden gevonden: bronzen spelden, een ketting met glazen kralen, een ketting met kralen van barnsteen, een zilveren ring, zilveren toilet garnituur, een bronzen sierspeld in vlindervorm, grote losse kralen van banrsteen en van glas en bronzen armbanden, ringen en sleutels en een ketting met een bevertand. > Prinses van Zweeloo
450nC*: Glazen armbanden van de La TŤne cultuur in Achterhoek en Twente. #SDV/p283
450nC: Massief gouden halsringen gevonden in 1938 in Heimenberg op de Grebbeberg in Utrecht. > Heimenberg
500nC: Bron WAB/p21 schrijft:

Nevertheless, the wapons, utensils, jewelery, and other objects left by the first Anglo-Saxon settlers [i.e. Angelen en Saxen] prove beyond doubt that they were a people of high culture ...
500nC*: In Velp zijn bij de hoeven De Grote Durk en De Kleine Durk archeologische vondsten gedaan. I.c.: van brons een gevleugelde fallus (vruchtbaarheids symbool), vingersleutel, ramskopje en geŽmaillerde mantelspeld. Verder een zilveren lepel. > Velp
550nC: In 2006 vindt een amateur archeoloog in het Nieuw Plantsoen te Deventer twee gouden sluitstukken van een zgn kolbenarmring, een soort armband met brede uiteinden (kolben) uit circa 550nC. Dit soort armbanden wordt in die tijd veel gedragen door Anglische krijgers in o.a. Brittannia. Ook droegen zij kolbenringen om de hals. De vondst illustreert dat in die tijd Deventer is bewoond.
600nC++: Noord Engeland importeert garnats (granaat = rode halfedelsteen) uit India. (#BBC4tv/AngloSaxons okt2016) Dat gebeurt vrij zeker al eerder door de Angelen in Angelland op het Continent. > Zijderoute
625nC: In Ezinge is in 1934 gevonden een zwaardknop van goud en ingelegd met almandiet (halfedelsteen), gemaakt rond rond 625nC. Het voorwerp is qua vorm en vakwerk vergelijkbaar met grafvondsten in Sutton Hoo in Engeland. Een zwaardknop diende om een zwaard aan een gordel te bevestigen.
625nC: In Sutton Hoo (East Anglia) zijn vele archeologische vondsten gedaan. O.a. wapens, ornamenten en een helm met grima (masker) van koning Redwald van East Anglia. Hij sterft in Sutton Hoo en is daar begraven rond 625nC in vol militair ornaat.
Rechts: een fraaie gesp in Anglische stijl, gevonden in het graf van Redwald in Sutton Hoo. De rode X doet erg denken aan de Asbole, het symbool van het verbond van de Angelen en Saxen uit circa 125nC, gesloten in de regio bij Bremen.
> Asbole, PgBrit/Redwald van East Anglia
 
640nC: Anglische gesp gevonden in Rijnsburg gemaakt rond 640nC.
650nC: In de jaren 1950 is in Wynaldum (Friesland) een fibula-speld gevonden: een mantelspeld van goud, versierd en belegd met edelstenen (almaldien). De mantelspeld dateert van circa 650nC en vertoont grote overeenkomst met sieraden uit het graf van de Anglische koning Redwald (gst 625nC) te Sutton Hoo in Suffolk in East Anglia. De kopplaat van de fibula draagt het masker (grima) van Wodan. Bron AWA (1841) schrijft dat in Wynaldum is gevonden een gouden gesp van Anglische stijl, daterend uit de 7e eeuw nC.
1190: Gevonden in Arnhem in 1950: 285 zilveren munten en enige gouden sieraden in kogelpot. Oudste munt uit circa 1190 AD. (#OBA/p18) > Munten
** Barnsteen, Broches, Bevertanden, Prinses van Zweeloo, Wynaldum, Amuletten, Spankeren

Silf:
Mogelijk een Anglische bos- en veldgod. Latijn: Silvanus. Silf kan daarom van oorsprong de Romeinse god Silvanus zijn.
Sivanus: Romeinse bosgod. Zijn naam is afgeleid van Latijn silva = bos. Silvanus is beschermer van planten, bomen en kudden. Wordt vooral vereerd door het landvolk. Zij offeren hem de eerste oogst van veldvruchten. Vrouwen mogen daar niet bij zijn. De Griekse god Pan lijkt op hem. #WP
Van Silfhout: Nederlandse familienaam. De naam lijkt afkomstig uit Apeldoorn. Het voorzetsel van duidt op een locatienaam. Mogelijk kan derhalve in of nabij Apeldoorn een locatie zijn (geweest) met die naam. De regio Apeldoorn wordt rond 100vC bevolkt door Angelen uit West Salland. De naam Silfhout lijkt dergalve afgeleid van Anglisch Silf (bosgod) + holt (bos). Dus: het bos waar Silf vertoeft en/of wordt vereerd.

Simplisme: (SPL:)
¶ Waarom moeilijk doen als het maklijk kan. In de eenvoud ligt het ware. De meester volgt de goede weg en bereikt het hoogst bereikbare. #SRK
** Goede Weg

Singmatow:
Sing ma tow is Anglisch voor zing maar door. Het is de titel van een oud rijlied uit NO Nederland en NW Duitsland. Ze werd gezongen door mensen als ze ergens samen kwamen voor de gezelligheid. Dus thuis, bij kennisen, in kroegen, met wandeltochten, op de picknick, tijdens een bad, etc. De melodie is oeroud en kent vele teksten in diverse regiotalen.
** Inglisc Miss, Zingen

Sinterklaas:
De Wilde Jacht na het Joelfeest is het feest van Wodan. Er wordt dan veel bier gedronken en luidruchtig gezongen. De Christenen maken van Wodan's feest in latere eeuwen hun Sinterklaasfeest. Volgens de Christelijke legende komt Sinterklaas uit Myra in Turkye, waar hij in de Christelijke tijd bekend staat als een goede bischop die arme kinderen kado's geeft rond zijn verjaardag. De zwarte hoed van Wodan verandert in een rode mijter met gouden kruis. Het paard van Sinterklaas is wit (een schimmel) net als het paard van Wodan. De twee zwarte raven die Wodan altijd begeleiden veranderen in twee Zwarte Pieten.
¶ Uit onderzoek is gebleken dat het Sinterklaasfeest qua populariteit onbedreigd op de eerste plaats staat boven alle andere feesten in Nederland. In NO Nederland is dat 1.9x meer populair dan Kerstmis. In de rest van Nederland in totaal 1.4x meer. In NO Nederland is Sinterklaas per saldo 1.9/1.4 = 1.4x meer populair dan elders in het land. Zeer opmerkelijk. Kennelijk leven in NO Nederland de oude Germaanse (i.c. Anglische) tradities sterker, dan elders in het land.
** Wodan, Wilde Jacht
# De Telegraaf 20.11.10, DAB, KBG

Sirius:
()A Hundsteorra (Hondster = Sirius)
965nC: In 965nC brengt ene Ibrahim Al Tartushi een bezoek aan Haithabu. Hij is afkomstig uit Cordoba in Spanje en schrijft over zijn bezoek o.a.:

Haithabu is een zeer grote stad aan het uiterste eind van de wereld oceaan... De bewoners aanbidden Sirius [de Hondster], behalve de Christelijke minderheid die een kerk heeft...
Sirius komt van het Grieks 'seirios' (heet, brandend), de Hondster in sterrenbeeld Grote Hond. Het is de helderste ster van de hemel. De verschijning van Sirius valt in Egypte samen met de overstromingen van de Nijl. Deze overstromingen maken de Nijloevers uitermate vruchtbaar. Vandaar heeft de Hondster in Egypte zo een belangrijke plaats. Sirius wordt door de Egyptenaren in latere tijden Sothis genoemd, waaraan de Sothisperiode is gekoppeld. Dat is de Egyptische kalender van 1460 jaar. Sothis is de Griekse naam voor de Egyptische godin Sopdet, de hondster Sirius. De overstromingen van de Nijl werden teogeschreven aan deze godin Sothis. De Oude Egyptenaren vereren haar omdat zij vruchtbaarheid brengt. Het begin van de overstroming van de Nijl geldt bij hen tevens als begin van het Nieuwe Jaar.
¶ Waarom de Angelen Sirius vereren is vooralsnog niet bekend. Mogelijk is deze vereering afkomstig van de Egyptenaren. Er was echter ook de verering van Nerthus, Moeder Aarde, die goldt als symbool van de vruchtbaarheid.
** Hondsdagen, Haithabu, Offerrituelen, Nerthus, Ideologie, Honden, Wolven
# WP, DAB

Situaties: (SIT:)
()A aemlup (voorspoed), deorfan (in gevaar zijn), dolmodig (vrolijk, opgelaten), ead (geluk, bezit, rijkdom), eadig (gelukkig, rijk, gezegend), earm (arm), earmod (armoede), faer (gevaar), faerlic (gevaarlijk), fealic (veilig), fralic (vrolijk), fray (fraai, vrolijk), frec (gevaar), frecenes (gevaar), freclic (gevaarlijk), frolic (vrolijk), furspod (voorspoed), furspodig (voorspoedig), hwopa (dreiging), lac (gebrek), lacan (ww ontbreken), leofondig (levendig), maes (troep, ellende), mase (=A maes), miseare (misŤre), neastig (onplezierig), orlege (oorlog), plaege (plaag, onheil, ramp), pleor (pleuris, ellende, gevaar), pleoric (gevaarlijk), pliht (zorg, verdriet, ellende, leed), raestig (rustig), ricdom (rijkdom), rice (bn rijk), sayniss (saaiheid), seocniss (ziekte), sarga (zn zorgen), sorga (zn zorgen), stencig (stinkig, stinkend), wela (welzijn, welgaan), welta (weelde), worran (zorgen maken), worre (zn zorgen), worrig (bezorgd)
** Gesteldheid, Rampen

Sjamanisme: (SJM:)
()A bodig (lichaam), hael (heel, gezond, ongeschonden), haelan (helen, gezond maken), haelcunst (heelkunst, heelkunde, geneeskunde), leag (sjamaan), leagan (vaststellen, genezen), sawol (ziel), shaman (sjamaan), sorce (bron), sorcere (sjamaan), sorcery (sjamanisme), wisard (wijze man, sjamaan, tovenaar)
Sjamaan: Afgeleid van Grieks schamane = van Mongoolse origine. #COD
Sjamaan = hij of zij die weet (Toengoezisch/Siberisch). Zowel mannen als vrouwen kunnen en konden sjamaan zijn. Bij de Nasa-Indianen in Columbia nemen de sjamanen anno 2010 nog steeds een belangrijke positie in. Tijdens een massademonstratie tegen de regering anno 2009 scanderen ze luid:

Leve Moeder Aarde
Leve de stamoudsten die ons dienen
Leve de goden die ons regeren
Leve de geesten
Leve de sjamanen die ons helpen
Hoewel de meeste Nasa anno 2010 Katholiek zijn, blijkt uit hun leuzen dat het oude geloof toch nog een primaire rol speelt. Interessant daarbij is de rangorde: Moeder Aarde, stamoudsten, goden, geesten en sjamanen. Deze figuren lijken universeel.
Donar: Het sjamanisme is vrij zeker door de Germanen meegenomen van hun Arische voorouders in Centraal AziŽ. Later is het meegenomen door de Angelen en andere Germaanse volken naar hun eigen woongebieden. Bij hen wordt het sjamanisme vooral gekoppeld aan de god Thor (Donar). Zijn heilige tekens staan vaak afgebeeld op rituele drums. > Donar
Priesters: In Mongolia worden sjamanen ook vaak priesters of medicijnmannen genoemd. Ze zijn daar o.a. raadgevers, medicijnmannen en begeleiders bij belangrijke ceremoniŽle gebeurtenissen als huwelijk, geboorte en begrafenis.
--- Kalimantan (Borneo): Sjamaan = priester + medicijnman. Al sinds circa 1250nC vieren de mensen ieder jaar het Drakenfeest. De sjamaan slacht dan een kip voor de harmonie in het dorp en met de goden. #MAXtv Kalimantan/Erika Terpstra 12.12.2014
Zowel mannen als vrouwen kunnen sjamaan zijn. Volgens Amerikaans wetenschappelijk onderzoek zouden sjamanen mensen zijn die rond hun 20ste jaar een ernstige psychische inzinking doormaken waarbij hun hersens een fundamentele structurele neurale verandering ondergaan. Na deze verandering blijken ze zeer ontvankelijk voor paranormale percepties.
Sjamanisme is de naam voor een oeroud, wijdverbreid, veelomvattend en zeer gevarieerd gebied van allerlei hocus pocus achtige zaken. Elke oude cultuur kent zijn eigen namen en vormen. Zo kent IndonesiŽ z'n doekoens, wonderdokters die o.a. ook doen aan droomuitleggen en voorspellen. In Amerika heten ze medicijnmannen. In de kern van de zaak zijn echter toch enige algemene gelijkheden te bespeuren, die het best zijn te formuleren in de volgende listing van de functies van sjamanen:
- verklaren van dromen
- genezen van mensen met lichamelijke, geestelijke en psychische kwalen
- genezen met kruiden, magische rituelen, magische muziek, transcendentie en extase; o.a. met trommels, tamtams, drums, fluiten en dans; alles gericht op healing
- opsporen van verloren voorwerpen
- interpreteren van events, tekens en omen
- voorspellen van de toekomst
- hulpmiddelen: diagnose, projectie, paragnose, contact met goden, dobbelen
Therapie 1: Aangezien Anglisch:
sorce = bron
sorcere = sjamaan
sorcery = sjamanisme
>> lijkt de therapie van de sjamanen gericht op het opsporen en verhelpen van de bron van de klachten van de cliŽnt.
Therapie 2: De sjamaan brengt zijn cliŽnt in trance en daarna in extase. Hij draagt dan een mantel van hertevel en gebruikt o.a. een trommel, zang, dans en gesprek. (> Herten) Aan de hand van de reacties van zijn cliŽnt probeert de sjamaan dan te achterhalen wat er mankeert. Op grond daarvan zoekt hij het juiste middel om zijn cliŽnt te genezen. Dat middel kan van alles zijn. Vaak gaat het bijvoorbeeld om herstel van relaties. > Heelkunde
Geestverdrijving: Het sjamanisme lijkt in zekere zin op het verdrijven van kwalijke geesten in de mens. Als zodanig komt het in de buurt van de psychiatrie. Mogelijk dat daarin het succes van sjamanisme schuilt. > Geestverdrijving
¶ Het sjamanisme is vrij zeker al door de Germanen meegenomen van hun Ariesche voorouders. Later is het meegenomen door de Angelen en andere Germaanse volken naar hun eigen woongebieden. Bij hen wordt het sjamanisme vooral gekoppeld aan de god Thor. Zijn heilige tekens staan vaak afgebeeld op rituele drums.
¶ Sjamanisme wordt vaak negatief beoordeeld. Toch zijn ook vele exceptioneel goede resultaten bekend. O.a. anno 2009 van een Amerikaans jongetje met ernstige gedragsproblemen dat in de USA door geen enkele arts of psycholoog kon worden geholpen. De ouders gingen ten einde raad naar een sjamaan in Mongolia, die het kind in vrij korte tijd verbluffend goed wist te genezen. Ook zijn vele goede ervaringen bekend met doekoens op Sumatra. O.a. een vrouw in de 1930-jaren die in de oerwouden van Sumatra op wonderbaarlijke wijze binnen 14 dagen werd genezen van een mysterieuze kwaal, nadat Nederlandse artsen na veel en langdurig onderzoek haar niet konden helpen. Verder is bekend een geval waarbij een doekoen een gestolen horloge wist te achterhalen, door de bestolene te laten kijken in een kom met water. Hoewel sommige sjamanen kwakzalvers kunnen zijn, heeft ook de moderne geneeskunde z'n uiterst dubieuze, zo niet kwaadaardige aspecten en representanten. In Afrika werkt anno 2009 de moderne geneeskunde uitstekend samen met locale sjamanen.
2014: Navajo Indianen in Amerika offeren elke morgen bij zonsopgang bloemen aan de goden voor een goede en gezegende dag. En als ze op reis gaan, laten ze een sjamaan voor hen offeren voor een goede afloop van de tocht. #MAXtv Erica Terpstra jul2014
2015 Heksen: Op een historisch cultureel evenement in Vaassen (Gld) bevestigt een deelnemer dat niet alleen vrouwen maar ook mannen heksen kunnen zijn. Hijzelf fungeert als sjamaan, maar ziet zichzelf ook als heks. (#FRI/3.4.2015) > Heksen
** Heelkunde, Geneeskunde, Aandoeningen, Kruiden, Paranorma, Dobbelen, Grummeldoek, Arwin, Nasa, Heksen, Geestverdijving, Happiness
# FRI, TV 2009, DAB, KBG

SkjŲldungasaga: (SKS:)
De SkjŲldungasaga is een Noors/Deense saga, vastgelegd rond 1190 nC. Ze handelt over het Deense koningshuis SkjŲld. Arnigur Jonsson parafraseerd delen daarvan in het Latijn. Ook komen delen van de SkjŲldungasaga voor in andere saga's en in Saxo Grammaticus. Verder zijn sporen van de saga terug te vinden in de verdewenen saga over de Oer Hamlet en in de Hamlet van William Shakespeare.
** Odin, Saga's
# WP, WKP 25.12.07

SLA: Stamlijn Angelen
identiek aan hun genline
AriŽrs (8000vC-200vC Caucacia-Arya) > Germanen (5000vC-3000vC Arya-Khwarizm/CentraalAziŽ) > Goten (3000vC-2500vC Khwarizm-OekraÔne) > Balten (2500vC++ OekraÔne-Litouwen-Letland) > Litouwers (2500-2000vC OekraÔne-Litouwen) > WestGoten (2000-1500vC Litouwen-ZW.Zweden) > Inglings (1500-665vC ZW.Zweden) > Inglo-Goten (800-600vC ZW.Zweden) > Angelen (750vC++ ZW.Zweden-Angelland)
¶ Het lijkt zeer waarschijnlijk dat de Angelen in grote mate eigenschappen, kennis, vaardigheden, gebruiken, etc hebben meegenomen van de volken waaruit ze voortkomen. Zo lijken de Anglische draak en Hagal concepten afkomstig van de Chinezen. > Draken, Hagal
** AFSA, PgGen/@

Slag bij Ane: (1227) (SBA:) > Ane, Coevorden, Gelekings

Slangentong: > Slangetong

Slangetong: (SLT:)
Angel::
- COD: lid van de Germaanse stam der Angelen
- WMN: vishaak, prikkel
- EWB: vgl: Lat.: uncus: krom, haak; Gr.: onkos: haak; Oind: anka: haak, kromming
- EWB tengel: Oud Zeeuws: angel: dunne lat om reet te dichten (> tang); Oud Noors: tingl: versierd houtstuk aan de voorsteven.
- PWO: haak, stekel, vishaak, kafnaald, weerhaak, slangentong, steekorgaan
- K&E: weerhaak, steekorgaan
- K&E: weerhaak = haak of punt aan pijl, angel
¶ Bron PWO:
- slangentong = ?
- slang = serpent, adder, etc.
- serpent = adder, feeks, furie, kreng, slang, etc
- laster = klad, blaam, smaad, venijn, roddel, eerroof, praatje, zwadder, praatjes, aantijging, achterklap, schendtaal
- lasteraar = kletskous, roddelaar
- lastercampagne = hetze
- lasteren = kletsen, roddelen
- zwadder = smet, laster
- zwadderen = klutsen, zwieren
¶ Bron K&E:
- slangetong = tong van een slag, plantensoort (o.a. pijlkruid)
- lasteraarster
- lasteraar = man die lastert
- lasteraarster = vrouw die lastert
- lasteren = leugenachtig iets kwaads van ieman zeggen, liegend kwaad spreken
¶ Bron SYM:
- slang = ? (niet vermeld)
Wapen Engeland: Historie:
- 1100++: Henry II van Engeland voert als wapen: op rood een staande leeuw in goud, links gekeerd.
- 1157++: Koning Richard I Leeuwenhart van Engeland (1139*-1199), derde zoon van koning Henry II van Engeland. Richard voert het wapen: op goud drie kruipende leeuwen in rood, aankijkend, links gekeerd, 1-1-1 geplaatst.
- 1200++: Op rood drie kruipende leeuwen in goud, aankijkend, links gekeerd, groen getongd, 1-1-1 geplaatst. > PgBrit/Engeland
--- Bron SYM:
--- tong: symbool van vlam, vurigheid, vuur
--- vuur: symbool van vernieuwing en wedergeboorte
--- groen: kleur van jeugd, onvolwassenheid, nieuwheid, leven, vrede, dood, gif
>>> De groene tongen van de Engelse leeuwen kunnen zijn bedoeld als het symbool van vurige jeugdigheid en vernieuwing.
1350++: Zeker al in de 14e eeuw wordt Engeland vaak Perfidious Albion genoemd. O.a. door Frankrijk, ItaliŽ, Rusland en later Amerika. De reden is niet helemaal duidelijk. Perfidious betekent onbetrouwbaar, onberekenbaar. Als eilandbewoners staan de Britten vaak tegenover een wereld die ze op bange momenten vaak als een monsterlijke eenheid zien tegen wie ze het in hun alleenheid moeten opnemen. Dat maakt natuurlijk bang en dus voorzichtig. Maar het is niet duidelijk of dat de enige verklaring is. Mogelijk echter is dit imago van Engeland afkomstig van de NormandiŽrs, die in 1060 Engeland veroveren. Deze NormandiŽrs gedragen zich uitermate onbetrouwbaar. Geen enkel accoord komen ze na en op vele manieren bedriegen ze anderen. > PgBrit/Perfidious Albion.
Per saldo lijkt het dat 'angel = slangetong' betrekking heeft op de Engelsen sinds circa 1350 AD vanwege hun genoemde onbetrouwbaarheid en de groene (= giftige) tongen van de drie leeuwen in het wapen van Engeland sinds 1200 AD.
Frekwentie: Bron PWO noemt voor angel: haak (4), stekel (6), vishaak (7), kafnaald (8), weerhaak (11), slangetong (11), steekorgaan (11). Slangetong komt dus voor in 17/(4+6+7+8+11+11+11) = 17/58 = 29% van de gevallen. Als zodanig leeft de term slangetong voor angel dus tamelijk sterk bij mensen. Het is echter de vraag of mensen in Nederland daarmee ook Angelen bedoelen. Gezien het voorgaande hooguit misschien Engelsen. Vooral na de Nederlands-Engelse zee-oorlogen. (> Ontangeling) Onder Engelsen verstaat men echter normaal inwoners van Engeland. Dat zijn dan zowel Angelen als Saxen en andere, kleinere groepen samen.
 

Slapen: (SLP:)
()A aweccan (ontwaken, wakker worden), bearra (bed), bedd (bed, slaapplaats, bedgenoot), beddcladh (bedkleed, beddesprei, deken), beddnot (bedgenoot, echtgenoot), beddpanne (bedpan = pan met lange steel voor hete kolen om bed te warmen), beddrum (slaapkamer), beddsted (bedstede), bet (=A bedd), coy (kooi, bed), cult (matras, bed, kussen, deken), dream (droom), dreaman (dromen), dusan {dust, dost, dust} (ww doezen), dusig (doezig, slaperig), dusigan (=A dusan), gapan (gapen), haefresacc (haverzak; # matras), hyrstan (rusten), meo (moe, vermoeid), meohod (moeheid, vermoeidheid), nihtmere (nachtmerrie = vreselijke angstdroom), oferslop (oversloop; # kussen), onwocan (ww ontwaken), onwocan (bn ontwoken, ontwaakt), pylu (peluw, kussen), raestan (rusten), reowe (deken), slapan (slapen), sliefe (=A slyf), slyf (sloop), snorcan (snurken), swefan (zweven, dromen, slapen), thecen (deken), tior (moe), tiorian (vermoeien), tiorig (vermoeid), wace (wake, wacht), wace (wakker), waecnan (wekken, wakker maken), waga (wieg), wer (moe), werian (vermoeien), werig (vermoeid), woce (wakker)
tot c 1500nC: Dekens zijn van geiteleer of schapevacht.
750nC++: Mensen slapen vaak in een klein bed en nagenoeg zittend met opgetrokken knieŽn tussen hoge kussens. Naar christelijk bijgeloof is men namelijk bang dat de duivel hen snachts besluipt en binnendringt en dan eeuwig is verdoemd.
2005*: Onderzoek aan de Universiteit van Tokio in Japan heeft aangetoond dat lang slapen een goed middel is tegen stress en de gezondheid bevordert.
2014: Chronisch slaaptekort stimuleert Alzheimer. Dat komt door een bepaald soort eiwit in het hersenvocht. Bij genoeg slaap neemt dit eiwat af. Aldus blijkt uit onderzoek van de Radboud Universiteit in Nijmegen. #DeTelegraaf 3.6.2014
2014: Marcel Olde Rikkert is hoogleraar Geriatrie aan het Radboud UMC in Nijmegen. Hij propageert: een actieve levensstijl, beperking van risisco's als stress en overgewicht, psychisch goed actief blijven, regelmatig bewegen, eten van groente en fruit en vooral voldoende slaap, i.c. minimaal zeven uur per nacht (het lichaam moet goed kunnen herstellen). Nederland telt relatief weining 100-plussers. Spanje, Frankrijk, Italia en Griekenland meer dan 2x meer. #DeTelegraaf 28.10.2014
2016: Voldoende slaap, vroeg naar bed en vroeg weer op scoort beste. Circa 8 uur per nacht is optimaal. Aldus samengevat de NSWO (Stg Slaap en Waak Onderzoek). Dat blijkt uit onderzoek. (#DeTelegraaf 21.3.2016) Dit stemt overeen met het oeroude Engelse gezegde: Early to bed and early to rise, keeps a man healthy, wealthy and wise.
2017: Sleep is important for a long and good health and life. #BBC4tv/15-16.5.2017
¶ Teveel slapen is niet goed. Te weinig slapen evenmin. Optimaal slapen sterkt het gemoed en brengt ware fitheid en happiness. De meester slaapt zoveel hij nodig acht en vaart immer wel. #SRK
** Levenskunde, Licht, Leeftijd

 

Slath:
Anglisch woord voor sloot. De term komt o.a. voor in de Warfslatweg in Eibergen, afgeleid van Anglisch wharf (hoogte) + slat (sloot) + waeg (weg). De weg loopt langs een oude warf naar een diepe sloot. Warfslatweg betekent dus: de weg naar de Warfslat = Warfsloot. > Warf
 
De Goormansslathweg loopt langs de huidige bedding van de Slinge in Beltrum. De naam is afgeleid van Anglisch gor (goor, drasland, modder) + man (man) + slath (sloot) + waeg (weg). Beltrum is een oude Anglische nederzetting. Slinge is afgeleid van Anglisch slingan = slingeren. (> Slinge) De huidige loop in Beltrum lijkt in feite een oude rechte sloot met de naam Goormansslath. Deze sloot loopt parallel aan de weg van Groenlo naar Ruurlo. De oude loop van de Slinge meanderde met een grote boog daaromtrent.
¶ Volgens Henry Tankink in Harreveld is slat = moeras, grote waterplas in veengebied, of laaggelegen drassig land in het algemen. (8.8.2010) Henry e.a. hebben een lijst gemaakt met alle veldnamen in Harreveld. (> Harreveld)
¶ In o.a. Beltrum en Harreveld liggen stukken grond met de naam 't Slat. Hier gaat het kennelijk niet om sloten, maar om drasland waarin sloten zijn gegraven voor de ontwatering. Deze gronden zijn later niet afgegraven voor turfwinning, maar zijn bebost. Meestal gaat het om kleine stukken grond. In het Engels is slat een smalle strook bebost land. Om verwarring te voorkomen met slat = sloot, kan men in deze gevallen beter spreken van slatland.
# FRI, COD, KBG

Slaven: > Slavernij

Slavernij: (SLN:)
()A sclaef = slaaf. Slaven in het oude Angelland zijn vaak vreemdelingen, die daarom ook vaak wealhas (vreemdelingen) worden genoemd.
¶ Slavernij komt al voor in het oude Egypte en mogelijk al ver voordien. Meestal echter in beperkte vorm. Ze worden voornamelijk gebruikt door boeren voor het bewerken van land. Later ontstaan zgn huisslaven voor huiselijke arbeid voor hun doorgaans rijke eigenaars.
¶ Slaven zijn vaak soldaten of burgers die in een oorlog gevangen zijn genomen en daarna onbetaald werk moeten verrichten voor hun zgn heren. Later ontstaat gerichte slavenjacht en slavenhandel.
timetable:
- 28nC: Angelen in Noord Holland komen in opstand tegen hoge belastingen Romeinen. Bij gebrek aan huiden geven sommigen de Romeinen hun vrouwen en kinderen mee als slaven. Later kiezen ze voor geweld. #OSR/p11 > ARV
- 377nC: Romeinse keizer Valentinianus beveelt afschaffing slavernij.
- 600nC: Paus Gregorius (de Grote) ontdekt naar zeggen Angelische slaven uit Deira/GB op de slavenmarkt van Rome. (> Gregorius) Vooralsnog is niet bekend hoe deze Anglische slaven in slavernij zijn gekomen. Opties:
1: door gevangenneming in strijd
-- Deze optie is goed mogelijk. Rond 600nC voeren de Angelen in Brittannia nog veel strijd tegen o.a. Picten, Scoten, Welshmen en Saxen.
2: door slavernij in eigen Anglisch gebied
-- Deze optie imlpiceert dat de Angelen in Brittannia in hun eigen Anglisch volk eigen Anglische slaven kennen. Maw: Angelen houden andere Angelen als slaaf. Over deze optie is vooralsnog niets bekend. Zo die werkelijk heeft bestaan, lijkt het mogelijk dat Angelen het bestaan van slavernij van eigen mensen hebben meegenomen van hun homeland Angelland op het Continent. Vooralsnog is het bestaan van deze optie niet bekend.
--- Onbegrijpelijk is hoe en waarom Anglische slaven in Rome belanden. Een optie is dat er rond 600nC een uitgebreide slavenhandel bestaat in West Europa.
- 600nC: Paus Gregorius de Grote eist vrijlating alle slaven.
- 650nC++: Economie West Europa krimpt. Dit bevordert de vraag naar slaven en daardoor de slavenhandel. (KVN/81)
- 800nC++: Verdun heeft nog steeds een bloeiende slavenmarkt.
- 900-1300: Afname toevoer slaven in West Europa. I.b. van Engelse en Slavische slaven.
1060-1600 Engeland: Door toedoen van de Normandische heersers zijn de Britten verdeeld in drie prijsklassen per individu: Peasants (5 shillings), Farmers (100 shillings) en Adel (20.000 shillings). Deze bedragen worden o.a. betaald aan nabestaanden bij moord of bij verkoop van lijfeigenen aan derden. #BBCtv/11.6.2015 Prof Bartlett/Cambridge University
** Horigheid
# WP, DAB

Sleen:
Regiotaal: [Slien]. Dorp in Zuid Drente. De regio wordt rond 300vC bevolkt door Angelen uit Noord Drente. (> ASA) De naam lijkt derhalve afgeleid van Anglisch slean (slene) = sleen = laagte, inzinking in de bodem.
** Streektaal

Sleeswijk: (SLW:)
Duits: Sleswig. De naam is afgeleid van rivier de Schlei in Angeln.
- stad
Gelegen aan de noordzijde van de monding van de Schlie. Bestaat al in 4e eeuw. Belangrijk centrum voor handel, scheepvaart en schepenbouw. Oudste vermelding onder de naam Sliesthorp in de 8e eeuw in Frankische bronnen en in bron ASC. Bestaat mogelijk al vele eeuwen vůůr 650. Sleswig is immers tot circa 650 nC een onderdeel van het koninkrijk Angle. Bovendien ligt het in een gebied waar sinds de 1e eeuw nC hoofdzakelijk Angelen wonen. Wig moet dus inderdaad rond 370 nC een burggraaf zijn van de stad Sleswig, gelegen in het koninkrijk Angle. Als zodanig is hij mogelijk verwant aan het Anglische koningshuis. > Haithabu, Wig van Sleswig (gb 345)
- regio
Het huidige gewest Sleswig omvat het Duitse gebied boven de Eider tot de Deense grens. Die situatie bestaat pas officieel sinds 1920. In diverse historische teksten over deze regio vůůr de 19e eeuw, wordt dit gebied vaak ten onrechte ook Sleswig genoemd. Nogal verwarrend. In de 1e eeuw nC is dit gebied Sleswig bewoond door Angelen (oostkust; Oostzee; > Angelen) en Avionen (westkunst; Noordzee). De Avionen zijn een subgroep van de Juten. Sinds de 8e eeuw nC wonen aan de weskust ook Friezen uit Friese kunstgebieden in Noord Nederland. Wanneer Sleswig ontstaat is niet zeker. Angeln ontstaat rond 650 vC en existeert zeker tot 489 nC, als koning Eomar sterft. Hij wordt de laatste koning van Angeln genoemd. Rond 345 is Wig geboren. Hij wordt onderkoning van Sleswig genoemd. Met onderkoning wordt vaak burggraaf bedoeld. In dat geval is Wig burggraaf van de stad Sleswig. Mogelijk onder de koning van Angeln. Een koning van Sleswig wordt in die tijd immers nergens genoemd. Kennelijk bestaat Sleswig in die tijd niet als koninkrijk.
- hertogdom
Sleswig wordt al bewoond sinds de prehistorie. In de 9e eeuw nC vormt het een hertogdom in Denemarken onder het Huis der Estritiden, dat in Denemarken regeert. De zuidgrens wordt gevormd door rivier de Eider. In de 8e eeuw wordt de eerste koning van Denemarken genoemd. Ene Godfried. Hij bouwt in 737nC de Danewirke, een muur tussen de Eider en de Schlei bij de stad Sleswig om de zuidgrens te beschermen. De Danewirke wordt geÔnterpreteerd als een aanwijzing voor het ontstaan van het Deense Rijk. In 1100 krijgt het Huis Schauenburg het gebied als leen. In 1460 sterft dit huis uit en komt het leen aan Christian I van Denemarken uit het Huis Oldenburg. In 1920 wordt een volksreferendum gehouden over Sleswig. Noord Sleswig kiest voor Denemarken. Zuid Sleswig voor Duitsland.
Bevolking: anno 1900 circa 1 miljoen.
Wapen: op goud boven elkaar twee kruipende leeuwen in blauw, gericht naar links, rood getongd en geklauwd.
Vlag: een rood veld met daarop een wit kruis. Gelijk aan de Deense vlag.
** Fivelingo
# WP, DAB
- gewest
Door vererving komt het zuidelijk gebied van het Deense hertogdom Sleswig in de 19e eeuw bij Pruisen. Pas na het referendum in 1920 erkent Denemarken deze situatie. Het gewest omvat het hele gebied van de Deense grens in het noorden tot aan de rivier de Eider in het zuiden. Hoofdstad is de stad Selswig.
Economie: visserij, scheepvaart en industrie. Anno 2007 een touristisch centrum.
Wapen: op goud twee kruipende leeuwen in blauw, rechts gericht en rood geklauwd.
- euregio
- Zuidelijk deel van Denemarken grenzend aan Duitsland. Ook wel Zuid-Jutland genoemd. Hoofdstad van deze sector is Aabenraa.
- Noordelijk deel van Sleswig-Holstein in Noord-Duitsland. Hoofdstad van deze sector is de stad Sleswig aan de Oostzeekunt. Regio Selswig is pas sinds 1920 bij Duitsland gekomen na een referendum. Voordien hoort dit gebied bij Denemarken. Door vererving komt het zuidelijk gebied van het Deense hertogdom Sleswig in de 19e eeuw bij Pruisen. Pas na het referendum in 1920 erkent Denemarken deze situatie. Anno 2007 vormen deze twee gebieden samen een Euregio met Aabenraa als bestuurcentrum.
** Angeln, Freawin (gb 320)
# WP, WKP 24.11.07

Sleeswig: > Sleeswijk
Sleswig: > Sleeswijk
Sleutels: > Sloten

Sliesthorp: oude naam voor de stad Sleswig > Sleeswijk/Stad

Slinge:
Rivier in de Achterhoek. Mogelijk afgeleid van Anglisch slingan = slingeren, sluipen. De Slinge ontspringt ergens in Westfalen en stroomt dan langs Winterswijk door naar Groenlo en Beltrum en mondt daarna uit in de Berkel bij Borculo. De rivier heeft in de loop der eeuwen voortdurend haar loop veranderd. In de 19e eeuw is ze echter op vele plaatsen gekanaliseert of verlegd naar bestaande waterlopen. O.a. bij Beltrum, waar ze anno 2010 is opgenomen in de oude Goormansslath, een sloot genoemd naar ene Goorman.
** Slath, Beltrum, Bleckenpoel

Slingeland:
¶ Regio in de Achterhoek genoemd naar rivier de Slinge. Dus: land van de Slinge. Analoog aan Rijnland: land van de Rijn. Slingeland omvat o.a. Winterswijk, Doetinchem, Groenlo, Beltrum, Ruurlo en Borculo.
¶ Familienaam. O.a. regenten in Dordrecht in de 17e eeuw.
** Slinge, Slath, Beltrum

Sloten: > Waterlopen, Slath, naam

Sloten: veiligheid
()A caeg (sleutel), loc (=A slot), slot (slot, grendel), slut (sloot, plas, slatland)
¶ Mogelijk is het Anglisch woord slot voor grendel afgeleid van het Anglisch slut, zijnde een sloot rond een huis of vesting om indringers te weren. Slot en slut hebben immers beide dezelfde functie.
450nC: Zweeloo is een dorp onder Coevorden. De oudste sporen van bewoning in Zweeloo dateren van 600-200vC. Rond 300vC wordt de regio bevolkt door Angelen uit Noord Drente. Zweeloo is bekend om de Prinses van Zweeloo, een jonge vrouw van goede stand die heeft geleefd in circa 425-450nC. Haar graf is ontdekt in 1952 tijdens graafwerk. In haar graf zijn ook sieraden gevonden: bronzen spelden, een ketting met glazen kralen, een ketting met kralen van barnsteen, een zilveren ring, zilveren toilet garnituur, een bronzen sierspeld in vlindervorm, grote losse kralen van banrsteen en van glas en bronzen armbanden, ringen en sleutels en een ketting met een bevertand. De prinses droeg een gewaad van zeldzaam mooi geweven linnen en een ruitkeper. Ook bleken er een aantal paarden meebegraven te zijn met de prinses.
** Prinses van Zweeloo

SMA: Sociale Machten in Angelland (c 650vC-1500nC)
De machtsposities worden gemeten of geschat naar de politieke, sociale, economische, militaire, heelkundige en culturele invloeden op de hele maatschappij.
- Koningshuis (ZA)
- Bestuur (ZA)
- Adel (ZA)
- Priesters (ZA)
- Leger (ZA)
- Vloot (ZA)
- Rechters > Rechtspraak
- Notarissen > Notaris
- Bewakers > Veiligheid
- Handelaars > Handel
- Winkeliers > Winkels
- Fabrikanten > Bedrijven en Diensten
- Bouwers > Bouw
- Boeren (ZA)
- Herders (ZA)
- Vissers > Visserij
- Jagers > Jacht
- Schippers > Scheepvaart
- Koetsiers > Vervoer
- Boodschappers > Telecom
- Heelkundigen > Heelkunde
- Herbergiers > Herbergen
- Kunstenaars > Kunst, Sieraden
- Artiesten > Theater, Troubadours, Minstrelen
- Muzikanten > Muziek
- Werklieden > Ambachten en Beroepen
- Mijnbouwers > Mijnbouw
- Wichelaars > Waarzeggerij
- Docenten > Onderwijs
1500nC++: Bron ZWH/p34 schrijft:

Na circa 1500 hadden de gegoede grondbezitters, de markegenoten, op het platteland de touwtjes in de handen, zoals dat in de steden het geval was met de rijke kooplui. Zij benoemde een schoolmeester, want hun kinderen moesten onderwijs hebben, en zij benoemden een koster, want de kapel was eigendom van de markegenoten (van wie een aantal weliswaar rooms was). ... Ook de armenzorg namen de markegenoten voor hun rekening - en zo zijn tot diep in de 19e eeuw marke en naoberschap in elkaar verweven.
** Kasten, Adel

Smaken:
()A biter (bitter), biterniss (bitterheid), bitter (bitter), melo (zacht, sappig, rijp, vol, zuiver), smeac (smaak), smeacan (ww smaken), smeaclic (smakelijk), swete (zoet)
** Consumptie

Smederijen: > Smeedkunst

Smeedkunst: (SMK:)
()A ambilt (aambeeld), blacsmidh (ijzersmid, smid), blaesbealcge (blaasbalg), bruns (brons; bn bronzen), ceol (houtskool), ceolholt (houtskool), col (houtskool), colsacc (kolenzak), forge (smederij), funkan (ww vonken), funke (vonk), fur (vuur), fyr (vuur), fyrpleats (vuurplaats), geatan (gieten), gold (goud), goldsmidh (goudsmid), hofiser (hoefijzer), holmearc (merkteken van maker in smeedwerk), homor (hamer), horssco (hoefijzer), isen (ijzer), isensmidh (ijzersmid), iser (ijzer), isern (ijzeren, van ijzer), maestling (mesling, brons), maestlingsmidh (meslingsmid, bronssmid), onfilti (aambeeld), smidh (smid), smidhan (ww smeden), smidhcole (steenkool), smidhdhe (smidse), smidhery (smederij), smidhgetaw (smeedgereedschap), smidhwerc (smeedwerk), tong (tang), waepensmidh (wapensmid), waepensmidhery (wapensmederij)
3000vC++: Smeedwerk in Egypte.
600vC++: Yzertijd in Europa > PgAng/Yzer
Weyland: Alias Weland, Wayland. Anglische mythologie: yzersmid van de goden. Als een paard een hoefijzer verliest, brengt hij een nieuwe aan als je een muntstuk legt onder een bepaalde steen. #WAB/p84
250vC: Rond 250vC settelen Angelen uit het Vechtdal in Twente. Daar wordt in die tijd al ijzeroer gevonden in de moerassen. In Weerselo is een speerpunt van ijzer gevonden uit circa 200vC. Uit die tijd stammen ook vondsten in Twente van andere maaksels van ijzer. Het lijkt derhalve dat de Angelen in Twente rond 250vC de kunst van het smelten en smeden van ijzer al meester zijn. > Twente
235nC: Rond dit jaar woedt een hevige veldslag in Harzhorn bij Hannover tussen Angelen en Romeinen. Uit vondsten in 2009 blijkt dat de Angelen speren met metalen speerpunten hebben, die ze vrij zeker zelf maken. Deze speerpunten zijn technisch van uitzonderlijk hoge kwaliteit en duidelijk superieur aan die van de Romeinen en Saxen. > Oldenrode
400nC++: Peelo/Drente heeft een eigen smederij. > Peelo
2009: Yzersmederij Angele in Reinstetten (Ochsenhausen in Baden-WŁrtemberg) is de grootste in zijn soort in Europa. Anno 2009 is Johann Angele er directeur. > Angele
** Yzer, Wapens, Techniek, Vuur, Appel, Angele
++ Smederij Bosman (De Kotten, Winterswijk)

Smeedwerk: > Smeedkunst

Snakenbroek:
Familienaam. Komt voornamelijk voor in Apeldoorn. De naam is afgeleid van Anglisch snaca (ringslang) + broc (broek, drasland). Mogelijk ligt of lag er een broekland met die naam in of nabij Apeldoorn.
** AFNA, Apeldoorn

Snakenburg:
Familienaam. Komt anno 2010 voornamelijk voor in Zwolle en Kampen. In de 17e eeuw woonden er ook Snakenburgs in Rijnsburg. De naam Snakenburg is afgeleid van Anglisch snaca (ringslang) + burg (burg, burcht). Vooralsnog is er geen locatie gevonden met die naam, waar de familienaam van afgeleid kan zijn. Bekend:
- Hendrik Snakenburg (1674-1750) dichter te Leiden.
¶ De variante naam Snakenborg komt als familienaam voornamelijk voor in Groningen. In Haaksbergen komt de naam voor als erfnaam.
** Haaksbergen, AFNA

Sneek:
Stad in Friesland. De naam Sneek is een Hollandse benaming. Snits is de Friese naam en derhalve een historische naam die dicht bij de oorspronklijke naam moet liggen. Mogelijk zelfs daarmee helemaal overeen komen.
250vC: Mogelijk wordt de regio rond 250vC bevolkt door Angelen uit de regio Baard. > ASA
100vC-400nC: In 2014 is nabij Sneek een armband gevonden uit circa 100vC. De band is mogelijk van verguld brons. Het lag in een oude veenterp van 30x30 meter. De terp is rond 100vC bewoond door drie generaties. Daarna is er veel activiteit in de buurt. Er wordt o.a. klei gebakken. Circa 350nC wordt de terp opnieuw bewoond door agrariers. Daarna is er geen bewoning meer. #DeTelegraaf 18.6.2014
450nC++: Sinds circa 450nC wordt de terp bij Sneek niet meer bewoond. Dat kan te maken hebben met de Grote Natheid die circa 300nC begint en in 450-550nC zo ernstig is, dat circa de helft van alle Angelen in Angelland migreert naar Brittannia. > P36
500nC++: Ondanks de massamigratie naar Brittannia is circa de helft van de Angelen in Angelland blijven wonen. Velen van hen zijn ter plekke gebleven, anderen zijn verkast naar hogere gronden, weer anderen zijn gemigreerd naar de regio's ten zuiden van de Rijn en Maas. (> MCAB, Demografie) Het is denkbaar dat de regio Sneek in deze periode opnieuw is bevolkt door Angelen uit naburige regio's.
650nC: Bron AWA (1841) schrijft dat in Wynaldum is gevonden een gouden gesp van Anglische stijl, daterend uit de 7e eeuw nC. Dit lijkt te betekenen dat rond 650nC in Wynaldum of daaromtrent Anglische goudsmeden wonen. Sneek ligt hemelsbreed circa 23 Km van Wynaldum. > Wynaldum
800nC++: De Friezen in het huidige Friesland wonen daar pas sinds circa 800nC. (> Friezen) De komst van Friezen in Sneek zal derhalve op z'n vroegst dateren van rond 800nC.
Snits: Aangezien:
- Sneek oorspronklijk rond 225vC lijkt bevolkt door Angelen
- en na de massamigratie van Angelen uit Angelland naar Brittannia in 450-550nC van de achterblijvende Angelen op het Continent ook Angelen zijn blijven wonen in Angelland
- en rond 650nC kenlijk nog Angelen wonen in Wynaldum en mogelijk ook elders in het huidige Friesland > ASA/Friesland
- en Sneek hemelsbreed 23 Km van Wynaldum ligt
- en de afstand Wynaldum-Sneek in circa 5 uur is te lopen
>> kan het zijn dat Sneek rond 650nC (nog) is bewoond door Angelen
>> en kan de naam Snits derhalve zijn afgeleid van Anglisch snidha (snede, kerf, inkeping) + sum (verblijf, woonstee) Dus: de woonstee aan de inkeping.
Kaart RZA/52 (1773) situeert Snits aan een water met de naam Geeuw. Dit water is langgerekt en smal. Het lijkt derhalve op een soort inkeping in het land. Snits kan derhalve betekenen: de woonstee aan het langgerekte meer (i.c. de Geeuw). Deze benaming ligt qua compositie in lijn met de oude Anglische regionamen. > Regionamen

Snelger de Skiramere (c 1250-1310)
Woont in Scharmer op Huis Nyenhoff (= Huis te Scharmer). Genoemd in oorkonde van 1285. (Vrouger mei1998/p34) De naam Snelger is mogelijk afgeleid van Anglisch Snell (mansnaam) + gar (speer).
¶ De Borg in Scharmer: hier stond het steenhuis van de Snelgersma. Mogelijk had dit als voorloper een borghit = versterkte hoeve. (Vrouger mei2004/p33)
** Scharmer

Snelger de Skiramere (c 1361-1421)
Woont in Scharmer op Huis Nyenhoff (= Huis te Scharmer). Genoemd in oorkonde van 1396. (Vrouger mei1998/p34) De naam Snelger is mogelijk afgeleid van Anglisch Snell (mansnaam) + gar (speer).
** Scharmer

Snelheid: (SNH:)
()A aengul (gelijkmatig), arod (snel), cwic (kwik, kwiek), earg (traag), faest (snel), geraede (vlug), gewona (gewoon), laysig (lijzig, traag, lui), naecs (kwiek, vlug, snel, handig), raede (vlug), rap (rap, vlug, snel), raphed (rapheid, vlugheid, snelheid), rapig (=A rap), rapigniss (rapheid, vlugheid, snelheid), saena (langzaam, traag), saenan (talmen), slac (traag), slaw (traag), sleacig (traag, langzaam), slouw (traag, langzaam), smodh (gelijkmatig), smothe (gelijkmatig), sped (spoed, haast), spedan (spoeden, haasten, opschieten), spedig (spoedig), spod (=A sped), spodan (=A spedan), spodig (spoedig), snell (snel), trag (traag)

Snoad van Raayen: (c 65-125nC)
Mogelijk afkomstig uit de regio Arnhem. Settelt rond 100nC met zijn gevolg bij Raayen nabij Elst in de Betuwe, tussen Arnhem en Nijmegen. De regio aldaar krijgt later de naam Snodenhoek.
** Snodenhoek

Snoad van Tuxfeld: (c 465-525)
Alias Snot, stamleider van een groep Angelen die zich rond 500nC settelt in Lace Market bij Nottingham in Mercia. Nottingham zou vernoemd zijn naar hem via Snottingham AVA Snoad, Snot (mansnaam) + ing (volk) + ham (oord) = woonoord van Snot (Snoad) en zijn volk.
¶ Het is denkbaar dat Snoad afkomstig is uit Tusveld in Twente. Immers:
1. Snoad kan zijn afgeleid van Anglisch snoad = snode = stoutmoedig. Snoad (Snot) als mansnaam betekent dus de stoutmoedige.
2. Tuxford is een stad bij Nottingham. De naam is afgeleid van Tuckers Forde, ofwel de voorde bij/van de Tukkers.
3. De naam Tukkers staat voor Twentenaren. Dus mensen uit Twente.
4. Tuckers Forde lijkt dus gesticht door Tukkers uit Twente.
5. De naam Tukkers lijkt afgeleid van Tuxfeld, Anglisch voor Tusveld, een gehucht tussen Borne en Almelo in Twente.
6. De migratie van Angelen naar Brittannia vindt voornamelijk plaats in de periode 450-550nC vanuit Angelland op het Continent.
7. Nottingham ligt in Mercia, een historisch Anglisch Rijk, waar Angelen zich sinds circa 450nC hebben gevestigd vanuit Angelland op het Continent.
8. Uit de informatie over Snoad kan men afleiden dat hij met een groep Angelen van het Continent naar Brittannia is gemigreerd rond 500nC. Zij vestigen zich in de regio die later de naam Lace Market krijgt, een stadsdeel van Nottingham.
Per saldo lijkt het dus denkbaar dat Snoad (Snot) met een groep Angelen uit Twente (mogelijk Tusveld) rond 500nC is gemigreerd naar het gebied in Brittannia, dat later de naam Nottingham krijgt. Mogelijk heeft een deel van zijn groep Angelen zich later gevestigd in de regio die de naam Tuckkers Forde heeft gekregen.
** Nottingham, Tusveld

Snodenhoek:
Bij Elst in de Overbetuwe onder Arnhem ligt het gehucht Snodenhoek. De regio wordt rond 100nC bevolkt door Angelen uit de Zuid Veluwe. De naam Snodenhoek lijkt derhalve afgeleid van Anglisch Snoad (mansnaam) + ing (volk) + hoc (hoek, stuk land).
¶ Gezien het voorgaande was er mogelijk ooit een Anglische leider met de naam Snoad, die zich met zijn aanhang bij Raayen settelde. Mogelijk is deze Snoad van Raayen afkomstig uit Raayen of uit een meer noordelijke streek bij Arnhem.
¶ Snodenhoek is een wijk van circa 500x750M2 groot. Anno 2011 staan er circa 10 woningen met tamelijk grote erven. Opvallend is dat deze woningen duidelijke kenmerken hebben van de Anglisch bouwstijl. In aangrenzend Elst is dat beduidend minder.
** Snoad van Raayen (gb 65nC), Snotingas, Nottingham, AAA, Patrilocalisme, ASA
# FRI (8.5.2011), DAB, KBG

Snorri:
Feitelijk: Snorri Sturluson (1179-1241). IJslandse geeleerde, compilator en dichter. Heeft vele Noordse saga's vastgelegd en erover geschreven.
** Saga's, Inglinga Saga, Edda (Snorri Edda)
# WP, DAB

Snotingas:
Anglisch volk wonend in de regio Nottingham in Mercia, Noord Engeland. Mogelijk zijn ze afkomstig uit Snodenhoek bij Arnhem. Hun naam lijkt afgeleid van Anglisch Snoad (mansnaam) + ing (volk). De stad Nottingham is naar hen genoemd. Mogelijk zijn ze rond 500nC gemigreerd naar Brittinnia vanwege de langdurige natheid in Angelland.
** Snodenhoek, M35

Soarten: > Anglische Landen
Sociale Machten: > SMA
Sociografie: > Woonplekken
Sodom en Gomorra: > Sex

Solidariteit: (SOL:)
()A stowe (opvanghuis), togaedere (tegader, samen, gezamelijk)
Solidariteit bestaat van nature al bij alle wezens die in groepen leven. Zo ook bij de Angelen. Ze ontwikkelt en formuleert zich in de loop van de eeuwen steeds verder. O.a. in broederschap, nabuurschap en armenzorg. > Broederschap, Nabuurschap
650vC-200nC: De Angelen migreren steeds verder van Angeln in Sleswig tot aan de Elbe, Sale en Rijn. (> Angelland) De mensen die in die gebieden al wonen, worden meestal geleidelijk langs natuurlijke weg opgenomen in het Anglische volk en hun cultuur. > Chauken
650vC-950nC: De solidariteit onder de Oude Angelen lijkt vooralsnog pluriform. Tot circa 950nC wonen de meeste Angelen in afgelegen einzelhŲfe. Daarna gaan ze steeds meer bij elkaar wonen. Zo ontstaan de gehuchten, dorpen en steden. De groeiende samenscholing betekent grotere solidariteit. Het is echter de vraag wat die solidariteit in de praktijk inhoudt.
600nC-1600: Slavernij in Anglische regio's. > Slavernij
800nC++: Door de kerstening in Angelland ontstaat een tweedeling: Angalisten en Christenen. De verhoudingen zijn niet erg optimaal. Christlijke priesters vernielen Angale heiligdommen. (> Kerstening) En ze noemen de Angalisten heidenen, kraaien, heksen en kikkers. > Angalisme, Heiden, Heksen, Kraai, Kikkers
1000-1600: Adel en Kerk hebben erg veel macht verworven en onderdrukken daarmee het gewone volk. Dankzij de Verlichting (1600++) komt langzaam maar zeker verbetering. > Kasten, Outlaws, Verlichting
** Deugden, Liefde & Verbondenheid, Trouw, Huwelijk, Nabuurschap, Armoede

Solse Gat: > Drie

Soortnamen:
Balken in huizen, molens, schuren, karren, ploegen, zeisen en andere houtwerken hebben in het Anglisch vaak een eigen afzonderlijke soortnaam afhanklijk van hun aard of functie. Akkers en weiden hebben normaliter ook een eigen soortnaam. # SNS/p104, KBG

Sonsbeek: >Arnhem

Sop:
()A op (=A sop) sop (berg, heuvel, hoogte, top)
Sop = Oud Nederlands: top, punt, tepel. (WMN)
Sop komt voor in de locatienaam Pasop in Midwolde/Groningen, . Maar ook in Noord Engeland in de plaatsnamen:
- Blenkinsopp (Cumbria, NW Engeland)
- Glossop (bij Manchester)
- Jessop (bij Sheffield)
- Warsop
- Worksop (bij Mansfield
Dit kan duiden op migratie vanuit NO Nederland naar Noord Engeland. Aangezien het noorden en midwesten van Engeland overwegend Anglisch is van origine, betekent dat vrijwel zeker dat Midwolde in de grote migratieperiode 450-600nC een Anglisch gebied is. Dat stemt overeen met het feit dat in het noordelijk gelegen Humsterland in diezelfde tijd ook Angelen wonen.
Massop: Familinaam afkomstig uit de Oude Ysselstreek. De familienaam Mastop komt ook voor. Deze variant bevestigt dat sop = top.
** Pasop, TEHA, Hengevelde, Englefield, Migratiewaarden

Spaldingas:
Anglisch volk wonend in Spalda (Oost Mercia), overeenkomend met het huidige Spalding in Lincolnshire. Rond 750nC omvat hun gebied 600 hides (= 30 Km2). Mogelijk zijn ze afkomstig van Speulde, een Anglische nederzetting op de NW Veluwe. De naam Speulde is namelijk identiek aan Spalda. Beide namen zijn afgeleid van Anglisch spald, spyld = stuk uitgehakt bos = WA speuld, spald, spoold.
500nC: Mogelijk zijn de Spaldingas rond 500nC vanuit Speulde via het Ysselmeer gemigreerd naar Brittannia vanwege de langdurige natheid in Angelland in 300-550nC. > P36 (De Grote Natheid), TEHA (Vaarwegen)
** Speulde

Spankeren: (SPK:)
Dorp bij Dieren op de ZO Veluwe, gelegen aan de Yssel. Spankeren heet naar zeggen oorspronkelijk Pankeren. De S is daar later aan toegevoegd om nog onbekende reden. Pankeren lijkt afgeleid van Anglisch panc, ponc = poel, moeras. De locatie lijkt drooggelegd, maar is deels inderdaad nog drassig. #FRI/2014
200vC: De regio wordt rond 200vC bevolkt door Angelen uit de regio Voorst. (> ASA) De naam Spankeren kan derhalve zijn afgeleid van Penceras, een Anglisch volk in Engeland.
500nC: Mogelijk zijn de Penceras afkomstig uit Spankeren en zijn ze ergens rond 500nC gemigreerd naar Brittannia vanwege de langdurige natheid in Angelland. Aangezien de migrerende Angelen via o.a. de Yssel zijn gemigreerd, lijkt deze optie zeer wel mogelijk. Spankeren ligt immers in die tijd al aan de Yssel. > Penceras, P36 (De Grote Natheid), TEHA (Vaarwegen), Yssel
--- Penzance: Regio in ZW Engeland. Deze regio lijkt al vroeg bevolkt door migranten uit de Lage Landen. (> TEHA) Mogelijk is de naam Penzance een afleiding van de naam Penceras.
Vluchtoord: Een andere optie lijkt dat Spankeren is afgeleid van Anglisch spancara = spanker = vluchtoord. Spankeren lag vroeger in een tamelijk groot moerasgebied. Als zodanig kan Spankeren dus van oorsprong zeker een vluchtoord zijn geweest. > Moerasvolk
1773: Op kaart RZA/1773 is de regio Spankeren aangegeven als laagveen met her en der enige hoogtes. Anno 2014 zijn die kenmerken nog goed te zien. (#FRI) Als zodanig kan Spankeren dus van oorsprong zeker een vluchtoord zijn geweest. > RZA
¶ Inspectie ter plekke leert dat de regio Spankeren inderdaad heuvelig is en dat de dorpskern in een soort kleine geuldal ligt. (#FRI 10.8.2014) Zulks is vaker te zien: de hoogte in gebruik voor landbouw of veeteelt, terwijl de huizen zelf lager en nabij of aan het water liggen. > Nederzettingen

Spanning: > Stress, Ontspanning, Relaxen

Specerijen: (100vC++; SPC:)
()A piper (peper; bn duur), pipor (=A piper), spesere (kruidenier, apotheker), spesery (kruidenier, kruidenwinkel, apotheek), spesi (specerij, kruid), spesig (pittig, kruidig), wyrt (wortel, specerij, kruid)
¶ Specerijen zijn plantdelen die na drogen en bewerken aromatisch smaken en ruiken. Ze worden toegevoegd aan gerechten en dranken om de smaak te verhogen en aantreklijker te maken. Ze zijn afkomstig uit tropische en subtropische gebieden.
Soorten: cayenne, foelie, gember, kaneel, kardamom, kerrie, kruidnagel, kurkuma, laurier, mosterd, muscaat, paprikapoeder, peper, piment, saffraan, steranijs en vanille.
100vC++: Peper is al rond 100vC bekend in Europa. Ze wordt door Grieken aangevoerd uit India.
100nC Tacitus: Bij de West-Germanen krijgt crematie geleidelijk de overhand tot in de eerste eeuwen van de jaartelling. Dit blijkt uit opgravingen en een tekst van Tacitus: Bij begrafenissen heeft geen ijdele praal plaats; alleen zij opgemerkt dat men de lijken van beroemde mannen met bepaalde houtsoorten verbrandt. De brandstapel overladen zij noch met een deken noch met specerijen; aan allen worden wapens, aan sommigen ook hun paard meegegeven. (#NEM/p18) Maw: specerijen zijn in 100nC al ruime tijd bekend in Angelland.
** Peper, Kruiden, Apotheken

Speelgoed: > Spelen
Speer: > Angon, Wetsteen

Spelen:
()A cinan (kienen, kienspel), hincapinc (hinkepink; # kinderspel met steen en doos), hinclan (hinkelen; # kinderspel), hop (hoepel), hoppan (hoepelen), poup (pop), scacan (schaken), spilian (spelen, vrolijk bewegen, dansen), spylan (spelen), spylhus (theater), spylplaese (speelplaats), tusan (stoeien)
2300vC++ Go: spel in China
300-600nC: Uit opgravingen in heel Nederland blijkt dat de Donkere Middeleeuwen tamelijk rijk en welvarend zijn. In graven en op offerplaatsen zijn o.a. gevonden: huisraad, speelgoed, munten en wapens. #DeTelegraaf/2.5.2014 > Donkere Middeleeuwen
500nC++: Maya's in Zuid Amerika spelen het balspel. #MAXtv/Guatamala/ Erica Terpstra 1.8.2016
750nC: In Aalsum/Gro is een archeologische vondst gedaan bestaande uit een urn met crematieresten en meeverbrande bijgaven, waaronder een benen dobbelsteen en 10 speelschijfjes, alles uit circa 750nC. Aalsum wordt rond 400vC bevolkt door Angelen uit de nabijgelegen regio Fivelingo.
** Dobbelen, Vermaak

Spelletjes: > naam, Spelen, Vermaak

Spelt:
Anglisch: spelt, aemel. Soort tarwegewas afkomstig uit Afrika. Sinds circa 400nC verbouwd in NW Europa.
** Graan, Gewassen, Landbouw

Speltbrood:
Anglisch: spelbread. Wordt gemaakt van spelt. Goed voor de gezondheid.
** Consumptie

Spelvarianten: btr Anglische taal > SVA

Speulde:
Gehucht op de NW Veluwe. Mogelijk rond 100vC bevolkt door Angelen uit Uddel. De naam lijkt derhalve afgeleid van Anglisch spyld, spald = stuk uitgehakt bos; WA speld, speuld, spald, spoold.
** Spaldingas

Spiegels:
3000vC++ Egypte: Dagblad De Telegraaf 4.5.2012 schrijft over een tentoonstelling in het RMO te Leiden (mei-sep 2012): "Op vrijwel elk voorwerp uit het oude Egypte staan bloemen, planten of fruit afgebeeld. Op spiegels, zuilen, vaasjes, en zelfs op wapens als dolken en messen, maar vooral op offertafels, wanden van grafen en mummiekisten staan bloemenkransen en soms complete tuinen. ... Hoe de Egyptische tuinen de Grieken en Romeinen en veel later de kunstenaars uit de art-noueveauperiode inspireerden, zien we in de laatste vitrine."
200vC++: In Wetwang (NO Yorkshire) is in 2013 gevonden een spiegel gemaakt van metaal (brons?), versierd en gevoerd met bruinrood otterhuid. De vondsten zijn gedateerd op circa 200vC. Archeologen denken dat spiegels werden gezien als vensters naar een andere wereld. Temeer daar mensen in die tijd:
- geloven dat meren een medium zijn tussen de aardse wereld en de andere wereld
- en dat otters heilige dieren zijn die tussen deze wereld en de andere (diepere) wereld heen en weer zwemmen.
(#BBC4tv Wetwang 21.1.2014) > Zielkunde
200nC++: Spiegels van metaal in China en Brittannia. BBCtv/BargainHunt 3.2.2016

Spieker:
Anglisch: spicer. Voorraadschuur op palen, waarin graan, rogge, aardappels of andere agroproducten werden bewaard. Ze komen al voor in 300vC. De bouw op palen was bedoeld om roof door muizen of ander ongedierte te beletten en om vochtvorming te voorkomen. Boerderijen hebben in het verleden vaak diverse spiekers op het erf staan voor het bewaren van agroproducten.

¶ Havezathe Beverborg in De Lutte (Twente) is reeds lang geleden in verval geraakt en daarna afgebroken. Er zijn vooralsnog bar weinig resten gevonden. Op foto rechts (1971) is de zgn moezenspieker van Lutke Beverborg te zien. Daarin werd graan opgeslagen. De spieker bestaat uit een zwart geteerd vakwerkskelet, opgevuld met bakstenen. Ze is gebouwd op sokkels (Bentheimer stenen) om muizen tegen te houden. Vandaar de naam moezenspieker.
De spieker dateert uit de 18e eeuw. Ze is dusdanig groot, dat geconcludeerd mag worden dat Lutke Beverborg in die tijd zeker veel land in bezit heeft.
@ foto moezenspieker Courtesy VDI
** Boerderij, Hijken (hoeve 300vC), Dongen, Didam (350nC)
 

 

 

Spinnen:
()A spinel (spoel, klos), spinnan (spinnen = draden maken van ruwe wol), spinnere (spinner), spinnery (spinnerij), spintol (spintol = kleine bolle steen met gat waardoor wol met de hand wordt getrokken en gesponnen tot een draad), spinweol (spinnewiel), taesan (tezen = wol pluizen, trekken, plukken), tolspinnan (tolspinnen = spinnen met een spintol), waeterwull (waterwol = lage kwaliteit wol), wull (wol), wullcomb (wolkam = kam om woldraden te scheiden)
 
4000vC: Ontwikkeling van het spinnen en weven. Beide zijn pure handwerk.
4000vC++: Tolspinnen. Anno 2012 gebeurt dat nog in Zuid Amerika en India.
1050nC: Uitvinding van het spinnewiel.
1850nC: Tot dit jaar blijven spinnen en weven pure huisvlijt. Daarna begint de mechanisatie van spinnen en weven in textielfabrieken. O.a. in Twente. De Engelsman Ainsworth geeft daartoe een sterke impuls in Goor.
** Wol, Schapen, Garen, Weven

Spionage: (SPN:)
()A diegol (geheim, verborgen), diegollic (heimelijk), earwicga (luistervink), gabbelan (stiekem praten, fluisteren), gloran (gluren), gloweran (gluren), glupan (gloepen, gluren), glupe (gluurpost, heimelijke waakkpost), gloweran (gluren, begluren), lupan (gluren, loeren), lupere (gluiperd, gnieperd), luphol (kijkgat, schietgat), luran (loeren, bespieden), lurere (loerder, spion), narc (spion), peapan (gluren), peaphol (piepgat, gluurgat), prollan (rondhangen, spioneren), scaflan (schaffelen, rondhangen, loeren), snecan (kruipen, gluren), snecig (kruiperig, gluurderig), spai (spion), spaian (spieden, bespieden, spioneren), spian (spieden, bespieden, spioneren), spie (spion), spican (spieken, gluren, afkijken), spichol (spiekgat, kijkgaatje in deur e.d.), stolic (steels, heimelijk, stiekem)
900nC++: Veel spionnen op boten tussen Nederland en Engeland.

Spiritualisme: > Geesten
Spoken: > Geesten

Spontaniteit: (SPT:)
¶ Spontaniteit is mooi, goed en gezond zolang 't veilig is. De meester is zorgvuldig en volgt de goede weg. Meer of beter kan een mens waarlijk niet doen. #SRK
** Losheid, Gedrag

Sporen: btr Angelen in Angelland > HASA
Sporenlijst: btr aanwezigheid Angelen in Angelland > SEBA

Sport:
()A bal (bal), battan (soort balspel), batte (slaghout), boggle (geest, spook), caetsan (kaatsen), caetse (kaatsebal), caetsballan (kaatseballen), clout (bal, kogel), cloutan (ballen, balspelen), cloutsceotan (klootschieten; # balspel), dolcusan (soort balspel), feohtan (vechten), gamen (spel, dobbelspel, sport), gamenian (spelen, sporten), oferman (scheidsrechter), pallyamalle (paljebaan), pallyan (soort balspel), peadlan (peddelen, roeien), ranan (rennen, lopen, rijden), ridan (paard rijden), rydan (=A ridan), rydar (ruiter), sayl (zeil), saylan (ww zeilen), saylbot (zeilboot), saylere (zeiler), scacan (schaken), scurran (scheuren, hard rijden), scurre (soort paardekar), sige (zege, overwining), sigor (winnaar), skaet (schaats), skaetan (schaatsen), spirweorpan (speerwerpen), sprint (sprint), sprintan (sprinten, hard lopen), swimman (zwemmen), wreastlian (worstelen)
2000vC++: In Egypte wordt een soort honkbal gespeeld blijkens enige hiŽroglieven in een piramide aldaar.
776vC++: Olympische Spelen in Griekenland
1545: De golfsport lijkt ontstaan in Afferden, dat in 1545 in hertogdom Gelre ligt. Golf lijkt dus niet ontstaan in Schotland, zoals wordt beweerd. Daar wordt golf pas in 1636 beschreven. De Nederlandse humanist en geleerde Pieter van Afferden beschrijft als eerste deze sport, die toen nabij Afferden werd gespeeld. Deze Pieter heeft zijn roots in Afferden. Aldus de Duitse wetenschapper Heiner Gillmeister. Op de golfbaan van Afferden is een buste van Pieter geplaatst. #DeTelegraaf 6.6.2014
** Vermaak, Vechten

Spreekrecht: (SRT:)
btr in vergaderingen, e.d.
¶ Anglisch yearig = mondig, volwassen = recht van spreken; ON jarich
¶ Bomen zijn vaak vergaderplekken in diverse oude culturen. (> Bomen) Alleen zij die spreekrecht hebben mogen daaraan deelnemen.
- De Oude Angelen vergaderen normaliter in bossen, bij voorkeur in eikenbossen.
> Grollerholt, Dingplaatsen
- Maleis bitjara = bespreken. Dat gebeurt in oude tijden vaak onder een grote boom.
- Australisch Aboriginal yarra = spreken; boom
Mogelijk heeft e.e.a. te maken met de geborgenheid en wijsheid die bomen uitstralen. Dat geldt vooral voor oude bomen.
Dat bomen vaak vergaderplekken zijn in oude culturen heeft mogelijk te maken met de wijsheid en geborgenheid die ze uitstralen. Vooral grote ouden beuken en eiken. En grote wariginbomen in Indonesia.
** Dingplaatsen, Eiken, Wouden

Spreken:
()A aet spraece (ter sprake, aan het spreken), berecan (recht spreken, besturen), besprecan (bespreken), cosan (vertrouwelijk spreken), cwethan (kwetteren, spreken, zeggen, noemen, roepen), cwethe (gekwetter, gesprek, bewering, geroep), forespreacan (voorspreken, voorzeggen, voorspellen), gabbelan (stiekem praten, fluisteren), gretan (groeten, aanspreken), maelan (malen, dwaze taal spreken), matholadan (mateloos spreken, oreren, malen), praetbul (kletskous), prumblan (mompelen, murmelen, onduidelijk spreken), rabblan (rebbelen, wartaal spreken), refan (rechtspreken), specan (spreken), spece (spraak, toespraak, taal), specere (spreker), spellian (spellen, spreken, verkondigen), spraecan (spreken), spraece (spraak, taal), spraecere (spreker), spraechund (spreekhond = hond om tegen te spreken; bv bij eenzaamheid), spreacan (spreken), spreacere (spreker), sprecan (spreken), sproec (spreuk), whispelan (slissen, sissen), whisprian (fluisteren, fluiten, slissen), widhsacan (weerspreken, tegenspreken, ontkennen), talu (taal), talu (spreken), talu (vertelsel, verhaal), widheran (weerspreken, tegenspreken), word (woord)
** Taal

Sprookjes:
Hoe waar of onwaar zijn sprookjes? Reuzen en draken lijken echt bestaan te hebben.
> Reuzen, Draken, Overleveringen

Spijk: > Spijk/Bierum, Spijk/Rijn

Spijk/Bierum:
Alias: Spik (1150nC), Spyc, Spiic, Spick, Spiek. Wierdendorp in NO Groningen. Reeds bewoond rond 550vC. Rond die tijd wordt de regio bevolkt door Angelen uit Oldambt. De naam lijkt derhalve afgeleid van Anglisch spic (scherpe punt). Naar zeggen zo genoemd naar de scherpe punt in de kust van de Waddenzee aldaar.
¶ Kaart FBZ/p31 is een reconstructie van de geografie van Noord Groningen rond 1050nC. (> Fiveldore) Op deze kaart is te zien dat Spijk (Spik) ingeklemd ligt tussen twee taken van een zijrivier van de Delf. De regio ligt in de hoogste bocht van de NO kust van Groningen. Mogelijk dat dit de spik (spic) werd genoemd.
¶ In de NH Kerk aan 't Lough te Spijk zijn vrij veel grafzerken versierd met een wapen met drie klavers 1-2 geplaatst. Deze plaatsing komt veel voor in een Anglische context. (> H12K) Dit lijkt te bevestigen dat Spijk een oude Anglische nederzetting is. > Patrilocalisme
# NGE, FBZ, DAB, KBG, FRI

Spijk/Rijn:
Spijk aan de Rijn heet rond 400nC Herispich AVA heri (leger) + spic (brug). Er ligt daar dus een legerbrug die beide oefers met elkaar verbindt. Geonamen hebben tijd nodig om bekend te worden. De brug kan dus mogelijk van oudere datum zijn.
¶ Offa van Angeln trekt met zijn leger rond 405nC mogelijk via Ulft in de Liemers naar Spijk waar hij de Rijn oversteekt en verder trekt naar Nijmegen. > Offa van Angeln

Staat: > Staatskunde
Staatsbestuur: > Landinrichting
Staatsdoelen: > Staatskunde
Staatsinrichting: > Landinrichting

Staatskunde: (STK:)
()A staet (staat, stand, toestand, land)
¶ Staatskundig gezien omvat een staat een grondgebied (territorium, land) waar een volk leeft dat wordt bestuurt door een regering die zorgt voor de algemene belangen van het hele volk. > Anglisch Rijk
Algemene Belangen: Tot de primaire algemene belangen worden vooral gerekend: Vrijheid, Democratie, Rechtvaardigheid, Welvaart, Solidariteit en Veiligheid. Mensen moeten zich vrij, veilig en happy kunnen voelen en daar ook aan meewerken. Daarnaast moeten ze in democratie, rechtvaardigheid en solidariteit met elkaar kunnen leven. M.a.w.: hun leefwereld moet leefbaar zijn. > Vrijheid, Veiligheid, Democratie, Welvaart, Rechtvaardigheid, Solidariteit, Leefbaarheid, Happiness, Tolerantie, Barmhartigheid
--- 2014: De Britse premier David Cameron roept in de VN-vergadering te New York op tot Freedom, Democracy and Justice ofwel Vrijheid, Democratie en Rechtvaardigheid ivm het religieus geweld in het Nabije Oosten. #NOS Journaal 25.9.2014
Angelland: Wat het Anglisch Rijk door de eeuwen heen allemaal doet voor het land en volk is vooralsnog niet helemaal duidelijk. Wel zijn vrijheid, veiligheid en gerechtigheid belangrijke factoren. Van welvaart en solidariteit is dat nog niet echt helemaal duidelijk.
Bestuur: Het bestuur van Angelland ligt primair in handen van de Koning en de Witan. (> Witan) De Witan is een Raad van Wijzen onder leiding van de Koning. Hun besluiten worden uitgevoerd door staatsdienaren en lagere bestuurscentra. > Landinrichting
** Witan, Rechtspraak, Leger, Schatbewaarder

Stabiliteit: (STB:)
¶ Het leven is veranderen en veranderen is leven. De meester volgt de goede weg en bereikt het hoogst bereikbare. #SRK
¶ Het leven is vallen en opstaan. Wie de goede weg blijft volgen, die zal veel bereiken. De meester is geduldig en bereikt het hoogst bereikbare. #SRK
¶ Ware stabiliteit brengt rust en zekerheid. Ware stabiliteit is goed voor het gemoed. Ware stabiliteit is goed voor het welbevinden. Ware stabiliteit is goed voor de happiness. #SRK
¶ Ware stabiliteit brengt heil en zegen. De meester is zorgvuldig en volgt de goede weg. Want de goede weg brengt welgaan en happiness. #SRK
¶ De stabiliteit in Angelland wordt gerealiseerd door goede normen en informatie.
** Eawa, NEW, Rechtvaardigheid, Rechtshandhaving, Solidariteit, Telecom

Stad & Ambt: (SEA:)
Gemeentelijke indeling in de prť-Napoleontijd. In Overijssel o.a.: Stad en Ambt Almelo, Stad en Ambt Delden, Stad en Ambt Hardenberg, Stad en Ambt Vollenhove, Enschede en Lonneker, Zwolle en Zwollerkerspel, Ootmarsum en Denekamp, etc. #KUOZ/p61

Stadlohn: > Loon
Staffordshire: > PgBrit

Stam:
()A cynn (kinne, clan, volk, stam, volksstam), kinn (=A cynn), kunn (=A cynn)
¶ Doorgaans zijn mannen van eenzelfde stam of volk vaderneven en stammen ze af van een gemeenschappelijke oervader, ofwel stamvader. Bij de Angelen is dat Ingwi. > Neven, Ingwi
** Onderstammen, Volk, Patrilocalisme, Tribalisme

Stambewustzijn:
I.c. het bewustzijn van de Anglische identiteit. Hoe sterk dit bewustzijn bij de Angelen is in de loop van vele eeuwen, is vooralsnog onbekend. Feit is dat de Teutonen al circa 350vC spreken over Anglisko. Of de Angelen zichzelf al zo noemen, lijkt niet onwaarschijnlijk. (> Angelen) Welke waarde hun naam en hun identiteit voor hen heeft, is voralsnog evenzeer onbekend. Het valt aan te nemen dat de Angelen van meet af aan bewust zijn van hun herkomst en kwaliteiten en dat ze daaruit een zeker eigenwaarde hebben verkregen. Dat zal mogelijk van persoon enigermate verschillend zijn geweest, maar een zekere stambewustzijn zal wel bestaan hebben. Dat was toen ook een zekere voorwaarde voor het gevoel van samenhorigheid en derhalve van voortbestaan.
** Anglisko, Angelen, Stamleven

Stamleven:
Onder stamleven valt te verstaan het leven van mensen in een volkstam. Het is vooralsnog onbekend wat het stamleven bij de Angelen in Angelland inhield. Hoe close was dit leven? Hoe en door wie werd hun leven bepaald?
¶ De Angelen verspreiden zich rond 600vC steeds verder naar het zuiden. Rond 150vC wonen ze aan de oevers van de Rijn, de Elbe en de Saale. Dit gebied werd echter tegelijkertijd ook bewoond door andere, kleinere volkstammen binnen een eigen encalve. We mogen dus aannemen dat de Angelen in Angeeland wonen in diverse enclaves verspreid over heel Angelland.
¶ Stamland Angeln in Sleswig (Noord Duitsland) was de oudste Anglische enclave. Vandaar verspreiden de Angelen zich naar het zuiden. De hoofdstad van Angeln was Haithabu, sinds circa 1000nC Sleswig genoemd. De Anglische koningen wonen daar en daar vergadert ook de Witan, de Raad van Wijzen (Witas).
¶ De leiders in Angeln blijken doorgaans goed op de hoogte wat er in Angelland gebeurt. Ook blijken ze vanuit Haithabu acties te organiseren. O.a. om het koninkrijk te verdedigen of om mensen en militairen te sturen naar Brittannia en dat eiland geleidelijk te koloniseren.
¶ De vraag blijft over hoe de Angelen in de Anglische enclaves buiten Angeln leven en in hoeverre de Anglische leiders in Haithabu het leven van de Angelen buiten Haithabu en Angeln reguleren. Ook is onbekend hoe de contacten tussen de externe Anglische enclaves onderling zijn en wat die contacten allemaal inhouden.
¶ Gezien de massamigraties vanuit diverse delen van Angelland naar Brittannia in de periode 400-500nC mag worden aangenomen dat er zeker onderlinge contacten zijn tussen alle Anglische enclaves. Men zal elkaar kennelijk verteld hebben dat de Romeinen uit Brittannia waren vertrokken en dat aldaar nu veel en goed land leeg was en makkelijk te bezetten om er zich duurzaam te settelen. Die onderlinge contacten zullen zeker al vůůr 400nC bestaan en zeker ook na 500nC, toen ruim 1/2 van de Continentale Angelen was gemigreerd naar Brittannia.
¶ Hoe een Anglische enclave intern is georganiseerd blijft vooralsnog onbekend. Het lijkt waarschijnlijk dat zo een enclave bestaat uit een aantal verspreid liggende nederzettingen, mogelijk inga's genaamd. Een inga bestond dan mogelijk uit een soort dorpshoofd met zijn volk. Daaraan hebben we dan de vele namen op -ing te danken. Zoals Assing, Breuking, Wassing, Wissing, etc. Assing is dan een nederzetting (volk) waarvan ene Aesc (mansnaam) de oorspronkelijk stamvader is, c.q. het eerste hoofd van de nederzetting. Zijn nazaten noemen zich dan Assing.
¶ Door de bevolkingsgroei in de loop van vele jaren ontstaan uit de inga's de dorpen. Elk dorp omvat dan enige inga's, van wie de hoofden regelmatig vergaderen om gezamenlijke problemen op te lossen. Sommige dorpen boeren goed en groeien dan uit tot steden.
¶ Na verloop van vele jaren besluiten enige bij elkaar liggende dorpen en steden tot samenwerking en zodoende ontstaan de zgn gewesten. Elk gewest omvat dan enige dorpen en steden, die samen hun problemen oplossen. Zulke gewesten kennen we anno 2010 als Berkelland, Slingeland, Montferland, etc.
Door de massamigratie van Angelen naar Brittannia in 400-500nC verzwakt de positie van de achtergebleven Angelen tegenover de Saxen en Franken. Tot circa 800nC weten ze nog goed stand te houden, maar daarna worden de Angelen deels onderworpen door de Saxen en Franken. Daarna komen ze onder wisselende macht van diverse staten, waarin ze staatkundig uiteindelijk opgaan. De Anglische macht wordt versnipperd en overwoekerd. Het Anglische zelfbewustzijn sterft. De Anglische identiteit raakt in de vergetelheid.
** Stambewustzijn, Angelland (Bewoning), Witan, Koninkrijk, Anglische identiteit, Ontangeling

Stamlijn: > Stamlijn Angelen
Stamlijn Angelen: (SAN:) > SLA, Afstamming

Stammen: > Onderstammen, Stamnamen

Stamnamen:
¶ Angelen: afgeleid van stamvader Ingwi (Inge) via de reeks Ingwilund > Ingelund > Angelund > Angeln > Angelen. De grondvorm Inge is nog o.a. terug te vinden in Ingleby (N. Yorkshire) en Ingelheim (Duitsland) > HSA
¶ Hardinga's: mogelijk afgeleid van stamvader Hardi (Haerdi) = de Sterke. > Hardinga
¶ Saxen: afgeleid van saexe = soort kromzwaard. Saxen kenmerkten zich kennelijk door het bezit van saexen en waren kennelijk zeer bedreven in het zwaardvechten. > Saxen

Stamoudsten: (STO:)
In vele oude culturen spelen stamoudsten een belangrijke rol. Wat hun positie en hun taken inhouden is vooralsnog niet bekend. Evenmin in relatie tot de stamleider of het stamhoofd. Hoe e.e.a. bij de oudste Angelen was geregeld, is vooralnog evenmin iets bekend. Wel is de term ealdorman (mv ealdormen) bekend, wat zoveel betekent als hoofdeling, bestuurder of leider; ON en AS/Gro olderman.
2010: Bij de Nasa-Indianen in Columbia nemen goden en geesten anno 2010 nog steeds een belangrijke positie in. Tijdens een massademonstratie tegen de regering anno 2009 scanderen ze luid:

Leve Moeder Aarde
Leve de stamoudsten die ons dienen
Leve de goden die ons regeren
Leve de geesten
Leve de sjamanen die ons helpen
Hoewel de meeste Nasa anno 2010 Katholiek zijn, blijkt uit hun leuzen dat het oude geloof toch nog een primaire rol speelt. Interessant daarbij is de rangorde: Moeder Aarde, stamoudsten, goden, geesten en sjamanen. Deze figuren lijken universeel.

Stamvrede: (STV:)
Een begrip in de Germaanse tijd, die betrekking heeft op de sociale en juridische vrede binnen een stam. Juridische conflicten en sociale onvrede hebben veel met elkaar te maken. Schendingen van het recht veroorzaken namelijk veel boosheid bij mensen, of zelfs geweld. Rechtsherstel is daarom van grote betekenis. Alleen dan is immers weer vrede te bereiken. Deze vrede kan dan weer leiden tot herstel van orde en gezag en tot verdere bloei van de gemeenschap. Daarom neemt de stamvrede zo een belangrijke plaats in bij de Germanen.
2016: Jordania is een land in het Nabij Oosten. Ondanks de vele onlusten en oorlogen in omringende landen is Jordania een oase van rust en vrede. Dat heeft te maken met het overheidsbeleid van Power of Humanity and Peace. De Jordaanse overheid luistert goed naar alle verschillende bevolkingsgroepen en zorgt in haar beleid dat zoveel mogelijk recht wordt gedaan aan al hun wensen. Daardoor heerst er al decennia lang een klimaat van stabiele rust en vrede. Indirect zorgt dit beleid ook voor duurzame welvaart en tevredenheid. #MAXtv/EricaTerpstra 24.4.2016 > Menslijkheid, Humanisme, Vrede
** Rechtspraak, Gerechtigheid, Rechtvaardigheid, Democratie, Vrede, Tolerantie

Stank:
()A stenc (stank), stencan (stinken), stenccrod (stinkkruid), stencig (stinkig, stinkend), stincan (stinken), walem (walm)
1823: Vele locaties in Nederland worden geteisterd door enorme stank. (# Jacob van Lennep) Mogelijke oorzaken: rook van kachels, fabrieken, varkensboerderijen, modderpoelen, slechte afwatering, windstilte, warm weer, etc. Mensen gebruiken snuifdoosjes om stankaanvallen te weerstaan.

Status:
()A aenta (tante), ancenned (enig kind), anlup (ongehuwd), arweorth (eerwaarde), baes (baas), bairn (baby, kind), bearn (geborene, baby, kind), beddnot (bedgenoot), bloce (flinke jongen, kerel), beorger (burger, stedeling), bowman (landman, landbouwer), brothor (broeder, broer), bulbas (bullebas, woeste kerel), calle (liefje), cild (kind), cind (kind), cniht (knecht, jongeman, ridder), croenig (vriend, kameraad, kornuit), cynne (=A kinn), dearn (deerne, jonge meid), dohtor (dochter), domne (heer, landheer), dros (drost = rechterlijk ambtenaar), dryhten (heer), ealdorbiscop (hogepriester), ealdorman (hoofdeling, bestuurder, leider, edelman), ealdorpreost (hogepriester), ealdors (ouders), eam (oom), eama (tante, zoogmoeder), eorl (vorst, krijgsleider), faeder (vader), faemce (meisje, jonge meid), faemne (maagd), feolaga (makker, kameraad, collega), feond (vijand), fera (gezel, metgezel, maat), fiend (feond), findling (vondeling), forainere (vreemdeling), forealdar (voorouder), forealdars (voorouders), fraw (vrouw), frea (vrije, heer), freaman (vrijman, vrije), freond (vriend), frigea (=A frea, freaman), frona (vrone, vroon, heer), fulwaessan (volwassen), fyrmest (eerste, baas, chef), gaebber (gabber, makker, kameraad), gegada (gegadigde, gade, gezel, partner), gemaecca (makker), geniht (nicht), geongling (jongeling), gewiss (bondgenoot), godfaeder (peetvader), godsunu (peetzoon), gyr (kind), gyrle (klein kind, meisje), har (grijsaard), heir (=A her), her (heer, landeigenaar), herscop (heerschap, landsheer, leenheer), hlaedige (=A laedige), hlaford (broodheer), hulc (boerekinkel, groffe boer), hwilum (bn wijlen), inga (volk, gevolg, aanhang), juffre (juffrouw, jongedame), kinn (kinne, bloedverwant, familie, groep, volk), kunn (=A kinn), lad (jongen, jongeman), ladde (dienstman, jongen), laedige (jongedame, vrijgezelle dame), laet (horige, lijfeigene, onvrije), lesce (meisje), -ling (horend bij, iemand van), maeccar (makker, maat, genoot), maegester (meester), maeget (maagd), maegh (bloedverwant), maeghdom (verwantschap), maester (meester), magu (zoon), maica (meisje), manwif (vrouw), megid (meid), meoce (moeke, moedertje, oud vrouwtje), miss (=A joffre), modor (moeder), modra (moeder), moy (tante), moysunu (neef = zoon van tante), mudhig (mondig, meerderjarig), mul (halfbloed), mundbora (voogd), mutha (moeder), myge (jongen, jongeman), nefa (neef), nefas (neven = mannen met dezelfde voorvaders), nenne (oude vrouw), ofspring (kinderen, nazaten), outa (oudje, grootmoeder), owa (ouwe, oude), papa (vader, paus), paws (paus), ricman (rijkaard, aanzienlijk persoon), scaelc (dienaar, knecht, bediende), scatha (vijand), smaelhere (smalheer = ambachtsheer van klein gebied; pleegt rechtspraak in kleine zaken en int belasting), snaca (snaak = jonge jongen), snoru (schoonzuster), soonan (zoenen), staeg (vrijgezel), steff- (stief-), steffsunu (stiefzoon), stemn (stam), steop (stief-; vb stiefvader), stoat (staat, waardigheid, rang), stoat (aanzien, eer), stoat (hermelijn; # bont), sucling (zuigeling, baby), sun (zoon), sunu (=A sun), swagor (zwager), sweader (schoonvader), sweostor (zuster), swettnot (buurman), thegn (dienaar, leenman), thorpman (dorpeling, boer), unmudig (onmondig, minderjarig), upfaeranda (nieuwkomer), uter (vreemdeling), weda (weduwe), wede (weduwe), wedfraw (weduwe), wedwe (weduwe), weso (wees, weeskind), widewe (weduwe), wif (wijf, vrouw, echtgenote), wifman (vrouw), wiht (wicht, meisje), wimod (grijsaard, ouderling), win (vriend), wine (vriend), winne (pachter), wyn (vriend), yeman (=A yoman), yoman (vrije boer, landeigenaar, hereboer, jonker), yongen (jongen, broer)
** Mensen, Familie, Vrije Mannen, Adel, Koningshuis, Bestuur, Leger, Beroepen, Relaties, Kerken

Staverden:
Gehucht bij Ermelo op de Noord Veluwe. Anno 2005 telt Staverden 40 inwoners. De regio Ermelo wordt rond 100vC bevolkt door Angelen uit West Salland. (> ASA) De naam Staverden lijkt derhalve afgeleid van Anglisch stea (stee, stede) + ford (voorde = doorwaadbare plek in beek of rivier). Staverden betekent dan oorspronkelijk de stee bij de voorde.
¶ Staverden ligt volgens kaart RZA/p32 (1773) inderdaad nabij een rivier of beek. Dit blijkt te zijn de huidige Staverdense Beek, die door de eeuwen heen nogal van loop veranderde.
¶ Met de stee (stede, woning) zal kasteel Staverden zijn bedoeld. Het huidige kasteel dateert van 1905. Voordien stond er een kasteel uit 1290, gebouwd door graaf Reinoud I van Gelre. Eerder kan er een motte hebben gestaan. Een motte is het prototype van de latere kastelen. Ze dateren uit al uit 100nC en komen in heel NW Europa voor. > Motte
¶ Iets westlijk van Daventry bij Northampton (MidEngland) ligt Staverton, een naam die sterk lijkt op Staverden. Daventry en Staverton liggen maar 3 Km van elkaar af. Deventer en Staverden liggen hemelsbreed 30 Km van elkaar. Daventry lijkt gesticht rond 920nC door Angelen aldaar. Gezien de het verblijf van de Engelse missionaris Lebinus in Deventer in 754-773nC en zijn vermeede herkomst uit Daventry lijkt Daventry genoemd naar Deventer. De naam Daventry lijkt namelijk afgeleid van Daventre zoals Deventer anno 877nC wordt genoemd. Het kan betekenen dus dat in de migratieperiode 450-550nC Angelen uit Staverden en Deventer samen migreren naar Midden Engeland, een historisch Anglische regio. > HAG
¶ Als Staverton bij Daventry inderdaad is gesticht door mensen uit Staverden ergens in 450-500nC of kort daarna, dan kan het niet anders dan dat er er in Staverden al in de periode 100-450nC een motte heeft gestaan, gezien de betekenis van de naam Staverden, zijnde de stede bij de voorde.
170nC: In dat jaar bouwen de Romeinen een tijdelijk legerkamp op de Ermelose Heide bij Ermelo. Dit kamp had wallen en grachten. Het kan zijn dat dit kamp model stond voor de bouw van een motte aan de Staverdense Beek. Mogelijk was de regio door de aanwezigheid van Romeinse soldaten nogal onveilig geworden. In deze optiek lijkt het dan zelfs waarschijnlijk dat er al vůůr de bouw van deze motte een normale woning (stee, stede) stond aan de Staverdense Beek.
** Ermelo, Deventer

Steden:
()A baecere (bakker), baecery (bakkerij), baelas (bedelaars), barbur (barbier), beacans (bakens, straatlichten), beaman (bomen), borgar (burger, borger, poorter), borgmaester (burgemeester), borgweard (stadswacht), botan (boten), brycgen (bruggen), burggeat (stadspoort), burgomaester (burgemeester), burgstede (borg, stad), caeppar (kapper), catten (katten), cindan (kinderen), cingel (singel = gracht, buitenmuur, ringmuur, wal), circclocc (kerkklok), circe (kerk), circgeard (kerkhof), cloccere (klokkenluider), cniphus (kapper), cotsan (koetsen), dam (dam), dican (dijken), drenchus (drinkhuis, bar, cafee), ethus (eethuis), fald (vaalt, afval), fiscsceopa (viswinkel), fugols (vogels), goldsmidh (goudsmid), graftan (grachten), guttan (gote), haefen (haven), haughstrate (hoogstraat = winkelstraat), herebeorg (herberg), horsan (paarden), hundan (honden), husan (huizen), isensmidh (ijzersmid), laugh (=A lough), lough (kom/centrum van een stad), maerct (markt), maerctdaeg (marktdag), maerctpleats (marktplaats), menscen (mensen), milcbour (melkboer), plain (plein), polre (polder), poortere (poorter, burger), pottery (potterie, pottebakker), pumpe (pomp), raed (raad, raadslid), raedhus (raadhuis), sceopa (winkel, pand), sceopan (winkelen, shoppen), scepen (schepen, raadslid), scepenbenc (schepenbank = stadsraad), sceperbenc (schepenbank), scepere (schepen = stadsbestuurder), sceperhus (schepershuis = huis van een schepen), scipmakery (scheepmakerij), scolt (schout, bestuurder, gerechtsdienaar), scomakere (schoenmaker), scout (=A scolt), scrivere (notaris), slath (sloot), slot (sloot), slut (sloot), smidh (smid), smidhdhe (smidse), stead (stad, stede), steadman (stedeling), steag (steeg), straet (straat), straetleohtan (straatlichten), strate (straat), syll (sluis), thun (tuin, erf, stad), thuncrayere (stadsomroeper), treowyrhta (timmerman), uterwic (buitenwijk), utscyrt (buitenwijk, randgebied), viccari (vicarie), waermosere (warmoesier, groenteboer), weal (wal, muur, schans), wer (weer, dam)
100-250nC: Bron SDV/p281-82 schrijft dat in NO Nederland tot circa 100nC de mensen voornamelijk wonen in zgn einzelhŲfe (losse erven). De hoeven staan nog erg op zichzelf en veraf van elkaar. Rond 100nC gaan ze meer clusteren. Eerst is ieder erf nog erg gericht op zichzelf, maar rond 250nC gaan de hoeven onderling samenwerken en komen er gemeenschappelijke voorzieningen en regels. Hierdoor verdubbelt het aantal huishoudens.
250nC++: Oorspronkelijk lukt het niet om een stad succesvol te veroveren. Steeds vluchten de inwoners achter hun onneembare schansen. Daarom worden steden geblokkeerd, waardoor de inwoners zich vaak snel gewonnen geven. #KVN
1500nC++: Bron ZWH/p34 schrijft:

Na circa 1500 hadden de gegoede grondbezitters, de markegenoten, op het platteland de touwtjes in de handen, zoals dat in de steden het geval was met de rijke kooplui. Zij benoemden een schoolmeester, want hun kinderen moesten onderwijs hebben, en zij benoemden een koster, want de kapel was eigendom van de markegenoten (van wie een aantal weliswaar rooms was). Overigens werd de kapel, behalve zo nu en dan voor een kerkdienst, gebruikt voor de markevergaderingen. Ook de armenzorg namen de markegenoten voor hun rekening - en zo zijn tot diep in de 19e eeuw marke en naoberschap in elkaar verweven.
Stadspoorten gingen bij invallen van de duisternis dicht. In Oldenzaal winters om 18.00 uur en zomers 21.00 uur. (#INS 2011/4)
** Bestuur, Ambachten & Beroepen, Handel, Wonen

Stedingers:
Boeren in de moeraslanden aan de benedenloop van de Weser. Rond 1220nC weigeren ze pertinent tienden te betalen aan de bisschop van Bremen. De Katholieke prelaten beginnen dan een hetze tegen hen en roepen mensen op een kruistocht tegen hen te houden. Kroniekschrijver Emo van Huizingen vindt de Stedingers ongehoorzaam, maar heeft wel veel begrip voor hun weigering te betalen voor iets wat de bisschop niet toekomt.
** Emo van Huizinge
# NGE, DAB

Steen::
()A bacsten (baksteen), bicc (steen, blok), biccan (bikken, afbikken, uithouwen), bicce (bikhamer, steenhamer), biccere (steenhouwer), boldar (bolder = kei), brec (baksteen), bric (brik = baksteen), calsid (kassei, kei, straatsteen), cesling (straatsteen), cey (kei, steen), ceylim (keileem = mengsel van leem, zand en stenen), ceyta (keienveld), cise (kiezel), cobban (bestraten), cobbe (kobbe = kei, straatkei), duff (=A dufsten), dufsten (dufsteen, duivsteen, tufsteen), flint (flint, kei, vuursteen), flintbow (flintbouw = bouwen met flinten), grant (grind), granta (grindveld), grantston (grindsteen = steen gemaakt van leem en grind), greafel (greffel, grind, steengruis, kiezelsteen), greot (grind, gruis, steengruis), hauw (houw, slag), hauwan (houwen, hakken), hauwel (houweel), hauwere (steenhouwer), heafdston (hoeksteen, grafsteen), homor (steen, rots), howan (=A houwan), lamston (lijmsteen, kalksteen), limbloc (leemblok = blok leemsteen), limston (=A lamston), mudston (mergelsteen; # beige bouwsteen), pavement (plaveisel, bestrating), paveran (plaveien, bestraten, bestenen, bevloeren), paverte (stenen vloer of plein), rocc (rots, rotsblok, steenklomp), sandston (zandsteen = steen gemaakt van zand met veel grind), scealg (schalie, lei, leisteen), sindel (sintel), sinder (=A sindel), stan (steen), stancaemp (=A stencaemp), stanman (steenwerker, steenbewerker, steenhouwer), stanring (=A stenring), stanwyrhta (=A stanman), sten (steen, natuursteen), sten (steenhuis, kasteel, gevangenis), sten (steenweg, stenen weg, plaveide weg), stenan (bn stenen), stenbacere (steenbakker), stenbacery (steenbakkerij), stenbow (steenbouw), stencaemere (=A stenhus), stencaemp (steenkamp = veld met stenen), stenring (steenring = ring/cirkel van stenen), stenhus (steenhuis, stenenhuis = versterkt huis), stengrove (steengroeve), stenmylen (steenmolen, steenzagerij), stenofen (steenbakkerij), stentor (stenen toren), stin (steen), tigelofen (steenoven), waelstan (muursteen)
¶ Anglisch stan (sten, stin, ston, stun, stam) = zn steen, stenen weg, stenen huis; KA stan; GR stain; GRoud sten; SW stien; WA stun; GD stane
60.000vC: steenfabriek van Tiboobura, een woestijn in Queensland/SouthWales. Stenen werden gehakt uit rotsen en bewerkt voor de handel. Tiboobura betekent volgens Abortaal: stapel rotsen.
1348vC: Egyptische steenhouwers gebruiken bijlen, beitels en olielampjes bij de bouw van een piramide voor Horemheb, een Egyptische veldheer. De bijlen zijn trapezium vormig. De olielampjes zijn van steen, plat en afgerond met een holte voor olie en een dunne buis voor de pit. # NatGeoTV 16.11.11
10nC++: De Romeinen gebruiken steenzaagmolens aangedreven door waterkracht. #DeTelegraaf/20.9.2011
1130nC: De Proosdij in Deventer stamt uit 1130nC en is daarmee het oudst nog bestaande stenen huis in Nederland.
** Steenbouw, Steenring, Flintbouw, Leem, Baksteen, Tufsteen, Tegels, Bouwwerken

-steen: Anglische namen eindigend op -steen > Namen
Steenbouw: (SBO:) > Steencultuur, Bakstenen

Steencultuur: (SCL:)
Anglisch stan (sten, stin, ston, stun, stam) = zn steen, stenen weg, stenen huis; KA stan; GR stain; GRoud sten; SW stien; WA stun; GD stane
De oermensen bouwen hun hutten van takken, stammen en bladeren. Later bouwen ze huizen, stallen en andere bouwsels van leem in houten raamwerken, afgedekt met takken en bladeren. De SoemeriŽrs bouwen al met steenblokken, uitgehakt in aardlagen van zandsteen, later meer rotsachtig. De Romeinen bouwen met natuursteen en zelfs al met beton. In Nederland wordt zeker al in de 7e eeuw gebouwd met zandsteen, zij het sporadisch en alleen door rijke mensen. Zo ontstaan de steenhuizen, in Noord Nederland ook stinzen genaamd. Ook wordt veel gebouwd met Bentheimer steen, die van hoge kwaliteit is. Vooral kerken, kastelen, havezaten en publieke panden. Later worden bakstenen gemaakt uit klei, die gedroogd wordt in de zon en wind. Door ontginning van veengebieden wordt sinds de 13e eeuw steeds meer turf geproduceerd, waardoor steenbakkerijen ontstaan, die steen drogen in grote ovens.
60.000vC Steenfabriek van Tiboobura, woestijn in Queensland/SouthWales. Stenen worden gehakt uit rotsen en bewerkt voor de handel. Tiboobura betekent volgens Abor-taal: stapel rotsen.
5000vC++ Egypte: Bouw van grote stenen huizen, kantoren, tempels, piramides, beelden, etc in Egypte. Ze ogen zeer modern.
3000vC++ Pakistan: De stad Mushinsulgaru in Noord Pakistan heeft stenen muren, huizen en watervoorziening. Water uit beken en rivieren wordt geleid naar de stad langs geulen van aardewerk. #BBCWorld 1.2.2014
2800vC: Gilgamesj ziet de massieve muren van Uruk en brengt dan een lofzang over de duurzame werken van sterflingen. > Onsterflijkheid
2000vC++ Turkye: Hattusha (vrml stad in Turkye) bouwt muren en huizen met grote steenblokken. (# BBCtv + WKP 12.11.2013)
1348vC: Egyptische steenhouwers gebruiken bijlen, beitels en olielampjes bij de bouw van een piramide voor Horemheb, een Egyptische veldheer. De bijlen zijn trapezium vormig. De olielampjes zijn van steen, plat en afgerond met een holte voor olie en een dunne buis voor de pit. # NatGeoTV 16.11.11
50nC++: Romeinen bouwen huizen van steen.
200nC++: Mogelijk worden bakstenen sinds die tijd in Nederland al deels gemaakt door ze te drogen in ovens. Door de duurte van turf is de produktie echter nog kleinschalig. > Bakstenen
250nC++: Oudste stenen brug van Nederland in Maastricht, gebouwd door de Romeinen. > Bruggen
500nC: Bron WAB schrijft:

p88-89: In regard to sculpture and ornamental stonework they [Anglo's + Saxons] had little to learn from the Roman-British, and their memorial crosses, ..., display better workmanship, on the whole, than that found on the monuments of the late Empire in Britain.
p137-138: Throughout the northern and western parts of Britain there are hundreds of stone crosses which date from the Anglo-Saxon epoch, some of them being religious monuments marking holy places and others being grave-stones. They are almost always richly sculptured, sometimes with figures of men and animals, but more generally with complicated decorative patterns and convolutions, such as endless interlacing of ribbons or snake-like creatures or tendrils of the vine, plated and looped and twisted in and out, until the stone looks like the most elaborated crochet-work. Some of these sculptured designs have an obviously Celtic or British origin, ... But other designs seem to have had their origin on the Continent ...
550nC: De regio Klinkenberg in Drente wordt rond 300vC bevolkt door Angelen uit Noord Drente. De naam Klinkenberg lijkt derhalve afgeleid van Anglisch clinc (klink = harde steen) + beorg (borg). Dus: de stenen borg. Eerder stond daar echter al een motte van hout. De naam Klinkenberg zal derhalve dateren van latere tijd. De bouw van de stenen motten start rond 550nC. > Klinkenberg
626nC++: Bouw stenen kerken in Engeland. #ASC/Ingram
650nC++: Bouw huizen van zandsteen. Vooral in Oost Nederland, waar veel zand beschikbaar is en sterke grond om de steenhuizen te dragen.
1130: De Proosdij in Deventer stamt uit 1130nC en is daarmee het oudst nog bestaande stenen huis in Nederland.
1150: Houten burcht van Leiden afgebroken en herbouwd in natuursteen. > Leiden
Hergebruik: Bouwstenen zijn van oudsher tamelijk duur. Bij afbraak van een pand worden de stenen dan ook zoveel mogelijk weer gebruikt voor het nieuwe of een ander pand.
** Steen, Steenkamers, Tegels, Flintbouw, Turfindustrie

Steenkamers:
Anglisch stencaemere = steenkamer, afgeleid van Anglisch sten (steen) + caemere = kamer, gewelf. Later: versterkt huis, hoeve, huis of landhuis; borg, burgt, vesting.
¶ Steenenkamer is een gehucht bij Wilp in Voorst en in Putten.
¶ De term caemere is al sinds de Romeinse Tijd (12vC-400nC) in gebruik bij de Germanen. Kennelijk is ze overgenomen uit het Latijn camera = gewelf, woning. Mogelijk circa 200nC, halfweg de Romeinse Tijd.
¶ Anglisch caemergudh = landgoed = het grondgebied bij een landhuis (havezathe e.d.).
¶ Anglisch stenhus = steenhuis, stenen huis = versterkt huis.
650nC: Steenbouw begint feitelijk al rond 650nC met de bouw van huizen met zandsteen. Vooral in Oost Nederland, waar veel zand beschikbaar is en sterke grond om de steenhuizen te dragen.
1130nC: De Proosdij in Deventer stamt uit 1130nC en is daarmee het oudst nog bestaande stenen huis in Nederland.
** Appel, Steenbouw, Vestingen, Huizen

Steenkool: (STK:)
()A coces (kooks, steenkool), col (steenkool), cole (=A col), colebour (kolenboer = handelaar in houts- en steenkool), colsacc (kolenzak), kol (houtskool, steenkool), smidhcole (steenkool)
287vC: De Griekse wetenschapper Theophrastus (c 371-287vC) schrijft in zijn boek "Over Stenen" (Lap. 16):

Onder de nuttige delfstoffen bevinden zich steenkolen, die zijn gemaakt van aarde en die branden als houtskool. ... Ze worden gebruikt door metaalwerkers.
50nC++ Rijnland: In het Rijnland wordt steenkool gebruikt voor het smelten van ijzererts. Dit lijkt te betekenen dat de Angelen in Angelland het gebruik van steenkool in die tijd ook al kennen.
180-400nC: De Romeinen in Brittannia exploiteren vele belangrijke kolenvelden in dagbouw. De handel in steenkool strekt zich uit tot in heel Engeland en zelfs tot het Rijnland op het Continent. Steenkool wordt gebruikt voor de verwarming van badhuizen en rijke villa's. Mogelijk heeft dit proces de luchtvervuiling versterkt en daardoor bijgedragen tot de Grote Natheid in de periode 300-600nC. > Klimaat
400-1200nC Brittannia: In Brittannia wordt geen steenkool gebruikt.
1200++ Engeland: Houtvoorraad in Engeland slinkt sterk. Het land schakelt over op steenkool. Later volgen andere landen op het Continent.
1850++ Twente: Twente importeert steenkool uit Engeland. #INS/2011/4
** Cokes

Steenringen: (STR:)
()A stanring (=A stenring), stenring (steenring, steencirkel = ring/cirkel van stenen)
¶ Steenringen komen voor in Nederland, Ierland en op eilanden in de Grote Oceaan. Steenringen worden ook cirkelstenen genoemd.
2800vC++ Anloo: Bij Anloo in Drente is een hunebed omringd met kleine keien. Wanneer, door wie en waarom die stenen daar zijn gelegd, is vooralsnog onbekend.
2250vC++ Stonehenge: Megaconstructie van grote stenen zuilen in Wiltshire (GB). De zuilen zijn 6 meter hoog en staan in een ring van circa 100 meter breed. (#WP) Ze wordt in verband gebracht met de zonnewende waarbij de opkomst van de zon ritueel massaal wordt verwelkomt en gevierd door mensen van heinde en ver. Anno 2013 gebeurd dat nog steeds.
1600vC++ Ierland: In Ierland zijn nog steenringen te zien. O.a. in Noord Ierland. Men vermoedt dat zijn gebouwd om de goden te behagen en gunstig te stemmen. #BBCtv/CountryFile 25.8.2014
1500vC++ Inglinge HŲg: Ofwel: Inglinge Hoogte in Midden Zweden. Letterlijk: de Hoogte van de Inglings. Ondereel van een groot grafveld bestaande uit heuvels, staande stenen en stenen circels. De aanleg van dit grafveld begint in de Bronstijd rond 1500vC. Het is in gebruik tot circa 1000nC. De grafheuvels werden gebruikt voor religieuse ceremonies, voorouder vereering en vergaderingen (things). Gezien de naam Inglinge moet dit gebied het stamland zijn van de Inglings, een volk waaruit het oudste Zweedse koningsgeslacht is voortgekomen. > Inglings
2013 Eiland: Amerikaan Ed Stafford probeert in de docu 'Naked & Marooned' 60 dagen te overleven op een onbewoond eiland met nagenoeg geen bagage. Alleen z'n eigen camera registreert het avontuur. Het was ontzettend zwaar. Zijn grootste probleem was mentaal overeind te blijven. "Ik ben nog nooit zolang alleen geweest. Je bent zo gewend mensen om je heen te hebben of te kunnen bellen." Op momenten dat hij het niet meer zag zitten, ging Stafford in een cirkel van stenen zitten, tot hij weer rustig was. Dat had hij geleerd van een aboriginal. Ga je in paniek rondrennen, dan wordt het alleen erger. "Er waren dagen dat ik zeven keer in die cirkel ging zitten ..." #DeTelegraaf 10.4.2013
2014++: In sommige oude tuinen zijn steenringen te zien van keien rond tamelijk grote bloemperken. Vaak met een breed grindpad eromheen. Deze perken stralen een aangename rust en vrede uit. #FRI, TV

Steenwijk:
Alias Stenwic, Steenwijc (1233nC++). Stad in NW Overijssel. #Quedam/p125
300vC: De regio wordt rond 300vC bevolkt door Angelen uit Zuid Drente. (> ASA) De naam Steenwijk lijkt derhalve afgeleid van Anglisch sten (steen) + wic (wijk, schuiloord).
135vC Onna: Gehucht bij Steenwijk. Hier zijn twee Romeinse denaries (munten) gevonden uit 135vC. Ze zijn geslagen in Rome. 1 munt draagt de kop van Saturnus. De andere munt draagt de kop van Roma, de beschermgodin van Rome. > Saeter
¶ Adellijk geslacht Van Steenwijk > Johan van Goer
** Cumbria/Stanwick

Steinfurt:
Alias Stenvorde, Steenvoerde (1233nC++). Burcht ZO van Bentheim.
1133-1193 Rudolf II van Stenvorde: burchtheer; zoon: Ludolf I.
1163-1227 Ludolf I van Stenvorde: burchtheer
#Quedam/p125

Stelling:
Familienaam. Komt voornamelijk voor in NO Nederland. Gezien de historische vorming van namen lijkt de naam Stelling afgeleid van Stel (mansnaam; vr Stella) + ing (volk) = volk van Stel. De naam Stel komt in Nederland ook voor als familienaam. Anno 1947 in totaal 876x, voornamelijk in Groningen (326x) en Drente (207x). Groningen lijkt daarmee het herkomstgebied van de naam. Gezien de naamdelen Stel + ing en de mogelijke herkomst, lijkt de naam van oorsprong een Anglische familienaam.
Stellingweg in het buitengebied van Zelhem (Achterhoek) is dus de weg naar of van Stelling. De regio wordt rond 200vC bevolkt door Angelen uit Berkelland. Het lijkt dus dat ook hier de Anglische naam Stelling wordt bedoeld.
¶ Bij Grimsby in Noord Yorkshire ligt een dorp met de naam Stallingborough = de burcht van Stalling. Yorkshire is een historisch Anglisch gebied, dat onderdeel was van Northhumbria, vroeger een Anglisch Rijk. Kennelijk is Stalling hier een Anglische naam, gelijk aan Stelling.
# Meertens Instituut, KBG

Stelling Minnis:
Dorp in Kent, circa 9 Km zuid van Canterbury.

Stellingwarf: (STW:)
Alias Stellingwerf. Regio in ZW Friesland met Wolvega als centrum. De naam wordt voor het eerst genoemd in een document uit 1309. De naam betekent letterlijk: de warf (zandhoogte) van Stelling (= volk van Stel, mansnaam). Ofwel: de warf waar het volk van Stel woont. Beide naamdelen hebben Anglische roots. (> Warf, Stelling) Als zodanig kan de regio rond 300vC zijn bevolkt door Angelen uit de regio Havelte. > ASA
1000nC++ Drente omvat ook NW Overijssel, Groningen/stad, Goo (= Goorrecht), Stellingwerf en Schoterwerf. #DRG/p21
2000++: De regio Stellingwarf bestaat uit 39 dorpen. De streektaal heet een Neder-Saxische taal met enige Friese en Nederlandse leenwoorden. Bron stellingwarfs.nl 15.5.2010 schrijft:

Et Stellingwarfs wordt vanoolds praot in de gemienten Oost- Stellingwarf, mit et heufdplak Oosterwoolde, en in West-Stellingwarf, mit et heufdplak Wolvege. Et is veural bekend om zien ae-klaank, bi'jglieks in et zinnegien Et waeter klaetert tegen de glaezen. Et Stellingwarfs is een diel van et Nedersaksisch in Nederland, dus krek as Drents, Sallaans enz. Et ooldste Stellingwarfs dawwe in drok tegenkommen is van 1837.
...
Et Stellingwarfs is et meerst femilie van de taelsystemen van Noordwest-Overiessel en Zuidwest-Drenthe. De tael van die gebieden het ok et kenmark van de ae-klaank, dat is de klinker zoas die him veurdot in de laeste lettergrepe van et Fraanse woord militair. Daoromme wodt hi'j deur de meeste talegeleerden ok bi'j et Stellingwarfs rekend.
...
An et Stellingwarfs kuj' vernemen dat et hier om een iewenoolde, slim levendige tael gaot die riek is an uutdrokkings, spreukwoorden en aandere biezundere menieren van zeggen. Dat vaalt bi'jglieks te zien in de drie al verschenen dielen van et Stellingwarfs Woordeboek en in et wark van de aktieve schrievers van vandaege-de-dag, zoals Johan Veenstra, Karst Berkenbosch, Harmen Houtman, Aneke Hoornstra, Jan Oosterhof, Benny Holtrop en - veural veur kiender - Sietske Bloemhoff.
De ae-klank komt in het Anglisch in ruime mate voor en wordt uitgesproken zoals in het Stellingwarfs. (> Linguana/Fonologie) In het Neder-Saxisch lijkt de klank vooralsnog niet in gebruik. Zeker niet in Twente en de Achterhoek. Aangezien het Anglisch in de periode 300vC-800nC de Lingua Franca was in NO Nederland, kan de ae-klank in het Stellingwarfs derhalve afkomstig zijn van het Anglisch. Temeer daar nabijgelegen Munnikeburen en Havelte vrij zeker oude Anglische nederzettingen lijken te zijn.
¶ Bron HGN schrijft tav de Anglo-Friese relaties het volgende in hoofdtuk VIII: Inleiding van Oudwestgermaans:
Natuurlijk, er is veel overeenkomst [tussen Engels en Fries], vooral in klankstelsel, b.v. de palatalisatie van k en g, de breking, de voorliefde voor e-klanken in plaats van a, maar dit geeft alleen recht om van 'loose unity', niet van een vroegere 'close knit unity' te spreken. Wel kan men zeggen, dat het Oudfries het dichtst staat bij het Oud-Kents, b.v. in de ontwikkeling van e uit u en van de Í = ndl. ‚.
¶ Per saldo ken men stellen:
Als het Stellingwarfs zich kenmerkt door de ae-klank en niet van het Fries afstamt, dan lijkt het Stellingwarfs mogelijk dichter bij het Anglisch te staan.
Het Saxisch kent de ae-klank nauwelijk, maar meer de ao-klank. Daarentegen komen de ae-klank en de variante e-klank overvloedig voor in het Anglisch. De relatie van het Stellingwarfs met het Anglisch is zeer wel mogelijk. Immers, NO Nederland wordt sinds circa 500vC bevolkt door Angelen uit de regio Angeln in Noord Duitsland.
** LFA, Munnikeburen, Havelte, Groot Hezenland, Angelnees, Versaxing, PgDix

Stellingwarfs: btr steektaal > Stellingwarf
Stellingweg: > Zelhem
Stellingwerf: > Stellingwarf
Stellingwerfs: > Stellingwarfs
Stenen:: > Steen, Steenbouw, Tufsteen, Donderstenen, Heilige stenen, Runenstenen, Offerstenen, Bakstenen, Edelstenen, Barnsteen
Sterrekunde: > Sterrenkunde

Sterrenkunde: (STK:)
()A steorra (ster), Hundsteorra (Hondster = Sirius)
399vC: Grieken beschouwen sterren als goden. #VPROtv/Empire of the Mind/nov2015
965nC: In 965nC brengt ene Ibrahim Al Tartushi een bezoek aan Haithabu. Hij is afkomstig uit Cordoba in Spanje en schrijft over zijn bezoek o.a.:

Haithabu is een zeer grote stad aan het uiterste eind van de wereld oceaan... De bewoners aanbidden Sirius [de Hondster], behalve de Christelijke minderheid die een kerk heeft...
Kennelijk zijn de Angelen al vroeg vertrouwd met de kosmos en hemellichamen. Deze kennis kunnen ze o.a. hebben opgedaan via hun handelscontacten met landen in het Midden Oosten en Verre Oosten. > Syria, Handelswegen
** Kosmologie, Sirius, Navigatie

Sterven: > Thanatologie
Stieren: > Koeien, Ossen

Sticht: (Het Sticht)
= bisdom Utrecht
** Nedersticht, Oversticht

Stokte: De
De Stokte is een gebied aan de Vecht in Dalfsen Oost. De regio wordt rond 300vC bevolkt door Angelen uit Noord Drente. De naam lijkt derhalve afgeleid van Anglisch stocc (stok) + ta (veld, gebied) > gebied waar veel stokken staan.
¶ Waartoe genoemde stokken dienden is vooralsnog niet bekend. Mogelijk voor visnetten, gebruikt voor visvangst op de Vecht. Om te drogen en te boeten.
¶ De stokken konden mogelijk ook dienen voor het drogen van vissen, zoals o.a. anno 2011 nog is te zien op Ysland. Zo een visdrogerij bestaat uit een woud aan stokken waaraan de vissen worden gespiest en gedroogd in de zon en de wind. (FRI 22.6.2011 dvd cursus fotografie op Ysland)
¶ Er bestaat een Nederlandse familienaam Stokvis. Deze naam komt voornamelijk voor in Hellendoorn, Ommen en Dalfsen. De vorm Stokvisch is ouder en komt voornamelijk voor in Ommen. Stokvis lijkt afgeleid van Anglisch stoccfisc = stokvis = aan paal een paal gedroogde vis door zon en wind.
¶ Gezien:
- de herkomst van de familienaam Stokvis uit de regio Ommen-Dalfsen
- en de ligging van de locatie De Stokte aan de Vecht tussen Ommen en Dalfsen
- en gezien het zgn Patrilocalisme (ZA)
>> lijkt de familienaam Stokvis te bevestigen dat De Stokte is genoemd naar de vele stokken die er lang geleden stonden en waaraan vissen werden gedroogd.
¶ In 1962 zijn bij De Stokte archeologische resten gevonden die duiden op bewoning. O.a. een beeld van Mercurius, de Romeinse god van de handel, etc. Het beeld wordt getaxeerd op circa 350nC.
¶ Sommigen menen dat de vondst te maken heeft met Franken die daar leefden. Echter, de eerste Franken verschijn pas rond 782nC opdagen in de gebieden boven de Rijn. > Franken
** ASA, Mercurius
# FRI 7.5.2011, KBG

Stoppelhanen:
Traditioneel zomerfeest in NO Nederland. Bron ZWH/p74 schrijft: "In de lente kregen het huis en de deel een grote schoonmaakbeurt. Op het land werden de aardappels gepoot en de haver werd gezaaid. ... Vervolgens was de rogge aan de beurt. Als die los was en aan de 'gas' stond van 4 of 6 schoven, werd daar traditioneel een borrel op gedronken: 'stoppelhanen' heette dat feest ('hanen' verwijst naar de haan of de hanen die bij deze gelegenheid werden gegeten; het betrof de hanen van de voorjaarsbroed). Waren de schoven droog, dan werd alles naar binnen gereden en vervolgens moest er snel worden geploegd omdat het knolzaad vůůr 10 augustus gezaaid moest zijn.

Stork:
Gehucht bij Loppersum in NO Groningen. Stork = Anglisch/AS: storc = ooievaar. In het Saxisch is ooievaar = uiver, euver. De naam Stork verwijst dus naar een Anglische nederzetting. Volgens overlevering dankt de locatie de naam aan drie ooievaarsnesten die daar ooit waren.
** ASA

Straatmuziekanten: > Muziek
Straatzangers: > Zingen

Straffen: (STF:)
()A beheafdian (onthoofden), beheafding (onthoofding), blocbeorg (blokberg = schavot), caec (schandpaal), clenc (=A clinc), clencan (=A clincan), clinc (gevangenis), clincan (vastzetten, vastbinden, boeien), deaddom (doodstraf), dom (oordeel, straf), doman (oordelen, veroordelen, straffen), galga (galg), pene (straf, boete), raedstaec (radstaak), scafot (schavot), staca (brandstapel), stricc (strop), thraf (straf, berisping), thrafian (drijven, berispen, straffen), wipan (geselen), wipe (zweep)
450nC++: Bron WAB/p171ev: Het volk is verdeeld in klassen: de eorls (nobelen), de ceorls (freemen ofwel vrijen), de laets (laten) en de slaves (slaven). Een freeman bezit een hide ofwel een stuk land van 60-100 acres, zijnde ruim voldoende om het eigen gezin en inwoners te onderhouden. Honderd hides = een hundred = 100 huishoudens = 100 militairen te leveren aan de Kroon in geval van nood.
-- de boetes zijn vastgelegd in oude doms (vonnissen):
--- moord op een eorl (edelman): 300 goudstukken
--- moord op een ceorl (vrijman, boer): 100 goudstukken
--- bij diefstal van een persoon: waarde van het gestolene vermenigvuldigd met een getal overeenkomend met de rang van de bestolene:
----- bij diefstal van de kerk: 12x de waarde van het gestolene
----- bij diefstal van de koning: 9x de waarde van het gestolene
----- bij diefstal van een vrijman (vrije): 3x de waarde van het gestolene
----- etc
Voor elke overtreding is een dom (vonnis). Alles is nauwkeurig vastgesteld. De preciesheid daarvan toont dat Angelen snel in woede raken als hen iets wordt misdaan. Dit leidt tot vele en heftige gevechten. Als die de Koning bedreigen, worden de daders uiterst zwaar gestraft.
750nC++: Sinds de Kerk rond 750nC steeds meer macht krijgt, komen er steeds meer straffen bij voor alles wat tegen de Kerk of haar Christelijke Leer is gericht.
¶ De raedstaec (radstaak) is een martelwerktuig. Bij Varsseveld (Achterhoek) is een locatie genaamd De Radstake, gelegen aan de A18. Daar zijn vroeger mensen geradstaakt.
1820: In dit jaar wordt in Assen (Drente) voor 't laatst iemand aan de schandpaal gezet: een vrouw wegens onzedelijk gedrag.
** Rechtspraak, Strafpleging, Doodstraf, Galgen, Geseling, Brandstapel

Strafpleging: > Rechtspraak, Verzoening, Doodstraf
Strafrecht: > Rechtspraak
Straten: > Wegen
Streeknamen: > Regionamen

Streektaal: (STL:)
= de volkstaal van een bepaalde streek = de taal van het gewone volk in een bepaalde streek; ook wel volksmond genoemd
Een streektaal is een taal die bij een bepaalde streek hoort. Ze is zo gegroeid in de loop van de eeuwen vanuit de taal van de oorspronklijke setlers. Streektalen zijn conservatief en laten zich nauwlijks beÔnvloeden door de landstaal. Als zodanig staat een streektaal heel dicht bij de taal van de oudste setlers.
** Taal, ATZA, Rijssen, Stellingwarf, Angelnees, Anglesch, Anglesh, Geordie, Groningen (Ommelanden), TAES

Streektalen: > Streektaal

Stress: (STR:)
2005: Onderzoek aan de Universiteit van Tokio in Japan heeft aangetoond dat lang slapen een goed middel is tegen stress en de gezondheid bevordert.
2015: Denen halen fluitend hun pensioen. Ze werken 34 uur per week; het minst in heel Europa. Ze hebben minder stress. #DeTelegraaf 1.10.2015
2015: Elke dag een kwartier meditatie reduceert stress en bevordert gezondheid en happiness. #BBC4tv/feb2015 > Meditatie
¶ Tips tegen stress:
Neem ieder dag tijdig tijd voor ontspanning:
- haak tijdig af en laat je brein tot rust komen
- beloon jezelf met leuke ontspanning
- neem mini pauzes
- ga gezellig kletsen
- ga lekker stretchen met mooie muziek
- maak tijd voor beweging
- maak leuke loopjes
- lees een ontspannend boek
- doe mini-meditaties (max 5-15 minuten)
- zorg voor goede nachtrust
#DeTelegraaf 25+26.4.2016/Dr. Leonard Hofstra
¶ Zoek de oorzaken van uw stress en raak ervan bevrijd. Waar mogelijkheden eindigen, resten berusting en gelatenheid. De meester is zorgvuldig en ondergaat het onvermijdelijke lijden. Meer kan een mens waarlijk niet doen. #SRK
¶ Ieder kent eigen wegen om te ontspannen. Ware ontspanning brengt ware vreugde en happiness. Ware ontspanning brengt ware levensvreugde. Ware ontspanning sterkt de levenskracht. Ware ontspanning sterkt de levenszin. De meester neemt tijdig tijd voor het eigen welgaan en vaart immer wel. #SRK
** Piekeren, Spanning, Lijden, Relaxen, Ontspanning, Hamaya, Meditatie, Slapen

Stro: > Stroo
Stroo: > Graan

Structuur: (STC:)
1888-1890: Vincent van Gogh houdt van structuur in z'n leven. Enige jaren voor zijn dood brengt hij door in een oud klooster omgebouwd tot gesticht voor psychiatrische personen in Saint-Remy in Zuid Frankrijk. Het gaat hem daar goed. Dankzij de structuur in het dagelijkse leven, die de patienten wordt opgelegd. Rust, reinheid en regelmaat. Eten, werken, ontspannen, slapen, etc. Alles op gezette tijden. Vincent schrijft zijn broer Theo, dat de structuur hem zeer bevalt. Mede daardoor produceert hij elke dag een schilderij of een pentekening. Deze werken worden later gerekend tot zijn grootste prestaties. #AVRO/TROStv Jeroen Krabbť dec2015
** Dagelijks Leven

Struiken: > Struikgewas, PES

Struikgewas:
()A aelhorn (=A flear), bos (bos), braem (braam = braamstruik), bremel (=A braem), brommel (=A braem), brommelbusk (braamstruik), dusa (struikgewas, kreupelhout), dysa (=A dusa), ellaern (=A flear), flear (vlier (# struik), flearbeam (vlierboom), gagel (gagel; # struik), haesa (heze, hees = bos van bomen of struiken van ťťn soort; kreupelhout), heasa (=A haesa), haessa (=A haesa), hagathorn (hagedoorn; # struik), hris (=A rese), hurst (hoogte begroeid met struiken), mistel (mistel; # struik), porsa (gagelstruik), rese (rijs, rijshout, tak, struikgewas), ryse (=A rese), scaga (bosje, kreupelhout, struikgewas), slathorn (sleedoorn; # struik), spelthorn (hagedoorn; # struik), stroc (struik), stroccas (struiken), struec (struik), struwell (struweel, struikgewas), thiccet (bosje, kreupelhout), scawa (=A scage)
** Planten & Struiken

Strijd: > Oorlog, Conflicten

Strijdbijl:
()A bilaex (strijdbijl), flitaex (strijdbijl), gysarm (tweesnijdende strijdbijl)
** Bijlen

Strijdkreet: > Anglaland, Oorlog
Stuurkunde: > Cybernetica, Bestuur

Suderwick:
Dorp bij Bocholt in Westfalen. De naam is afgeleid van Anglisch suth, sud (zuid) + wic (wijk). Zuidwijk dus. De Angelen zijn daar gaan settelen rond 150vC.
** ASA

Sueven:
Germaans volk in Noord en Midden Duitsland. Ook genaamd Suevi, Suebi, Swafen, Swaven of Swaben. Beschreven door Julius Caesar, die hen bestrijdt in 58vC, toen zij met hun koning Ariavistus de Rijn overstaken. Rond 108nC beschrijft ook Tacitus hen wegens gebeurtenissen in Bohemen. Onderstammen: Hermunduri, Quaden, Semmonen, Marcomannen, e.a.
Swaefe is het stamland van de Sueven. Het wordt genoemd door Widsith, een Oud Anglisch dichtwerk geschreven rond 425nC. Volgens Widsith is Swaefe het stamland der Swafen in Noord en Midden Duitsland, grenzend aan Offaland, Myrgingum en de Rijn bij Keulen. > Widsith
¶ In de 5e eeuw trekken vele Sueven met de Vandalen naar Spanje, waar ze uiteindelijk opgaan in de Visigoten. De achtergebleven Sueven zijn mogelijk opgegaan in de Ostrogoten.
** Swaefe, Marcomannen, Widsith, Myrgingum, Fiveldor, Offaland
# WP, DAB, KBG

Suffolk: > PgBrit

Sul:
Bath is een stad in Somerset, nabij Bristol in ZW Engeland. De stad is gesticht door de Romeinen die er badhuizen bouwen. Ze noemen de stad Aquae Sulis = de badplaats van Sul, een regionale godin voor wie er een tempel was gebouwd. Sul is vergelijkbaar met de Romeinse Minerva, de godin van het handwerk.
--- Anglisch:
Selle = ploegmaand, februari
seolfor = zilver
sol = groef, geul, goot
sol = voor, ploegsnede = geul gemaakt door ploeg
sol = laagte, geul
solbig = drassig
soldar = zolder
soldar = vlakte, zitvlak
soldre =A soldar
sole = zool, voetzool, schoenzool
soleyn = eenzaam
solmne = gewijd, plechtig, eerbiedig
solfre = zwafel
solre =A sulre
solre = vlakte, zitvlak, dakplat, balkon
sul = ploeg, drempel
sulfre (solvre) = zwafel
sulh (ploh) = zn sul, ploeg
sulhan = ww zeulen, ploegen, glijden
Sulle = ploegmaand, februari
Sulmaent = ploegmaand, februari
In Sulmaent ploegen de boeren hun land en offeren ze koekjes aan de goden om hen gunstig te stemmen en een goede oogst af te smeken.
sulre = zolder, hooizolder
--- Wortel: De wortel van bovenstaande woorden heeft kenlijk te maken met ploeg en voor (geul). In symbolische zin doet dit nogal denken aan sex. De godin Sul zou daarom een godin van de sex en/of vruchtbaarheid kunnen zijn.

--- 0-300nC++ Belgen: uit Belgica = de Lage Landen naar ZW Engeland
--> De godin Sul kan derhalve zijn meegenomen uit de Lage Landen naar Bath.
--- Lage Landen = Nederland, BelgiŽ en Luxemburg
--- 300nC: Angelland ligt tussen Denemarken, de Elbe, de Saale, de Rijn en de Noordzee. > Angelland
--> De godin Sul kan dus zijn meegenomen door Angelen uit Angelland rond 300nC.
--> Als de godin Sul in Bath/Somerset afkomstig is uit Angelland, dan kan zij gezien haar naam een godin van de landbouw zijn.
--- In 1894 is in Wirdum/Groningen een beeldje gevonden van Minerva, de Romeinse godin van de wijsheid. Zij draagt een helm en in de rechterhand houdt ze een platte schaal. Het beeldje is 10.6 cm hoog en dateert uit circa 400nC. > Minerva
--- Minerva wordt ook gezien als de godin van het handwerk. I.e. al het werk waarbij geen machine wordt gebruikt.
--- Tot circa 1900 AD woont rond 95% van de mensen in een boerderij op het land. Machines zijn nog amper in gebruik. Het meeste werk gaat nog met de hand.
--> Saeter: Als Sul net als Minerva een godin van het handwerk is, dan zou zij meer specifiek de godin van de landbouw kunnen zijn. Maar dat is bij de Angelen in feite de god Saeter. > Saeter
--- Schaal: De platte schaal die Minerva vasthoudt, kan een symbool zijn van de vruchtbaarheid. Dit kan dan in relatie staan met ploegen: i.e. het land bewerken en geschikt maken voor zaaien en vrucht dragen.
--- Sulmaent: = februari = ploegmaand. In deze maand ploegen boeren hun land en offeren ze koekjes aan de goden om hen gunstig te stemmen en een goede oogst af te smeken. > Ploegen
--> Per saldo lijkt Sul dus een Anglische godin van de vruchtbaarheid.
** Bathmen

Sulmaent:
= februari = ON selle, sulle, sille = ploegmaand. In deze maand ploegen de boeren hun land en offeren ze koekjes aan de goden om hen gunstig te stemmen en een goede oogst af te smeken.
** Sul, Ploegen

Super Fries: > Fries

Suprana: (SPR:)
Steeds het goede doende en het onnodig kwade latende, bereikt men uiteindelijk het hoogst bereikbare. Waar mogelijkheden eindigen, resten berusting en gelatenheid. Meer of beter kan een mens waarlijk niet doen. De meester is zorgvuldig en voorzichtig, want onnodig lijden dient geen enkel nut. Wie de weg met God gaat, die zal waarlijk leven. #SRK
** Goede Weg, NEW

Sutton Hoo: > Suffolk, Suttum

Suttum:
Dorp in Humsterland (NW Groningen), tussen Aduard en Oldehove. de naam is mogelijk afgeleid van Sutheem, i.c. Anglisch suth (zuid) + ham (heem, huis, oord). Rond 450vC bevolkt door Angelen uit Oost Groningen. Rond 425nC migreert mogelijk een deel van hen met andere Angelen uit de regio naar Engeland, waar ze zich mogelijk vestigen in Suffolk (East Anglia) i.c. in Sutton Hoo (AVA sut=zuid, ton=tuin,erf,omheining, hoo=hoeve).
** Ezinge, Migratiestromen, Humsterland, PgBrit/Suffolk
# NGE, KBG

Suxwort:
Oude hoofdstad van Humsterland, sinds 1200nC Niehove genaamd. De wierde (terp) van Suxwort wordt al bewoond sinds 200vC. De naam Suxwort komt nog voor als familienaam. O.a. in Engeland als Suxworth. De wierde van Suxwort ligt circa 8 meter boven NAP. Ten opzichte van het omringende land ligt de wierde circa 5 meter hoger. Centraal op de wierde staat de NH Kerk. Radiaal daaromheen staan de huizen. Vele van die oude huizen hebben een zgn wolfdak, een driehoekig stuk dak, dan naar schuin naar achter wijk.
¶ Wanneer de naam Suxwort voor het eerst opduikt, is helaas nog niet bekend. Wel is bekend dat de naam wordt gebruikt tot circa het jaar 1200. Suxwort krijgt dan een rechtstoel en heet sindsdien Niehove. Sommige bronnen noemen de plaats Suxwort als Humsterland in 800nC door een zware storm wordt gescheiden van het vasteland en een waddeneiland wordt. Maar of dat authentiek is, wordt niet vermeld. De plaats zal in die tijd zeker al een naam hebben. Maar of dat Suxwort is, kan vooralsnog niet met zekerheid worden gesteld. Aannemelijk is het echter wel. Plaatsnamen veranderen normaliter immers nooit of nauwelijks.
¶ De herkomst van de naam is nog onbekend. Wort = wierde. Sommige bronnen denken dat Sux = sut = zuid. Sux ligt echter qua woord dichter bij sax of saex. Suxwort kan dus Saxenwierde betekenen, analoog aan het nabijgelegen Saaxum (= Saxenheem). Saaxum (Saxum) wordt naar zeggen al genoemd tussen 700 en 1000 nC. Zulks kan natuurlijk nimmer de oudste vermelding heten. Daar hoort immers een meer precies jaartal bij. Mocht de auteur op goede gronden menen dat de naam Saaxum in 700-1000 moet zijn ontstaan, dan zullen we vooralsnog aannemen dat het halverwege rond 850 nC moet zijn gebeurd. Een plausibel jaartal. Immers, de Saxen veroveren circa 780 nC de Groninger Ommelanden en Dokkum. (> Ludger)
¶ Aangezien Humsterland in de begintijd vrij zeker is bevolkt door Angelen, lijkt de veronderstelde naam Saxenwierde eigenlijk vreemd. Interessant in dezen is, dat 15 Km westlijk van Niehove (Suxwort) de locatie Engwierum ligt. Mogelijk dat die naam dan de wierde van de Angelen was en dus oorspronkelijk zoiets heet als Angwierum of Angelwierum. Analoog aan Engelum in Friesland, dat in 1335 als Anglum wordt geschreven. (> Engelum)
¶ Een eerste kennismaking met de regiotaal van Suxwort doet veronderstellen dat we te maken hebben met de taal van Noord Groningen. Je en joe en gaon=gaan zijn typisch voor die talen. Streekhistoricus F. van Kammen lijkt een laatste kenner van het oude Suxworts. De nieuwe bewoners van Suxwort spreken normaliter alleen Nederlands. Jammer. Het is te hopen dat iemand de moeite neemt het oude Suxworts in kaart te brengen eer het te laat is.

  

Hierboven Suxwort zomer 2009. Opvallend aan de woningen rond de kerk in het huidige Suxwort (Niehove) zijn de gekapte voorkanten van de daken, de zgn wolfdaken. Een bouwstijl die in Angeln en elders in Nederland in ruime mate is terug te vinden. Ze wijkt daarentegen sterk af van de meer typisch Saxische bouwstijlen in Saxische gebieden als Drente en Twente.

Aangezien:
- het Suxworts de persoonlijke voornaamwoorden je en joe kent
- en persoonlijke voornaamwoorden tot de kernelementen van een taal horen
- en Suxwort de hoofdplaats van Humsterland is
- en Humsterland oorspronkelijk sterk bevolkt is door Angelen
- en Suxwort al in 200 vC wordt bewoond
- en Suxwort pas rond 780 nC in handen van de Saxen komt
>> mogen we concluderen dat de regiotaal van Suxwort van oorsprong een Anglische taal moet zijn en dat de herkomst van de naam Suxwort waarschijnlijk niets met Saxen te maken heeft.

Via woordanalyse is misschien een andere benadering mogelijk. Dat geeft dan: Suxwort = sux + wort (= wierde). Sux kan meervoud zijn van suk. Suk kan dan een overgangsvorm of variant zijn van sok. Niet van sax. Overganengen van o naar u komen immers veel voor. Van a naar u nauwelijks. In deze optiek is Suxwort dus niet identiek aan Saxenwierde. Suk of sok kan eerder zaak betekenen in de betekenis van rechtszaak en verwant aan zoeken. Het Oud Noors kent: sŲk = rechtszaak, proces, misdrijf, schuld, zaak. (EWB) Aangezien het Oer Anglisch verwant is aan het Oer Noors, kan suk/sok hetzelfde betekenen als sŲk. Resumerend krijgen we dan:

Aangezien:
- Suxwort vrijwel zeker de orginele naam is van Niehove
- en Suxwort al in 200 vC is bewoond
- en Suxwort vrij zeker een Anglische plaatsnaam is
- en Suxwort is afgeleid van wort en mogelijk suk
- en suk mogelijk identiek is aan of afgeleid is van sok
- en sŲk in Oer Noors de betekenis heeft van rechtszaak
- en Oer Noors en Oer Anglisch nauw verwante talen zijn
- en Humsterland in vroege tijden vrij zeker wordt bewoond door Angelen
- en suk of sok daarom waarschijnlijk rechtszaak betekent
- en rechtszaken in vroege tijden normaliter in de hoofdstad van een regio worden gevoerd
- en Suxwort in vroege tijden de hoofdstad is van Humsterland
- en wort = wierde
- en in vroege tijden rechtszaken vaak worden gevoerd op een heuvel of iets dergelijks
- en het Gronings een voorkeur heeft voor de meervoudvorm s
- en Suxwort dus Suk-s-wort betekent
>> betekent Suxwort mogelijk: de wierde waar rechtszaken worden gevoerd en recht wordt gesproken.

De Christianisering van Noord Nederland begint pas in de 8e eeuw. Het proces verloopt traag. Zeker in Suxwort, waar naar zeggen anno 754 zich in werkelijkheid de moord op Bonifatius heeft voltrokken. De kerk in het centrum van Suxwort zal er dus op z'n vroegst pas eind 8e eeuw zijn gebouwd. In de tijd dus dat de missionaris Ludger in die contreien predikt. De huidige stenen kerk dateert van circa 1275. Eerder zal daar een houten kerk hebben staan. Voordien zullen op het kerkplein dan de rechtszaken moeten zijn gevoerd. Dat is dus oorspronkelijk de dingplaats van Suxwort.
¶ De naam Suxwort komt in Engeland voor als de familienaam Suxworth.
** Humsterland, Engwierum, Wierde, Terpen, ASV, Dingplaatsen, Ludger, Ael
# WKP 22.5.09, niehove.nl 5.9.09, FRI, EWB, DAB

 
SVA: Spellings Varianten Anglisch
Aenglisc (Anglisc, Englisc) = Anglisch, Angels, Anglesh, Engels; KA Anglisc; ZW Engelsk
Angel (Engel, Ingel, Ongel, Ungel) = Angel (stamlid Angelen), Angeln
Angel {1325 AD} = Angelsloo bij Emmen in Drente
angel = hoek, haak, bocht*
angel (angul, ongel, hoc) = haak, vishaak, spits
angel = schuthaar aan aar van rogge, haver of gerst; WA angel
angel = dunne lat om reet of spleet te dichten (OudZeeuws)
Angelcynn = Angelvolk, Angelen
Angelman = Angel (stamlid Angelen)
Anglesey: Eiland NW voor de kust van Wales. De naam is afgeleid van Ongull's Ey. Ongull is een variant van de Anglische namen Ongle, Angle, Engle en Ingle. Anglesey lijkt derhalve afgeleid van Anglisch Angles (Angelen) + ey (eiland). Anglesey betekent dus eiland van de Angelen. De Angelen hebben zich daar mogelijk circa 600nC hebben gevestigd vanuit naburig Lancashire en Cheshire in Engeland. > Ongel, Ongelkamp, PgBrit/Anglesey
Engle (Angle, Ingle) = Angle (Engeland), Angelen (volk)
Engleman (Angleman) = Engelman = Anglische man, Angel
Englisc (Anglisc, Aenglisc) = Engels, Anglisch, Angels; ZW Engelsk
Englum (Angle) = Engeland = land van de Angelen
Englum = Angelham = woonoord van Angelen
Ongel: =A Ongle, Angle, Engle, Ingle, Ongull = Angel
Ongel (Angel) = Angel; WA Angel, Ongel
NB Ongelnkamp in Harreveld > PgAng/Angelheem
NB ML ongol = klein gebogen stukje deeg
425nC: Widsith is een Engels dichtwerk, een reisverslag van de gelijknamige auteur. Hij zwerft over grote afstanden en is een graag geziene gast in drankhallen, waar hij vele groten der aarde vermaakt. In het dichtwerk komen vele helden voor uit de 4e-6e eeuw. Het is daarom ook een belangrijke historische bron. Tevens toont het werk de belangrijke rol van een troubadour in de Germaanse tijd. Hieronder een selectie uit het werk.

Offa weold Ongle,
Alewih Denum:
se waes thara manna
modgast ealra,
no hwaethre he ofer Offan   
eorlscype fremede,
ac Offa geslog
aerest monna,
cnithwesende,
cynerica maest.

Naenig efeneald him
eorlscipe maran
on orette.
Ane sweorde
merce gemaerce
with Myrgingum
bi Fifeldore;
heoldan forth sittan
Engle ond Swaefe,
swa hit Offa geslog.

Offa regeerde Ongle (= Angle),
Alewih de Denen;
hij was daar onder mannen
de allermoedigste,
niet echter overtrof hij Offa's
vermetel leiderschap,
en Offa veroverde
eerste maanden,
knecht (ruiter) wezende,
meeste van het koninkrijk.

Niemand evenaarde hem
meer leiderschap
op aarde.
Ene zwaard
merkte de marke (grens)
met Myrgingum
bij Fiveldor;
hielden voorts gescheiden
Engle (= Angle) en Swaefe
zo had Offa geslagen.

 
> Angle, Angeln, Angelland, HRAA
Ungel =A Angel
ungol (angol, picchoc) = pikhaak (# gereedschap, werktuig, wapen)
ungol = vet, smeer, reuzel; ON ongel, ungel
ungul = instrument met puntige haak

Swaefe:
Zwaben. AVA Swafen, Sueven = Germaanse volkstam. Stamland van de Sueven, een Germaans volk in Noord en Midden Duitsland tot aan de Rijn bij Keulen. Ceaser bestrijdt hen als hij in 58nC de Rijn oversteekt. Tacitus noemt hen circa 103nC.
425nC: Bron Widsith verteld over prins Offa van Angeln:
37. no hwaethre he ofer Offan eorlscype fremede,
37. niet overtrof hij Offa's vermetel leiderschap,
38. ac Offa geslog aerest monna,
38. en Offa veroverde in de eerste maanden,
39. cnithwesende, cynerica maest.
39. knecht/ruiter wezende, meest van het koninkrijk.
40. Naenig efeneald him eorlscipe maran
40. Niemand evenaarde hem meer leiderschap
41. on orette. Ane sweorde
41. op aarde. Ene zwaard
42. merce gemaerde with Myrgingum
42. merkte vermaard de grens met Myrgingum
43. bi Fifeldore; heoldon forth sidhdhan
43. bij Fiveldore; hielden voorts gescheiden
44. Engle ond Swaefe, swa hit Offa geslog.
44. Angelen en Swaefen, zo had Offa geslagen.
** Sueven, Fiveldore, Myrgingum, Widsith, Offa van Angeln
# WP, DAB, KBG

Swafen: > Swaefe

Swaney:
Dorp in de Ith Hils, een groot heuvelgebied langs de oostkant van de Weser, tussen Hamelen en Einbeck, circa 40 Km ZW van Hannover, in Neder-Saxen. Volgens Ptolemaeus wonen daar rond 150nC Angelen. Zij hebben zich daar rond 250vC gesetteld vanuit de regio Lunenburg.
¶ De naam Swaney is afgeleid van Anglisch swon (zwaan) + ey (eiland). Dus: zwaneneiland.
** Ith Hils, ASA

Swaven: > Swaefe

Swilbroek:
Gehucht bij Groenlo, gelegen aan de grens met Westfalen. Alias Zwilbroek. Aangegeven in de Hottinger Atlas (1783) op kaart 79. Aan de Westfaalse zijde licht het gehucht Zwillbrock, alwaar enige huizen en een kerk staan. De regio bestaat uit drooggemaakt veenland met enige grote plassen.
¶ De naam Swilbroek is afgeleid van Anglisch swil (vuil water) + broc (broek, drasland). Het water van de plassen ziet er nogal donker uit. Mogelijk dat term swil daarop betrekking heeft.
¶ Gezien de historische migratiestromen zal Swilbroek rond 200vC kunnen zijn bevolkt door Angelen uit de regio Eibergen.
¶ Swillbrook Lakes is een groot natuurgebied in de zuidwest hoek van het Cotswold Water Park in Centraal Engeland. Het merengebied is ontstaan door afgraving voor de winning van gravel.
** Crosewick, Hardinga, ASA
# FRI, HTN, DAB, KBG

Swinderen:
Dorp in ZO Drente, circa 10 Km NO van Coevorden, waar rond 300vC Angelen settelen. De naam Swinderen is mogelijk afgeleid van Anglisch swin = zwijn + dore = open vlakte. Dus: Swindore = een open vlakte waar zwijnen komen = zwijnenveld. Verglijk Appeldore (Kent) = veld waar appelbomen staan = appelveld. Er is ook een adellijk geslacht Van Swinderen, dat voornamelijk voorkomt in NO Nederland. Mogelijk zijn ze afkomstig van Swinderen in Drente. Bekend:
- Jacob van Swinderen, afkomstig uit Zutphen, setteld begin 17e eeuw in Groningen. Stamvader van het Groningse regentengeslacht Van Swinderen.
- Jhr L.F.A. van Swinderen, rond 1870 directeur O.N. Hypotheekbank te Groningen.

Sybrook:
Oud veengebied tusse Enschede en Oldenzaal.
225vC: De regio wordt rond 225vC bevolkt door Angelen uit de Vechtregio. (> AVA/Sybrook) De naam Sybrook lijkt derhalve afgeleid van Anglisch sy (laag, laag gelegen; smalle stroom in moerasland) + broc (WA brook = broek, drasland, veen, moeras; ME brook). Na drooglegging blijft men derglijk gebied vaak broek noemen.
1773: Kaart 35 RZA/1773 toont in het gebied tussen Enschede en Losser inderdaad een tamelijk groot moeras en een beek onderlangs, die uitmondt in de Dinkel. Dat kan dan niet de Sy zijn; ze stroomt immers niet door het moeras maar onderlangs.
>>> Per saldo lijkt Sybrook van oorsprong derhalve te zijn: het "laag gelegen (sy) drasland (brook)" boven genoemde beek op kaart 35 RZA/1773. Daar waar anno 2016 het tamelijk grote Haagse Bos ligt.

Symbolen: > Angolstaf, Asbole, Donderbezem, Gamma, Haan, Hagal, Kleuren, Trilogie

Syria: (SYR:)
De Angelen onderhouden mogelijk al oeroude handelscontacten met Syria. Noord Syria is namelijk de toegangspoort naar het Verre Oosten. I.c. Irak, PerziŽ, Pakistan, India en China. De verbindingen gaan per kameel door uitgestrekte woestijnen.
2500vC++: Barnsteenroute: Oostzee-Dvina-ZwarteZee-Kreta-Egypte > Barnsteen
2000vC++: NoordSyria heeft handelscontacten met India. Mogelijk ook al met Noord Europa. Dat blijkt uit gevonden artefacten: bleedjes en sieraden. #K&K/AVROtv/24.6.2013
1500vC++: NoordSyria poort tussen Europa en Azia. #BBC4tv/Cleopatra/22.9.2015
650vC++: Anglo-Griekse Relaties > Griekenland, Barnsteenroute
650vC: Angelen hebben mogelijk al contacten met landen rond de Midellandse Zee. O.a. Kreta, Egypte, Turkye en Syria. (> Anglo-xxx) Deze contacten hebben ze dan vrij zeker al opgedaan via de Inglo-Goten in Zuid Zweden, waaruit ze zijn voortgekomen. > Inglo-Goten
600vC priesterbeeldje: Gevonden in NoordSyria: een modern ogend beeldje, voorstellend een priester, daterend uit circa 600vC. #AVROtv/K&K/16.1.2013
600vC++: Persia strekt zich uit van India tot Griekenland > Persia
500vC++: Grieken drijven handel met Syria (geurstoffen), Afrika (olifanttanden), etc. > Griekenland
300vC-1450n Zijderoute: Constantinopel-CentrlAziŽ-China > Zijderoute
400nC: Museum Oudheden in Leiden bezit sieraden uit 400-600nC gevonden in Wijnaldum (Frl), Wijchen (Gld), Rijnsburg (ZH) en Maastricht (Lbg). De sieraden zijn van goud en bezet met rode granaten (halfedelstenen). Uit onderzoek blijkt dat de stenen mogelijk afkomstig zijn uit India en Pakistan. Dit betekent dat er in die tijd al een oud groot handelsnetwerk bestond van India tot in Nederland. #DeTelegraaf/27.10.2012
425nC Syria: De Angelen onderhouden mogelijk al oeroude handelscontacten met SyriŽ. Noord Syria is namelijk de toegangspoort naar het Verre Oosten. I.c. Irak, PerziŽ, Pakistan, India en China. De verbindingen gaan per kameel door uitgestrekte woestijnen.
** AXR, AOR

SyriŽ: > Syria

SZB: Spiritueel Zonnebad
Rustig en goed gezeten. De blik gericht op het zonlicht en de zon. Genietend van het licht, komt men tot rust. Genietend van het licht, komt men tot ware vrede. Genietend van het zonlicht en de rust, komt men tot besef. Genietend van zonlicht en rust, komt men tot ware kracht en zin. Elke dag een uur spiritueel zonnebad houdt een mens gezond en fit. #SRK

 

===